Installation Instructions
E-DOC-CTC-20060911-0097 v1.0
Hoofdstuk 4
Problemen met de Internetverbinding oplossen
31
4.2 Lampjesdiagnostiek
Controle van lampjes
Nadat u de Internet-verbinding tot stand heeft gebracht, moeten ten minste de volgende lampjes
onafgebroken groen branden: Power, DSL, Internet.
Status van lampje Mogelijke oplossingen
Er branden geen lampjes De Thomson Gateway is niet op een stopcontact aangesloten, of staat uit.
> Controleer of de Thomson Gateway is aangesloten op een stopcontact.
> Controleer of u de juiste stroomvoorziening voor uw Thomson Gateway-
apparaat gebruikt. De Thomson Gateway stroomvereisten worden
vermeld op het label op de onderkant van uw Thomson Gateway.
> Zie erop toe dat de Thomson Gateway aanstaat.
> Trek de Thomson Gateway stekker eruit, start uw computer opnieuw en
steek de Thomson Gateway stekker er weer in.
Power-lampje brandt
rood of flikkert oranje
De Thomson Gateway werkt slecht of wil niet starten.
> Trek de Thomson Gateway uit de computer en trek zijn stekker uit het
stopcontact. Wacht vijf seconden en zet de Thomson Gateway weer aan.
> Voer de Thomson Gateway upgradewizard uit die u op het cd-menu vindt,
om de systeemsoftware te herstellen.
DSL-lampje flikkert groen
of er brandt helemaal
geen DSL-lampje
Uw DSL-service kan niet synchroniseren.
> Vergewis u ervan dat de Thomson Gateway is aangesloten op de
telefoonlijn met ingeschakelde DSL-functie.
> Vergewis u ervan dat de microfilters correct zijn geplaatst (zo niet, dan is
er een grote kans dat uw gewone telefoonservice slecht functioneert).
> Let erop dat u de juiste Thomson Gateway-versie (ISDN of POTS)
gebruikt, afhankelijk van de DSL/telefoonservice waarover u beschikt.
> Indien uw verbinding eerst wel goed werkte, dient u uw Internet-
aanbieder te bellen om te controleren of er black-outs zijn.
Geen Ethernet-lampjes
Geen lampje voor
integriteit en activiteit
van verbinding met
Ethernet-poort
Geen Ethernet-verbinding:
> Controleer of de Ethernet-kabels stevig zijn aangesloten op de 10/
100BaseT poort.
> Controleer of u het juiste type kabel voor uw Ethernet-apparatuur
gebruikt.
> Controleer of het Ethernet-NIC-stuurprogramma correct op uw computer
is geïnstalleerd en ingeschakeld. Energiebesparende opties voor de
Ethernet NIC schakelt u bij voorkeur uit.










