Form No. 3350–518 Guardian 72” RecyclerR Groundsmaster® 300 serie Modelnr. 30716–240000001 en hoger Modelnr.
Inhoud Inleiding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Veiligheid . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Veilige bediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Veilige bediening van de Toro Maaimachine . . . . . Veiligheids- en instructiestickers . . . . . . . . . . . . . . Specificaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Algemene specificaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Montage . .
Veiligheid • Inspecteer het terrein waar u de machine gaat gebruiken, en verwijder alle voorwerpen zoals stenen, speelgoed en kabels die zouden kunnen worden uitgeworpen door de machine. Deze machine voldoet minstens aan CEN-norm EN 836:1997, ISO-norm 5395:1990 en de B71.4–1999 specificaties van het American National Standards Institute (ANSI), van kracht op het moment van productie. • Wees extra voorzichtig als u omgaat met benzine of andere brandstof.
• Maak de accukabels los of verwijder de bougie voordat u reparatiewerkzaamheden gaat verrichten. Maak eerst de minpool van de accu los en daarna de pluspool. Sluit eerst de pluspool van de accu aan en daarna de minpool. • Stop de machine en controleer de messen als u een vreemd voorwerp heeft geraakt of de machine abnormaal begint te trillen. Voer alle noodzakelijke reparaties uit voordat u de machine weer in gebruik neemt. • Wees voorzichtig als u de messen controleert.
• Alvorens het hydraulische systeem los te koppelen of werkzaamheden daaraan te verrichten, moet u alle druk in het systeem opheffen. Dit doet u door de motor af te zetten en de maaidekken neer te laten op de grond. • Let goed op als u de machine gebruikt. Om te voorkomen dat u de controle over de machine verliest, moet u de volgende instructies naleven: – Rij niet te dicht langs bunkers, greppels, sloten of andere gevaarlijke punten.
Veiligheids- en instructiestickers Veiligheidsstickers en veiligheidsinstructies zijn gemakkelijk zichtbaar voor de bestuurder en bevinden zich bij plaatsen waar gevaar kan ontstaan. Vervang alle beschadigde of verdwenen stickers. 93–7818 1. Waarschuwing – Draai de mesbout vast met de juiste torsie. Lees de gebruikershandleiding voor verdere instructies. 106–6753 1. De machine kan voorwerpen uitwerpen – Houd omstanders op een veilige afstand van de machine. 2.
93–7826 1.
Specificaties Algemene specificaties Maaibreedte 183 cm Maaihoogte Afstelbaar van 38 tot 114 mm in stappen van 13 mm Maaikast Aandrijving van maaidek De maaikast is vervaardigd van 0,1046 mm staal en versterkt met 64 mm x 0,1345 mm hoekprofiel. De tandwielkast op het maaidek wordt aangedreven door een aftakas. De kracht wordt met behulp van één B-profielsnaar overgebracht op de messen.
Montage Opmerking: Bepaal vanuit de normale bedieningspositie de linker- en rechterzijde van de machine. Losse onderdelen Opmerking: Gebruik deze lijst om te controleren of alle onderdelen zijn geleverd. Zonder deze onderdelen kan de montage niet worden voltooid.
Zwenkwielen monteren De drukdringen, afstandsstukken en klemkapjes zijn in de fabriek op de zwenkwielassen gemonteerd t.b.v. de verzending. 3 1 2 1. Verwijder de klemkapjes van de assen en schuif de afstandsstukken en drukringen eraf (Fig. 1 en 2). 2. Schuif de afstandsstukken op de zwenkwielas tot de gewenste maaihoogte; raadpleeg hierbij de maaihoogtetabel, blz. 14. Schuif een drukring op de as.
Rechter duwarm aan het maaidek bevestigen 4 2 3 Waarschuwing 6 4 De rechter duwarm staat onder een veerspanning van ongeveer 45 kg. Als de duwarm plotseling losschiet, kunt u letsel oplopen. 1 Een andere persoon moet bij deze procedure de duwarm omlaag drukken. 70 mm 5 1. Verwijder de 2 parkerschroeven waarmee het scherm van de aftakas is bevestigd aan de bovenkant van de bevestigingsplaat van de tandwielkast (Fig. 4). Verwijder het scherm. Figuur 5 1. Rechter duwarm 2. Zwenkwielarm 3.
Linker duwarm aan het maaidek bevestigen 4. Laat een andere persoon de duwarm voorzichtig omlaag drukken totdat de gaten in de bevestiging van de kogelverbinding op één lijn met de gaten in de zwenkwielarm staan. Schuif direct een blokje hout van 10 x 10 cm tussen de bovenkant van de duwarm en de onderkant van het chassis. Waarschuwing De linker duwarm staat onder een veerspanning van ongeveer 68 kg. Als de duwarm plotseling losschiet, kunt u letsel oplopen.
Aftakas bevestigen aan tandwielkast van maaidek Hefkettingen monteren 1. Bevestig de hefkettingen op de hefarm en de kettingbeugels van het maaidek met 6 sluitingen, veerpennen (3/8 x 1–1/2 inch) en borgpennen (1/8 x 3/4 inch) (Fig. 8). Om ervooor te zorgen dat het maaidek goed wordt opgeheven, moet u de kettingen aan de volgende schakels bevestigen: Belangrijk De gaffels van de aftakas moeten precies op één lijn met elkaar staan als de buitenste gaffel wordt gemonteerd op de aftakas van de tandwielkast.
Vóór het gebruik De maaihoogte instellen De maaihoogte kan worden afgesteld van 38 tot 114 mm in stappen van 13 mm door een gelijk aantal afstandsstukken toe te voegen aan de voor- en achterzwenkwielvorken of daaruit te verwijderen. Onderstaande maaihoogtetabel geeft aan welke combinatie afstandsstukken moet worden gebruikt om de maaihoogte af te stellen. Smeerolie van de tandwielkast controleren De tandwielkast is ontworpen voor gebruik met SAE 80–90 tandwielolie.
Voorzwenkwielen Achterzwenkwiel 1. Verwijder het klemkapje van de spilas en schuif de as uit de voorste zwenkwielarm. Verwijder de ring van de spilas. Schuif de afstandsstukken op de spilas om de gewenste maaihoogte te bereiken en plaats vervolgens de ring op de as (Fig. 10). 1. Verwijder het klemkapje van de as (Fig. 11). 2. Druk de zwenkwielas door de voorste zwenkwielarm, plaats de andere drukring en de overige afstandsstukken op de as en monteer het klemkapje om de set vast te zetten (Fig. 10). 2.
Rollen instellen Glijders afstellen Opmerking: Als het maaidek wordt gebruikt op een maaihoogte van 25 of 38 mm, moeten de rollen van het maaidek in de bovenste openingen in de beugels worden geplaatst. Om de glijders af te stellen, moet u de flensmoeren losdraaien. Vervolgens zet u de glijders in de gewenste positie en draait u de flensmoeren vast (Fig. 12). 1. Verwijder de borgpennen waarmee de rolassen zijn bevestigd aan de onderkant van het maaidek. 2.
Gebruiksaanwijzing Maaien in extreme omstandigheden Om het gras goed te maaien en het maaisel fijn te maken in de maaikast, is lucht nodig; zet de maaihoogte dus niet te laag en zorg ervoor dat de maaikast niet helemaal door ongemaaid gras omgeven is. Probeer altijd één zijkant van de maaikast vrij van ongemaaid gras te houden, zodat lucht kan worden aangezogen. Als u begint te maaien door het midden van een ongemaaid gebied, moet u langzaam rijden en achteruit rijden als de machine verstopt raakt.
Onderhoud Aanbevolen onderhoudsschema Onderhoudsinterval Onderhoudsprocedure Na de eerste 2 bedrijfsuren • Moeren van zwenkwielen aandraaien. Na de eerste 10 bedrijfsuren • Moeren van zwenkwielen aandraaien. • Torsie van mesbouten controleren. • Maaimessen controleren. • Lagerbussen van zwenkwielarmen smeren. • Lagers van zwenkwielen smeren. Dagelijks Moeren van zwenkwielen aandraaien. Torsie van mesbouten controleren. Vet in alle smeernippels spuiten.
Lagers, lagerbussen en tandwielkast smeren Het maaidek moet regelmatig worden gesmeerd. Als de machine in normale omstandigheden wordt gebruikt, moet u de lagers en lagerbussen van de zwenkwielen om de 8 bedrijfsuren of dagelijks smeren met Nr. 2 vet op lithiumof molydeenbasis voor algemene doeleinden, waarbij de kortste periode moet worden aangehouden. Het maaidek heeft lagers en lagerbussen die moeten worden gesmeerd. De smeerpunten zijn: • lagerbussen van voorste zwenkwielas (Fig.
Maaidek loskoppelen van de tractie-eenheid 4. Maak de borgpennen en de gaffelpennen los waarmee de hefkettingen zijn bevestigd aan de hefarmen. Waarschuwing 1. Plaats de machine op een horizontaal oppervlak, laat het maaidek neer op de grond, zet de motor af en stel de parkeerrem in werking. De rechter duwarm staat onder een veerspanning van ongeveer 45 kg en de linker duwarm onder een spanning van 68 kg. Als de duwarm plotseling losschiet, kunt u letsel oplopen. 2.
Montage van het maaidek aan de tractie-eenheid 6. Laat een andere persoon de linker duwarm omlaag drukken terwijl u de tapbouten, platte ringen en borgringen verwijdert waarmee de kogelverbinding bevestiging van de zwenkwielarm en de kettingbeugel vastzitten aan het maaidek (Fig. 20). Laat vervolgens de andere persoon de duwarm voorzichtig omhoog bewegen, waarbij geleidelijk de veerspanning van 68 kg wordt opgeheven. 1. Plaats de machine op een horizontaal oppervlak en zet de motor af. 2.
Drijfriem vervangen 4. Verwijder de oude riem van de aspoelies en de spanpoelie. De drijfriem van het mes, die wordt gespannen door de veerbelaste spanpoelie, is vervaardigd van zeer duurzaam materiaal. De riem zal echter na vele bedrijfsuren tekenen van slijtage gaan vertonen. Tekenen dat een riem aan het slijten is zijn: gieren tijdens het draaien van de riem, als de messen slippen tijdens het maaien, gerafelde randen, schroeiplekken en scheuren. Vervang de riem als u één van deze zaken constateert. 5.
Onderhoud van de voorste lagerbussen in de zwenkwielarmen Onderhoud van zwenkwielen en lagers Het zwenkwiel draait op een hoogwaardig rollager dat wordt ondersteund door een hol asje. Zelfs na een groot aantal bedrijfsuren zal de slijtage van het lager zeer gering zijn, mits het lager steeds goed gesmeerd was. Indien dat niet het geval is, zal het lager echter snel slijten. Een slingerend zwenkwiel duidt erop dat het lager is versleten.
Maaimes verwijderen Maaimes controleren en slijpen Een mes moet worden vervangen als u vast voorwerp heeft geraakt, of als het mes uit balans of krom is. Gebruik ter vervanging altijd originele TORO-messen zodat u zeker bent van een veilig gebruik en optimale prestaties. Gebruik nooit messen van andere fabrikanten, omdat deze gevaarlijk kunnen zijn. 1. Hef het maaidek op in de hoogste positie, zet de motor af en stel de parkeerrem in werking.
Ongelijke meshoogten corrigeren 3. Controleer de snijranden van alle messen. Als de snijranden niet scherp zijn of bramen vertonen, moeten ze worden geslepen. Gebruik een vijl om de bovenkant van het mes te slijpen en de oorspronkelijke snijhoek te behouden en te zorgen dat het mes scherp blijft (Fig. 28). Het mes zal in balans blijven als dezelfde hoeveelheid metaal aan beide snijranden wordt weggehaald.
VERVANGEN VERVANGEN CONTROLEER AFTAKAS AS GEBROKEN OK LOS OF GEBROKEN CONTROLEER POELIE OP UITGANGSAS VAN MOTOR OK CONTROLEER AFTAKAS RIEM VERVANGEN GEBROKEN CONTROLEER TANDWIELKAST ASSEN VASTDRAAIEN OF VERVANGEN OK VASTDRAAIEN OF VERVANGEN OK VASTDRAAIEN OF VERVANGEN LOS OF GEBROKEN CONTROLEER TANDWIELKAST POELIE LOS OF GEBROKEN OK LOS OF GEBROKEN CONTROLEER AFTAKAS POELIE VASTDRAAIEN OF VERVANGEN 85 tot 110 OPNIEUW VASTDRAAIEN MET TORSIE VAN 115 TOT 136 NM CONTROLEER MAAIDEK RIE
De Algemene Garantiebepalingen voor Toro–producten 2 jaar garantie Voorwaarden en producten waarvoor de garantie geldt De Toro Company en de hieraan gelieerde onderneming, Toro Warranty Company, bieden krachtens een overeenkomst tussen beide ondernemingen gezamenlijk de garantie dat uw Toro–product (hierna: het “Product”) gedurende twee jaar of 1500 bedrijfsuren* vrij van materiaalgebreken of fabricagefouten* is, met dien verstande dat hierbij de kortste periode moet worden aangehouden.