Operation Manual
Vol gas - bij gebruik van de machine altijd
vol gas geven. Om de gashendel op vol gas
te zetten, zet u de hendel ongeveer 2 cm
achter de chokestand
Stationair.
6.7 GASPEDAAL (12:A) MOD.: [B&S Van-
guard]
Dient voor het regelen van het motortoerental.
Vol gas - bij gebruik van de machine altijd
vol gas geven.
Stationair.
6.8 CHOKEHENDEL (12:B) MOD.: [2WD]
Trekhendel om te choken bij koude start.
Hendel volledig uitgetrokken (12:B1) - cho-
keklep gesloten. Voor koude start.
Hendel ingedrukt (12:B2) – chokeklep
open. Voor starten met warme motor en
tijdens het rijden.
de motor warm is.
6.9 CONTACTSLOT/KOPLAMP (11:C; 12:C)
Het contactslot wordt gebruikt om de motor te
starten en uit te schakelen.
Het contactslot is ook de schakelaar voor de
koplamp.
Wanneer u de bestuurdersplaats ver-
laat, de sleutel niet in de stand 2 of 3 la-
ten staan. Er is dan brandgevaar omdat
brandstof in de motor kan lopen via de
carburateur en de accu kan ontladen en
worden beschadigd.
De vier standen van de sleutel:
1. Stopstand - de motor is kortgesloten. De
sleutel kan verwijderd worden.
2. Rijstand- de koplamp brandt.
3. Rijstand - de koplamp brandt niet.
4. Startstand - wanneer u de sleutel in deze
stand draait wordt de startmotor geactiveerd. Laat
de sleutel teruggaan naar rijstand 3 wanneer de
motor gestart is. Draai de sleutel naar stand 2 om
de koplamp in te schakelen.
6.10 KRACHTAFNEMER (11:D; 12:D)
Hendel voor in- en uitschakelen van de
krachtafnemer voor aandrijving van aan de voor-
zijde gemonteerde accessoires.
De krachtafnemer mag nooit ingescha-
-
-
Hendel naar voren - krachtafnemer uitge-
schakeld.
Hendel naar achteren - krachtafnemer
ingeschakeld.
6.11 URENTELLER (13:A)
Laat het aantal werkuren zien. Werkt alleen bij
draaiende motor.
6.12 MAAIHOOGTE-INSTELLING (11:E;
12:E)
De machine is uitgerust met een mechanisme
voor het gebruik van een maaidek met elektrische
maaihoogte-instelling.
De schakelaar laat traploze instelling van
de maaihoogte toe.
Het maaidek wordt aangesloten op het contact
(13:B).
6.13 ONTKOPPELINGSHENDEL VAN DE
AANDRIJVING (14; 15)
Hendel om de traploze transmissie uit te schake-
len.
De 2WD is voorzien van een hendel
die op de achteras is aangesloten.
Zie (14:A).
De 4WD is voorzien van twee hendels
die op de achteras (15:A) en op de voo-
De hendel voor inschakeling / de-
blokkering mag nooit tussen de binnen-
ste en buitenste stand staan. Dit leidt
tot oververhitting en beschadiging van
de transmissie.
NL
NEDERLANDS
(Vertaling van de originele
gebruiksaanwijzingen)
15