Operation Manual
Motoroliedruk
Lees en bekijk eerst op bladzijde 38.
knippert - de motoroliedruk is te laag.
▶
Stoppen, de motor afzetten en het motoroliepeil controleren.
▶
Als het controlelampje knippert, niet verder rijden, ook als het oliepeil in
orde is! De motor ook niet stationair laten draaien.
▶
De hulp van een specialist inroepen.
VOORZICHTIG
Als het bijvullen van motorolie niet mogelijk is, niet verder rijden - gevaar
voor motorschade! De motor afzetten en de hulp van een specialist inroepen.
Motoroliepeil
Lees en bekijk eerst op bladzijde 38.
Motoroliepeil te laag
brandt
Melding:
Motorolie bijvullen, alstublieft.
OLIE BIJVULLEN
▶
Stoppen, de motor afzetten en het motoroliepeil controleren resp. motorolie
bijvullen.
Als de motorkap langer dan 30 seconden geopend blijft, dooft het controle-
lampje. Als er geen motorolie wordt bijgevuld, gaat het controlelampje na circa
100 km weer branden.
Motoroliepeil te hoog
brandt
Melding:
Oliepeil verlagen a.u.b.
OLIEPEIL TE HOOG
▶
Er kan voorzichtig verder worden gereden. Onmiddellijk de hulp van een spe-
cialist inroepen.
Storing in motoroliepeilsensor
brandt
Melding:
Oliesensor: een werkplaats opzoeken, a.u.b.
OLIESENSOR WERKPLAATS
▶
Er kan voorzichtig verder worden gereden. Onmiddellijk de hulp van een spe-
cialist inroepen.
VOORZICHTIG
Als het bijvullen van motorolie niet mogelijk is, niet verder rijden - gevaar
voor motorschade! De motor afzetten en de hulp van een specialist inroepen.
Defect lampje
Lees en bekijk eerst op bladzijde 38.
brandt - een van de lampjes is defect.
Op het display verschijnt een melding voor het betreffende lampje.
Roetfilter (dieselmotor)
Lees en bekijk eerst op bladzijde 38.
Het roetfilter filtert en verbrandt de roetdeeltjes uit het uitlaatgas.
brandt - het filter is verzadigd met roet.
Om het roetfilter te reinigen, moet, als de verkeerssituatie dit toelaat »
, ge-
durende minimaal 15 minuten of tot het uitgaan van het controlelampje als
volgt worden gereden.
4. of 5e versnelling ingeschakeld (automatische versnellingsbak: stand
D / S).
Rijsnelheid minimaal 70 km/h.
Motortoerental tussen 1800-2500/min.
Als het filter succesvol is gereinigd, gaat het controlelampje uit.
Als het filter niet succesvol is gereinigd, dooft het controlelampje niet en
begint het controlelampje te knipperen.
▶
Er kan voorzichtig verder worden gereden. Onmiddellijk de hulp van een spe-
cialist inroepen.
44
Bediening










