GEBRUIKSAANWIJZING VAATWASSER
Inhoudsopgave 1. Aanwijzingen voor veiligheid en gebruik _____________________ 84 2. Installatie en inbedrijfstelling ______________________________ 86 2.1 Aansluiting op de waterleiding_________________________________________________ 86 2.2 Elektrische aansluiting_______________________________________________________ 87 3. Beschrijving van het bedieningspaneel______________________ 88 3.1 Het bedieningspaneel _______________________________________________________ 88 3.
Aanwijzingen 1. Aanwijzingen voor veiligheid en gebruik DEZE HANDLEIDING IS EEN WEZENLIJK ONDERDEEL VAN HET APPARAAT: HIJ DIENT ALTIJD IN ZIJN GEHEEL SAMEN BIJ HET APPARAAT TE WORDEN BEWAARD. VÓÓR DE INGEBRUIKNEMING BEVELEN WIJ AAN OM DE IN DEZE HANDLEIDING OPGENOMEN AANWIJZINGEN AANDACHTIG DOOR TE LEZEN. DE INSTALLATIE MOET DOOR BEVOEGD PERSONEEL WORDEN UITGEVOERD MET INACHTNEMING VAN DE GELDENDE NORMEN.
Aanwijzingen GEBRUIK GEEN TIJDENS HET TRANSPORT BESCHADIGDE APPARATEN! RAADPLEEG, BIJ TWIJFEL, UW WEDERVERKOPER. HET APPARAAT MOET WORDEN GEÏNSTALLEERD EN AANGESLOTEN OVEREENKOMSTIG DE DOOR DE FABRIKANT VERSTREKTE INSTRUCTIES OF DOOR BEVOEGD PERSONEEL.. HET APPARAAT MOET DOOR VOLWASSENEN WORDEN GEBRUIKT. ZORG ERVOOR DAT KINDEREN UIT DE BUURT BLIJVEN EN ER NIET MEE SPELEN. HOUD KINDEREN UIT DE BUURT VAN AFWASMIDDELEN EN DE GEOPENDE VAATWASSERDEUR.
Instructies Voor de Installateur 2. Installatie en inbedrijfstelling Verwijder de polystyrol korfblokkeringen. Plaats het apparaat op de daarvoor bestemde. De vaatwasser kan met de zijkanten of de achterkant tegen meubels of wanden worden geplaatst. Als de vaatwasser naast een warmtebron wordt geplaatst moet een warmteïsolerende wand worden geplaatst om oververhitting en een slechte werking te voorkomen.
Instructies Voor de Installateur AANSLUITING OP DE AFVOER Plaats de afvoerslang in een afvoerpijp met een minimumdiameter van 4 cm; de slang kan ook in de gootsteen worden gehangen met behulp van de bijgesloten slanghouder, waarbij er echter voor moet worden opgelet dat hij niet wordt geknikt of afgeklemd. Het is belangrijk dat de slang niet kan losraken en vallen. Om deze reden heeft de slanghouder een gat waarmee hij met behulp van een touwtje aan de pijp of kraan kan worden bevestigd.
Instructies Voor de Gebruiker 3. Beschrijving van het bedieningspaneel 3.1 Het bedieningspaneel Alle bedieningsorganen en controle-instrumenten van de vaatwasser zijn aanwezig op het bedieningspaneel aan de bovenzijde. 1 AAN/UIT toets Door deze toets in te drukken wordt de machine onder spanning gezet. Controlelampje GESELECTEERD PROGRAMMA 2 Het verlichte controlelampje verwijst naar het geselecteerde programma en eventuele storingen (oplossingen voor de storingen).
TABEL VOOR CONTROLE-INSTITUTEN ANNULERING VAN HET LOPENDE PROGRAMMA • Om het lopende programma te annuleren moet u, na de deur te hebben geopend, de drukknop PROGRAMMAKEUZE (3) een paar seconden lang ingedrukt houden tot de controlelampjes van de programma's 4 en 5 gelijktijdig gaan branden.
PROGRAMMATABEL INSTELLING VAN HET WASPROGRAMMA EN INSCHAKELEN VAN DE MACHINE Om het voor de te wassen vaat meest geschikte programma te selecteren verwijzen wij naar de onderstaande tabel, waar u het meest geschikte wasprogramma kunt vinden afhankelijk van de aard en de mate van bevuiling van de vaat.
Instructies Voor de Gebruiker 3.2 Wasprogramma's Alvorens een wasprogramma te starten moet u controleren of: de waterkraan geopend is; • er regeneratiezout in het reservoir aanwezig is; • er voldoende afwasmiddel in het bakje is gedaan; • de korven op de juiste wijze zijn beladen; • de sproeiarmen vrij, onbelemmerd kunnen draaien; • de deur van de vaatwasser goed is gesloten. • SELECTIE WASSEN MET HALVE BELADING (alleen indien van toepassing) Deze functie is bij uitstek geschikt voor ladingen van max.
Instructies Voor de Gebruiker 4. Gebruiksinstructies Na de vaatwasser op correcte wijze te hebben geïnstalleerd zijn de volgende handelingen noodzakelijk om hem te kunnen gebruiken: Regeling van de ontharder; • Vullen met het regeneratiezout; • Vullen met glansspoelmiddel en afwasmiddel. • 4.1 Gebruik van de waterontharder De hoeveelheid kalk in het water (hardheidsgraad van het water) is verantwoordelijk voor de witte vlekken op de opgedroogde vaat, die, na verloop van tijd mat zullen worden.
Instructies Voor de Gebruiker REGELING VAN DE ONTHARDER De vaatwasser is uitgerust met een inrichting die het mogelijk maakt om de regeling van de ontharder aan te passen aan de hardheid van het vulwater. Afhankelijk van het model bevindt de keuzeschakelaar voor de regeling zich: in de kunststof ring op de rechterwand aan de binnenkant van de vaatwasser; • in de ontharder, net onder de dop.
Instructies Voor de Gebruiker 4.2 Gebruik van de doseerbakjes voor het glansspoelmiddel en het afwasmiddel De doseerbakjes voor het afwasmiddel en het glansspoelmiddel bevinden zich aan de binnenkant van de deur: links dat van het afwasmiddel en rechts dat van het glansspoelmiddel. Uitgezonderd het WEEK programma, moet het afwasmiddelbakje vóór iedere wasbeurt met een geschikte dosis afwasmiddel worden gevuld. Het glansspoelmiddel hoeft alleen maar worden bijgevuld indien nodig.
Instructies Voor de Gebruiker VULLEN MET AFWASMIDDEL Om het deksel van het bakje te openen moet u drukknop P een weinig indrukken. Voeg het afwasmiddel toe en sluit het deksel zorgvuldig af. Tijdens het wassen zal het bakje automatisch worden geopend. • Als het INTENSIEVE programma wordt geselecteerd, moet naast de gewone dosis afwasmiddel een extra hoeveelheid in de bakjes G of H worden gedaan. • Gebruik uitsluitend specifieke afwasmiddelen voor vaatwassers.
Instructies Voor de Gebruiker 4.3 Waarschuwingen en algemene aanbevelingen Vóór de eerste ingebruikneming van de vaatwasser verdient het aanbeveling om eerst de onderstaande aanbevelingen met betrekking tot de aard van de te wassen vaat en de plaatsing ervan te lezen. Over het algemeen bestaan er geen beperkingen voor het wassen van de huishoudelijke vaat, maar in sommige gevallen moet met hun eigenschappen rekening worden gehouden.
Instructies Voor de Gebruiker 4.4 Gebruik van de korven De vaatwasser heeft een capaciteit van 12 couverts inclusief het opdienservies. DE ONDERSTE KORF De onderste korf ontvangt de maximale intensiteit van de werking van de onderste sproeiarm en is daarom bestemd voor de "moeilijkste" en vuilste vaat.
Instructies Voor de Gebruiker BESTEKCONTAINER De bestekcontainer kan verschillende vormen hebben afhankelijk van de modellen en uit één of meer gescheiden vakken bestaan. Het bestek moet gelijkmatig over de container worden verdeeld, met het handvat naar beneden gericht waarbij u goed moet opletten dat u zich niet bezeert aan de lemmetten van de messen. De container is bestemd voor alle soorten bestek, uitgezonderd bestek waarvan de lengte de bovenste sproeiarm hindert.
Instructies Voor de Gebruiker REGELING VAN DE BOVENSTE KORF De bovenste korf kan in twee standen worden gezet, afhankelijk van de persoonlijke behoeften en de hoogte van de in de onderste korf geplaatste vaat. Ga hiervoor als volgt te werk.
Instructies Voor de Gebruiker 5. Schoonmak en onderhoud Vóór iedere ingreep moet u de elektrische voeding van het apparaat loskoppelen. 5.1 Waarschuwingen en algemene aanbevelingen Vermijd het gebruik van schurende of bijtende schoonmaakmiddelen. De buitenoppervlakken en de contradeur van de vaatwasser moeten met regelmatige tussenpozen met een zachte met een normaal schoonmaakmiddel voor geverfde oppervlakken bevochtigde doek worden schoongemaakt.
Instructies Voor de Gebruiker SCHOONMAKEN VAN DE FILTERGROEP Het verdient aanbeveling om regelmatig de centrale filter C te controleren en, indien • noodzakelijk schoon te maken.
Instructies Voor de Gebruiker KLEINE STORINGEN OPLOSSEN In sommige gevallen is het mogelijk om zelf eventuele kleine storingen met behulp van de onderstaande instructies te verhelpen.
Instructies Voor de Gebruiker 6. Oplossingen voor storingen in de werking De vaatwasser is in staat om een aantal storingen te melden door het gelijktijdig oplichten van meerdere controlelampjes met de volgende betekenis: STORING BESCHRIJVING De overstromingsbeveiliging heeft ingegrepen (uitsluitend voor modellen met de "TOTALE ACQUASTOP" beveiliging). E1 Dit alarm grijpt in bij een waterlekkage aan de vaatwasser. Het is noodzakelijk om u te wenden tot de technische dienst van de klantenservice.
Instructies Voor de Gebruiker TECHNISCHE GEGEVENS Breedte Diepte, gemeten vanaf de buitenzijde van het bedieningspaneel Hoogte Capaciteit Druk van het toevoerwater Elektrische gegevens 102 597 ÷ 599 mm 570 mm van 820 mm tot 870 mm 12 Standaardcouverts min. 0,05 – max.
2 1 1 820 - 870 567 min. 567 598 60 2 52 0 75 - 165 130 60 1 90 3 Solo su alcuni modelli Certain models only Seulement sur certains modèles nur bei einige Modellen Sólo en algunos modelos alleen indien van toepassing 4 816-870 3 2 820870 4 6 5 min. 0,5 m max. 1,10 m 1/2” S N SF 3x16 3/4” 0,3-10 bar 0,3-10 bar 7 1,25 m 1,50 m 1,78 m 1,66 m min. 0,4 m 1,14 m 1,23 m 6 min. 0,00 m min.
7 8 LATO SUPERIORE BORD SUPERIEURE UPPER EDGE OBERKANTE SUPERFICIE INTERNA SURFACE INTERNE INNER SURFACE INNENFLACHE 9 8 10 9 Solo su alcuni modelli - Certain models only Seulement sur certains modèles - nur bei einige Modellen Sólo en algunos modelos - alleen indien van toepassing 11 12 10 Regolazione vite tensione molle (11) - Copertura foto con tappo in dotazione (12) Door spring Adjustement device (11) - Covering of hole using cap provided (12) Réglage des ressorts de la porte (11) - Couvertur