Operation Manual

-54
55
55
5
Controleren van het
ingangssignaal
Hiermee kunt u de invoer signaal informatie
controleren.
66
66
6
De instelling automatische
synchronisatie
Wordt gebruikt om een computerbeeld automatisch
in te stellen.
Opmerking
De automatische synchronisatie wordt eveneens
uitgevoerd door te drukken op AUTO SYNC op
de projector of op de afstandsbediening.
De instelling van de automatische synchronisatie
kan even duren, afhankelijk van het beeld van
de computer die op de projector is aangesloten.
Wanneer instelling door automatische
synchronisatie geen optimaal beeld oplevert, dan
is handmatige instelling vereist. (Zie bladzijde 53.)
Als AUTO SYNC wordt ingedrukt terwijl
“Automat.sync.” op Hoge snelheid” of op “Uit” staat,
wordt het automatisch synchroniseren in de “Hoge
snelheid”-modus uitgevoerd. Als de toets binnen
een minuut nogmaals wordt ingedrukt, wordt het
automatisch synchroniseren in de “Normaal”-
modus uitgevoerd.
Instellen van het computerbeeld (menu “Fijn sync.”)
77
77
7
Automatische synchronisatie
displayfunctie
Wordt gebruikt om het scherm in te stellen dat tijdens
“Automat.sync.”-functie wordt weergegeven.
Menubediening
Blz. 47
Beschikbare
instellingen
Uit
Normaal
Hoge snelheid
Beschrijving
De “Automat.sync.”-functie wordt niet
automatisch uitgevoerd.
De “Automat.sync.”-functie vindt plaats
wanneer de projector wordt ingeschakeld
of als de ingangssignalen worden
veranderd wanneer de projector is
aangesloten op een computer. “Normaal”
kost meer tijd dan “Hoge snelheid” en
leidt tot een meer nauwkeurige
“Automat.sync”-instelling.
Beschrijving
Het ingestelde achtergrondbeeld wordt
geprojecteerd. Zie bladzijde 58.
Het computerbeeld dat wordt
ingesteld, verschijnt.
Beschikbare
instellingen
Achtergrond
Aanpassen dsp