Operation Manual

2-89
KOPIEERMACHINE
Inhoudsopgave
DE HELDERHEID VAN EEN KOPIE AANPASSEN
(Helderheid)
U kunt de helderheid van kleurenafbeeldingen aanpassen.
1
Plaats het origineel.
Leg het origineel met de bedrukte zijde omhoog in de invoerlade of met de bedrukte zijde omlaag op de glasplaat.
Plaats het origineel en geef dan het formaat origineel op.
FORMATEN ORIGINEEL (pagina 2-29)
2
Speciale functies selecteren.
(1) Druk op de toets [Spec. Functies].
(2) Druk op de toets [Kleur-Instellingen].
(3) Druk op de toets [Helderheid].
TOETS [Kleur-Instellingen] (pagina 2-82)
3
Pas de helderheid aan.
(1) Pas de helderheid aan.
Druk op de toets [+] om de achtergrond lichter te maken,
of op de toets [-] om de achtergrond donkerder te maken.
(2) Druk op de toets [OK].
U keert terug naar het scherm Speciale Functies. Druk op
[OK] om naar het basisscherm van de kopieermodus
terug te keren.
4
Druk op de toets [STARTEN KLEUR].
Het kopiëren begint.
Als u de glasplaat gebruikt om meerdere originelen te kopiëren, vindt het kopiëren plaats terwijl u elk origineel scant. Vervang
de originelen en druk op de toets [STARTEN KLEUR] wanneer u de sorteerfunctie heeft geselecteerd. Herhaal dit tot alle
pagina's zijn gescand en druk dan op [Lezen Klaar].
Als u scannen en kopiëren wilt annuleren...
Druk op de toets [STOP] ( ).
Als u een instelling van helderheid wilt annuleren...
Druk op de toets [Annuleren] in het scherm van stap 3.
Donkerder
Origineel
Lichter
OK
OK
Annuleren
Kleurbijstellingen
Helderheid
0-2 2
(1) (2)