Form No. 3428-213 Rev A Reelmaster® 7000-D tractie-eenheid met vierwielaandrijving Modelnr.: 03781—Serienr.: 403350001 en hoger Modelnr.: 03781TE—Serienr.: 400000000 en hoger Registreer uw product op www.Toro.com.
Lees deze informatie zorgvuldig door, zodat u weet hoe u de machine op de juiste wijze moet gebruiken en onderhouden en om schade aan de machine en letsel te voorkomen. U bent verantwoordelijk voor het juiste en veilige gebruik van de machine. Dit product voldoet aan alle relevante Europese richtlijnen. Zie voor details de aparte productspecifieke conformiteitsverklaring.
Veiligheid van de motor..................................... 43 Onderhoud van het luchtfilter ............................ 43 Het motoroliepeil controleren............................ 44 Motorolie verversen en filter vervangen ............ 45 De gashendel afstellen ..................................... 46 Onderhoud brandstofsysteem ............................. 46 Brandstof aftappen uit de brandstoftank............ 46 Brandstofleidingen en aansluitingen controleren...........................................
Veiligheid Stalling .................................................................... 63 Veiligheid tijdens opslag ................................... 63 De tractie-eenheid gebruiksklaar maken........... 63 De motor gebruiksklaar maken ......................... 64 Deze machine is ontworpen in overeenstemming met de EN-norm ISO 5395 (als u de instellingsprocedures voltooit) en B71.4-2017 van het ANSI (American National Standards Institute).
Veiligheids- en instructiestickers Veiligheidsstickers en veiligheidsinstructies zijn gemakkelijk zichtbaar voor de bestuurder en bevinden zich bij plaatsen waar gevaar kan ontstaan. Vervang alle beschadigde of verdwenen stickers. decal100-6574 100-6574 1. Gevaar, heet oppervlak – Houd omstanders uit de buurt. decal117-4763 117-4763 1. Om de parkeerrem in te schakelen, moet u de rempedalen vastzetten met de vergrendelpen, de rempedalen intrappen en het pedaal inschakelen. 2.
decal106-6755 106-6755 1. Motorkoelvloeistof onder druk. 3. Waarschuwing – Raak het hete oppervlak niet aan. 2. Risico van explosie – Lees 4. Waarschuwing – Lees de de Gebruikershandleiding. Gebruikershandleiding. decal98-4387 98-4387 1. Waarschuwing - Draag gehoorbescherming. decal120-8947 120-8947 decal110-9642 110-9642 1. Opgeslagen energie – Lees de Gebruikershandleiding. 2.
decal121-3884 121-3884 1. Motor – Afzetten 2. Motor – Voorgloeien 3. Motor – Starten decal121-5644 121-5644 1. Lichtschakelaar 6. Langzaam 2. Inschakelen 7. Omlaag decal106-6754 106-6754 3. Aftakas 8. Omhoog 4. Uitschakelen 9. Lees de Gebruikershandleiding. 1. Waarschuwing – Raak het hete oppervlak niet aan. 2. Ledematen kunnen worden gesneden/geamputeerd door de ventilator of worden gegrepen door de riem – Blijf uit de buurt van bewegende onderdelen. 5. Snel decal121-3887 121-3887 1.
decalbatterysymbols Symbolen op accu Sommige of alle symbolen staan op de accu. 1. Risico van explosie 2. Niet roken. Geen open vuur of vonken 3. Risico van bijtende vloeistof/chemische brandwonden 4. Draag oogbescherming. 5. Lees de Gebruikershandleiding. decal125-4605 6. Houd omstanders uit de buurt van de accu. 7. Draag oogbescherming; explosieve gassen kunnen blindheid en ander letsel veroorzaken. 8. Accuzuur kan blindheid of ernstige brandwonden veroorzaken. 9.
decal120-1683 120-1683 4. Waarschuwing – Parkeer niet op een helling; stel de parkeerrem in werking, laat de maai-eenheden neer, zet de motor af en verwijder het sleuteltje uit het contact voordat u de machine verlaat. 2. Waarschuwing – Lees de Gebruikershandleiding voordat u de 5. De machine kan voorwerpen uitwerpen – Houd omstanders uit het werkgebied. machine gaat slepen. 1. Waarschuwing – Lees de Gebruikershandleiding, gebruik deze machine uitsluitend als u hierin getraind bent. 3.
decal138-1186 138-1186 (Aanbrengen op onderdeelnr. 120-1683 voor CE) Opmerking: Deze machine voldoet aan de tests die de statische breedte- en lengtestabiliteit meten en die standaard zijn in de sector. De maximale aanbevolen hellingshoek wordt vermeld op de sticker.
decal138-6983 138-6983 1. Lees de Gebruikershandleiding.
Montage Losse onderdelen Gebruik onderstaande lijst om te controleren of alle onderdelen zijn geleverd. Procedure 1 Hoeveelheid Omschrijving Gebruik Geen onderdelen vereist – Vergrendelbeugel van de motorkap Popnagel Schroef (¼" x 2") Platte ring (¼") Borgmoer (¼") Slanggeleider voorzijde (rechts) Slanggeleider voorzijde (links) 1 2 1 2 1 1 1 Geen onderdelen vereist – De gazoncompensatieveer afstellen. Kickstandaard van maaidek 1 De kickstandaard van het maaidek gebruiken.
1 2 De steunrollen instellen De vergrendelbeugel van de motorkap monteren om te voldoen aan de CE-eisten Geen onderdelen vereist Procedure Benodigde onderdelen voor deze stap: Afhankelijk van de breedte van de maai-eenheden die u op de tractie-eenheid wilt monteren, dient u de steunrollen als volgt af te stellen: Parkeer de machine op een horizontaal oppervlak, stel de parkeerrem in werking, schakel de motor uit en verwijder het sleuteltje.
g012630 Figuur 7 1. Motorkapvergrendeling g012628 Figuur 5 1. Beugel van motorkapvergrendeling 2. Popnagels 8. 3. Verwijder de beugel van de motorkapvergrendeling van de motorkap. 4. Plaats de beugel van de CE-vergrendeling en de beugel van de motorkapvergrendeling op de motorkap en lijn de montageopeningen uit. Schroef de bout in de andere arm van de vergrendelbeugel om de sluiting te vergrendelen (Figuur 8).
3. Haal de maaidekken uit de dozen. 4. U moet de maaidekken monteren en afstellen volgens de instructies in de Gebruikershandleiding. 5. D. Monteer de bout van de veerbuis op het tegenoverliggende lipje van het draagframe, en bevestig met de flensmoer. Opmerking: Plaats de kop van de bout aan de buitenkant van de lip, zoals wordt getoond in Figuur 11.
g015160 Figuur 13 1. Slanggeleider (linkerversie 3. Moeren afgebeeld) 2. Stangbeugel g019602 Figuur 14 1. Slanggeleiders (deze moeten naar het middelste maaidek zijn gericht) Opmerking: Als u de maaidekken monteert of verwijdert, dient u ervoor te zorgen dat de R-pen is gemonteerd in het gat van de veerstang, naast de stangbeugel. Anders moet u de R-pen in de opening in het uiteinde van de stang plaatsen. 7.
g033150 Figuur 15 1. Inbusbout 3. Draagframe 2. Afstandsstuk 4. Flensborgmoer 8. Laat alle hefarmen helemaal neer. 9. Breng een laag schoon smeermiddel aan op de as van het draagframe (Figuur 16). g015976 Figuur 16 1. Juk van draaipunt van hefarm 2. Hefarm 4. As van draagframe 5. Drukring 3. Borgpen 10. 11. 12. Als u een voormaaidek monteert, moet u het maaidek onder de hefarm schuiven, terwijl u de as van het draagframe in het juk van het draaipunt van de hefarm steekt (Figuur 16).
g003979 Figuur 18 1. Lynchpen en onderlegring van de as van het draaipunt van de hefarm 14. B. Plaats het juk van de hefarm op de as van het draagframe (Figuur 16). C. Steek de as van de hefarm in de hefarm en zet deze vast met de ring en de lynchpen (Figuur 18). g004127 Figuur 20 Bevestig de ketting van de hefarm aan de kettingbeugel met de borgpen (Figuur 19). 1.
g003863 Figuur 21 1. Gazoncompensatieveer 3. Veerstang 2. R-pen 4. Zeskantige moeren g003985 Figuur 22 2. 1. Kick-standaard van maai-eenheid Draai de zeskantige moeren op het voorste uiteinde van de veerstang vast totdat de lengte van de samengedrukte veer 15,9 cm bedraagt; zie (Figuur 21). Bevestig de kick-standaard aan de kettingbeugel met de borgpen (Figuur 23). Opmerking: Als u werkt op oneffen terrein, moet de veer 13 mm korter zijn. De machine zal het grondoppervlak iets minder goed volgen.
6 De machine smeren Geen onderdelen vereist Procedure Voordat u de machine gebruikt, moet u smeervet aanbrengen om een goede smering te verzekeren. Zie Smering (bladz. 41). Als de machine niet goed is gesmeerd, kunnen belangrijke onderdelen hierdoor voortijdig slijten of defect raken. g004552 Figuur 24 7 Vloeistofniveaus controleren Controleer het peil van het smeermiddel van de achteras voordat u de motor voor het eerst start; zie Het oliepeil van de achteras controleren (bladz. 52).
Algemeen overzicht van de machine Om de machine te stoppen, laat u het tractiepedaal opkomen en weer terugkeren in de middelste stand. Pedaal voor stuurverstelling Bedieningsorganen Om het stuur in uw richting te kantelen, moet u het pedaal (Figuur 25) intrappen, de stuurkolom naar u toe trekken in een stand die voor u het meest comfortabel is en daarna uw voet van het pedaal halen.
Maai-/hefhendel Aansluitpunt Met deze hendel (Figuur 27) kunt u de maai-eenheden omhoog en omlaag brengen om te maaien en de messenkooien starten en tot stilstand brengen als u de messenkooien in de maaistand zet. U kunt de maaidekken niet neerlaten als de maai-/hefhendel in de transportstand staat. Het aansluitpunt Figuur 28 dient voor de aansluiting van optionele elektrische accessoires van 12 V. Contactschakelaar De contactschakelaar (Figuur 27) heeft 3 standen: UIT, AAN/VOORVERWARMEN en START .
g033323 Figuur 31 1. Gewichtsmeter g015076 Figuur 30 1. Voorste wethendel 2. Gewichtinstelhendel 4. Instelhendel bestuurdersstoel 5. Instelknop armsteun 3. Stoelverstelhendel 2. Achterste wethendel Gewichtinstelhendel De stoel instellen. Stel de stoel in volgens uw gewicht (Figuur 31). Trek de hendel omhoog om de luchtdruk te verhogen en druk de hendel omlaag om de luchtdruk te verlagen. De afstelling is correct als de gewichtsmeter in het groene gedeelte staat.
Het InfoCenter lcd-scherm gebruiken Verklaring van pictogrammen in het InfoCenter SERVICE DUE Het InfoCenter lcd-scherm toont informatie over uw machine, onder meer de bedrijfsstatus en allerlei diagnostische informatie (Figuur 32). Het InfoCenter beschikt over een welkomstscherm en hoofdscherm. U kunt te allen tijde heen en weer gaan tussen het welkomstscherm en het hoofdscherm door om het even welke knop in het InfoCenter te bedienen en dan op de richtingspijl te drukken.
Verklaring van pictogrammen in het InfoCenter (cont'd.) Verklaring van pictogrammen in het InfoCenter (cont'd.) Motor De hydraulische vloeistof is te heet Contactschakelaar Ga zitten of schakel de parkeerrem in werking De maai-eenheden worden omlaag gebracht Enkel toegankelijk met de pincode De maai-eenheden worden omhoog gebracht De menu's gebruiken Pincode Druk in het hoofdscherm op de menuknop om naar het InfoCenter menusysteem te gaan. U gaat naar het hoofdmenu.
Hours Counts Het menu ‘Hours’ toont het totale aantal bedrijfsuren van de machine, motor en aftakas, alsook het aantal uren dat de machine getransporteerd is geweest en de tijd tot het volgende onderhoudsinterval. Aantal messen Bepaalt het aantal messen van de messenkooi voor het messenkooitoerental Maaisnelheid Regelt de rijsnelheid om het messenkooitoerental te bepalen Het menu ‘Counts’ geeft een overzicht van talrijke tellingen die de machine heeft uitgevoerd.
2. Scroll in het instellingenmenu naar beneden tot het beveiligde menu en druk op de rechterknop. 3. Om de code in te voeren drukt u op de middelste knop om het eerste cijfer in te stellen en drukt u vervolgens op de rechterknop om naar het volgende cijfer te gaan. Maaisnelheid instellen 1. Scroll in het instellingenmenu naar beneden tot u de functie Maaisnelheid ziet. 2. Druk op de rechterknop om de maaisnelheid in te stellen. 3.
Specificaties Gebruiksaanwijzing Opmerking: Specificaties en ontwerp kunnen Opmerking: Bepaal vanuit de normale zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. bedieningspositie de linker- en rechterzijde van de machine.
• Geen brandstof bijvullen of aftappen in een Als u bij temperaturen boven -7 °C zomerbrandstof gebruikt, zal de pomp langer meegaan en meer vermogen leveren dan bij gebruik van winterbrandstof. afgesloten ruimte. • Bewaar de machine en het brandstofvat niet op plaatsen waar open vlammen, vonken of waakvlammen (bv. van een boiler of een ander toestel) aanwezig kunnen zijn. Biodiesel Deze machine kan ook gebruik maken van een dieselmengsel tot maximaal B20 (20% biodiesel, 80% petrodiesel).
• Vervoer geen passagiers op de machine en houd • • • • • • g200372 Figuur 33 • 1. Dop van brandstoftank 4. 5. Vul de tank tot de brandstof de onderkant van de vulnek bereikt. Draai de tankdop na het vullen stevig vast. • Opmerking: Vul de brandstoftank na elk • gebruik indien dit mogelijk is. Dit beperkt mogelijke condensvorming in de brandstoftank tot een minimum.
• Rij zeer voorzichtig als u de machine gebruikt in Machines met een inklapbare rolbeugel • Doe altijd de veiligheidsgordel om als de rolbeugel • • • • omhoog is geklapt. De rolbeugel is een integrale veiligheidsvoorziening. Houd een inklapbare rolbeugel in de opgeheven en vergrendelde positie en doe de veiligheidsgordel om als u de machine gebruikt met de rolbeugel omhoog. Klap een inklapbare rolbeugel slechts tijdelijk omlaag en alleen als dit noodzakelijk is.
op de veer tijdens de afstelling weg te nemen (Figuur 34). VOORZICHTIG Aanraking van bewegende delen kan leiden tot letsels. VOORZICHTIG Zet de motor af en wacht totdat alle bewegende delen tot stilstand gekomen zijn voordat u controleert op olielekken, losse onderdelen en andere defecten. De veren staan onder spanning en kunnen persoonlijk letsel veroorzaken. Wees voorzichtig bij het instellen van de veren. De motor afzetten 3.
g015079 Figuur 35 1. Schakelaar g200378 3. 4. Figuur 36 Maak de schroeven van de schakelaar (Figuur 35) los en beweeg de schakelaar naar boven om de draaistand van de hefarm te vergroten, of naar beneden om de draaistand van de hefarm te verkleinen. 1. Bovengeraamte 3. Borgpennen 2. Gaffelpennen 4. Onderste gaten 3. Laat het frame voorzichtig zakken tot het op de steunen rust. 4.
Om de controleren of de interlockschakelaars functioneren, moet u de volgende stappen uitvoeren: WAARSCHUWING Zorg er bij het in- en uitvouwen van de rolbeugel voor dat uw vingers niet gekneld raken tussen de machine en de rolbeugel. Wees voorzichtig bij het in- en uitvouwen van de rolbeugel om te voorkomen dat uw vingers gekneld raken tussen het vaste en het scharnierende gedeelte van de constructie. 1. Rij de machine langzaam naar een ruim, tamelijk open terrein. 2.
De machine transporteren maaien. Een machine met een defect kan ernstige schade oplopen als deze wordt gebruikt. • Gebruik een oprijplaat van volledige breedte bij het laden van de machine op een aanhanger of vrachtwagen. Gras maaien Start de motor en zet de motorsnelheidsschakelaar op SNEL. Zet de maaisnelheidbegrenzer op MAAIEN.
De machine duwen of slepen In een noodgeval kunt u de machine verplaatsen door de omloopklep van de hydraulische pomp in werking te stellen, en dan een hydraulische slang te monteren als omloop rond de terugslagklep, en de machine dan te duwen of slepen. Belangrijk: Duw of sleep de machine niet sneller dan 3 tot 4,8 km/h of over een afstand groter dan 0,4 km – dat zou kunnen leiden tot beschadiging van de interne transmissie. De omloopklep moet open zijn als u de machine duwt of sleept.
langzaam verplaatsen zonder schade aan de transmissie. Let op de stand van de klep als u deze opent en sluit. 3. Opmerking: Sluit de klep met een torsie van maximaal 7 tot 11 N∙m. g009703 Figuur 40 1. Omloopklep 4. Na het duwen of slepen van de machine verwijdert u de hydraulische slang die u heeft aangebracht. 5. Plaats de bestaande eindkap op de druktestpoort voor tractie-achteruit. 6. Plaats de kap voor de diagnose-fitting op de fitting die u heeft geplaatst in het verdeelstuk. 7.
Onderhoud Opmerking: Bepaal vanuit de normale bedieningspositie de linker- en rechterzijde van de machine. Veiligheid bij onderhoud • Ondersteun de machine met assteunen als u onder de machine werkt. • Doe het volgende voordat u de bestuurdersstoel • Haal voorzichtig de druk van onderdelen met verlaat: opgeslagen energie. – Parkeer de machine op een horizontaal oppervlak. • Zorg ervoor dat alle onderdelen van de machine in goede staat verkeren en al het bevestigingsmateriaal stevig vastzit.
Onderhoudsinterval Onderhoudsprocedure Om de 400 bedrijfsuren • Geef het luchtfilter een onderhoudsbeurt (voer dit eerder dan gepland uit indien de onderhoudsindicator rood is). Dit moet vaker gebeuren in uiterst stoffige of vuile omstandigheden. • De leidingen en aansluitingen controleren op slijtage, beschadigingen of loszittende verbindingen • Brandstoffilterbus vervangen. • Controleer de planeetaandrijvingen op eindspeling.
Controlelijst voor dagelijks onderhoud Gelieve deze pagina te kopiëren ten behoeve van gebruik bij routinecontroles. Gecontroleerd item Voor week van: Ma. Di. Wo. Do. Werking van veiligheidssysteem controleren. Werking van de remmen controleren. Peil van de motorolie en brandstof controleren. Peil van de koelvloeistof controleren. Brandstoffilter/waterafscheider aftappen. Onderhoudsindicator van het luchtfilter controleren. Radiateur, oliekoeler en scherm controleren op vuil.
Gecontroleerd item Voor week van: Ma. Di. Wo. Do. Vr. Za. Zo. Maaihoogteinstelling controleren. Vet in alle smeernippels spuiten.2 Beschadigde lak bijwerken. Was de machine. 1. Controleer de gloeibougie en de spuitstukken van de injector als de motor moeilijk start, buitensporig veel rook afgeeft of ongelijkmatig loopt. 2.
g009705 Figuur 42 g015159 Figuur 44 • Kogelverbindingen van stuurcilinder (2) (Figuur 43) • Lagerbussen van hefcilinder (2 per maaidek) (Figuur 44) • Draaikogellagers van hefarm (1 per maaidek) (Figuur 45) • Draagframe van maaidek (2 per maaidek) (Figuur 45) • As van hefarm van maaidek (1 per maaidek) (Figuur 45) g009706 Figuur 43 1. Bovenste nippel op koppelpen g015158 • Kogelverbindingen van spoorstang (2) (Figuur 43) Figuur 45 • Lagerbussen van koppelpen (2) (Figuur 43).
Onderhoud motor Veiligheid van de motor • U moet de motor afzetten voordat u het oliepeil controleert of het carter bijvult met olie. Verander de snelheid van de toerenregelaar niet en laat de motor het maximale toerental niet overschrijden. • Onderhoud van het luchtfilter g011503 Figuur 47 1. Indicatielampje voor onderhoud 2. Sluiting Onderhoudsinterval: Om de 400 bedrijfsuren—Geef het luchtfilter een onderhoudsbeurt (voer dit eerder dan gepland uit indien de onderhoudsindicator rood is).
Belangrijk: Probeer nooit een voordat deze is gestart voor de dag. Als hij al heeft gedraaid, moet u de olie eerst terug laten lopen gedurende tenminste 10 minuten voordat u controleert. Als het olieniveau op of onder de bijvul-markering (Add) op de peilstok staat, vul dan olie bij om het olieniveau bij de vol-markering (Full) te brengen. Giet de motor niet te vol. Als het olieniveau zich tussen de twee markeringen bevindt, hoeft er geen olie te worden bijgevuld. veiligheidsfilter te reinigen (Figuur 49).
1. Plaats de machine op een horizontaal oppervlak, laat de maai-eenheden zakken, stel de parkeerrem in werking, zet de motor af en verwijder het sleuteltje. 2. Verwijder de aftapplug (Figuur 53) en laat de olie in een opvangbak lopen. g008808 Figuur 51 1. Peilstok 4. Als het oliepeil zich onder de veilige zone bevindt, verwijdert u de vuldop (Figuur 52) en vult u bij met olie totdat het oliepeil de vol-markering bereikt. g009713 Figuur 53 1. Aftapplug Belangrijk: Giet de motor niet te vol. 3.
De gashendel afstellen Onderhoud brandstofsysteem Stel de kabel van de gashendel (Figuur 55) zo af, dat de regelhendel op de motor contact maakt met de stelbout voor hoog toerental op hetzelfde punt waar de kabel van de gashendel contact maakt met het uiteinde van de sleuf in de bedieningsarm. GEVAAR In bepaalde omstandigheden zijn brandstof en brandstofdampen uiterst ontvlambaar en explosief. Brand of explosie van brandstof kan brandwonden of materiële schade veroorzaken.
Onderhoud van de waterafscheider Onderhoud elektrisch systeem Onderhoudsinterval: Bij elk gebruik of dagelijks—Verwijder dagelijks water of ander vuil uit de waterafscheider. Om de 400 bedrijfsuren—Brandstoffilterbus vervangen. 1. Plaats de machine op een horizontaal oppervlak, laat de maai-eenheden zakken, stel de parkeerrem in werking, zet de motor af en verwijder het sleuteltje. 2. Plaats een schone opvangbak onder het brandstoffilter. 3. Draai de aftapplug onder de filterbus los.
112X-vet (Toro onderdeelnr. 505-47), vaseline of dunvloeibare smeerolie aanbrengen. GEVAAR Accuzuur bevat zwavelzuur; deze stof is dodelijk bij inname en veroorzaakt ernstige brandwonden. • U mag accuzuur nooit inslikken en moet elk contact met huid, ogen of kleding vermijden. Draag een veiligheidsbril en rubberhandschoenen om uw ogen en handen te beschermen. Sluit een acculader van 3 tot 4 A aan op de accupolen. 4. Laad de accu op gedurende 4 tot 8 uur bij 3-4 A. 5.
g016642 decal125-4605 Figuur 61 Figuur 59 1. Zekeringen Plaats de machine op een horizontaal oppervlak, laat de maai-eenheden zakken, stel de parkeerrem in werking, zet de motor af en verwijder het sleuteltje. Maak de vergrendeling los en breng het bedieningspaneel omhoog (Figuur 60) om toegang te krijgen tot de zekeringen (Figuur 61). g200376 Figuur 60 1. Bedieningspaneel 2.
Onderhoud aandrijfsysteem De planeetaandrijvingen/aandrijfwielen mogen geen eindspeling hebben (d.w.z. de wielen mogen niet bewegen wanneer u ze in een richting parallel met de as duwt of trekt). De bandenspanning controleren Onderhoudsinterval: Bij elk gebruik of dagelijks 1. Parkeer de machine op een horizontaal oppervlak, stel de parkeerrem in werking, laat de maai-eenheden zakken, schakel de motor uit en verwijder het sleuteltje. 2.
Het smeermiddel van de planeetwielaandrijving controleren 3. 4. Onderhoudsinterval: Om de 400 bedrijfsuren (controleer op uitwendig lekkage). Aanbevolen smeermiddel: hoogwaardige SAE 85W-140 transmissieolie 1. 5. 6. Plaats de machine op een egale ondergrond en zet het wiel zodanig dat de vulplug zich bovenaan bevindt, de controleplug rechts en de aftapplug onderaan (Figuur 63).
3. Plaats een opvangbak onder de naaf van het planeetwiel, verwijder de aftapplug onderaan en laat al de olie weglopen (Figuur 65). 4. Controleer de O-ringen van de vul-, controle- en aftappluggen op slijtage of schade. Opmerking: Vervang de O-ring(en) indien nodig. 5. Monteer de aftapplug in de aftapopening van de planeetwielkast (Figuur 65). 6. Plaats een opvangbak onder de remkast, verwijder de aftapplug en laat al de olie in de bak lopen (Figuur 66). g225610 Figuur 67 1.
2. parkeerrem in werking, zet de motor af en verwijder het sleuteltje. 4. Verwijder de aftappluggen zodat de olie in de opvangbakken kan lopen. Verwijder de controleplug van één uiteinde van de as (Figuur 69) en controleer of de olie tot aan de onderkant van de opening komt. Indien het peil te laag staat, verwijdert u de vulplug (Figuur 69) en vult u voldoende olie bij totdat het peil de onderkant van de openingen van de controleplug bereikt. 5. Plaats de pluggen. 6.
Toespoor achterwielen controleren De tractieaandrijving afstellen voor de neutraalstand Onderhoudsinterval: Om de 800 bedrijfsuren/Jaarlijks (houd hierbij de kortste periode aan) De machine mag niet kruipen als het tractiepedaal niet is ingetrapt. Als de machine kruipt, is afstelling vereist 1. Parkeer de machine op een horizontaal oppervlak, schakel de motor uit, zet de snelheidsregeling op Laag, en laat de maai-eenheden neer. 2. Trap alleen het rechterrempedaal en stel de parkeerrem in werking. 3.
5. Draai de klemmen aan beide uiteinden van de spoorstangen los (Figuur 74). 6. Draai de losgezette kogelverbinding 1 hele slag naar binnen of naar buiten. 7. Zet de klem vast op het losse uiteinde van de trekstang. 8. Draai de complete trekstang 1 hele slag in dezelfde richting (naar binnen of naar buiten). 9. Zet de klem vast op het aangesloten uiteinde van de trekstang. 10. Plaats de kogelverbinding in de steun van het differentieelhuis en draai de moer met de hand vast. 11.
g200377 Figuur 76 1. Sluiting van achterscherm g009702 Figuur 75 3. 1. Expansietank 2. Opmerking: Om het scherm te verwijderen, moet u de scharnierpennen verwijderen. Controleer het koelvloeistofpeil in de radiateur. Opmerking: De radiateur moet worden gevuld tot de bovenkant van de vulbuis, en de expansietank tot de vol-markering (Figuur 75). 3. 4. Als het koelvloeistofpeil te laag is, moet u bijvullen met een oplossing die half uit water, half uit ethyleenglycol-antivries bestaat.
5. Belangrijk: Als u de radiateur of de oliekoeler met water reinigt, kan hierdoor voortijdig corrosie optreden en kunnen onderdelen schade oplopen en kan vuil gaan aankoeken. Onderhouden remmen Sluit het achterscherm en zet het vast met de vergrendeling. Stel de serviceremmen af als de rempedalen meer dan 13 mm 'speling' hebben of als de remmen niet naar behoren functioneren. Met speling wordt de afstand bedoeld die het rempedaal aflegt als het wordt ingetrapt voordat er remweerstand wordt gevoeld.
Onderhoud riemen Onderhoud hydraulisch systeem Onderhoud van de riem van de wisselstroomdynamo Veiligheid van het Onderhoudsinterval: Om de 100 bedrijfsuren hydraulische systeem 1. 2. Bij een correcte spanning heeft de riem een speling van 10 mm als u halverwege tussen de poelies op de riem drukt met een kracht van 45 N (4,5 kg). • Waarschuw onmiddellijk een arts als er Als de indrukking niet correct is (geen 10 mm), moet u de montagebouten van de wisselstroomdynamo losdraaien (Figuur 79).
bijgevuld worden en de filter moet minder vaak worden vervangen. Andere hydraulische vloeistoffen: Als de Toro PX Extended Life hydraulische vloeistof niet verkrijgbaar is, kunt u een andere conventionele, petroleumgebaseerde hydraulische vloeistof gebruiken die aan de volgende materiaaleigenschappen en de industrienormen voldoet. Gebruik geen synthetische vloeistof. Vraag uw smeermiddelenleverancier naar een geschikt product.
Inhoud van hydraulisch systeem Hydraulische filters vervangen 28,4 liter; zie Specificaties hydraulische vloeistof (bladz. 59) Onderhoudsinterval: Om de 1000 bedrijfsuren—Als u de aanbevolen hydraulische vloeistof gebruikt, moet u de hydraulische filters vervangen. Hydraulische vloeistof verversen Om de 800 bedrijfsuren—Als u de aanbevolen hydraulische vloeistof niet gebruikt of het reservoir ooit hebt gevuld met een andere vloeistof, moet u de hydraulische filters vervangen.
Onderhoud van maaidek Veiligheid van de messen • Versleten of beschadigde messen of ondermessen • • • Maai-eenheden wetten g200374 Figuur 82 1. Hydraulisch filter 5. Zorg ervoor dat de plaats waar het filter wordt bevestigd, schoon is. 6. Schroef het filter erop totdat de pakking contact maakt met de bevestigingsplaat: draai het filter vervolgens nog eens een ½ slag. 7. Start de motor en laat deze ongeveer 2 minuten lopen om lucht uit het systeem te verwijderen. 8.
10. • Verander nooit het motortoerental tijdens het wetten. Afstellen van de maaidekken tijdens het wetten: schakel de messenkooien uit door op de achterkant van de hefschakelaar te drukken, zet de aftakasschakelaar op UIT, en schakel de motor uit. Na de afstelling herhaalt u alle stappen5 tot en met 9. 11. • Wet de messenkooien uitsluitend als de motor laag stationair loopt. Herhaal de procedure bij alle maaidekken die u wilt wetten. 12.
Reiniging Stalling De machine wassen Veiligheid tijdens opslag Reinig de machine indien nodig met alleen water of een mild reinigingsmiddel. U kunt een vod gebruiken wanneer u de machine wast. • Zet de motor af, verwijder het contactsleuteltje (indien aanwezig) en wacht totdat alle bewegende onderdelen tot stilstand zijn gekomen voordat u de bestuurderspositie verlaat. Laat de machine afkoelen voordat u deze afstelt, reinigt, stalt of er onderhoudswerkzaamheden aan verricht.
De motor gebruiksklaar maken 1. Tap de motorolie af uit het carter en plaats de aftapplug. 2. Verwijder het oliefilter en gooi het weg. Plaats een nieuw oliefilter. 3. Vul de motor met de opgegeven motorolie. 4. Start de motor en laat deze ongeveer twee minuten stationair lopen. 5. Zet de motor af en haal het sleuteltje uit het contact. 6. Spoel de brandstoftank met verse, schone brandstof. 7. Zet alle onderdelen van het brandstofsysteem weer goed vast. 8.
Opmerkingen:
Privacyverklaring EEA/VK Toro’s gebruik van uw persoonlijke gegevens The Toro Company (“Toro”) respecteert uw recht op privacy. Wanneer u onze producten koopt, kunnen we bepaalde persoonlijke informatie over u verzamelen, ofwel rechtstreeks via u ofwel via uw plaatselijk Toro bedrijf of dealer.
Californië Proposition 65 Waarschuwingsinformatie Wat betekent deze waarschuwing? Sommige producten die op de markt zijn bevatten een etiket met een waarschuwing als: WAARSCHUWING: Kanker en schade aan de voortplantingsorganen – www.p65Warnings.ca.gov. Wat is Prop 65? Prop 65 geldt voor elk bedrijf dat actief is in Californië, producten verkoopt in Californië, of producten maakt die kunnen worden verkocht of geïmporteerd in Californië.
Toro garantie Garantie gedurende twee jaar of 1500 bedrijfsuren Voorwaarden en producten waarvoor de garantie geldt De Toro Company en de hieraan gelieerde onderneming, Toro Warranty Company, bieden krachtens een overeenkomst tussen beide ondernemingen gezamenlijk de garantie dat uw Toro product (hierna: het 'product') gedurende 2 jaar of 1.500 bedrijfsuren* vrij van materiaalgebreken of fabricagefouten is, met dien verstande dat hierbij de kortste periode moet worden aangehouden.