Programs table

NL
9
2.4 AANSLUITING OP DE AFVOER
1. Steek het uiteinde van de afvoerslang in een afvoerleiding met een minimale
doorsnede van 4 cm, op een hoogte van tussen de 50 en 90 cm, of haak hem goed
vast (met behulp van de plastic beugel op de bocht in de slang) aan een wasbak of
badkuip.
2. Controleer in ieder geval of het uiteinde van de afvoerslang altijd goed vastzit om
te voorkomen dat de afstotende kracht van het water hem uit zijn positie kan
verplaatsen.
Let op!
Om de afvoer van het water te bevorderen moet u knikken of afklemmingen
vermijden.
De eventuele verlenging van de afvoerslang mag niet langer zijn dan 1 meter, met
een identieke binnendoorsnede en zonder afklemmingen in enigerlei vorm.
Het uiteinde van de afvoerslang mag in geen geval ondergedompeld zijn in het
water.
2.5 ELEKTRISCHE AANSLUITING
Alvorens de stekker in het stopcontact te steken moet u controleren of:
1. De waarde van de voedingsspanning van het elektriciteitsnet overeenstemt met
die vermeld op het typeplaatje aan de voorzijde, in het gedeelte dat bij een
geopend deurtje zichtbaar is. De waarden van het aangesloten vermogen en de
noodzakelijke zekeringen staan vermeld op het typeplaatje.
2. De meter, de stoppen, de voedingsleiding en de stopcontacten moeten qua
capaciteit geschikt zijn voor de maximaal vereiste belasting vermeld op het
typeplaatje.
3. Het stopcontact en de met de machine verstrekte stekker moeten onderling
compatibel zijn zonder gebruik van bijv. verloopstekkers, meerwegstekkers,
adapters en verlengsnoeren, die tot oververhitting en brandplekken zouden
kunnen leiden.
Wanneer het stopcontact niet overeenstemt met de verstrekte stekker moet u
het stopcontact van de elektrische installatie vervangen door een geschikt
model.
Let op
Na de installatie moet de stekker toegankelijk blijven.
Het is absoluut noodzakelijk dat het apparaat wordt geaard. Steek de stekker
in een naar behoren geaard stopcontact.