Operation Manual
NAVIGATIE
}}
* Optie/accessoire.
13
Coördinaten
Een bestemming is ook in te voeren aan de hand
van coördinaten op de kaart.
•
Voer bijvoorbeeld "N 58,1234 E 12,5678" in
en tik op
Zoeken.
De windstreken N, E, S en W zijn op verschil-
lende manieren in te voeren, bijvoorbeeld als
volgt:
N 58,1234 E 12,5678 (met spatie)
N58,1234 E12,5678 (zonder spatie)
58,1234N 12,5678E (met windstreek ach-
ter de coördinaten)
58,1234-12,5678 (met koppelteken zonder
windstreek)
U kunt net zo goed een punt [.] als een komma [,]
gebruiken.
Gerelateerde informatie
•
Reisplan (p. 16)
•
Bestemming direct op kaart aangeven
(p. 10)
•
Bestemming aangeven via zoeken op adres
(p. 11)
•
Bestemming invoeren via nuttige plaats
(p. 13)
•
Bestemming aangeven met Laatste/Favorie-
ten/Bibliotheek (p. 14)
•
Bestemming aangeven via Send to Car
(p. 16)
•
Instellingen voor route en routebegeleiding
(p. 24)
Bestemming invoeren via nuttige
plaats
U kunt op verschillende manieren een bestem-
ming aangeven in het navigatiesysteem*. Het
aangeven van een nuttige plaats (POI
9
) is daar
één van.
1. Vouw bij weergave van de kaart de werkbalk
uit met de pijl-omlaag aan de linkerzijde en
tik op
Best. inst..
> De kaartweergave maakt plaats voor een
vrije zoekopdracht.
2.
Tik op
POI.
3. Tik op het gewenste filter (bepaalde opties
verschijnen alleen voor de aangegeven
bestemming of deelbestemming):
•
In de buurt van de auto
•
In de buurt van de bestemming
•
In de buurt van de deelbestemming
•
Langs route
•
Rondom punt op kaart
4. Zoek de gewenste nuttige plaats op en kies
deze.
5.
Kies
Navigatie starten of Als routepunt
toev..










