Operator's Manual

Werkingvanhet
diagnoselampje
Demachineisuitgerustmeteendiagnoselampjedat
aangeeftdathetelektronischebesturingssysteem
eenstoringgevondenheeft.Hetdiagnoselampje
bevindtzichophetInfoCenter,bovenhetdisplay
(Figuur59).Alsdemachinenaarbehorenwerkten
hetcontactsleuteltjenaardestandAan/lopenwordt
gedraaid,zalhetdiagnoselampjekortbrandenom
tetonendathetwerkt.Alseenmachinestoring
wordtweergegeven,gaathetlampjebrandenals
ereenmededelingis.Alseenfoutmeldingwordt
weergegeven,knipperthetlampjetotdestoringis
opgelost.
g021272
Figuur59
1.Diagnoselampje
Deinterlockschakelaars
controleren
Deinterlockschakelaarszijnbedoeldomaanslaan
ofstartenvandemotoralleenmogelijktemaken
alshettractiepedaalindeneutraalstandis,de
activerings-/blokkeringsschakelaaropBlokkerenis
gezetendemaai-/hefhendelindeneutraalstand
staat.Daarnaastwordtdemotoruitgeschakeldalshet
tractiepedaalwordtingetraptterwijldebestuurderniet
opdestoelzitofdeparkeerreminwerkingisgesteld.
VOORZICHTIG
Niet-aangeslotenofbeschadigde
interlockschakelaarskunnenonverwachte
gevolgenhebbenopdewerkingvan
demachine.Ditkanlichamelijkletsel
veroorzaken.
Laatdeinterlockschakelaarsongemoeid.
Controleerelkedagdewerkingvan
deinterlockschakelaarsenvervang
beschadigdeschakelaarsvoordatude
machineweeringebruikneemt.
Controleofdeinterlockschake-
laarsfunctioneren
1.Plaatsdemachineopeenhorizontaalvlak,laat
demaaidekkenneer,zetdemotorafenstelde
parkeerreminwerking.
2.DraaihetcontactsleuteltjeopAan,maarstart
demotorniet.
3.Zoekdejuisteschakelaarfunctieinhet
diagnostischsysteemvanhetInfoCenter.
4.Zetdeschakelaarseenvooreenvanopennaar
gesloten(d.w.z.gaopdestoelzitten,drukhet
tractiepedaalin,enz.)encontroleerofdestatus
vandeschakelaarverandert.Herhaaldeze
procedurebijelkeschakelaardiemetdehand
vandeopenindegeslotenstandkanworden
gezet.
5.Alsdeschakelaarwordtgeslotenzonderdatde
bijbehorendeindicatorverandert,moetualle
kabelsenaansluitingennaardeschakelaar
controlerenen/ofdeschakelaardoormetenmet
eenweerstandsmeter.Vervangbeschadigde
schakelaarsenrepareerkapottekabels.
Opmerking:HetInfoCenterkanooknagaanwelke
solenoïdesofrelaisvandeoutputszijningeschakeld.
Ditiseensnellemanieromvaststellenofhetomeen
storinginhetelektrischeofhethydraulischesysteem
vandemachinegaat.
Controlevandeoutputfunctie
1.Plaatsdemachineopeenhorizontaalvlak,laat
demaaidekkenneer,zetdemotorafenstelde
parkeerreminwerking.
2.DraaihetcontactsleuteltjeopAanenstartde
machine.
3.Zoekdejuisteoutputfunctieinhetdiagnostisch
systeemvanhetInfoCenter.
4.Neemplaatsopdestoelenprobeerde
gewenstefunctievandemachine.Alsdestatus
vandejuisteoutputsverandert,duidtditerop
datdeECMdiefunctieinschakelt.
42