Form No. 3376-177 Rev D Groundsmaster® 4500-D cirkelmaaier Modelnr.: 30873—Serienr.: 313000001 en hoger Modelnr.: 30874—Serienr.: 313000001 en hoger Registreer uw product op www.Toro.com.
Dit product voldoet aan alle relevante Europese richtlijnen, zie voor details de aparte productspecifieke conformiteitsverklaring. sportvelden. De machine is niet ontworpen voor het maaien van lage struiken, het maaien van gras en andere begroeiing langs de snelweg, of voor gebruik in de landbouw. WAARSCHUWING Lees deze informatie zorgvuldig door, zodat u weet hoe u de machine op de juiste wijze moet gebruiken en onderhouden en om schade aan de machine en letsel te voorkomen.
Controlelijst voor dagelijks onderhoud .............. 33 Onderhoudsschema ......................................... 34 Procedures voorafgaande aan onderhoud ........... 35 De motorkap verwijderen.................................. 35 Smering ............................................................... 35 Lagers en lagerbussen smeren......................... 35 Onderhoud motor ................................................ 37 Onderhoud van het luchtfilter ............................
Veiligheid De belangrijkste oorzaken voor het verliezen van de controle zijn: Deze machine voldoet minstens aan CEN-norm EN 836:1997 (als de correcte stickers zijn aangebracht) en de B71.4-2012 specificaties van het American National Standards Institute (ANSI), die van kracht zijn op het moment van productie.
gebruikt. Indien u dit nalaat, kunnen er problemen met de turbocompressor ontstaan. de machine uitsluitend als deze naar behoren werkt. Gebruiksaanwijzing • Zet de motor af: – vóór het bijvullen van brandstof; • Laat de motor nooit in een afgesloten ruimte lopen, • • • • • • • • • omdat zich daar giftige koolmonoxidedampen kunnen verzamelen. Maai uitsluitend bij daglicht of goed kunstlicht. Alle werktuigkoppelingen uitschakelen en de parkeerrem in werking stellen voordat u de motor start.
andere veiligheidsinstructies die niet zijn opgenomen in de CEN-, ISO- of ANSI-normen. hydraulische aansluitingen stevig vastzitten. Vervang versleten of beschadigde onderdelen en stickers. Dit product kan handen of voeten afsnijden en voorwerpen uitwerpen. Volg altijd alle veiligheidsinstructies op om ernstig of mogelijk dodelijk letsel te voorkomen. • Als het nodig is de brandstoftank af te tappen, doe dit dan buiten.
• Raak de motor, de geluiddemper of de uitlaatpijp • • • • niet aan als de motor loopt of direct nadat u deze heeft afgezet. Deze kunnen heet zijn en brandwonden veroorzaken. De machine kan op elke helling omslaan of kantelen, maar dit risico neemt toe bij een grotere hellinghoek. Vermijd steile hellingen. • • Om de macht over het stuur te behouden, moet u de maaidekken neerlaten als u hellingafwaarts rijdt.
De gemeten waarden zijn bepaald volgens de procedures in EN 836. Gehele lichaam Gemeten trillingsniveau = 0,35 m/s2 Onzekerheidswaarde (K) = 0,18 m/s2 De gemeten waarden zijn bepaald volgens de procedures in EN 836. Groundsmaster 4700 Hand-arm Gemeten trillingsniveau voor de rechterhand = 0,3 m/s2 Gemeten trillingsniveau op de linkerhand = 0,4 m/s2 Onzekerheidswaarde (K) = 0,2 m/s2 De gemeten waarden zijn bepaald volgens de procedures in EN 836.
Veiligheids- en instructiestickers Veiligheidsstickers en veiligheidsinstructies zijn gemakkelijk zichtbaar voor de bestuurder en bevinden zich bij plaatsen waar gevaar kan ontstaan. Vervang alle beschadigde of verdwenen stickers. decal121-3887 121-3887 1. Lees de Gebruikershandleiding. decal117-4763 117-4763 1. Om de parkeerrem in te schakelen, moet u de rempedalen vastzetten met de borgpen, de rempedalen intrappen en schakel het teenpedaal in. 2.
decal106-6755 106-6755 decal125-4604 1. Motorkoelvloeistof onder druk. 3. Waarschuwing – raak het hete oppervlak niet aan. 2. Risico van explosie – lees de Gebruikershandleiding. 4. Waarschuwing – lees de Gebruikershandleiding. 125-4604 1. Linker maaidek omhoog brengen 3. Rechter maaidek omhoog brengen 2. Middelste maaidek omhoog brengen decal117-4765 117-4765 decal117-4764 1. Lees de Gebruikershandleiding. 117-4764 2. Geen starthulpmiddelen gebruiken. 1.
decal106-6754 106-6754 1. Waarschuwing – Raak het hete oppervlak niet aan. decal112-5298 112-5298 (Aanbrengen op onderdeelnr. 112-5297 voor CE*) 2. Ledematen kunnen worden gesneden/geamputeerd en worden gegrepen, ventilator, riem – blijf uit de buurt van bewegende onderdelen. * Deze veiligheidssticker waarschuwt voor gebruik op hellingen en moet worden aangebracht op de machine volgens de Europese veiligheidsnorm voor gazonmaaiers EN 836:1997.
decal93-7272 93-7272 1. Ledematen kunnen worden gesneden/geamputeerd;ventilator – Blijf uit de buurt van bewegende onderdelen. decal117-2718 117-2718 decal125-4605 125-4605 1. Aandrijving stoel, 10 A 6. Geleverd vermogen, 10 A 2. Werkverlichting, 10 A 7. Bediening GM4700, 2 A 3. Motor, 10 A 8. Geleverd vermogen, 7,5 A 4. Aansteker, 10 A 9. Bediening GM4500, 2 A 5. InfoCenter, 2 A 10. Motor voorgloeien, 60 A decalbatterysymbols Symbolen op accu Sommige of alle symbolen staan op de accu 1.
Montage Losse onderdelen Gebruik onderstaande lijst om te controleren of alle onderdelen zijn geleverd. Procedure Hoeveelheid Omschrijving Gebruik 1 Waarschuwingssticker 1 Wordt uitsluitend aangebracht op machines die moeten voldoen aan de Europese voorschriften. 2 Vergrendelbeugel Popnagel Ring Schroef, ¼" x 2" Borgmoer, ¼" 1 2 1 1 1 De motorkapvergrendeling monteren (CE). 3 Geen onderdelen vereist – De machine smeren.
2. 1 Verwijder de twee popnagels waarmee de motorkapvergrendeling aan de motorkap is bevestigd (Figuur 3). Verwijder de beugel van de motorkapvergrendeling van de motorkap. De waarschuwingssticker vervangen om te voldoen aan de EU-voorschriften Benodigde onderdelen voor deze stap: 1 Waarschuwingssticker Procedure Op machines waarvoor overeenstemming met Europese CE-normen is vereist, moet de waarschuwingssticker met onderdeelnr. 112-5297 worden vervangen door de waarschuwingssticker met onderdeelnr.
4 Vloeistofpeil controleren Geen onderdelen vereist Procedure g012630 Figuur 5 1. Controleer het peil van de smeerolie van de achteras voordat de motor voor het eerst wordt gestart; zie Smeerolie van de achteras controleren in Onderhoud van het aandrijfsysteem. 2. Controleer het peil van de hydraulische vloeistof voordat de motor voor het eerst wordt gestart; zie Peil van de hydraulische vloeistof controleren in Bediening. 3.
Algemeen overzicht van de machine Pedaal voor stuurverstelling Om het stuur in uw richting te kantelen, moet u het pedaal (Figuur 7) intrappen, de stuurkolom naar u toe trekken in een stand die voor u het meest comfortabel is en daarna uw voet van het pedaal halen. Bedieningsorganen Contactschakelaar Rempedalen De contactschakelaar (Figuur 8) heeft drie standen: Uit, Aan/Voorgloeien en Start.
Stoelinstellingen Hefschakelaars Met de hefschakelaars (Figuur 8) kunt u de maai-eenheden omhoog en omlaag brengen. Druk de schakelaars naar voren om de maai-eenheden omlaag te brengen en naar achteren om de maai-eenheden omhoog te brengen. Druk bij het starten van de machine en terwijl de maai-eenheden zich in de stand omlaag bevinden op de hefschakelaar om de maai-eenheden te laten zweven en te maaien.
Het InfoCenter lcd-scherm gebruiken Verklaring van pictogrammen in het InfoCenter SERVICE DUE Het InfoCenter lcd-scherm toont informatie over uw machine, onder meer de bedrijfsstatus en allerlei diagnostische informatie (Figuur 11). Het InfoCenter beschikt over een welkomstscherm en hoofdscherm. U kunt te allen tijde heen en weer gaan tussen het welkomstscherm en het hoofdscherm door een willekeurige welke knop in het InfoCenter te bedienen en dan op de richtingspijl te drukken.
Verklaring van pictogrammen in het InfoCenter (cont'd.) Verklaring van pictogrammen in het InfoCenter (cont'd.
Onderhoud Menu-optie Beschrijving Hours Het totale aantal bedrijfsuren van de machine, motor en ventilator, alsook het aantal uren dat de machine getransporteerd en oververhit is geweest. Counts Het aantal keer dat de machine voorverwarmd en gestart is geweest. Beschrijving Engine Run Raadpleeg de Gebruikershandleiding of een erkende Toro distributeur voor meer informatie over het menu Engine Run en de informatie die het bevat.
• Druk de middelste knop in om het vierde cijfer in te Als u klaar bent in het beveiligde menu, druk dan op de linkerknop om naar het hoofdmenu te gaan en druk nogmaals op de linkerknop om naar het menu lopen te gaan. stellen en druk vervolgens op de rechterknop. • Druk op de middelste knop om de code in te voeren. U kunt kiezen of de instellingen in het beveiligde menu worden weergegeven en kunnen worden gewijzigd. Scroll in het beveiligde menu naar omlaag tot de optie Beveiligde Instellingen.
Specificaties Opmerking: Specificaties en ontwerp kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. 4500-D 4700-D Maaibreedte 277 cm 380 cm Totale breedte, maaidekken neergelaten 286 cm 391 cm Totale breedte.
Gebruiksaanwijzing u controleert. Als het olieniveau op of onder de bijvulmarkering op de peilstok staat, vul dan olie bij om het olieniveau bij de volmarkering te brengen. Niet te vol vullen. Als het olieniveau tussen de volmarkering en de bijvulmarkering ligt, hoeft geen olie te worden bijgevuld. Opmerking: Bepaal vanuit de normale bedieningspositie de linker- en rechterzijde van de machine. VOORZICHTIG Deze machine stelt de bestuurder bloot aan geluidsniveaus van meer dan 85 dBA.
binnen 180 dagen kunnen worden gebruikt zodat u altijd verse brandstof heeft. VOORZICHTIG Als de motor heeft gelopen, kan de hete koelvloeistof, die onder druk staat, ontsnappen indien de radiateurdop wordt verwijderd. Dit kan brandwonden veroorzaken. • Verwijder de radiateurdop nooit als de motor loopt. • Gebruik een doek als u de radiateurdop verwijdert en draai de dop langzaam open om de stoom te laten ontsnappen. Inhoud brandstoftank: 83 liter. Gebruik zomerdieselbrandstof (nr.
nr. 2 dieselbrandstof. Plaats daarna de dop weer terug. GEVAAR In bepaalde omstandigheden is brandstof uiterst ontvlambaar en zeer explosief. Brand of explosie van brandstof kan brandwonden bij u of anderen en materiële schade veroorzaken. • Gebruik een trechter of tuit; brandstof uitsluitend in de open lucht bij een koude motor bijvullen. Eventueel gemorste brandstof opnemen. • Vul de brandstoftank nooit als de machine in een gesloten aanhanger staat. • Vul de brandstoftank niet helemaal vol.
Toro Premium All Season hydraulische vloeistof (verkrijgbaar in emmers van 19 liter of vaten van 208 liter). Zie de onderdelencatalogus van de Toro-dealer voor de Andere vloeistoffen: Als de hydraulische vloeistof van onderdeelnummers. Toro niet beschikbaar is, kunt u andere vloeistoffen gebruiken mits deze voldoen aan alle volgende materiaaleigenschappen en industriespecificaties: We raden af een synthetische vloeistof te gebruiken. Vraag uw smeermiddelenleverancier naar een geschikt product.
Smart Power • De motor is gestopt omdat de brandstof op was. • Er is onderhoud uitgevoerd aan componenten van Dankzij Toro Smart Power™ hoeft de bestuurder het toerental niet in de gaten te houden in zware omstandigheden. Deze slimme energievoorziening voorkomt vastlopen in zware omstandigheden door de machinesnelheid automatisch te regelen en de maaiprestaties te optimaliseren. het brandstofsysteem. 1. Haal uw voet van het tractiepedaal en let erop dat het pedaal in de neutraalstand staat.
Laat de gebruiker de maximale maaisnelheid van de machine (laag bereik) instellen, binnen de voorinstellingen van de supervisor. Druk deze handleiding om de procedure voor het instellen van het tegengewicht te achterhalen. pictogram) in het op de middelste knop ( welkomstscherm of hoofdscherm van het InfoCenter om de snelheid aan te passen.
motor toch draait, is er een defect in het interlocksysteem dat moet worden verholpen voordat u de machine gaat gebruiken. De machine duwen of slepen In noodgevallen kan de machine vooruit worden bewogen door de omloopklep in de regelbare hydraulische pomp in werking te stellen en de machine te duwen of te slepen. Belangrijk: U mag de machine niet sneller dan 3 tot 4,8 km per uur duwen of slepen omdat anders de transmissie kan worden beschadigd.
Tips voor bediening en gebruik Een andere eigenschap waarop u moet letten, is het gebruik van de pedalen die zijn verbonden met de remmen. De remmen kunnen worden gebruikt ter ondersteuning bij het draaien van de machine. Ga echter voorzichtig te werk indien u ze gebruikt, in het bijzonder op zacht of nat gras, omdat het gazon per ongeluk kan scheuren. De remmen kunnen ook worden gebruikt om de machine grip te laten houden.
Transport (uitsluitend Groundsmaster 4700–D) Gebruik de twee achtertransportgrendels voor de buitenste maaidekken als u de machine over een lange afstand of oneffen terrein vervoert of als u een aanhanger gebruikt. Na het maaien Om optimale resultaten te waarborgen, moet de onderkant van de maaikasten na iedere maaibeurt worden gereinigd. Als zich grasresten kunnen ophopen op de maaikast, zullen de maairesultaten verslechteren.
Onderhoud Opmerking: Bepaal vanuit de normale bedieningspositie de linker- en rechterzijde van de machine. Aanbevolen onderhoudsschema Onderhoudsinterval Na de eerste 8 bedrijfsuren Na de eerste 200 bedrijfsuren Bij elk gebruik of dagelijks Onderhoudsprocedure • De wielmoeren aandraaien. • Ververs de olie van de planeetwielaandrijving. • Ververs de smeerolie in de achteras. • Vervang de hydraulische filters. • • • • • • • • • Controleer het motoroliepeil. Controleer het koelsysteem.
Controlelijst voor dagelijks onderhoud Gelieve deze pagina te kopiëren ten behoeve van gebruik bij routinecontroles. Gecontroleerd item Voor week van: Ma. Di. Wo. Do. Werking van veiligheidssysteem controleren. Werking van de remmen controleren. Het peil van de motorolie en de brandstof controleren. Peil van de koelvloeistof controleren. Brandstoffilter/waterafscheider aftappen. Indicator voor verstopping in luchtfilter controleren. Radiateur, oliekoeler en scherm controleren op vuil.
1. Controleer de gloeibougie en de spuitstukken van de injector, als de motor moeilijk start, buitensporig veel rook afgeeft of ongelijkmatig loopt. 2. Onmiddellijk na elke wasbeurt, ongeacht de voorgeschreven interval. Onderhoudsschema decal125-4606 Figuur 17 VOORZICHTIG Als u het sleuteltje in het contact laat, bestaat de kans dat iemand de motor per ongeluk start waardoor u en andere omstanders ernstig letsel kunnen oplopen.
Procedures voorafgaande aan onderhoud Smering De motorkap verwijderen Onderhoudsinterval: Om de 50 bedrijfsuren 1. Lagers en lagerbussen smeren De machine is voorzien van smeerpunten die regelmatig moeten worden gesmeerd met nr. 2 smeervet voor algemene doeleinden op lithiumbasis. Als de machine in normale omstandigheden wordt gebruikt, moet u alle lagers en lagerbussen om de 50 bedrijfsuren of direct na een wasbeurt smeren. Maak de motorkapvergrendelingen los (Figuur 18) en open de motorkap.
• Kogelverbindingen van stuurcilinder (2) (Figuur 21) • Lagers van spilas van maaidek (1 per maaidek) (Figuur 23) g009708 Figuur 23 • Lagerbussen van draagarm van maaidek (1 per maaidek) (Figuur 23) g009706 Figuur 21 • Lagers van achterrol (2 per maaidek) (Figuur 24 ) 1. Bovenste nippel op koppelpen • Kogelverbindingen van spoorstang (2) (Figuur 21) • Lagerbussen van koppelpen (2) (Figuur 21). De bovenste nippel op de koppelpen hoeft slechts één keer per jaar te worden gesmeerd (twee keer pompen).
Onderhoud motor Onderhoud van het luchtfilter Onderhoudsinterval: Om de 400 bedrijfsuren Controleer de luchtfilterbehuizing op schade die een luchtlek kan veroorzaken. Vervang de luchtfilterbehuizing indien deze beschadigd is. Controleer het gehele luchtinlaatsysteem op lekken, beschadiging of losse slangklemmen. Geef het luchtfilter uitsluitend een onderhoudsbeurt als de onderhoudsindicator (Figuur 25) dit aangeeft.
Motorolie verversen en filter vervangen Onderhoudsinterval: Om de 250 bedrijfsuren Vervang de olie en het filter om de 250 bedrijfsuur. 1. Verwijder de aftapplug (Figuur 29) en laat de olie in een opvangbak lopen. Als er geen olie meer naar buiten stroomt, plaatst u de aftapplug terug. g009711 Figuur 27 1. Voorfilter van luchtfilter Belangrijk: Probeer nooit een veiligheidsfilter te reinigen (Figuur 28). Plaats steeds een nieuw veiligheidsfilter als het voorfilter drie onderhoudsbeurten heeft gehad.
Onderhoud van de waterafscheider Onderhoud brandstofsysteem Onderhoudsinterval: Bij elk gebruik of dagelijks—Verwijder water of ander vuil uit het brandstoffilter/waterafscheider. GEVAAR In bepaalde omstandigheden zijn dieselbrandstof en brandstofdampen uiterst ontvlambaar en explosief. Brand of explosie van brandstof kan brandwonden of materiële schade veroorzaken. • Gebruik een trechter of tuit; brandstof uitsluitend in de open lucht bij een afgezette of koude motor bijvullen.
Onderhoud elektrisch systeem GEVAAR Accuzuur bevat zwavelzuur; dit is een dodelijk gif dat ernstige brandwonden veroorzaakt. De accu opladen en aansluiten • U mag accuzuur nooit inslikken en moet elk contact met huid, ogen of kleding vermijden. Draag een veiligheidsbril en rubberhandschoenen om uw ogen en handen te beschermen. WAARSCHUWING CALIFORNIË Proposition 65 Waarschuwing Accuklemmen, accupolen en dergelijke onderdelen bevatten lood en loodverbindingen.
WAARSCHUWING Accupolen of metalen gereedschappen kunnen kortsluiting maken met metalen onderdelen, waardoor vonken kunnen ontstaan. Hierdoor kunnen accugassen tot ontploffing komen en lichamelijk letsel veroorzaken. • Zorg ervoor dat bij het verwijderen of installeren van de accu de accupolen niet in aanraking komen met metalen onderdelen van de machine. • Voorkom dat metalen gereedschappen kortsluiting veroorzaken tussen de accupolen en metalen onderdelen van de machine. g009986 Figuur 33 1.
Zekeringen g010255 Figuur 36 1. Zekeringen decal125-4605 Figuur 34 Ontgrendel de vergrendeling en breng het bedieningspaneel omhoog (Figuur 35) om toegang te krijgen tot de zekeringen (Figuur 36). g009985 Figuur 35 1. Vergrendeling 2.
Onderhoud aandrijfsysteem Controleer de planeetaandrijvingen op eindspeling Herhaal stap 3 voor het andere aandrijfwiel. 5. Als een wiel beweegt, moet u contact opnemen met uw erkende Toro distributeur om de planeetaandrijving te laten reviseren. Torsie van wielmoeren controleren Onderhoudsinterval: Na de eerste 8 bedrijfsuren Onderhoudsinterval: Om de 400 bedrijfsuren Om de 200 bedrijfsuren De planeetaandrijvingen/aandrijfwielen mogen geen eindspeling hebben (d.w.z.
2. Verwijder de rechtse controleplug (Figuur 38). De olie zou tot de onderkant van de opening van de controleplug moeten reiken. 3. Als het peil te laag is, verwijder dan de bovenste plug en voeg olie toe tot ze uit het gat aan de rechterkant begint te vloeien. 4. Breng de beide pluggen opnieuw aan. 5. Herhaal stappen 1 tot en met 4 bij het tegenover gelegen planeetwiel. Olie van planeetwielaandrijving verversen g019743 Figuur 40 Onderhoudsinterval: Na de eerste 200 bedrijfsuren 1.
Toespoor achterwiel controleren Onderhoudsinterval: Om de 800 bedrijfsuren/Jaarlijks (houd hierbij de kortste periode aan) 1. g009716 Meet de afstand hart-op-hart van het toespoor (ter hoogte van de assen) aan de voorzijde en de achterzijde van de stuurwielen. De afstand aan de voorzijde moet 3 mm korter zijn dan de gemeten afstand aan de achterzijde (Figuur 43). Figuur 41 2. Vulplug 1.
5. Draai de complete trekstang een (1) hele slag in dezelfde richting (naar binnen of naar buiten). Zet de klem vast op het aangesloten uiteinde van de trekstang. 6. Plaats de kogelverbinding in de steun van de differentieelbehuizing en draai de moer met de hand vast. Meet het toespoor. 7. Indien nodig nogmaals afstellen. 8. Draai de moer vast en monteer een nieuwe pen als de afstelling correct is.
Onderhouden remmen De serviceremmen afstellen Stel de serviceremmen af als de rempedalen meer dan 25 mm 'speling' hebben of als de remmen niet naar behoren functioneren. Met speling wordt de afstand bedoeld die het rempedaal wordt ingetrapt voordat er remweerstand wordt gevoeld. 1. Haal de borgpen van de rempedalen los zodat beide pedalen onafhankelijk van elkaar kunnen functioneren. 2. Om de speling op de rempedalen te verkleinen, moet u de remmen vaster zetten: A.
Onderhoud riemen Onderhoud hydraulisch systeem Onderhoud van de riem van de wisselstroomdynamo Hydraulische vloeistof Onderhoudsinterval: Om de 100 bedrijfsuren verversen Controleer de toestand en de spanning van de riemen (Figuur 48) om de 100 bedrijfsuren. 1. Bij een correcte spanning heeft de riem een speling van 10 mm als u halverwege tussen de poelies op de riem drukt met een kracht van 44 N (4,5 kg). 2.
Belangrijk: Als een ander filter wordt gebruikt, kan de garantie van bepaalde onderdelen komen te vervallen. 1. Plaats de machine op een horizontaal oppervlak, laat de maaidekken neer, zet de motor af, stel de parkeerrem in werking en verwijder het sleuteltje uit het contact. 2. Reinig de omgeving van de plaats waar het filter wordt gemonteerd. Plaats een opvangbak onder het filter en verwijder het filter (Figuur 49 en Figuur 50). 3.
Stalling WAARSCHUWING Hydraulische vloeistof die onder druk ontsnapt, kan door de huid heen dringen en letsel veroorzaken. Tractie-eenheid • Controleer of alle hydraulische slangen en leidingen in goede staat verkeren en alle hydraulische aansluitingen en verbindingsstukken stevig vastzitten voordat u druk zet op het hydraulische systeem. • Houd lichaam en handen uit de buurt van kleine lekgaten of spuitmonden waaruit onder hoge druk hydraulische vloeistof ontsnapt.
9. 10. Plak de luchtfilterinlaat en de uitlaat af met weerbestendige tape. Controleer de antivriesbescherming en vul het systeem bij met een oplossing die half uit water, half uit ethyleenglycol bestaat. Vul zoveel bij als nodig is met het oog op de plaatselijk te verwachten minimumtemperatuur.
Schema's g023509 Hydraulisch schema – Groundsmaster 4700 (Rev.
g023508 Hydraulisch schema – Groundsmaster 4500 (Rev.
Opmerkingen:
Opmerkingen:
De Toro Total Coverage-garantie Beperkte garantie Voorwaarden en producten waarvoor de garantie geldt De Toro Company en de hieraan gelieerde onderneming, Toro Warranty Company, bieden krachtens een overeenkomst tussen beide ondernemingen gezamenlijk de garantie dat uw Toro product (hierna: het 'product') gedurende twee jaar of 1500 bedrijfsuren* vrij van materiaalgebreken of fabricagefouten is, met dien verstande dat hierbij de kortste periode moet worden aangehouden.