Quick Start Guide
Printer
en scanner
functies zijn
beschikbaar.
Beschrijving onderdelen Probleemoplossing
Voor gebruik Basisbewerkingen
1. Selecteer [Afdrukken] (Print) in menu [Bestand] (File)
van de toepassing.
Scannen naar USB-geheugen
1. Plaats het origineel/de originelen.
2. Druk op [SCAN].
3. Sluit het USB-opslagapparaat aan op de apparatuur en
wacht een paar seconden.
4. Druk op
of om “USB” te selecteren en druk dan op
[OK].
5. Druk op
om de scanstellingen naar believen in te
stellen.
6. Druk op [START] om de documenten te scannen.
TWAIN-scannen
1. Plaats het origineel/de originelen.
2. Start een TWAIN-compatibele toepassing op.
3. Selecteer het apparaat in menu [Bestand] (File) van de
toepassing.
4. Selecteer in menu [Bestand] (File) van de toepassing
het menu om te scannen.
5. Zorg voor de juiste scaninstellingen en klik daarna op
[Scannen] (Scan).
3. Geef het aantal kopieën in
met de digitale toetsen
1
en
druk daarna op [START]
2
om
te kopiëren.
Om te stoppen met kopiëren
Druk op [WIS/STOP] (CLEAR/STOP)
Snelkoppelingen
Druk op : “ORIGIN. MODUS” (ORIGINAL MODE)
Druk op : Europa en Amerika “BELICHTING”
(EXPOSURE),
Buiten Europa en Amerika “ID-KAART”
(ID CARD)
2
1
2. Selecteer uw printer
1
en
klik daarna op [Voorkeuren]
(Preferences)
2
3. Zorg voor de juiste instellingen voor printeropties en
klik daarna op [OK].
4. Klik op [Afdrukken] (Print) [OK].
Kopieerapparaat
Gebruikershandleiding: Hoofdstuk 2
2
1
Printer
Gebruikershandleiding: Hoofdstuk 3
Scanner
Gebruikershandleiding: Hoofdstuk 5
Handmatige invoerlade
Lade
Papier plaatsen
Gebruikershandleiding: Hoofdstuk 1
1
2
5 5
6
3
4
4
7
1
2
3
4
Om instellingen en het LCD-scherm te resetten
na kopiëren
Druk op [FUNCTIE WISSEN] (FUNCTION CLEAR)
2. Druk op [KOPIE] (COPY) en stel
de instellingen voor kopiëren
in.
READY
100%
AUTO EXPOSURE
TEXT/PHOTO
1
A4
RADF
1. Plaats het origineel/de
originelen.
Glasplaat voor originelen
Opmerking bij het
plaatsen van originelen op
de RADF
Bij het plaatsen van lange
originelen (A3, B4, A4-R, LD,
LG, COMP of 8K) moeten de
originelenhouders geopend
worden, zodat de grootte
van het origineel juist
gedetecteerd kan worden.
Afdrukken op een A3-pagina (LD)
Plaats papier in de handmatige invoerlade en volg de
instructies op het scherm om het formaat en type van het
papier in te stellen.
Om het papierformaat voor de lade in te stellen
Wanneer u papier in de lade plaatst, verschijnt er een pop-
upvenster. Volg de instructies en stel het papierformaat in. (Als
de "POP UP" (FLAPUIT) functie is ingesteld op “ENABLE” (AAN)).
Het installeren van de driver vereist
beheerdersbevoegdheden.
Gebruik voor Windows 7, Windows 8, Windows Server
2008 R2 of Windows Server 2012 de installer.
Opmerking bij het installeren met de installer
• Sluit alle werkende toepassingen af.
• Als de installer niet automatisch start, dubbelklik dan
op “Setup.exe” in de DVD.
Installatie driver
Software-installatiegids: Hoofdstuk 2
De installer gebruiken
1. Sluit alle werkende toepassingen af.
2. Zorg ervoor dat de apparatuur ingeschakeld is.
3. Plaats de DVD in de computer.
4. Dubbelklik op “Setup.exe”.
5. Volg de instructies op het scherm.
De computer aansluiten
Verbind de apparatuur en de PC met een USB-kabel of
Netwerk interface-aansluiting voordat de drivers
geïnstalleerd worden.
Een Fax sturen
1. Plaats het origineel/de
originelen.
2. Druk op [FAX].
3. Kies de instellingen voor de
transmissie-voorwaarden.
4. Specieer de bestemming.
5. Druk op [START].
FAX
Gebruikershandleiding Fax
Een Adresboek registreren
1. Druk op [GEBR.-FUNCTIES] (USER
FUNCTIONS).
2. Kies “ADRES BOEK" (ADDRESS
BOOK)
→
“TELEFOONBOEK
(PHONE BOOK).
3. Kies de instellingen voor "SNEL
DRAAIEN" (SPEED DIAL), “GROEP
DRAAIEN (GROUP DIAL) en
"1-TOETS" (ONE TOUCH) en druk
daarna op [OK].
Kabels aansluiten
1. LIJN Een telefoonlijn aansluiten.
2. TEL Een externe telefoon aansluiten.
1
2


