Operation Manual
90
De stroom wordt plotseling
uitgeschakeld.
• Als er ongeveer 5 minuten zijn verstreken
waarin u de camcorder niet hebt gebruikt,
wordt de camcorder automatisch
uitgeschakeld (AUTOM. UIT). Wijzig de
instelling voor [AUTOM. UIT] (p. 78),
schakel de stroom weer in of gebruik de
netspanningsadapter.
• De accu is niet opgeladen of bijna leeg.
Laad de accu op (p. 17).
Het /CHG-lampje (opladen) gaat
niet branden als u de accu oplaadt.
• Schuif de POWER-schakelaar naar OFF
(CHG) (p. 17).
• Plaats de accu op de juiste manier in de
camcorder (p. 17).
• Steek de stekker goed in het stopcontact.
• Het opladen van de accu is voltooid (p. 17).
• Plaats de camcorder stevig op het
Handycam Station (p. 17).
Het /CHG-lampje (opladen)
knippert wanneer de accu wordt
opgeladen.
• Plaats de accu op de juiste manier in de
camcorder (p. 17). Als het probleem blijft
optreden, trekt u de stekker van de
netspanningsadapter uit het stopcontact en
neemt u contact op met de Sony-handelaar.
De accu is wellicht beschadigd.
De aanduiding voor de resterende
accuduur geeft niet de juiste tijd aan.
• De omgevingstemperatuur is te hoog of te
laag. Dit duidt niet op een storing.
• De accu is nog niet voldoende opgeladen.
Laad de accu nogmaals volledig op. Als het
probleem blijft optreden, moet u de accu
vervangen door een nieuwe (p. 17).
• De aangegeven tijd is wellicht niet correct
afhankelijk van de omgeving waarin het
apparaat wordt gebruikt.
De accu raakt snel leeg.
• De omgevingstemperatuur is te hoog of te
laag. Dit duidt niet op een storing.
• De accu is nog niet voldoende opgeladen.
Laad de accu nogmaals volledig op. Als het
probleem blijft optreden, moet u de accu
vervangen door een nieuwe (p. 17).
Menu-items worden grijs
weergegeven.
• U kunt items die grijs worden
weergegeven, niet selecteren in de huidige
stand voor opnemen/afspelen.
• Sommige functies kunt u niet tegelijkertijd
activeren (p. 95).
De toetsen verschijnen niet op het
aanraakscherm.
• Raak het LCD-scherm zachtjes aan.
• Druk op DISP/BATT INFO op de
camcorder (of op DISPLAY op de
afstandsbediening) (p. 22, 116).
De toetsen op het aanraakscherm
werken niet correct of werken
helemaal niet.
• Pas het aanraakscherm aan
([KALIBRATIE]) (p. 108).
Het beeld in de beeldzoeker is niet
scherp (HDR-SR7E/SR8E).
• Beweeg het scherpstelknopje van de
beeldzoeker tot het beeld scherp is (p. 23).
Het beeld in de beeldzoeker is
verdwenen (HDR-SR7E/SR8E).
• Sluit het LCD-scherm. Er wordt geen beeld
weergegeven in de beeldzoeker wanneer
het LCD-scherm is geopend (p. 23).
Accu/stroombronnen
Beeldzoeker (HDR-SR7E/SR8E)/
LCD-scherm










