Operation Manual

-60
Gebruik van het menu “Opties 1”
Wijzigen van de toegangscode
1 Druk op de juiste 4 toetsen van de
afstandsbediening of de projector
om de bestaande toegangscode in
“Oude code” in te voeren.
2
Druk op 4 toetsen van de afstand-
sbediening of de projector om de
nieuwe toegangscode in “Nieuwe
code” in te voeren.
3 Voer dezelfde toegangscode in
“Herbevestigen” in.
Wanneer de systeemvergrendeling
is ingeschakeld
Wanneer de systeemvergrendeling is inges-
chakeld, moet de toegangscode worden
ingevoerd en onderstaande procedure worden
gevolgd om de systeemvergrendeling op te
heffen.
Invoerscherm voor toegangscode
Opmerking
Wanneer de systeemvergrendeling is inges-
chakeld, verschijnt het invoerscherm voor de
toegangscode zodra de netspanning wordt
ingeschakeld.
Als u geen toegangscode invoert, wordt het
beeld niet weergegeven, zelfs niet als de pro-
jector het ingangsignaal ontvangt.
1 Druk op ON op de afstandsbe-
diening of op de projector om de
projector in te schakelen.
2 Wanneer het invoerscherm voor de
toegangscode verschijnt, voert u
de juiste toegangscode in om te
kunnen projecteren.
Opmerking
De systeemvergrendelingsfunctie herkent
elke toets op de afstandsbediening of op de
projector als een afzonderlijke toets, ook als
deze dezelfde toetsnaam hebben. Als u de
toegangscode instelt met de toetsen op de
projector, mag u alleen die toetsen op de pro-
jector gebruiken. Als u de toegangscode
instelt met de toetsen op de afstand-
sbediening, mag u alleen die toetsen op de
afstandsbediening gebruiken.