Operation Manual

SATEL ETHM-1 3
De module dient binnen geplaatst te worden, in een ruimte waar een normale
luchtvochtigheid aanwezig is.
1. Stel het module adres in (zie ADRES INSTELLEN).
2. Installeer de module in de behuizing. Indien het alarmsysteem geprogrammeerd moet
worden via het Ethernet (TCP/IP) netwerk met gebruik van het DLOADX programma, dan
dient de module in dezelfde behuizing als het alarmsysteem geïnstalleerd te worden.
3. Sluit de module aan op het alarmsysteem zoals getoond in Tabel 1 (U kunt ook een
andere voedingsuitgang van het alarmsysteem gebruiken om de module te voeden). Om
de aansluiting te maken wordt aanbevolen om niet afgeschermde kabel te gebruiken.
Indien toch twisted pair type kabel wordt gebruikt, onthoud dan dat de CKM (clock) en
DTM (data) signalen niet door één twisted pair mogen lopen.
ETHM-1
INTEGRA
VERSA
+12V
+KPD
KPD
COM
COM
COM
DTM
DTM
DTA
CKM
CKM
CLK
Tabel 1.
4. Sluit de sabotageschakelaar aan op de TMP en COM aansluitingen (of sluit de TMP
aansluiting kort met de COM aansluiting).
5. Sluit de module aan op Ethernet netwerk. Gebruik een kabel welke geschikt is voor de
100Base-TX standaard (gelijk aan wat gebruikt wordt voor het aansluiten van een
computer op het netwerk).
6. Indien het alarmsysteem geconfigureerd moet worden via het Ethernet (TCP/IP) netwerk
et gebruik van het DLOADX programma, sluit dan de RS-232 poort van de module aan op
de RS-232 poort van het alarmsysteem. Afhankelijk van het alarmsysteem dient de
verbinding met één van de volgende kabels worden gemaakt (deze kabels zijn
beschikbaar via OSEC):
INTEGRA met PIN5 type aansluiting: PIN5/PIN5 (zie Fig. 2)
INTEGRA / INTEGRA Plus met RJ type aansluiting: RJ/PIN5 (zie Fig. 3)
VERSA: PIN5/RJ-TTL
Fig. 2. Verbinding van de ETHM-1 module naar de INTEGRA met de RS-232 poort in vorm
van de PIN5 type aansluiting.