Operation Manual
16
Gebruiksvoorschriften
NL
INSTALLATIE HERLAADSTATION EN TOEVOEREENHEID
Waarschuwing - Verwittiging
Schakel de algemene elektrische toevoer uit vooraleer
eender welke ingreep uit te voeren.
Plaats de toevoereenheid in een zone die niet toegankelijk
is voor kinderen. Bijvoorbeeld op een hoogte van meer
dan 160 cm. (63.00 ").
bescherming (L)
stroomtoevoereenheid (A)
zender (B)
H. min. 160 cm
(63.00 ")
1. Installeer de toevoereenheid (A).
2. Demonteer de bescherming (L).
3. Plaats de basis op de vooraf bepaalde zone. De omtrekdraad moet
gepositioneerd worden langs de linker kant, door de openingen te
benutten die aanwezig zijn in de basis van het laadstation, zoals wordt
aangeduid op de afbeelding.
4. Plaats de perimetrische draad (M) onder de basis.
5. Verbind de twee uiteindes van de draad aan de klemmen van de basis.
rode klem
zwarte klem
Perimetrische draad (M)
6. Bevestig de basis (N) aan het terrein met de spijkers (P). Bevestig de
basis indien nodig met de expansieplugs (Q).
spijkers (P)
expansieplugs (Q)
Laadstation (N)
7. Verbind de toevoerkabel (E) van de herlaadstation (N) aan de
toevoereenheid (A).
8. Verbind de stekker van de toevoereenheid (A) aan het stopcontact.
9. Als het led van de zender knippert, is de verbinding correct uitgevoerd.
Als dit niet zo is, moet men het defect identifi ceren (zie “Defecten
opsporen”).
10. Monteer de bescherming (L).
stroomtoevoereenheid (A)
toevoerkabel (E)
perimetrische draad
laadstation (N)
zender (B)
H. min. 160 cm
(63.00 ")
bescherming (L)