Operation Manual

10. C.D.I. ELECTRICAL IGNITION SYSTEM
Het C.D.I systeem zorgt er voor dat er electrische energie gegenereerd wordt. In samenwerking met de bougie zal er op het juiste
moment een vonk geproduceerd worden.
11. WELKE BRANDSTOF
Deze scooter is ontworpen voor het gebruik van ONGELODE benzine van Octane No. 90 of hoger.
Als de scooter op grote hoogte gebruikt wordt (waar de druk lager is), wordt het aangeraden om de lucht/brandstof verhouding
aan te passen om de motorprestatie te maximaliseren.
12. TRANSMISSIE OLIE
Aanbevolen olie Motul Scooter Gear SAE 90
13. VOORZORGSMAATREGELEN VOOR HET BERIJDEN VAN EEN SCOOTER
1. Haal de scooter van de standaard en ga erop zitten.
Duw de scooter naar voren om hem van de standaard af te halen.
LET OP
Draai de gashandel nooit open om het vermogen van de motor te verhogen voordat u wegrijdt.
2. Stap aan de linkerkant op uw scooter en ga goed op de zitting zitten. Zet uw voeten stevig op de grond om te voorkomen dat de
scooter omvalt.
LET OP
Knijp de achterrem in voordat u wegrijdt.
3. Draai het gashandel langzaam open en de scooter komt in beweging.
LET OP
Als u de gashandel te snel opendraait, kan de scooter onverwachts naar voren schieten. Dit is gevaarlijk.
Let er op dat de hoofdstandaard helemaal ingeklapt is voordat u wegrijdt.
KNIJP NIET PLOTSELING DE REM IN TERWIJL U EEN SCHERPE BOCHT MAAKT
Plotseling remmen terwijl u een scherpe draai maakt, kan een slip en een val veroorzaken.
Op een regenachtige dag als de weg nat en glad is, is het risico op een slip- of valpartij nog groter.
RIJ EXTRA VOORZICHTIG OP REGENACHTIGE DAGEN
De remafstand is op regenachtige dagen langer. Rij daarom langzamer en rem eerder.
Laat de gashandel los en rem, indien nodig, voorzichtig om snelheid te minderen als u een helling afgaat.