GEBRUIKSAANWIJZING LEIDRAAD VOOR HET GEBRUIK VAN DE VAATWASSER EN DE WASPROGRAMMA'S
Inhoudsopgave 1. Aanwijzingen voor veiligheid en gebruik ______________________ 2 2. Installatie en inbedrijfstelling _______________________________ 5 3. Beschrijving van het bedieningspaneel _______________________ 9 4. Gebruiksinstructies _____________________________________ 17 5. Schoonmak en onderhoud________________________________ 31 6. Oplossingen voor storingen in de werking____________________ 35 Wij wensen u van harte te bedanken voor uw keuze voor dit product van ons.
Aanwijzingen 1. Aanwijzingen voor veiligheid en gebruik DEZE HANDLEIDING IS EEN WEZENLIJK ONDERDEEL VAN HET APPARAAT: HIJ DIENT ALTIJD IN ZIJN GEHEEL SAMEN BIJ HET APPARAAT TE WORDEN BEWAARD. VÓÓR DE INGEBRUIKNEMING BEVELEN WIJ AAN OM DE IN DEZE HANDLEIDING OPGENOMEN AANWIJZINGEN AANDACHTIG DOOR TE LEZEN. DE INSTALLATIE MOET DOOR BEVOEGD PERSONEEL WORDEN UITGEVOERD MET INACHTNEMING VAN DE GELDENDE NORMEN.
Aanwijzingen HET AFGEDANKTE APPARAAT MOET ONBRUIKBAAR WORDEN GEMAAKT. SNIJD, NA DE STEKER UIT HET STOPCONTACT TE HEBBEN GETROKKEN, DE VOEDINGSKABEL DOOR. MAAK DE VOOR KINDEREN GEVAARLIJKE DELEN (SLUITINGEN, DEUREN ENZ.) ONGEVAARLIJK. DIT APPARAAT IS VOORZIEN VAN HET MERKTEKEN VOLGENS DE EUROPESE RICHTLIJN 2002/96/EG INZAKE AFGEDANKTE ELEKTRISCHE EN ELEKTRONISCHE APPARATEN (AEEA).
Aanwijzingen DE VAATWASSER KAN KANTELEN ALS GEVOLG VAN HET LEUNEN OF ZITTEN OP DE OPEN DEUR, MET ALLE RISICO'S VAN DIEN VOOR DE PERSONEN. OM TE VOORKOMEN DAT U EROVER STRUIKELT MOET U DE DEUR VAN DE VAATWASSER NIET OPEN LATEN STAAN. DRINK, NA BEËINDIGING VAN HET WASPROGRAMMA EN VOOR HET DROGEN, NIET VAN HET EVENTUEEL IN DE VAAT OF DE VAATWASSER ACHTERGEBLEVEN WATER.
Instructies Voor de Installateur 2. Installatie en inbedrijfstelling Verwijder de polystyrol korfblokkeringen. Plaats het apparaat op de daarvoor bestemde. De vaatwasser kan met de zijkanten of de achterkant tegen meubels of wanden worden geplaatst. Als de vaatwasser naast een warmtebron wordt geplaatst moet een warmteïsolerende wand worden geplaatst om oververhitting en een slechte werking te voorkomen.
Instructies Voor de Installateur 2.1 Aansluiting op de waterleiding Voorkom het risico van verstoppingen of beschadigingen: als de waterleiding nieuw is of langdurig ongebruikt gebleven, moet u, voordat u de aansluiting op de waterleiding uitvoert, controleren of het water helder is en zonder vervuiling om schade aan het apparaat te voorkomen. Gebruik voor de aansluiting van de vaatwasser op de waterleiding, uitsluitend nieuwe slangen; gebruik nooit oude of reeds gebruikte slangen.
Instructies Voor de Installateur 2.2 Elektrische aansluiting en waarschuwingen CONTROLEER OF DE SPANNINGS- EN FREQUENTIEWAARDEN VAN HET ELEKTRICITEITSNET OVEREENSTEMMEN MET DIE VERMELD OP HET TYPEPLAATJE VAN HET APPARAAT OP DE RAND AAN DE BINNENZIJDE VAN DE DEUR. DE STEKKER AAN HET UITEINDE VAN DE VOEDINGSKABEL EN HET BIJBEHORENDE STOPCONTACT MOETEN VAN HETZELFDE TYPE ZIJN EN OVEREENSTEMMEN MET DE GELDENDE NORMEN MET BETREKKING TOT DE ELEKTRISCHE INSTALLATIES.
Instructies Voor de Installateur ALLEEN VOOR GROOT-BRITTANNIË: DIT APPARAAT MOET WORDEN AANGESLOTEN OP EEN AARDVERBINDING. Vervanging van de zekering Wanneer het apparaat wordt geleverd met een BS 1363A 13A zekering in de stekker voor de aansluiting op het elektrische voedingsnet, moet u, bij vervanging van de zekering in dit type stekker een ASTA gekeurde zekering gebruiken van het type BS 1362 en als volgt te werk gaan: 1. Verwijder het deksel A en de zekering B. 2.
Instructies Voor de Gebruiker 3. Beschrijving van het bedieningspaneel 3.1 Het bedieningspaneel Alle bedieningsorganen en controle-instrumenten van de vaatwasser zijn samengebracht op het bedieningspaneel aan de voorzijde. 1 DRUKKNOP ON/OFF 2 DRUKKNOP P1/QUICK TIME 3 DRUKKNOP PROGRAMMAKEUZE (P1...
Instructies Voor de Gebruiker PROGRAMMA NUMMER EN SYMBOOL LADEN VAN VAAT EN BESTEK 1 WEKEN Pannen en vaatwerk in afwachting van de voltooing van de belading. 2 LICHT Delicate, wenig vieze vaat. 3 BIO (*) EN 50242 Normaal vieze vaat, ook met opgedroogde resten. 4 AUTO 60-70 Normaal vieze pannen en vaat, ook met opgedroogde resten. 5 ULTRA CLEAN Zeer vieze pannen en vaat, ook met opgedroogde resten. LICHT QUICK Delicate, weinig vieze vaat.
Instructies Voor de Gebruiker 3.3 Wasprogramma's De vaatwasser is uitgerust met een bedieningspaneel en een INFORMATIEDISPLAY (10) waarmee alla handelingen noodzakelijk voor het inschakelen, uitschakelen en de programmering kunnen worden uitgevoerd.
Instructies Voor de Gebruiker SELECTIE VAN HET PROGRAMMA Het programma kan worden geselecteerd met behulp van de bijbehorende drukknoppen (3). Wanneer u de drukknop die hoort bij het geselecteerde programma indrukt (zie tabel) zal het bijhorende controlelampje gaan branden ter bevestiging van de uitgevoerde handeling en zal op de DISPLAY (10) de voorziene tijsduur van het programma verschijnen met een indicatie van de uren en minuten (“h.mm”).
Instructies Voor de Gebruiker ONDERBREKING VAN EEN PROGRAMMA Om een lopend programma te onderbreken, moet u: • Toets START/PAUZE (7) enkele seconden lang ingedrukt houden tot de tekst “Time to end“ blijft branden op de display (biep ter bevestiging) nu kunt u de cyclus weer opnieuw laten starten of: WIJZIGEN VAN HET PROGRAMMA Om een lopend programma te wijzigen moet u: • Het lopende programma onderbreken (zie “ONDERBREKING VAN EEN PROGRAMMA”); • • Het nieuwe programma selecteren; Toets START/PAUZE (7
Instructies Voor de Gebruiker UITSTEL VAN HET PROGRAMMA (afhankelijk van de modellen) (beschikbaar in alle programma's met uitzondering van het weken programma) Met behulp van drukknop UITSTEL PROGRAMMA (6) kunt u het begin van het wasprogramma tot maximaal 12 uur uitstellen. Dit maakt het mogelijk om de vaatwasser op het voor u meest geschikte tijdstip te laten werken.
Instructies Voor de Gebruiker SELECTIE JE WASSEN MET HALVE BELADING (afhankelijk van de modellen) Deze functie is bij uitstek geschikt voor ladingen van max. 7 couverts en om te bezuinigen op water en elektriciteit. Wanneer u drukknop WASSEN MET ½ BELADING (4) indrukt kunt u het wassen met slechts één korf selecteren (boven of beneden).
Instructies Voor de Gebruiker OM ENERGIE TE BESPAREN! … EN VOOR HET BEHOUD VAN HET MILIEU • • • • • Probeer om de vaatwasser altijd volledig gevuld te gebruiken. Was de vaat niet onder stromend water. Gebruik het voor de aard van de vaat meest geschikte programma. Spoel niet vooraf eerst af. Sluit, indien mogelijk, de vaatwasser aan op een warmwaterleiding tot 60°C.
Instructies Voor de Gebruiker 4. Gebruiksinstructies Na de vaatwasser op correcte wijze te hebben geïnstalleerd zijn de volgende handelingen noodzakelijk om hem te kunnen gebruiken: • • • Regeling van de ontharder; Vullen met het regeneratiezout; Vullen met glansspoelmiddel en afwasmiddel. 4.1 Gebruik van de waterontharder De hoeveelheid kalk in het water (hardheidsgraad van het water) is verantwoordelijk voor de witte vlekken op de opgedroogde vaat, die, na verloop van tijd mat zullen worden.
Instructies Voor de Gebruiker • • Gebruik geen keukenzout, omdat dit niet-oplosbare substanties bevat die na verloop van tijd het onthardingssysteem kunnen beschadigen. Vul, indien noodzakelijk, het zout bij vóór u het wasprogramma start; op deze wijze zal de overtollige zoutoplossing onmiddellijk door het water worden verwijderd; een langdurige aanwezigheid van zout water in de waskuip kan tot corrosievorming leiden.
Instructies Voor de Gebruiker TABEL HARDHEID VAN HET WATER HARDHEID VAN HET WATER Duitse graden (°dH) Franse graden (°dF) 0-4 5 - 15 16 - 23 24 - 31 32 - 47 48 - 58 Vraag het waterleidingbedrijf hardheidsgraad van het water. 0-7 8 - 25 26 - 40 41 - 60 61 - 80 81 - 100 om de REGELING Staand nr. 1 GEEN ZOUT Staand nr. 1 Staand nr. 2 Staand nr. 3 Staand nr. 4 Staand nr. 5 informatie betreffende de 4.
Instructies Voor de Gebruiker TOEVOEGING VAN HET GLANSSPOELMIDDEL Het glansspoelmiddel zal het opdrogen van de vaat versnellen en de vorming van vlekken en kalkafzettingen voorkomen; het wordt automatisch tijdens de laatste spoelbeurt aan het water toegevoegd vanuit het doseerbakje aan de binnenkant van de deur. Om het glansspoelmiddel toe te voegen: • Open de deur. • Draai de dop van het reservoir ¼ slag linksom en verwijder hem. • Vul het glansspoelmiddel bij tot het bakje vol is (circa 140 c.c.).
Instructies Voor de Gebruiker VULLEN MET AFWASMIDDEL Om het deksel van het bakje te openen moet u drukknop P een weinig indrukken. Voeg het afwasmiddel toe en sluit het deksel zorgvuldig af. Tijdens het wassen zal het bakje automatisch worden geopend. • • • • • • Wanneer u een programma met warme voorwas kiest (zie de programmatabel), moet u een extra hoeveelheid afwasmiddel in de holte G/H (afhankelijk van de modellen) doen. Gebruik uitsluitend specifieke afwasmiddelen voor vaatwassers.
Instructies Voor de Gebruiker • Producten "3/1" Voor het gebruik van afwasmiddelen met geïntegreerd zout en glansmiddel moet u op de pagina "Beschrijving van de bedieningsorganen" controleren of de vaatwasser is uitgerust met de "drukknop optie 3/1" en vervolgens de paragraaf waar het gebruik ervan wordt beschreven raadplegen.
Instructies Voor de Gebruiker LET OP! • • • • • Controleer of de couverts goed stevig staan en niet kunnen omvallen en de draaiing van de sproeiarmen tijdens de werking niet belemmeren; plaats geen hele kleine voorwerpen in de korven die bij het vallen de sproeiarmen of de waspomp zouden kunnen blokkeren; vaat zoals bijv.
Instructies Voor de Gebruiker 4.4 Gebruik van de korven De vaatwasser heeft een capaciteit van 14 couverts inclusief het opdienservies. ONDERSTE KORF De onderste korf ontvangt de maximale intensiteit van de werking van de onderste sproeiarm en is daarom bestemd voor de "moeilijkste" en vuilste vaat.
Instructies Voor de Gebruiker Aan de voorkant is plaats voor één of twee supporten (afhankelijk van de modellen) voor kleine bordjes (B). Om die te gebruiken moeten ze naar de voorkant van de vaatwasser zijn "gedraaid". BELADING VAN DE ONDERSTE KORF Plaats de platte, diepe, dessert- en dienborden zorgvuldig rechtop. De pannen, koekenpannen en bijbehorende deksels moet ondersteboven worden geplaatst. Zorg er bij het plaatsen van de diepe en dessertborden altijd voor dat er vrije ruimte tussen blijft.
Instructies Voor de Gebruiker BESTEKCONTAINER Het bestek moet met de punten naar beneden worden gezet. Lang bestek (soeplepels, houten spanen, keukenmessen), die in aanraking zouden kunnen komen met de bovenste sproeier, moeten in de bovenste korf worden gelegd, waarbij u ervoor moet opletten dat de punt van de messen niet buiten de korf uitsteekt.
Instructies Voor de Gebruiker BOVENSTE KORF Het wordt aangeraden om de bovenste korf te vullen met klein of middelgroot serviesgoed, zoals bijvoorbeeld glazen, kleine borden, koffie- en theekopjes, platte schotels en lichte, hittebestendige plastic voorwerpen. Bij gebruik van de bovenste korf in de laagste stand kunnen er ook dienborden in worden geplaatst, mits slechts licht bevuild.
Instructies Voor de Gebruiker Afhankelijk van de modellen kan de mand met sommige of met alle accessoires zijn uitgerust: Supporten voor kopjes of lange voorwerpen (soeplepels, lepels…), links, kunnen rechtop worden gezet indien niet gebruikt. Support voor glazen met lange steel (glass holder), links; om hem te gebruiken hoeft u hem slechts rechtop te zetten en in de speciale bevestigingen vast te haken.
Instructies Voor de Gebruiker REGELING VAN DE BOVENSTE KORF De hoogte van de bovenste korf kan worden geregeld om in de onderste korf ruimte te creëren voor borden of vaat van grote afmetingen. De regeling kan van het type A, B of C zijn, afhankelijk van het aangeschafte model vaatwasser. Versie A: met extractie, regelbaar in twee standen aan de rechterzijde. • • • • • Trek de rechter korfgeleider er uit. Verwijder de blokkering door hem eerst los te maken zoals afgebeeld in de tekening.
Instructies Voor de Gebruiker Versie C: regelbaar in drie standen aan beide zijden. De zijkanten van de korf moeten altijd op dezelfde hoogte worden gezet. Deze regeling is uitsluitend beschikbaar op bepaalde vaatwassers van het “maxi” model (minimale hoogte van 860 mm). • • Til de korf op bij de bovenste rand (1) tot aan de eerste of tweede klik, afhankelijk van de gewenste hoogte. Maak de korf vrij met de vrijgavehendel (2) en laat hem zakken.
Instructies Voor de Gebruiker 5. Schoonmak en onderhoud Voordat u onderhoud gaat uitvoeren op het apparaat moet u de stekker uit het stopcontact verwijderen of de spanning onderbreken met de meerpolige scheidingsinrichting. 5.1 Waarschuwingen en algemene aanbevelingen Vermijd het gebruik van schurende of bijtende schoonmaakmiddelen.
Instructies Voor de Gebruiker SCHOONMAKEN VAN DE FILTERGROEP • • • • Het verdient aanbeveling om regelmatig de centrale filter C te controleren en, indien noodzakelijk schoon te maken.
Instructies Voor de Gebruiker ALVORENS DE VAATWASSER NA EEN LANGDURIGE PERIODE VAN STILSTAND IN GEBRUIK TE NEMEN: • • • controleer of er zich geen bezinksel of roest in de slangen heeft gevormd, laat in dat geval het water een paar minuten lang uit de kraan stromen. Steek de steker weer in het stopcontact. Breng de aanvoerslang weer aan en open de kraan.
Instructies Voor de Gebruiker Controleer, als de vaat niet droog wordt of mat blijft, of: • • • er glansspoelmiddel in het daarvoor bestemde reservoir zit; de dosering ervan goed is ingesteld; de kwaliteit van het gebruikte afwasmiddel goed is en de eigenschappen er niet van verloren zijn gegaan (bijv. als gevolg van een onjuiste opslag, met geopende verpakking). Controleer, als de vaat strepen, vlekken … vertoont, of: • de regeling van het glansspoelmiddel niet overmatig is.
Instructies Voor de Gebruiker 6. Oplossingen voor storingen in de werking De vaatwasser is uitgerust met een auto-diagnose systeem dat een vooraf geprogrammeerde reeks van mogelijke storingen van de vaatwasser kan opsporen en signaleren. TABEL VAN DOOR HET AUTO DIAGNOSE SYSTEEM GECONSTATEERDE STORINGEN STORING BESCHRIJVING E1 De overstromingsbeveiliging (indien aanwezig) is in werking getreden. E2 Het systeem dat het waterniveau in de vaatwasser beperkt heeft ingegrepen.
Instructies Voor de Gebruiker TECHNISCHE GEGEVENS Breedte Diepte, gemeten vanaf de buitenzijde van het bedieningspaneel Hoogte (afhankelijk van de modellen) Capaciteit Druk van het toevoerwater Elektrische gegevens 36 597 ÷ 599 mm Vrijstand: 600 mm Geïntegreerd: 570 mm Vrijstand: van 850 mm tot 870 mm van 890 mm tot 910 mm Geïntegreerd: van 820 mm tot 870 mm van 860 mm tot 910 mm 14 Standaardcouverts min. 0,05 - max. 0,9 MPa (min. 0.5 – max.
3 4 1 567 min. Solo su alcuni modelli Certain models only Seulement sur certains modèles nur bei einige Modellen Sólo en algunos modelos alleen indien van toepassing 3 567 115 125 135 145 155 5 1/2” max. 1,10 m 2 min. 0,5 m 1 H S N SF 3/4” 0,3-10 bar 0,3-10 bar 598 H 0 1,25 m 1,50 m 1,78 m 1,66 m 130 60 1,14 m 1,23 m 19 570 0055 02 60 2 52 min. 0,4 m 5 min.