Operator's Manual

41
Aanbevolen onderhoudsschema
Onderhoudsinterval Onderhoudsprocedure
Na de eerste
10 bedrijfsuren
Afstelling van de kabels controleren
Wielmoeren aandraaien
Riemen van de wisselstroomdynamo en de ventilator controleren
Transaxle-filter vervangen
Na de eerste
50 bedrijfsuren
Motorolie verversen en brandstoffilter vervangen
Torsie van cilinderkop controleren en kleppen afstellen
Om de 50 bedrijfsuren
Peil van accuvloeistof controleren
Aansluitingen van de accukabels controleren
Luchtfilter onderhoudsbeurt geven
Om de 100 bedrijfsuren
Vet in alle smeernippels spuiten
Conditie en afslijting van de banden controleren
Olie in voordifferentieel controleren (vierwielaandrijving)
Motorolie verversen en brandstoffilter vervangen
Slangen van koelsysteem controleren
Om de 200 bedrijfsuren
Afstelling van de kabels controleren
Riemen van de wisselstroomdynamo en de ventilator controleren
Luchtfilter onderhoudsbeurt geven
Verbinding van mof van homokinetische vooras controleren (vierwielaandrijving)
Motortoerental controleren (stationair en vol gas)
Wielmoeren aandraaien
Om de 400 bedrijfsuren
Uitlijning van voorwielen controleren
Service- en parkeerremmen controleren
Brandstofleidingen controleren
Filter van elektrische brandstofpomp vervangen
Brandstoffilter/waterafscheider vervangen
Kleppen afstellen
Om de 800 bedrijfsuren
Transaxle-filter vervangen
Transaxle-olie verversen
Zeef van transaxle reinigen
Lagers in voorwielen opvullen
Olie in voordifferentieel verversen (vierwielaandrijving)
Om de
1200 bedrijfsuren of de
twee jaar, waarbij de
kortste periode moet
worden aangehouden.
Alle interlockschakelaars vervangen
Koelsysteem – Schoonspoelen/koelvloeistof vervangen
Brandstoftank – aftappen en schoonspoelen
Remvloeistof verversen
1
onmiddellijk na elke wasbeurt, ongeacht het voorgeschreven interval
Belangrijk Zie de gebruikershandleiding van de motor voor verdere onderhoudsprocedures.