Programs table

NL
22
6. REINIGING EN ONDERHOUD
Belangrijk - Vóór alle onderhouds- of reinigingswerkzaamheden moet u de stekker uit het stopcontact
trekken.
6.1 REINIGING BUITENZIJDE
Het regelmatig en constant schoonmaken zal ertoe bijdragen dat uw apparaat er nog lang als nieuw uit
zal zien.
De buitenkant mag alleen met water en zeep worden gereinigd en moet daarna zorgvuldig met een
zachte doek worden afgedroogd.
De plastic delen mogen alleen maar met een vochtige lap worden schoongemaakt.
Krab niet met puntige voorwerpen en vermijd het gebruik van oplosmiddelen of schurende producten om
beschadigingen van het oppervlak te voorkomen.
Om veiligheidsredenen mag u nooit waterstralen op de wasdroger richten.
6.2 REINIGING VAN DE TROMMEL
Verwijder eventuele roestplekjes van de trommel met een speciale reiniger voor roestvrij staal of, in
bijzonder hardnekkige gevallen, met uiterst fijn schuurpapier.
Gebruik uitsluitend ontkalkers van bekende merken met corrosiewering voor wasmachines om de
wasdroger mee te ontkalken.
Houdt u zich voor de doseringen en het gebruik uitsluitend aan de aanwijzingen van de fabrikant.
Voer, na de ontkalkingsprocessen en het verwijderen van de roest van de trommel, een paar
spoelbeurten uit om alle resten van zuren die de machine zouden kunnen beschadigen, te
verwijderen. Gebruik in geen geval wasmiddelen die oplosmiddelen bevatten. Het gevaar bestaat
dat zich dampen vormen die vlam zouden kunnen vatten en exploderen.
6.3 REINIGING VAN HET DEURRUBBER
Controleer regelmatig of er geen paperclips, knopen, spelden, enz. in de vouwen van het deurrubber zitten.