Operation Manual

Instructies voor de gebruiker
84
Zone
nummer:
Minimumdiameter
van de pan
1 90 mm
2 110 mm
3 140 mm
4 90 mm
U kunt ook pannen gebruiken met een grotere diameter dan die
van de kookzones, waarbij u ervoor op moet letten dat de pan
niet in aanraking komt met de andere kookzones en dat hij altijd
in het midden van de omtrek van de kookzone wordt gezet.
Gebruik uitsluitend speciaal voor het inductiekoken ontworpen pannen, met een dikke en volledig
platte bodem, of, indien u die niet heeft, pannen met een niet-ronde bodem (hol of bol).
NEE NEE JA
4.1.3 Signaal aanwezigheid pannen
Iedere kookzone is uitgerust met een "aanwezigheid pannen" inrichting die het koken slechts zal
doen starten wanneer er een pan met de juiste eigenschappen goed gepositioneerd op de kookzone
bevindt.
Indien de pan niet goed is geplaatst of niet van het juiste materiaal is gemaakt en u de kookplaat toch
inschakelt, zal enkele seconden na de inschakeling van de kookzone op de display het symbool
verschijnen dat de fout aangeeft.
4.1.4 Restwarmte
Iedere kookzone is uitgerust met een inrichting die er de restwarmte van aangeeft. Op de display kan, na het
uitschakelen van iedere kookzone, een knipperende “
” worden weergegeven. Dit signaal wijst erop dat de
bewuste kookzone nog zeer heet is. U kunt het koken van het voedsel weer hervatten, ook als het symbool
nog knippert: ga in zo'n geval te werk zoals beschreven in de paragraaf “ 3 ”.
4.1.5 Blokkering van de kookplaat
Indien niet gebruikt kan de kookplaat "geblokkeerd" worden om de ongewenste inschakeling ervan
door kinderen te voorkomen.
Met de kookzones uitgeschakeld moet u de knoppen van de zones 2 en 3 linksom draaien en weer
loslaten.
De displays van de kookzones 1 en 4 zullen het symbool
afbeelden wat aangeeft dat de
blokkering geactiveerd is.
Om de blokkering op te heffen moet u dezelfde handeling herhalen: De displays van de kookzones 1
en 4 zullen het symbool
afbeelden wat aangeeft dat de blokkering gedesactiveerd is.