Form No. 3380-259 Rev B Greensmaster® 3150 tractie-eenheid met tweewielaandrijving Modelnr.: 04358—Serienr.: 314000001 en hoger Registreer uw product op www.Toro.com.
Als u service, originele Toro onderdelen of aanvullende informatie nodig hebt, kunt u contact opnemen met een erkende servicedealer of met de klantenservice van Toro. U dient hierbij altijd het modelnummer en het serienummer van het product te vermelden. De locatie van het plaatje met het modelnummer en het serienummer van het product is aangegeven op Figuur 1. U kunt de nummers noteren in de ruimte hieronder.
Inhoud De gashendel afstellen ..................................... 39 De choke afstellen ............................................ 40 Het toerental afstellen....................................... 40 Bougies vervangen........................................... 41 Onderhoud brandstofsysteem ............................. 41 Brandstoffilter vervangen.................................. 41 Brandstofleidingen en -verbindingen ................ 42 Onderhoud elektrisch systeem ............................
Veiligheid Voor ingebruikname • Inspecteer het terrein om vast te stellen welke accessoires en werktuigen nodig zijn om goed en veilig te werken. Gebruik alleen door de fabrikant goedgekeurde accessoires en werktuigen. Deze machine voldoet minstens aan CEN-norm EN 836:1997, ISO-norm 5395:2013 en de B71.
• • • • • • • • Veilige behandeling van brandstof abnormaal begint te trillen. Voer alle noodzakelijke reparaties uit voordat u de machine weer in gebruik neemt. Houd uw handen en voeten uit de buurt van de maaidekken. Kijk achterom en omlaag voordat u achteruitrijdt om er zeker van te zijn dat de weg vrij is. Vervoer geen passagiers en zorg ervoor dat huisdieren en omstanders uit de buurt blijven. Verminder uw snelheid en wees voorzichtig als u een bocht maakt of wegen en voetpaden oversteekt.
Gebruik van dit product voor andere doeleinden dan het bedoelde gebruik kan gevaarlijk zijn voor de bestuurder of omstanders. brandstof niet opslaan in de nabijheid van een open vuur of binnenshuis aftappen uit de brandstoftank. • Parkeer de machine op een horizontaal oppervlak. • Laat personeel dat niet bekend is met de Gebruiksaanwijzing instructies, nooit onderhoudswerkzaamheden aan de machine uitvoeren. • Zorg ervoor dat u weet hoe u de motor snel kunt afzetten.
• • • • • • • • deze heeft afgezet. Deze kunnen heet zijn en brandwonden veroorzaken. Blijf uit de buurt van het draaiende rooster op de zijkant van de motor om direct contact met uw lichaam en kleding te vermijden. Als een maaidek een vast voorwerp raakt of het voertuig abnormaal trilt, moet u onmiddellijk stoppen, de motor afzetten, wachten tot alle bewegende delen tot stilstand zijn gekomen en het voertuig op beschadigingen controleren.
Trillingsniveau Hand-arm Gemeten trillingsniveau voor de rechterhand = 0,97 m/s2 Gemeten trillingsniveau voor de linkerhand = 1,11 m/s2 Onzekerheidswaarde (K) = 0,5 m/s2 De gemeten waarden zijn bepaald volgens de procedures in EN 836. Gehele lichaam Gemeten trillingsniveau = 0,40 m/s2 Onzekerheidswaarde (K) = 0,5 m/s2 De gemeten waarden zijn bepaald volgens de procedures in EN 836.
Veiligheids- en instructiestickers Veiligheidsstickers en veiligheidsinstructies zijn gemakkelijk zichtbaar voor de bestuurder en bevinden zich bij plaatsen waar gevaar kan ontstaan. Vervang alle beschadigde of verdwenen stickers. decal121-9566 121-9566 decal105-5471 105–5471 1. Lees de Gebruikershandleiding. 6. Continu snelheidsregeling 2. UIT 3. Choke 7. Snel 8. Storing/defect (test alarm van lekdetector) 4. AAN 9. Koplampen 5. Langzaam decal93-6686 93-6686 1. Hydraulische vloeistof 2.
decal117-2718 117-2718 decal93-8062 93-8062 decal93-9051 93–9051 1. Om de parkeerrem te vergrendelen, trapt u het rempedaal in en activeert u de vergrendeling van de parkeerrem. 1. Lees de Gebruikershandleiding. 2. Om de parkeerrem vrij te zetten, trapt u het rempedaal in. decal105-8306 105–8306 1. Vooruit-versnellingen van machine 2. Snel – Gebruiken voor transport. 3. Langzaam – Gebruiken voor maaien. 4. Neutraal – Gebruiken voor wetten. 10 3.
decal121-2641 decal121-2640 121-2641 1. Waarschuwing – Lees de Gebruikershandleiding, gebruik deze machine uitsluitend als u hierin getraind bent. 2. De machine kan voorwerpen uitwerpen – Houd omstanders op een veilige afstand van de machine. 121–2640 Vervangt 121-2641 conform Europese voorschriften. 4. Machine kan kantelen – Verminder dus uw snelheid voordat u een bocht neemt, maak geen bocht bij een hoge snelheid. 5.
decalbatterysymbols Symbolen op accu Sommige of alle symbolen staan op de accu 1. Risico van explosie 2. Geen vonken of vuur en niet roken. 3. Risico van bijtende vloeistof/chemische brandwonden 4. Draag oogbescherming. 5. Lees de Gebruikershandleiding. 6. Houd omstanders op veilige afstand van de accu. 7. Draag oogbescherming; explosieve gassen kunnen blindheid en ander letsel veroorzaken 8. Accuzuur kan blindheid of ernstige brandwonden veroorzaken. 9.
decal105-8305 105–8305 1. Messenkooien neerlaten en uitschakelen. 2. Messenkooien opheffen en uitschakelen. 3. Motor afzetten 4. AAN 5. Motor starten decal115-8226 115-8226 1. Kantelgevaar – lees de Gebruikershandleiding; gebruik altijd een veiligheidsgordel tijdens het werk en verwijder de kantelbeugel niet.
Montage Losse onderdelen Gebruik onderstaande lijst om te controleren of alle onderdelen zijn geleverd.
1 De accu in gebruik nemen en opladen Geen onderdelen vereist Procedure Gebruik uitsluitend accuzuur (met een soortelijk gewicht van 1,265) als u de accu voor de eerste keer vult. g001197 Figuur 4 1. Accuzuur WAARSCHUWING CALIFORNIË Proposition 65 Waarschuwing Accuklemmen, accupolen en dergelijke onderdelen bevatten lood en loodverbindingen. Van deze stoffen is bekend dat ze kanker en schade aan de voortplantingsorganen veroorzaken.
WAARSCHUWING WAARSCHUWING Accupolen of metalen gereedschappen kunnen kortsluiting maken met metalen onderdelen van de machine, waardoor vonken kunnen ontstaan. Hierdoor kunnen accugassen tot ontploffing komen en lichamelijk letsel veroorzaken. Accupolen of metalen gereedschappen kunnen kortsluiting maken met metalen onderdelen van de machine, waardoor vonken kunnen ontstaan. Hierdoor kunnen accugassen tot ontploffing komen en lichamelijk letsel veroorzaken.
4. Plaats de accuklembeugel en de ringen en zet deze vast met de vleugelmoeren. 5. Schuif het kapje op de op de pluspool (+) van de accu. 3 De rolbeugel plaatsen (ROPS) Benodigde onderdelen voor deze stap: 8 Bout (1/2 x 1,75 inch) 8 Moer (1/2 inch) Procedure 1. 2. 3. Verwijder de schroeven en moeren die het stutplatform aan de rechterkant van de machine ondersteunen. g020793 Figuur 6 Laat het ROPS-frame (Figuur 6) op de montagebeugels zakken en zorg ervoor dat de montagegaten uitgelijnd zijn.
Opmerking: Dit voorkomt dat de mand het bevinden. Dit kan schade aan de motoren of slangen tot gevolg hebben. maaidek naar voren laat kantelen, waardoor de hefrol tijdens het maaien van de hefarm raakt. Opmerking: Als u de maaimessen slijpt, de Zorg ervoor dat de lip van de mand zich op gelijke afstand van de messen van de messenkooi bevindt over de gehele lengte van elke messenkooi.
Draai de motor linksom totdat de flenzen de tapeinden omsluiten. 8. CE-scherm―Greensmaster 3150- tractie-eenheid met tweewielaandrijving. Draai de montagebouten vast (Figuur 10).
Algemeen overzicht van de machine Bedieningsorganen Rempedaal g005105 Figuur 12 Het rempedaal (Figuur 11) bedient een mechanische trommelrem voor auto's op beide voorste tractiewielen. Knop van parkeerrem Gashendel Trap het rempedaal in om het remsysteem in werking te stellen en met een druk op het aangegeven knopje (Figuur 11) worden de remmen vergrendeld in de parkeerstand. U schakelt de parkeerrem uit door het rempedaal in te trappen.
controleren. Beweeg de schakelaar naar voren om de (optionele) verlichting te controleren. Urenteller De urenteller (op het linker bedieningspaneel) toont het aantal uren dat de machine in bedrijf is geweest. De urenteller gaat lopen als de contactschakelaar op AAN staat. g005504 Instelhendel bestuurdersstoel Figuur 15 Met deze hendel, die zich links van stoel bevindt (Figuur 14), kan deze 10 cm naar voren en naar achteren worden geschoven. 1. Schakelhendel 2. Contactschakelaar 3.
g005109 Figuur 18 1. Brandstofafsluitklep (onder de brandstoftank) g005505 Figuur 16 Wethendel 1. Hendel voor stuurwielvergrendeling De wetschakelaar (Figuur 19) wordt in combinatie met de maai-/hefhendel gebruikt om de messenkooien te wetten. Vergrendelknop van stuurstangarm Draai de knop los (Figuur 17) totdat de borst van de knop vrijkomt uit de inkepingen in de stuurstangarm.
Specificaties Gebruiksaanwijzing Opmerking: Specificaties en ontwerp kunnen Opmerking: Bepaal vanuit de normale zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Totale lengte 228,6 cm Totale hoogte 189 cm Totaal gewicht inclusief maaidekken met 11 messen 583 kg Nettogewicht (leeg) 493 kg Maaibreedte 149,9 cm Wielloopvlak 125,7 cm Wielbasis 119,1 cm Maaisnelheid (instelbaar) Veiligheid staat voorop Lees aandachtig alle veiligheidsinstructies in het hoofdstuk Veilige Bediening.
4. Als het oliepeil te laag is, moet u de vuldop losmaken van het klepdeksel en voldoende olie bijvullen via de opening in het klepdeksel totdat het peil de VOL-markering op de peilstok bereikt. Vul de olie langzaam bij en controleer daarbij veelvuldig het peil. Niet te vol vullen. GEVAAR In bepaalde omstandigheden is benzine uiterst ontvlambaar en zeer explosief. Brand of explosie van benzine kan brandwonden bij u of anderen en materiële schade veroorzaken.
3. GEVAAR In bepaalde omstandigheden kan tijdens het tanken statische elektriciteit worden ontladen waardoor vonken ontstaan die benzinedampen tot ontbranding kunnen brengen. Brand of explosie van benzine kan brandwonden bij u of anderen en materiële schade veroorzaken. • Zet benzinevaten altijd op de grond en uit de buurt van het voertuig voordat u de tank bijvult.
die worden gebruikt in hydraulische systemen van Toro, en is geschikt voor een groot aantal temperatuursomstandigheden. Deze vloeistof is compatibel met gangbare minerale olie, maar met het oog op maximale biologische afbreekbaarheid en goede prestaties moet het hydraulische systeem grondig met gewone vloeistof worden gespoeld. De vloeistof is verkrijgbaar in emmers van 19 liter of vaten van 208 liter bij een Mobil-leverancier.
Belangrijk: Zet de motor af. Controleer Aangezien de eerste bedrijfsuren van cruciaal belang zijn voor de betrouwbaarheid van de machine in de toekomst, moet u de werking en de prestaties van de machine scherp in het oog houden zodat kleine gebreken die later grote problemen kunnen veroorzaken, worden opgemerkt en verholpen. Controleer de machine tijdens de inrijperiode veelvuldig op olielekken, losse bevestigingen of andere gebreken.
5. Het veiligheidssysteem zorgt ervoor dat de motor uitsluitend start wanneer: • het tractiepedaal in de neutraalstand staat. • de schakelhendel in de neutraalstand staat. Het veiligheidssysteem zorgt ervoor dat de motor uitsluitend in beweging komt wanneer: • de parkeerrem buiten werking is gesteld. • de bestuurder op de bestuurdersstoel zit. • de schakelhendel in de maai- of transportstand Lekdetector controleren staat.
Werking van de lekdetector controleren 1. Draai het contactsleuteltje op AAN. Start de motor niet. 2. Verwijder de dop en de zeef van de hydraulische tank van de vulbuis van de tank. 3. Steek een schone staaf of schroevendraaier in de vulbuis en druk de vlotter voorzichtig naar beneden (Figuur 26). Na één seconde moet het alarm klinken. g005508 Figuur 24 Normaal gebruik (olie is warm) 1. Elektromagnetische retourklep dicht 3. Waarschuwingszoemer 2. Vlotterschakelaar open 4.
2. messen kunt u de juiste instelling voor de toerentalregeling van de messenkooien bepalen. Bevestig een strook witte tape of zet een streep op elke mand, die evenwijdig loopt aan de buitenrand van elke mand Figuur 29) decal115-8156 Figuur 27 1. Hoogte messenkooi 5. Maaidek met 14 messen 2. Maaidek met 5 messen 3. Maaidek met 8 messen 4. Maaidek met 11 messen 6. Toerental messenkooi 7. Snel 8. Langzaam g005115 Figuur 29 1. Markeringsstrook 4.
2. Beweeg de bedieningshendel van de hefinrichting naar voren als de voorste rand van de grasmanden over de buitenrand van de green komt. Hiermee laat u de maaidekken neer op de grasmat en start u de messenkooien. Belangrijk: U moet eraan wennen dat maaidek 1 een vertraging heeft, en daarom moet u zich oefenen de timing te verkrijgen die nodig is om het maaien van overgebleven gras tot het minimum te beperken. 3. 4. 5. Zorg ervoor dat een nieuwe maaibaan de vorige maaibaan zo weinig mogelijk overlapt.
Werking van de lekdetector verontreinigd raken. Na reiniging moet u de machine te controleren op eventuele lekken in het hydraulische systeem, beschadiging of slijtage van de hydraulische en mechanische onderdelen. Controleer tevens of de messen van de maaidekken scherp genoeg zijn. Smeer verder de remas met SAE 30 olie of een sproeismeermiddel om corrosie te voorkomen en ervoor te zorgen dat de machine tot tevredenheid blijft werken als u deze de volgende keer gebruikt.
Onderhoud Opmerking: Bepaal vanuit de normale bedieningspositie de linker- en rechterzijde van de machine. Opmerking: Op zoek naar een elektrisch schema of hydraulisch schema van uw machine? Download het schema gratis op www.Toro.com u kunt uw machine zoeken via de link Handleidingen op de hoofdpagina. Belangrijk: Zie de Gebruikershandleiding van de motor voor verdere onderhoudsprocedures.
Controlelijst voor dagelijks onderhoud Gelieve deze pagina te kopiëren ten behoeve van gebruik bij routinecontroles. Gecontroleerd item Voor week van: Ma. Di. Wo. Do. Vr. Werking van veiligheidssysteem controleren. Werking van instrumenten controleren Alarm van lekdetector controleren. Werking van de remmen controleren. Brandstofpeil controleren. Het peil van de hydraulische vloeistof controleren. Het motoroliepeil controleren. De koelribben van de motor reinigen. Luchtfilter controleren.
Onderhoudsschema decal121-9566 Figuur 32 Procedures voorafgaande aan onderhoud Bestuurdersstoel verwijderen g005497 Figuur 33 1. Borgpen De stoel kan eenvoudig worden verwijderd om gemakkelijker onderhoudswerkzaamheden in het kleppenblok van de machine uit te voeren. 1. Ontgrendel en til de stoel op. Zet deze vast met de steun. 2. Maak de 2 kabelboomstekkers onder de stoel los. 3. Laat de stoel neer en verwijder de borgpen waarmee de draaistang van de stoel is vastgezet aan het frame (Figuur 33).
Smering De machine smeren Smeer de machine regelmatig door nr. 2 vet op lithium- of molybdeenbasis voor algemene doeleinden in de smeernippels te spuiten. Als de machine in normale omstandigheden wordt gebruikt, moet u alle lagers en lagerbussen om de 50 bedrijfsuren smeren. g005516 Figuur 34 1.
g005121 Figuur 39 g017144 • Hefcilinders (3) (Figuur 40) Figuur 36 • Draaipunt van hefarm (3) en draaischarnier (3) (Figuur 37) g005123 Figuur 40 g005119 Figuur 37 • Tractiepedaal (Figuur 41) • As en rol van trekframe (12) (Figuur 38) g020738 Figuur 41 g005120 Figuur 38 • Rijsnelheidshendel (Figuur 42 en Figuur 43) • Uiteinde van stuurcilinder (Figuur 39) 37
Onderhoud motor Onderhoud van het luchtfilter U moet het schuimelement van het luchtfilter om de 50 bedrijfsuren een onderhoudsbeurt geven en het luchtfilterelement om de 100 bedrijfsuren (dit moet vaker gebeuren als de machine wordt gebruikt in stoffige of vuile omstandigheden). g005514 1. Figuur 42 Maak de sluitklemmen los en verwijder het luchtfilterdeksel (Figuur 44). Reinig het deksel grondig. g017145 Figuur 43 g005125 Figuur 44 1.
g005127 g005126 Figuur 46 Figuur 45 1. Schuimelement 4. 5. 1. Aftapplug 2. Papierelement 2. Verwijder het oliefilter (Figuur 46). Smeer een dun laagje schone olie op de pakking van het filter. 3. Draai het filter met de hand vast totdat de pakking contact maakt met het filtertussenstuk. Draai het filter vervolgens nog eens een 3/4 tot 1 slag. Niet te vast draaien. Belangrijk: Gebruik de motor niet zonder 4.
WAARSCHUWING De motor moet lopen als de carburateur en de snelheidsregelaar worden afgesteld. Contact met bewegende onderdelen of hete oppervlakken kan lichamelijk letsel veroorzaken. • Zet de schakelhendel in de neutraalstand en stel de parkeerrem in werking voordat u deze procedure uitvoert. • Houd kleding, gezicht, handen, voeten en andere lichaamsdelen uit de buurt van de maaimessen, draaiende onderdelen, de geluiddemper en andere hete oppervlakken. g005128 Figuur 47 1. Kabelklemschroef 2. Gaskabel 3.
Onderhoud brandstofsysteem 48) totdat het hoge toerental 2850 ± 50 tpm bedraagt. Bougies vervangen Brandstoffilter vervangen Vervang de bougies om de 800 bedrijfsuren. Er bevindt zich een leidingfilter in de brandstofleiding tussen de brandstoftank en de carburateur (Figuur 50). Vervang het filter om de 800 bedrijfsuren of eerder als de brandstofstroom wordt belemmerd. Let erop dat het peil op het filter van de brandstoftank af wijst. De aanbevolen elektrodenafstand is 0,76 mm.
Brandstofleidingen en -verbindingen Onderhoud elektrisch systeem Onderhoudsinterval: Om de 2 jaar Onderhoud van de accu Inspecteer de brandstofleidingen op slijtage, beschadigingen of loszittende verbindingen. Zorg ervoor dat het accuzuur op het juiste peil wordt gehouden en de bovenkant van de accu schoon blijft. Sla de machine op in een koele ruimte om te voorkomen dat de accu ontlaadt. Controleer het zuurpeil om de 50 bedrijfsuren of om de 30 dagen, wanneer het voertuig is opgeslagen.
Onderhoud aandrijfsysteem WAARSCHUWING CALIFORNIË Proposition 65 Waarschuwing Accuklemmen, accupolen en dergelijke onderdelen bevatten lood en loodverbindingen. Van deze stoffen is bekend dat ze kanker en schade aan de voortplantingsorganen veroorzaken. Was altijd uw handen nadat u met deze onderdelen in aanraking bent geweest. De transmissie afstellen voor de neutraalstand Als de machine kruipt wanneer het tractiepedaal in de neutraalstand staat, moet de contraveer van de neutraalstand worden afgesteld.
B. Zet de schakelhendel in de neutraalstand en de gashendel op LANGZAAM. Start de motor. C. Draai aan de excentriek totdat de machine niet meer naar voren of naar achteren kruipt. Als het wielen niet meer draaien, zet u de moer vast waarmee de excentriek en de afstelling worden geborgd (Figuur 52). Controleer de afstelling met de gashendel op LANGZAAM en SNEL. D. Draai vanaf beide kanten van het schutbord de borgmoeren waarmee de tractiekabel is bevestigd aan het schutbord gelijkmatig vast (Figuur 52).
3. Onderhouden remmen Draai de contramoer vast en controleer de rijsnelheid. Herhaal deze procedure indien nodig. Remmen afstellen Aan beide kanten van de machine bevindt zich een hendel om de rem af stellen zodat de remmen gelijkmatig kunnen worden afgesteld. De remmen worden als volgt afgesteld: 1. Laat de machine vooruitrijden op transportsnelheid en trap het rempedaal in; beide wielen moeten in gelijke mate worden geblokkeerd.
Onderhoud bedieningsysteem in; beide remmen moeten in gelijke mate blokkeren. Indien nodig instellen. 7. Het verdient aanbeveling de remmen elk jaar te polijsten; zie het onderdeel Inrijperiode (bladz. 26). Opheffen/neerlaten van maaidek afstellen Het circuit voor het opheffen/neerlaten van het maaidek is uitgerust met een doorstroomregelklep (Figuur 56). Deze klep is in de fabriek zo afgesteld dat deze na ongeveer 3 slagen opengaat.
De hefcilinders afstellen Onderhoud hydraulisch systeem Om de hoogte van de voorste maaidekken te regelen als ze in de opgeheven (transport) stand staan, kunnen de voorste hefcilinders worden afgesteld. 1. Laat de maaidekken neer op de grond. 2. Draai de contramoer op de gaffel van de hefcilinder van het maaidek dat u wilt afstellen, los. 3. Maak de gaffel van de cilinder los van de hefarm. 4. Draai de gaffel totdat u de gewenste hoogte heeft gekregen. 5.
4. 5. Onderhoud van maaidek Start de motor en laat deze 3 tot 5 minuten stationair lopen om de vloeistof te laten circuleren en het systeem te ontluchten. Zet de motor af en controleer nogmaals het vloeistofpeil. Wetten U moet de vloeistof en het filter op de juiste wijze afvoeren. WAARSCHUWING Contact met de messenkooien of andere bewegende onderdelen kan lichamelijk letsel veroorzaken.
Stalling Als u de machine voor een lange tijd wilt stallen, moet u eerst de volgende handelingen verrichten: 1. Aangekoekt vuil en achtergebleven maaisel verwijderen. De messenkooien en de snijplaten slijpen als dit nodig is; zie de Gebruikershandleiding van het maaidek. De snijplaten en de messen van de messenkooien met een roestwerend middel behandelen. Alle smeerpunten smeren of oliën; zie De machine smeren (bladz. 36). 2. Blokken onder wielen plaatsen om de wielgewichten te verwijderen. 3.
Opmerkingen:
Opmerkingen:
De Toro Total Coverage-garantie Beperkte garantie Voorwaarden en producten waarvoor de garantie geldt De Toro Company en de hieraan gelieerde onderneming, Toro Warranty Company, bieden krachtens een overeenkomst tussen beide ondernemingen gezamenlijk de garantie dat uw Toro product (hierna: het 'product') gedurende twee jaar of 1500 bedrijfsuren* vrij van materiaalgebreken of fabricagefouten is, met dien verstande dat hierbij de kortste periode moet worden aangehouden.