Operation Manual
knoppen (20:A) en de zitting (20:B)
schade oplopen
De zitting is voorzien van een beveiligingsschake-
laar die is aangesloten op het beveiligingssysteem
van de machine.
Dit houdt in dat de machine niet gestart kan wor-
den als er niemand op de zitting zit. (zie 7.5).
6.11 MOTORKAP
de motor.
6.12 SNELSLUITINGEN (16:C)
Dankzij deze snelsluitingen kan zeer snel
en eenvoudig van accessoire gewisseld
worden.
De snelsluitingen zorgen ervoor dat het maaidek
gemakkelijk kan wisselen tussen de twee standen:
• Normale stand met volledig aangespannen
riem.
• 4 cm achter de normale stand met losse riem,
zodat het maaidek dichter bij de basismachine
komt.
Omdat de riemspanner loskomt van de riem, ve-
reenvoudigen de snelsluitingen de vervanging van
de riem en het maaidek en wordt het omschakelen
naar de reinigingsstand en de servicestanden
gemakkelijker.
Spanning van de riem halen (16, 18)
-
-
verd.
1. Verwijder de splitpennen of de borgstiften
(16:B) aan beide zijden.
2. Open de snelsluitingen door de achterste ge-
deelten met uw hiel naar beneden te drukken
(16:A).
en zitten dus niet langer aan de bevesti-
ging vast.
Voor afstel- of onderhoudswerkzaamhe-
den, de armen weer op de sluiting
plaatsen en de sluiting vergrendelen.
3. Voer de noodzakelijke aanpassingen uit,
bijvoorbeeld:
• Haak de riem los.
• Verwissel het accessoire door de armen (18)
los te maken.
Aanspannen van de riem (16; 17)
Span de uiteinden afzonderlijk aan volgens onder-
staande instructies.
Draai de hendel niet met uw handen.
Gevaar voor verwonding door beknel-
ling.
1. Plaats uw voet op de hendel (17:A) en draai
voorzichtig een halve slag naar voren.
2. Installeer de splitpen of de borgstift (16:B).
3. Doe hetzelfde aan de andere kant.
7 STARTEN EN BEDRIJF
7.1 VOORZORGSMAATREGELEN
motor correct is. Dit is met name be-
9.5).
Let heel goed op wanneer u gras maait
van beneden naar boven.
Schakel de parkeerrem in wanneer u de
machine parkeert.
Deze machine mag op een helling
Neem gas terug op hellingen en wan-
neer u scherpe bochten maakt, om te
voorkomen dat de machine kantelt of u
de controle over de machine verliest.
machine kan dan kantelen.
buurt van de scharnierende koppeling
van de stuurinrichting en van de drager
van de zitting. Gevaar voor verwonding
door beknelling.
7.2 GECOMBINEERD GEBRUIK VAN AC-
CESSOIRES
Zie voor het gecombineerde gebruik
van accessoires de "TABEL VOOR DE
JUISTE COMBINATIE VAN ACCESSOI-
RES” in hoofdstuk “0 TABEL TECHNI-
NL
NEDERLANDS
(Vertaling van de originele
gebruiksaanwijzingen)
16