Instructions
Table Of Contents
28
• Zorg ervoor bij het afstellen van de
breedstralerkop, dat het water via
de afvoergaatjes kan weglopen.
(afb.5.3)
Afstellen sensorunit (alleen S-varianten)
(afb.5.4)
• Zorg ervoor bij het afstellen van de
sensorunit, dat de sensor het regis-
tratiebereik afdekt.
Afstelling registratiebereik (alleen
S-varianten)
Het registratiebereik kan met afdek-
folie worden beperkt om een foutieve
schakeling uit te sluiten of om specifieke
risicoplekken doelgericht te bewaken. De
afdekfolie wordt op de sensorunit geplakt.
– Beperking van het horizontale regis-
tratiebereik met op maat geknipte
afdekfoliesegmenten (afb.5.5/5.6)
• Kies bij de instelling van het registra-
tiebereik de kortste tijd en daglicht-
stand (afb.5.1)
6. Schoonmaken en
verzorgen
Gevaar door elektrische
stroom!
Het contact van water met stroomvoe-
rende componenten kan een elektrische
schok, verbrandingen of zelfs de dood
tot gevolg hebben.
• Het apparaat niet nat reinigen.
Gevaar voor beschadigingen!
De lamp kan door het gebruiken van
verkeerde schoonmaakmiddelen wor-
den beschadigd.
• Test eerst of het schoonmaakmiddel
geschikt is voor het oppervlak.
• Maak de lamp schoon met een
zachte doek en een mild schoon-
maakmiddel.
Belangrijk: de regelaar kan niet worden
vervangen.
7. Verhelpen van
storingen
De lamp schakelt niet in.
– Zekering niet ingeschakeld of defect.
• Zekering inschakelen.
• Defecte zekering vervangen.
– Kabel onderbroken.
• Kabel testen met spanningstester.
– Kortsluiting in de stroomtoevoer.
• Aansluitingen controleren.
– Netschakelaar uit.
• Netschakelaar inschakelen.
– Schemerinstelling verkeerd gekozen.
• Inschakellichtsterkte opnieuw
instellen.
– Permanente beweging in het regis-
tratiebereik.
• Registratiebereik controleren.
– Lichtbron defect.
• De lichtbron kan niet worden
vervangen. Het complete apparaat
vervangen.
De lamp schakelt niet uit.
– Permanente beweging in het regis-
tratiebereik.
• Registratiebereik controleren.
• Indien nodig het registratiebereik
beperken.










