Operation Manual
Noodontgrendeling/-vergrendeling
Inleiding voor het onderwerp
In dit hoofdstuk vindt u informatie over de volgende onderwerpen:
Bestuurdersportier ont-/vergrendelen
234
Portier vergrendelen 234
Achterklep ontgrendelen 235
Noodontgrendeling keuzehendel 235
Bestuurdersportier ont-/vergrendelen
Afbeelding 201 Handgreep van het bestuurdersportier: Afgedekte slotcilin-
der / slotcilinder met sleutel
Lees eerst de informatie in de inleiding op pagina 234 en volg deze op.
›
Aan de greep trekken.
›
De sleutel in de uitsparing aan onderzijde van de afdekking in pijlrichting aan-
brengen en deze omhoogklappen » Afbeelding 201
.
›
De sleutel (de toetsen naar boven gericht) in de slotcilinder steken en de wagen
ont- resp. vergrendelen » Afbeelding 201 -
.
VOORZICHTIG
Let erop dat bij de noodontgrendeling/-vergrendeling geen lakschade ontstaat.
Portier vergrendelen
Afbeelding 202
Achterportier: Noodvergrende-
ling
Lees eerst de informatie in de inleiding op pagina 234 en volg deze op.
Aan de kopse kant van de portieren die geen slotcilinder hebben, bevindt zich een
noodslotmechanisme; dit is pas zichtbaar na het openen van het portier.
›
Afdekking
A
verwijderen » Afbeelding 202.
›
De sleutel in de gleuf
B
steken en in pijlrichting in de horizontale stand draaien
(bij het rechterportier tegengesteld).
›
De afdekking weer aanbrengen.
Na het sluiten van het portier kan dit niet van buitenaf worden geopend. Het por-
tier wordt bij het trekken aan de portiergreep ontgrendeld en van buitenaf geo-
pend.
234
Tips om het zelf te doen










