Programs table

NL
8
Let op!
Wij bevelen aan om deze handeling zo zorgvuldig mogelijk uit te voeren om
tijdens het gebruik trillingen, lawaai of de verplaatsing van de wasdroger te
voorkomen.
Bij een installatie van de machine op een vloer met vloerkleed moet u ervoor
opletten dat de openingen aan de onderkant van de wasmachine niet verstopt
raken.
Verzeker u ervan dat de wasdroger tijdens de werking niet tegen muren, wanden,
meubels enz. leunt.
De machine mag niet achter een blokkeerbare deur, een schuifdeur of een deur met
een scharnier aan de tegenovergestelde zijde worden gemonteerd.
2.3 AANSLUITING OP HET WATERKRAANTJE
1. Controleer of de voedingsdruk tussen de volgende
waarden ligt: 0,05-0,9MPa. Bij een hogere druk moet u een
drukbegrenzer installeren.
2. Sluit de koudwatervulslang (lichtblauwe ring) aan op
het koudwaterkraantje met de schroefdraadaansluiting van
¾ gas, en zorg ervoor dat hij goed vast wordt geschroefd
om lekkages te voorkomen. De vulslang van het water mag
niet geknikt of afgeklemd zijn en mag niet vervangen of
afgesneden worden. De schroefverbindingen moeten
uitsluitend met de hand worden aangedraaid.
3. Bij aanwezigheid van een toevoer met warm water, mag de temperatuur waarop
het water wordt aangevoerd niet hoger zijn dan 60°C en moet de slang met de rode
ring worden aangesloten op het warmwaterkraantje.
Let op!
Indien de aansluiting wordt uitgevoerd met nieuwe of langdurig niet gebruikte
leidingen, zult u eerst een bepaalde hoeveelheid water moeten laten doorstromen
alvorens de vulslang aan te sluiten. Op deze wijze wordt voorkomen dat eventuele
ophopingen van zand en andere onzuiverheden de speciale, met de machine
geleverde filters ter bescherming van de waterinlaatkleppen, kunnen verstoppen.
U moet de nieuwe, met de machine geleverde vulslang gebruiken en mag de oude
slang niet gebruiken.