Gebruikershandleiding Xperia™ M5 E5603/E5606/E5653
Inhoudsopgave Aan de slag....................................................................................6 Info over deze gebruikershandleiding..................................................6 Overzicht.............................................................................................6 Kaarten plaatsen.................................................................................7 Schermbeveiliging...............................................................................
Gegevensgebruik beheren................................................................44 Mobiele netwerken selecteren...........................................................45 VPN's (Virtual Private Network)..........................................................45 Gegevens synchroniseren op uw apparaat..................................47 Synchroniseren met onlineaccounts..................................................47 Synchroniseren met Microsoft® Exchange ActiveSync®...................
Contactinformatie verzenden.............................................................77 Dubbele items in de applicatie Contacten vermijden..........................77 Een back-up maken van contacten...................................................78 Berichten en chat.........................................................................79 Berichten lezen en verzenden............................................................79 Uw berichten organiseren................................................
Video-inhoud naar uw apparaat overbrengen..................................113 Videocontent beheren.....................................................................113 Movie Creator.................................................................................113 PlayStation™ Video-service............................................................114 Connectiviteit.............................................................................
Aan de slag Info over deze gebruikershandleiding Dit is de Xperia™ M5-gebruikershandleiding voor de Android™ 6.0-softwareversie. Als u niet zeker weet welke softwareversie uw apparaat gebruikt, dan kunt u dat controleren in het menu Instellingen. Voor meer informatie over software-updates, raadpleegt u Uw apparaat updaten op de pagina 135. De huidige softwareversie van uw apparaat bekijken 1 2 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Over de telefoon > Android™-versie.
1. Oplaad-/meldingslampje 9. Hoofdmicrofoon 2. Headsetaansluiting 10. Lader-/USB-kabelpoort 3. Nabijheids-/lichtsensor 11. Hoofdluidspreker 4. Oortelefoon/tweede luidspreker 12. Hoofdcameralens 5. Cameralens voorzijde 13. Cameraverlichting 6. Aan-uitknop 14. Tweede microfoon 7. Volume-/zoomknop 15. Wi-Fi/Bluetooth/GPS-antennezone 8. Cameraknop 16. Klepje voor simkaart-/geheugenkaartsleuf 17. NFC™-detectiegebied Kaarten plaatsen Uw apparaat ondersteunt alleen nano-SIM-kaarten.
Een geheugenkaart plaatsen 1 2 3 4 5 Steek een vingernagel in de ruimte tussen de bovenkant van het klepje van de sleuf van de geheugenkaart en het apparaat, en open het klepje. Gebruik de punt van een omgebogen paperclip of vergelijkbaar voorwerk met een lange, dunne punt), druk op de knop naast de sleuf van de geheugenkaart (zoals afgebeeld) zodat de geheugenkaart een stukje uit de sleuf schiet. Trek de houder van de geheugenkaart helemaal naar buiten.
Het apparaat inschakelen 1 2 3 Houd de aan/uit-toets ingedrukt totdat het apparaat gaat trillen. Voer de pincode van uw SIM-kaart in wanneer hierom wordt gevraagd en tik . vervolgens op Wacht even tot het apparaat start. Het apparaat uitschakelen 1 2 Houd de aan-uitknop ingedrukt tot het optiemenu wordt weergegeven. Tik in het optiemenu op Uitschakelen. Het kan even duren voordat het apparaat uit gaat.
Een Google™-account instellen op uw apparaat 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Account synchroniseren > Account toevoegen > Google. Volg de registratiewizard om een Google™-account te maken of meld u aan als u al een account hebt. U kunt ook een Google-account maken via de instellingengids als u het apparaat voor de eerste keer start. Of u gaat op een later tijdstip online en maakt een account op www.google.com/accounts.
Uw apparaat opladen 1 2 3 4 Steek de stekker van de lader in een stopcontact. Sluit een uiteinde van de USB-kabel aan op de lader (of in de USB-poort van een computer). Sluit het andere uiteinde van de kabel met het USB-symbool naar boven aan op de micro-USB-poort van uw apparaat. Het meldingslampje gaat branden wanneer het laden begint. Wanneer het apparaat helemaal is opgeladen, koppelt u de kabel los van uw apparaat door het recht naar buiten te trekken. Zorg ervoor dat u de connector niet buigt.
Apparaatbeveiliging Zorgen dat uw apparaat beveiligd is Het apparaat bevat een aantal beveiligingsopties. Deze worden sterk aanbevolen in geval van verlies of diefstal. De opties zijn als volgt: • • • Stel een veilige schermvergrendeling op uw apparaat in met behulp van een pincode, wachtwoord of patroon om te voorkomen dat anderen toegang hebben tot uw apparaat of het resetten. Zie Schermvergrendeling op de pagina 12 voor meer informatie.
• Wachtwoord: voer een alfanumeriek wachtwoord in om het apparaat te ontgrendelen. Het is heel belangrijk dat u het patroon, de PIN of het wachtwoord voor schermontgrendeling onthoudt. Als u deze informatie vergeet, kunt u belangrijke gegevens, zoals contacten en berichten, mogelijk niet meer herstellen. Als u een Microsoft® Exchange ActiveSync® (EAS)-account op uw Xperia™-apparaat heeft ingesteld, kunnen de EAS-beveiligingsinstellingen het type vergrendelscherm beperken tot alleen PIN of wachtwoord.
geen inhoud op uw apparaat verloren nadat u de schermvergrendeling opnieuw hebt ingesteld met deze service. Zie Een verloren apparaat terugvinden op pagina 19 als u de service Protection by my Xperia wilt activeren. Schermvergrendeling opnieuw instellen met Protection by my Xperia 1 2 3 4 5 6 U moet de gebruikersnaam en het wachtwoord voor uw Google™-account weten en de service Protection by my Xperia moet op uw apparaat zijn ingeschakeld. Ga naar myxperia.sonymobile.
• • • • Vertrouwde plaatsen – houd het apparaat ontgrendeld als u zich op een vertrouwde locatie bevindt. Lichaamsdetectie – houd het apparaat ontgrendeld als u het bij u draagt. Vertrouwd gezicht – ontgrendel de telefoon door ernaar te kijken. Vertrouwde stem – spraakherkenning instellen om in schermen te zoeken. Als u het apparaat gedurende vier uur na opnieuw starten niet gebruikt, moet u het apparaat handmatig ontgrendelen.
Verbinding maken met vertrouwde plaatsen Als de functie vertrouwde plaatsen is ingesteld, wordt de beveiliging van het vergrendelingsscherm op het Xperia™-apparaat uitgeschakeld als u zich in een aangewezen vertrouwde locatie bevindt. Deze functie werkt alleen als u een internetverbinding hebt (bij voorkeur via Wi-Fi®) en het apparaat toestemming heeft uw actuele locatie te gebruiken.
Een aangepaste plaats toevoegen 1 2 3 4 5 6 7 Zorg dat de locatiemodus is ingeschakeld en dat u de instelling Grote nauwkeurigheid of de instelling Accubesparing gebruikt. Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Vergrendelingsscherm & beveiliging > Smart Lock > Vertrouwde plaatsen. Tik op Vertrouwde plaats toevoegen. Tik op Deze locatie selecteren om de huidige locatie te gebruiken als een vertrouwde, aangepaste plaats.
• Als u het apparaat weer oppakt of uit het voertuig stapt, ontgrendelt u het apparaat en vervolgens blijft het ontgrendeld zolang u het bij u draagt. De functie Lichaamsdetectie kan niet onderscheiden wie het apparaat heeft opgepakt. Als u uw apparaat aan iemand anders geeft terwijl het is ontgrendeld met Lichaamsdetectie, blijft het apparaat bij de andere gebruiker ontgrendeld. Vergeet niet dat Lichaamsdetectie als beveiligingsfunctie minder veilig is dan een patroon, pincode of wachtwoord.
Uw IMEI-nummer bekijken op de etiketlade 1 2 3 4 Steek een nagel in de opening tussen de bovenzijde van het klepje van de geheugenkaartsleuf en het apparaat en maak het klepje los. Gebruik de punt van een uitgevouwen paperclip (of ander object met een lange, dunne punt, druk op de knop naast de nano-simkaartsleuf om de nanosimkaarthouder naar buiten te laten komen. Trek de nano-simkaarthouder volledig naar buiten.
Protection by my Xperia activeren 1 2 3 4 5 6 Controleer of u over een actieve gegevensverbinding beschikt, en schakel locatieservices op uw apparaat in. Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Vergrendelingsscherm & beveiliging > Bescherming door my Xperia > Activeren. Vink het selectievakje aan om de voorwaarden en bepalingen van de service te accepteren en tik vervolgens op Accepteren.
De basisaspecten onder de knie krijgen Het aanraakscherm gebruiken Tikken • • • Een item openen of selecteren. Een selectievakje of optie in- of uitschakelen. Tekst invoeren met het virtuele toetsenbord. Aanraken en vasthouden • • • Verplaats een item. Activeer een item specifiek menu. Activeer de selectiemodus, bijvoorbeeld om meerdere items te selecteren in een lijst. 21 Dit is een internetversie van deze publicatie. © Uitsluitend voor privégebruik afdrukken.
Knijpen en spreiden • In- of uitzoomen op webpagina's, foto's en kaarten en tijdens het opnemen van foto's en video's. Vegen • • • Naar boven of naar beneden bladeren door een lijst. Naar links of naar rechts bladeren, bijvoorbeeld tussen vensters van het startscherm. Naar links of rechts vegen om meer opties te zien. 22 Dit is een internetversie van deze publicatie. © Uitsluitend voor privégebruik afdrukken.
Vegen • Blader snel, bijvoorbeeld in een lijst of een webpagina. U kunt het bladeren stoppen door op het scherm te tikken. Het scherm vergrendelen en ontgrendelen Wanneer uw apparaat is ingeschakeld en gedurende een bepaalde periode inactief is, wordt het scherm verduisterd om batterijstroom te besparen en wordt het scherm ook automatisch vergrendeld. Deze vergrendeling voorkomt dat u per ongeluk ongewenste bewerkingen uitvoert op het aanraakscherm wanneer u de telefoon niet gebruikt.
• 1 Inleiding tot de Xperia™-widget: tik om de widget te openen en selecteer een taak, zoals het kopiëren van inhoud van het oude apparaat of het instellen van Xperia™-services 2 Stippen: komen overeen met het aantal deelvensters van het startscherm Ga naar de startpagina Druk op . Door het startscherm bladeren Deelvensters van het startscherm U kunt nieuwe vensters toevoegen aan uw startscherm (maximaal twintig vensters) en vensters verwijderen.
Een deelvenster verwijderen van de startpagina 1 2 Houd een willekeurig gebied op het startscherm aangeraakt tot het apparaat trilt. Veeg naar links of rechts om naar het deelvenster te gaan dat u wilt verwijderen en tik op rechtsboven in de hoek van het deelvenster. Instellingen startpagina De installatie van een applicatie ongedaan maken vanaf het startscherm 1 2 3 Houd een gebied op uw startscherm aangeraakt tot het apparaat trilt. Veeg naar links of rechts om door de deelvensters te bladeren.
Een applicatiesnelkoppeling toevoegen aan het startscherm 1 2 Raak vanuit het applicatiescherm een applicatiepictogram aan en houd dit vast totdat het scherm gaat trillen, sleep het pictogram vervolgens naar de bovenkant van het scherm. Het startscherm wordt geopend. Sleep het pictogram naar de gewenste locatie op het startscherm en laat uw vinger vervolgens los. Applicaties rangschikken op het applicatiescherm 1 2 Wanneer het applicatiescherm is geopend, tikt u op .
• Het venster met onlangs gebruikte toepassingen openen Druk op . • Alle recentelijk gebruikte applicaties sluiten Tik op en tik vervolgens op . • Een menu in een toepassing openen Druk tijdens het gebruik van de toepassing op . Niet in alle toepassingen is een menu beschikbaar. Kleine apps Kleine apps zijn miniatuurapps die bovenop andere toepassingen op hetzelfde scherm draaien om multi-tasking mogelijk te maken.
Een widget als kleine app toevoegen 1 2 3 4 Om de favorietenbalk weer te geven, drukt u op . Tik op > > . Selecteer een widget. Voer, indien gewenst, een naam voor de widget in en tik op OK. Widgets Widgets zijn kleine applicaties die u direct op uw startscherm kunt gebruiken. Ze werken tevens als snelkoppelingen. Met de widget Weer kunt u bijvoorbeeld basisinformatie over het weer direct op uw startscherm bekijken. Wanneer u op de widget tikt, wordt de volledige applicatie Weer geopend.
Overzicht van snelkoppelingen en mappen 1 Open een applicatie via een snelkoppeling 2 Open een map met applicaties Een applicatiesnelkoppeling toevoegen aan het startscherm 1 2 3 Houd een leeg gebied op het Startscherm aangeraakt. Tik in het instelmenu op Widgets > Snelkoppelingen. Blader door de lijst met applicaties en selecteer een applicatie. De geselecteerde applicatie wordt toegevoegd aan het Startscherm.
Batterij- en energiebeheer Uw apparaat beschikt over een ingebouwde batterij. U kunt het batterijverbruik in de gaten houden en zien hoe veel stroom applicaties verbruiken. U kunt apps verwijderen en een aantal energiebesparende modi activeren om meer uit de batterij te halen. U kunt ook een schatting weergeven van hoe veel batterijvermogen nog over is en uw instellingen aanpassen om de prestaties te verbeteren en uw batterij langer te laten meegaan.
Ultra STAMINAmodus Beperkt de functionaliteit van het apparaat tot kerntaken zoals telefoongesprekken voeren en SMS-berichten versturen. Als deze modus wordt geactiveerd, verschijnt op de statusbalk. Als u een apparaat met meerdere gebruikers deelt, moet u zich misschien aanmelden als de eigenaar, d.w.z. de primaire gebruiker, om de energiebesparingsmodus in of uit te schakelen. STAMINA-modus activeren 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Tik vervolgens op Instellingen > Batterij.
3 Kies de opnameoptie waarmee u het scherm live naar Twitch of YouTube kunt streamen 4 Het venster voor schermopname sluiten 5 De instellingen voor schermopname openen 6 Schermopname met geluid maken 7 Schermopname maken wanneer de camera aan de voorkant is geactiveerd 8 Een schermopname maken Een opname van uw beeldscherm maken 1 2 3 4 Houd de aan/uit-toets ingedrukt totdat een venster verschijnt. Tik op . Als het schermopnamevenster is geopend, tikt u op .
• Reageren op een melding in het meldingenvenster Tik op de melding. • Een melding verwijderen uit het gedeelte voor meldingen Plaats uw vinger op een melding en veeg naar links of rechts. Niet alle meldingen kunnen worden negeerd. • Een melding in het meldingsvenster vergroten Sleep de melding omlaag. Niet alle meldingen kunnen worden vergroot. • Alle meldingen in het gedeelte voor meldingen wissen Tik op Wissen of . • Reageren op een melding in het vergrendelingscherm Dubbeltik op de melding.
Het meldingniveau voor een app instellen 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op . Zoek naar en tik op Instellingen > Geluid en melding > App-meldingen. Selecteer de app waarvoor u de instellingen voor meldingen wilt wijzigen. Sleep de schuifregelaar naar rechts. Meldingsniveaus en opties voor specifieke applicaties Alles blokkeren Nooit meldingen van de geselecteerde app tonen. Behandelen als prioriteit Ontvang meldingen van deze app alleen als Niet storen als prioriteit is ingesteld.
Er is een Wi-Fi®-verbinding ingeschakeld maar er is geen internetverbinding. Dit pictogram wordt ook weergegeven wanneer u probeert verbinding te maken met een beveiligd Wi-Fi®-netwerk. Nadat u zich hebt aangemeld, verdwijnt het uitroepteken. Als Google™ in uw regio is geblokkeerd, kan het uitroepteken zelfs worden weergegeven wanneer u verbinding maakt met een Wi-Fi®-netwerk en er een werkende internetverbinding is.
Er is een software-update beschikbaar Er zijn systeemupdates beschikbaar Systeemupdates worden gedownload Tikken om de gedownloade systeemupdates te installeren Schermafbeelding vastgelegd Nieuw Hangouts™-chatbericht Videochatten met vrienden met de Hangouts™-applicatie Er is een kleine app geactiveerd Er wordt een nummer afgespeeld De radio is ingeschakeld Het apparaat is via een USB-kabel met een computer verbonden Intern geheugen is 75% vol.
Gebruik de applicatie Facebook™ om wereldwijd deel te nemen aan sociale netwerken met vrienden, familie en collega's. Blader en luister naar FM-radiozenders. Gebruik de applicatie Album om uw foto's en video's te beheren, weer te geven en te bewerken. Gebruik de applicatie Gmail™ om e-mailberichten te lezen, te schrijven en te rangschikken. Zoek naar informatie op uw apparaat en op internet. Bekijk uw huidige locatie, vind andere locaties en plan routes met Google Maps™.
Applicaties downloaden Applicaties downloaden van Google Play™ Google Play™ is de officiële online Google-winkel voor het downloaden van applicaties, spelletjes, muziek, films en boeken. Het bevat zowel gratis als betaalde applicaties. Voordat u begint met het downloaden van Google Play™, moet u ervoor zorgen dat u een werkende internetverbinding hebt, bij voorkeur via Wi-Fi®, om de kosten van gegevensverkeer te beperken. U moet een Google™-account hebben om Google Play™ te kunnen gebruiken.
Internet en netwerken Surfen op internet De Google Chrome™-webbrowser voor Android™-apparaten wordt voor de meeste landen vooraf geïnstalleerd geleverd. Ga naar http://support.google.com/chrome en klik op de link "Chrome for Mobile" voor meer gedetailleerde informatie over het gebruik van deze webbrowser. Bladeren met Google Chrome™ 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op .
Handmatig internet- en MMS-instellingen toevoegen 1 2 3 4 5 6 7 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Meer > Mobiele netwerken. Tik op Namen toegangspunten > . Tik op Naam en geef een gewenste naam op. Tik op APN en voer de naam van het toegangspunt in. Voer indien nodig alle overige informatie in. Als u niet weet welke gegevens vereist zijn, neem dan contact op met uw netwerkaanbieder voor meer informatie. Als u klaar bent, tikt u op en vervolgens op Opslaan.
Een Wi-Fi®-netwerk handmatig toevoegen 1 2 3 4 5 6 7 8 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Wi-Fi. Tik op > Netwerk toevoegen. Voer de Netwerknaam (SSID)-gegevens in. Tik op het veld Beveiliging om een beveiligingstype te selecteren. Voer zo nodig een wachtwoord in. Als u geavanceerde opties, zoals proxy- en IP-instellingen, wilt bewerken, tikt u op Geavanceerde opties en bewerkt u de opties naar wens. Tik op Opslaan.
Een beleid voor de Wi-Fi®-slaapstand toevoegen 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Wi-Fi. Tik op en vervolgens op Instellingen > Wi-Fi behouden in slaapstand. Selecteer een optie. WPS WPS (Wi-Fi Protected Setup™) is een draadloze netwerkstandaard waarmee u veilige draadloze netwerkverbindingen tot stand kunt brengen.
Uw mobiele gegevensverbinding met een ander Bluetooth®-apparaat delen 1 2 3 4 5 6 Zorg dat uw apparaat en het andere Bluetooth®-apparaat met elkaar gekoppeld zijn en dat mobiel dataverkeer op uw apparaat actief is. Uw apparaat: Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Meer > Tethering/mobiele hotspot en tik vervolgens op de schuifregelaar Bluetooth-tethering om de functie in te schakelen.
Gegevensgebruik beheren Door de instellingen voor gegevensgebruik aan te passen, kunt u meer controle krijgen over het gegevensgebruik. Dit garandeert echter niet dat u geen extra kosten zult oplopen. Dataverkeer in- of uitschakelen 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Datagebruik. Tik op de schuifregelaar Mobiel dataverkeer om dataverkeer in- of uit te schakelen. Als dataverkeer is uitgeschakeld, kan het apparaat nog altijd Wi-Fi®- en Bluetooth®verbindingen gebruiken.
Mobiele netwerken selecteren Afhankelijk van welke mobiele netwerken beschikbaar zijn waar u bent, schakelt uw apparaat automatisch tussen de mobiele netwerken. U kunt uw apparaat ook handmatig instellen om toegang te krijgen tot een bepaald type mobiel netwerk, bijvoorbeeld WCDMA of GSM. Afhankelijk van het type of modus van netwerk waarmee u verbinding hebt, worden verschillende statuspictogrammen in de statusbalk weergegeven.
Verbinding maken met een virtueel privénetwerk 1 2 3 4 5 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Meer > VPN. Tik in de lijst met beschikbare netwerken op het VPN waarmee u verbinding wilt maken. Voer de vereiste gegevens in. Tik op Verbinding maken. De verbinding met een virtueel privénetwerk verbreken 1 2 Dubbeltik op de statusbalk om het Gedeelte voor meldingen te openen. Tik op de melding voor de VPN-verbinding om deze uit te schakelen.
Gegevens synchroniseren op uw apparaat Synchroniseren met onlineaccounts Synchroniseer uw apparaat met contacten, e-mails, evenementen en andere informatie uit onlineaccounts, bijvoorbeeld e-mailaccounts zoals Gmail™ en Exchange ActiveSync, Facebook™ en Flickr™. U kunt gegevens automatisch voor deze accounts synchroniseren door de functie Automatische synchronisatie te activeren. Tevens kunt u elk account handmatig synchroniseren.
Een EAS-account instellen voor synchronisatie 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Zorg dat u de door de netwerkbeheerder van uw bedrijf verstrekte domein- en servergegevens bij de hand hebt. Tik in het Startscherm op . Tik op Instellingen > Account synchroniseren > Account toevoegen > Exchange ActiveSync. Voer uw zakelijke e-mailadres en wachtwoord in. Tik op Volgende. Uw apparaat haalt eerst uw accountgegevens op. Als er een fout optreedt, voert u de domein- en servergegevens in en tikt u op Volgende.
Basisinstellingen Instellingen openen Geef instellingen voor uw apparaat weer en wijzig ze vanuit het instellingenmenu. Het instellingenmenu is toegankelijk vanuit zowel het meldingsvenster als het scherm Toepassingen. Het instellingenmenu van het apparaat openen vanuit het applicatiescherm 1 2 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen. Informatie over uw apparaat bekijken 1 2 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Over de telefoon.
Het apparaat instellen om te trillen bij binnenkomende oproepen 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Geluid en melding. Tik op de schuifregelaar Ook trillen voor oproepen om de functie in te schakelen. Een ringtone instellen 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Geluid en melding > Beltoon telefoon. Selecteer een optie in de lijst of tik op om een muziekbestand op het apparaat te selecteren. Tik op Gereed om uw keuze te bevestigen.
Tijdintervallen inplannen voor de modus Niet storen 1 2 3 4 5 6 7 Tik in het Startscherm op . Tik vervolgens op Instellingen > Geluid en melding > Niet storen > Automatische regels. Selecteer de tijd of de gebeurtenis waarvoor u de modus Niet storen wilt inplannen of voeg een nieuwe regel toe. Voer de gewenste naam voor de regel in en tik vervolgens op OK. Tik op Dagen en selecteer de selectievakjes voor de betreffende dagen. Tik vervolgens op Gereed. Pas de starttijd aan door op Starttijd te tikken.
Opgeven na hoeveel tijd het scherm moet worden uitgeschakeld als de telefoon niet wordt gebruikt 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Scherm > Slaapstand. Selecteer een optie. Als u het scherm snel wilt uitschakelen, drukt u kort op de aan-uitknop . De tekengrootte aanpassen 1 2 3 Tik in het startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Scherm > Lettergrootte. Selecteer de gewenste optie. De witbalans van het scherm aanpassen 1 2 3 Tik in het Startscherm op .
Scherm vastzetten in- of uitschakelen 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Vergrendelingsscherm & beveiliging > Scherm vastzetten. Tik op de schuifregelaar om de functie in of uit te schakelen. Als Scherm vastzetten is ingeschakeld, kunt u op de schuifregelaar Apparaat vergr. bij losmaken items tikken om deze extra veiligheidsmaatregel naar wens in of uit te schakelen. Voor scherm vastzetten is geen patroon, PIN of wachtwoord vereist.
Applicaties configureren 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Apps > . Selecteer een configuratie-optie, zoals App-rechten, en kies een applicatie die u wilt configureren. Cruciale bevoegdheden toestaan 1 2 3 Om een cruciale bevoegdheid toe te staan, tikt u op Doorgaan > Applicatie-info > Toestemmingen. Zoek de cruciale bevoegdheid die u nodig hebt. Tik op de betreffende schuifregelaar om de bevoegdheden aan te passen. U kunt bevoegdheden ook beheren in Instellingen > Apps.
De standaardinstelling van een applicatie wissen 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Apps en veeg vervolgens door naar het tabblad Alles. Selecteer een applicatie of service en tik vervolgens op STANDAARD-WAARDEN WISSEN. De optie om de standaardinstelling van een applicatie te wissen is niet beschikbaar voor alle applicaties en diensten.
De datum handmatig instellen 1 2 3 4 5 6 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Datum en tijd. Schakel de functie Automatische tijd en datum uit door op de schuifregelaar te tikken. Tik op Datum instellen. Veeg naar links of rechts of gebruik de pijltjes om de gewenste datum in te stellen. Tik op OK. De tijd handmatig instellen 1 2 3 4 5 6 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Datum en tijd.
De geluidsinstellingen handmatig aanpassen 1 2 3 4 5 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Geluid en melding > Geluidsinstellingen. Als de functies ClearAudio+ en DSEE HX zijn ingeschakeld, schakelt u ze uit door op de schuifregelaars te tikken. Tik op Geluidseffecten > Equalizer. Kies uit de vooraf ingestelde mogelijkheden in de keuzelijst of pas de geluidsinstellingen handmatig aan door de schuifregelaars omhoog of omlaag te slepen.
Een account van een regelmatige gebruiker van uw apparaat verwijderen 1 2 3 4 Zorg ervoor dat u bent aangemeld als de eigenaar. Tik in het startscherm op . Tik vervolgens op Instellingen > Gebruikers. Tik op naast de naam van de gebruiker die uw wilt verwijderen en tik vervolgens op Gebruiker verwijderen > Verwijderen . Over het gastaccount Als iemand uw apparaat alleen tijdelijk wil gebruiken, kunt u voor die gebruiker een gastaccount inschakelen.
Tekst typen Virtueel toetsenbord U kunt tekst invoeren met het virtuele QWERTY-toetsenbord door elke letter afzonderlijk in te tikken, of u kunt de functie Glijden gebruiken en met uw vinger van de ene naar de andere letter schuiven om woorden te vormen. Als u liever een kleinere versie van het virtuele toetsenbord gebruikt en tekst met slechts één hand wilt invoeren, kunt u in plaats daarvan het toetsenbord voor één hand activeren. U kunt maximaal drie talen selecteren voor tekstinvoer.
Tekst invoeren met de functie Gebaren 1 2 3 Wanneer het virtuele toetsenbord wordt weergegeven, veeg dan met uw vinger van letter naar letter om het woord te traceren dat u wilt schrijven. Als u een woord hebt ingevoerd, tilt u uw vinger op. Uw apparaat stelt een woord voor op basis van de letters waar u langs hebt geveegd. Als het gewenste woord niet verschijnt, tikt u op voor meer opties.
Tekst invoeren met het toetsenblok • • • Wanneer wordt weergegeven op het toetsenblok, tikt u één keer op elke tekentoets, zelfs wanneer de gewenste letter niet de eerste letter op de toets is. Tik en houd vast op de rij met kandidaten voor meer woordsuggesties en kies een woord uit de lijst. Wanneer wordt weergegeven op het toetsenblok, tikt u op de toetsen op het scherm voor de tekens die u wilt invoeren. Blijf op deze knop tikken tot het gewenste teken is geselecteerd.
Tekst selecteren 1 2 Dubbeltik op een woord om het te markeren. U kunt de tabbladen aan weerszijden van het gemarkeerde woord verslepen om meer tekst te selecteren. Tekst bewerken 1 2 Dubbeltik op een woord om de applicatiebalk weer te geven. Selecteer de tekst die u wilt bewerken en gebruik vervolgens de applicatiebalk om de gewenste wijzigingen aan te brengen.
Een variant van een toetsenbordindeling selecteren Indelingsvarianten voor het virtuele toetsenbord zijn mogelijk niet voor alle schrijftalen beschikbaar. U kunt verschillende toetsenbordindelingen voor elke geschreven taal kiezen. 1 2 3 4 5 Wanneer u tekst invoert met het virtuele toetsenbord, tikt u op Tik op en vervolgens op Instellingen voor toetsenbord. Tik op Schrijftalen en vervolgens op naast een schrijftaal. Selecteer een variant van een toetsenbordindeling. Tik op OK om uw keuze te bevestigen.
Bellen Bellen U kunt bellen door handmatig een telefoonnummer te kiezen, door op een nummer te tikken dat is opgeslagen in de contactenlijst, of door op een telefoonnummer in de gesprekkenlijst te tikken. Met de functie Smart Dial kunt u snel nummers in de contactenlijst en gesprekkenlijsten vinden. Voer gewoon een deel van een telefoonnummer of naam in en kies een optie uit de lijst met suggesties.
Een telefoonnummer voor direct bellen aan het startscherm toevoegen 1 2 3 4 Houd een leeg gebied op het Startscherm aangeraakt tot het apparaat trilt en het instelmenu wordt weergegeven. Tik in het instelmenu op Widgets > Snelkoppelingen. Blader door de lijst met applicaties en selecteer Direct bellen. Selecteer het contact en het nummer dat u voor direct bellen wilt gebruiken.
geen tijd hebt om ze te beantwoorden. U kunt later elk bericht terugluisteren dat is achtergelaten op het antwoordapparaat. Voordat u het antwoordapparaat gebruikt, moet u een welkomstbericht opnemen. Een begroeting opnemen voor het antwoordapparaat 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Oproep > Xperia™-antwoordapparaat > Begroeting. Tik op Uw nieuwe begroeting opnemen en volg de aanwijzingen op het scherm.
Een gesprek weigeren met een tekstbericht als het scherm actief is 1 2 3 Als er een oproep binnenkomt, tikt u op het bovenste gedeelte van het zwevende meldingsvenster, daar waar het telefoonnummer of de naam van het contact verschijnt. Tik op Antwoordopties. Selecteer een vooraf gedefinieerd bericht of tik op Nieuw bericht schrijven Een tweede gesprek weigeren met een SMS-bericht 1 2 Tik op Antwoordopties wanneer u een herhaalde pieptoon hoort tijdens een gesprek.
Uw gemiste gesprekken weergeven 1 2 Als u een gemiste gesprek hebt, wordt statusbalk omlaag. Tik op Gemiste oproep. in de statusbalk weergegeven. sleep de Een nummer uit uw gesprekkenlijst bellen 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op . De gesprekkenlijst wordt weergegeven. Als u een nummer direct vanuit de gesprekkenlijst wilt bellen, tikt u op het nummer.
Inkomende of uitgaande oproepen blokkeren 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Oproep. Tik op Oproep blokkeren en selecteer vervolgens een optie. Voer het wachtwoord in en tik op Inschakelen. Wanneer u gespreksblokkering voor de eerste keer instelt, moet u een wachtwoord invoeren. Gebruik hetzelfde wachtwoord als u later de gespreksblokkeringsinstellingen wilt bewerken. Vaste belservice in- of uitschakelen 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op .
Een tweede gesprek tot stand brengen 1 2 3 • Tik tijdens een gesprek op . De gesprekkenlijst wordt weergegeven. Tik op om het toetsenblok te openen. Voer het nummer van de ontvanger in en tik op . Het eerste gesprek wordt in de wacht geplaatst. Schakelen tussen meerdere gesprekken Als u naar het volgende gesprek wilt schakelen en het huidige gesprek in de wacht wilt zetten, tikt u op In de wacht.
De voicemailservice bellen 1 2 Open het toetsenblok. Houd 1 aangeraakt totdat het voicemailnummer wordt gebeld. De eerste keer dat u het voicemailnummer belt, geeft de voicemailsysteem van de netwerkaanbieder meestal aanwijzingen om uw voicemail in te stellen. U wordt bijvoorbeeld gevraagd een begroeting op te nemen en een wachtwoord in te stellen. Noodoproepen Uw apparaat ondersteunt internationale alarmnummers, bijvoorbeeld 112 of 911.
Contacten Contacten overbrengen Er zijn verschillende manieren om contacten naar uw nieuwe apparaat over te brengen. U kunt contacten synchroniseren met een online account of rechtstreeks importeren vanaf een ander apparaat. Contacten overbrengen met behulp van een computer Xperia™ Transfer is een applicatie die u helpt uw contacten vanaf uw oude apparaat te verzamelen en deze over te brengen naar uw nieuwe apparaat.
Contacten importeren vanaf een geheugenkaart 1 2 3 4 Tik vanaf uw Startscherm op en tik vervolgens op . Druk op en tik op Contacten importeren > SD-kaart. Selecteer waar uw contacten moeten worden opgeslagen. Selecteer het bestand dat u wilt importeren en tik op OK. Contacten importeren met Bluetooth®-technologie 1 2 3 4 5 Zorg ervoor dat de Bluetooth®-functie is ingeschakeld en uw apparaat op zichtbaar is ingesteld.
Een contact zoeken 1 2 Tik in het Startscherm op en tik vervolgens op . Tik op en voer een telefoonnummer, een naam of andere informatie in het veld Contacten zoeken in. De lijst met resultaten wordt gefilterd zodra u een teken invoert. Selecteren welke contacten moeten worden weergegeven in de applicatie Contacten 1 2 3 Tik vanaf uw Startscherm op en vervolgens op . Druk op en tik vervolgens op Filteren. Selecteer of deselecteer de gewenste opties in de geopende lijst.
De ringtone van een contact personaliseren 1 2 3 4 5 Tik in het Startscherm op en vervolgens op . Tik op het contact dat u wilt bewerken en tik vervolgens op . Tik op > Ringtone instellen. Selecteer een optie uit de lijst of tik op om een muziekbestand te selecteren dat op uw apparaat is opgeslagen. Tik vervolgens op Gereed. Tik op OPSLAAN. Contacten verwijderen 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op en vervolgens op . Houd het contact dat u wilt verwijderen, aangeraakt.
6 Nieuwe ICE-contacten maken 7 Bestaande contacten als ICE-contacten gebruiken Uw medische en persoonlijke gegevens als onderdeel van de ICE-informatie tonen 1 2 3 Tik in het Startscherm op en vervolgens op . Tik op ICE – In geval van nood. Tik op en markeer het selectievakje Persoonlijke informatie tonen. Uw medische gegevens invoeren 1 2 3 4 5 Tik in het Startscherm op en vervolgens op . Tik op ICE – In geval van nood. Tik op en vervolgens op Medische gegevens bewerken.
Favorieten en groepen Contacten die u als favorieten aanmerkt, verschijnen onder het tabblad favorieten in de applicatie Contacten samen met uw meest gebelde contacten of "top contacten". Zo krijgt u sneller toegang tot deze contacten. U kunt tevens contacten aan groepen toewijzen om sneller toegang tot een groep contacten te krijgen vanuit de applicatie Contacten. Een contact als favoriet toevoegen of verwijderen 1 2 3 Tik vanaf het Startscherm op en vervolgens op .
Contacten koppelen 1 2 3 4 Tik op het Startscherm op en vervolgens op . Tik op het contact dat u aan een ander contact wilt koppelen. Druk op en tik op Contact koppelen. Tik op het contact waarvan u de informatie wilt samenvoegen met het eerste contact en tik vervolgens op OK om te bevestigen. De informatie van het eerste contact wordt samengevoegd met het tweede contact en de gekoppelde contacten worden als één contact weergegeven in de lijst met contacten.
Berichten en chat Berichten lezen en verzenden De applicatie Berichten geeft uw berichten weer als gesprekken. Dit betekent dat alle berichten naar en van een specifieke persoon zijn gegroepeerd. Als u MMS-berichten wilt verzenden, moeten de juiste MMS-instellingen zijn ingesteld op uw apparaat. Zie Internet- en MMS-instellingen op pagina 39. Het aantal tekens dat u in één bericht kunt verzenden, is afhankelijk van de aanbieder en de taal die u gebruikt.
Een bericht beantwoorden 1 2 3 Tik in uw Startscherm op ; ga naar en tik op Tik op het gesprek met het bericht. Voer uw antwoord in en tik op . . Een bericht doorsturen 1 2 3 4 5 Tik in het Startscherm op en tik vervolgens op . Tik op het gesprek dat het bericht bevat dat u wilt doorsturen. Raak het bericht aan dat u wilt doorsturen, houd het vast en tik vervolgens op Bericht doorsturen.
Bellen vanuit een bericht De afzender van een bericht bellen 1 2 Tik in het Startscherm op en tik vervolgens op Tik op een gesprek en tik vervolgens op . . Het nummer van een afzender opslaan als contact 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op , ga naar en tik op . Tik op het pictogram naast het telefoonnummer en tik op Opslaan. Selecteer een bestaand contact of tik op Nieuw contact maken. Bewerk de contactgegevens en tik op Opslaan.
E-mail E-mail instellen Gebruik de e-mailapplicatie op uw apparaat voor het versturen en ontvangen van emailberichten via uw e-mailaccounts. U kunt een of meerdere e-mailaccounts tegelijkertijd hebben, inclusief zakelijke Microsoft Exchange ActiveSync-accounts. Een e-mailaccount instellen 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Tik op E-mail. Volg de instructies die worden weergegeven op het scherm om de installatie te voltooien.
E-mailberichten lezen 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op . Tik op E-mail. Tik als u meerdere e-mailaccounts hebt op en selecteer het account dat u wilt controleren. Tik op en vervolgens op Gecombineerd Postvak IN als u al uw emailaccounts tegelijkertijd wilt controleren. Blader omhoog of omlaag in het postvak IN en tik op het e-mailbericht dat u wilt lezen. Een e-mailbericht maken en verzenden 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op en tik vervolgens op E-mail.
E-mails zoeken 1 2 3 4 5 Tik in het Startscherm op en tik vervolgens op E-mail. Tik als u meerdere e-mailaccounts hebt op en selecteer het account dat u wilt zoeken. Tik op en vervolgens op Gecombineerd Postvak IN als u al uw emailaccounts tegelijkertijd wilt doorzoeken. Tik op . Typ de tekst voor uw zoekopdracht en tik op op het toetsenbord. Het zoekresultaat verschijnt in een lijst die is gesorteerd op datum. Tik op het emailbericht dat u wilt openen.
Gmail™ Als u een Google™-account hebt, kunt u de Gmail™-applicatie gebruiken om emailberichten te lezen en te schrijven. • 1 Een lijst weergeven van alle Gmail-accounts en -mappen 2 Zoeken naar e-mailberichten 3 Lijst met e-mailberichten 4 E-mailbericht schrijven Meer informatie over Gmail™ Wanneer de applicatie Gmail is geopend, tikt u op en vervolgens op Help. 85 Dit is een internetversie van deze publicatie. © Uitsluitend voor privégebruik afdrukken.
Muziek Muziek overbrengen naar uw apparaat • • Er bestaan verschillende methodes om muziek vanaf een computer naar uw apparaat over te zetten: U kunt muziekbestanden overzetten tussen uw apparaat en een computer met de bijgeleverde USB-kabel. Nadat deze is aangesloten, selecteert u Bestanden overzetten (MTP) op het apparaat en vervolgens kunt u de bestanden kopiëren en plakken of verslepen met de computer. Zie Bestanden beheren met een computer op de pagina 137.
Muziekstartpagina 1 Tik op 2 Omhoog of omlaag bladeren om de inhoud weer te geven 3 Een nummer afspelen met behulp van de applicatie Muziek 4 Alle nummers in willekeurige volgorde afspelen 5 Terugkeren naar het scherm van de muziekspeler in de linkerbovenhoek om het menu Muziek te openen Een nummer afspelen met de applicatie Muziek 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op en tik vervolgens op Tik op . Selecteer een muziekcategorie. Tik op een nummer om dit af te spelen. .
1 Terug naar startscherm Muziek 2 De huidige afspeelwachtrij weergeven 3 Bladeren door alle artiesten 4 Bladeren door alle albums 5 Bladeren door alle nummers 6 In alle mappen bladeren 7 Bladeren door alle afspeellijsten 8 Een gedeeld muziekbestand afspelen op een ander apparaat 9 Alle geabonneerde of gedownloade podcasts bekijken 10 Het instellingsmenu voor de applicatie Muziek openen 11 Het ondersteuningsmenu voor de applicatie Muziek openen Het menu Muziek openen 1 2 Tik in het Sta
Uw eigen playlists afspelen 1 2 3 Open het menu Muziek en tik op Afspeellijsten. Selecteer onder Afspeellijsten de afspeellijst die u wilt openen. Tik op een nummer of op Shuffle alles als u alle nummers wilt afspelen. Nummers toevoegen aan een playlist 1 2 3 Ga vanuit het startscherm Muziek naar het nummer of album dat u wilt toevoegen aan een playlist. Raak de titel van het nummer of album aan en houd deze vast, tik vervolgens op Toevoegen aan playlist.
Muziek herkennen met TrackID™ Gebruik de TrackID™-muziekherkenning om een nummer te identificeren dat in uw omgeving wordt afgespeeld. Neem een kort stukje van het nummer op en binnen enkele seconden ziet u info over artiest, titel en album. U kunt tracks kopen die zijn geïdentificeerd door TrackID™ en u kunt TrackID-lijsten bekijken om te zien naar welke muziek TrackID-gebruikers wereldwijd aan het zoeken zijn. Gebruik de applicatie TrackID™ voor optimale resultaten in een rustige omgeving.
• • Tik op de kaart op het TrackID™-startscherm. Of druk op en tik vervolgens op TrackID™ LIVE. U kunt wijzigen hoe snel u trackings wilt zien en u kunt previews van nummers dempen of de demping ongedaan maken. 91 Dit is een internetversie van deze publicatie. © Uitsluitend voor privégebruik afdrukken.
FM-radio Naar de radio luisteren De FM-radio in uw apparaat werkt net als elke andere FM-radio. U kunt bijvoorbeeld door FM-radiozenders bladeren, deze beluisteren en zenders opslaan als favorieten. U moet een bedrade headset of hoofdtelefoon op het apparaat aansluiten voordat u de radio kunt gebruiken. Dit is noodzakelijk omdat de headset of hoofdtelefoon als antenne werkt. Als een van deze apparaten is aangesloten, kunt u het geluid eventueel uit de luidspreker laten komen.
Het radiogeluid naar de luidspreker omschakelen 1 2 Wanneer de radio is geopend, drukt u op . Tik op Via luidspreker afsp.. Druk op en tik op Afsp. op hoofdtelefoon om het geluid terug te schakelen naar de bedrade headset of hoofdtelefoon. Een nummer identificeren op de FM-radio via TrackID™ 1 2 3 Tik op terwijl het nummer op de FM-radio van uw apparaat wordt afgespeeld en selecteer TrackID™. Er wordt een voortgangsindicator weergegeven terwijl de toepassing TrackID™ het nummer analyseert.
Camera Foto's maken en video's opnemen 1 Cameralens aan de voorzijde 2 Schakelen tussen de camera aan de voorkant en de hoofdcamera 3 De opnamemodus selecteren 4 In- of uitzoomen 5 Hoofdcamerascherm 6 Cameratoets – camera activeren/foto's maken/video's opnemen 7 Foto's en video's weergeven 8 Foto's maken of video's opnemen 9 Een stap teruggaan of de camera afsluiten 10 Instellingen voor opnamemodus 11 Flitserinstellingen Een foto nemen vanaf het vergrendelscherm 1 2 3 Druk kort op de
De zoomfunctie gebruiken Knijp vingers samen of beweeg ze uit elkaar op het camerascherm als de camera is geopend. U kunt ook de volumetoets gebruiken: druk op omhoog of omlaag. 1 2 Tik op en vervolgens op Meer > Volumeknop gebruiken als om deze functie in te schakelen. Selecteer Zoomfunctie. Een video opnemen met de cameratoets 1 2 3 4 Activeer de camera. videomodus. Veeg op het scherm naar Druk op de cameratoets om het opnemen van een video te starten.
Camera-apps Sound Photo Maak foto's met achtergrondgeluid. AR-effect Maak foto's of video's met virtuele scènes en personen. Creatief effect Pas effecten toe op foto's of video's. Veegpanorama Maak groothoek- en panoramafoto's. Stijlportret Maak foto's met realtime portretstijlen. Timeshift-video Maak video's met een hoge beeldsnelheid en pas slowmotion-effecten toe. 4K-video Maak video's met ultrahoge definitie van 4 K.
Multi-cameramodus gebruiken 1 2 3 4 5 6 7 8 Activeer de NFC-functie op beide apparaten die u wilt verbinden. Activeer de camera op uw apparaat. Veeg op het scherm naar en kies vervolgens . Tik op op het scherm van beide apparaten. Laat de NFC-detectiegebieden van de apparaten elkaar raken. Beide apparaten moeten nu verbinding maken via Wi-Fi Direct®-technologie.
Gezichtsherkenning De camera herkent automatisch gezichten en geeft ze aan door middel van een kader. Met een gekleurd kader wordt aangegeven op welk gezicht wordt scherpgesteld. Er wordt scherpgesteld op het gezicht dat zich het dichtst bij de camera bevindt. U kunt ook op een van de kaders tikken om te bepalen op welk gezicht moet worden scherpgesteld. Smile Shutter™ gebruiken om lachende gezichten vast te leggen Gebruik de Smile Shutter™-technologie om alleen foto's van lachende gezichten te maken.
Uit Vastleggen met aanraken Kies een scherpstelgebied en raak het camerascherm aan met uw vinger. De foto wordt gemaakt zodra u het scherm loslaat. Geluid U kunt het geluid van de sluiter in- of uitschakelen. Gegevensopslag U kunt uw gegevens opslaan op een verwisselbare SD-kaart of in het interne geheugen van het apparaat. Intern geheugen Foto's en video's worden opgeslagen in het apparaatgeheugen. SD-kaart Foto's en video's worden opgeslagen op de SD-kaart.
Fotocamera-instellingen De fotocamera-instellingen aanpassen 1 2 3 Activeer de camera. Tik op om alle instellingen weer te geven. Selecteer de instellingen die u wilt aanpassen en bewerk deze dan zoals gewenst. Overzicht fotocamera-instellingen Resolutie U kunt kiezen uit verschillende resoluties en beeldverhoudingen voordat u een foto maakt. Voor een foto met een hogere resolutie is meer geheugen vereist. 21MP 5312×3984(4:3) Resolutie van 21 megapixels met een beeldverhouding van 4:3.
Object volgen Als u een object selecteert door het in de zoeker aan te raken, volgt de camera dit object. HDR Gebruik de instelling HDR (High Dynamic Range) om een foto te maken bij sterk tegenlicht of onder omstandigheden waarin het contrast scherp is. HDR compenseert het verlies aan detail en zorgt voor een foto die representatief is voor zowel donkere als heldere delen. Deze instelling is uitsluitend beschikbaar in de instellingen witbalans/belichtingswaarde/HDR van de opnamemodus Handmatig.
Uit De flitser is uitgeschakeld. Soms kan de kwaliteit van een foto beter zijn zonder het gebruik van de flitser, zelfs onder slechte lichtomstandigheden. Als u een goede foto wilt maken zonder de flitser te gebruiken, hebt u een vaste hand nodig. Gebruik de zelfontspanner om onscherpe foto's te voorkomen. Zaklantaarn De flitser gaat onafgebroken af tijdens het fotograferen.
Gebruik deze optie voor het nemen van foto's van vuurwerk in al zijn kleurenpracht. Deze instellingen zijn alleen beschikbaar in de opnamemodus Handmatig. Videocamera-instellingen Videocamera-instellingen aanpassen 1 2 3 4 Activeer de camera. . Veeg naar Tik voor het weergeven van de instellingen op . Selecteer de instelling die u wilt aanpassen en breng vervolgens uw wijzigingen aan. Overzicht van videocamera-instellingen Videoresolutie De videoresolutie aanpassen voor verschillende indelingen.
Automatisch voorbeeld van foto weergeven U kunt kiezen om een voorbeeld te bekijken van video's zodra u deze hebt opgenomen. Aan Het voorbeeld van de video wordt weergegeven nadat u deze hebt opgenomen. Alleen camera aan voorzijde De video wordt geopend voor bewerken nadat u deze hebt opgenomen. Uit De video wordt opgeslagen nadat u deze hebt opgenomen, er wordt geen voorbeeld weergegeven.
Foto's en video's in Album Foto's en video's weergeven Gebruik de applicatie Album om foto's weer te geven en video's af te spelen die u met de camera hebt vastgelegd of om vergelijkbare content weer te geven die u op het apparaat hebt opgeslagen. Alle foto's en video's worden in een raster in chronologische volgorde weergegeven.
Een video afspelen 1 2 3 Tik in Album op de video die u wilt afspelen. Tik op . Als er geen afspeelknoppen worden weergegeven, tikt u op het scherm om deze weer te geven. Tik nogmaals op het scherm om de knoppen weer te verbergen. Een video onderbreken 1 2 Wanneer een video wordt afgespeeld, tikt u op het scherm om de zoombesturingselementen weer te geven. Tik op . Een video vooruit- en terugspoelen 1 2 • Wanneer een video wordt afgespeeld, tikt u op het scherm om de besturingselementen weer te geven.
Een foto of video verwijderen 1 2 Als u een foto bekijkt, tikt u op het scherm om de werkbalken weer te geven, waarna u op tikt. Tik op Verwijderen. Werken met foto- of videobatches in Album 1 2 3 Druk bij het weergeven van miniaturen van foto's en video's in Album op een item en houd het vast totdat het gemarkeerd is. Tik op andere items waarmee u wilt werken om ze te selecteren. Als u alle items wilt selecteren, tikt u op en vervolgens op Alles selecteren.
Een foto bijsnijden 1 2 3 4 5 6 7 8 9 Als u een foto bekijkt, tikt u op het scherm om de werkbalken weer te geven, waarna u op tikt. Als u hierom wordt gevraagd, selecteert u Foto-editor. Tik op > Bijsnijden. Tik op Bijsnijden om een optie te selecteren. Raak de rand van het bijsnijdframe aan en houd de rand vast om het bijsnijdframe aan te passen. Als de cirkels op de randen verdwijnen, sleept u naar binnen of naar buiten om het formaat van het kader te wijzigen.
Een video inkorten 1 2 3 4 Zoek in Album naar de video die u wilt bewerken en tik erop. Tik op het scherm om de werkbalken weer te geven en tik vervolgens op > Inkorten. Als u het inkortframe naar een ander deel van de tijdlijn wilt verplaatsen, houdt u de rand van het inkortframe vast en sleept u het naar de gewenste positie. Tik vervolgens op Toepassen. Als u een kopie van de ingekorte video wilt opslaan, tikt u op Opslaan.
1 Terugkeren naar het startscherm van de applicatie Album om alle inhoud weer te geven 2 Uw favoriete foto's en video's bekijken 3 Alle video's weergeven die op uw apparaat zijn opgeslagen 4 Uw foto's op een kaart of in de Globe-weergave bekijken 5 Alle foto's en video's bekijken die u met behulp van de speciale effecten met de camera hebt gemaakt 6 Alle foto's en video's weergeven die in verschillende mappen op uw apparaat zijn opgeslagen 7 Alle foto's met gezichten bekijken 8 Foto's en vide
1 Toon foto's met een geotag in de Globe-weergave 2 Zoek een locatie op de kaart 3 Geef de menuopties weer 4 Dubbeltik om in te zoomen. Knijp om uit te zoomen. Sleep om andere delen van de kaart weer te geven 5 Een groep foto's en/of video's geotagged met dezelfde locatie 6 Miniaturen van de geselecteerde groep foto's en/of video's. Tik op een item om het op het volledige scherm weer te geven Als meerdere foto's op dezelfde locatie zijn gemaakt, verschijnt slechts één daarvan op de kaart.
Video's Video's bekijken in de toepassing Video Gebruik de toepassing Video om films en andere videocontent af te spelen die u op uw apparaat hebt opgeslagen of naar uw apparaat hebt gedownload. De toepassing Video helpt u ook bij het ophalen van poster art, plot-samenvattingen, genre-informatie en informatie over de regisseur voor elke film. U kunt uw films ook op andere apparaten afspelen die met hetzelfde netwerk zijn verbonden. Sommige videobestanden kunnen niet in de toepassing Video worden afgespeeld.
1 2 3 Wanneer een video wordt afgespeeld, tikt u op het scherm om alle besturingselementen weer te geven. Tik op > Throw. Selecteer een extern apparaat waarop u de video wilt weergeven. Volg de aanwijzingen op het scherm om een extern apparaat toe te voegen als er geen beschikbaar is. Instellingen wijzigen 1 2 3 Tik in het Startscherm op en tik vervolgens op Video. Tik op om het startschermmenu te openen en tik vervolgens op Instellingen. Wijzig de instellingen naar wens.
melding. Daarna kunt u de film naar wens bewerken. U kunt bijvoorbeeld de titel bewerken, scènes verwijderen, de muziek veranderen of meer foto's en video's toevoegen. U kunt films met hoogtepunten maken door foto's en films handmatig te selecteren. Movie Creator openen 1 2 Tik in het Startscherm op Tik op Movie Creator. . Meldingen van Movie Creator in- of uitschakelen 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Movie Creator.
Connectiviteit Het scherm van uw apparaat draadloos op een tv reproduceren Gebruik de functie Schermreproductie om het scherm van uw apparaat weer te geven op een tv of een ander groot scherm zonder een kabelverbinding te gebruiken. De Wi-Fi Direct®-technologie brengt een draadloze verbinding tussen de twee apparaten tot stand, zodat u op uw gemak kunt genieten van uw favoriete foto's vanuit uw luie stoel.
Een gedeelde video op het apparaat afspelen 1 2 3 4 5 Zorg dat de apparaten waarmee u bestanden wilt delen met hetzelfde Wi-Fi®netwerk als uw apparaat zijn verbonden. Tik in het Startscherm op en tik vervolgens op Video. Tik op en vervolgens op Thuisnetwerk. Selecteer een apparaat in de lijst met verbonden apparaten. Blader in de mappen van het verbonden apparaat en selecteer de video die u wilt afspelen.
De naam van een geregistreerd apparaat wijzigen 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op . Tik vervolgens op Instellingen > Apparaatverbinding > Mediaserver. Selecteer een apparaat uit de lijst Geregistreerde apparaten en selecteer vervolgens Naam wijzigen. Voer een nieuwe naam voor het apparaat in en tik vervolgens op OK. Het toegangsniveau van een geregistreerd apparaat wijzigen 1 2 3 4 Tik vanuit het Startscherm op . Zoek en tik op Instellingen > Apparaatverbinding >Mediaserver.
Uw apparaat instellen om USB-apparaten te vinden 1 2 Tik in uw Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Apparaatverbinding > USB-verbinding > USBapparaat detecteren. NFC Gebruik Near Field Communication (NFC) om gegevens met andere apparaten te delen, zoals video's, foto's, adressen van webpagina's, muziekbestanden of contacten.
Muziek delen met een ander apparaat via NFC 1 2 3 4 5 6 7 Zorg ervoor dat de NFC-functie op uw apparaat en op het ontvangende apparaat is ingeschakeld en dat beide schermen actief zijn. Tik op om de applicatie Muziek te openen en tik op . Selecteer een muziekcategorie en blader naar de track die u wilt delen. Tik op een track om deze af te spelen. U kunt vervolgens op tikken om de track te pauzeren. De overdracht werkt, ongeacht of de track wordt afgespeeld of is onderbroken.
verbinding gebruikt, raadpleeg dan de gebruikershandleiding van het compatibele apparaat voor meer informatie. Mogelijk moet u Wi-Fi® of Bluetooth® op beide apparaten activeren om de verbinding te laten werken. Draadloze Bluetooth®-technologie Gebruik de Bluetooth®-functie om bestanden te verzenden naar andere Bluetooth®apparaten of om een verbinding te maken met handsfree-accessoires.
Uw apparaat met een ander Bluetooth®-apparaat koppelen 1 2 3 4 5 6 Controleer of Bluetooth® is geactiveerd op het apparaat dat u met uw apparaat wilt koppelen en of het zichtbaar is voor andere Bluetooth®-apparaten. Tik in het Startscherm van uw eigen apparaat op . Ga naar en tik op Instellingen > Bluetooth. Sleep de schuifregelaar naast Bluetooth om de functie Bluetooth® in te schakelen. Er wordt een lijst met beschikbare Bluetooth®-apparaten weergegeven.
Items ontvangen via Bluetooth® 1 2 3 4 5 6 7 Zorg dat de Bluetooth®-functie is ingeschakeld en zichtbaar is voor andere Bluetooth®-apparaten. Het zendende apparaat begint nu met het verzenden van gegevens naar uw apparaat. Indien u dat wordt gevraagd, voert u dezelfde toegangscode in op beide apparaten of bevestigt u de voorgestelde toegangscode.
Slimme apps en functies die tijd sparen Accessoires en instellingen beheren met Smart Connect™ Gebruik de applicatie Smart Connect™ om in te stellen wat er op uw apparaat gebeurt wanneer u een accessoire aansluit of loskoppelt. U kunt er bijvoorbeeld voor kiezen om de applicatie FM-radio altijd te starten als u een headset aansluit. U kunt Smart Connect™ ook instellen om binnenkomende berichten voor te lezen.
Een Smart Connect™-gebeurtenis maken 1 2 3 4 5 6 7 8 9 Tik in uw Startscherm op en ga naar en tik op . Als u Smart Connect™ voor het eerst opent, tikt u op OK om het introductiescherm af te sluiten. Tik in het tabblad Gebeurtenis op . Als u voor het eerst een gebeurtenis maakt, tikt u opnieuw op OK om het introductiescherm af te sluiten. Voeg voorwaarden toe waaronder u de gebeurtenis wilt activeren. Een voorwaarde kan zijn de verbinding met een accessoire of een bepaald tijdsinterval, of beide.
De instellingen voor een aangesloten accessoire aanpassen 1 2 3 4 Koppel en sluit het accessoire aan op uw apparaat. Start de applicatie Smart Connect™. Tik op Accessoires en tik vervolgens op de naam van het aangesloten accessoire. Stel de gewenste instellingen in. Uw toestel als portemonnee gebruiken Gebruik uw toestel als een portemonnee om voor spullen te betalen zonder uw echte portemonnee te gebruiken.
Reizen en kaarten Locatieservices gebruiken Applicaties zoals Maps en de camera kunnen via locatieservices informatie gebruiken van mobiele en Wi-Fi®®-netwerken en tevens GPS-informatie (Global Positioning System) om uw locatie bij benadering te bepalen. Als de verbinding met GPS-satellieten niet optimaal is, kan uw apparaat uw locatie met behulp van de Wi-Fi®-functie bepalen. En als u niet binnen het bereik van een Wi-Fi®-netwerk bent, kan uw apparaat uw locatie met behulp van uw mobiele netwerk bepalen.
Google Maps™ gebruiken 1 2 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Google > Kaarten. Het gebruik van gegevensverkeer onderweg Wanneer u onderweg bent uit de buurt van uw mobiele thuisnetwerk, moet u mogelijk verbinding maken met internet met behulp van mobiele gegevensverkeer. Als dat het geval is, dan moet u data roaming op uw apparaat inschakelen. Wanneer u data roaming inschakelt, kunnen daarvoor extra kosten in rekening worden gebracht.
Agenda en wekker Agenda Gebruik de app Agenda om uw agenda te beheren. Als u zich heeft aangemeld op diverse onlineaccounts die gebruikmaken van agenda's, bijvoorbeeld uw Google™account of Xperia™ met Facebook-account en u hebt uw apparaat daarmee gesynchroniseerd, dan verschijnen agendagebeurtenissen van deze accounts ook in de applicatie Agenda van uw apparaat. U kunt selecteren welke agenda's u in de gecombineerde Agenda-weergave wilt integreren.
Landelijke feestdagen in de toepassing Agenda weergeven 1 2 3 4 Tik in het Startscherm op en vervolgens op Agenda. Tik op en vervolgens op Instellingen. Tik op Nationale feestdagen. Selecteer een optie of een combinatie van opties en tik op OK. Verjaardagen in de applicatie Agenda weergeven 1 2 3 Tik in het Startscherm op en vervolgens op Agenda. Tik op en vervolgens op Instellingen> Verjaardagen. Sleep de schuifregelaar naast Verjaardagen naar rechts.
Een nieuw alarm instellen 1 2 3 4 5 6 7 Tik in uw startscherm op . Zoek naar en tik op Klok. Tik op . Tik op Tijd en selecteer de gewenste waarde. Tik op OK. Bewerk eventueel andere alarminstellingen. Tik op Opslaan. • Een alarm in de sluimerstand zetten wanneer het klinkt Tik op Sluimeren. • Een geactiveerd alarm uitschakelen Schuif naar rechts. Om een sluimerend alarm uit te schakelen, sleept u de statusbalk omlaag om het gedeelte voor meldingen te openen. Tik vervolgens op .
Het gedrag van de toetsen aan de zijkant instellen 1 2 3 Tik op Klok en vervolgens op het alarm dat u wilt bewerken. Tik op Werking van zijtoetsen en kies het gewenste gedrag van de toetsen aan de zijkant als deze tijdens het alarm worden ingedrukt. Tik op Opslaan. 131 Dit is een internetversie van deze publicatie. © Uitsluitend voor privégebruik afdrukken.
Toegankelijkheid Vergrotingsgebaren Met vergrotingsgebaren kunt u inzoomen op delen van het scherm door driemaal achterelkaar op het touchscreen te tikken. Vergrotingsgebaren in- of uitschakelen 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Tik vervolgens op Instellingen > Toegankelijkheid > Vergrotingsgebaren. Tik op de aan-uitschakelaar. Een gebied vergroten en over het scherm pannen 1 2 Zorg dat Vergrotingsgebaren is ingeschakeld. Tik driemaal op een gebied. Houd vast en sleep met een vinger over het scherm.
Compatibiliteit met gehoorapparaten Dankzij de optie Compatibiliteit met gehoorapparaten kan het apparaat met gebruikelijke gehoorapparaten functioneren. Compatibiliteit met gehoorapparaten 1 2 3 Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Oproep > Toegankelijkheid. Sleep de schuifregelaar naast Hearing aids naar de gewenste positie. TalkBack TalkBack is een schermleesdienst voor slechtzienden.
Ondersteuning en onderhoud Ondersteuning voor uw apparaat Gebruik de applicatie Ondersteuning op uw apparaat om te zoeken naar een gebruikershandleiding, oplossingen voor problemen te lezen en informatie te vinden over software-updates en andere productgerelateerde informatie. De applicatie voor gebruikersondersteuning openen 1 2 Tik in het Startscherm op . Vind en tik op en selecteer het gewenste ondersteuningsitem.
Meer informatie en download Xperia™ Companion voor Windows op http://support.sonymobile.com/tools/xperia-companion of Xperia™ Companion voor Mac op http://support.sonymobile.com/tools/xperia-companion-mac. Uw apparaat updaten U moet de software van uw toestel updaten voor de nieuwste functionaliteit, verbeteringen en bug fixes om ervoor te zorgen dat uw toestel optimaal functioneert. Wanneer voor de software een update beschikbaar is, verschijnt in de statusbalk.
Uw apparaat updaten met behulp van een computer U kunt met behulp van een computer met een internetverbinding software-updates op uw apparaat downloaden en installeren. U heeft een USB-kabel en een pc of een Apple® Mac®-computer nodig met daarop de applicatie Xperia™ Companion geactiveerd. Als u op de betreffende computer de applicatie Xperia™ Companion niet heeft geïnstalleerd, sluit dan uw apparaat op de computer aan met behulp van een USB-kabel en volg de scherminstructies voor de installatie.
• Als uw apparaat de content op de geheugenkaart niet kan lezen, moet u de kaart wellicht formatteren. Bij het formatteren wordt alle inhoud op de geheugenkaart gewist. Als u een apparaat met meerdere gebruikers deelt, moet u zich als eigenaar aanmelden, oftewel de primaire gebruiker, om bepaalde handelingen te kunnen verrichten zoals het overzetten van gegevens naar de geheugenkaart en het formatteren van de geheugenkaart. De geheugenstatus weergeven 1 2 Tik in het Startscherm op het .
USB-verbindingsmodus Uw apparaat maakt gebruik van Mediaoverdrachtmodus (MTP). Met MTP kunt u bestanden beheren, apparaatsoftware bijwerken en verbinding maken via WLAN. Deze USB-modus wordt gebruikt met Microsoft® Windows®-computers. MTP is standaard ingeschakeld. De USB-verbindingsmodus wijzigen 1 2 3 4 Sluit een USB-connector aan op uw apparaat. Sleep de statusbalk omlaag om het gedeelte voor meldingen te openen.
Een back-up van uw gegevens maken met een computer 1 2 3 4 5 Zorg dat de applicatie Xperia™ Companion op de pc of de Apple® Mac®computer is geïnstalleerd. Sluit het apparaat aan op de computer via een USB-kabel. Computer: Open de Xperia™ Companion-software. Na enkele ogenblikken herkent de computer uw apparaat. Selecteer Back-up in het hoofdscherm. Volg de instructies op het scherm om een back-up te maken van gegevens op uw apparaat.
De automatische back-upfunctie instellen 1 2 3 4 5 6 7 Als u op een USB-opslag een back-up maakt van inhoud, moet u ervoor zorgen dat het opslagapparaat met de USB-hostadapter op uw apparaat is aangesloten. Als back-upt op een SD-kaart, zorg dan dat de SD-kaart goed in uw toestel geplaatst is. Als u inhoud naar een online account back-upt, zorg dan dat u bent aangemeld bij uw Google™-account. Tik in het Startscherm op . Ga naar en tik op Instellingen > Back-up maken en resetten.
Met deze applicatie kunt u een back-up maken van de volgende gegevenstypen: • • • • applicaties bladwijzers Wi-Fi®-netwerken andere instellingen Een back-up maken van gegevens naar een online-account 1 2 3 Tik vanaf uw Startscherm op . Vind en tik op Instellingen > Back-up maken en resetten. Onder Back-up en herstel van Google™, tik op Back-up maken van mijn data en versleep de schuifregelaar naar rechts.
opslagapparaat. Kijk voor meer informatie Back-up maken van inhoud en inhoud herstellen op pagina 138. Als uw apparaat niet opstart of als u de software van uw apparaat wilt resetten, kunt u Xperia™ Companion gebruiken om uw apparaat te herstellen. Kijk voor meer informatie over het gebruik van Xperia™ Companion in Computerhulpmiddel op pagina 134. Uw apparaat start mogelijk niet opnieuw als de batterij bijna leeg is. Sluit het apparaat op een lader aan en probeer het opnieuw op te starten.
1 2 3 Zorg dat Xperia™ Companion voor Windows of Mac OS is geïnstalleerd op uw pc of Mac®. Start de Xperia™ Companion-software op de computer en selecteer Softwarereparatie op het scherm. Volg de instructies op het scherm om de software opnieuw te installeren en de reparatie te voltooien.
exacte omstandigheden voor ieder apparaat zijn door de fabrikant gespecificeerd. Ga voor meer informatie naar www.sonymobile.com/global-en/legal/testresults/. Garantie, specifieke absorptieratio (SAR) en gebruiksinstructies Voor informatie over garantie, SAR (specifieke absorptieratio) en veiligheidsrichtlijnen raadpleegt u de Belangrijke informatie in de Instellingen > Over de telefoon > Juridische informatie op het apparaat.
video te verstrekken. Voor enig ander gebruik wordt geen licentie toegekend, expliciet noch impliciet. Extra informatie, waaronder informatie over promotioneel, intern en commercieel gebruik en over licenties, kan worden verkregen van MPEG LA, L.L.C. Zie www.mpegla.com. Decoderingstechnologie voor MPEG Layer-3 audio onder licentie van Fraunhofer IIS en Thomson.