Operator's Manual

18
Remvloeistofpeil controleren
Het reservoir voor de remvloeistof is in de fabriek gevuld
met DOT 3 remvloeistof. Controleer elke dag het
remvloeistofpeil voordat u de motor start.
1
Figuur 8
1. Reservoir voor remvloeistof
1. Parkeer de spuitmachine op een horizontaal oppervlak,
stel de parkeerrem in werking, schakel de pomp uit, zet
de motor af en verwijder het sleuteltje uit het contact.
2. Het vloeistofpeil moet tot aan de VOL-streep op het
reservoir staan (Fig. 9).
1
Figuur 9
1. VOL-streep
3. Als het vloeistofpeil te laag is, moet u de omgeving van
de dop van het reservoir reinigen, de dop verwijderen
en het reservoir vullen tot het correcte niveau. Niet te
vol vullen.
Transaxle-olie/Hydraulische
vloeistof controleren
1. Parkeer de spuitmachine op een horizontaal oppervlak,
stel de parkeerrem in werking, schakel de pomp uit, zet
de motor af en verwijder het sleuteltje uit het contact.
2. Verwijder de peilstok van de transaxle en veeg deze af
met een schone doek (Fig. 10).
1
2
Figuur 10
1. Peilstok 2. Vulopening
Belangrijk Zorg ervoor dat er geen vuil of andere
verontreinigende stoffen in de opening komen als u de olie
controleert.
3. Steek de peilstok in de buis. Let erop dat de peilstok er
volledig in schuift. Haal de peilstok eruit en controleer
het oliepeil.
4. Het peil van de transaxle-olie moet tot aan de bovenkant
van het platte deel van de peilstok staan. Als dit niet het
geval is, moet u het reservoir met voldoende olie vullen;
zie Transaxle-olie/Hydraulische vloeistof verversen,
blz. 41.
5. Plaats de peilstok weer stevig op zijn plaats.