XV-Z12000 XV-Z12000 PROJECTOR PROJEKTOR PROJECTEUR PROJEKTOR PROYECTOR PROIETTORE PROJECTOR OPERATION MANUAL BEDIENUNGSANLEITUNG MODE D’EMPLOI BRUKSANVISNING MANUAL DE MANEJO MANUALE DI ISTRUZIONI GEBRUIKSAANWIJZING SHARP CORPORATION Printed on 100% post-consumer recycled paper. Gedruckt auf 100% wiederverwertungs Papier. Imprimé sur 100% de papier recyclé. Utskrift på återvunnet papper av 100% återvunnet material. Impreso en 100% de papel reciclado de postconsumo. Stampato su carta riciclata al 100%.
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door voordat u de projector in gebruik neemt. Inleiding NEDERLANDS Inleiding BELANGRIJK Vul het serienummer in, dat staat aangegeven op het achterpaneel van de projector. Deze informatie heeft u nodig in geval van verlies of diefstal. Controleer of alle meegeleverde accessoires, zoals beschreven onder “Meegeleverde accessoires” op bladzijde 14 van deze gebruiksaanwijzing, inderdaad in de doos aanwezig zijn voor u de verpakking recyclet.
Belangrijke informatie betreffende het vervangen van de lamp Zie “Vervangen van de lamp” op bladzijden 80-82. WEES VOORZICHTIG BIJ HET VERVANGEN VAN DE LAMP BQC-XVZ100005 BQC-XVZ100005 BQC-XVZ100005 MAAK HET NETSNOER LOS ALVORENS DE SCHROEF TE VERWIJDEREN. ER ZIJN HETE ONDERDELEN BINNEN IN HET APPARAAT. LAAT HET APPARAAT 1 UUR AFKOELEN ALVORENS DE LAMP TE VERVANGEN. VERVANG DE LAMP UITSLUITEND DOOR DEZELFDE SHARP-LAMP VAN HET TYPE BQC-XVZ100005. UV-STRALING: KAN OOGLETSEL VEROORZAKEN.
Inhoud Basisbediening Inhoud .................................................................. 3 BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN ...... 5 Toegang krijgen tot de PDFgebruiksaanwijzingen van SharpVision Manager .......................................................... 8 Korte gebruiksaanwijzing ................................... 9 Benaming van de onderdelen .......................... 10 Beeldprojectie ................................................... 34 Projector (voor- en bovenaanzicht) ........
Inhoud Gebruiksvriendelijke functies Aanhangsel Kiezen van de beeldweergavefunctie .............. Instelbare functie hoge helderheid/hoog contrast ........................................................ Digitale verschuivingsfunctie .......................... Ondertitelinstelling ........................................... LED-Uit-functie .................................................. Weergeven van de gebruikstijd van de lamp ...... Instellen van het in-beeld-display ....................
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Inleiding VOORZICHTIG: Lees al deze veiligheidsvoorschriften alvorens de projector voor het eerst in gebruik te nemen. Bewaar deze veiligheidsvoorschiften zodat u er later een beroep op kunt doen. Voor uw eigen veiligheid en een lange levensduur van de projector dient u de volgende “BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN” te lezen alvorens de projector te gebruiken. Bij het ontwerp en de productie van deze projector stond uw persoonlijke veiligheid centraal.
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN 18. Controleer dat het onderhoudspersoneel tijdens het vervangen van onderdelen alleen de door de fabrikant aanbevolen onderdelen gebruikt, met dezelfde karakteristieken als de originele onderdelen. Het gebruik van andere onderdelen kan brand, een elektrische schok of andere problemen veroorzaken. 19. De projector is uitgerust met een van de volgende typen stekkers. Raadpleegt u alstublieft uw elektricien als deze stekker niet past in uw stopcontact.
Lees de volgende veiligheidsvoorschriften voordat u uw projector opstelt. Blokkeer de uitlaat- en inlaatopeningen niet. ■ Als de lamp gesprongen is, kunnen glassplinters gevaar veroorzaken. Indien de lamp gesprongen is, neemt u contact op met de dichtstbijzijnde erkende Sharp projector dealer of servicecentrum om de lamp te laten vervangen. Zie “Vervangen van de lamp” op bladzijden 80-82. ■ Laat tenminste 30 cm ruimte tussen de uitlaatopening en de dichtstbijzijnde wand of ander obstakel.
Toegang krijgen tot de PDF-gebruiksaanwijzingen van SharpVision Manager De cd-rom bevat gebruiksaanwijzingen in PDF-formaat in verscheidene talen voor de “SharpVision Manager” bioscoopprojector-software. Om deze gebruiksaanwijzingen te kunnen gebruiken, moet Adobe Acrobat Reader geïnstalleerd zijn op uw PC (Windows of Macintosh). Als u Acrobat Reader nog niet heeft, kunt u dit programma installeren vanaf de CD-ROM.
Korte gebruiksaanwijzing Inleiding ○ Op deze pagina wordt aan de hand van een voorbeeld uitgelegd hoe de projector en de videoapparatuur wordt aangesloten vanaf de installatie tot aan de projectie. Zie iedere pagina voor uitgebreide informatie. ○ Vereiste apparatuur ○ Videoapparatuur ○ ○ ○ Netsnoer ○ Afstandsbediening • Plaatsen van de batterijen. (bladzijde 13) Composiet videokabel (in de handel verkrijgbaar) ○ ○ ○ ○ ○ ○ Projector 1.
Benaming van de onderdelen Nummers in verwijzen naar de hoofdpagina’s in deze gebruiksaanwijzing waar het onderwerp wordt uitgelegd. Projector (voor- en bovenaanzicht) Insteltoetsen (", ', \, |) 42 43 Voor het selecteren van menu-items. Invoertoets (ENTER) 43 62 Voor het instellen van in het menu geselecteerde of gewijzigde items. Toets voor ongedaan maken (UNDO) MENU-toets (MENU) Voor het weergeven van instelschermen.
17 18 25 Aansluitingen voor component- en RGB-signalen. INPUT 5-aansluiting Voor bediening van de projector via een computer. 19 DC 12V OUTPUTaansluiting Aansluiting voor DV digitaal-, computer RGB- en componentsignalen. INPUT 2-aansluitingen RS-232C-aansluiting 26 Aansluiting voor WIRED REMOTEingang 17 INPUT 4-aansluiting 18 Aansluitingen voor component- en RGBsignalen. Netingang Voor het aansluiten van videoapparatuur.
Benaming van de onderdelen Afstandsbediening (vooraanzicht) STANDBY-toets 37 Schakelt de projector in standby. 34 Trapeziumvormtoets (KEYSTONE) Schakelt het apparaat in. 38 Om de trapeziumvormcorrectie of de instelling van de verticale grootte aan te passen. Invoertoets (ENTER) ON-toets 42 Menu-toets (MENU) Voor het weergeven van instelschermen. 43 Voor het instellen van in het menu geselecteerde of gewijzigde items. 43 Insteltoetsen (", ', \, |) Voor het selecteren van menu-items.
Gebruik van de afstandsbediening Inleiding Bereik van de afstandsbediening ■ De afstandsbediening kan worden gebruikt om de projector te bedienen binnen het op de afbeelding aangegeven bereik. Afstandsbediening 7m Opmerking • Het signaal van de afstandsbediening kan voor het gemak via een scherm weerkaatst worden. De afstand die door het signaal overbrugd kan worden, kan echter verschillen afhankelijk van het materiaal van het scherm.
Accessoires Meegeleverde accessoires Afstandsbediening Twee “AA”-batterijen Netsnoer (1) (3) (2) Voor Europa (uitgezonderd het Verenigd Koninkrijk) en Korea Voor het Verenigd Koninkrijk, Hong Kong en Singapore Voor Australië en Nieuw-Zeeland Opmerking • Afhankelijk van de bestemming zullen de projectors verscheept worden met slechts één netsnoer (zie hierboven). Gebruik het netsnoer dat geschikt is voor het stopcontact in uw land.
Aansluiten en opstellen Aansluiten en opstellen XV_Z12000E_NL_p15_26.p65 15 03.10.
Aansluiten van de projector op andere apparaten Alvorens aan te sluiten Opmerking • Alvorens aan te sluiten, moet u ervoor zorgen dat het netsnoer van de projector uit het stopcontact is getrokken en dat de aan te sluiten apparaten uitgeschakeld zijn. Wanneer u alle aansluitingen heeft gemaakt, schakelt u eerst de projector en vervolgens de andere apparaten in. Bij aansluiting op een computer moet u de computer als laatste inschakelen nadat u alle aansluitingen heeft gemaakt.
Aansluiten op videoapparatuur Met behulp van een S-video- of een composite videokabel kan een videorecorder of andere audiovisuele apparatuur aangesloten worden op INGANG 3 of INGANG 4. 1 Meegeleverd accessoire Video kabel S-videokabel (in de handel verkrijgbaar) *Maak hiervan gebruik als u iets wilt aansluiten op videoapparatuur, die voorzien is van een S-video-uitgang. Sluit een S-videokabel of een composite videokabel aan op de projector.
Aansluiten van de projector op andere apparaten Aansluiting op componentvideoapparatuur met een componentkabel (INPUT 1 of 2) Gebruik een componentkabel om componentvideoapparatuur, zoals DVD-spelers en DTV*-decoders, aan te sluiten op de aansluiting INPUT 1 of 2. Op INPUT 1 of 2 * DTV is de algemene term die wordt gebruikt voor het nieuwe digitale televisiesysteem in de Verenigde Staten. 1 Sluit een componentkabel aan op de projector.
Aansluiting op RGBvideoapparatuur met een 5 RCA RGB-kabel (INPUT 1 of 2) Gebruik een 5 RCA RGB-kabel om RGBvideoapparatuur, zoals DVD-spelers en DTV*-decoders, aan te sluiten op de aansluiting INPUT 1 of 2. * DTV is de algemene term die wordt gebruikt voor het nieuwe digitale televisiesysteem in de Verenigde Staten. Sluit een 5 RCA RGB-kabel aan op de projector. 2 Sluit de hierboven genoemde kabel aan op de RGBvideoapparatuur.
Aansluiten van de projector op andere apparaten Aansluiting op componentvideoapparatuur met een 3 RCA-naar 15pins D-Sub-kabel en de DVI naar 15-pins D-Subadapter (INPUT 5) Meegeleverd accessoire DVI-naar 15-pins D-sub-adapter Optioneel accessoire 3 RCA- naar 15pins D-sub-kabel Type: AN-C3CP (3,0 m) Gebruik een 3 RCA-naar 15-pins D-Sub-kabel en de DVI-naar 15-pins D-Sub-adapter om componentvideoapparatuur, zoals DVDspelers en DTV*-decoders, aan te sluiten op de aansluiting INPUT 5.
Aansluiten op de HDMIuitgang van videoapparatuur met behulp van een DVI naar HDMI-kabel (INPUT 5) Op INPUT 5 Gebruik een DVI- naar HDMI-kabel als u HDMI videoapparatuur, zoals DVD-spelers, aansluit op INPUT 5. Aansluiten en opstellen 1 Sluit een DVI- naar HDMI-kabel aan op de projector. • Zet de stekkers stevig vast door de schroeven vast te draaien. 2 Sluit de hierboven genoemde kabel aan op de videoapparatuur.
Aansluiten van de projector op andere apparaten Aansluiten van de projector op een computer Aansluiting op een computer met de DVI naar 15-pins D-sub-adapter en de RGB-kabel (INPUT 5) 1 Sluit een DVI naar 15-pin D-subadapter aan op de projector. 2 Sluit de hierboven genoemde adapter aan op de RGB-kabel. 3 Sluit de hierboven genoemde kabel aan op de computer. Meegeleverd accessoire DVI-naar 15-pins D-sub-adapter Op INPUT 5 • Zet de stekkers stevig vast door de schroeven vast te draaien.
Aansluiting op een computer met een DVIkabel (INPUT 5) Sluit een DVI-kabel aan op de projector. 2 Sluit de hierboven genoemde kabel aan op de computer. • Zet de stekkers stevig vast door de schroeven vast te draaien. Aansluiten en opstellen 1 DVI-kabel Type:AN-C3DV (3,0m) Optioneel accessoire Op INPUT 5 Opmerking • Verander het signaaltype in “A.RGB” of “D PC RGB” afhankelijk van het feit of het uitgangssignaal van de computer analoog of digitaal is. Zie bladzijde 69.
Aansluiten van de projector op andere apparaten Aansluiten van de schroefkabels ■ Sluit de duimschroefkabel aan en let daarbij op dat deze goed in de aansluiting past. Zet vervolgens de connectors goed vast door de schroeven aan beide zijden van de stekker aan te halen. ■ Verwijder de ferrietring op de RGB-kabel niet. Ferrietkern “Plug and Play”-functie ■ Deze projector is compatibel met de VESA-standaard DDC 1/DDC 2B.
Bediening via een computer Aansluiten en opstellen Bedienen van de projector met een RS-232C-kabel Wanneer de RS-232C-aansluiting op de projector wordt aangesloten op een computer met een RS-232C-kabel (nulmodem-kruiskabel, in de handel verkrijgbaar los verkocht), kan de computer worden gebruikt om de projector te bedienen en de status van de projector te controleren. Zie bladzijde 84 voor nadere bijzonderheden. Naar RS-232C-aansluiting 1 Sluit een RS-232C-kabel aan op de projector.
Aansluiten van de projector op andere apparaten Gebruik van afstandsbediening met kabel De afstandsbediening aansluiten op de projector Als u de afstandsbediening niet draadloos kunt gebruiken vanwege de afstand of positie van de projector (achterprojectie, etc.
Opstellen Gebruik van de stelvoetjes 1 2 Druk de ontgrendelknoppen van de stelvoetjes in en til de projector in de gewenste positie. Ontgrendelknoppen Laat de ontgrendelknoppen los. Zodra de stelvoetjes in de juiste stand zijn vergrendeld, laat u de projector los. • Als het scherm onder een hoek hangt, kunnen de stelvoetjes worden gebruikt om de hoek van het beeld aan te passen. Stelvoetjes Opmerking • De positie van de projector kan tot 5 graden worden versteld, gemeten vanuit de standaardpositie.
Opstellen Scherpstelring Zoomknop Instellen van de lens U kunt het beeld scherpstellen en instellen op de gewenste grootte met de scherpstelring of de zoomknop op de projector. 1 U kunt scherpstellen door aan de scherpstelring te draaien. Scherpstelring 2 Zoomen gebeurt door de zoomknop te bewegen. n ome Inzo en oom Uitz Zoomknop -28 XV_Z12000E_NL_p27_32.p65 28 03.10.
Gebruik van de lensverschuivingschijf De hoogte van het geprojecteerde beeld kan worden aangepast binnen het verplaatsingsbereik van de lens door aan de lensverschuivingschijf op de bovenkant van de projector te draaien. Lensverschuivingschijf ER HOG ER LAG Opmerking Aansluiten en opstellen • Draai de lensverschuivingschijf niet voorbij de hoogste en de laagste stand. Dit kan een slechte werking van de projector veroorzaken. -29 XV_Z12000E_NL_p27_32.p65 29 03.10.
Opstellen Opstellen van het scherm Om een zo goed mogelijk beeld te verkrijgen, plaatst u de projector loodrecht ten opzichte van het scherm met alle stelvoetjes plat en horizontaal op de ondergrond. Opmerking • De lens van de projector moet voor het midden van het scherm worden geplaatst. Als de horizontale lijn die door het midden van de lens loopt niet loodrecht staat ten opzichte van het scherm, zal het beeld worden vervormd, wat het bekijken ervan bemoeilijkt.
Schermgrootte en projectie-afstand x y 4 Schermgrootte (4:3) Diag.
Opstellen Projecteren van een spiegelbeeld/omgekeerd beeld Projectie van achter het scherm ■ Zet een doorschijnend scherm tussen de projector en het publiek. ■ Draai het beeld spiegelverkeerd door “Achter” in te stellen als “Projectie” in het menu “Opties”. Zie bladzijde 73 voor het gebruik van deze functie. Bij gebruik van de standaardinstellingen. ▼In-beeld-display Spiegelbeeld Projectie via een spiegel ■ Plaats een (gewone platte) spiegel voor de lens.
Basisbediening Basisbediening XV_Z12000E_NL_p33_41.p65 33 03.10.
Beeldprojectie Basisprocedure Bedrijfsindicator Sluit de nodige externe apparatuur op de projector aan alvorens de volgende procedures uit te voeren. Lampindicator (LAMP) Info • De in de fabriek ingestelde taal is Engels. Wanneer u de taal van het in-beeld-display wilt veranderen, moet u de taal terugstellen volgens de procedure beschreven op bladzijde 36. 1 Steek het netsnoer in het stopcontact.
3 "In-beeld-display (voorbeeld) Druk op , , , of op de afstandsbediening of op op de projector om de INPUT-functie te kiezen. • Druk eenmaal op op de projector. om de gewenste Gebruik inputmodus te selecteren. INGANG 1-functie Met RGB* Met Component Opmerking • Wanneer er geen signaal wordt ontvangen, verschijnt “GEEN SIGNAAL” op het display. Wanneer een signaal wordt ontvangen waarvoor de projector niet vooraf is ingesteld, verschijnt “ONGELDIG” op het display.
Beeldprojectie Kiezen van de taal van het in-beeld-display • U kunt het in-beeld-display van de projector instellen op Engels, Duits, Spaans, Nederlands, Frans, Italiaans, Zweeds, Portugees, Chinees, Koreaans of Japans. 1 Druk op 2 Druk op \ of op | om de “Taal” te selecteren. 3 Druk op " of op ' om de gewenste taal te selecteren en . druk dan op 4 Druk op . • Het menu verschijnt op het display. . • De gewenste taal wordt ingesteld voor het in-beeld-display. -36 XV_Z12000E_NL_p33_41.
Uitschakelen van de stroom 1 Druk op op de afstandsbediening of op op de projector en druk STANDBYtoets Invoertoets (ENTER) MENU-toets (MENU) ", ', \, | -toetsen of vervolgens nogmaals op terwijl het bevestigingsbericht wordt getoond om de projector in standby te schakelen. Opmerking • Als u per ongeluk op heeft gedrukt en de projector niet in standby wilt schakelen, wacht u tot het bevestigingsbericht verdwijnt. 2 Trek het netsnoer uit het stopcontact nadat de koelventilator is gestopt.
Keystone-correctie en aanpassen van de verticale grootte Corrigeren van trapeziumvervorming en aanpassen van de verticale grootte van het beeld Met deze functie is keystone-correctie (corrigeren van de trapeziumvervorming op het scherm) mogelijk en kan de verticale grootte van het beeld worden aangepast.
3 Wanneer u tijdens het instellen van de verticale grootte nogmaals drukt, verschijnt het menu op voor het aanpassen van de verticale grootte. 4 Druk op " en ' om de verticale grootte van het beeld aan te passen en druk op . • Zie hieronder voor nadere bijzonderheden over het instelscherm voor de verticale grootte. Aanpassen van de verticale grootte Basisbediening Wanneer de lens-shift-functie wordt gebruikt in combinatie met de keystone-correctiefunctie, kan de beeldverhouding veranderen.
Onderdelen van de menubalk Deze lijst vermeldt de onderdelen die kunnen worden ingesteld op de projector. ■ INGANG 1/2/5-functie Hoofdmenu Beeld Bladzijde 46 Submenu Beeldpositie Standaard Natuurlijk Dynamisch Gebruiker 1 Gebruiker 2 INGANG1/2/5 Pos. Hoofdmenu Submenu Klok Fijn sync. Bladzijde 57 –60 Fase H-Pos –150 V-Pos +30 –60 Contrast –30 Helder –30 +30 Vastleggen Kleur –30 +30 Keuze instel.
■ INGANG 3/4-functie Submenu Hoofdmenu Beeld Bladzijde 46 Beeldpositie Standaard Natuurlijk Dynamisch Gebruiker 1 Gebruiker 2 INGANG3/4 Pos. Submenu Hoofdmenu Opties Bladzijde 66 Dgt.Shift –30 +30 Ondtl. –30 +30 Reset LED [ON/OFF] –30 +30 Lamp Timer Helder –30 +30 OSD Display Kleur –30 +30 Normaal Niveau A Niveau B Tint –30 +30 Videosysteem Scherpte –30 +30 Kleurtmp 5000 11000 Auto PAL (50/60Hz) SECAM NTSC4.43 NTSC3.
Gebruik van het menuscherm Deze projector heeft twee sets van menuschermen die u in staat stellen het beeld en diverse projectorinstellingen te regelen. U kunt deze menuschermen bedienen via de projector zelf of via de afstandsbediening aan de hand van de volgende procedure.
2 Druk op \ of | om het menu te kiezen dat u wilt instellen. Opmerking • Voor bijzonderheden over de menu's, zie de boomdiagrammen op bladzijden 40 en 41. 3 Druk op " of ' om het onderdeel te kiezen dat u wilt instellen. Opmerking Basisbediening • Om slechts één in te stellen onderdeel weer te geven, drukt u op na het kiezen van het onderdeel. Alleen de menubalk en het onderdeel dat u wilt instellen, worden weergegeven.
Gebruik van het menuscherm Menuselectie (instellingen) 1 Druk op ", ', \, | -toetsen MENU-toets (MENU) Invoertoets (ENTER) . • Het menuscherm wordt weergegeven. Opmerking • Het menuscherm “Beeld” voor de gekozen ingangsfunctie wordt weergegeven. • De in-beeld-displays die rechts onder worden getoond, worden weergegeven wanneer u de functie INGANG 1, 2 of 5 heeft geselecteerd. MENU-toets (MENU) Invoertoets (ENTER) 2 ", ', \, | -toetsen Druk op \ of | om het menu te kiezen dat u wilt instellen.
4 Druk op |. • De cursor verplaatst zich naar het submenu. Submenu Druk op " of ' om de instelling van het onderdeel te kiezen dat wordt weergegeven in het submenu. 6 Druk op Basisbediening 5 . • Het gekozen onderdeel wordt ingesteld. Opmerking • Bij sommige onderdelen verschijnt een bevestigingsbericht. Wanneer u een onderdeel instelt, drukt u op \ of | om “Ja” of “OK” te kiezen en drukt u vervolgens op . • Gebruik om “ON” of “OFF” te kiezen voor het onderdeel “Spaarfunctie”.
Instellen van het beeld U kunt het beeld van de projector naar uw eigen voorkeur instellen met de volgende beeldinstellingen. De positie van het beeld selecteren Met behulp van deze functie kunt u aan de hand van de helderheid van de ruimte en de inhoud van de software die afgespeeld moet worden, de positie van het beeld selecteren. U heeft de keuze uit drie vooraf ingestelde posities en drie posities voor aangepaste instellingen.
Instellen van beeldvoorkeuren Instellen van het menu “Beeld” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45.
Instellen van het beeld De C.M.S. positie selecteren Met deze functie kunt u de gewenste kleurweergavemodus kiezen. Kies “Gesel. kleur” in het menu “Beeld” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Opmerking • De kleur kan gedetailleerder worden ingesteld met “C.M.S.” op het menuscherm. Zie bladzijde 54 voor nadere bijzonderheden. Speciale instellingen Kies “Speciale” in het menu “Beeld” op het menuscherm.
IP functie Deze functie stelt u in staat om de progressieve weergave van een videosignaal te kiezen. De progressieve weergave zorgt voor meer soepele videobeelden. Kies “IP functie” in het menu “Beeld” op het menuscherm. • De “IP functie” wordt geactiveerd door het . indrukken van ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45.
Instellen van het beeld Benadrukken van het contrast Deze functie benadrukt de heldere delen van beelden om het contrast te verhogen. Kies “Wit benadr.” in het menu “Speciale func.” op het “Beeld” menuscherm. • De “Wit benadr.” wordt “ON”- en “OFF” door het indrukken van . ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Geselecteerd item (ON) Omschrijving Benadrukt de heldere delen van beelden. (OFF) Schakelt “Wit benadr.” uit. Beeldruisonderdruking (Ruisonderdr.
De contouren in het beeld (DFC) versterken Met deze functie kunt u eigenschappen selecteren voor contouren in het beeld. Selecteer in het “Beeld”menuscherm in “Speciale func.” de optie “DFC”. • De “DFC” wordt geactiveerd door het indrukken van . ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Geselecteerd item (OFF) (Niveau 1) Omschrijving “DFC” uitschakelen.
Gamma-instelling Gebruik deze functie om de gammapositie te kiezen en de gammacurve aan te passen voor een nauwkeurigere afstelling van het beeld. Kiezen van de gammapositie Kies “Gammapositie” in het menu “Gamma” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Geselecteerd item Standaard Zw. detail Dynam. gamma Gebruiker 1–2 SVM-gamma Omschrijving Voor een standaardbeeld. Geeft de donkere delen van het beeld meer diepte.
Instellen van de gammacurve Pas de gammacurve aan uw voorkeuren aan. Deze gammawaarden kunnen alleen worden aangepast wanneer de gammapositie is ingesteld op “Gebruiker 1” of “Gebruiker 2”. Kies het gamma-onderdeel in het menu “Gamma” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Opmerking • Om alle instelbare onderdelen terug te . stellen, kiest u “Reset” en drukt u op Beschrijving Om de weergavekarakteristiek van rood in te stellen G.Gamma (Groen-gamma) B.
Color Management System (C. M. S.) Met het kleurmanagementsysteem kunt u de eigenschappen van zes kleuren (R: rood, Y: geel, G: groen, C: cyaan, B: blauw, M: magenta) afzonderlijk instellen. De C.M.S. positie (C.M.S. Position) Instellen Kies “C.M.S. positie” in het menu “C.M.S.” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Geselecteerd item Standaard Filmtoon Gebruiker 1-2 Omschrijving Sharp standaardinstelling Een gebalanceerd kleurenbeeld is het resultaat. “Helderh.
De helderheid van de doelkleur instellen Selecteer “Helderh.” in het “C.M.S.”menu op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. De chromatische waarde van de doelkleur instellen Basisbediening Selecteer “Chroma” in het “C.M.S.”menu op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. De tint van de doelkleur instellen Selecteer “Tint” in het “C.M.S.”-menu op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45.
Color Management System (C. M. S.) Door de gebruiker ingestelde kleurinstellingen herstellen Kies “Terugstellen (deze kleur)” of “Terugstellen (alle kleuren)” in het menu “C.M.S.” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Geselecteerd item Terugstellen (deze kleur) Terugstellen (alle kleuren) Omschrijving De “Helderheid”, de “Chroma” en de “Tint” van de geselecteerde kleur worden gereset en teruggezet naar de standaardinstelling.
Instellen van computerbeelden Gebruik de Fijn sync.-functie in geval van onregelmatigheden zoals verticale strepen of het flikkeren van delen van het beeld. Wanneer Automat. sync. op OFF staat Wanneer “Automat. sync.” op “OFF” staat, kan er interferentie voorkomen zoals flikkeren of verticale strepen bij de weergave van beelden met “betegeling” of verticale strepen. Als dit gebeurt, kunt u de instellingen “Klok”, “Fase”, “H-Pos” en “V-Pos” bijstellen om een optimale weergave te bereiken.
Instellen van computerbeelden Selecteren van instellingen De in de projector opgeslagen instellingen zijn makkelijk toegankelijk. Kies “Keuze instel.” in het menu “Fijn sync.” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Opmerking • Als er geen instellingen zijn opgeslagen onder een bepaald nummer in het geheugen, zullen bij dat nummer geen resolutie en frequentie vermeld staan. • Door een opgeslagen instelling op te roepen met “Keuze instel.
Controleren van het ingangssignaal Deze functie stelt u in staat om de informatie betreffende het huidige ingangssignaal te controleren. Kies “Signaal informatie” in het menu “Fijn sync.” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Instellen van de automatische synchronisatie Wordt gebruikt om een computerbeeld automatisch in te stellen. Basisbediening Kies “Automat.sync.” in het menu “Fijn sync.” op het menuscherm.
Instellen van computerbeelden Automatische synchronisatie displayfunctie Wordt gebruikt om het scherm in te stellen dat tijdens automatische synchronisatie wordt weergegeven. Kies “Auto-sync dsp” in het menu “Fijn sync.” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Geselecteerd item Omschrijving Het ingestelde achtergrondbeeld wordt geprojecteerd. Het computerbeeld dat wordt ingesteld, verschijnt. -60 XV_Z12000E_NL_p42_60.p65 60 03.10.
Gebruiksvriendelijke functies Gebruiksvriendelijke functies XV_Z12000E_NL_p61_65.p65 61 03.10.
Kiezen van de beeldweergavefunctie Deze functie stelt u in staat om de beeldweergave te wijzigen of aan te passen om het ontvangen beeld te verbeteren. Afhankelijk van het ingangssignaal kunt u kiezen tussen “ZIJBALK”, “SLIMME REK”, “CINEMA ZOOM”, “REK”, “NORMAAL” of “DOT BY DOT”. Schermgroottetoets (RESIZE) Wijzigen van de beeldweergave bij gebruik van verschillende ingangssignalen Druk op . • Bij iedere druk op verandert het display zoals weergegeven op bladzijden 63 en 64.
VIDEO Voor 4:3 beeldverhouding Voor 16:9 beeldverhouding ZIJBALK SLIMME REK CINEMA ZOOM REK DOT BY DOT 480I 480P 576I 576P NTSC PAL SECAM 960 ⳯ 720 1280 ⳯ 720 1280 ⳯ 720 1280 ⳯ 720 – 480P 960 ⳯ 720 1280 ⳯ 720 1280 ⳯ 720 1280 ⳯ 720 – 720P – – – 1280 ⳯ 720 1280 ⳯ 720 1080I – – – 1280 ⳯ 720 – • Kies “DOT BY DOT” tijdens 720P-invoer wanneer u de 720P-uitvoer bekijkt vanaf een computer. • 720P wisselt tussen “REK” en “DOT BY DOT”.
Kiezen van de beeldweergavefunctie COMPUTER SVGA (800 ⳯ 600) Voor 4:3 beeldverhouding Zonder 4:3 beeldverhouding Ingangssignaal NORMAAL DOT BY DOT 960 ⳯ 720 800 ⳯ 600 XGA (1024 ⳯ 768) 960 ⳯ 720 1024 ⳯ 720 SXGA (1280 ⳯ 960) 960 ⳯ 720 1280 ⳯ 720 SXGA (1280 ⳯ 1024) 900 ⳯ 720 1280 ⳯ 720 Weergavebeeld NORMAAL DOT BY DOT VGA Voor 4:3 beeldverhouding (640 ⳯ 480) SVGA Voor 4:3 beeldverhouding (800 ⳯ 600) XGA Voor 4:3 beeldverhouding (1024 ⳯ 768) SXGA Voor 5:4 beeldverhouding (1280 ⳯ 1024)
Instelbare functie hoge helderheid/hoog contrast Deze functie regelt de hoeveelheid geprojecteerd licht en het contrast van het beeld. Het kan bediend worden door gebruik te maken van de IRIS-knop op de afstandsbediening. Overschakelen HOGEHELDERHEIDSMODUS/ HOOG-CONTRASTMODUS Druk op de afstandsbediening op , om de gewenste modus te selecteren. De modus wordt dan omgeschakeld in volgorde van “HOOG-CONTRASTMODUS”, “GEMIDDELDE MODUS” en “HOGE-HELDERHEIDSMODUS”.
Digitale verschuivingsfunctie Voor een betere weergave verschuift deze functie het volledige geprojecteerde beeld op het scherm naar boven of naar onder wanneer u 16:9-beelden projecteert van DVD-spelers en DTV*-decoders. * DTV is de algemene term die wordt gebruikt voor het nieuwe digitale televisiesysteem in de Verenigde Staten. Instellen van de digitale verschuiving Kies “Dgt. Shift” in het menu “Opties” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45.
LED-Uit-functie LED’s (indicators) op de projector kunnen uitgeschakeld worden, als zij storend werken op de projectie. LED uitschakelen Kies “LED” in het menu “Opties” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Gekozen onderdeel (ON) (OFF) Beschrijving LED’s zijn ingeschakeld. De LED’s zijn uitgeschakeld, als de projector ingeschakeld is.
Instellen van het in-beeld-display Met deze functie kunt u de berichten die op het scherm verschijnen in- en uitschakelen. Wanneer u “ Niveau A” of “ Niveau B” instelt in “OSD Display”, zal de ingangsfunctie (bijv. INGANG 1) niet op het display verschijnen, zelfs wanneer de INPUT-toets wordt ingedrukt. Uitschakelen van het in-beeld-display Kies “OSD Display” in het menu “Opties” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45.
Kiezen van het signaaltype Met deze functie kunt u het ingangssignaaltype RGB of Component kiezen voor INGANG 1 en 2, of Digitale PC RGB, Digitale PC Component, Digitale Video RGB, Digitale Video Component, Analoge RGB of Analoge Component voor INGANG 5. Kiezen van het signaaltype Voor INGANG 1 en INGANG 2 Kies “Signaaltype” in het menu “Opties” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45.
Instellen van het videosignaal De standaardinstelling voor het videosysteem is “Auto”; het is echter mogelijk dat u geen duidelijk beeld kunt ontvangen van de aangesloten audiovisuele apparatuur omwille van verschillen in het signaal. In dat geval wijzigt u het videosignaal. Instellen van het videosignaal Kies “Videosysteem” in het menu “Opties” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45.
De spaarmodus selecteren Met deze functies kunt u het energieverbruik van de projector verlagen. Instellen van de energiespaarstand Kies “Energiebesp.” in “Spaarfunctie” in het menu “Opties” op het menuscherm. • De “Energiebesp.” wordt “ON”- en “OFF” door het indrukken van . ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Gekozen onderdeel Beschrijving (ON/Lage energiefunctie) Wanneer “Energiebesp.” op “ON” wordt gezet, vermindert het geluid, maar neemt de helderheid met 20% af.
De spaarmodus selecteren Automatische uitschakeling Selecteer “Autom. uitsch.” in “Spaarfunctie” onder het menu “Opties” in het menuscherm. • De “Autom. uitsch.” wordt “ON”- en “OFF” door het indrukken van . ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. Gekozen onderdeel Beschrijving (ON) Als de projector langer dan 15 minuten geen ingangssignaal krijgt, wordt de projector automatisch uitgeschakeld. (OFF) De automatische uitschakelfunctie wordt uitgeschakeld.
De geprojecteerde beelden omkeren/weergeven in spiegelbeeld Deze projector is voorzien van een functie om het geprojecteerde beeld om te keren of weer te geven in spiegelbeeld, wat handig is voor diverse toepassingen. Instellen van de projectiestand Kies “Projectie” in het menu “Opties” op het menuscherm. ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45.
Weergeven van alle instellingen Met deze functie kunt u alle gemaakte instellingen in een lijst op het scherm weergeven. Overzicht van alle menu instellingen Selecteer het menu “Status” in het menuscherm en druk op . ➝Voor bediening van het menuscherm, zie bladzijden 42 t/m 45. -74 XV_Z12000E_NL_p66_74.p65 74 03.10.
Aanhangsel Aanhangsel XV_Z12000E_NL_p75_88.p65 75 03.10.
Onderhoud Reinigen van de projector Reinigen van de lens ■ Trek het netsnoer uit alvorens de projector te reinigen. ■ De behuizing en het bedieningspaneel zijn van kunststof. Vermijd het gebruik van benzeen en verdunner, aangezien deze de behuizing kunnen beschadigen. ■ Gebruik geen vluchtige middelen, bijvoorbeeld insecticiden, bij het reinigen van de projector. Bevestig geen rubber of kunststof voorwerpen op de projector gedurende een lange tijd.
Schoonmaken van de ventilatieopeningen • Deze projector is voorzien van ventilatieopeningen om een optimale werking van de projector te waarborgen. • Maak de ventilatieopeningen regelmatig schoon met behulp van een stofzuiger. • De ventilatieopeningen moeten om de 100 gebruiksuren worden schoongemaakt. Maak de ventilatieopeningen vaker schoon wanneer de projector wordt gebruikt in een vuile of rokerige omgeving.
Onderhoudsindicators ■ De verklikkerlampjes op de projector duiden problemen in de projector aan. ■ Als er zich een probleem voordoet, licht ofwel de temperatuurindicator (TEMP.) ofwel de lampindicator (LAMP) rood op en schakelt de projector zichzelf in standby. Volg nadat de projector in standby is geschakeld de onderstaande stappen. Bedrijfsindicator Lampindicator (LAMP) Temperatuurindicator (TEMP.) Over de temperatuurindicator (TEMP.
Info • Als de temperatuurindicator (TEMP.) oplicht en de projector zichzelf in standby schakelt, voer dan de bovenvermelde mogelijke oplossingen uit en wacht tot de projector helemaal is afgekoeld voordat u het netsnoer insteekt en de stroom weer inschakelt. (Minstens 5 minuten.) • Als de stroom kortstondig wordt uitgeschakeld, bijvoorbeeld als gevolg van een stroomonderbreking, en onmiddellijk weer wordt ingeschakeld, zal de lampindicator (LAMP) rood oplichten en gaat de lamp mogelijk niet branden.
Over de lamp Lamp ■ Wij raden u aan de lamp (los verkocht) te vervangen na een totale gebruikstijd van ongeveer 1.900 uren of wanneer u een gevoelige verslechtering van de beeld- en kleurkwaliteit vaststelt. De gebruikstijd van de lamp kan worden gecontroleerd met “Lamp timer” in het menu “Opties” op het menuscherm. ■ Neem voor het vervangen van de lamp contact op met uw dichtstbijzijnde erkende Sharp projectordealer of servicecentrum. ■ De werkelijke levensduur van de lamp kan minder dan 2.
Verwijderen en installeren van de lampeenheid Info • Verwijder de lampeenheid met behulp van de handgreep. Raak het glas van de lampeenheid of de binnenkant van de projector niet aan. • Volg de onderstaande aanwijzingen nauwkeurig om letsel en beschadiging van de lamp te voorkomen. • Maak geen andere schroeven los dan die voor het deksel van de lampeenheid en de lampeenheid zelf. (Alleen de zilverkleurige schroeven worden los gedraaid.) • Zie de bij de lampeenheid geleverde handleiding.
Over de lamp 4 Verwijder de lampeenheid. 5 Installeer de nieuwe lampeenheid. 6 Bevestig het deksel van de lampeenheid. • Draai de bevestigingsschroeven van de lampeenheid los. Neem de lampeenheid vast bij de handgreep en trek ze in de richting van de pijl. • Druk de lampeenheid stevig vast in het lampeenheidvak. Draai de bevestigingsschroeven vast. • Schuif de kap van de lampkooi in de richting van de pijl (naar de “sluiten” markering) aan de zijkant van de projector.
Toeknning van de aansluitpinnen DVI-I-poort (INPUT 5 / DIGITAL INPUT): 29-pins connnector • DVI digitale INGANG Pin-nummer Signaal 1 T.M.D.S-data 2– C3 C5 24 23 • • • ~ • • • 18 17 C4 C2 C1 16 8 7• • • • • ~ • • • • • 2 1 ••••••••• ~ ••••••••• 9 • DVI analoge RGB-ingang Pin-nummer Signaal Pin-nummer 1 Niet aangesloten 16 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 Niet aangesloten Niet aangesloten Niet aangesloten Niet aangesloten DDC-klok DDC-data Verticale sync.
(RS-232C) Specificatie en opdrachtinstellingen Computerbediening U kunt de projector bedienen vanaf een computer door een RS-232C-kabel (nulmodem-kruiskabel, in de handel verkrijgbaar) aan te sluiten op de projector. (Zie bladzijde 25 voor de aansluiting.) Voorwaarden voor communicatie Stel de seriële poort op de computer in overeenkomstig de tabel. Signaalformaat: Voldoet aan RS-232C norm. Parity bit: Geen Baud rate*: 9.600 bps/38.400 bps/115.
OPDRACHT PARAMETER TERUGKEREN UIT TE VOEREN BEDIENING OPDRACHT PARAMETER TERUGKEREN INGANG 3 Beeldpositie : INGANG 3 Pos.
(RS-232C) Specificatie en opdrachtinstellingen Fijn sync.*1 OPDRACHT PARAMETER TERUGKEREN UIT TE VOEREN BEDIENING G M V A _ _ _ 0 OK OF ERR RGB INGANG WEERGAVE INGANG 4 Gammapositie : Zw.detail G M V A _ _ _ 1 OK OF ERR OPDRACHT PARAMETER TERUGKEREN I A R E _ _ _ 0 OK OF ERR I A R E _ _ _ 1 OK OF ERR Vastleggen (1 – 7) M E M S _ _ _ * OK OF ERR INGANG 4 Gammapositie : Gebruiker 1 G M V A _ _ _ 3 OK OF ERR Keuze instel.
Specificatie afstandsbediening met kabel Specificatie van invoer met afstandsbediening met kabel • ø3,5 mm minijack • Extern: GND • Intern: +3,3V Functie- en transmissiecodes CONTROL ITEM SYSTEEMCODE EXTERNE CODE DATACODE C1 C2 C3 C4 C5 C6 C7 C8 C9 C10 C11 C12 C13 C14 SYSTEEMCODE CONTROL ITEM C15 EXTERNE CODE DATACODE C1 C2 C3 C4 C5 C6 C7 C8 C9 C10 C11 C12 C13 C14 C15 ON 1 0 1 1 0 0 1 1 0 1 0 1 0 1 0 RESIZE 1 0 1 1 0 0 1 1 1 1 0 1 0 1 0 STANDBY 1 0 1 1 0 0
Tabel met compatibele computers Computer • Ondersteuning van merdere signalen Horizontale frequentie: 15-81 kHz, Verticale frequentie: 43-100 Hz, Pixelkloksnelheid' 12-120 MHz • Compatibel met sync. op groen en samengestelde sync. signalen • Compatibel met SXGA bij geavanceerde intelligente compressie • AICS-technologie (Advanced Intelligent Compression and Expansion System) voor aanpassing van de grootte Hierna volgt een lijst van functies die voldoen aan VESA.
Oplossen van problemen Probleem Geen beeld en geen geluid of de projector start niet. Controle Bladzijde • Het netsnoer van de projector zit niet in het stopcontact. 16 • De stroom van de externe apparaten is uitgeschakeld. – • Er is een verkeerde ingangsfunctie gekozen. 35 • De kabels zijn verkeerd aangesloten op het zijpaneel van de projector. 17-26 • De batterijen van de afstandsbediening zijn leeg. 13 • De externe uitgang is niet ingesteld bij de aansluiting van een notebookcomputer.
Oplossen van problemen Probleem Het beeld is groen bij INGANG 1 of 2 COMPONENT. Het beeld is roze (geen groen) bij INGANG 1 of 2 RGB. Het beeld is donker. Het beeld is te helder en witachting. Een antwoordcode kan niet worden ontvangen wanneer tijdens standby geprobeerd was om de projector d.m.v. RS232C opdrachten te bedienen via een computer. Controle • Verander de instelling van het ingangssignaaltype. • De lampindicator (LAMP) knippert rood. Vervang de lamp. • De beeldinstellingen zijn verkeerd.
Technische gegevens Deze SHARP-projector maakt gebruik van een DMD-chip. Dit uiterst geavanceerde paneel bevat 921.600 pixels. Net als andere hoogwaardige elektronische producten, zoals grootbeeld-TV's, videosystemen en videocamera's, moeten projectoren voldoen aan bepaalde tolerantienormen. Dit apparaat heeft enkele, binnen de tolerantienormen vallende, inactieve beeldpunten die kunnen resulteren in inactieve punten op het beeldscherm.
Afmetingen Eenheden: mm Achteraanzicht Zijaanzicht Zijaanzicht 406 Bovenaanzicht 178 Vooraanzicht 475 Onderaanzicht -92 XV_Z12000E_NL_p89_94.p65 92 03.10.
Verklarende woordenlijst Achtergrond Instellen van de digitale vershuiving Als standaard in te stellen beeld dat geprojecteerd wordt wanneer er geen ingangssignaal ontvangen wordt. Automatische synchronisatie Zorgt voor een optimale weergave van computergegenereerde beelden door automatisch bepaalde instellingen te regelen. Beeldverhouding De breedte-hoogteverhouding van een beeld. De normale beeldverhouding voor computer- en videobeelden is 4:3.
Index 2D Progressief .............................................................. 49 3D Progressief .............................................................. 49 Aansluiting voor WIRED REMOTE-ingang .................. 26 Aansluitingenkapje ....................................................... 11 Achtergrond .................................................................. 70 Achterverlichtingtoets (LIGHT) ..................................... 12 Afstandsbediening ...................................
XV-Z12000 XV-Z12000 PROJECTOR PROJEKTOR PROJECTEUR PROJEKTOR PROYECTOR PROIETTORE PROJECTOR OPERATION MANUAL BEDIENUNGSANLEITUNG MODE D’EMPLOI BRUKSANVISNING MANUAL DE MANEJO MANUALE DI ISTRUZIONI GEBRUIKSAANWIJZING SHARP CORPORATION Printed on 100% post-consumer recycled paper. Gedruckt auf 100% wiederverwertungs Papier. Imprimé sur 100% de papier recyclé. Utskrift på återvunnet papper av 100% återvunnet material. Impreso en 100% de papel reciclado de postconsumo. Stampato su carta riciclata al 100%.