Operator's Manual

Modelnr.:
Serienr.:
Erwordenindezehandleidingeenaantalmogelijke
gevareneneenaantalveiligheidsberichtengenoemd
metdevolgendeveiligheidssymbolen(Figuur2),
dieduidenopeengevaarlijkesituatiediezwaar
lichamelijkletselofdedoodtotgevolgkanhebbenals
udeveiligheidsvoorschriftennietinachtneemt.
g000502
Figuur2
Veiligheidssymbool
Erwordenindezehandleidingtweewoordengebruikt
omuwaandachtopbijzondereinformatietevestigen.
Belangrijkattendeertuopbijzonderetechnische
informatieenOpmerkingduidtalgemeneinformatie
aandiebijzondereaandachtverdient.
Inhoud
Veiligheid..................................................................4
Algemeneveiligheid...........................................4
Veiligheids-eninstructiestickers........................5
Montage..................................................................12
1Devulttingvandespuittank
monteren.......................................................13
2Deverenvanhetspuitboomscharnier
controleren....................................................13
3Deverzendingsbumperverwijderen...............14
Algemeenoverzichtvandemachine.......................15
Bedieningsorganen..........................................16
Waarschuwings-enindicatielampjes
motor.........................................................18
Bedieningsorganenvanspuitsysteem...........19
Specicaties....................................................21
Werktuigen/accessoires...................................22
Voorgebruik........................................................22
Veiligheidsinstructiesvoorafgaandaanhet
werk..............................................................22
Controlesuitvoerenvóórhetgebruik.................23
Demachineklaarmakenvoorde
montage........................................................24
Eennieuwemachineinrijden............................25
Despuitmachinegebruiksklaarmaken.............25
Detankenvullen...............................................28
Deomloopkleppenvandespuitbomen
kalibreren......................................................29
Knopstandvanmengomloopklep.....................30
Demengomloopklepkalibreren........................31
Locatievandespuitpomp.................................31
Tijdensgebruik....................................................32
Veiligheidtijdenshetwerk.................................32
Gebruikvandemachine...................................33
Bedieningengebruikvande
spuitmachine.................................................34
Functiesvandeveldspuitindemodus
gebruiksdosisendemanuelemodus............35
SpuitenmethetExcelaRatespuitsys-
teem..............................................................35
Despuitbomenpositioneren.............................39
Denodigevoorzorgsmaatregelennementer
beschermingvanhetgazontijdensgebruik
ineenstationairestand.................................40
Spuittips............................................................40
Eenverstoptespuitdopschoonmaken..............41
Nagebruik...........................................................41
Veiligheidnahetwerk.......................................41
Despuitmachinereinigen.................................41
Demachinetransporteren................................45
Despuitmachineslepen...................................45
Onderhoud..............................................................47
Veiligheidbijonderhoud....................................47
Aanbevolenonderhoudsschema.........................48
Controlelijstvoordagelijksonderhoud..............50
Aantekeningvoorspecialeaandachtsgebie-
den................................................................50
Proceduresvoorafgaandeaanonderhoud...........51
Despuitmachineomhoogbrengen...................51
Toegangkrijgentotdemotor.............................51
Smering...............................................................54
Despuitpompsmeren.......................................54
Devoorstestuurinrichtingendevering
smeren..........................................................54
Spuitboomscharnierensmeren.........................54
Delagersvandeactuatorstangsmeren............55
Onderhoudmotor................................................56
Veiligheidvandemotor.....................................56
Luchtltercontroleren......................................56
Hetluchtlterelementvervangen......................57
Aanbevolenmotorolie.......................................58
Motoroliepeilcontroleren..................................58
Motorolieltervervangen..................................59
Hoeveelheidolieindemotor.............................59
Motorolieverversen..........................................59
Jaarlijksonderhoudvandemotor
uitvoeren.......................................................60
Onderhoudbrandstofsysteem.............................60
Brandstoeidingenenaansluitingen
controleren....................................................60
Hetbrandstofsysteemontluchten.....................60
Injectorsontluchten..........................................61
Onderhoudvanhetbrandstoflter.....................62
Brandstofaftappenuitdebrandstoftank............64
Onderhoudelektrischsysteem............................64
Veiligheidvanhetelektrischsysteem................64
Zekeringenvervangen......................................64
3