Operation Manual
29
• CONTOLE VAN DE BANDEN
• Banden worden gecontroleerd en op juiste druk gezet wanneer de motor af staat.
• Als het loopvlak van de band er abnormaal uit ziet, controleer dan of de druk correct is en
breng de druk naar de correcte waarde.
• De bandendruk moet gecontroleerd worden wanneer de band koud is (voor het rijden).
• Controleer de band op barsten of schade.
• Controleer of er geen nagels of steentjes in de band gedrukt zijn.
• Controleer aan de hand van de slijtage-indicator of de band versleten is.
• Als een band versleten is, laat deze dan meteen vervangen..
• VERVANGEN VAN DE BANDEN
De banden van uw ATV zijn gekozen op basis van het vermogen en beste rijcomfort.
Vervang steeds de 4 banden tegelijkertijd. Indien dit niet mogelijk is vervang dan steed
de 2 banden op dezelfde as.
Zorg ervoor dat de banden van dezelfde grote zijn, hetzelfde patroon hebben en van
dezelfde fabrikant komen.
Opgelet:
Ÿ Een verkeerde bandenmaat kan het voertuig oncontroleerbaar en onstabiel maken.
Het is niet uit te sluiten dat dit tot botsingen kan leiden, met letsels tot gevolg.
Ÿ Gebruik banden met de specificaties zoals vermeld in de handleiding.
De aanbevolen bandenmaat en specificaties voor uw ATV zijn:
Vooraan : AT21×7-10 / Achteraan: AT22×10-10? 3.8 ±0.2psi
8. Gereedschapskit
De gereedschapkit bevindt zich onder het zadel. Het setje bevat gereedschap dat u in staat
moet stellen routineonderhoud en kleine reparaties uit te voeren.
(1) Gereedsschapskit
De gereedsschapskit bevat:
? Standaard / Phillips schroevendraaier
? 10? 12mm steeksleutel
? 14? 17mm steeksleutel
? bougiesleutel
? zakje










