Operator's Manual

Omlichamelijkletseltevoorkomen,magu
detractorstoelnooitverlatenzondereerstde
aftakasuitteschakelen,deparkeerreminte
stellenendemotoraftezetten.Voernooit
reparatiesuitaandebeluchtertenzijdeze
omlaagisgebrachttotopdeopslagstandaard
ofgeschikteblokkenofkrikken.Zorgervoor
datalleveiligheidsvoorzieningenzichopde
juisteplaatsbevindenvoordatudemachine
weergaatgebruiken.
Vóórhetbeluchten
Inspecteerhetwerkgebiedopobstakelsdiedemachine
kunnenbeschadigenenverwijderdezeindienmogelijk
ofplanhoeudezeobstakelskuntvermijden.Neem
reservetanden,veerdraden,verenenwerktuigenmee
voorhetgevalertandenbeschadigdrakendoorcontact
metvreemdevoorwerpen.
Belangrijk:Bediendebeluchternooitinde
achteruitstandofalsdezeomhooggebrachtis.
Beluchtingsprocedures
1.Brengdebeluchteromlaagzodatdetandenvlakbij
degrondzijnbijhetlaagstegedeeltevandeslag.
2.Schakelbijeenlaagmotortoerentalvandetractor
dekoppelingvandeaftakasinomdebeluchterte
starten.
3.Selecteereenversnellingwaarmeeuongeveer1tot
4km/uurvooruitrijdtbijeenaftakassnelheidvan
400–500tpm(raadpleegdegebruikershandleiding
vandetractor).
4.Zodradekoppelingwordtlosgelatenendetractor
vooruitrijdt,brengtudebeluchtervolledigomlaag
opderol(len)enverhoogtuhetmotortoerental
toteenmaximaaltoerentalbijdeaftakasvan
400–500tpm(460opmodelSR72).
Belangrijk:Bediendeaftakasvandetractor
nooitmeteentoerentalhogerdan500tpm
omdaterandersschadeaandebeluchterkan
optreden.
Belangrijk:Zorgervoordatderolzichteallen
tijdeopdegrondbevindtalsdebeluchterwordt
gebruikt.
5.Letophetpatroonvandeopeningen.Alsu
eengrotereinsteekafstandwenst,laatdande
voorwaartsesnelheidvandetractortoenemen
dooreenhogereversnellingtegebruiken.Bijeen
hydrostatischaangedreventractoractiveertude
hydrostatischehendelofhetpedaalomsnellerte
gaan.Vooreenkleinereinsteekafstandmoetude
voorwaartsesnelheidvandetractorverminderen.
Alsuhettoerentalvandemotorverandert
terwijluindezelfdeversnellingblijft,verandert
hetinsteekpatroonniet.
Belangrijk:Kijkveelvuldigachteromomte
controlerenofdemachinenaarbehorenwerkt
endebanensteedsnetjesnaastelkaarliggen.
6.Gebruikhetvoorwielvandetractoralsgeleideom
delateraleinsteekafstandgelijktehoudenmetde
vorigebanen.
7.Brengaanheteindevandebeluchtingsbaande
beluchteromhoogenschakelsneldeaftakasuit.
8.Alsuachteruitrijdtineenkrapgebied(bijvoorbeeld
eentee-box),schakeldandeaftakasuitenbrengde
beluchteromhoogtotdehoogstestand.Probeer
nooittebeluchtenindeachteruitstand.
9.Verwijderaltijdbeschadigdemachineonderdelen
(zoalsgebrokentanden)uithetwerkgebied,
omtevoorkomendatdezewordenopgepikt
enuitgeworpendoormaaimachinesenandere
gazonmachines.
10.Vervanggebrokentanden,inspecteerenrepareer
beschadigdetandendienogkunnenworden
gebruikt.Hersteleventueleandereschadeaande
machinevoordatumetbeluchtenbegint.
Tipsvoorbedieningen
gebruik
1.Schakeldeaftakasinbijeenlaagmotortoerental.
VerhooghetmotortoerentaIomdegewenste
aftakassnelheidvan400totmaximaal500tpmte
bereikenenbrengvervolgensdebeluchteromlaag.
Bediendemachinemeteenmotortoerentalwaarop
debeluchtersoepelwerkt.
Opmerking:Hetveranderenvanhettoerental
vandemotor/aftakasineenbepaaldeversnelling
vandetractor(ofbijeenvastestandvanhet
hydrostatischepedaalbijtractorsmethydrostatische
overbrenging)verandertdeinsteekafstandniet.
2.Maakheelvoorzichtigeenbochttijdenshet
verluchten.Maaknooitscherpebochtenterwijl
deaftakasaandrijvingisingeschakeld.Plande
beluchtingsroutevoordatudebeluchtingskop
neerlaat.Alsuscherpebochtenmaakttijdens
hetbeluchtenkunnendebeluchterendetanden
beschadigdraken.
21