MODEL AR-M236 AR-M276 DIGITAAL MULTIFUNCTIONEEL SYSTEEM GEBRUIKSAANWIJZING (Voor kopieermachine) Pagina • VOORDAT U DE MACHINE GAAT GEBRUIKEN • KOPIEERFUNCTIES • COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES • AANGEPASTE INSTELLINGEN • PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD • RANDAPPARATUUR EN VOORRADEN • BIJLAGE Met de RSPF 8 21 35 51 57 76 80
Maak geen kopieën van zaken waarvan het wettelijk verboden is kopieën te maken. Het is normaal gesproken bij de nationale wet verboden van de volgende zaken kopieën te maken. Andere zaken kunnen verboden zijn door plaatselijke wetgeving. ● Geld ● Postzegels ● Obligaties ● Aandelen ● Bankcheques ● Cheques ● Paspoorten ● Rijbewijzen In sommige gebieden zijn de "POWER" schakelstanden aangegeven met "I" en "O" op de kopieermachine in plaats van met "ON" en "OFF".
INHOUDSOPGAVE WAARSCHUWINGEN ............................................................................................................................... 3 ● ● ● ● WAARSCHUWINGEN BIJ HET GEBRUIK VAN DIT APPARAAT ................................................................... 3 BELANGRIJKE PUNTEN BIJ DE KEUZE VAN EEN OPSTELLINGSPLAATS................................................ 3 WAARSCHUWINGEN BIJ HET GEBRUIK VAN DIT APPARAAT ...................................................................
5 PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD 7 BIJLAGE DISPLAY MELDINGEN ................................... 58 HET OPSPOREN VAN FOUTEN..................... 60 PAPIERSTORING VERHELPEN..................... 64 TECHNISCHE GEGEVENS............................. 80 ● BEGELEIDING BIJ HET VERHELPEN VAN PAPIERSTORINGEN. ....................................64 ● PAPIERSTORING IN DE RSPF .....................65 ● PAPIERSTORING IN DE HANDINVOERLADE . 66 ● PAPIERSTORING IN DE MACHINE ..............
WAARSCHUWINGEN Volg de waarschuwingen op bij de toepassing van dit apparaat. WAARSCHUWINGEN BIJ HET GEBRUIK VAN DIT APPARAAT Waarschuwing: • Het gebied van de heater is heet. Wees voorzichtig in dit gebied bij het verwijderen van vastgelopen papier. • Kijk niet direct in een lichtbron. Anders kunt u uw ogen beschadigen. Attentie: • Zet het apparaat niet snel na elkaar aan en uit. Wacht 10 tot 15 seconden na het uitschakelen voor u het apparaat weer inschakelt.
Het apparaat dient in de nabijheid van een bereikbare contactdoos te worden geïnstalleerd voor een eenvoudige aansluiting en eventuele loskoppeling. Sluit het netsnoer alleen aan op een contactdoos die aan de gespecificeerde spanning en stroomeisen voldoet. Controleer ook of de contactdoos correct geaard is. Opmerking Sluit het apparaat aan op een contactdoos die niet voor andere elektrische apparatuur wordt gebruikt.
MILIEU INFORMATIE Als ENERGY STAR® Partner, heeft SHARP bepaald dat zijn producten voldoen aan de ENERGY STAR® richtlijnen voor een efficiënt energiegebruik. HET GEBRUIK VAN HET HANDBOEK Dit apparaat is ontworpen om kopieerwerkzaamheden te vergemakkelijken met een minimale inname van bedrijfsruimte en maximaal bedieningsgemak. Om optimaal gebruik te maken van de mogelijkheden raden wij u aan deze handleiding goed door te lezen.
DE BETEKENIS VAN "R" BIJ AANDUIDINGEN VAN ORIGINEEL EN PAPIERFORMAAT Een "R" onderaan het origineel of papierformaat A4R (8-1/2" x 11"R) etc. betekent dat het origineel of het kopieerpapier in de liggende afdrukstand is geplaatst zoals op de onderstaande afbeelding. Formaten die uitsluitend in de horizontale (liggende) afdrukstand kunnen worden geplaatst (B4, A3 (8-1/2" x 14", 11" x 17")), bevatten geen "R" in de afdrukstand.
BELANGRIJKE KENMERKEN Laser kopiëren op hoge snelheid • Duur van de eerste kopie*1 bij 600 dpi*2 bedraagt slechts 4.8 seconden. • De kopieersnelheid bedraagt 23 kopieën/min. (AR-M236) of 27 kopieën/min. (AR-M276) bij 600 dpi (niet in de super foto modus). Dit is ideaal voor bedrijfsgebruik en levert een grote bijdrage aan de productiviteit op het kantoor. *1 De duur van de eerste kopie kan variëren afhankelijk van het stroomvoltage, de omgevingstemperatuur en andere werkomstandigheden.
1 Hoofdstuk 1 VOORDAT U DE MACHINE GAAT GEBRUIKEN Dit hoofdstuk bevat basisinformatie, die moet worden gelezen voordat de machine wordt gebruikt. NAMEN VAN ONDERDELEN EN FUNCTIES Buitenkant 2 1 11 3 7 6 12 4 14 8 9 10 5 13 15 16 10 8 Middelste lade: Kopieën komen in deze lade terecht. 9 Voorklep Open deze klep om vastgelopen papier te verwijderen en periodiek onderhoud uit te voeren. (p.66) 10 Papierlades Elke lade kan 500 vellen kopieerpapier bevatten. (p.
VOORDAT U DE MACHINE GAAT GEBRUIKEN Binnenkant 17 18 1 22 19 20 21 15 Handinvoerlade Normaal papier en speciaal papier (zoals transparante film) kunnen in de handinvoerlade worden ingevoerd. (p.18) 16 Verlenging van de handinvoerlade Trek de verlenging uit voor u papier in de handinvoerlade plaatst. (p.18) 17 Ontgrendelhendel van de tonercartridge Wordt gebruikt om de tonercartridge te ontgrendelen. (p.72) 18 Toner cartridge Bevat de toner. (p.
VOORDAT U DE MACHINE GAAT GEBRUIKEN BEDIENINGSPANEEL KOPIE AFDRUKKEN ON LINE DATA SCANNEN DATA LINE DATA FAX TAAKSTATUS GEBRUIKERSINSTELLINGEN ACC.#-C De indicaties op het bedieningspaneel kunnen verschillen afhankelijk van het land en gebied. 1 2 1 Tiptoetsenpaneel De status van het apparaat, meldingen en tiptoetsen worden op het paneel weergegeven. Het display toont de printstatus, de kopieerstatus of de status van de netwerk scanner, overeenkomstig de geselecteerde functie.
VOORDAT U DE MACHINE GAAT GEBRUIKEN TIPTOETSENPANEEL Het gebruik van het tiptoetsenpaneel Het selecteren van een functie [Voorbeeld 1] Items die zijn geaccentueerd op het moment dat het scherm verschijnt, zijn al geselecteerd en worden effectief wanneer de [OK] toets wordt aangetipt. [Voorbeeld 1] OPDRACHTWACHTRIJ SETS / VOO KOPIEREN 003 / 00 SHARP001 003 / 00 Pieptoon De items op het tiptoetsenpaneel worden geselecteerd door de hieraan gerelateerde toets in te drukken.
VOORDAT U DE MACHINE GAAT GEBRUIKEN Opdracht statusscherm (voor kopiëren, printen, netwerk scannen en faxen) Dit scherm wordt weergegeven wanneer de [TAAKSTATUS] toets op het bedieningspaneel wordt ingedrukt. Een lijst met opdrachten toont de actuele opdracht en de opgeslagen opdrachten of er wordt een lijst met voltooide opdrachten weergegeven. De inhoud van de bewerkingen kan worden bekeken of opdrachten kunnen uit de rij worden gewist. Het volgende scherm toont de rij voor printopdrachten.
HET AAN EN UITZETTEN VAN HET APPARAAT De aan-/uitschakelaar bevindt zich aan de linkerkant van het apparaat. Opmerking Wanneer de aan-/uitschakelaar aan is, start de machine in de functie die eerder werd gebruikt. De volgende uitleg gaat er van uit dat de eerder gebruikte functie de kopieerfunctie was. STROOM INSCHAKELEN STROOM UIT Zet de aan-/uitschakelaar op de stand "ON" (aan). Wanneer het apparaat langer niet gebruikt gaat worden, dient u het uit te schakelen.
VOORDAT U DE MACHINE GAAT GEBRUIKEN OORSPRONKELIJKE INSTELLINGEN De machine keert terug naar de oorspronkelijke instellingen wanneer deze voor het eerst wordt ingeschakeld, wanneer de [ALLES WISSEN] toets ( ) ingedrukt is, of de vooraf ingestelde "automatische wistijd" verstrijkt nadat de laatste kopie in een willekeurige functie werd gemaakt. Wanneer de machine terugkeert naar de oorspronkelijke instellingen, worden alle op dit moment gemaakte instellingen en geselecteerde functies geannuleerd.
HET LADEN VAN PAPIER Wanneer er een papierlade leeg raakt verschijnt er een melding op het tiptoetsenpaneel. Laad papier in de lade. OPEN LADE 1 EN VUL PAPIER BIJ. 0 ORIGINEEL SPEC.FUNCTIES 2-ZIJDIGE KOPIE A4 AUTO BELICHTING AUTO A4 PAPIERFORMAAT A4 A3 UITVOER 100% KOPIEERFACTOR 1 PAPIER De specificaties voor de papiersoorten en -formaten die in de papiercassettes kunnen worden geladen zijn onderstaand vermeld.
VOORDAT U DE MACHINE GAAT GEBRUIKEN Speciaal papier Volg de hieronder beschreven maatregelen bij het gebruik van speciaal papier. Enveloppen Gebruik de volgende enveloppen niet (Dit zal leiden tot papierstoringen.). • Enveloppen met metalen plaatjes, gespen, linten, gaten of schermen. • Enveloppen met ruwe vezels, carbonpapier of gladde oppervlakken. • Enveloppen met twee of meer flappen. • Enveloppen met plakband, folie of waarbij er papier aan de flap is bevestigd. • Enveloppen met een vouw in de flap.
VOORDAT U DE MACHINE GAAT GEBRUIKEN HET LADEN VAN PAPIER Zorg ervoor dat de machine niet bezig is met kopiëren of afdrukken en volg daarna de onderstaande stappen om het papier bij te vullen Papierlade bijvullen Trek de lade eruit tot aan het eindpunt. Wanneer u het zelfde papierformaat bijvult als er geladen was, ga dan verder naar stap 4. Wanneer u een ander papierformaat in de lade vult, ga dan door met de volgende stap. 5 Laad papier in de lade.
VOORDAT U DE MACHINE GAAT GEBRUIKEN Het laden van papier in de handinvoer 1 Vouw de handinvoerlade open. 3 Plaats het kopieerpapier (afdrukzijde omlaag) helemaal in de handinvoerlade. Om het papierformaat correct te kunnen herkennen, moet u de verlenging van de handinvoer uittrekken. 2 Stel de papiergeleiders in op de breedte van het papier. Belangrijke richtlijnen m.b.t.
VOORDAT U DE MACHINE GAAT GEBRUIKEN PAPIERFORMAATINSTELLING VAN EEN LADE WIJZIGEN Volg de onderstaande stappen om de papierformaatinstelling van een lade te wijzigen. De papierformaatinstelling kan niet worden gewijzigd wanneer de machine tijdelijk is gestopt als gevolg van papiertekort, papierstoring of tijdens een onderbreking van het kopiëren. Tijdens het afdrukken (zelfs in de kopieerfunctie) kan de papierformaatinstelling niet worden gewijzigd.
VOORDAT U DE MACHINE GAAT GEBRUIKEN Het instellen van de papiersoort in de handinvoerlade Gebruik één van de twee volgende methodes om het soort papier in te stellen voor de handinvoerlade. Met de [GEBRUIKERSINSTELLINGEN] toets 1 Vul papier in de handinvoerlade zoals toegelicht in "Het laden van papier in de handinvoer" (p.18). 2 Tip de [GEBRUIKERSINSTELLINGEN] toets aan. Met de [PAPIERFORMAAT] toets 1 Vul papier in de handinvoerlade zoals toegelicht in "Het laden van papier in de handinvoer" (p.
2 Hoofdstuk 2 KOPIEERFUNTIES Dit hoofdstuk geeft een uitleg van de basiskopieerfuncties zoals normaal kopiëren, verkleinen of vergroten en aanpassing van de belichting. HOOFDSCHERM VAN DE KOPIEERFUNCTIE Het hoofdscherm van de kopieerfunctie geeft meldingen, toetsen, en instellingen weer, die voor het kopiëren worden gebruikt. Tip een toets aan om een selectie te maken.
NORMAAL KOPIËREN KOPIËREN VANAF DE GLASPLAAT Indien "AUDIT FUNCTIE" (p.56) ingeschakeld is, voert u uw 5-stellige accountnummer in. Opmerking 1 Open de origineelklep/RSPF en plaats het origineel met de kopiezijde naar beneden. Opmerking • Voor het laden van papier, zie "HET LADEN VAN PAPIER" (p.15). Wanneer u het papierformaat in de lade wijzigt, moet u ook de instellingen van het papierformaat en -soort in de lade wijzigen. (p.
KOPIEERFUNTIES KOPIEREN VANAF DE RSPF Opmerking 1 • Indien "AUDIT FUNCTIE" (p.56) ingeschakeld is, voert u uw 5-stellige accountnummer in. • Wanneer de RSPF uitgeschakeld werd in de key operator programma's kan de RSPF niet gebruikt worden. (Zie het "Handleiding key operator".) Controleer of er geen origineel op de glasplaat is achtergebleven en sluit vervolgens de RSPF. Opmerking Wanneer er een origineel op de glasplaat achterblijft, verschijnt er, "VERWIJDER HET ORIGINEEL VAN DE GLASPLAAT.
KOPIEERFUNTIES PUNTEN WAAROP U BIJ HET KOPIEREN MOET LETTEN Glasplaat en RSPF • Papier dat in een andere afdrukstand is geplaatst dan het origineel kan geselecteerd worden wanneer de automatische papierselectie of automatische beeldfunctie ingesteld is. In dit geval wordt het beeld van het origineel gedraaid. • Wanneer u een boek of een gevouwen of gekreukeld origineel kopieert, dient u voorzichtig op de glasplaat/RSPF te drukken.
KOPIEERFUNTIES Het kopiëren van originelen met verschillende lengtes (Gemengde toevoer) Wanneer u de RSPF gebruikt kunnen er originelen met verschillende lengtes samen worden ingevoerd zolang de breedte van de originelen hetzelfde is. Om gemengde originelen in te voeren, dient u de volgende stappen op te volgen: 1 Tip de [SPECIALE FUNCTIES] toets aan. 4 Tip op de [OK] toets. OK SPEC.FUNCTIES 2-ZIJDIGE KOPIE 2 A4 Tip de toets aan en vervolgens de [FORMAAT ORIGINEEL] toets.
KOPIEERFUNTIES HANDINVOER (speciaal papier) De handinvoer moet worden gebruikt om speciaal papier in te voeren zoals transparante film en etiketten. In de handinvoer kunt u ook standaard kopieerpapier invoeren. 1 2 Plaats het kopieerpapier (afdrukzijde omlaag) helemaal in de handinvoerlade. Voor papier dat geschikt is voor de handinvoerlade, zie "PAPIER" (p.15). Voor het laden van papier, zie "Het laden van papier in de handinvoer" (p.18). Stel het soort papier in dat in de handinvoer is geplaatst. (p.
AUTOMATISCH 2-ZIJDIG KOPIËREN Twee originelen kunnen automatisch op beide zijden van een enkel blad papier worden gekopieerd. Wanneer de RSPF wordt gebruikt kunnen er eenvoudig tweezijdige kopieën van tweezijdige originelen worden gemaakt.
KOPIEERFUNTIES 5 Verzeker u ervan dat er automatisch een geschikt papierformaat wordt geselecteerd of selecteer een ander formaat met behulp van de [PAPIERFORMAAT] toets. 7 BELICHTING Verwijder het eerste origineel en plaats het origineel voor de achterzijde op de glasplaat. Sluit de origineelklep/RSPF en druk vervolgens op de [START] toets ( ). Om automatisch 2-zijdig kopiëren te annuleren, drukt u op de [WISSEN] toets ( ).
AFSTELLING BELICHTING HET SELECTEREN VAN HET SOORT ORIGINEEL EN HANDMATIG AFSTELLEN VAN DE BELICHTING [AUTO] is standaard geselecteerd voor de automatische afstelling van het beeld overeenkomstig het origineel. Wanneer u het soort origineel wilt bepalen of de belichting handmatig wilt afstellen, plaatst u het origineel in de RSPF of op de glasplaat, controleert u het papierformaat en voert u de volgende stappen uit. 1 Tip op de [BELICHTING] toets. 3 Handmatig afstellen van de kopiebelichting.
VERKLEINEN/VERGROTEN/ZOOM Er zijn drie manieren om kopieën te vergroten en te verkleinen: ● Automatische kopieerfactorkeuze overeenkomstig het papierformaat .AUTOMATISCHE KOPIEERFACTORKEUZE (onderstaand) ● Het vastleggen van een factor met de reductietoet, vergrotingstoets of zoomtoets.. HANDMATIGE FACTORSELECTIE (p.31) ● Afzonderlijke selecties voor de verticale en horizontale factor ............................................................XY ZOOM kopiëren (p.
KOPIEERFUNTIES HANDMATIGE KOPIEERFACTORKEUZE Er zijn vijf (vier) vooringesteld reductiefactoren en vijf (vier) vooringesteld vergrotingsfactoren. Bovendien kunnen de [ZOOM] toetsen ( , ) worden ingedrukt om de factor in stappen van 1% te selecteren. 1 Plaats het origineel (de originelen). (p.22, p.23) 2 Tip op de [KOPIEERFACTOR] toets. 4 Gebruik de vergroting- of reductietoetsen of de [ZOOM] toets ( / ) om de gewenste kopieerfactor in te stellen.
KOPIEERFUNTIES 6 Verzeker u ervan dat er automatisch een geschikt papierformaat wordt geselecteerd of selecteer een ander formaat met behulp van de [PAPIERFORMAAT] toets. BELICHTING AUTO A4 PAPIERFORMAAT 77% Indien AUTOMATISCHE PAPIERFORMAAT ingeschakeld is wordt het geschikt kopieerpapier automatisch geselecteerd op basis van het origineelformaat en de geselecteerde kopieerfactor. 7 Selecteer het aantal kopieën en de andere gewenste kopieerinstellingen en druk vervolgens op de [START] toets ( ). ACC.
KOPIEERFUNTIES 4 X 100 1 Y 100 2 ZOOM 5 7 Tip op de [X] toets. 4 Gebruik de reductie-, vergroting en ZOOM ( / ) toetsen om de kopieerfactor in de verticale (X) richting te veranderen. De [X] toets is standaard geselecteerd (geaccentueerd) zodat u deze stap normaal gesproken niet moet uitvoeren (ga naar stap 5.). Indien de [X] toets niet geaccentueerd is, voert u deze stap uit. 70% 64% Y 50% 8 100 Y ZOOM 0% ANNULEREN XY ZOOM 50 Y 70 Tip op de [OK] toets.
HET ONDERBREKEN VAN EEN KOPIEERPROCES Een kopieerproces kan tijdelijk worden onderbroken om een andere kopieerbewerking te kunnen uitvoeren. Wanneer de andere bewerking klaar is zal het kopieerproces worden hervat met de originele kopieerinstellingen. Opmerking 1 Automatisch tweezijdig kopiëren, sorteren/groeperen kopiëren, nieten/sorteren,dekblad kopiëren, inbindkopie gemengde toevoer, opdrachten, job-programma's of multi shot kopiëren kan niet worden gebruikt voor het onderbreken van een kopieerproces.
3 Hoofdstuk 3 COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES Dit hoofdstuk geeft een uitleg van de aangepaste kopieerfuncties en andere handige functies. AANGEPASTE KOPIEERFUNCTIES In dit gedeelte worden de sorteren, groeperen en offsetfuncties toegelicht evenals de sorteren-nieten functie, die wordt gebruikt om de uitvoer te nieten in combinatie met de sorteerfunctie als er een afwerkingeenheid is geïnstalleerd. KOPIEEN SORTEREN KOPIEEN GROEPEREN Deze functie wordt gebruikt om sets met kopieën samen te voegen.
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES 1 Plaats de originelen in de RSPF of op de glasplaat. (p.22, p.23) 5 Tip op de [OK] toets. Wanneer de originelen in de RSPF geplaatst zijn, is de sorteerfunctie automatisch geselecteerd. (Om deze functie uit te schakelen, zie het "Handleiding key operator".) Voorbeeld: 5 sets kopieën of 5 kopieën per pagina van 3 originelen OK STAFFEL 6 Selecteer het aantal kopieën en andere gewenste kopieerinstellingen en druk vervolgens op de [START] toets ( ).
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES SORTEREN-NIETEN (wanneer de afwerkingeenheid (AR-FN5N) geïnstalleerd is) In deze functie worden de kopieën samengevoegd, geniet en uitgevoerd in de offset lade. De sorteren-nieten functie kan alleen worden gebruikt wanneer er een afwerkingeenheid is geïnstalleerd. Nietpositie Staande afdrukstand Linker bovenhoek Liggende afdrukstand Beschikbare papierformaten: A4 en B5 (8-1/2" x 11") Nietcapaciteit: Voor elk formaat kunnen er maximaal 30 vellen worden geniet.
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES 1 Plaats het origineel (de originelen). (p.22, p.23) 2 Tip op de [UITVOER] toets. 2-ZIJDIGE KOPIE 6 [Bij het gebruik van de RSPF:] Het kopiëren start nadat alle originelen werden gescand. [Bij het gebruik van de glasplaat:] Vervang het origineel door het volgende origineel en druk op de [START] toets ( ). Herhaal deze stap tot alle originelen werden gescand en tip vervolgens de [LEZEN KLAAR] toets aan. PLAATS VOLGEND ORIGINEEL. DRUK OP UITVOER [START].
SPECIALE FUNCTIES Wanneer de [SPECIALE FUNCTIES] toets in het hoofdscherm van de kopieerfunctie wordt aangetipt, verschijnt het speciale functies scherm. Het scherm bevat de volgende speciale functietoetsen. Tip de [SPEC. FUNCTIES] toets aan in het hoofdscherm: GEBRUIKSKLAAR. 0 ORIGINEEL A4 SPEC.FUNCTIES 2-ZIJDIGE KOPIE AUTO A4 PAPIERFORMAAT A4 A4 A3 100% KOPIEERFACTOR UITVOER 1 2 3 8 OK SPECIALE FUNCTIES KANTLIJN VERSCHUIVING WISSEN INBINDKOPIE OPDRACHT SAMENSTEL.
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES ALGEMENE PROCEDURE VOOR HET GEBRUIK VAN DE SPECIALE FUNCTIES 1 Tip de [SPECIALE FUNCTIES] toets aan. SPEC.FUNCTIES 2-ZIJDIGE KOPIE 2 Tip op de toets voor de gewenste speciale functie. KANTLIJN VERSCHUIVING Voorbeeld: Om de kantlijnverschuiving in te stellen INBINDKOPIE De instelprocedure voor functies waarvoor verdere instellingen nodig zijn, begint op de volgende pagina.
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES KANTLIJNVERSCHUIVING De kantlijnverschuiving zal de tekst of het beeld op het kopieerpapier automatisch 10 mm (1/2") verschuiven in de standaardinstelling. 1-zijdig kopiëren Beeld naar rechts verschoven Kantlijn Beeld naar links verschoven Beeld omlaag verschoven Kantlijn • Rechts, links of omlaag kan geselecteerd worden voor de verschuivingrichting zoals in de afbeelding wordt getoond.
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES WISSEN De wisfunctie wordt gebruikt om schaduwlijnen te wissen die op kopieën ontstaan wanneer er dikke originelen of boeken worden gekopieerd. De te selecteren wisfuncties worden hierna getoond. De wisbreedte is oorspronkelijk ingesteld op 10 mm (1/2"). RAND WISSEN Verwijdert schaduwlijnen aan de randen van kopieën die worden veroorzaakt wanneer zwaar papier of een boek wordt gekopieerd.
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES BOEKKOPIE De boekkopie functie maakt aparte kopieën van documenten die naast elkaar op de glasplaat worden geplaatst. Dit is handig bij het kopiëren van boeken en andere ingebonden documenten. [Voorbeeld] Kopiëren van de rechter en linker pagina’s van een boek Boek origineel 1 Boekkopie Tip de [BOEKKOPIE] toets aan op het speciale functies scherm. 1/2 BOEKKOPIE MULTISHOT 2 OK BOEKKOPIE 3 3 4 U gaat terug naar het hoofdscherm van de kopieerfunctie.
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES INBINDKOPIE De inbindkopie functie wordt gebruikt om kopieën in de juiste volgorde te rangschikken om deze eventueel in het midden te kunnen nieten en in een boekvorm te vouwen. Er worden twee originele pagina's op elke kant van het papier gekopieerd, zodat er in totaal vier pagina's op elk blad worden gekopieerd. Deze functie is handig om kopieën in een attractieve boekvorm te rangschikken.
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES OPDRACHT SAMENSTELLING Wordt gebruikt als er meer originelen gekopieerd moeten worden dan in één keer in de RSPF kunnen worden geplaatst. Het maximum aantal originelen dat tegelijkertijd in de RSPF kan worden geplaatst, is 100,) Opmerking • Wanneer het geheugen vol raakt tijdens het scannen van de originelen, verschijnt "GEHEUGEN IS VOL. DRUK OP [START] OM TE BEGINNEN OF OP [CA] OM TE ANNULEREN. Om alleen de gescande originelen te kopiëren, drukt u op de [START] toets ( ).
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES MULTISHOT De multi shot kopieerfunctie wordt gebruikt om twee of vier originelen op een blad kopieerpapier te kopiëren in één bepaalde volgorde. Voorbeeld: Kopiëren van vier originelen op een blad papier (Paginanummer: 4 in 1 ( ), lay-out: ( )) • Bij het gebruik van de multishot functie plaatst u de originelen, selecteert u het gewenste papierformaat en selecteert u de kopieerfunctie voordat u de multishot functie selecteert op het speciale functies scherm.
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES ORIGINEEL FORMAAT Indien u een andere papiersoort wilt gebruiken dan het automatisch geselecteerde origineelformaat, wordt de instelling van eht origineelformaat bepaald door de speciale fucnties. De gemende toevoer instelling (p.25) wordt hier ook geselecteerd. 1 Tip de toets aan en vervolgens de [ORIGINEELFORMAAT] toets in het speciale functies menuscherm. Het instelscherm voor origineelformaat verschijnt.
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES DEKBLAD KOPIEREN de dekblad functie wordt gebruikt om een dekblad aan de voorkant of achterkant toe te voegen of aan beide kanten van een document met meerdere pagina's. Om de dekblad functie ge gebruiken moet de RSPF worden toegepast.
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES 1 Tip de toets aan en vervolgens de [VOORBLAD] toets in het speciale functies menuscherm. T EL Selecteer de dekbladen die u wilt toevoegen. OK SPECIALE FUNCTIES ANNULEREN COVER VOORKANT ACHTERKANT VOORKANT+ ACHTERKANT OK AFDRUKKEN OP VOORBLAD? NEE JA Om alleen een dekblad aan de voorkant toe te voegen, tipt u op de [VOORSTE DEKBLAD] toets. Om alleen een dekblad aan de achterkant toe te voegen, tipt u op de [ACHTERSTE DEKBLAD] toets.
COMFORTABELE KOPIEERFUNCTIES Z/W OMKEREN FUNCTIE De Z/W OMKEREN functie wordt gebruikt om zwart en wit in een kopie om te draaien om een negatief beeld te creeren. Origineel 1 Z/W OMKEREN functie Tip de toets aan en vervolgens de [Z/W OMKEREN] toets in het speciale functies menuscherm. Z/W OMKEREN ORBLAD 2 De [Z/W OMKEREN] toets wordt geaccentueerd. De Z/W omkeren icoon ( ) verschijnt ook op het scherm om aan te geven dat de functie ingeschakeld is.
4 Hoofdstuk 4 AANGEPASTE INSTELLINGEN AANGEPASTE INSTELLINGEN De aangepaste instellingen kunt u gebruiken om bepaalde instellingen van de machine aan uw eigen behoeftes aan te passen. De aangepaste instellingen bestaan uit de volgende instellingen: ●TOTAAL TELLER ....................... Het aantal door het apparaat bewerkte pagina's wordt weergegeven. (p.53) ●DISPLAY CONTRAST ................ Wordt gebruikt om het contrast van het tiptoetsenpaneel af te stellen. (p.53) ●LIJSTAFDRUK*1 ....................
AANGEPASTE INSTELLINGEN ALGEMENE PROCEDURE VOOR AANGEPASTE INSTELLINGEN 1 Tip de [GEBRUIKERSINSTELLINGEN] toets aan. LINE DATA AAKSTATUS GEBRUIKERSINSTELLINGEN 3 Tip de [OK] toets aan in het instelscherm om dit te sluiten. 4 Wanneer u de aangepaste instellingen wilt verlaten tipt u de [VERLATEN] toets aan. GEBRUIKERSINSTELLINGEN 2 Tip de toets van de gewenste instelling aan. Het instelscherm verschijnt. Alle aangepaste instellingen worden op de volgende pagina's toegelicht.
AANGEPASTE INSTELLINGEN INSTELLINGEN Totaal teller Toetsenbord selectie De totaal teller toont de volgende tellingen: • Totaal aantal kopieën en geprinte pagina's • Aantal pagina's dat via de RSPF werd toegevoerd • Aantal tweezijdige kopieën • Aantal malen dat de nieteenheid werd gebruikt • Aantal pagina's dat werd verzonden via de netwerk scanner functie • Aantal verzonden en ontvangen faxpagina's De tellingen die verschijnen zijn afhankelijk van de geïnstalleerde randapparatuur.
OPDRACHTPROGRAMMA GEHEUGEN Indien u vaak dezelfde instellingen gebruikt voor kopieerbewerkingen kunt u deze instellingen in een opdrachtprogramma opslaan. Er kunnen max. 10 opdrachtprogramma's worden opgeslagen, die ook behouden blijven wanneer de stroom uitvalt. Door vaak gebruikte kopieerinstellingen te programmeren kunt u zich de moeite sparen elke keer de wanneer u kopieert de instellingen te selecteren.
AANGEPASTE INSTELLINGEN HET UITVOEREN VAN EEN OPDRACHTPROGRAMMA 1 Druk op de [ ] toets. 3 S ACC.#-C 2 Tip de programmanummertoets aan van het gewenste programma. Plaats het origineel, controleer het origineelformaat en stel vervolgens het aantal kopieën en andere gewenste kopieerinstellingen in die niet in het programma zijn opgeslagen. Wanneer u klaar bent, drukt u op de [START] toets ( ). ACC.#-C Het opdrachtprogramma wordt uitgevoerd.
AUDIT FUNCTIE Wanneer de auditfunctie ingeschakeld is wordt er een telling bijgehouden van het aantal door elke account geprinte of gekopieerde pagina's (maximaal 100 accounts). De tellingen kunnen desgewenst worden bekeken. Opmerking • De audit-functie kan ingeschakeld worden voor alle functies (kopieerfunctie, faxfunctie, netwerkscanner functie en printerfunctie) in de key operator programma's. (Zie het "Handleiding key operator".
5 Hoofdstuk 5 PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD Dit hoofdstuk beschrijft procedures voor het oplossen van problemen zoals het verhelpen van papierstoringen en onderhoudsprocedures zoals het vervangen van de tonercartridge en het reinigen van de machine. DISPLAY MELDINGEN .................................................................................................................. 58 HET OPSPOREN VAN FOUTEN..................................................................................................
DISPLAY MELDINGEN Wanneer er een van de volgende meldingen in het display verschijnt, dient u onmiddellijk de activiteiten uit te voeren die in de melding beschreven staan. Melding Oorzaak en oplossing Pagina VOER UW ACCOUNTNUMMER IN. De auditfunctie is ingeschakeld. Voer uw accountnummer in. ER IS EEN PAPIERSTORING OPGETREDEN. Verhelp de papierstoring volgens de instructies in "PAPIERSTORING VERHELPEN". 64 TWEEZIJDIGE KOPIEEN KUNNEN NIET WORDEN GEMAAKT OP DIT SOORT PAPIER.
PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD Melding Oorzaak en oplossing GESELECTEERDE LADE KAN NIET WORDEN GEBRUIKT. Neem contact op met uw erkende service vertegenwoordiger. CONTROLER DE NIETPOSITIE OF DE NIETSTORING. De nietjes zitten vast in de afwerkingeenheid of de nieteenheid is niet correct bevestigd. Controleer de nieteenheid.
HET OPSPOREN VAN FOUTEN Raadpleeg deze probleemoplossing voordat u de service belt, wanneer u problemen ondervindt bij het gebruik van de kopieermachine. Veel problemen kunnen namelijk eenvoudig door de gebruiker zelf worden opgelost. Zet de hoofdschakelaar uit, haal de stekker uit het stopcontact en neem contact op met de serviceleverancier wanneer u het probleem niet met behulp van deze probleemoplossing kunt verhelpen.
PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD Probleem Oorzaak en oplossing De origineelklep/RSPF werd niet geheel geopend toen het origineel op de glasplaat werd geplaatst. → Open de origineelklep/RSPF volledig, plaats het origineel op de glasplaat en sluit de RSPF. Pagina - Het origineel bevat grote zwarte gedeeltes. Het origineelformaat wordt niet automatisch geselecteerd, of het kopiëren vindt niet plaats op papier dat overeenkomt met het origineelformaat.
PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD Problemen met de papiertoevoer Probleem Oorzaak en oplossing Het aantal in de handinvoer geplaatste bladen overschrijdt het maximum aantal. Wanneer u papier gebruikt dat via de handinvoerlade wordt ingevoerd, is de kopieerafdruk scheef. Pagina 15 → Plaats niet meer dan het maximum aantal bladen. De handinvoer geleider is niet afgesteld op het formaat van het geladen papier. → Stel de handinvoer geleider af op het formaat van het geladen papier.
PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD Problemen met de beeldkwaliteit Probleem Oorzaak en oplossing Pagina Het beeld van het origineel is te licht of te donker. → Selecteer de correcte origineelsoort in de belichtingsinstelling en stel de kopieerbelichting af. 29 De kopieerbelichting staat op "AUTO". De kopieën zijn te licht of te donker. → Het "BELICHTING AFSTELLEN" key operator programma kan worden gebruikt om het belichtingsniveau af te stellen dat wordt gebruikt voor "AUTO" belichting.
PAPIERSTORING VERHELPEN Wanneer er een papierstoring optreedt tijdens het kopiëren zal de melding "PAPIERSTORING IS OPGETREDEN." verschijnen op het tiptoetsenpaneel en het printen zal stoppen. ● Wanneer het papier scheurt tijdens het verwijderen dient u alle stukjes te verwijderen. Let erop dat u de fotogeleidende drum niet aanraakt terwijl u de stukjes papier verwijdert. Krassen of vlekken op de drum kunnen leiden tot vlekkerige kopieën.
PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD PAPIERSTORING IN DE RSPF 1 Verwijder het vastgelopen origineel. A B C Verwijder het vastgelopen origineel uit het uitvoergedeelte. Controleer de onderdelen A, B en C in de afbeelding op de volgende pagina en verwijder het vastgelopen origineel. Onderdeel A Deksel documentinvoer Onderdeel C Open de klep van de invoerrol en verwijder het vastgelopen origineel uit de origineel invoerlade. Sluit de klep van de invoerrol.
PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD PAPIERSTORING IN DE HANDINVOERLADE 1 Verwijder voorzichtig het vastgelopen papier. 2 Open en sluit de zijklep. Let erop dat de papierstoringsmelding wordt gewist. De melding kan ook worden gewist door het frontdeksel te openen en te sluiten. Indien de melding niet wordt gewist, zie "A. Papierstoring in het papiertoevoergedeelte".
PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD 4 Sluit het frontdeksel en de zijklep. Let erop dat de papierstoringsmelding wordt gewist. B: Papierstoring in het fuseergebied 1 Open de handinvoerlade en de zijklep. 2 Druk voorzichtig op beide uiteinden van de voorplaat. 5 Indien u het vastgelopen papier in stap 4 niet kon verwijderen, haal dan de ontgrendelingen van de fuseereenheid naar beneden op de papiergeleider te openen en verwijder dan het vastgelopen papier.
PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD PAPIERSTORING IN DE MIDDELSTE LADE Verwijder het papier door het in de middelste lade te trekken. PAPIERSTORING IN DE BOVENSTE PAPIERLADE Controleer of er geen vastgelopen papier in de machine zit voor u de lade eruit trekt. (p.66) 1 Til de bovenste lade omhoog, en trek hem eruit. Verwijder vervolgens het vastgelopen papier. Let op dat u het vastgelopen papier tijdens het verwijderen niet scheurt. 2 plaats de bovenste papierlade terug.
PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD PAPIERSTORING IN DE ONDERSTE PAPIERLADE ● Controleer of er geen vastgelopen papier in de machine zit voor u de lade eruit trekt. (p.66) ● gebruik de volgende procedure om papierstoringen te verhelpen die optreden in de 500-vel papierinvoereenheid of de 2 x 500-vel papierinvoereenheid. 1 Open de onderste zijklep. 2 Verwijder het vastgelopen papier. Let op dat u het vastgelopen papier tijdens het verwijderen niet scheurt.
PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD PAPIERSTORING IN HET BOVENSTE UITVOERGEDEELTE (wanneer er een sorteerlade of afwerkingeenheid (AR-FN5N) geïnstalleerd is) Indien er een sorteerlade of afwerkingeenheid geïnstalleerd is kan er een papierstoring optreden in het bovenste uitvoergedeelte. 1 Open de bovenste rechter zijklep. 3 Sluit de bovenste rechter zijklep. Let erop dat de papierstoringsmelding wordt gewist. 2 Verwijder voorzichtig het vastgelopen papier.
PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD 3 Indien er sorteren-nieten wordt uitgevoerd, open dan de papiergeleider en verwijder eventueel vastgelopen papier uit de nietcompiler. 4 Sluit het deksel van de nietcompiler. 5 Indien de offsetlade wordt gebruikt, verwijder dan eventueel vastgelopen papier uit de offsetlade. 5 6 Wanneer de bovenste lade wordt gebruikt, open dan het bovenste deksel, verwijder eventueel vastgelopen papier en sluit het deksel weer. Let erop dat de papierstoringsmelding wordt gewist.
VERVANGEN VAN DE TONERCARTRIDGE Om te controleren hoeveel toner er nog is in de tonercartridge (p.74), houdt u de [KOPIEREN] toets ingedrukt De hoeveelheid resterende toner verschijnt op het display. Wanner er minder dan 25% toner over is, bezorg dan zo snel mogelijk een nieuwe tonercartridge. Wanneer "TONERNIVEAU IS LAAG" in het display verschijnt, dient u een nieuwe cartridge bij de hand te hebben om de tonercartridge op ieder moment te kunnen vervangen wanneer er te kort toner over is.
HET VERVANGEN VAN DE NIETJESPATROON (wanneer de afwerkingeenheid (AR-FN5N) geïnstalleerd is). Wanneer de melding "VUL NIETJES AAN." verschijnt, dient u de nietjescartridge als volgt te vervangen: 1 Open het deksel van de nieteenheid. 5 Verwijder het plakband van de cartridge. 2 Pak het groene gedeelte van de nietjesbox vast en verwijder de nietjesbox uit de nieteenheid. 6 Plaats de nietjesbox in de neteenheid tot deze ineenklikt. 5 3 Verwijder de nietjescartridge uit de nietjesbox.
PROBLEEMOPLOSSING EN ONDERHOUD HET VERWIJDEREN VAN VATZITTENDE NIETJES Wanneer er nietjes in de nieteenheid vast zitten, verschijnt de melding "CONTROLEER NIETPOSITIE OF NIETSTORING." Volg deze stappen op om de vastzittende nietjes te verwijderen. 1 Open het deksel van de nieteenheid. 4 Zet de hefboom terug in de originele positie. 2 Pak het groene gedeelte van de nietjesbox vast en verwijder de nietjesbox uit de nieteenheid. 5 Plaats de nietjesbox in de neteenheid tot deze ineenklikt.
HET REINIGEN VAN DE MACHINE GLASPLAAT EN ORIGINEELKLEP/RSPF Wanneer de glasplaat, de origineelklep/RSPF of de scanplaat voor originelen die via de RSPF worden toegevoerd (het lange smalle glazen oppervlak aan de rechterkant van de glasplaat) vuil worden, kan het vuil op de kopieën verschijnen. Houd deze onderdelen steeds schoon. Vlekken of vuil op de glasplaat/origineelklep/RSPF worden eveneens gekopieerd. Veeg de glasplaat, de origineelklep, de RSPF en het scanvenster af met een zachte schone doek.
6 Hoofdstuk 6 RANDAPPRATUUR EN VOORRADEN In dit hoofdstuk wordt de randapparatuur en de voorraden beschreven. Voor het bestellen van randapparatuur en voorraden neemt u contact op met uw erkende servicevertegenwoordiger. RANDAPPARATUUR AFWERKINGEENHEID (AR-FN5N) zie pagina 77. 500-VEL PAPIERINVOEREENHEID (AR-D21) zie pagina 78. 2 x 500-VEL PAPIERINVOEREENHEID (AR-D22) zie pagina 78. DOCUMENTDEKSEL (AR-VR6) TOEVOER ENKELE BLADEN EN OMKEERFUNCTIE (AR-RP7) zie pagina 79.
RANDAPPRATUUR EN VOORRADEN AFWERKINGEENHEID (AR-FN5N) Wanneer er een optionele afwerkingeenheid (AR-FN5N) geïnstalleerd is, kan de machine de gesorteerde kopieën automatisch nieten. Elke samengevoegde set kopieën of groep kopieën kan verplaatst van de vorige set worden gedeponeerd. (Offsetfunctie (p.
RANDAPPRATUUR EN VOORRADEN 500-VEL PAPIERINVOEREENHEID/ 2 x 500-VEL PAPIERINVOEREENHEID Deze papierinvoereenheden zijn geschikt voor het maken van grote aantallen afdrukken en beiden een ruimere keuze in bestaande kopieerformaten. De AR-D21 is voorzien van een 500-vel papierinvoereenheid en de AR-D22 bevat twee 500-vel papierinvoerladen.
RANDAPPRATUUR EN VOORRADEN TOEVOER ENKELE BLADEN EN OMKEERFUNCTIE De toevoer enkele bladen en omkeereenheid (RSPF) kan automatisch documenten met meerdere pagina's invoeren. Wanneer de RSPF geïnstalleerd is, kunnen tweezijdige kopieën automatisch gekopieerd worden zonder dat u deze met de hand moet omdraaien.
7 Hoofdstuk 7 BIJLAGE TECHNISCHE GEGEVENS Model AR-M236 Soort Digitaal Multifunctioneel Systeem, Desktop Fotogeleidend type OPC drum Glasplaat type Vast ingesteld: Kopieersysteem Droge elektrostatische transfer Originelen Bladen, gebonden documenten Origineelformaten Max. A3 (11" x 17") Kopieerformaat Max. A3 (11" x 17") Min. A6 (5-1/2" x 8-1/2") Beeldverlies: Max. 4 mm (5/32") (voorste en achterste randen) Max.
BIJLAGE Ontwikkelingssysteem Magnetische borstel ontwikkeling Lichtbron Xenon lamp Resolutie Scannen: 400 dpi Scannen: 400 dpi Verloop Scannen: 256 Printen: 2 waarde Stroomtoevoer Lokaal voltage ±10% (zie de naamplaat achterop de kopieermachine voor de stroomtoevoereisen.) Stroomverbruik Max. 1,4 kW Afmetingen van de buitenkant (met handinvoerlade ingeklapt) 623 mm (B) x 609,5 mm (D) (24-17/32" (W) x 24" (D)) Gewicht Ongeveer 47 kg (103,7 lbs.
INDEX Symbolen [#/P] toets .................................................... 10, 54, 55 2-8 2 x 500-vel papierinvoereenheid ................. 69, 76, 78 256MB optioneel geheugen .................................... 76 [2-ZIJDIGE KOPIE] toets ............................ 21, 27, 28 500-vel papierinvoereenheid....................... 69, 76, 78 512 MB optioneel geheugen ................................... 76 8MB faxgeheugen ................................................... 76 A Aan-/uitschakelaar ........
Het bijvullen van papier........................................... 15 Het gebruik van het tiptoetsenpaneel...................... 11 Het instellen van de papiersoort in de handinvoerlade - [GEBRUIKERSINSTELLINGEN] toets............. 20 - [PAPIERFORMAAT] toets ............................... 20 - Verschuifrichting .............................................. 41 Hoe wordt het origineel geplaatst - Glasplaat.......................................................... 22 - RSPF .................................
Reinigen van de machine - Glasplaat.......................................................... 75 - Papierinvoerrol van de handinvoer .................. 75 - RSPF ............................................................... 75 Richtlijnen belichtingswaarden................................ 29 Rotatie kopiëren ...................................................... 25 RSPF ...........................................8, 23, 24, 65, 76, 79 S [SCANNEN] toets - DATA indicatie .....................................
INDEX NAAR FUNCTIES Voorbereidingen Handinvoerlade, het vullen van papier in .................18 Oorspronkelijke instellingen, terugkeren naar de.....14 Origineelklep, verwijderen........................................24 Papier, bijvullen........................................................17 Papierformaat, wisselen...........................................19 Papiersoort, wijzigen ................................................19 Stroom inschakelen..................................................
MEMO
MEMO
Attentie: Deze aansluiting is alleen bestemd voor servicewerkzaamheden. Aansluitingen op deze uitgang kunnen storingen in de kopieermachine veroorzaken. Instructie voor de servicemonteur: De snoerlengte voor de service-uitgang mag maximaal 3 meter bedragen.
AR-M236/AR-M276 (Voor kopieermachine) SHARP CORPORATION Gedrukt op 100% gerecycleerd papier GEDRUKT IN JAPAN 2003J DSC1 CINSH1011QS51