Operation Manual
4. Configuratie
Dit hoofdstuk beschrijft welke netwerkverbindingen worden ondersteund door de printer en hoe u de IP-
adressen moet instellen.
Ethernetconfiguratie
Bij het aansluiten van de printer met een ethernetkabel op een netwerk, moeten, afhankelijk van de
netwerkomgeving, de benodigde instellingen op het bedieningspaneel gedaan worden.
Web Image Monitor kan gebruikt worden voor de instellingen die te maken hebben met het IP-adres.
• In de volgende tabel worden de bedieningspaneelinstellingen en hun standaardwaarden
weergegeven. Deze items verschijnen in [Netwerkinstell.] onder het menu [Host-interface].
Naam instelling Waarde
IPsec uit
IPv4-config.
• DHCP: Actief
• IP-adres: XXX.XXX.XXX.XXX *
1
• Subnetmasker: XXX. XXX. XXX. XXX *
1
• Gateway Adres: XXX.XXX.XXX.XXX *
1
41










