Operating Instructions and Installation Instructions

2 SpeedTouch™ – lokaal netwerk instellen
E-DOC-CTC-20040123-0009 v3.0
11
2 SpeedTouch™ – lokaal netwerk instellen
Inleiding De SpeedTouch™ biedt drie configuraties voor een lokaal netwerk:
Bekabeld Ethernet
Draadloos Ethernet
USB (1.1)
Wanneer u de SpeedTouch™ opneemt in uw lokale netwerk, kunnen lokale hosts
via een van de hierboven vermelde oplossingen een lokaal netwerk delen (met andere
woorden één computer via USB, meerdere computers via het bekabelde Ethernet-
netwerk en meerdere draadloze clients via het draadloze netwerk).
Bekabeld Ethernet Met behulp van de beheerde SpeedTouch™ 10/100Base-T half-/full-duplex MDI/MDI-X
Ethernet-switch met vier poorten en automatische detectie kunt u een lokaal Ethernet-
netwerk van maximaal vier apparaten maken zonder extra netwerkapparaten of uitbrei-
ding van een bestaand 10- of 100Base-T Ethernet-netwerk.
Opmerking Als u een externe hub of switch gebruikt voor een bekabeld Ethernet-
netwerk, volgt u de installatie-instructies bij de hub voor de aanslui-
tingen en Ethernet-bekabeling.
Ga door naar “2.1 Ethernet-verbinding instellen” op pagina 12.
USB Als uw computer niet over een Ethernet-poort beschikt, kunt u de computer op de
SpeedTouch™ aansluiten via de USB-poort aan de achterkant van de SpeedTouch™.
De USB-poort kan in de volgende Microsoft-besturingssystemen worden gebruikt:
Microsoft Windows-besturingssystemen
Microsoft Windows 98SE
Microsoft Windows Millennium
Microsoft Windows 2000
Microsoft Windows XP
Als u de computer via USB op de SpeedTouch™580 wilt aansluiten, moet u de USB-
stuurprogramma’s installeren. Ga door naar “2.2 USB-configuratie-instellingen voor
Microsoft Windows” op pagina 13.
Draadloos Ethernet Met behulp van het gecertificeerde Wi-Fi™ IEEE 802.11g draadloze toegangspunt van
de SpeedTouch™ kunt u meerdere computers draadloos op uw lokale netwerk
aansluiten via de draadloze netwerkomgeving van de SpeedTouch™. De Speed-
Touch™580 is compatibel met de oudere standaard IEEE802.11b. Dit betekent dat u
zowel IEEE802.11b- als IEEE802.11g-apparaten in het draadloze netwerk kunt gebruiken.
Voordat u de computers kunt aansluiten, moet een draadloze-clientadapter (WLAN-
client) worden geïnstalleerd op elke computer die u in het WLAN wilt opnemen.
Ga door naar “2.3 Draadloze verbinding instellen” op pagina 16.