Operation Manual

06 Starten en rijden
DRIVe Start/Stop*
06
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
173
Daarvoor beschikt u over de
schakelindicator (GSI (Gear
Shift Indicator)), die het opti-
male tijdstip voor op- en
terugschakelen aangeeft.
De indicator maakt gebruik
van een pijl omhoog of omlaag op het informa-
tiedisplay van het instrumentenpaneel.
Start/Stop-systeem deactiveren
Het informatiedisplay geeft hier aan dat het Start/
Stop-systeem uitgeschakeld is.
In bepaalde situaties is het
mogelijk beter om het auto-
matische Start/Stop-systeem
tijdelijk te deactiveren. Dit is
mogelijk met een druk op
deze knop, waarbij het lampje
in de knop uitgaat.
Een melding die ca. 5 seconden op het infor-
matiedisplay verschijnt, geeft aan dat het
Start/Stop-systeem gedeactiveerd is.
Het Start/Stop-systeem is uitgeschakeld, tot-
dat u het opnieuw activeert met de knop of tot-
dat u de motor een volgende keer met de sleu-
tel start.
Beperkingen
Automatische motorafslag werkt niet
Ook als het Start/Stop-systeem geactiveerd is,
zal de automatische motorafslag niet werken,
als:
u de gordelsluiting hebt geopend.
de auto niet helemaal stopt.
u de auto achteruitgereden en uit de ach-
teruitversnelling gehaald hebt;
de motor niet op de normale bedrijfstem-
peratuur is.
de buitentemperatuur onder het vriespunt
of boven ca. 30 °C ligt.
de omstandigheden in de passagiers-
ruimte afwijken van de ingestelde waarden
– wat te merken is aan het hoge toerental
van de interieurventilator;
de capaciteit van de startaccu onder de
toelaatbare ondergrens is gedoken.
de startaccu een temperatuur onder het
vriespunt of boven ca. 55 °C heeft.
Automatische motorstart
Een motor die automatisch werd afgezet kan in
bepaalde gevallen automatisch worden gestart
voordat u hebt aangegeven de rit te willen
voortzetten. In de volgende gevallen wordt de
motor automatisch gestart ook al hebt u het
koppelingspedaal niet bediend om te kunnen
schakelen:
U maakt de gordelsluiting los.
De ruiten beslaan.
De buitentemperatuur zakt onder het vries-
punt of komt boven de ca. 30 °C.
Er wordt tijdelijk veel stroom afgenomen of
de capaciteit van de startaccu is tot onder
de toelaatbare ondergrens gedaald.
De auto begint sneller te rollen dan stap-
voets.
U bedient het rempedaal met pompende
bewegingen.
WAARSCHUWING
Motorkap niet openen na een auto-stop van
de motor – een auto-start van de motor is
mogelijk. Om auto-start van de motor te
voorkomen bij een geopende motorkap:
Schakel naar een versnelling en zet de
parkeerrem aan.