Operation Manual

07 Wielen en banden
Gevarendriehoek* en reservewiel*
07
``
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
189
Gevarendriehoek
G020328
Volg de geldende bepalingen voor het gebruik
van een gevarendriehoek*. Zet de gevarendrie-
hoek op een passend punt achter de auto op
om achteropkomend verkeer tijdig te waar-
schuwen.
1. Haal de houder met de gevarendriehoek
los die met klittenband vastzit. Neem de
gevarendriehoek uit de houder.
2. Klap de steunpoten van de gevarendrie-
hoek uit.
Zorg dat de houder met de gevarendriehoek na
gebruik stevig in de bagageruimte vastzit.
Reservewiel* en krik*
Originele krik*
Gebruik de originele krik* alleen voor het ver-
wisselen van banden. Houd de schroef van de
krik altijd goed ingevet. U vindt het reserve-
wiel* met krik* en wielsleutel* onder de vloer in
de bagageruimte.
N.B.
Volvo adviseert alleen de krik* te gebruiken
die bij het desbetreffende model hoort.
Reservewiel erbij nemen
Het reservewiel zit vast met een doorloopbout.
1. Klap de vloer in de bagageruimte omhoog.
2. Draai de bevestigingsbout los en til het wiel
eruit.
Reservewiel* en krik*, positie in
bagageruimte
Wielsleutel*.
Krik* en slinger, bevestigd met een span-
band.
Het reservewiel is met de velgzijde omlaag
met een doorloopbout bevestigd.