Montage- en servicehandleiding VIESMANN voor de vakman Vitocal 242-S type AWT-AC 241.A04 tot A13, B10, B13 Warmtepompen-compactapparatuur, split-unit voor CV- en koelwerking Geldigheidsverwijzing zie laatste pagina VITOCAL 242-S 5782 414 NL 2/2013 Bewaren a.u.b.
Veiligheidsvoorschriften Veiligheidsinstructies Volg deze veiligheidsvoorschriften nauwkeurig op ter voorkoming van lichamelijk letsel en materiële schade. Gevaar Dit teken waarschuwt voor persoonlijk letsel. ! Werkzaamheden aan de installatie ■ Installatie spanningsvrij schakelen (bijvoorbeeld met de afzonderlijke zekering of een hoofdschakelaar) en op aanwezige spanning controleren. Opgelet Dit teken waarschuwt voor materiële schade en schade aan het milieu.
Veiligheidsvoorschriften Veiligheidsinstructies (vervolg) Reparatiewerkzaamheden ! Opgelet De reparatie van onderdelen met een veiligheidstechnische functie brengt de veilige werking van de installatie in gevaar. Defecte onderdelen moeten door originele onderdelen van Viessmann worden vervangen. Extra componenten, reserveonderdelen en slijtende onderdelen Opgelet Reserveonderdelen en slijtende onderdelen die niet met de installatie zijn getest, kunnen de werking nadelig beïnvloeden.
Inhoudsopgave Inhoudsopgave Montagehandleiding Montagehandleiding Gebruik conform het doel van de installatie......................................................... Eisen aan de door de installateur verzorgde aansluitingen................................. 6 7 Montageverloop Buiteneenheid monteren...................................................................................... Binneneenheid monteren.....................................................................................
Inhoudsopgave Inhoudsopgave (vervolg) Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.A10, A13 Afzonderlijke onderdelen...................................................................................... 116 Overzicht van de modules.................................................................................... 117 Behuizing buiteneenheid...................................................................................... 118 Elektrische uitrusting buiteneenheid..............................
Montagehandleiding Gebruik conform het doel van de installatie Het toestel mag volgens de regelgeving enkel geïnstalleerd en gebruikt worden in gesloten verwarmingssystemen conform EN 12828, rekening houdend met de bijbehorende montage-, service- en gebruiksaanwijzingen. Afhankelijk van de uitvoering kan het toestel uitsluitend voor de volgende doeleinden worden gebruikt: ■ Kamerverwarming ■ Kamerkoeling ■ Tapwateropwarming Met bijkomende componenten en accessoires kan de functieomvang uitgebreid worden.
Montagehandleiding Eisen aan de door de installateur verzorgde aansluitingen Binneneenheid Montage 506 454 666 600 564 2047 2051 2075 111 61 680 147 69 134 159 29 475 405 62 300 5782 414 NL 387 7
Montagehandleiding Eisen aan de door de installateur verzorgde… (vervolg) A Opening voor laagspanningskabels < 42 V B Warm water C Circulatie D Opening voor 230 V-kabels E Koud water F G H K L M Vloeistofleiding Stookgasleiding CV-wateraanvoer CV-waterretour Retour zonnewarmtecircuit Aanvoer zonnewarmtecircuit Aansluitformaten voor hydraulische aansluitingen Pos Sym- Betekenis Aansluiting bool – Warm water Rp ¾ B – Circulatie G1 C – Koud water Rp ¾ E Koelmiddelleidingen F van/naar buiteneenheid: ■ Vloei
Montagehandleiding Eisen aan de door de installateur verzorgde… (vervolg) 2. Elektrische aansluitingen voorbereiden. Leidinglengten in de binnen-/buiteneenheid plus wandafstand Kabels Binneneenheid Buiteneenheid Netaansluitkabels: ■ Warmtepompregeling (230 V~) 2,0 m – ■ Compressor (230 V~/400 V~) – 1,5 m Andere aansluitkabels: ■ 230 V~, bijv. voor circulatiepompen 2,0 m – ■ < 42 V, bijv.
Montageverloop Buiteneenheid monteren ! Opgelet Schade aan het toestel tijdens het transport vermijden. Bovenkant apparaat niet belasten. ! Opgelet Sterke inclinatie van de compressor in de buiteneenheid leidt tot schade aan het toestel doordat smeermiddel in het koelcircuit kan terechtkomen. Max. kantelhoek van 45° respecteren. Eisen aan de montage ■ Kies een locatie met goede luchtcirculatie, zodat de afgekoelde lucht kan wegstromen en de warme lucht de ruimte kan vullen.
Montageverloop Buiteneenheid monteren (vervolg) Ontwerphandleiding ”Principes voor warmtepompen” ■ Niet in hoeken, nissen of tussen muren installeren. ■ Niet naast of onder ramen van slaapkamers installeren. ■ Niet dichter dan 3 m bij gangpaden, regenpijpen of afgewerkte vlakken installeren. Door de afgekoelde lucht in het uitblaasbereik bestaat bij buitentemperaturen onder 10 °C gevaar voor ijzelvorming.
Montageverloop Buiteneenheid monteren (vervolg) Gewichten van de buiteneenheden Type AWT-AC Gewicht in kg 241.A04 43 241.A07 66 241.A10 110 241.A13 110 241.B10 113 241.B13 113 5782 414 NL ■ In regio's met lange koudeperioden (zoals in Duitsland) voor een extra elektrische verwarming (accessoires) voor de condenswaterkuip zorgen.
Montageverloop Buiteneenheid monteren (vervolg) b Minimumafstanden A c d Montage a B Voorbeeld type AWT-AC 241.A04 A Luchtinlaat B Luchtuitlaat Type AWT-AC Afstand in mm a b c Leidingdoorvoering boven onder grondnigrondniveau veau ≥ 100 ≥ 100 ≥ 400 ≥ 100 ≥ 100 ≥ 400 ≥ 100 ≥ 200 ≥ 400 ≥ 100 ≥ 200 ≥ 400 ≥ 100 ≥ 200 ≥ 400 ≥ 100 ≥ 200 ≥ 400 ≥ 300 ≥ 300 ≥ 300 ≥ 300 ≥ 300 ≥ 300 ≥ 1000 ≥ 1000 ≥ 1000 ≥ 1000 ≥ 1000 ≥ 1000 5782 414 NL 241.A04 241.A07 241.A10 241.A13 241.B10 241.
Montageverloop Buiteneenheid monteren (vervolg) Vloermontage 2. 4x E 1.
Montageverloop Buiteneenheid monteren (vervolg) B Grindbed voor het doorsijpelen van het condenswater C Betonfundering (zie ontwerphandleiding) D KG-buis DN 100 (alleen bij leidingdoorvoering onder grondniveau) E Rubberbuffer (meegeleverd) Wandmontage Montage uitsluitend met de bij het type passende console-set voor wandmontage (accessoire) uitvoeren. Afzonderlijke montagehandleiding Binneneenheid monteren ! Opgelet Schade aan het toestel tijdens het transport vermijden.
Montageverloop Binneneenheid monteren (vervolg) Totaalgewicht met gevulde warmwaterboiler Type AWT-AC Gewicht in kg 241.A04 424 241.A07 424 241.A10 427 241.A13 427 241.B10 427 241.B13 427 Minimaal kamervolume (conform EN 378): Type AWT-AC 241.A04 241.A07 241.A10 241.A13 241.B10 241.
Montageverloop Binneneenheid monteren (vervolg) Boilermodule afnemen 5. Montage 4. 2. 1. 2x 5782 414 NL 3.
Montageverloop Binneneenheid monteren (vervolg) 193B 193C X25 7. F6 F23 8. P501 P303 6.
Montageverloop Binneneenheid monteren (vervolg) 11. 9. N Montage SLP aCH sG lJ 5782 414 NL 10.
Montageverloop Binneneenheid monteren (vervolg) 16. 17. 2x 18. 14. 2x 12. 13. 15.
Montageverloop Binneneenheid monteren (vervolg) 6x Montage 22. 4x 21. 2x 19. 4x 5782 414 NL 20.
Montageverloop Binneneenheid monteren (vervolg) 23. 26. 25. 24. 4x Opmerking Bij het afnemen van de boilermodule de afdichtband A niet beschadigen.
Montageverloop Binneneenheid monteren (vervolg) Montage en in aanmerking te nemen afdichtingvlakken ! ! Opgelet Toestel geluiddicht en diffusiedicht afsluiten. Afdichtband van de zijplaten moet tegen de afdichtvlakken B van de behuizing liggen (zie volgende afbeelding). 5782 414 NL 1. Bij de buisdoorvoeringen op de juiste plaats van de doorvoertules A letten. Doorvoertules A eventueel met plakband afdichten. Opgelet Dichte hydraulische verbindingen tussen warmtepompen boilermodule maken.
Montageverloop 5782 414 NL Binneneenheid monteren (vervolg) 24
Montageverloop Koelmiddelleidingen aansluiten ■ De buiteneenheid is vooraf gevuld met koelmiddel R 410A. ■ In de volgende gevallen oliehevelbochten in een verticale leiding monteren (zie de volgende afbeelding): – tijdens de stookwerking, indien de binneneenheid boven de buiteneenheid gemonteerd is. – tijdens de koelwerking, indien de binneneenheid onder de buiteneenheid gemonteerd is. Koelmiddelleidingen leggen 241.A04 Koelmiddelleidingen Minimale leidinglengte Maximale kabellengte Max.
Montageverloop Koelmiddelleidingen aansluiten (vervolg) C B D E 5000 5000 A Voorbeeld type AWT-AC 241.A07 A B C D E , , Binneneenheid Buiteneenheid Vloeistofleiding Stookgasleiding Oliehevelbochten Stromingsrichting tijdens stookwerking Stromingsrichting tijdens koelwerking Opmerking Elektrische verbindingsleidingen en koelmiddelleidingen gescheiden van elkaar leggen.
Montageverloop Koelmiddelleidingen aansluiten (vervolg) Montage A B C D A Leidingbochten om trillingen op te vangen B Buisklemmen met EPDM-voering C Leidingdoorvoering, bijv. KG-buis met warmte-isolatie D Elektrische verbindingsleiding binnen-/buiteneenheid Aansluiting op de buiteneenheid 5782 414 NL 1. Type AWT-AC 241.A04 en A07: Zijdelingse afdekking eraf schroeven, zie pagina 51.
Montageverloop Koelmiddelleidingen aansluiten (vervolg) D C 2. 3. 2x D C 4. Voorbeeld type AWT-AC 241.
Montageverloop Koelmiddelleidingen aansluiten (vervolg) 2. ! Opgelet In de koperen leidingen mogen geen verontreinigingen (bijvoorbeeld metalen spanen) of vocht terechtkomen. Daarom de buisopeningen naar onderen houden of afsluiten. 3. Buisbochten omzetten. 4. Buizen eraan schroeven. 5782 414 NL Montage Moeren van de aansluitingen C en D van de koelmiddelleidingen (vloeistofleiding en stookgasleiding) afschroeven. Type AWT-AC 241.
Montageverloop Koelmiddelleidingen aansluiten (vervolg) Aansluiting op de binneneenheid Opmerking We adviseren de meegeleverde buisbochten voor de aansluiting van de koelmiddelleidingen te gebruiken. Afhankelijk van de opstelvoorwaarden kunnen de koelmiddelleidingen ook direct zonder de bochten worden aangesloten. 1. 2. 2x C Vloeistofleiding 30 D Stookgasleiding 5782 414 NL 3.
Montageverloop Koelmiddelleidingen aansluiten (vervolg) Opgelet In de koperen leidingen mogen geen verontreinigingen (bijvoorbeeld metalen spanen) of vocht terechtkomen. Daarom de buisopeningen naar onderen houden of afsluiten. Opmerking ■ Koelmiddelleidingen van de binneneenheid zijn gevuld met stikstof, overdruk 2 bar (0,2 MPa). ■ Bij gebruik omzetadapters van Euro soldeeraansluitingen onder beschermgas solderen. 1.
Montageverloop Koelmiddelleidingen aansluiten (vervolg) 5. 2x 5. Buisbochten aan de open zijde felsen en verbindingsstuk (dubbele nippel) met wartelmoer eraan schroeven. 5782 414 NL Opmerking ■ Buiseinde aan de stookgasleiding met circa 0,5 mm vergroot felsen. ■ Verbindingsstukken mogen niet schuin worden geplaatst.
Montageverloop 6. 2x 6. Type AWT-AC 241.A04: ■ Meegeleverde wartelmoeren (⁷⁄₁₆ UNF voor vloeistofleiding, ¾ UNF voor stookgasleiding) over koelmiddelleidingen van de buiteneenheid schuiven. ■ Koelmiddelleidingen van de buiteneenheid omzetten. ■ Meegeleverde reduceerstukken met koperen afdichtring op de verbindingsstukken (dubbele nippel) aansluiten. ■ Koelmiddelleidingen van de buiteneenheid met wartelmoeren aan de verloopstukken schroeven. 5782 414 NL Type AWT-AC 241.
Montageverloop Koelmiddelleidingen aansluiten (vervolg) Type AWT-AC Leiding 241.A10 Vloeistofleiding 7 10 mm Stookgasleiding 7 16 mm Vloeistofleiding 7 10 mm Stookgasleiding 7 16 mm Vloeistofleiding 7 10 mm Stookgasleiding 7 16 mm Vloeistofleiding 7 10 mm Stookgasleiding 7 16 mm 241.A13 241.B10 241.
Montageverloop Secundair circuit aansluiten (vervolg) 2. Montage 2x 3.
Montageverloop Secundair circuit aansluiten (vervolg) E 2. Meegeleverde veiligheidsgroep monteren: Ofwel aan de door de installateur verzorgde leiding in de CV-waterretour of op de aansluitset secundair circuit (accessoires) F Montagehandleiding aansluitset 3. Secundair circuit vullen en ontluchten. D C Meegeleverde veiligheidsgroep C D E F Manometer Aansluiting G¾ Snelontluchter Veiligheidsklep 1. Secundaire leidingen aan warmtepomp aansluiten: Opgelet Dichte hydraulische verbindingen maken.
Montageverloop Tapwaterzijde aansluiten Voor de tapwateraansluiting EN1717 opvolgen.
Montageverloop Tapwaterzijde aansluiten (vervolg) Advies: veiligheidsklep boven de boiler monteren. Hierdoor wordt de klep tegen verontreiniging, verkalking en hoge temperatuur beschermd. Bij werkzaamheden aan de veiligheidsklep hoeft de warmwaterboiler bovendien niet te worden afgetapt. Zonnecircuit aansluiten Zonnecircuit door installateur laten aansluiten.
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) ! Opgelet De busverbindingskabel binnen-/ buiteneenheid (12 V of 43 V) geldt veiligheidstechnisch niet als laagspanningsleiding. De busverbindingskabel moet samen met de 230 V-kabels worden gelegd. 39 Montage Opmerking Als twee componenten aan een gemeenschappelijke klem worden aangesloten, moeten beide aders samen in 1 adereindhuls worden geperst.
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) Binneneenheid: Elektrische leidingen naar de aansluitruimte leggen 400/230 V > 42 V 5782 414 NL < 42 V 40
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) Montage E Type AWT-AC 241.A04 en A07: Busverbindingskabel 43 V: In het spanningsbereik 230 V~ leggen (aansluiting zie pagina 53) F Netaansluitkabel warmtepompregeling 230 V~ 5782 414 NL A Netaansluitkabels aanstuurmodule voor CV-water-doorstroomtoestel 230 V~/400 V~ B Aansluitkabels voor bedrijfscomponenten 230 V~ C Aansluitkabels laagspanning (sensoren, KM-BUS) < 42 V D Type AWT-AC 241.
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) Binneneenheid: Overzicht van de aansluitingen: X31 A C B X25 sVA F20 F12 J3 F21 F13 J4 X18 F23 F14 F7 sYAsYS F26 F3 X3 X2 N F11 F16 X1 6 8 P202 P203 4 18 X24 aVGX15 12 V COM COM 43 V F101 7 9 F27 F8 F6 D 1 1 3 F4 F0 1 1 E F1 5782 414 NL F 42
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) E Kroonsteentjes (zie pagina 46) F1 Zekering T 6,3 A X1 Klemmen voor aardleiding van alle bijbehorende installatiecomponenten X2 Klemmen voor neutrale leider van alle bijbehorende installatiecomponenten F Aanstuurmodule en netaansluiting voor CV-water-doorstroomtoestel (zie pagina 58) Binneneenheid: Basisprintplaat (bedrijfscomponenten 230 V~) Vereiste parameters bij de inbedrijfstelling instellen, zie vanaf pagina 78.
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) Stekker sYA Klemmen Functie 211.2 Secundaire pomp 1. 211.5 AC Aansturing koeling Drieweg-omschakelkleppen voor bypass CV-waterbuffer in koeling Verklaring ■ Bij installatie zonder warmwaterbuffer is verder geen CV-pomp nodig (zie klem 212.2) ■ Thermostaat als maximumtemperatuurbegrenzing voor vloerverwarming (indien aanwezig) in serie aansluiten. Aansluitwaarden ■ Vermogen: 130 W ■ Spanning: 230 V~ ■ max.
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) 212.4 Zonnecircuitpomp met veiligheidstemperatuurbegrenzer (max. 95 °C) voor warmwaterboiler Verklaring Aansluitwaarden ■ Vermogen: 50 W ■ Spanning: 230 V~ ■ Max. schakelstroom: 4(2) A Aansluitwaarden ■ Vermogen: 130 W ■ Spanning: 230 V~ ■ Max. schakelstroom: 4(2) A Veiligheidstemperatuurbegrenzer door installateur in serie met solarcircuitpomp aansluiten (zie montagehandleiding veiligheidstemperatuurbegrenzer).
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) CV-circuit zonder mengklep A1/ VC1 ■ Zonder verwarmingswaterbuffer ■ Met verwarmingswaterbuffer Aansluiting A op de regeling 211.2 212.2 Circulatiepomp C Secundaire pomp CV-pomp A1/VC1 Aansluiting van de thermostaat (bestelnummer 7151 728, 7151 729 B) op de uitbreidingset mengklep A sÖ B sÖ C M 1~ A Stekker sÖ, op uitbreidingsset mengklep steken.
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) Klemmen X3.1 Functie Fase geschakeld Verklaring Via netschakelaar regeling. Opmerking Totale belasting 1000 W van alle aangesloten componenten in acht nemen. X3.6 X3.7 G Stromingsbewaker Potentiaalvrije sluiter nodig: ■ gesloten: warmtepomp in werking ■ geopend: warmtepomp uit bedrijf ■ Schakelvermogen 230 V~, 0,15 A Montage X3.3 X3.4 Bij aansluiting brug verwijderen.
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) Klemmen X3.8 X3.9 X3.18 X2.1 X1.1 Functie Vorstbeveiligingsthermostaat en/of dauwpuntsensor of Brug Netaansluiting warmtepompregeling 230 V~ Verklaring Potentiaalvrije opener nodig: ■ gesloten: Veiligheidscircuit vrij ■ geopend: veiligheidscircuit onderbroken, warmtepomp uit bedrijf ■ Schakelvermogen 230 V~, 0,15 A ■ Bij aansluiting brug verwijderen. ■ Serieschakeling bij aanwezigheid beide veiligheidscomponenten. Zie hoofdstuk ”Netaansluiting”.
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) sVA J3 J4 X18 X24 X31 Sensor Type KM-BUS (aders verwisselbaar) Indien meerdere apparaten worden aangesloten, KM-BUS-verdeler (optioneel) gebruiken.
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) L1 L1 N B C D A f-] N E M +- 0-10V [{{] F G 1~ K A Uitbreiding EA1 B Netaansluiting 1/N/PE 230 V/50 Hz C Aftakdoos (door installateur te verzorgen) D Zekeringen en vermogensrelais voor de circulatiepomp van de zwembadverwarming (accessoires) E Brug F 3-weg-omschakelklep ”zwembad” (stroomloos: verwarming warmwaterbuffer) 50 G Circulatiepomp voor de zwembadverwarming (accessoire) H Temperatuurregelaar voor zwembadtemperatuurregeling (potentiaalvrij
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) Binneneenheid: AVI-printplaat Interface binneneenheid – Buiteneenheid P203 Component Zekering T 1,0 A L Busverbinding (12 V naar buiteneenheid bij type AWT-AC 241.A10, A13, B10, B13) Busverbinding (43 V naar buiteneenheid bij type AWT-AC 241.A04, A07) Montage Stekker F101 P202 Opmerking ■ Er mag slechts een bus-verbinding worden aangesloten. ■ De aders van de busverbinding tussen binnen- en buiteneenheid niet verwisselen.
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) 400 V~: Aansluitruimte buiteneenheid openen Type AWT-AC, 241.B10 en B13 A A Aansluitruimte: ■ BUS-verbinding naar binneneenheid Opmerking De aders van de busverbinding tussen binnen- en buiteneenheid niet verwisselen.
Montageverloop Elektrisch aansluiten (vervolg) Binneneenheid en buiteneenheid verbinden 230 V~ Type AWT-AC 241.A04 241.A07 241.A10 en A13 ?COM Ni Li ? N0 L0 C N L ? C2 C1 N L ? ? N L A B B A Montage A B C C C 12V COM 12V COM COM 43V COM 43V 12V COM 400 V~ Type AWT-AC 241.B10 en B13 C2 C1 N L ? ? N L3 L2L1 A B C A Aansluitruimte buiteneenheid (zie pagina 51) B Busverbindingsleidingen tussen buiten- en binneneenheid. Geadviseerde kabel: 3 x 1,5 mm2 De aders zijn niet verwisselbaar.
Montageverloop Netaansluiting Scheidingsinrichtingen voor nietgeaarde geleiders ■ De hoofdschakelaar (indien aanwezig) moet gelijktijdig alle ongeaarde geleiders met een contactopening van minimaal 3 mm van het net scheiden. ■ Bovendien raden wij aan een universele stroomgevoelige aardlekschakelaar (RCD) type B te installeren voor gelijkstroom(storingen), die kunnen ontstaan door energie-efficiënte bedrijfsmiddelen.
Montageverloop ■ De toewijzing van de blokkering door het energiebedrijf (voor compressor en/of verwarmingswater-doorstroomtoestel) vindt plaats via het type aansluiting en instelling aan de warmtepompregeling. De blokkering van de netvoeding is in Duitsland op max. 3 maal 2 uur binnen een dag (24 h) begrensd. ■ De voeding voor de warmtepompregeling/elektronica moet zonder blokkering van het energiebedrijf plaatsvinden; uitschakelbare tarieven mogen hier niet worden gebruikt.
Montageverloop Netaansluiting (vervolg) Netaansluiting buiteneenheid (230 V~/400 V~) ■ Laag tarief en blokkering energiebedrijf mogelijk. ■ Bij gebruik laag tarief met blokkering energiebedrijf geen parameterinstellingen nodig. De compressor is tijdens de blokkeringtijd buiten werking. ■ Tijdens de blokkering energiebedrijf worden de diagnosefuncties voor de buiteneenheid niet ondersteund. Opmerking Vrije klemmen uitsluitend voor intern gebruik. Netaansluiting buiteneenheid 230 V~ Type AWT-AC 241.
Montageverloop Netaansluiting (vervolg) Netaansluiting buiteneenheid 400 V~ Type AWT-AC 241.B10 en B13 A Aansluitruimte buiteneenheid (zie pagina 51) B Netaansluiting 230 V / 50 Hz C2 C1 N L ? ? N L3 L2L1 A Montage ? N L3 L2 L1 B Type AWT-AC Aanbevolen netaansluitkabel 5 x 2,5 mm2 (maximaal 30 m) B20A 241.B13 5 x 2,5 mm2 (maximaal 30 m) B20A 5782 414 NL Zekering 241.
Montageverloop Netaansluiting (vervolg) Netaansluitkabel verwarmingswater-doorstroomtoestel aansluiten Binneneenheid 1 / N / PE 230 V / 50 Hz A L1 L1 L1 N N N ■ Aanbevolen netaansluitkabel: 400 V~: 5 x 2,5 mm2 230 V~: 7 x 2,5 mm2 ■ Beveiliging max.
Montageverloop Netaansluiting (vervolg) Voeding met blokkering energiebedrijf (niet in NL) Blokkering door energiebedrijf zonder door installateur voorziene lastscheiding Opmerking Technische aansluitvoorwaarden van het betreffende energiebedrijf respecteren. Montage Het blokkeringsignaal van het energiebedrijf wordt direct op de warmtepompregeling aangesloten. Bij actieve blokkering door energiebedrijf wordt de compressor ”hard” uitgeschakeld.
Montageverloop Netaansluiting (vervolg) F Voorzekering toonfrequentieontvanger G Toonfrequentieontvanger (contact geopend: blokkering actief) Voeding: TNC-systeem H Laagtariefmeter K Voeding: TNC-systeem Blokkering zonder energiebedrijf zonder door installateur voorziene lastscheiding Opmerking Technische aansluitvoorwaarden van het betreffende energiebedrijf respecteren.
Montageverloop Netaansluiting (vervolg) X3.7 X3.6 X3.18/X2.1/X1.1 3 ≈ 3 3 kWh Montage 3 kWh 5 (400 V~) 7 (230 V~) 3/N 3/N 4 4 4 Weergave zonder zekeringen en zonder aardlekschakelaar.
Montageverloop Netaansluiting (vervolg) Voeding in combinatie met eigen energieverbruik Zonder blokkering door energiebedrijf B ~ ~ A A C F N F G D /D E F L1 L1 L2 L2 L3 L3 K kWh L kWh L M M N A Warmtepomp B Andere (eigenenergie-)verbruiker in het huishouden C Energiemeter D Gelijkstroom-wisselstroomrichter E Scheidingsinrichting voor de fotovoltaïsche installatie F Aansluitklem G Dubbele tariefmeter (voor bijzonder tarief voor warmtepomp) Niet toegestaan in combinatie met fotovoltaïsche
Montageverloop Netaansluiting (vervolg) H Tweerichtingsmeter (voor fotovoltaïsche installatie bij eigen energieverbruik): Energie-afname van energiebedrijf en energievoeding aan energiebedrijf K Meter met retourblokkering: Voor energieopwekking van de fotovoltaïsche installatie L Scheidingsinrichting voor de huisaansluiting (verdeelkast) M Verdeelkast N Huisaansluitkast ! Opgelet Toestel geluiddicht en diffusiedicht afsluiten.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Stappen - eerste inbedrijfstelling, inspectie en onderhoud Zie de aangegeven pagina voor meer informatie over de te volgen stappen Stappen voor de eerste inbedrijfstelling Stappen voor de inspectie Stappen voor het onderhoud • • 1. Warmtepomp openen..................................................... 66 2. Protocollen maken.......................................................... 66 3.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Stappen - eerste inbedrijfstelling, inspectie… (vervolg) Stappen voor de eerste inbedrijfstelling Stappen voor de inspectie Stappen voor het onderhoud • • Pagina 21. Installatie in bedrijf stellen............................................. 78 22. Op het typeplaatje van de binneneenheid het type warmtepomp aankruisen (volgens typeplaatje buiteneenheid) • • • 23.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen Warmtepomp openen Gevaar Het aanraken van onder spanning staande onderdelen kan door elektrische stroom tot ernstige verwondingen leiden. ■ Aansluitruimtes niet aanraken (warmtepompenregeling en netaansluitingen binnen- en buiteneenheid, zie hoofdstuk ”Overzicht van de aansluitingen: Binneneenheid” en ”Overzicht van de aansluitingen: Buiteneenheid”).
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Koelmiddelleidingen en binneneenheid evacueren ! Opgelet De inbedrijfstelling is weersafhankelijk. Bij hoge relatieve luchtvochtigheid of buitentemperaturen onder 0 °C op het volgende letten: ■ Voor de druktest stikstof 5.0 gebruiken. ■ Tijdens het evacueren de oppervlaktetemperatuur van de koelmiddelleidingen door geschikte maatregelen boven 0 °C houden.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) A B C D 68 Binneneenheid Buiteneenheid Vloeistofleiding Vulklep E Serviceklep (Schraderklep) Bij type AWT-AC, type 241.A07 bevindt de serviceklep zich aan de aansluiting van de vloeistofleiding. F Stookgasleiding 5782 414 NL Voorbeeld type AWT-AC 241.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) G Vulslang tussen manometerbatterij en buiteneenheid H Manometerbatterij K Verbindingsslang tussen manometerbatterij en vacuümpomp ! Opgelet Vacuümmeter niet onder druk zetten. L Vacuümpomp M Verbindingsslang tussen manometerbatterij en vacuümpomp N Klep voor vacuümmeter O Vacuümmeter 1. Alle kleppen aan de manometerbatterij sluiten. 5. Aan de manometerbatterij de klep naar de vacuümpomp sluiten.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Koelmiddelleidingen en binneneenheid vullen Gevaar Huidcontact met koelmiddel kan tot huidletsel leiden. Bij werkzaamheden aan het koelcircuit veiligheidsbril en werkhandschoenen dragen. ! ! Opgelet Navullen van de installatie met koelmiddel of het afzuigen van het koelmiddel kan leiden tot schade aan het aapparaat.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) 6. Kappen aan de vulkleppen van de buiteneenheid afschroeven, beide vulkleppen openen en kappen er weer opschroeven. Opmerking Beide vulkleppen moeten bij het inschakelen van de warmtepomp zijn geopend. 7. Hoeveelheid bijgevuld koelmiddel op het typeplaatje en in het bedrijfshandboek invullen.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Opmerking Werkzaamheden aan het koelcircuit mogen uitsluitend door gecertificeerd personeel worden uitgevoerd (volgens verordeningen EG 842/2006 en 303/2008). Secundaire zijde vullen en ontluchten Ongeschikt vul- en suppletiewater kan afzettingen en corrosie veroorzaken en tot beschadiging van de installatie leiden. Wat betreft de kwaliteit en de hoeveelheid van het verwarmingswater incl.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) 3. Secundair circuit vullen (spoelen) en ontluchten: ■ Snelontluchter (zie veiligheidsgroep, hoofdstuk ”Secundair circuit aansluiten”) iets openen, blijft open. ■ Voor het ontluchten de 3-wegomschakelklep ”Verwarmen / tapwater” met de handhefboom in de middenstand plaatsen en vastzetten (zie afbeelding).
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Zonnecircuit vullen en ontluchten Gevaar Oververhitte collectoroppervlakken en oververhit warmteoverdrachtmedium kunnen tot verbrandingen en schade aan het toestel leiden. Bij werkzaamheden aan de collector en aan het solarcircuit met warmtedragend medium het collectoroppervlak tegen zonlicht beschermen. 2. ! Opgelet Om schade aan het toestel te voorkomen, solarcircuit uitsluitend met Tyfocor LS vullen. 3.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) 8x 1. AB 2. 5782 414 NL Opgelet Kortsluiting tussen de magnesiumanode en de verwarmingsspiraal heft de beschermende werking van de magnesiumanode op en leidt tot corrosieschade aan de warmwaterboiler. Vóór het aanbrengen van de elektrische kabels weerstand tussen de klemmen A en B meten. Als de weerstand duidelijk kleiner is dan oneindig, controleren of de magnesiumanode contact maakt met de verwarmingsspiraal.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Magnesiumanode vervangen Opmerking Als de zwerfstroomanode moet worden vervangen, kunt u een onderhoudsvrije zwerfstroomanode (accessoire) gebruiken. Demontage van de magnesiumanode, zie hoofdstuk ”Warmwaterboiler reinigen”. ! Opgelet Kortsluiting tussen de magnesiumanode en de verwarmingsspiraal heft de beschermende werking van de magnesiumanode op en leidt tot corrosieschade aan de warmwaterboiler.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Warmtewisselaar (condensor) van de buiteneenheid reinigen Gevaar Het aanraken van onder spanning staande onderdelen en het contact van water met onder spanning staande onderdelen kan door elektrische stroom tot ernstige verwondingen leiden. Buiteneenheid spanningsvrij schakelen en tegen opnieuw inschakelen beveiligen. Denk om een eventueel nadraaiende ventilator. 2.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Warmtepomp inschakelen ! Opgelet Wanneer de warmtepomp met te weinig koelmiddel draait, leidt dat tot schade aan het toestel.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Inbedrijfstelling met inbedrijfstellingsassistent De inbedrijfstellingsassistent doorloopt automatisch alle menu's waarin instellingen nodig zijn. Hierbij is ”codeerniveau 1” automatisch actief. ! Opgelet Een verkeerde bediening op ”codeerniveau 1” kan tot schade aan het toestel en de verwarmingsinstallatie leiden.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Taal instellen OK OK OK Tijd instellen Datum / tijd instellen Datum instellen OK NEE Inbedrijfstelling starten? JA Codeerniveau 1 OK Temperatuursensoren Signaalingangen Sensorwaarden weergeven OK Signaalingangen weergeven Actorentest uitvoeren OK Deelnemerscontrole OK Werking selecteren Deelnemerscontrole uitvoeren OK Functiecontrole starten OK Regelwerking 5782 414 NL Inbedrijfstelling beëindig
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Inbedrijfstelling zonder inbedrijfstellingsassistent Servicemenu activeren 3. Parametergroep kiezen: ”Installatiedefinitie” 4. Parameter kiezen: ”Installatieschema 7000” 5. Installatieschema instellen: ”6” Het servicemenu kan vanuit elk menu worden geactiveerd. OK + å gelijktijdig ca. 4 s indrukken.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Benodigde parameters voor door de installateur aangesloten componenten Gedetailleerde toelichting bij de parameters Servicehandleiding warmtepompregeling Vitotronic 200 Installatieschema Overzicht van alle mogelijke installatieschema's Component Installatieschema 0 1 2 3 Verwarmingscircuit A1/VC1 — X X — M2/VC2 — — — X Warmwaterboiler X — X — Verwarmingswaterbuffer — 0 0 X CV-water-doorstroomtoestel X X X X Zwembad —
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Pompen en verdere componenten Tapwatercirculatiepomp Uitbreidingsset mengklep voor CV-circuit M2/ VC2 Voor CV-/koelcircuit: ”CV-circuit 1” Ó ”Afstandsbediening 2003” of ”CV-circuit 2” Ó ”Afstandsbediening 3003” ”1” Voor afzonderlijk koelcircuit: ”Koeling” Ó ”Afstandsbediening koelcircuit 7116” ”Koeling” Ó ”Rangering kamertemperatuursensor afzonderlijk koelcircuit 7106” ”1” Opmerking Codering aan Vitotrol voor C
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Pomp/component Vitocom 100, type GSM Externe uitbreiding Parameters ”Installatiedefinitie” Ó ”Vitocom 100 7017” ”Installatiedefinitie” Ó ”Externe uitbreiding 7010” Instelling ”1” ■ ”1” EA1 ■ ”2” AM1 ■ ”3”EA1 en AM1 Opmerking Parameters voor externe functies, zie volgende tabel.
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Externe functies Extern blokkeren van compressor en pompen Parameter ”Installatiedefinitie” Ó ”Werking extern blokkeren op pompen/compressor 701A” Extern blokkeren van de com- ”Installatiedefinitie” Ó pressor, mengklep in regel”Werking extern blokkeren modus of DICHT op warmtepomp/CV-circuits 7015” ”Installatiedefinitie” Ó ”Werking extern blokkeren op pompen/compressor 701A” Instelling ”0” tot ”31” ”0” tot ”8” ”0”
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Verwarmingswater-doorstroomtoestel Parameter voor Verwarmingswater-doorstroomtoestel ”Extra elektrische verwarming” Ó ”Vrijgave verwarmingswater-doorstroomtoestel 7900” eventueel ”extra elektrische verwarming” Ó ”Vrijgave verwarmingswater-doorstroomtoestel voor ruimteverwarming 7902” ”Extra elektrische verwarming” Ó ”Vermogen voor verwarmingswater-doorstroomtoestel bij blokkering door energiebedrijf 790A” eventueel ”w
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Parameters voor ventilatietoestel ■ ”Gewenste afvoerluchttemperatuur 7D08” ■ ”Debiet gereduceerde ventilatie 7D0A” ■ ”Debiet nominale ventilatie 7D0B” ■ ”Debiet intensieve ventilatie 7D0C” Instelling ”100” tot ”300” (≙ 10 tot 30 °C) ”95” tot ”7D0B” minus 10 m3/h ”7D0A” plus 10 m3/h tot ”7D0C” minus 10 m3/h ”7D0B” + 10 m3/h tot ”280” m3/h Energiemeter Instelling ”1” Gewenste functies/installatiecomponenten voor het e
Eerste inbedrijfstelling, inspectie, onderhoud Aanvullende info over de stappen (vervolg) Werking van de installatie controleren (bijvoorbeeld actoren, temperaturen, eventueel warmtehoeveelheidmeter) ! Opgelet Als de warmtepomp bijvoorbeeld tijdens de opslag of bij het transport blootgesteld wordt aan temperaturen onder –15 °C, kan de veiligheidstemperatuurbegrenzer van het CV-water-doorstroomtoestel worden geactiveerd.
Storingen oplossen Reparatie Overzicht elektrische aansluitingen Zie vanaf pagina 42. Bedieningsgedeelte openklappen 2. 2x 3. 5782 414 NL Service 1.
Storingen oplossen Reparatie (vervolg) Eventueel afdekking van bedieningsgedeelte afnemen 5. 4x 5782 414 NL 4.
Storingen oplossen Reparatie (vervolg) Overzicht interne componenten: Binneneenheid A B A g] C a:C] C K H G F lJ B sG ,a:C] Service L ? aJ D 5782 414 NL E 91
Storingen oplossen Reparatie (vervolg) ? E F G H K L Vul-/aftapkraan secundair circuit Serviceklep binneneenheid (Schraderklep, kan in plaats van de serviceklep buiteneenheid voor drukcontrole en evacuering van het koelcircuit worden gebruikt, zie pagina 67) Temperatuursensor propaan (IRT) Temperatuursensor secundair circuit voor CV-water-doorstroomtoestel (LWT) Ontluchtingskraan secundair circuit Druksensor (ICT) voor het bepalen van de condensatietemperatuur condensor 5782 414 NL Aanvoertemperatuur
Storingen oplossen Reparatie (vervolg) Posities vul-/ontluchtingskraan warmwaterboiler A B C A Gesloten B Open voor aftap van de interne tapwaterleiding C Open voor het aftappen of vullen van de boiler 5782 414 NL Service Overzicht interne componenten: Binneneenheid Gevaar Het aanraken van stroomvoerende onderdelen kan ernstig letsel veroorzaken. Condensatoren voeren na het uitschakelen van de netspanning nog spanning.
Storingen oplossen Reparatie (vervolg) Buiteneenheid, type AWT-AC 241.
Storingen oplossen Reparatie (vervolg) Buiteneenheid, type AWT-AC 241.
Storingen oplossen Reparatie (vervolg) Buiteneenheid, type AWT-AC 241.A10, 241.A13, 241.B10, 241.
Storingen oplossen Reparatie (vervolg) Warmtepomp aan secundaire zijde aftappen 1. Ketelvul-/aftapkraan van installateur sluiten. 2. Warmtepomp aan de vul-/aftapkraan secundaire zijde aftappen (zie hoofdstuk ”Overzicht interne componenten: binneneenheid”).
Storingen oplossen Reparatie (vervolg) Sensor ■ Collectortemperatuursensor (F21) Meetelement NTC 20 kΩ Montagepositie Aansluiting Binneneenheid (zie pagina 91) ■ Temperatuursensor compressor- NTC kop (CTT) 50 kΩ Buiteneenheid (zie pagina 93) Regelaar- en sensorprintplaat (zie pagina 42) Koelcircuitregeling (let op de sticker in de buiteneenheid) Temperatuursensoren in binneneenheid (met markering) Viessmann NTC 10 kΩ (blauwe markering) Overige sensoren 20 Buitentemperatuursensor 200 Weerstand in
Storingen oplossen Reparatie (vervolg) Viessmann Pt500A (groene markering) 860 780 Weerstand in 700 620 540 460 -20 20 60 100 140 180 Temperatuur in °C Viessmann NTC 20 kΩ (oranje markering) 1 0 20 40 60 80 100 120 140 160 180 200 Temperatuur in °C Service 0,1 5782 414 NL Weerstand in kΩ 40 20 10 99
Storingen oplossen Reparatie (vervolg) Temperatuursensoren in buiteneenheid (zonder markering) Type NTC 10 kΩ 1000 Weerstand in kΩ 100 10 1 0,1 -30 -20 -10 0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 Temperatuur in °C Type NTC 50 kΩ Weerstand in kΩ 1000 100 10 1 0,1 -30 -20 -10 0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 100 Temperatuur in °C Zekeringen controleren ■ De zekering F1 bevindt zich aan de netaansluitklem van de warmtepompregeling ■ De zekering F3 bevindt zich op de basisprintplaat.
Storingen oplossen Reparatie (vervolg) 5782 414 NL Service Gevaar Door het verwijderen van de zekering is de laststroomkring niet spanningsvrij. Het aanraken van spanning voerende onderdelen kan door elektrische stroom tot ernstige verwondingen leiden. Bij werkzaamheden aan het toestel beslist ook de laststroomkring spanningsvrij schakelen.
Onderdelenlijsten binneneenheid Onderdelenlijsten binneneenheid Afzonderlijke onderdelen Courante onderdelen zijn in de plaatselijke vakhandel verkrijgbaar.
Onderdelenlijsten binneneenheid Overzicht van de modules binneneenheid A C Service B 5782 414 NL E A Typeplaatje B Module behuizing binneneenheid F C Module Elektrische uitrusting binneneenheid 103
Onderdelenlijsten binneneenheid Overzicht van de modules binneneenheid (vervolg) E Module Hydrauliek binneneenheid F Module boiler binneneenheid Onderdelen zonder afbeelding binneneenheid 0005 Spuitbuslak, wit 0006 Lakstift, wit 0007 Montage- en servicehandleiding warmtepomp Behuizing binneneenheid Frontplaat boven Frontplaat onder Zijplaat links Zijplaat rechts Bovenplaat vóór 0006 0007 0008 0009 0010 Bovenplaat achter Typeaanduiding Viessmann Houder warmtepompenregeling Schroeven (set) Bevestigingsel
Onderdelenlijsten binneneenheid Behuizing binneneenheid (vervolg) 0006 0003 0005 0001 0008 0007 0002 Service 0009 0010 5782 414 NL 0004 105
Onderdelenlijsten binneneenheid Elektrische uitrusting binneneenheid 0037 Scheidingsplaat 0039 Servicehandleiding Vitotronic 200, type WO1C 0040 Handleiding Vitotronic 200, type WO1C Onderdelen zonder afbeelding 0003 Printplaat met aansluitadapter (SA136-A10) 0004 Printplaat met aansluitadapter netschakelaar (SA137-A10) 0012 Aansluitleiding CV-water-doorstroomtoestel 0014 Aansluitkabel secundaire pomp 0015 Aansluitkabel 3-weg-omschakelklep 0016 Kabelboom laagspanning 0021 Verbindingskabel 4-polig, lengte 8
Onderdelenlijsten binneneenheid Elektrische uitrusting binneneenheid (vervolg) 0018 0020 0033 0017 0019 0001 0032 0007 0006 0005 0010 0002 0009 0037 0011 0013 0030 0008 0023 0025 0024 0034 Service 0035 5782 414 NL 0039 0040 107
Onderdelenlijsten binneneenheid Hydrauliek binneneenheid 0001 0002 0003 0004 0005 0006 0007 0008 0009 0010 0011 0012 0013 0014 0015 0016 0017 0018 0019 0020 0021 0022 0023 0025 Bevestiging ⅝ UNF voor vloeistofleiding 0026 Druksensor (ICT) 0027 Kleplichaam ⁷⁄₁₆ 0028 Schraderventiel 0029 Borgveer 0030 Ontluchtingskraan G⅜ 0031 Schroefbuisklem D 21-23, M8, met EPDM-voering 0032 Schroefbuisklem D 31-35, M8, met EPDM-voering 0033 Wartelmoer G¼ met afdichtkap 0034 Wartelmoer ⅞ UNF voor stookgasleiding 0035 Wart
Onderdelenlijsten binneneenheid Hydrauliek binneneenheid (vervolg) 0038 0003 0041 0041 0044 0038 0015 0029 0039 0041 0044 0044 0009 0039 0039 0044 0040 0039 0017 0018 0044 0040 0029 0036 0035 0027 0028 0026 0042 0039 0034 0014 0026 0027 0028 0030 0030 0033 0034 0035 0030 0027 0028 0048 0047 0024 0033 0040 0023 0043 0043 0029 0036 0016 0039 0043 0022 0040 0019 0040 0043 0043 0044 0039 0029 0043 0030 0012 0043 0039 0044 0025 0039 0044 0010 0037 0037 0044 0001 0039 0011 0008 0032
Onderdelenlijsten binneneenheid Boiler binneneenheid 0001 0002 0003 0004 0005 0006 0007 0008 0009 0019 Afsluitdop G ¾ met bevestigingslus 0020 Magnesium-kettinganode 0021 Laadlans 0022 Terugslagklep 30 mbar (3 kPa), Aanasluiting G 1 0023 T-stuk met knelkoppeling 0024 Dompelhuls G ½ met klemmen 0025 Boilerlaadpomp (circulatiepomp VIRZS 15/6 PWM)) 0026 O-ring 7 20 x 3,5 mm (set) 0027 Afdichting 23 x 30 x 2,0 mm 0028 Veiligheidsbeugel 0029 Bevestigingslip 0030 Borgveren (set) 0031 Pakking 21 x 30 x 2 mm (set
Onderdelenlijsten binneneenheid Boiler binneneenheid (vervolg) 0034 0032 0011 0017 0035 0008 0035 0017 0012 0013 0014 0014 0007 0035 0015 0035 0035 0013 0003 0030 0029 0028 0001 0026 0021 0002 0016 0018 0035 0009 0027 0035 0027 0022 0027 0015 0035 0035 0035 0023 0031 0010 0019 0031 0024 0027 0020 0004 0027 0005 0031 Service 0033 0031 0006 0031 0027 0025 0031 5782 414 NL 0027 111
Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.A04 Afzonderlijke onderdelen De volgende gegevens zijn nodig: ■ Fabricagenummer (zie typeplaatje A) ■ Module (uit deze onderdelenlijst) ■ Positienummer van het onderdeel binnen de module (uit deze onderdelenlijst) Courante onderdelen zijn in de plaatselijke vakhandel verkrijgbaar.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.A07 Afzonderlijke onderdelen De volgende gegevens zijn nodig: ■ Fabricagenummer (zie typeplaatje A) ■ Module (uit deze onderdelenlijst) ■ Positienummer van het onderdeel binnen de module (uit deze onderdelenlijst) Courante onderdelen zijn in de plaatselijke vakhandel verkrijgbaar.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.A10, A13 Afzonderlijke onderdelen Courante onderdelen zijn in de plaatselijke vakhandel verkrijgbaar.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 230 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 400 V~, type AWT-AC 241.B10, B13 Afzonderlijke onderdelen Courante onderdelen zijn in de plaatselijke vakhandel verkrijgbaar.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 400 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 400 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 400 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 400 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 400 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 400 V~, type AWT-AC 241.
Onderdelenlijsten buiteneenheid 400 V~, type AWT-AC 241.
Protocollen Protocol van de hydraulische parameters Instel- en meetwaarden Gewenste waarde Test externe pompen van de CV-circuits Type circulatiepomp Trap van de circulatiepomp Instelling overstortklep Inbedrijfstelling primair circuit Temperatuur luchtinlaat °C (”Diagnose” Ó ”Installatieoverzicht”) Temperatuur luchtuitlaat °C (”Diagnose” Ó ”Installatieoverzicht”) Temperatuurverschil (luchtinlaat/-uitlaat) ΔT: ■ Bij aanvoertemperatuur secundair circuit K 4 tot 8 = 35 °C en temperatuur luchtinlaat ≤ 15 °C
Protocollen Installatiedefinitie Parameter 7000 Toestand bij leve- Eerste inring bedrijfstelling 2 7003 40 (≙ 4 K) 7004 40 (≙ 4 K) 7008 7010 7011 0 0 0 7012 2 7013 7014 8h 4 7015 4 7017 701A 0 0 701B 0 Compressor Parameters Code ”Vrijgave compressor” ”Vrijgave gebruik compressortrap” ”Vermogen compressortrap” 5000 5012 5030 Toestand bij leve- Eerste inring bedrijfstelling 1 15 Nominaal vermogen volgens typeplaatje 5782 414 NL ”Installatieschema” (zie hoofdstuk ”Installatieschema”)
Protocollen Protocol van de regelingsparameters (vervolg) Warm water Parameters 6000 6005 6006 6007 Toestand bij leve- Eerste inring bedrijfstelling 500 (≙ 50 °C) 100 (≙ 10°C) 600 (≙ 60°C) 50 (≙ 5 K) 6008 100 (≙ 10 K) 6009 0 600A 0 600C 600E 600 (≙ 60°C) 0 6014 0 6015 1 6016 0 6017 1 601F 6020 1 3 5782 414 NL ”Gewenste warmwatertemperatuur” ”Minimale warmwatertemperatuur” ”Maximale warmwatertemperatuur” ”Hysterese WW-temperatuur warmtepomp” ”Hysterese WW-temperatuur extra verwarming”
Protocollen Protocol van de regelingsparameters (vervolg) ”Type zonneregeling” ”Maximale collectortemperatuur” ”Inschakelhysterese zonnecircuitpomp” ”Uitschakelhysterese zonnecircuitpomp” ”Debiet zonnecircuit voor berekening zonneopbrengst” ”Indicatie melding foutieve circulatie” Extra elektrische verwarming Parameter 7A00 7A01 7A02 Toestand bij leve- Eerste inring bedrijfstelling 0 1300 (≙ 130 °C) 70 (≙ 7 K) 7A03 30 (≙ 3 K) 7A07 100 l/uur 7A09 1 Code 7900 Toestand bij leve- Eerste inring bedri
Protocollen Interne hydraulica Parameter ”Warmtepomp voor bouwdroging” ”Tijdprogramma voor estrik drogen” ”Gewenste aanvoertemperatuur externe warmtevraag” ”Vrijgave 3-weg omschakelklep Verwarmen/WW” ”Bedrijfsmodus secundaire pomp” CV-waterbuffer Parameters ”Vrijgave buffer / open-verdeler” ”Temperatuur in bedrijfsmodus Vaste waarde voor buffer” ”Hysterese temperatuur opwarming buffer” ”Maximale temperatuur buffer” ”Temperatuurgrens bedrijfsstatus Vaste waarde voor buffer” CV-circuit 1 Parameters ”Kamer
Protocollen Protocol van de regelingsparameters (vervolg) ”Ruimtetemperatuur normaal” ”Kamertemperatuur verlaagd” ”Afstandsbediening” ”Niveau stooklijn” ”Steilheid stookcurve” ”Invloed kamertemperatuur-bijschakeling” ”Ruimtetemperatuur-bijschakeling” ”Max.
Protocollen Ventilatie Parameter ”Vrijgave Vitovent” ”Vrijgave voorverwarm-register elektrisch” ”Vrijgave naverwarmregister hydraulisch” ”Vrijgave vochtsensor” ”Vrijgave CO2-sensor” ”Gewenste afvoerluchttemperatuur” ”Debiet gereduceerde ventilatie” ”Debiet nominale ventilatie” ”Debiet intensieve ventilatie” ”Min.
Protocollen Parameter Code ”Vrijgave eigen energieverbr. voor verwarmen” ”Verhoging gew. temp. warmwaterbuffer PV” ”Verhoging gew. temp. CV-waterbuffer PV” ”Verhoging gew.
Protocollen Protocol van de regelingsparameters (vervolg) Code ”Bediening blokkeren” 8800 Toestand bij leve- Eerste inring bedrijfstelling 0 5782 414 NL Bediening Parameters 140
Technische gegevens Technische gegevens 241.A04 241.A13 7,7 10,6 65 55 75 650 650 650 0,91 1,73 2,20 3,25 3,30 3,24 3,50 3,26 1,1 – 3,8 1,3 – 7,7 4,4 – 9,9 5,0 – 11,9 3,0 Hz 60 870 kW 241.A10 5,6 kW tpm kW 241.
Technische gegevens Technische gegevens (vervolg) 241.A04 241.A07 241.A10 241.
Technische gegevens Technische gegevens (vervolg) 241.A07 241.A10 241.A13 8,8 10,0 12,6 65 55 70 650 650 650 1,13 2,63 2,80 4,20 3,72 3,35 3,57 3,00 °C °C 15 45 15 45 15 45 15 45 °C °C –15 35 –15 35 –15 35 –15 35 l l/h 2,8 600 2,8 820 3,8 1200 3,8 1380 mbar 590 540 440 380 55 55 55 55 kW 4,2 Hz 60 870 tpm kW °C 143 Service 241.
Technische gegevens Technische gegevens (vervolg) 144 241.A04 241.A07 241.A10 241.
Technische gegevens Technische gegevens (vervolg) 5782 414 NL ■ Lagedrukzijde Geïntegreerde boiler Inhoud Continuvermogen bij tapwateropwarming van 10 naar 60 °C 241.A04 241.A07 241.A10 241.
Technische gegevens Technische gegevens (vervolg) 241.A04 241.A07 241.A10 241.
Technische gegevens Technische gegevens (vervolg) 241.A04 mm mm Rp Rp G 241.A07 241.A10 241.
Technische gegevens Technische gegevens (vervolg) 241.B10 241.
Technische gegevens Technische gegevens (vervolg) 241.B13 °C °C 15 45 15 45 °C °C –20 35 –20 35 3,8 1200 440 3,8 1380 380 55 55 l l/h mbar °C A A A 3/N/PE 400 V/50 Hz 16 10 16 16 10 16 A 30 30 A IP 20 24 20 24 1/N/PE 230 V/50 Hz 1 x B 16 A T 6,3 A/250 V kW 1/N/PE 230 V/50 Hz 3/N/PE 400 V/50 Hz 8,8 3 x B 16 A 5782 414 NL ■ Thermisch vermogen ■ Beveiliging netaansluiting 241.B10 Service Type AWT-AC Temperatuur luchtinlaat Koeling ■ Minimaal ■ Max. Verwarming ■ Minimaal ■ Max.
Technische gegevens Technische gegevens (vervolg) Type AWT-AC Elektrisch opgenomen vermogen ■ Ventilator (maximaal) ■ Buiteneenheid (maximaal) ■ Secundaire pomp (PWM) ■ Regeling/elektronica buiteneenheid (maximaal) ■ Regeling/elektronica binneneenheid (maximaal) ■ Maximaal vermogen regeling / elektronica Koelcircuit Medium Vulhoeveelheid Bij te vullen hoeveelheid bij leidinglengten >12 m tot ≤30 m Compressor (volhermetisch) Toegestane werkdruk ■ Hogedrukzijde ■ Lagedrukzijde W kW W W 241.
Technische gegevens Technische gegevens (vervolg) 241.
Technische gegevens Technische gegevens (vervolg) 241.B10 241.
Bijlage Opdracht tot eerste inbedrijfstelling van de warmtepomp Stuur de volgende opdracht met bijgevoegd installatieschema per fax naar uw Viessmann-verkoopkantoor. Wij verzoeken u ervoor te zorgen dat bij inbedrijfstelling een medewerker met kennis van zaken aanwezig is.
Conformiteitsverklaring Conformiteitsverklaring Wij, Viessmann Werke GmbH & Co KG, D-35107 Allendorf, verklaren op eigen verantwoordelijkheid dat het product Vitocal 242-S, type AWT-AC incl.
Index 5782 414 NL Index A Aanbevolen netaansluitkabels.............9 aanhaalmoment ■ voor koelmiddelleidingen..........29, 33 Aanluitset secundair circuit................35 Aansluiting ■ Bus-verbindingskabel.....................51 ■ elektrische componenten................38 ■ Koelcircuit.......................................38 ■ Koelmiddelleidingen.......................25 ■ overzicht...........................................7 ■ secundair circuit .......................34, 36 ■ Tapwater.................
Index Index (vervolg) 156 Bus-verbindingskabel.............41, 51, 52 ■ aansluiten.......................................53 Bypass CV-waterbuffer......................44 C Circulatie-aansluiting............8, 147, 151 Circulatiepomp...................................37 Codeerniveau 1..................................79 Collectoroppervlak.............................74 Collectortemperatuursensor ■ karakteristiek..................................98 Compressor...........................
Index Index (vervolg) 5782 414 NL Dichtheidscontrole ■ aansluitingen secundair circuit.......73 ■ jaarlijkse..........................................71 ■ Koelcircuit.......................................71 Door de installateur verzorgde aansluitingen...................................................7 Doorvoertules...............................23, 36 Drukbelasting.....................................15 Druk controleren................................74 Drukreduceer.....................................
Index Index (vervolg) 158 L Laagspanningskabels..................39, 41 Laag tarief..............................55, 56, 58 Laagtariefteller.............................60, 61 Laststroomkringen.............................54 Leidingbochten voor het opvangen van trillingen..............................................12 Leidingen leggen................................40 Leidinglengte........................................9 ■ koelmiddelleidingen........25, 147, 151 ■ voor koelmiddelleidingen..............
Index Index (vervolg) Montage buiteneenheid ■ Consoleset voor wandmontage......11 ■ Consoles voor vloermontage..........11 Multi-stekkersysteem...........................8 5782 414 NL N Netaansluiting ■ algemene aanwijzingen..................54 ■ Buiteneenheid.................................56 ■ Compressor....................................52 ■ CV-water-doorstroomtoestel...........43 ■ met blokkering energiebedrijf.........59 ■ Verwarmingswater-doorstroomtoestel.........................................
Index Index (vervolg) S Schakelcontacten ■ Dauwpuntsensor.............................38 Scheidingsinrichtingen.......................54 Schroefaansluitingen controleren......71 Secundair circuit aansluiten.........34, 36 Secundair circuit aftappen.................97 Secundair circuit ontluchten...............36 Secundair circuit vullen en ontluchten................................................72, 73 Sensoren......................................91, 93 Sensoren controleren.........................
Index 5782 414 NL Index (vervolg) V Vacuümmeter.....................................69 Vacuümpomp.....................................69 Vastdraaimoment ■ Wartelmoer serviceklep..................70 Veiligeheidstemperatuurbegrenzer resetten..............................................88 Veiligheidsaansluitingen....................46 Veiligheidscircuit................................48 Veiligheidsgroep................................36 Veiligheidsgroep monteren................
Index Index (vervolg) Weerbescherming..............................11 Weerstand magnesiumanode meten...........................................75, 76 Werkdruk............................................73 Werkzaamheden aan het koelcircuit..72 Windlasten.........................................11 Windrichting.......................................11 5782 414 NL Z Zekering ■ AVI-printplaat............................43, 51 ■ Bedrijfscomponenten 230 V~.........43 ■ netaansluiting buiteneenheid....
5782 414 NL
7424690 7497345 7513686 7424691 7502081 7514941 7424692 7502082 7514942 Viessmann Nederland B.V. Postbus 322 2900 AH Capelle a/d IJssel Tel. : 010-458 44 44 Fax : 010-458 70 72 e-mail : info-nl@viessmann.com www.viessmann.com 164 Technische wijzigingen voorbehouden. Artikel nr.