Operation Manual
- 36 -
De 5 opties onder Mode zijn beschikbaar om de geluidsin-
stelling op vijf frequenties in te stellen: 120 Hz, 500 Hz, 1.5
kHz, 5 kHz and 10 kHz. Om de waarden van deze vijf fre-
quentie-opties te wijzigen, kies één van de opties met
of
met
en druk vervolgens op om de frecentie te verho-
gen, of op om deze te verlagen.
Druk om de instellingen voor de equalizer op te slaan op
of op
van de optie Bewaren.
AVL instellen
De functie Automatische Volume Beperking (AVL) normali-
seert de geluidsweergave om een vaststaand uitgangsniveau
voor de verschillende zenders te verkrijgen, ondanks hun uit-
eenlopend geluidsniveau. Druk op
of op om deze
functie AAN en UIT te zetten.
Om de instellingen op te slaan:
De of toets in de optie BEWAREN indrukken om de
instelling in het geluidsmenu op te slaan of druk op OK.
Automatisch opslaan:
Het laatste volumeniveau wordt automatisch opgeslagen.
Beeldmenu
Om de beeldinstellingen te wijzigen:
Druk op M, nu bent u in het hoofdmenu. Kies in het hoofd-
menu BEELD met behulp van de
of de knop, en ga
vervolgens naar het beeldmenu door
of in te drukken.
Opmerking: Als de beeldinstelling niet MANUEEL is, kun-
nen de opties HELDERHEID, KONTRAST en KLEUR niet
met de
of knoppen bereikt worden.
Fabrieksinstellingen:
Druk in het beeldmenu op de flasback ( ) knop om de oor-
spronkelijke fabrieksinstellingen te herstellen.
Helderheid instellen:
U kunt de instelling van de Helderheid alleen wijzigen wan-
neer de manueel beeldinstelling gekozen is.
Gebruik de
of de knop om Helderheid te selecteren.
Druk op
om de Helderheid te verhogen.
Druk op om de Helderheid te verlagen.
Kontrast instellen:
U kunt de Kontrastinstelling alleen wijzigen als de manueel
beeldinstelling gekozen is.
Gebruik de
of de knop om Kontrast te selecteren.
Druk op
om het Kontrast te verhogen.
Druk op om het Kontrast te verlagen.
Kleur instellen:
U kunt de instelling van de Kleur alleen wijzigen als de ma-
nueel beeldinstelling gekozen is.
Gebruik de
of de knop om Kleur te selecteren.
Druk op
om het Kleur te verhogen.
Druk op om het Kleur te verlagen.
Scherpte instellen:
Gebruik de of de knop om Scherpte te selecteren.
Druk op
om de Scherpte te verhogen.
Druk op om de Scherpte te verlagen.
Tint NTSC instellen (Alleen in de AV-instelling):
Gebruik de of de toets om Tint NTSC te selecteren.
Druk op
om het Tint NTSC te verhogen.
Druk op
om het Tint NTSC te verlagen.
Tint NTSC aanpassen is alleen werkzaam als NTSC 3.58/
4.43 in de AV-instelling toegepast wordt. Het komt niet in
beeld als andere kleursystemen gebruikt worden.










