Instructions

127
2. Druk de SET-toets. Nu worden de data van de MIN/MAX binnen-en temperatuur
teruggesteld temperatuur.
BATTERIJ-INDICATOR
Als het tijd wordt de batterijen te vervangen wordt de batterij-indicator op het scherm
weergegeven.
BUITENZENDER
De buitentemperatuur wordt per individuele zender gemeten en verzonden. Het bereik van de
temperatuurzender kan door de temperatuur worden beïnvloed. Koude temperaturen kunnen
het zendbereik verminderen. Houd hiermee rekening bij het plaatsen van de zender.
868 MHz-ONTVANGST:
Het temperatuurstation dient de temperatuurdata binnen 2 minuten na het opstarten te
ontvangen. Als het buitensignaal niet binnen 2 minuten na het opstarten kan worden ontvangen,
of als in normale stand de signaalontvangst voortdurend verstoord wordt, geeft het scherm “- - -