Form No. 3409-703 Rev E Multi Pro® WM gazonspuitmachine Modelnr.: 41240—Serienr.: 400000000 en hoger Opmerking: Voor de montage van de Multi Pro WM moeten een of meer bij elkaar horende sets worden gemonteerd. Neem voor verdere informatie contact op met een erkende Toro distributeur. Registreer uw product op www.Toro.com.
WAARSCHUWING Modelnr.: CALIFORNIË Proposition 65 Waarschuwing Gebruik van dit product kan leiden tot blootstelling aan chemische stoffen waarvan de Staat Californië weet dat ze kanker, geboorteafwijkingen en andere schade aan het voortplantingssysteem veroorzaken. Serienr.
Inhoud Voorzorgsmaatregelen ter bescherming van het gazon tijdens gebruik in een stationaire stand ............................................................. 62 Spuittips............................................................ 62 Een verstopte spuitdop schoonmaken .............. 63 Een spuitdop selecteren ................................... 63 De spuitmachine reinigen ................................. 63 De spuitmachine kalibreren .............................. 64 Aanbevelingen voor spuitfilter.....
Veiligheid Veilige bediening Belangrijk: De machine is in de eerste plaats bedoeld als offroad-voertuig en is niet geschikt voor intensief gebruik op de openbare weg. Als u zich met de machine op de openbare weg begeeft, neem dan de verkeersregels in acht en gebruik bijkomende accessoires die wettelijk verplicht kunnen zijn, zoals verlichting, richtingaanwijzers, een teken 'langzaam rijdend voertuig', etc.
Instructie • Zorg ervoor dat alle veiligheidsschermen, veiligheidsvoorzieningen en stickers op hun plaats zitten. Als veiligheidsschermen, veiligheidsvoorzieningen of stickers in slechte staat verkeren, onleesbaar zijn of beschadigd raken, moet u deze herstellen of vervangen, voordat u het voertuig gaat gebruiken. • Lees de Gebruikershandleiding en het andere instructiemateriaal voordat u het voertuig in gebruik neemt.
Chemische veiligheid • Houd u aan de instructies van de fabrikant voor het WAARSCHUWING • Chemische stoffen die worden gebruikt in het strooi-/spuitsysteem kunnen gevaarlijk en giftig voor de gebruiker, omstanders, dieren, planten, de bodem of eigendommen zijn. • U moet de waarschuwingsetiketten en de Veiligheidsinformatiebladen voor alle gebruikte chemische stoffen zorgvuldig lezen en in acht nemen en uzelf beschermen volgens de instructies van de fabrikant van de chemische stoffen.
• Als u de motor start: • – Neem plaats op de bestuurdersstoel en stel de parkeerrem in werking. – Als uw machine over een aftakas of een gashendel beschikt, schakel dan de aftakas uit en zet de gashendel in de UIT-stand. – Zet de schakelhendel in de neutraalstand en trap het koppelingspedaal in. – Raak het gaspedaal niet aan met uw voet. – Draai het sleuteltje van de starterschakelaar naar START . Let goed op als u de machine gebruikt.
• Let goed op dat er voldoende ruimte boven de 4 maal langer zijn dan op een droog oppervlak. Als u door staand water rijdt dat diep genoeg is om de remmen nat te laten worden, zullen zij pas goed functioneren als zij weer droog zijn. Nadat u door water hebt gereden, moet u de remmen testen om er zeker van te zijn, dat zij naar behoren functioneren. Als dat niet het geval is, moet u langzaam rijden, terwijl u lichte druk uitoefent op het rempedaal. Hierdoor drogen de remmen.
• Houd lichaam en handen uit de buurt van kleine • Om het risico van brand te verminderen, moet u lekken waaruit hydraulische vloeistof onder hoge druk ontsnapt. U kunt lekken in het hydraulische systeem opsporen met behulp van karton of papier. Doe dit niet met uw handen. de omgeving van de motor vrij van overtollig vet, gras, bladeren en aangekoekt vuil houden.
decal120-0622 120-0622 1. Waarschuwing – Lees de Gebruikershandleiding. 3. Brandgevaar chemische stoffen; gevaar voor inademing van giftige gassen – draag hand-, huid- en oogbescherming; bescherm uw luchtwegen. decal104-8904 104-8904 1. Neem de spuitboom hier vast. 2. Waarschuwing – Stap niet in de spuittank. decal127-6976 127-6976 1. Verminderen 2. Verhogen decal120-0617 120-0617 1. Amputatiegevaar van de hand, knelpunt – blijf uit de buurt van bewegende scharnierpunten.
decal125-4052 125-4052 1. Linkerspuitboom omhoog 4. Rechterspuitboom omlaag 2. Linkerspuitboom omlaag 5. Tankspoeling in-/uitschakelen 6. Sonische spuitboom in-/uitschakelen 3. Rechterspuitboom omhoog decal127-3966 127-3966 1. Lees de Gebruikershandleiding voor informatie over de zekeringen. 4. 7,5 A – TECregelaaroutput 2. 30 A – Tankspoeling 5. 10 A – Contactslot 3. 2 A – TEC-regelaar 6. 15 A – Spuitboom decal125-8139 125-8139 1. Spuitboomsproeiers in-/uitschakelen decal127-3936 127-3936 3.
decal127-6981 127-6981 1. Omloop-retourstroom 3. Spuiten met spuitbomen 2. Stroom decal127-3937 127-3937 1. Waarschuwing – niet betreedbaar. 3. Risico om gegrepen te worden, riem – blijf op afstand van bewegende delen; zorg dat alle beschermende delen op hun plaats zijn. 2. Waarschuwing – blijf uit de buurt van hete oppervlakken. decal127-6982 127-6982 1. Omloop-retourstroom 2. Spuiten met spuitbomen decal127-6979 127-6979 1. Omloop-retourstroom 3. Mengstroom 2.
decal130-8294 130-8294 1. Linkerspuitboom 5. Sproeier middelste spuitboom aan 9. Sproeier rechterspuitboom 13. Mengen uit 2. Sproeier linkerspuitboom aan 6. Sproeier middelste spuitboom uit 10. Snelheid 14. Mengen aan 3. Sproeier linkerspuitboom uit 4. Middelste spuitboom 7. Rechterspuitboom 11. Versnellen 15. Mengen uit 8. Sproeier rechterspuitboom 12.
Montage Losse onderdelen Gebruik onderstaande lijst om te controleren of alle onderdelen zijn geleverd.
Procedure Hoeveelheid Omschrijving Gebruik 10 J-clips Bout (¼" x ¾") Flensmoer (¼") 3 1 1 Het bedieningspaneel op de machine monteren. 11 Zekeringsticker (127-3966) 1 Het bedieningspaneel en de kabelboom monteren.
Procedure 21 22 Hoeveelheid Omschrijving Voorste assteun Achterste assteun Borgpen Gaffelpen (4½") Gaffelpen (3") Knop Gebruikershandleiding Instructiemateriaal voor de gebruiker Registratiekaart Selectiegids Controlelijst voor levering 16 2 2 4 2 2 2 1 1 1 1 1 Gebruik De assteunen opslaan (optioneel). Lees de handleidingen en bekijk het instructiemateriaal voordat u de machine in gebruik neemt.
Belangrijk: Voor de Multi Pro WM gazonspuitmachine moet een rolbeugel met 4 stangen of cabine gemonteerd worden op de Workman. Opmerking: Bepaal vanuit de normale bedieningspositie de linker- en rechterzijde van de machine. 1 De aanwezige laadbak verwijderen Geen onderdelen vereist Procedure VOORZICHTIG De volledige laadbak weegt ongeveer 95 kg. U kunt gewond raken als u de laadbak zonder hulp probeert te verwijderen.
2 De montage van het tankframe voorbereiden Benodigde onderdelen voor deze stap: 1 Achteraftakas, Workman-voertuig voor zwaar gebruik (modellen uit de HD-serie met manuele transmissie) 1 Egalisatieset voor Multi Pro WM gazonspuitmachine, Workman multifunctioneel voertuig met manuele transmissie (modellen uit de HD-serie met manuele transmissie) 1 Egalisatieset voor Multi Pro WM gazonspuitmachine, Workman multifunctioneel voertuig met manuele transmissie (modellen uit de HD-serie met manuele transmissie
Het frame van de sproeier optillen 3 Gebruik een hefwerktuig met een hefvermogen van 408 kg om het tankframe van de verzendkist te tillen. Bevestig het werktuig aan de hefpunten (2 vooraan en 2 achteraan) (Figuur 5). De bevestigingsbeugels voor het tankframe monteren Opmerking: Zorg dat het tankframe hoog genoeg getild is om de krikken te plaatsen. Benodigde onderdelen voor deze stap: 2 Bevestigingsbeugels Procedure 1.
4 Het tankframe monteren Benodigde onderdelen voor deze stap: g028421 Figuur 7 1. Steunbeugel (motorbuis) 3. Flenskopbouten 2. Bevestigingsbeugel (tankframe) 4. Hefcilinder 4. Draai de bouten en moeren aan met 91 tot 113 N·m. 5. Herhaal stap 1 en 4 aan de andere kant van de machine.
g022354 Figuur 10 g023738 Figuur 8 1. Hefpunt achteraan 1. Borgpen 2. Lynchpen 2. Hefpunt vooraan 2. Laat het tankframe langzaam op het frame van de machine zakken. 3. Schuif de hefcilinders uit tot de beugels van het tankframe, en lijn de cilinderfittings uit met de openingen in de beugels van het tankframe (Figuur 9). 6. Monteer een borgpen en 2 lynchpennen aan de scharnierende lip om het tankframe te bevestigen aan het frame van de machine (Figuur 10). 7.
g009164 g213728 Figuur 12 1. Laadbakbeveiliging Figuur 13 3. Steunframe 1. Aftapklep 2. Kabelbinder 2. Hefcilinder 2. 5 Het aftapventiel monteren Geen onderdelen vereist Procedure 1. 3. Kanaal van steun Verwijder de kabelbinder waarmee het aftapventiel en de slang van de spuittank aan het kanaal van de steun zijn bevestigd (Figuur 13). 22 Zet het aftapventiel en de slang aan de buitenkant van het kanaal van de steun (Figuur 14A).
6 De accu afkoppelen Geen onderdelen vereist Procedure WAARSCHUWING Als accukabels verkeerd worden verbonden, kan dit schade aan de spuitmachine en de kabels tot gevolg hebben en vonken veroorzaken. Hierdoor kunnen accugassen tot ontploffing komen en lichamelijk letsel veroorzaken. Maak altijd eerst de minkabel (zwart) van de accu los voordat u de pluskabel (rood) losmaakt.
g024088 Figuur 16 g028456 Figuur 15 1. Gleuf (accubasis) 3. Lipje (accudeksel) 2. Deksel (pluspool van de accu) 4. Accupool (minkabel van de accu) 2. Schuif het deksel naar achteren en koppel de minpool van de accu (Figuur 15). 3. Koppel de pluspool los van de accu (Figuur 15). 1. Aansluitingen van de bestaande snelheidssensor 3. De kabelboom van de snelheidssensor aansluiten (model HDX-Auto) 7 1.
Montage-instructies van de egalisatieset voor de Multi Pro WM gazonspuitmachine, Workman multifunctioneel voertuig met automatische transmissie. 9 Het bedieningspaneel op de machine monteren Benodigde onderdelen voor deze stap: g028436 Figuur 17 1. Stekker met 3 pinnen (kabelboom van de machine – snelheidssensor) 4. Achterframebuis 2. Aansluiting met 3 contacten (kabelboom van de spuitmachine – snelheidssensor) 5. Achterkant van machine 3. Hydraulische tank 6. Rechterkant van de machine 2.
2. Monteer het bedieningspaneel op de montagebeugel en bevestig het bedieningspaneel met de borgpen (Figuur 19). Opmerking: Zorg dat de borgpen over de draaipen gedraaid is zodat de borgpen stevig vastzit. g028408 Figuur 18 1. Bout 5. Lagerbus (plastic) 2. Moer 6. Flenskopbouten (5/16" x 1") 3. Dashboard (onderaan in het midden) 7. Flensborgmoeren (5/16") g033521 Figuur 19 4. Montagebeugel (bedieningspaneel) 1. Borgpen 3. Bevestigingsbeugel van bedieningspaneel 2.
10 De elektriciteitskabels voor de spuitmachine monteren Benodigde onderdelen voor deze stap: 3 J-clips 1 Bout (¼" x ¾") 1 g028443 Figuur 21 Model HDX-Auto Flensmoer (¼") De achterste kabelboom van de spuitmachine naar het bedieningspaneel leiden 1. Bevestig 2 J-clips met de aanwezige schroeven aan het middelste bedieningspaneel op de plaatsen die aangegeven zijn in Figuur 20 of Figuur 21. 1. Middelste bedieningspaneel 3. Aanwezige schroeven 2. J-clip 4. Kabelboom van bedieningskast 2.
De achterste kabelboom aansluiten op de voorste kabelboom bij het bedieningspaneel 1. 11 De zekeringenhouder van de spuitmachine monteren Lijn de 2 sleuven van de stekker met 38 pinnen van de achterste kabelboom voor de spuitmachine uit met de 2 groeven in de connector met 38 contacten van de voorste kabelboom die aan het bedieningspaneel bevestigd is (Figuur 23). Benodigde onderdelen voor deze stap: 1 Zekeringsticker (127-3966) Procedure 1.
van de gele stroomdraad voor opties van de zekeringhouder van de bedrading van de spuitmachine (Figuur 25). g033529 Figuur 25 1. Niet-geïsoleerde aansluiting (gele optionele voedingskabel – zekeringhouder van spuitmachine) 4. Zekeringhouder (spuitmachine-bedrading) 2. Geïsoleerde platte aansluiting (gele, optionele voedingskabel – zekeringhouder van spuitmachine) 5. Niet-geïsoleerde aansluiting (gele voedingskabel – zekeringhouder van machine) 3. Achterkant van machine 6.
12 De kabelboom van de spuitmachine verbinden met de accu Benodigde onderdelen voor deze stap: 2 Bout van accupool 2 Klemmoer 1 Kapje – breed (accupool – rood) g033559 De pluspool van de accu voorbereiden Figuur 27 WAARSCHUWING Als accukabels verkeerd worden geleid, kan dit schade aan de spuitmachine en de kabels tot gevolg hebben en vonken veroorzaken. Hierdoor kunnen accugassen tot ontploffing komen, waardoor lichamelijk letsel kan ontstaan. 3. Plus-kabel van de accu (machine) 2. Moer 4.
g033560 Figuur 29 1. Kapje – breed (accupool – rood) 5. 2. Contact (zekeringdraad – kabelboom van spuitmachine) Monteer losjes een bout en klemmoer op de klem van de plus- en min-kabel (Figuur 30). g033568 Figuur 28 1. Kapje – smal (accupool – rood) 3. Kapje – breed (accupool – rood) 2. Plus-kabel van de accu (machine) 3. Breng het brede accukapje aan op de plus-kabel van de accu; zie Figuur 28. Opmerking: Schuif het kapje zo ver over de kabels dat u bij de accuklem kunt. 4.
10. Knijp de zijkanten van het accudeksel samen, lijn de lipjes van het deksel uit met de gleuven in de accubasis en laat het accudeksel los (Figuur 33). g033561 Figuur 31 1. Ringcontact (zekeringdraad – kabelboom van spuitmachine) 4. Klemmoer 2. Plus-kabel van de accu (machine) 5. Bout van accupool 3. Min-kabel van de accu (machine) 6. Ringcontact (minkabel – kabelboom van spuitmachine) g033557 Figuur 33 7.
8. Maak de bevestigingsbeugel van het tankframe aan beide kanten van de machine vast aan de laadbakbeugel op het frame; gebruik hierbij een bout (½" x 1½") en een borgmoer (½") zoals wordt getoond in Figuur 36. 9. Haal de bout en borgmoer aan met 91 tot 113 N·m. 10. 14 g002397 Figuur 35 1. Laadbakbeveiliging 3. Herhaal stappen 7 tot en met 9 voor de andere kant van het tankframe en de machine. De middelste spuitboom monteren Gebruik hefcilinders om de tank langzaam op het frame te laten zakken.
onderste gat in de spuitboomdragers van het tankframe van de spuitmachine; zie Figuur 39. Opmerking: Zet indien nodig de spuitboomdragers los en stel deze af op basis van de middelste spuitboom om de openingen beter uit te lijnen. Haal de bouten en moeren aan met 67 tot 83 N·m. g028458 Figuur 37 1. Transporthouder van spuitbomen 4. Horizontale opening (middelste spuitboom) 2. Bouten (⅜" x 1") 5. Flensborgmoer (⅜") g028460 Figuur 39 3. Verticale openingen (middelste spuitboom) 3.
uiteinde van de buitenste spuitboom uit met de gaten in de draaibeugel. 15 Opmerking: Zorg ervoor dat de spuitdoppenhouders naar achteren wijzen. De linker- en rechterspuitboom monteren. 4. Monteer de scharnierplaat op de driehoekige plaat met de 4 flenskopbouten, 4 steunplaten en 4 flensborgmoeren (Figuur 40) die u verwijderd hebt in stap 1. 5. Haal de bouten en moeren aan met 37 tot 45 N·m. 6.
16 De spuitboomslangen monteren Benodigde onderdelen voor deze stap: 3 Slangklemmen 2 R-klem 2 Borstbout 2 Ring 2 Moer De slangen van de linker- en rechterspuitboom monteren. 1. Leid de slangen van de spuitboomgedeelten zoals wordt getoond in Figuur 42 en Figuur 43. g028468 Figuur 42 Slang – linker spuitboom 1. Moer 4. Borstbout 7. Slang van linkerspuitboom 2. Ring 5. T-fitting 8. Klep van linkerspuitboom 3. R-klem 6.
g213727 Figuur 43 Slang – rechter spuitboom 1. Moer 4. Borstbout 7. Slang van rechterspuitboom 2. Ring 5. T-fitting 8. Klep van rechterspuitboom 3. R-klem 6. Slangklem 2. Bevestig de spuitboomslangen aan de voorzijde van de middelste spuitboom (Figuur 42 en Figuur 43); gebruik hierbij 1 R-klem, 1 borstbout (5/16" x 1"), 1 borgmoer (5/16") en 1 ring (5/16"). 3. Breng de slang van de spuitboom aan over de geribde T-fitting en zet de slang vast met een slangklem (Figuur 42 en Figuur 43).
De slang van de middelste spuitboom monteren 1. Leid de slang van de middelste spuitboom zoals wordt getoond in Figuur 44. 2. Schuif de aansluiting van de spuitdop op een fitting op een spuitdoppenhouder. 3. Draai de spuitdop rechtsom totdat de nokken op de aansluiting vastklikken. 4. Controleer of de opening van de spuitdop. Zie de Montage-instructies van de spuitdoppen voor meer informatie. 18 De watertank plaatsen g028471 Figuur 44 Benodigde onderdelen voor deze stap: 1. Boven 4.
De steunbuis van de tank monteren 1. Lijn de steunbuis van de watertank uit met het steunkanaal van de tank (Figuur 46). g033572 Figuur 46 1. Contramoer (5/16") 5. Bout (5/16" x 1") 2. Steunbuis (watertank) 6. Flensborgmoer (5/16") 4. Montageband 3. Voorkant van machine 7. Lasmoer (steunkanaal – watertank) 5. Flenskopbout (5/16" x ⅝") 4. Bovenkant van de machine 8. Borstbout (½" x 1-15/16") 3. Watertank 2. 2. Lijn de openingen in de steunbuis uit met de openingen in het kanaal (Figuur 46).
De tank plaatsen 19 Opmerking: Voor de Multi Pro WM gazonspuitmachine moet een rolbeugel met 4 stangen of cabine gemonteerd worden op de Workman. 1. De anti-overloopaansluiting monteren Monteer de watertank en de beugel op de steunbuis; gebruik hierbij de 2 bouten (5/16" x 2¼") en 2 flensborgmoeren (5/16") zoals afgebeeld op Figuur 47.
20 De veren van het spuitboomscharnier controleren Geen onderdelen vereist Procedure Belangrijk: Als het spuitsysteem wordt gebruikt terwijl de veren van het spuitboomscharnier de verkeerde compressie hebben, kan de spuitboom schade oplopen. Meet de veren en draai indien nodig de contramoer aan om de veren samen te drukken tot 4 cm. g210326 Figuur 49 1.
22 Meer informatie over uw product Benodigde onderdelen voor deze stap: 1 Gebruikershandleiding 1 Instructiemateriaal voor de gebruiker 1 Registratiekaart 1 Selectiegids 1 Controlelijst voor levering g023740 Figuur 50 1. Voorste assteun 2. 3. Procedure 2. Knop Lees de handleidingen. Bevestig de voorste assteunen met 2 gaffelpennen (3") en 2 R-pennen door het middelste gat van de steunen. 2. Bekijk het instructiemateriaal voor de gebruiker. 3.
Algemeen overzicht van de machine g028854 Figuur 52 1. Hoofdschakelaar van de spuitbomen 6. Spoelschakelaar (optioneel) 2. Spuitboomschakelaars (sproeier aan/uit) 7. Schakelaar van sonische spuitboom (optioneel) 3. Schakelaars voor spuitboomlift 8. Schakelaar voor gebruiksdosis 4. InfoCenter 9. Mengschakelaar 5.
Bedieningsorganen • Gebruik de handmatige modus wanneer u de gebruiksdosis van de spuitmachine handmatig wilt regelen. InfoCenter lcd-scherm • Gebruik de automatische modus indien u wilt dat de computer de gebruiksdosis bepaalt aan de hand van de instelling die u invoert in het InfoCenter. Het InfoCenter lcd-scherm toont informatie over uw machine en het accupack, zoals de huidige accuspanning, snelheid, diagnostische informatie, enz. (Figuur 52).
g028483 Figuur 54 1. Regelklep voor gebruiksdosis 4. Vloeistofstroommeter 2. Mengklep 5. Spuitboomkleppen g028485 Figuur 55 3. Hoofdklep spuitboom 1. Omloopklep linkerspuitboom 3. Omloopklep rechterspuitboom 2. Omloopklep middelste spuitboom Vloeistofstroommeter De vloeistofstroommeter meet de doorstroomhoeveelheid van de vloeistof naar de kleppen van de spuitbomen (Figuur 54). Mengdosisklep Spuitboomkleppen Deze klep bevindt zich links achteraan de tank (Figuur 56).
dan stationair laten lopen. Als u stopt met sproeien en de inhoud van de tank wilt mengen, moet u de schakelhendel in de NEUTRAALSTAND zetten, de koppeling laten opkomen, de parkeerrem in werking stellen en de gashendel (indien aanwezig) instellen. Spuitpomp De spuitpomp bevindt zich aan de achterkant van de machine (Figuur 57).
Gebruiksaanwijzing Opmerking: De knoppen kunnen verschillende functies vervullen afhankelijk van welke functie op dat moment actief is. Het lcd-scherm toont een pictogram boven elke knop dat de huidige functie weergeeft. Opmerking: Bepaal vanuit de normale bedieningspositie de linker- en rechterzijde van de machine. Het InfoCenter starten Opmerking: Als u het voertuig op een 1. aanhangwagen moet transporteren met de spuitmachine gemonteerd, zorg er dan voor dat de spuitbomen goed vastgebonden zijn.
• Linker selectieknop: Totale gespoten deeloppervlakte (Figuur 61C) • Linker selectieknop: Tankvolume (Figuur 61D) g028416 Figuur 62 Bijkomende opties voor modellen uit de HDX-Auto-serie worden niet afgebeeld. 1. Rechter selectieknop (selecteer context) 4. Druk op de rechter selectieknop om naar de submenu's met instellingen te gaan. Opmerking: Het hoofdmenu verschijnt, met de optie Instellingen geselecteerd.
g028519 Figuur 63 1. Opties weergeven (pictogram) 3. Rechter selectieknop (context weergeven) 2. Naar beneden scrollen (pictogram) 4. Middelste selectieknop (context scrollen) Opmerking: Druk op de linker selectieknop om uw selectie te bewaren, het instellingenmenu te verlaten en terug te keren naar het hoofdmenu. 3. Om de taal van het display te wijzigen, drukt u op de middelste selectieknop (de knop onder de pijl naar beneden op het scherm) en selecteert u Language/Taal (Figuur 63). 4.
Opmerking: Wanneer u de helderheidswaarde Verklaring van pictogrammen (cont'd.) wijzigt, zal het geselecteerde helderheidsniveau op het scherm veranderen. 5. 6. 7. Druk op de linker selectieknop (de knop onder het lijstpictogram op het scherm) om uw selectie te bewaren, het menu achtergrondverlichting te verlaten en terug te keren naar het instellingenmenu (Figuur 64).
Tussen manuele modus en automatische modus schakelen Verklaring van pictogrammen (cont'd.) Actief gebied verwijderen Alle gebieden verwijderen Wijzig cijfer Selecteer het volgende gebied voor accumulatie g028518 Figuur 65 Gebruiksdosis 1 1. Automatische modus (schakelaarstand) 2. Manuele modus (schakelaarstand) Gebruiksdosis 2 • Druk de spuitmodusschakelaar op het bedieningspaneel naar de linkerstand om de gebruiksdosis van de spuitmachine via InfoCenter in te stellen op AUTOMATISCHE MODUS.
De gebruiksdosis en de verhoogde gebruiksdosis instellen Tussen de programma-instellingen van de spuitmachine schakelen Model HDX-Auto Gebruiksdosissen 1 en 2 instellen 1. Druk in het hoofdscherm op de middelste selectieknop om naar het hoofdmenu te gaan. 2. Druk indien nodig op de middelste selectieknop om de gebruiksdosis voor spuitprogramma 1 aan te duiden (Figuur 67). Opmerking: Het pictogram voor gebruiksdosis 1 ziet eruit als een nummer 1 in een rondje, met links ervan een doelwit.
6. 7. Druk op de middelste selectieknop (Figuur 67D) om de geprogrammeerde gebruiksdosis te bewaren. Het instellingenmenu gebruiken Druk op de middelste selectieknop om de gebruiksdosis voor spuitprogramma 2 aan te duiden. De actieve gebruiksdosis selecteren in het instellingenmenu Model HDX-Auto 1. Opmerking: Het pictogram voor gebruiksdosis 2 ziet eruit als een nummer 2 in een rondje, met links ervan een doelwit. 2.
4. • Druk op de middelste selectieknop (Figuur Gebruik de middelste of rechter selectieknop om de minimale hoeveelheid in de tank in te stellen waarbij de waarschuwing zal worden weergegeven tijdens het werk met de spuitmachine (Figuur 70). 71B) om de numerieke waarde te verhogen (0 tot 9). • Druk op de rechter selectieknop (Figuur 71C) om de cursor naar de volgende numerieke waarde aan de rechterkant te bewegen. Opmerking: Hou de knop ingedrukt om de waarde van de tankwaarschuwing met 10% te verhogen.
Opmerking: Het vinkje verschijnt boven de • Druk op de middelste selectieknop (Figuur middelste selectieknop. 72A) om de numerieke waarde te verhogen (0 tot 9). 6. • Druk op de rechter selectieknop (Figuur 72C) Opmerking: De submenu's voor om de cursor naar de volgende numerieke waarde aan de rechterkant te bewegen. 6. linkerspuitboom, middelste spuitboom, rechterspuitboom en standaardwaarden opnieuw instellen verschijnen.
g028526 Figuur 75 g202867 Figuur 76 2. Druk op de rechter selectieknop om de standaardwaarden opnieuw in te stellen. 3. Druk in het scherm voor de standaardwaarden op de linker selectieknop voor NEE of de rechter selectieknop voor JA (Figuur 75). 1. Storingsindicatie 2. Uitleg over het bestuurdersadvies 3. Beschrijving van het bestuurdersadvies 4. Bestuurdersadvies-code Opmerking: Bestuurdersadviezen worden niet bewaard in het storingslog.
spuitpomp uit, zet de motor af en verwijder het sleuteltje. Bestuurdersadviezen (cont'd.) 2. Bestuurdersadvies-code Beschrijving Verwijder bovenaan de spuittank de borgclip waarmee de slangfitting bevestigd is aan de grote slang van de behuizing van de zuigkorf (Figuur 77).
Drukfilter reinigen 8. Onderhoudsinterval: Bij elk gebruik of dagelijks—Drukfilter reinigen. Reinig het drukfilter (vaker bij gebruik van bevochtigbaar poeder). 1. 2. Monteer het drukfilterelement in de filterkop (Figuur 79). Opmerking: Zorg dat het filterelement stevig in de filterkop zit. 9. Maak de bak handmatig vast op de filterkop (Figuur 79). Plaats de machine op een horizontaal oppervlak, stel de parkeerrem in werking, schakel de spuitpomp uit, zet de motor af en verwijder het sleuteltje. 10.
De tankbanden controleren VOORZICHTIG Onderhoudsinterval: Bij elk gebruik of dagelijks—Controleer de tankbanden. Chemische stoffen zijn gevaarlijk en kunnen lichamelijk letsel veroorzaken. • Lees de aanwijzingen op het fabrieksetiket voordat u gaat werken met chemische stoffen, en neem alle aanbevelingen en voorzorgsmaatregelen van de fabrikant in acht. • Zorg ervoor dat uw huid niet in contact komt met chemische stoffen.
draaien en open klappen. U kunt de zeef aan de binnenzijde verwijderen om deze te reinigen. Om de tank af te sluiten, moet u het deksel dichtdoen en de voorste helft van het deksel naar rechts draaien. 4. Giet ongeveer ¾ van de benodigde hoeveelheid water in de spuittank via de anti-overloopaansluiting. Belangrijk: U moet de tank altijd vullen met schoon water. Giet nooit concentraat in een lege tank. 5. Start de motor, schakel de aftakas in en zet de gashendel open indien deze aanwezig is. 6.
1. Parkeer de machine op een horizontaal oppervlak. 2. Breng de spuitbomen met de liftschakelaars omhoog totdat zij geheel kruiselings over elkaar in de transportstand in de transporthouder zijn gezet en de hefcilinders volledig zijn teruggetrokken. Belangrijk: Ter voorkoming van schade aan de cilinder van de actuators van de spuitbomen, moet u ervoor zorgen dat de actuators volledig zijn ingetrokken voordat u de machine gaat transporteren.
1. Breng de spuitbomen omlaag. 2. Voor modellen uit de HDX-Auto-serie stelt u de spuitmodusschakelaar als volgt in: • Wanneer u de spuitmachine in Voorzorgsmaatregelen ter bescherming van het gazon tijdens gebruik in een stationaire stand MANUELE MODUS gebruikt, druk de schakelaar dan naar rechts: zie Schakelaar spuitmodus (model HDX-Auto) (bladz. 44).
3. het bereik van de spuitdoppen of dat er problemen zijn met het spuitsysteem. Voor modellen uit de HD-serie met een automatische transmissie die gebruikt worden in de automatische modus De spuitmachine reinigen Belangrijk: U moet de spuitmachine altijd Opmerking: Raadpleeg de selectiegids met spuitdoppen die verkrijgbaar is bij uw erkende Toro dealer.
16. Spuit met een tuinslang de buitenkant van de spuitmachine schoon. Gebruik hierbij schoon water. 17. Verwijder de spuitdoppen en reinig ze met de hand. Vervang versleten of beschadigde spuitdoppen. De spuitmachine kalibreren g208237 De kalibratie van de machine voorbereiden Figuur 86 1. Klep gesloten 2. Klep open Belangrijk: Voordat u het spuitsysteem van het 4. 5. Sluit de aftapklep (Figuur 86). Vul de tank met minstens 190 liter schoon water en sluit het deksel.
2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. • Voor modellen uit de HD serie met een Opmerking: U kunt op elk moment het manuele transmissie schakelt u de transmissie in de NEUTRAALSTAND . • Voor het model HDX-Auto schakelt u de transmissie in P (parkeren). Stel de parkeerrem in werking en start de motor. Schakel de pomp van de spuitmachine in en activeer de mengfunctie. Trap het gaspedaal in totdat de motor het maximale toerental bereikt.
De snelheid van de spuitmachine kalibreren 1. Zorg dat de spuittank gevuld is met water. 2. Duid op een open, vlak terrein een afstand van 45 tot 152 m aan. • Voor modellen uit de HD serie met een manuele transmissie schakelt u de transmissie in de NEUTRAALSTAND . • Voor het model HDX-Auto schakelt u de transmissie in P (parkeren). Opmerking: Markeer een afstand van 152 meter voor een nauwkeuriger resultaat. 3. Start de motor en rij naar het begin van de aangeduide zone.
gewijzigde waarde aangeeft (doorgaans 2,75 bar). Opmerking: De nummeraanduidingen van de omloopklep dienen enkel ter referentie. g214029 Figuur 88 1. Open 3. Tussenstand 2. Gesloten (0) g028047 Figuur 87 1. Afstelling van spuitbomen 11. Schakel de linker spuitboom in en de rechter spuitboom uit. 12. Stel de omloopklep van de rechterspuitboom (Figuur 87) zodanig in dat de drukmeter de eerder gewijzigde waarde aangeeft (doorgaans 2,75 bar). 13.
9. 10. • Voor modellen uit de HD serie met een Stel de systeemdruk in op het maximum. Zet de mengschakelaar op UIT en lees de stand van de drukmeter af. • • Als de stand 6,9 bar blijft, is de mengomloopklep juist gekalibreerd. • Als de drukmeter een andere stand aangeeft, gaat u door met de volgende stap. 11. Stel de mengomloopklep (Figuur 89) achteraan de mengklep in tot de drukmeter 6,9 bar aangeeft. 4. Schakel de pomp van de spuitmachine in. 5. Zet de mengschakelaar op AAN. 6.
Zuigkorftabel (cont'd.) Kleurcode spuitdop (doorstroomhoeveelheid) Grootte van gaas* Kleurcode van filter Blauw (1,0 gpm) 30 Groen Groen (1,5 gpm) 30 Groen *De gaasgrootte van de zuigkorven in deze tabel gaat uit van chemische producten of oplossingen met een viscositeit gelijkwaardig met die van water.
Tabel van drukfilter (cont'd.) Kleurcode spuitdop (doorstroomhoeveelheid) Grootte van gaas* Kleurcode van filter Zoals vereist voor chemicaliën of oplossingen met hoge viscositeit of grote gebruiksdosissen 16 Bruin *De gaasgrootte van de drukfilters in deze tabel gaat uit van chemische producten of oplossingen met een viscositeit gelijkwaardig met die van water.
g214246 Figuur 94 Gaasgrootte – viscositeit chemisch product of oplossing 1. Chemicaliën of oplossingen met hogere viscositeit 2. Chemicaliën of oplossingen met kleinere viscositeit 3. Grootte van gaas Wanneer u met een hogere gebruiksdosis spuit, overweeg dan een groter gaas voor het spuitdopfilter; zie Figuur 95. g214245 Figuur 95 Grootte van gaas – gebruiksdosis 1. Grotere gebruiksdosis 3. Grootte van gaas 2.
Onderhoud Opmerking: Download het elektrische of hydraulische schema gratis op www.Exmark.com; u kunt uw machine zoeken via de link Handleidingen op de hoofdpagina. Opmerking: Bepaal vanuit de normale bedieningspositie de linker- en rechterzijde van de machine. Aanbevolen onderhoudsschema Onderhoudsinterval Bij elk gebruik of dagelijks Onderhoudsprocedure • Zuigkorf reinigen. • Drukfilter reinigen. • Controleer de tankbanden. Om de 50 bedrijfsuren • Smeer de pomp.
Controlelijst voor dagelijks onderhoud Kopieer deze pagina ten behoeve van gebruik bij routinecontroles. Voor week van: Gecontroleerd item Ma. Di. Wo. Do. Vr. Werking van rem en parkeerrem controleren. Werking van schakelinrichting/neutraalstand controleren. Brandstofpeil controleren. Motoroliepeil controleren voordat u de tank vult. Transaxle-oliepeil controleren voordat u de tank vult. Luchtfilter controleren voordat u de tank vult. Koelribben van de motor controleren voordat u de tank vult.
VOORZICHTIG Als u het sleuteltje in de starterschakelaar laat, bestaat de kans dat iemand de motor per ongeluk start, waardoor u en omstanders ernstig letsel kunnen oplopen. Haal het sleuteltje uit de starterschakelaar en maak de min-abel los van de accu voordat u onderhoudswerkzaamheden uitvoert. Druk de kabel opzij zodat deze niet onbedoeld contact kan maken met de accupool. Procedures voorafgaande aan onderhoud Toegang tot de machine g022366 Figuur 96 1.
Smering op het uiteinde van de cilinderbus en het stanguiteinde van de hefcilinder (Figuur 98). Spuitsysteem smeren Onderhoudsinterval: Om de 100 bedrijfsuren Wij adviseren u alle lagers en lagerbussen om de 100 bedrijfsuren of een keer per jaar te smeren, waarbij de kortste periode moet worden aangehouden. Type vet: Nr. 2 vet op lithiumbasis 1. Veeg de smeernippel schoon zodat er geen ongerechtigheden kunnen binnendringen in het lager of de lagerbus. 2. Pomp vet in het lager of de lagerbus. 3.
Spuitboomscharnieren smeren Onderhoud van het spuitsysteem Onderhoudsinterval: Om de 100 bedrijfsuren WAARSCHUWING Belangrijk: Als u het spuitboomscharnier afspoelt met water, moet al het water en vuil van het scharnier worden verwijderd en moet u nieuw vet op het scharnier smeren. Chemische stoffen die worden gebruikt in het strooi-/spuitsysteem kunnen gevaarlijk en giftig voor de gebruiker, omstanders, dieren, planten, de bodem of eigendommen zijn. Type vet: Nr. 2 vet op lithiumbasis 1.
De slangen controleren Onderhoudsinterval: Om de 200 bedrijfsuren Om de 400 bedrijfsuren/Jaarlijks (houd hierbij de kortste periode aan) Controleer alle slangen van het spuitsysteem op scheuren, lekken of andere schade. Controleer tegelijkertijd de aansluitingen en fittingen op soortgelijke schade. Vervang slangen en fittingen als deze beschadigd zijn. De zuigkorf vervangen g033578 Figuur 102 Onderhoudsinterval: Om de 400 bedrijfsuren 1.
Het spuitdopfilter vervangen Opmerking: Kies de gewenste maasgrootte van het spuitdopfilter voor uw toepassing, zie Een spuitdopfilter kiezen (optioneel) (bladz. 70). 1. Plaats de machine op een horizontaal oppervlak, stel de parkeerrem in werking, schakel de spuitpomp uit, zet de motor af en verwijder het sleuteltje. 2. Neem de spuitdop uit de houder Figuur 104 g033582 Figuur 103 1. Filterkop 4. Pakking (aftapplug) 2. Pakking (bak) 5. Aftapdop 3. Filterelement 6. Bak 3.
5. pomp controleren en indien nodig vervangen. (neem contact op met een erkende Toro servicedealer). Opmerking: De volgende onderdelen zijn onderhevig aan slijtage door gebruik, tenzij deze gebreken vertonen, en vallen niet onder de dekking van de garantie op deze machine. Zet een moersleutel op de platte kanten van de actuatorstang om deze te immobiliseren en zet vervolgens de contramoer los zodat de stang met het oog kan worden bewogen (Figuur 106).
De nylon draaibussen controleren Herhaal deze procedure bij alle andere spuitbomen. Onderhoudsinterval: Om de 400 bedrijfsuren/Jaarlijks (houd hierbij de kortste periode aan) 1. Plaats de machine op een horizontaal oppervlak, stel de parkeerrem in werking, schakel de spuitpomp uit, zet de motor af en verwijder het sleuteltje. 2. Klap de spuitbomen in de spuitstand en ondersteun de spuitbomen met assteunen of hang deze met banden aan een hefinrichting. 3.
Reiniging 7. Opmerking: Als de turbine niet vrij draait, geef dan de zeskantige pal aan de onderkant van de turbinenaaf 1/16 draai tot de turbine vrij draait. De vloeistofstroommeter reinigen Onderhoudsinterval: Om de 200 bedrijfsuren/Jaarlijks (houd hierbij de kortste periode aan) (vaker bij gebruik van bevochtigbaar poeder). 1. Het volledige spuitsysteem grondig uitspoelen en aftappen. 2. Verwijder de vloeistofstroommeter en spoel deze af met schoon water. 3.
De klepactuator verwijderen Opmerking: Bewaar de flensklemmen en 1. Plaats de machine op een horizontaal oppervlak, stel de parkeerrem in werking, schakel de spuitpomp uit, zet de motor af en verwijder het sleuteltje. 2. Maak de stekker met 3 pennen van de klepactuator los van de elektrische connector met 3 contacten van de kabelboom van de spuitmachine. 3.
g033586 Figuur 112 g033585 Figuur 111 1. Flenskopbout (¼" x ¾") 4. Borgclip 2. Klepbevestiging 5. Houder (uitgaande fitting) 3. Flensborgmoer (¼") 6. Koppeling (verdeler – regelklep voor gebruiksdosis) 1. Flens (drukfilterkop) 5. Pakking 2. Verdeler (mengklep) 6. Connector met 3 pennen (klepactuator – mengklep) 3. Flens (omloopklep – mengklep) 7. Flens (hoofdklep spuitboom) 4. Flensklem 2. 3.
g033590 Figuur 114 g214596 Figuur 113 1. Flenskopbout (¼" x ¾") 5. Borgclip 2. Verdelerklep (mengklep) 6. Vrouwelijke snelkoppelfitting 3. Klepbevestiging 7. Snelkoppelfitting (koppeling) 1. Flens (mengklep) 4. Flensklem 2. Flens (omloopklep – hoofdklep spuitboom) 5. Pakking 3. Verdeler (hoofdklep spuitboom) 6. Connector met 3 pennen (klepactuator – hoofdklep spuitboom) 4. Flensborgmoer (¼") 2. 3.
g028236 g033591 Figuur 116 Figuur 115 1. Verdeler (hoofdklep spuitboom) 4. Flenskopbout (¼" x ¾") 2. Klepbevestiging 5. Borgclip 3. Flensborgmoer (¼") 6. Houder (uitgaande fitting van 90°) 1. Flens (verloopkoppeling) 4. Pakking 2. Verdeler (spuitboomklep) 5. Flensklem 3. Flens (aangrenzende spuitboomklep) 2. 3.
g028238 g028239 Figuur 117 1. Borgclip 3. Houder (uitgaande fitting) 2. Houder (omloopfitting) 4. Verdelerklep 3. Figuur 118 1. Omloopfitting Bij de kleppen van de linker en rechter spuitbomen: verwijder de flenskopbouten en flensmoeren waarmee de klep(pen) van de spuitbomen aan de klepbevestiging zijn bevestigd en verwijder de klepverdeler(s) uit de machine. Bij de klep van de middelste spuitboom: verwijder de spuitboomklepverdeler uit de machine (Figuur 118). 2.
g028243 Figuur 120 Mengklepverdeler 1. Houder van afsluiter 7. O-steunring (0,676" x 0,07") 2. Afsluiter 8. Ring klepzitting 3. Ventielopening g028240 Figuur 121 Spuitboomklepverdeler 9. Behuizing van verdeelstuk 4. Ventielhouder 10. Kogelklep 5. Dopaansluiting 11. Dopaansluiting 1. Ventielzitting 7. O-ring van dop (0,796" x 0,139") 2. Ventieleenheid 8. O-steunring (0,676" x 0,07") 3. Ventielopening 6. Afdichtring voor dop (0,796" x 0,139") 9. Kogelzitting 4. Houder van afsluiter 10.
De verdelerklep voor de gebruiksdosis plaatsen De verdelerklep monteren 1. Controleer de staat van de O-ringen van de uitgaande fitting (alleen spuitboomklepverdeler), de O-ringen van de dopafdichting, de O-ringen van de achterzitting en de kogelzitting op schade of slijtage (Figuur 120 en Figuur 121). 1. Opmerking: Zet indien nodig het bevestigingsmateriaal voor de drukfilterkop los om speling te verkrijgen. Opmerking: Vervang versleten of beschadigde O-ringen en zittingen. 2.
4. Monteer de verdelerklep voor de gebruiksdosis, de pakking en de mengklepverdeler met een flensklem en draai handmatig vast (Figuur 123A). 5. Monteer de regelklep voor de gebruiksdosis aan de klepbevestiging met de 2 flenskopbouten en 2 flensborgmoeren (Figuur 123A) die u hebt verwijderd in stap 3 van De verdelerklep voor de gebruiksdosis verwijderen (bladz. 82) en draai de moer en bout vast tot 10-12 N·m. 6.
4. Monteer de regelklep voor de gebruiksdosis, de pakking en de mengklepverdeler met een flensklem en draai handmatig vast (Figuur 125A). 5. Lijn de pakking uit tussen de flenzen van de mengklepverdeler en de hoofdklep van de spuitboom (Figuur 125A). 6. Monteer de mengklepverdeler, de pakking en de hoofdklep van de spuitboom met een flensklem en draai handmatig vast (Figuur 125A). 7. Monteer de uitgaande fitting op de koppelingfitting onderaan de verdeler voor de mengklep (Figuur 125B). 8.
g033609 Figuur 128 1. Flens (verloopkoppeling) 6. Houder (uitgaande fitting) 2. Houder (omloopfitting) 7. Borgclip 3. Omloopfitting 8. Flens (verdeler – spuitboomklep) 4. Flens (aangrenzende verdeler – mengklep) 9. Pakking g033591 Figuur 127 1. Verdeler (hoofdklep spuitboom) 4. Flenskopbout (¼" x ¾") 2. Klepbevestiging 5. Borgclip 3. Flensborgmoer (¼") 6. Houder (uitgaande fitting van 90°) 6.
10. Stalling Als u het bevestigingsmateriaal hebt losgedraaid voor de omloopfitting, dient u de moer en bout aan te draaien tot 10-12 N·m. 1. De klepactuator plaatsen 1. 2. 3. Lijn de actuator uit met de verdelerklep (Figuur 109). Plaats de machine op een horizontaal oppervlak, stel de parkeerrem in werking, schakel de spuitpomp uit, zet de motor af en verwijder het sleuteltje. Opmerking: Voor modellen uit de HD-serie en de HDX-serie met een handgeschakelde versnellingsbak schakelt u de aftakas uit.
Het middelste bedieningspaneel gebruiksklaar maken • Korte stalling (minder dan 30 dagen), • reinig het spuitsysteem; zie De spuitmachine reinigen (bladz. 63). Lange stalling (langer dan 30 dagen), doe het volgende: A. Maak de spuitkleppen schoon; zie De kleppen van de spuitmachine reinigen (bladz. 81). B. Smeer de spuitmachine; zie Smering (bladz. 75). C. Controleer alle bouten, schroeven en moeren en draai deze vast. Opmerking: Vervang of repareer versleten of beschadigde onderdelen. D. 1.
De assteunen monteren Vermogen hefwerktuig: 408 kg 1. Zet de voorste assteun op een lijn met de assteunbeugel aan de voorkant van de tank (Figuur 130). g028422 Figuur 130 1. Gaffelpen (½" x 3") 4. R-pen (5/32" x 2⅝") 2. Assteunbeugel 5. Voorste assteun g028423 Figuur 131 3. Borgknop 1. R-pen (5/32" x 2⅝") 3. Assteunbeugel Steek de assteun in de beugel tot het middelste gat in de horizontale buis van de assteun op één lijn is met het gat bovenaan de beugel (Figuur 130). 2.
Het frame van de sproeier verwijderen 1. Laat de spuitbomen zakken tot ongeveer 45° en draai ze dan naar voren (Figuur 132). g033619 Figuur 132 2. Verwijder aan beide kanten van de machine de 2 bouten (½" x 1½") en 2 borgmoeren (½") waarmee de steunbeugel voor het tankframe bevestigd is aan de machine, zie 13 Het tankframe laten zakken (bladz. 32). 3. Til het tankframe op met de hefcilinders, monteer de cilindervergrendeling, en doe het volgende: Opmerking: Zie De tank overeind zetten (bladz. 74).
Problemen, oorzaak en remedie Probleem Een spuitboom werkt niet. Mogelijke oorzaak Remedie 1. De elektrische aansluiting op de klep van de spuitboom is vuil of los. 1. De klep met de hand uitschakelen. De elektrische connector op de klep losmaken en alle kabels reinigen; daarna de elektrische connector weer aansluiten. 2. Een van de zekeringen is doorgebrand. 2. De zekeringen controleren en indien nodig vervangen. 3. Slang repareren of vervangen. 4. Stel de omloopkleppen van de spuitboom in. 5.
Schema's g209531 Stroomdiagram, spuitsysteem (Rev.
Opmerkingen:
Privacyverklaring voor Europa De informatie die Toro verzamelt Toro Warranty Company (Toro) respecteert uw privacy. Om uw garantieclaim te behandelen en contact met u op te nemen in het geval van een terugroepactie vragen wij om bepaalde persoonlijke informatie mee te delen, hetzij direct of via uw lokale Toro dealer. Het Toro garantiesysteem wordt gehost op servers in de Verenigde Staten, waar de privacywet mogelijk niet dezelfde bescherming biedt als in uw land.
Toro Garantie Beperkte garantie van twee jaar Voorwaarden en producten waarvoor de garantie geldt The Toro Company en de hieraan gelieerde onderneming, Toro Warranty Company, bieden krachtens een overeenkomst tussen beide ondernemingen gezamenlijk de garantie dat uw Toro product (hierna: het 'product') gedurende twee jaar of 1500 bedrijfsuren* vrij van materiaalgebreken of fabricagefouten is, met dien verstande dat hierbij de kortste periode moet worden aangehouden.