Operator's Manual

g224417
Figuur40
Hetpictogramhogeuitlaattemperatuur
verschijntophetInfoCenter(Figuur40).
Decomputervandemotorpastde
motorinstellingenzoaandatdeuitlaattemperatuur
stijgt.
Belangrijk:Hetpictogramhoge
uitlaattemperatuurgeeftaandatde
uitlaattemperatuurvanuwmachinehogerkan
zijndanbijnormaalbedrijf.
Laatdemotortijdenshetgebruikvandemachine
zoveelmogelijkophetmaximaletoerentalenmet
hogebelastinglopenomderegeneratievanhet
DPFtebevorderen.
HetpictogramverschijntophetInfoCentertijdens
deresetregeneratie.
Indienmogelijk:schakeldemotornietuit
enverlaaghettoerentalniettijdensdereset
regeneratie.
Belangrijk:Laatdemachineindienmogelijk
devolledigeherstelregeneratieuitvoeren
voordatudemotorafzet.
Periodiekeresetregeneratie
Alsdemotortijdensdevoorbije100bedrijfsurengeen
succesvollereset,geparkeerdeofherstelregeneratie
heeftuitgevoerd,zaldecomputervandemotor
proberenomeenresetregeneratieuittevoeren.
InhibitRegeninstellen
Uitsluitendresetregeneratie
Opmerking:AlsuhetInfoCentervraagtom
regeneratieteverhinderen,zalhetInfoCenter
zolangdemotoreenresetregeneratievraagtomde
15minutenMELDINGNR.185(Figuur41)weergeven.
g224692
Figuur41
Eenresetregeneratieleidttothogeretemperatuur
vandeuitlaatgassen.Alsudemachinegebruikt
nabijbomen,struiken,hooggrasofandere
temperatuurgevoeligeplantenofmaterialen,kuntude
instellingInhibitRegengebruikenomteverhinderen
datdecomputervandemotoreenresetregeneratie
uitvoert.
Belangrijk:Wanneerudemotoruitschakelten
weerstart,schakeltdeinstellingInhibitRegen
naarUIT.
1.GanaarhetmenuDPFRegeneration,drukop
demiddelsteknopomnaardeoptieINHIBIT
REGENtegaanendrukopderechterknopom
deoptieInhibitRegenteselecteren(Figuur42).
g227304
Figuur42
2.DrukopderechterknopomdeinstellingInhibit
RegenvanAannaarUit(Figuur42)ofvanUit
naarAan(Figuur43)teschakelen.
g224691
Figuur43
35