HANDLEIDING MODELREEKS STR36 ZITVLINDERMACHINE MODEL STR36 Versie 1(15/03/06) DEZE HANDLEIDING MAG NIET VAN DE MACHINE GESCHEIDEN WORDEN. Om de recentste versie van deze handleiding te vinden, bezoekt u onze website op: www.STOW.com Stuknr.
WAARSCHUWING Malen/snijden, boren in metselwerk, beton, metaal en andere materialen kan stof, nevel en dampen veroorzaken die chemicaliën bevatten waarvan bekend is dat zij ernstige of dodelijke verwondingen of ziekten kunnen veroorzaken, zoals ziekten van de luchtwegen, kanker, geboorteafwijkingen en andere reproductieve letsels.
CONTACTGEGEVENS ZORG ERVOOR DAT U HET MODEL- EN SERIENUMMER BIJ DE HAND HEBT WANNEER U BELT STOW HOOFDKANTOOR Post Office Box 6254 Carson, Ca 90749 E-mail: stow@STOW.com Website: www.stowmfg.
INHOUDSOPGAVE Contactgegevens .................................................................... 4 Inhoudsopgave ........................................................................ 5 Controlelijst voor trainingen .................................................... 6 Lijst met dagelijkse aan het gebruik voorafgaande controles .......................................................... 7 Alarmsymbolen bij veiligheidsinformatie ............................. 8-9 Voorschriften voor een veilig gebruik ....
CONTROLELIJST VOOR TRAININGEN CONTROLELIJST VOOR TRAININGEN Dit is een lijst met een aantal minimumvereisten voor de bediening van de machine. Maak gerust kopieën voor dagelijks gebruik. Gebruik deze controlelijst wanneer u een nieuwe operator traint of als opfrissing voor operatoren met meer ervaring. CONTROLELIJST VOOR TRAININGEN Nr. OMSCHRIJVING 1 De handleiding volledig lezen. 2 Ontwerp van de machine, locatie van onderdelen, motor en peil van de vloeistoffen controleren.
LIJST MET DAGELIJKSE AAN HET GEBRUIK VOORAFGAANDE CONTROLES LIJST MET DAGELIJKSE AAN HET GEBRUIK VOORAFGAANDE CONTROLES LIJST MET DAGELIJKSE AAN HET GEBRUIK VOORAFGAANDE CONTROLES 1 Motoroliepeil. 2 Vloeistofpeil van drijfwerkkast. 3 Peil van radiatorkoelmiddel. 4 Toestand van de bladen. 5 Werking van de bladhoekverstelling. 6 Werking van de veiligheidsstopschakelaar. 7 Werking van de stuurinrichting. 8 Toestand van de riemen.
MODELREEKS STR36 — ALARMSYMBOLEN BIJ VEILIGHEIDSINFORMATIE VOOR UW EIGEN VEILIGHEID EN DE VEILIGHEID VAN ANDEREN! De veiligheidsvoorschriften moeten altijd worden nageleefd wanneer de machine wordt gebruikt. Het niet lezen, volledig begrijpen en naleven van de veiligheidswaarschuwingen en gebruiksaanwijzingen kan ertoe leiden dat u zelf en anderen gewond raken. Deze handleiding is opgesteld om u een veilig en efficiënt gebruik van de zitvlindermachine van modelreeks STR36 bij te brengen.
MODELREEKS STR36 — ALARMSYMBOLEN BIJ VEILIGHEIDSINFORMATIE Accidenteel starten Accidenteel starten van de machine kan tot ernstige verwondingen of de dood leiden. Zet de AAN/UIT-schakelaar ALTIJD in de stand UIT (“OFF”). Maak de bougiekabel los en aard ze en maak de negatieve accukabel los voor u aan de machine werkt. Gevaar voor de luchtwegen Draag ALTIJD een goedgekeurde ademhalingsbescherming. Gevaar voor ogen en gehoor Draag ALTIJD een goedgekeurde oogen gehoorbescherming.
MODELREEKS STR36 — VOORSCHRIFTEN VOOR EEN VEILIG GEBRUIK VOORSCHRIFTEN VOOR EEN VEILIG GEBRUIK WAARSCHUWING Het niet naleven van de instructies in deze handleiding kan tot ernstige letsels en zelfs de dood leiden! Deze machine mag uitsluitend worden bediend door opgeleid en gekwalificeerd personeel! Deze machine is uitsluitend voor industrieel gebruik. De volgende veiligheidsrichtsnoeren moeten altijd worden nageleefd bij het gebruik van de zitvlindermachine van modelreeks STR36.
MODELREEKS STR36 — VOORSCHRIFTEN VOOR EEN VEILIG GEBRUIK ■ Laat de motor NOOIT draaien zonder luchtfilter. Anders kan de motor zwaar beschadigd raken. Onderhoud de luchtfilter frequent om te voorkomen dat de carburator defect zou raken. ■ Steek uw voeten of handen NOOIT in de beschermkapringen terwijl u de machine start of gebruikt.
MODELREEKS STR36 — VOORSCHRIFTEN VOOR EEN VEILIG GEBRUIK Transport ■ Zet de motor ALTIJD stop voor u de machine transporteert ■ Draai de dop van de brandstoftank en het ontluchtingsventiel goed dicht om te voorkomen dat brandstof wordt gemorst. ■ Laat het brandstofsysteem leeglopen wanneer u de vlindermachine over een lange afstand of via wegen in slechte staat moet transporteren. ■ Wanneer u de vlindermachine op het laadoppervlak van een vrachtwagen plaatst, moet u de machine altijd vastbinden.
MODELREEKS STR36 — VOORSCHRIFTEN VOOR EEN VEILIG GEBRUIK Veiligheid bij het onderhoud ■ Zet de motor ALTIJD stop en koppel de accu af voor u aan de machine werkt of de machine onderhoudt. Contact met bewegende onderdelen kan ernstige letsels veroorzaken. ■ Zorg voor een goede ondersteuning van alle onderdelen van de vlindermachine die moeten worden opgetild. ■ Terwijl de vlindermachine draait mogen onderdelen NOOIT worden gesmeerd en mag NOOIT aan onderdelen worden gewerkt.
MODELREEKS STR36— SPECIFICATIES (VLINDERMACHINE) C B A Figuur 1. Afmetingen van de modelreeks STR36 Tabel 1. Specificaties van de modelreeks STR36 A-Lengte - cm (inch) 195,6 (77,0) B-Breedte - cm (inch) 99 (39,0) C-Hoogte - cm (inch) 118,7 (46,75) Gewicht - kg (lbs.) bedrijfsklaar 320,5 (705) Gewicht - kg (lbs.
MODELREEKS STR36— SPECIFICATIES (MOTOR) Tabel 2. Motorspecificaties van de modelreeks STR36 Model Honda GX670TAF motor Type vier taktbenzinemotor, 90 graden Vtweecilindermotor met kopkleppen. Zuigerverplaatsing 670 cc (40,9 cu.in.) Max. vermogen 24 pk/3600 rpm (17,6 KW) Max. koppel 43,15 Nm (31,8 lbf-ft) bij 2500 rpm Koelsysteem Gestuwde lucht Motorolie-inhoud 1,6 liter (1,69 qt) 1,9 liter (2,01 qt. indien oliefilter wordt vervangen) Inhoud brandstoftank 19,23 liter (5 gal.
MODELREEKS STR36— ALGEMENE INFORMATIE Kennismaking met de zitvlindermachine van modelreeks STR36 De zitvlindermachine van de modelreeks STR36 is ontworpen om betonnen oppervlakken glad te maken en af te werken. Wandel even rond uw vlindermachine. Let op de belangrijkste onderdelen (zie Figuur 2 en 3, pagina 20 en 21) zoals de motor, de bladen, de luchtfilter, het brandstofsysteem, de brandstofafsluitklep, de contactschakelaar, enz.
MODELREEKS STR36 — BEDIENINGSELEMENTEN EN CONTROLELAMPJES 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. Stoel – De motor start of draait niet tenzij de operator op de stoel zit. Bedieningshendels van stuurmechanisme – Stuurt de machine naar voren, achteren, links of rechts. 8. Chokebedieningshendel – In koude weersomstandigheden trekt u aan deze klep om de motor te starten. Nadat de motor warm is gedraaid duwt u de hendel weer helemaal in. 9. Brandstofmeter/vuldop – Geeft de hoeveelheid benzine in de brandstoftank aan.
MODELREEKS STR36 — BEDIENINGSELEMENTEN EN CONTROLELAMPJES 17. Veiligheidsstopschakelaar – Schakelt de motor uit als zich niemand op de bestuurdersstoel bevindt. 18. Verlichting (Optioneel) – Optioneel zijn 12 volt halogeenlampen verkrijgbaar, twee vooraan en een achteraan. 26. Sterstukken (links/rechts) – Bestaan uit troffelarmen, bladen, slijtplaat en stuwkraag. 27. Documentkastje – Bevat alle productdocumentatie. 19. Optillussen – Bevinden zich aan beide zijden van het hoofdchassis.
MODELREEKS STR36— BASISINFORMATIE MOTOR 3 4 12 2 1 5 8 16 11 EN GIN EF UE 7 LO NL Y 10 13 6 9 15 14 Figuur 4. Bedieningselementen en onderdelen van de motor ONDERHOUD VOOR INGEBRUIKNEMING Voor de motor (figuur 4) wordt gebruikt moet worden gecontroleerd of hij gevuld is met voldoende en nog bruikbare olie en moet hij worden gevuld met benzine. Raadpleeg de handleiding van de fabrikant van de motor voor instructies en details met betrekking tot de werking en het onderhoud van de motor.
MODELREEKS STR36 — EEN NIEUWE MACHINE KLAARMAKEN VOOR INGEBRUIKNEMING Montage-instructies voor vlindermachine Montage van de stoel Het doel van dit tekstgedeelte is de gebruiker te helpen met het klaarmaken van een NIEUWE vlindermachine voor ingebruikneming. Als uw vlindermachine al volledig gemonteerd is (stoel, hendels, knoppen, en accu) mag u dit tekstgedeelte overslaan. Om transportredenen is de stoel niet op de vlindermachine gemonteerd.
MODELREEKS STR36 — INGEBRUIKNEMING Het volgende tekstgedeelte is bedoeld als basisgids voor het gebruik van de zitvlindermachine en mag niet worden beschouwd als een volledige betonafwerkingsgids. Het verdient ten zeerste de aanbeveling dat alle (zowel ervaren als beginnende) operatoren “Slabs on Grade” van het American Concrete Institute, Detroit Michigan lezen. Tabel 3. Aanbevolen viscositeit Gebruik uw zitvlindermachine NIET tot u dit tekstgedeelte volledig hebt begrepen.
MODELREEKS STR36 — GEBRUIK 5. EN GIN EF UE L FUEL Wanneer u een koude motor start, trekt u de chokeknop (figuur 9) uit tot de gesloten stand. Bij warm weer of als de motor warm is, kan de motor worden gestart met de choke half of volledig open. ON LY E F Figuur 7. Brandstofmeter Belangrijke informatie voor u start 1. De zitvlindermachine is uitgerust met een “veiligheidsstopschakelaar”. Die schakelaar bevindt zich onder de stoel.
MODELREEKS STR36 — GEBRUIK Sturen 5. Probeer de hoek van de bladen te wijzigen. De hoek kan worden aangepast wanneer de zitvlindermachine is stopgezet of terwijl de vlindermachine in beweging is, afhankelijk van wat u het comfortabelste vindt. Test de werking van optionele uitrusting zoals de vertragingsmiddelsproeier en de verlichting als uw vlindermachine ermee is uitgerust. 6.
MODELREEKS STR36 — ONDERHOUD Onderhoud Luchtfilter (dagelijks) Verwijder grondig al het vuil en alle olie van de motor en van op en rond de bedieningselementen. Maak de luchtfilterelementen schoon en vervang ze indien nodig. Controleer alle bevestigingsmiddelen (schroeven, bouten, enz.) en draai ze vast waar nodig.
MODELREEKS STR36 — ONDERHOUD OPGEP AST OPGEPAST De motor gebruiken met een geblokkeerd rooster, vuile of verstopte koelribben en/of zonder koelerafscherming leidt tot beschadiging van de motor door oververhitting. Olie- en brandstofleidingen ■ Controleer de olie- en brandstofleidingen en -aansluitingen regelmatig op slijtage en schade. Herstel of vervang waar nodig. ■ Vervang de olie- en brandstofleidingen om de twee jaar voor het behoud van de prestaties en de flexibiliteit van de leidingen.
MODELREEKS STR36 — ONDERHOUD De aandrijfriem controleren De aandrijfriem moet worden vervangen zodra hij tekenen van slijtage begint te vertonen. Uitrafelen, piepen tijdens het gebruik, tijdens het gebruik roken of naar verbrand rubber ruiken zijn tekenen van overmatige slijtage van de riem. 5 In normale gebruiksomstandigheden kan een aandrijfriem tot ongeveer 150 uur meegaan.
MODELREEKS STR36 — ONDERHOUD 3. Steek het houten blok van 1,905 x 2,54 X 8,255 cm (3/4 X 1 X 31/4 inch) tussen het verplaatsbare en vaste mantelvlak van de onderste aandrijfriemschijf. Zie figuur 18. Dat blok helpt de mantelvlakken van de onderste aandrijfriemschijf opengespreid te houden terwijl u de nieuwe aandrijfriem installeert. In het geval een aandrijfriem defect raakt, kan de reserveaandrijfriem worden gebruikt om de kapotte riem snel ter plaatse te vervangen en door te gaan met het vlinderen. 1.
MODELREEKS STR36 — ONDERHOUD 5 4 6 2 1 3 1 2 3 4 5 6 Homokinetische koppeling Bout (3 stuks te verwijderen) Nieuwe reserveaandrijfriem Bout, reserveaandrijfriemhouder Reserveaandrijfriemhouder Linker drijfwerkkast Figuur 20. De reserveaandrijfriem vervangen De reserveaandrijfriem vervangen OPMERKING Er is geen andere mogelijkheid dan het loskoppelen van de homokinetische koppeling van het koppelstuk van de linker drijfwerkkast.
MODELREEKS STR36 — ONDERHOUD Theoretische beschrijving van de werking van het aandrijfsysteem De zitvlindermachine van modelreeks STR36 is uitgerust met een “koppelomvormer” die aan zowel de linker als rechter drijfwerkkast koppelkracht levert. De functie van de koppelomvormer bestaat erin automatisch de correcte hoeveelheid koppelkracht te leveren die de vlindermachine onafhankelijk van de belastingsomstandigheden nodig heeft.
MODELREEKS STR36 — ONDERHOUD Hoe werkt het? (Figuur 25) Toestand A: Bladverstelhoek z Motor draait in leegloop z Aandrijvende riemschijf: klein z Aangedreven riemschijf: groot z Riem: Los en stationair Toestand B: z Motor versnelt z Aandrijvende riemschijf: klein maar groter wordend z Aangedreven riemschijf: groot maar kleiner wordend z Riem: staat bijna onder spanning Toestand C: z Motor draait met hoge snelheid z Aandrijvende riemschijf: groot z Aangedreven riemschijf: klein z Riem: gespannen Koppe
MODELREEKS STR36 — ONDERHOUD Procedure voor het afstellen van de vlinderarmen OPMERKING De volgende procedure moet worden uitgevoerd om de vlinderarmen af te stellen als blijkt dat de vlindermachine slecht afwerkt of routinematig onderhoud vergt. Een waterpas, schoon oppervlak om de vlindermachine na de afregeling te testen is van cruciaal belang. Eventuele oneffenheden in de bodem of afval onder de vlinderbladen leidt tot een onjuiste perceptie van de afstelling.
MODELREEKS STR36 — ONDERHOUD Een vlinderarm verwijderen Een vlinderblad verwijderen 1. Elke vlinderarm wordt op de sterstukplaat op zijn plaats gehouden met een zeskantbout (met smeerfitting).Verwijder de zeskantbout/ smeerfitting van de sterstukplaat. (Figuur 31) 1. 2. Verwijder de vlinderarm van de sterstukplaat. Verwijder de vlinderbladen van de vlinderarm door de drie zeskantbouten (figuur 33) uit de vlinderarm te verwijderen. Leg de bladen opzij. Figuur 33.
MODELREEKS STR36 — ONDERHOUD De vlakheid van de vlinderarmen controleren De vlinderarmen kunnen schade oplopen door ruwe omgang (zoals de troffel op het pad laden vallen) of door in contact te komen met blootliggende buizen/leidingen, voorwerpen of betonijzers tijdens het gebruik. Als een vlinderarm gebogen is, kan de vlindermachine niet meer vloeiend en gelijkmatig draaien. Als u vermoedt dat een of meerdere vlinderarmen gebogen zijn, controleert u als volgt de vlakheid; zie figuur 34 en 35. 3.
MODELREEKS STR36 — ONDERHOUD Figuur 37. Opstelling voor afstelling van vlinderarm 3. Schroef de sluitbouten van het afstelgereedschap los en plaats de vlinderarm in het fittingkanaal zoals afgebeeld in figuur 38. Een dun opvulstukje kan nodig zijn om de gaten van het blad op de vlinderarm te bedekken. Zorg ervoor dat u de afstelbout van de vlinderarm uitlijnt ten opzichte van de afstelbout van de fitting. 1 2 3 4 5 6 7 8 9 Arm Hendel van vlinderarm Fittingarm Afstelbout Afstand = 0.
MODELREEKS STR36 — ONDERHOUD Pannen op de afwerkbladen installeren 1. Deze ronde platen die soms “pannen” worden genoemd kunnen op de sterstukarmen bevestigd worden en helpen bij het snel drijven op nat beton en een gemakkelijke overgangsbeweging van natte naar droge oppervlakken. Ze zijn ook erg effectief voor het inbedden van grote aggregaten en oppervlakteverharders. Til de vlindermachine net voldoende op om de pannen onder de bladen te kunnen schuiven.
MODELREEKS STR36— TROUBLESHOOTING (MOTOR) TABEL 5. TROUBLESHOOTING VOOR MOTOR SYMPTOOM MOGELIJKE OORZAAK De brandstoftank is leeg. Vul de brandstoftank. De afsluitklep is dicht. Open de brandstofafsluitklep. Aanzuiglek of belemmering in brandstofleiding. Verstopte brandstoffilter of luchtopening van brandstoftankdop. Controleer de staat van de brandstofleiding en de leidingklemmen. Vergewis u er van dat er geen kink in de brandstofleiding zit.
MODELREEKS STR36— TROUBLESHOOTING (MOTOR) VERVOLG VAN TABEL 5 TROUBLESHOOTING VOOR MOTOR SYMPTOOM MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING De luchtfilter is verstopt. Ver vang de luchtfilter. Hoogte veroorzaakt 3% pkverlies per 300 meter hoogte. Indien beschikbaar installeer t u sproeiers voor grote hoogte in de carburator. De choke is gedeeltelijk gesloten. Open de choke. Defecte bougie of bougiekabels. De bougiekabel is niet aangesloten. Ver vang de bougie of bougiekabels indien defect.
MODELREEKS STR36— TROUBLESHOOTING (VLINDERMACHINE) TABEL 6. TROUBLESHOOTING SYMPTOOM De motor draait niet vlot of helemaal niet. De veiligheidsstopschakelaar werkt niet. Als de vlindermachine "botst, het beton rolt of ongelijkmatige wervelingen in het beton maakt". Wanneer de machine draait, maakt ze een voelbare rolbeweging.
MODELREEKS STR36— TROUBLESHOOTING (VLINDERMACHINE) TABEL 7. TROUBLESHOOTING (VERVOLG) SYMPTOOM MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING Bedrading? Controleer alle elektrische aansluitingen, inclusief de aan/uit-hoofdschakelaar en controleer of de bedrading in goede staat verkeer t en er geen kor tsluitingen zijn. Vervang waar nodig. Lichten? Controleer of de lampen nog goed zijn. Vervang ze als ze stuk zijn. Ver tragingsmiddel? Controleer of er nog ver tragingsmiddel is. Vul de tank waar nodig.
HANDLEIDING CONTACTGEGEVENS ZORG ERVOOR DAT U HET MODEL- EN SERIENUMMER BIJ DE HAND HEBT WANNEER U BELT STOW HOOFDKANTOOR Post Office Box 6254 Carson, Ca 90749 Email: stow@STOW.com Internet: www.stowmfg.