FORM. NR. 3318-397 NL Rev A MODEL NR. 08881—60001 & HOGER ® GEBRUIKERSHANDLEIDING SAND PRO® 5000 Om een goed inzicht te krijgen in dit produkt, voor uw veiligheid en voor het verkrijgen van optimale resultaten moet u deze handleiding lezen voordat u de machine gaat gebruiken. Let vooral op de VEILIGHEIDSINSTRUCTIES, die met dit symbool worden aangeduid: Het veiligheids-waarschuwingssymbool betekent LET OP, WAARSCHUWING of GEVAAR—persoonlijke veiligheidsinstructies.
VOORWOORD De SAND PRO 5000 werd ontwikkeld als een efficiënte, probleemloze en economische methode voor het onderhouden van bunkers. In deze machine zijn de allernieuwste concepten op gebied van techniek, ontwerp en veiligheid verwerkt, in combinatie met onderdelen van de beste kwaliteit en natuurlijk ons vakmanschap. Het apparaat zal u uitstekend van dienst zijn indien het op de juiste manier gebruikt wordt en de onderhoudsrichtlijnen gevolgd worden.
Inhoudsopgave VEILIGHEIDSINSTRUCTIES OVERZICHT VAN GEBRUIKTE SYMBOLEN SPECIFICATIES VOOR HET GEBRUIK Het controleren van het carteroliepeil Het bijvullen van de brandstoftank Het controleren van het hydraulisch systeem Het controleren van de bandenspanning BEDIENINGSORGANEN BEDIENING Het starten/stoppen van de motor Het controleren van het interlock systeem Het slepen van de Sand Pro Inrijden Bedieningseigenschappen Inspectie en reiniging ONDERHOUD ONDERHOUDSSCHEMA SMERING Het verversen van de motorolie en
Veiligheidsinstructies De SAND PRO 2000 werd zodanig ontwikkeld en getest dat hij u lange tijd uitstekend van dienst kan zijn als hij op de juiste manier bediend en onderhouden wordt. Hoewel de risicofactor en ongevallenpreventie gedeeltelijk afhangen van het ontwerp en de configuratie van de machine, zijn deze factoren tevens afhankelijk van de oplettendheid, zorg en juiste training van het personeel dat betrokken is bij de bediening, het transport, het onderhoud en de opslag van de machine.
Veiligheidsinstructies stel deze opnieuw af zodat deze niet meer kruipt als deze in de neutraalstand staat. Indien de motor niet start, moet u de interlock-schakelaars controleren. 14. Het besturen van de machine vergt uw aandacht. Om te voorkomen dat u afgeleid wordt of omkiept moet u op de volgende zaken letten: A. Ben voorzichtig bij het in- en uitrijden van zandbunkers. Let extra goed op in de buurt van greppels, riviertjes of andere gevaarlijke situaties. B.
Veiligheidsinstructies 28. Laat de motor niet te snel draaien door de regulateursinstelling te wijzigen. Het maximale motortoerental is 3200 tpm. Om zeker te zijn van de veiligheid en nauwkeurigheid van de machine moet u een Officieel Toro Dealer het maximale motortoerental laten controleren met een toerenteller. 29. Voordat u de olie peilt of olie bijvult bij het carter, moet de motor uitgeschakeld zijn. 30.
Overzicht van gebruikte symbolen WAARSCHUWINGSSYMBOOL ALGEMEEN WAARSCHUWINGSSYMBOOL OPGESLAGEN ENERGIE, KANS OP TERUGSLAG OF OPWAARTSE BEWEGING HEET OPPERVLAK, KANTELEN MACHINE OVERRIJDEN KANS OP VERBRANDING VINGERS OF HANDEN VERBRIJZELEN TENEN OF VOET, KRACHT VAN BOVENAF BLIJF OP VEILIGE AFSTAND BLIJF OP VEILIGE AFSTAND HOUD KINDEREN OP VEILIGHEIDSSCHERMEN NIET BIJTMIDDELEN, CHEMISCHE BLIJF OP VEILIGE AAN AFSTAND VAN DE MACHINE VAN DE MACHINE VAN DE MACHINE VEILIGE AFSTAND VAN OPENEN OF VERWIJDEREN B
Specificaties Configuratie: Driewieler met smeedijzeren frameconstructie. Motor is achterop geplaatst. Alle wielen zijn aangedreven. ingesteld worden op kleine bestuurders door de schuifrails basis van de stoel te verwijderen en de stoel rechtstreeks op de steun te monteren. Motor: Briggs & Stratton, V-twin cilinder 4-takt OHV, luchtgekoelde benzinemotor met gietijzeren bussen. 16 pk bij 3600 tpm, 29,3 kubieke inch (480 cc) cilinderinhoud, oliecapaciteit 1,75 US quart. Elektronische ontsteking.
Vóór het gebruik 5. Druk de peilstok weer goed op zijn plaats terug. LET OP Stop de motor, trek de kabels van de bougies los en verwijder de sleutel uit het contact voordat u onderhoudswerkzaamheden gaat verrichten of de machine gaat afstellen. HET CONTROLEREN VAN HET CARTEROLIEPEIL (Afb. 1) De motor wordt geleverd met 13⁄4 US quart olie in het carter (inclusief filter); controleer echter het peil vooren nadat u de motor voor het eerst start. 1. Plaats de machine op een horizontaal oppervlak. 2.
Vóór het gebruik De capaciteit van de brandstoftank is circa 20,8 l. HET CONTROLEREN VAN HET HYDRAULISCH SYSTEEM (Afb. 3) Het hydraulisch systeem is speciaal ontwikkeld voor Mobil DTE 26 of een gelijkwaardige anti-slijtage hydraulische vloeistof. Het hydraulisch reservoir van de machine is in de fabriek gevuld met circa 12 US quarts vloeistof. Controleer echter het hydraulisch vloeistofpeil voordat de machine voor het eerst gestart wordt, en daarna dagelijks.
Vóór het gebruik ➀ Afbeelding 3 1. Dop oliereservoir 4. Doe de dop van het reservoir weer terug op zijn plaats. BELANGRIJK: Om vervuiling van het systeem te voorkomen reinigt u de bovenkant van de bussen met hydraulische olie voordat u deze opent. Zorg ervoor dat de tuit en de trechter schoon zijn. HET CONTROLEREN VAN DE BANDENSPANNING (Afb. 4) De bandenspanning is in de fabriek te hoog opgevoerd voor transport doeleinden. Verminder de spanning tot het normale niveau voordat de machine gestart wordt.
Bedieningsorganen Tractie- en rempedaal (Afb. 5–6)—Het tractiepedaal heeft drie functies: de eerste is om de machine vooruit te laten rijden, de tweede is om hem achteruit te laten rijden en de derde is om de machine te stoppen. Gebruik de hiel en de tenen van uw rechtervoet om de bovenkant van het pedaal in te trappen om vooruit te rijden en trap de onderkant van het pedaal in om achteruit te rijden of om te helpen bij het stoppen van de machine tijdens het vooruit rijden.
Bedieningsorganen werking te stellen. De sleutel zal automatisch verspringen naar de RUN-positie. Om de motor af te zetten draait u de sleutel tegen de wijzers van de klok in naar de OFF-positie. Choke-hendel (Afb. 7)—Om een koude motor te starten zet u de carburateur-choke dicht door de chokehendel uit te trekken in de CLOSED [AAN]-positie. Als de motor aanslaat wijzigt u de choke-instelling om de motor soepel te laten draaien.
Bediening HET STARTEN/STOPPEN VAN DE MOTOR HET CONTROLEREN VAN HET INTERLOCK SYSTEEM 1. Haal uw voet van het tractiepedaal en zorg ervoor dat het pedaal in de neutraalstand staat. Het doel van het interlock systeem is te voorkomen dat de motor aanslaat als het tractiepedaal niet in de neutraalstand staat [NEUTRAL]. 2. Trek de choke-hendel uit naar de ON [AAN]-positie—als u de motor koud start—en zet de gashendel in de SLOW [LANGZAAM]-positie. 3.
Bediening 2. 3. Draai de bypass klep op de pomp tegen de wijzers van de klok in totdat deze volledig open staat (Afb. 11). Voordat de motor gestart wordt, sluit u de bypass klep goed door deze met de wijzers van de klok mee te draaien. Draai deze niet vaster dan 5–8 voet-lb torque. Start de motor niet als de klep open staat. ➀ Afbeelding 11 1. Bypass-klep INRIJDEN 1. Slechts 8 bedrijfsuren zijn nodig om de SAND PRO in te rijden. 2.
Onderhoud LET OP Stop de motor, trek de kabels van de bougies los en verwijder de sleutel uit het contact voordat u onderhoudswerkzaamheden gaat verrichten of de machine gaat afstellen. Sand Pro 5000 OVERZICHTSCHEMA (DAGELIJKS) ONDERHOUDEN/CONTROLEREN 1. Oliepeil, motor 2. Oliepeil, hydraulisch reservoir 3. Interlock-schakelaar 4. Luchtfilter 5. Koelribben motor 6. Bandenspanning (27,6–41,4 kPa) 7. Moment wielbouten (61–74 Nm) 8. Accu 9. Smering 10.
Onderhoud SMERING De Sand Pro heeft (3) smeernippels die regelmatig gesmeerd moeten worden met smeervet Nr. 2 voor algemene doeleinden op lithiumbasis. Smeer het wiellager van het voorwiel en de koppeling van de tractiebesturing na iedere 50 bedrijfsuren. Smeer de stuuras ieder jaar. N.B.: Het smeren van de stuurketting wordt niet aanbevolen, behalve als deze stijf wordt door roestvorming. Indien de ketting roest mag deze licht gesmeerd worden met een DROGE SMEERSOORT.
Onderhoud HET VERVERSEN VAN DE MOTOROLIE EN HET VERVANGEN VAN HET FILTER hierdoor beschadigd kan worden. 1. Parkeer de machine op een horizontaal oppervlak en zet de motor af. Ververs de olie aanvankelijk na de allereerste 8 bedrijfsuren en ververs daarna de olie na iedere 50 bedrijfsuren, en vervang het filter om de 100 uur. 2. Klap de stoel omhoog. 3. Verwijder de knoppen en de afdekplaat van het luchtfilter. 4. Verwijder het filter en de afdekplaat.
Onderhoud VAN HET LOS GEMONTEERDE LUCHTFILTER Inspecteer de stofkap en de rubberen keerring eens per week of na iedere 50 bedrijfsuren. Het is echter nodig dagelijks of vaker te inspecteren als de werksituatie uiterst vuil en stoffig is. Zorg dat er nooit stof afgezet wordt dichter dan een inch (2,5 cm) bij de rubberen keerring. 1. Draai de duimschroef los totdat de stofdop en de keerring verwijderd kunnen worden. Haal de stofkap en de keerring uit elkaar. 2. Schud het stof uit de stofkap.
Onderhoud A. Blaas perslucht van binnen naar buiten door het droge filterelement. Gebruik geen druk hoger dan 689 kPai, om schade aan het filterelement te voorkomen. ➄ ➃ B. Houd de spuitmond ten minste één inch (2,5 cm) van het gevouwen papier vandaan en beweeg de spuitmond omhoog en omlaag terwijl u het filterelement ronddraait. Inspecteer het element als het stof en vuil verwijderd zijn; zie Het Inspecteren van het Filterelement. 4.
Onderhoud Draai nu de stationair mengselschroef langzaam tegen de wijzers van de klok in (rijk mengsel) totdat de motorsnelheid net terug begint te vallen. Let op de positie van de naald. WAARSCHUWING De motor moet draaien tijdens het afstellen van de carburateur en de snelheidsbesturing. Om het risico op lichamelijk letsel te verkleinen moet u uw handen, voeten en andere lichaamsdelen uit de buurt houden van alle bewegende motoronderdelen. Zet de schroef midden tussen de “schrale” en “rijke” positie. 5.
Onderhoud 1. Reinig de plek rondom de bougies zodat er geen vuil in de motorcilinder kan komen als u de bougie verwijdert. 2. Trek de bougiekabels los van de bougies en verwijder de bougies van de cilinderkop. 3. Controleer de conditie van de zij-elektrode, middelste elektrode en de isolator van de middelste elektrode om er zeker van te zijn dat er geen beschadigingen zijn. BELANGRIJK: Een gescheurde, bevlekte, smerige of anderszins defecte bougie moet worden vervangen.
Onderhoud HET ONDER DRUK ZETTEN VAN HET HYDRAULISCH SYSTEEM Als een hydraulisch onderdeel gerepareerd of vervangen is moet het hydraulisch oliefilter worden vervangen en het hydraulisch systeem onder druk gezet worden. ➀ Afbeelding 22 1. 1. Parkeer de machine op een horizontaal oppervlak en zet de motor uit. 2. Verwijder de (3) schroeven waarmee het zijpaneel aan de rechterkant van de machine bevestigd is en verwijder het paneel. 3.
Onderhoud Indien de stang van de liftcilinder na 10–15 nog niet beweegt, of de pomp abnormale geluiden produceert, moet u de motor afzetten en onmiddellijk de oorzaak van het probleem opsporen. Zoek naar de volgende mogelijke oorzaken: A. Loszittend filter of loszittende zuigleidingen. ➀ B. Dichtzittende zuigleidingen. C. Defecte klep voor drukontlasting. Afbeelding 24 1. D. Defecte drukpomp. Indien de cilinder na 10–15 seconden beweegt, ga dan verder met stap 7. N.B.
Onderhoud 3. Zet een opvangbak onder het filter, haal de andere slangklem los en verwijder het filter. 4. Installeer het nieuwe filter waarbij de pijl die op de filterbehuizing staat van de brandstoftank af wijst (in de richting van de carburateur). HET AFSTELLEN VAN DE TRACTIE-AANDRIJVING VOOR DE NEUTRAALSTAND Indien de machine “kruipt” als het tractiepedaal in de neutraalstand staat, dan moet de tractiekam bijgesteld worden. 1. Parkeer de machine op een horizontaal oppervlak en zet de motor af.
Onderhoud HET AFSTELLEN VAN DE HENDEL VOOR HET KANTELEN VAN HET STUURWIEL ACCU-ONDERHOUD 1. Indien de hendel voor het kantelen van het stuurwiel niet sluit nadat het stuur in positie is gezet, moet de hendel afgesteld worden. 1. Draai de tapbout los waarmee de hendel aan de borgpen bevestigd is. LET OP Draai een veiligheidsbril en rubber handschoenen wanneer u met elektroliet werkt.
Onderhoud bedrijfsuren of, indien de machine in opslag staat, om de 30 dagen. 6. Houd de vloeistof in de cellen op peil met behulp van gedestilleerd of gedemineraliseerd water. Vul de cellen niet hoger dan tot aan de vullijn.