Gebruikershandleiding BASIS BASIS Deze handleiding geeft informatie met betrekking tot de installatie, normaal gebruik en het oplossen van problemen in Windows. GEAVANCEERD Deze handleiding geeft informatie over installatie, geavanceerde instellingen, gebruik en het oplossen van problemen in verschillende besturingssystemen. Afhankelijk van het model of land zijn enkele functies mogelijk niet beschikbaar.
BASIS 1. Inleiding Belangrijkste voordelen 5 Functies per model 8 Nuttig om te weten 13 Informatie over deze gebruikershandleiding 14 Basisfuncties voor faxen 67 Een USB-geheugenapparaat gebruiken 72 3.
BASIS 4. Problemen oplossen Tips om papierstoringen te voorkomen 99 Vastgelopen originelen verwijderen 100 Papierstoringen verhelpen 105 Informatie over de status-LED 110 Informatie over displaymeldingen 113 5.
1. Inleiding In dit hoofdstuk staat informatie die u nodig heeft om het apparaat te gebruiken.
Belangrijkste voordelen Milieuvriendelijk • Dit apparaat beschikt over een Eco-functie waarmee u toner en papier kunt sparen (zie "Eco-afdruk" op pagina 58). • U kunt meerdere pagina’s op één vel afdrukken om papier te besparen (zie "Geavanceerde afdrukfuncties gebruiken" op pagina 247). • Om papier te besparen, kunt u op beide zijden van het papier afdrukken (dubbelzijdig afdrukken) (handmatig) (zie "Geavanceerde afdrukfuncties gebruiken" op pagina 247).
Belangrijkste voordelen • Met Easy Capture Manager kunt u gemakkelijk bewerken en afdrukken wat u met de toets Print Screen op het toetsenbord hebt vastgelegd (zie "Easy Capture Manager" op pagina 279). Grote functionaliteit en brede ondersteuning van toepassingen.
Belangrijkste voordelen Ondersteund verschillende instellingsmethoden voor draadloze netwerken. • De WPS (Wi-Fi Protected Setup™)-knop gebruiken - U kunt gemakkelijk verbinding maken met een draadloos netwerk door de WPS-knop op het apparaat en op het toegangspunt (een draadloze router) te gebruiken. • De USB-kabel of netwerkkabel gebruiken - U kunt verbinding maken en verschillende instellingen voor het draadloze netwerk configureren met een USB-kabel of netwerkkabel.
Functies per model Sommige functies en optionele onderdelen zijn mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of land. Besturingssysteem Besturingssysteem C46xW C46xFW Windows ● ● Mac ● ● Linux ● ● (●: beschikbaar.
Functies per model Software U kunt het printerstuurprogramma en de software installeren wanneer u de software-cd in het cd-rom-station van uw computer plaatst. Selecteer voor Windows het printerstuurprogramma en de software in het scherm Selecteer de te installeren software en hulpprogramma's.
Functies per model Software Easy Eco Driver C46xW C46xFW ● ● Faxen Samsung Network PC Fax ● Scannen Twain-scanstuurprogramma ● ● WIA-scanstuurprogramma ● ● a. Download de software van de website van Samsung en installeer deze: (http://www.samsung.com > zoek uw product > Ondersteuning of Downloads). Controleer of het besturingssysteem van uw computer de software ondersteunt voordat u met de installatie begint. (●: beschikbaar.
Functies per model Verschillende functies functies C46xW C46xFW Hi-Speed USB 2.0 ● ● Netwerkinterface Ethernet 10/100 Base TX bedraad LAN ● ● Netwerkinterface 802.11b/g/n draadloos LANa ● ● NFC afdrukken/scannen ● ● Google Cloud Print™ ● ● AirPrint ● ● Eco-afdrukken (bedieningspaneel) ● ● Dubbelzijdig afdrukken (handmatig)b ● ● USB-geheugeninterface ● ● Automatische documentinvoer (ADI) ● a.
Functies per model functies Faxen C46xW C46xFW Meerdere verz. ● Uitgest. verz. ● Prior. verz. ● Veilige ontv. ● Naar ander nr./ Ontv. en doorst. - faxen ● Scannen Scan naar pc ● ● Kopiëren Identiteitskaarten kopiëren ● ● Verkleinend of vergrotend kopieëren ● ● Sorteren ● ● 2 pagina's/vel, 4 pagina's/vel ● ● Achtergrond wijzigen ● ● (●: beschikbaar.
Nuttig om te weten Het apparaat drukt niet af. Er is papier vastgelopen. • Open de afdruklijst en verwijder het document uit de lijst (zie "Een afdruktaak annuleren" op pagina 55). • Open en sluit de scaneenheid (zie "Voorkant" op pagina 22). • Verwijder het stuurprogramma en installeer deze opnieuw (zie "Lokaal installeren van het stuurprogramma" op pagina 31).
Informatie over deze gebruikershandleiding Deze gebruikershandleiding bevat basisinformatie over het apparaat en biedt tevens gedetailleerde informatie over de verschillende procedures die doorlopen moeten worden bij het gebruik van het apparaat. • Lees de veiligheidsinformatie voor u het apparaat in gebruik neemt. • Raadpleeg het hoofdstuk over probleemoplossing als u problemen ondervindt bij gebruik van het apparaat.
Veiligheidsinformatie Deze waarschuwingen en voorzorgen moeten eventuele beschadigingen aan uw apparaat en verwondingen aan uzelf of anderen voorkomen. Lees deze instructies aandachtig voor u het apparaat in gebruik neemt. Bewaar dit document goed nadat u het hebt gelezen. 4 Bedrijfsomgeving Waarschuwing 3 Belangrijke veiligheidssymbolen Verklaring van alle pictogrammen en symbolen in dit hoofdstuk Waarschuw Gevaren of onveilige praktijken die ernstig letsel of ing de dood kunnen veroorzaken.
Veiligheidsinformatie 5 Opgepast Haal de stekker uit het stopcontact tijdens onweer of als u het apparaat niet gebruikt. Bedieningswijze Opgepast Dit kan een elektrische schok of brand veroorzaken. Opgelet, het papieruitvoergebied is heet. Trek het papier niet uit de printer tijdens het afdrukken. U kunt brandwonden oplopen. Dit kan het apparaat beschadigen.
Veiligheidsinformatie Blokkeer de ventilatieopening niet of duw er geen voorwerpen in. Hierdoor kunnen onderdelen warm worden en kan er brand ontstaan of kan het apparaat beschadigd raken. Als u het apparaat niet bedient zoals beschreven in deze handleiding of procedures uitvoert die afwijken van de procedures die hier zijn vermeld, kan resulteren in gevaarlijke blootstelling aan straling. Opgepast Schakel de stroom uit en maak alle kabels los voordat u het apparaat verplaatst.
Veiligheidsinformatie Plaats het apparaat niet op een onstabiel of schuin oppervlak. Het apparaat moet aangesloten worden op een spanningsbron met hetzelfde energieniveau als op het label. Het apparaat zou kunnen vallen en verwondingen of schade veroorzaken. Gebruik alleen telefoondraad van Nr. 26 AWGa of, indien nodig, een grotere telefoondraad. Als u niet zeker bent en het spanningsniveau wilt controleren, neemt u contact op met de elektriciteitsmaatschappij. a.
Veiligheidsinformatie 8 U mag het apparaat niet zelf demonteren, herstellen of weer in elkaar steken. Dit kan het apparaat beschadigen. Neem contact op met een professioneel technicus als het apparaat gerepareerd moet worden. Volg de richtlijnen uit de gebruikershandleiding die met het apparaat werd meegeleverd om het apparaat te reinigen en te bedienen. Zo niet, dan kunt u het apparaat beschadigen. Houd het netsnoer en het contactoppervlak van de stekker stof- en watervrij.
Veiligheidsinformatie Volg de onderstaande instructies voor verbruiksartikelen die tonerstof bevatten (tonercartridge, cassette voor gebruikte toner, beeldeenheid, enzovoort). • Volg de instructies voor verwijdering wanneer u de verbruiksartikelen weggooit. Raadpleeg de plaatselijke verkoper voor verwijderingsinstructies. • De verbruiksartikelen mogen niet gewassen worden. • Gebruik de cassette voor gebruikte toner niet opnieuw nadat u deze hebt geleegd.
Apparaatoverzicht 9 Toebehoren Netsnoer Beknopte installatiehandleiding Software-cda Div. accessoiresb a. De software-cd bevat de stuurprogramma's van de printer, de gebruikershandleiding en softwaretoepassingen. b. Diverse, bij uw printer geleverde accessoires kunnen verschillen per land van aankoop en specifiek model. 1.
Apparaatoverzicht 10 Voorkant C46xW 11 1 • Deze afbeelding kan afhankelijk van het model afwijken van uw apparaat. Er zijn verschillende apparaattypes. • Sommige functies en optionele onderdelen zijn mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of land (zie "Functies per model" op pagina 8).
Apparaatoverzicht C46xFW 1 2 3 4 14 11 10 9 15 8 16 7 12 17 13 6 5 1 Documentinvoerklep 10 NFC-tag 2 Breedtegeleider voor documenten 11 3 Documentinvoerlade 12 Opvangbak voor gebruikte toner 4 Steun voor documentuitvoer 13 5 Greep 14 Scannereenheida b 6 Lade 15 USB-poort 7 Voorklep 16 Scannerdeksel 8 Documentuitvoerlade 17 Glasplaat van de scanner 9 Bedieningspaneel Tonercassette Beeldeenheid a. Sluit de klep van de scanner voor u de scannereenheid opent. b.
Apparaatoverzicht C46xFW 11 Achterkant 6 • Deze afbeelding kan afhankelijk van het model afwijken van uw apparaat. Er zijn verschillende apparaattypes. • Sommige functies en optionele onderdelen zijn mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of land (zie "Functies per model" op pagina 8). 5 4 C46xW 3 2 1 2 4 3 2 Achterklep Aansluiting netsnoer 3 USB-poort 4 Netwerkpoort 1 5 Telefoonkabelaansluiting (LINE) 6 Uitgang voor extra telefoontoestel (EXT.
Overzicht van het bedieningspaneel • Dit bedieningspaneel kan afhankelijk van het model afwijken van uw apparaat. Er zijn verschillende types bedieningspanelen. • Sommige functies en optionele onderdelen zijn mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of land (zie "Functies per model" op pagina 8). 12 C46xW 1 2 3 1 2 3 13 12 11 4 5 10 6 8 7 4 9 WPS Hiermee kunt u de draadloze netwerkverbinding gemakkelijk configureren zonder computer (zie "Met de WPS-knop" op pagina 174).
Overzicht van het bedieningspaneel 4 5 6 7 8 9 pijlen Menu OK Stop/Clear Power/ Wakeup Start Hiermee bladert u door de beschikbare opties in het geselecteerde menu en verhoogt of verlaagt u waarden. Hiermee opent u de menumodus en bladert u door de beschikbare menu's (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). Hiermee bevestigt u de selectie op het scherm. Hiermee kunt u op elk moment een taak onderbreken. Het apparaat in- of uitschakelen of het apparaat activeren vanuit de energiebesparingsmodus.
Overzicht van het bedieningspaneel 13 C46xFW 1 1 2 3 20 19 18 4 5 17 6 7 16 8 9 6 10 15 11 12 13 14 WPS Hiermee kunt u de draadloze netwerkverbinding gemakkelijk configureren zonder computer (zie "Met de WPS-knop" op pagina 174). ID Copy Hiermee kunt u beide zijden van een identiteitskaart of een rijbewijs op één zijde van een vel papier kopiëren (zie "Identiteitskaarten kopiëren" op pagina 63).
Overzicht van het bedieningspaneel 7 Menu Hiermee opent u de menumodus en bladert u door de beschikbare menu's (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). 8 OK Hiermee bevestigt u de selectie op het scherm. 9 Numeriek toetsenblok Hiermee kiest u een nummer of voert u alfanumerieke tekens in (zie "Letters en cijfers op het toetsenblok" op pagina 240). 10 Addres s Book Hiermee kunt u vaak gekozen faxnummers opslaan of opgeslagen faxnummers zoeken (zie "Het faxadresboek instellen" op pagina 242).
Overzicht van het bedieningspaneel 19 20 Eco Overschakelen naar de eco-modus voor het besparen van toner en papier, alleen bij afdrukken en kopiëren via een pc (zie "Eco-afdruk" op pagina 58). Direct USB Hiermee kunt u bestanden die opgeslagen zijn op een USB-opslagapparaat direct afdrukken wanneer dit apparaat aangesloten is op de USB-poort aan de voorkant van de printer. 1.
Het apparaat inschakelen 1 Sluit de printer eerst op de netvoeding aan. Als het apparaat een aan/uit-schakelaar heeft, zet u de schakelaar aan. Als u het apparaat wilt uitschakelen, houdt u (Power/Wakeup) ongeveer 3 seconden ingedrukt. 1 2 De afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn afhankelijk van de opties en het model, en komen mogelijk niet helemaal overeen met uw apparaat. Controleer het type apparaat (zie "Voorkant" op pagina 22). 2 De stroom wordt automatisch ingeschakeld.
Lokaal installeren van het stuurprogramma Een lokale printer is een printer die via een kabel rechtstreeks op uw computer is aangesloten. Als uw apparaat met een netwerk is verbonden, slaat u de onderstaande stappen over en gaat u verder met de installatie van het stuurprogramma voor een netwerkapparaat (zie "Installeren van een stuurprogramma over het netwerk" op pagina 161). 14 Windows 1 Als het installatievenster niet verschijnt, klikt u op Start > Alle programma's > Toebehoren > Uitvoeren.
Het stuurprogramma opnieuw installeren Als het printerstuurprogramma niet naar behoren werkt, volg dan de onderstaande stappen om het stuurprogramma opnieuw te installeren. 15 Windows 1 Selecteer in het menu Start achtereenvolgens Programma’s of Alle programma's > Samsung Printers > Samsungprintersoftware deïnstalleren. 2 3 Volg de instructies in het installatievenster.
2. Menuoverzicht en basisinstellingen Dit hoofdstuk levert informatie over de algemene menustructuur en de opties voor de basisinstellingen.
Menuoverzicht Het bedieningspaneel biedt toegang tot verschillende menu’s voor de instelling en het gebruik van het apparaat. • Afhankelijk van de opties of het model zullen sommige menu’s mogelijk niet op het display verschijnen. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat. • Afhankelijk van het model kunnen sommige menu-onderdelen op uw apparaat een andere naam hebben.
Menuoverzicht Faxfunctiea Tonersterkte Naar ander nr. Normaal Donker+1- Donker+5 Doorst. nr fax Resolutie Standaard Fijn Opn. kiezen na Tonersterkte Doorst. nr fax Kenget. kiezen Formaat orig. Doorst. nr pc ECM-modus Fax Faxbevestiging Aan TCR voor afb. Uit Superfijn Uit Fotofax Aan Afdrukken Kiesmodusb Ontvangst Ontvangstmodus Meerdere verz. Pag. toevoegen Opn. na bels. Uitgest. verz. Taak annuleren Ontv.g. stemp. Prior. verz. St.inst. wijz. Resolutie Veilige ontv.
Menuoverzicht Kopieerfunctie Formaat orig. Achtergrondkl. Kopieerinstel. St.inst. wijz. Verkl./vergr. Uit Formaat orig. Tonersterkte Auto Exemplaren Normaal Versterk.nv.1 Kopieen sort. Donker+1- Donker+5 Versterk.nv.2 Verkl./vergr. Licht+5- Licht+1 Vervag.niv. 1 - Vervag.niv. 4 Tonersterkte Oorspr. type Tekst/Foto Oorspr. type Achtergrondkl. Foto Magazine Tekst Lay-out Normaal 2 pagina's/vel 4 pagina's/vel ID kopie 2.
Menuoverzicht Scanfunctie USB-functie Formaat orig. Oorspr. type Resolutie Kleurmodus Bestandsind. Tonersterkte Scaninstel. St.inst. wijz. USB-standaard Afdrukinst. Afdrukstand Venster Staand Versterken Liggend Gedetailleerd Exemplaren [1 - 999] Resolutie Normaal Duid.
Menuoverzicht Systeeminst. Apparaatinst. Papierinstel. Rapport Onderhoud Apparaat-ida Papierformaat Configuratie Toner Op wis.c Faxnummera Type papier Info verb.art. Gebruiksduur Marge Demopagina Beeldmgr. Datum en tijda Klokmodus a Taal Energ.spaarst. Autom. uitsch.b Ontw.gebeurt. Geluid/Volumea Adresboeka Aangep. kleur Toetsgeluid Faxbevestiginga Geluidsaanp. Waarsch.
Menuoverzicht Netwerk TCP/IP (IPv4) Draadloos DHCP Wi-Fi AAN/UIT BOOTP Wi-Fi Direct Statisch WPS-inst. TCP/IP (IPv6) WLAN-inst.a IPv6 activeren WLAN Standaard DHCPv6 config WLAN-signaal Ethernet-snel. Instel. wissen Onmiddellijk Netwerkconf. 10 Mbps Half Protocolmgr. 10 Mbps Full Netwerk activeren 100 Mbps Half Http Activate 100 Mbps Full WINS SNMP V1/V2 UPnP(SSDP) MDNS SetIP SLP a. Alleen C46xFW. 2.
De standaardinstellingen van het apparaat • U kunt de apparaatinstellingen instellen door de Apparaatinstellingen te gebruiken in het programma Samsung Easy Printer Manager. - Als u Windows of Mac gebruikt, kunt u uw instellingen wijzigen via 3 Kies de gewenste optie en druk op OK. • Taal: pas de taal aan die wordt weergegeven op het bedieningsscherm. • Datum & Tijd: Zodra u tijd en datum hebt ingesteld, worden ze gebruikt in uitgesteld faxen en uitgesteld afdrukken. Ze worden afgedrukt in rapporten.
De standaardinstellingen van het apparaat • Als u drukt op de knop Power/Wakeup, start met afdrukken of een fax ontvangt, ontwaakt het apparaat uit de energiezuinige modus. • Druk op (Menu) > Systeeminst. > Apparaatinst. > Ontw.gebeurt. > Aan op het bedieningspaneel. Wanneer u op een knop drukt, behalve de Power/Wakeup knop, zal de machine ontwaken uit de energiezuinige modus. • 4 5 6 Luchtdrukcorr.
Afdrukmateriaal en lade In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe u afdrukmedia in uw apparaat plaatst. 2 Lade overzicht • Wanneer u afdrukmateriaal gebruikt dat niet voldoet aan deze specificaties, kan dit problemen veroorzaken waarvoor reparatie vereist is. Zulke reparaties worden niet gedekt door de garantie of serviceovereenkomst van Samsung. • Zorg ervoor dat u geen fotopapier voor inkjetprinters gebruikt. Dit kan uw apparaat beschadigen. Om het formaat te wijzigen, moet u de papiergeleiders aanpassen.
Afdrukmateriaal en lade 3 Papier in de lade plaatsen 2 Open de papierklep. 3 Haal de lade handmatig uit het apparaat door de geleidervergrendeling in de lade in te drukken en te ontgrendelen. Stel vervolgens de papierlengte- en papierbreedtegeleider in. De afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn afhankelijk van de opties en het model, en komen mogelijk niet helemaal overeen met uw apparaat. Controleer het type apparaat (zie "Voorkant" op pagina 22).
Afdrukmateriaal en lade 4 Buig de papierstapel of waaier het papier uit, om de pagina's van elkaar te scheiden voor u het papier in het apparaat plaatst. Bij papier dat langer is dan Letter-formaat ontgrendelt u de geleider van de lade en trekt u de lade naar buiten. Stel vervolgens de papierlengte- en papierbreedtegeleider in. 1 5 Plaats het papier in de lade met de te bedrukken zijde naar boven.
Afdrukmateriaal en lade 6 Houd de breedtegeleider ingedrukt en schuif deze tegen de stapel papier, zonder het papier te buigen. 7 Sluit de papierklep. 8 Plaats de papierlade. 9 Stel het papiertype en -formaat voor de lade in als u een document wilt afdrukken (zie "Papierformaat en -type instellen" op pagina 48). 2.
Afdrukmateriaal en lade 4 Afdrukken op speciale afdrukmedia De onderstaande tabel toont de te gebruiken speciale afdrukmedia voor elke lade. Zie "Specificaties van de afdrukmedia" op pagina 124 voor papiergewicht per vel.
Afdrukmateriaal en lade Etiketten • Let op dat er tussen de etiketten geen zelfklevend materiaal blootligt. Blootliggende delen kunnen ervoor zorgen dat etiketten tijdens het afdrukken loskomen, waardoor het papier kan vastlopen. Ook kunnen hierdoor onderdelen van het apparaat beschadigd raken. • Plaats geen gebruikte etiketvellen in het apparaat. De klevende achterzijde mag slechts een keer door het apparaat worden gevoerd.
Afdrukmateriaal en lade Voorbedrukt papier Bij het plaatsen van voorbedrukt papier moet de bedrukte zijde bovenaan liggen en mag de voorzijde niet gekruld zijn. Bij invoerproblemen draait u het papier om. Er zijn geen garanties wat de afdrukkwaliteit betreft. 5 Papierformaat en -type instellen Nadat u het papier in de lade hebt geplaatst moet u het papierformaat en type instellen met behulp van de knoppen op het bedieningspaneel.
Afdrukmateriaal en lade 4 5 Druk op OK om de selectie op te slaan. Druk op (Stop/Clear) om terug te keren naar de gereedmodus. • Als u papier met speciale afmetingen wilt gebruiken, zoals factuurpapier, selecteert u het tabblad Papier > Formaat > Bewerken... en stelt u Instellingen aangepast papierformaat in Voorkeursinstellingen voor afdrukken in (zie "Voorkeursinstellingen openen" op pagina 56).
Afdrukmateriaal en lade 8 De afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn afhankelijk van de opties en het model, en komen mogelijk niet helemaal overeen met uw apparaat. Controleer het type apparaat (zie "Voorkant" op pagina 22). Originelen plaatsen U kunt de glasplaat van de scanner gebruiken om een document te kopiëren, te scannen of als fax verzenden. 7 Originelen voorbereiden • Plaats geen papier dat kleiner is dan 142 × 148 mm of groter dan 216 × 356 mm.
Afdrukmateriaal en lade 1 Til het deksel van de scanner op. 2 Plaats de originelen met de bedrukte zijde naar beneden op de glasplaat van de scanner. Plaats het document zorgvuldig in het verlengde van de markering linksboven op de glasplaat. 3 Sluit het deksel van de scanner. 2.
Afdrukmateriaal en lade • Als u het deksel van de scanner tijdens het kopiëren niet sluit, kan dat een nadelig effect hebben op de kopieerkwaliteit en het tonerverbruik. In de automatische documentinvoer 1 Buig de papierstapel of waaier het papier uit om de pagina’s van elkaar te scheiden voor u de originelen plaatst. 2 Plaats de originelen in de documentinvoerlade met de bedrukte zijde naar boven.
Afdrukmateriaal en lade 3 Stel de ADI in overeenkomstig het papierformaat. Stof op de glasplaat van de ADI kan zwarte strepen op de afdruk veroorzaken. Houd de glasplaat schoon (zie "Het apparaat reinigen" op pagina 93). 2.
Eenvoudige afdruktaken Raadpleeg de handleiding Geavanceerd (zie "Geavanceerde afdrukfuncties gebruiken" op pagina 247) voor speciale afdrukfuncties. 3 Selecteer uw printer in de lijst Printer selecteren. 4 De basisafdrukinstellingen, inclusief het aantal kopieën en het afdrukbereik, worden geselecteerd in het venster Afdrukken. 9 Afdrukken Wanneer u gebruik maakt van Mac of Linux, raadpleegt u handleiding Geavanceerd(zie "Afdrukken vanaf een Mac" op pagina 254 of "Afdrukken in Linux" op pagina 256).
Eenvoudige afdruktaken 10 Een afdruktaak annuleren Een afdruktaak die in een afdrukrij of afdrukspooler wacht om afgedrukt te worden, annuleert u op de volgende manier: • U kunt toegang krijgen tot dit venster door te dubbelklikken op het pictogram van het apparaat ( • ) in de taakbalk van Windows. U kunt de huidige taak ook annuleren door op (Stop/Clear) op het bedieningspaneel te drukken. 2.
Eenvoudige afdruktaken 4 11 Voorkeursinstellingen openen Klik op Eigenschappen of op Voorkeursinstellingen. • Het venster Voorkeursinstellingen voor afdrukken in deze gebruikshandleiding verschilt mogelijk van het venster dat u ziet omdat dit afhankelijk is van de gebruikte printer. • Als u een optie selecteert in Voorkeursinstellingen voor afdrukken verschijnt er mogelijk een waarschuwingsteken, of .
Eenvoudige afdruktaken Voorkeursinstellingen gebruiken Om een opgeslagen instelling te gebruiken moet u ze selecteren in de Favorieten tab. Het apparaat is nu ingesteld om af te drukken volgens de instellingen die u geselecteerd hebt. Om de opgeslagen instellingen te wissen moet u ze selecteren in de Favorieten tab en klikken op Verwijderen. De Favorieten optie, die zichtbaar is op elke voorkeurentab, behalve voor de Samsung tab, laat u de huidige instellingen bewaren voor toekomstig gebruik.
Eenvoudige afdruktaken 13 Eco-afdruk Met de functie Eco spaart u toner en papier uit. De functie Eco spaart natuurlijke hulpbronnen en helpt u milieuvriendelijke afdrukken te maken. Als u op het bedieningspaneel op de knop Eco drukt, staat deze modus aan. De standaardinstelling van de Eco-modus is Meerdere pagina's per vel (2) en Tonerspaarstand. Afhankelijk van het model zijn enkele functies mogelijk niet beschikbaar. Instellen van Eco-modus op het bedieningspaneel. 1 Selecteer (Menu) > Systeeminst.
Eenvoudige afdruktaken Eco-modus in het stuurprogramma instellen Open het tabblad Eco om de Eco-modus in te stellen. Als u de ecoafbeelding ziet ( ingeschakeld. ), betekent dit dat de eco-modus momenteel is Resultaatsimulator De Resultaatsimulator toont de resultaten van verlaagde kooldioxideemissies, elektriciteitsverbruik en de hoeveelheid uitgespaard papier, naargelang de door u gekozen instellingen.
Normaal kopiëren Raadpleeg de handleiding Handleiding Geavanceerd (zie "Kopiëren" op pagina 219) voor speciale afdrukfuncties. Als u de kopieertaak moet annuleren terwijl deze wordt uitgevoerd, drukt u op (Stop/Clear). De kopieertaak wordt dan gestopt. 14 15 Normaal kopiëren 1 De instellingen per kopie wijzigen Alleen C46xW: Controleer of de LED van de knop Scan to uit is. Alleen C46xFW: Selecteer bedieningspaneel.
Normaal kopiëren Donkerte Tonersterkte Als er vlekken en donkere afbeeldingen op uw origineel staan, kunt u de helderheid aanpassen om de kopie beter leesbaar te maken. In het menu Tonersterkte kunt u het verschil tussen lichte en donkere stukken in een afbeelding verkleinen of vergroten. 1 Alleen C46xW: Controleer of de LED van de knop Scan to uit is. Alleen C46xFW: Selecteer bedieningspaneel. 1 (Kopiëren) op het Alleen C46xW: Controleer of de LED van de knop Scan to uit is.
Normaal kopiëren Origineel Verkleinde of vergrote kopie Met de oorspronkelijke instelling kunt u de kwaliteit van de kopie verbeteren door het documenttype voor de huidige kopieertaak te selecteren. U kunt het formaat van een gekopieerde afbeelding verkleinen of vergroten van 25% tot 400%, wanneer u originelen kopieert via de documentinvoer of de glasplaat. 1 Alleen C46xW: Controleer of de LED van de knop Scan to uit is. Alleen C46xFW: Selecteer bedieningspaneel.
Normaal kopiëren Om de grootte van de kopie aan te passen door rechtstreeks de schaalverhouding in te voeren 1 Alleen C46xW: Controleer of de LED van de knop Scan to uit is. C46xFW: Selecteer (Kopiëren) op het bedieningspaneel. 2 Selecteer (Menu) > Kopieerfunctie > Verkl./vergr. > Aangepast op het bedieningspaneel. 3 Geef het gewenste kopieerformaat op met het numerieke toetsenblok. 16 Identiteitskaarten kopiëren Uw apparaat kan dubbelzijdige originelen afdrukken op één vel.
Normaal kopiëren 3 4 Plaats voorzijde en druk [Start] verschijnt op het scherm. Druk op • Als u niet op (Start). Het apparaat begint de voorzijde te scannen. Op het scherm verschijnt Plaats achterz. en druk [Start]. 5 Keer het origineel om en leg het op de glasplaat zoals wordt aangegeven door de pijlen. Sluit vervolgens het deksel van de scanner. 6 Druk op de knop (Start) drukt, wordt alleen de voorzijde gekopieerd.
Basisfuncties voor scannen Raadpleeg de handleiding Handleiding Geavanceerd (zie "Scanfuncties" op pagina 258), voor speciale scanfuncties. 17 1 Plaats originelen in de documentinvoer met de bedrukte zijde naar boven of plaats een enkel document met de bedrukte zijde naar onder op de glasplaat van de scanner (zie "Originelen plaatsen" op pagina 50). 2 Alleen C46xFW: Selecteer (scannen) > Naar pc scan. > Lokale comp. op het bedieningspaneel.
Basisfuncties voor scannen • U kunt een profiellijst met veelgebruikte instellingen aanmaken en opslaan. U kunt ook profielen toevoegen en verwijderen, en profielen opslaan naar verschillende paden. • Voor het aanpassen van deSamsung Easy Printer Manager > Geavanceerde modus inschakelen > Instellingen voor scannen naar pc. 4 5 Selecteer de gewenste optie en druk op OK. Het apparaat begint te scannen. De gescande afbeelding wordt opgeslagen op de computer in C:\Gebruikers\gebruikersnaam\Mijn documenten.
Basisfuncties voor faxen 18 • Alleen C46xFW. Voorbereiden om te faxen • Raadpleeg de handleiding Handleiding Geavanceerd (zie "Faxfuncties" op pagina 268), voor speciale faxfuncties. • U kunt dit apparaat niet als faxapparaat gebruiken via een internettelefoon. Raadpleeg uw internetprovider voor meer informatie. • Wij raden het gebruik van traditionele analoge telefoondiensten (PSTN: Public Switched Telephone Network) wanneer u telefoonlijnen aansluit om de fax te gebruiken.
Basisfuncties voor faxen 4 Voer het faxnummer van de ontvanger in (zie "Letters en cijfers op het toetsenblok" op pagina 240). Een fax handmatig verzenden 5 Druk op (Start) op het bedieningspaneel. Het document wordt gescand en naar de bestemmingen gefaxt. Voer de volgende stappen uit om een fax te verzenden met Dial) op het configuratiescherm. • Met Samsung Network PC Fax kunt u de fax rechtstreeks vanaf uw computer verzenden (zie "Een fax met uw computer verzenden" op pagina 269).
Basisfuncties voor faxen Groepsverzending (faxen naar meerdere bestemmingen verzenden) 5 Voer het nummer van het eerste ontvangende faxapparaat in en druk op OK. U kunt snelkiesnummers oproepen of een groepskiesnummer Met de functie Groepsverzending kunt u een fax naar meerdere bestemmingen verzenden. Uw documenten worden automatisch in het geheugen opgeslagen en naar een extern faxapparaat verzonden. Na verzending worden de originelen automatisch uit het geheugen gewist.
Basisfuncties voor faxen 20 Een fax ontvangen Uw apparaat is standaard ingesteld op faxmodus. Als u een fax ontvangt, beantwoordt het apparaat de oproep na een opgegeven aantal belsignalen en wordt de fax automatisch ontvangen. 21 Resolutie De standaard documentinstellingen leveren goede resultaten voor een normaal tekstdocument. Als u echter originelen verstuurt die foto’s bevatten of van een slechte kwaliteit zijn, kunt u de resolutie aanpassen om een fax van een betere kwaliteit te versturen.
Basisfuncties voor faxen Tonersterkte U kunt de helderheid van het originele document selecteren. De ingestelde helderheid geldt voor de huidige faxtaak. Voor het aanpassen van de standaardinstellingen (zie"Faxen" op pagina 223). 1 Selecteer (faxen) > het bedieningspaneel. 2 3 Selecteer de gewenste tonerinstelling. Druk op (Menu) > Faxfunctie > Tonersterkte op (Stop/Clear) om terug te keren naar de gereedmodus. 2.
Een USB-geheugenapparaat gebruiken In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe u een USB-geheugenapparaat samen met uw apparaat kunt gebruiken. 22 Over USB-geheugen 23 Een USB-geheugenapparaat aansluiten Til het deksel van de scanner iets op en plaats het USB-geheugenapparaat in de USB-geheugenpoort. Sluit het deksel van de scanner weer voordat u het apparaat gebruikt.
Een USB-geheugenapparaat gebruiken U mag alleen een geautoriseerd USB-opslagapparaat met een A plugverbinding gebruiken. A 24 Scannen naar een USB-geheugenapparaat B • Het openen van de menu's kan verschillen per model (zie "Toegang tot het menu" op pagina 34) • Voor bepaalde modellen moet u mogelijk op OK drukken om naar menu's op lagere niveaus te gaan. Gebruik alleen een metalen en afgeschermd USB-geheugenapparaat.
Een USB-geheugenapparaat gebruiken 3 4 5 Als u meerdere pagina's wilt scannen, selecteert u Yes wanneer Another Page? Yes/No wordt weergegeven. Na het scannen kunt u het USBgeheugenapparaat uit het apparaat verwijderen. Aangepast scannen naar USB U kunt het formaat, de grootte en de kleurenmodus van afbeeldingen instellen telkens als u ze naar een USB-geheugenapparaat scant. Selecteer de gewenste status en druk op OK. Herhaal stappen 2 en 3 om andere opties in te stellen.
Een USB-geheugenapparaat gebruiken Om een document af te drukken vanaf een USBgeheugenapparaat 1 Sluit een USB-geheugenapparaat aan op de USB-geheugenpoort op uw apparaat en druk vervolgens op Direct USB. 2 3 Selecteer Via USB afdrukken. 26 USB-geheugen beheren U kunt afbeeldingsbestanden op een USB-geheugenapparaat een voor een of allemaal tegelijk verwijderen door het apparaat opnieuw te formatteren.
Een USB-geheugenapparaat gebruiken USB-geheugenapparaat formatteren 1 Sluit een USB-geheugenapparaat aan op de USB-geheugenpoort op uw apparaat en druk vervolgens op Direct USB. 2 3 4 Selecteer Bestandsbeheer > Indeling en druk op OK. Selecteer Ja. Druk op (Stop/Clear) om terug te keren naar de gereedmodus. De USB-geheugenstatus weergeven U kunt controleren hoeveel geheugenruimte er nog beschikbaar is voor het scannen en opslaan van documenten.
3. Onderhoud In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe u verbruiksartikelen, accessoires en onderdelen voor het onderhoud van uw apparaat kunt aankopen.
Verbruiksartikelen en toebehoren bestellen De verkrijgbare accessoires kunnen verschillen van land tot land. Neem contact op met uw verkoper voor de lijst met beschikbare verbruiksartikelen en onderdelen. Als u door Samsung goedgekeurde verbruiksartikelen, accessoires of reserveonderdelen wilt bestellen, neemt u contact op met de lokale Samsung-dealer of de winkel waar u het apparaat hebt gekocht. Of ga naar www.samsung.com/supplies en selecteer uw land/regio voor de contactgegevens van de klantenservice.
Beschikbare verbruiksartikelen Als de verbruiksartikelen het einde van hun gebruiksduur naderen, kunt u de volgende verbruiksartikelen voor uw apparaat bestellen: Gemiddeld aantal afdrukkena Type Tonercassette Benaming van onderdeel • Gemiddeld aantal onafgebroken afdrukken met een zwarte tonercassette: Ong. 1.500 standaardpagina’s (Zwart) • K406 (CLT-K406S): Zwart • Gemiddeld aantal onafgebroken afdrukken met een kleurentonercassette: Ong. 1.
Verkrijgbare onderdelen voor onderhoud Neem contact op met de winkel waar u het apparaat hebt gekocht om reserveonderdelen te bestellen. Laat onderhoudsonderdelen alleen vervangen door een erkende servicemedewerker, de leverancier of personeel van de winkel waar u het apparaat hebt gekocht. De vervanging van onderdelen waarvan de gemiddelde levensduur is verstreken, valt niet onder de garantie.
De tonercassette bewaren Tonercassettes bevatten componenten die gevoelig zijn voor licht, temperatuur en vochtigheid. Samsung raadt u aan deze aanbevelingen te volgen met het oog op optimale prestaties, de hoogste kwaliteit en de langste gebruiksduur van uw nieuwe Samsung-tonercassette. Bewaar deze cassette op de plaats waar de printer wordt gebruikt; Idealiter in een omgeving met gecontroleerde temperatuur en vochtigheid.
De tonercassette bewaren 3 Geschatte gebruiksduur van tonercassette De geschatte levensduur van een cassette is afhankelijk van de hoeveelheid toner die afdruktaken vereisen. De eigenlijke capaciteit kan variëren afhankelijk van de afdrukdichtheid van de pagina’s waarop u afdrukt, de omgeving, percentage afbeeldingen, de tijd tussen de afdruktaken, het type media en het mediaformaat.
Toner herverdelen Als de tonercassette bijna leeg is: • Witte strepen, onduidelijke afdruk en/of verschillende dichtheid aan beide kanten. • knippert de Status-LED rood. Er verschijnt mogelijk een bericht op het scherm dat aangeeft dat de toner bijna op is. • Het Samsung-printerstatus-programmavenster verschijnt op het computerscherm om aan te geven welke kleurentonercassette bijna leeg is (zie "Samsung-printerstatus gebruiken" op pagina 291).
Toner herverdelen 3.
De tonercassette vervangen • Schud de tonercassette grondig. Dit verhoogt de afdrukkwaliteit in het begin. • De afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn afhankelijk van de opties en het model, en komen mogelijk niet helemaal overeen met uw apparaat. Controleer het type apparaat (zie "Voorkant" op pagina 22). • Gebruik geen scherpe voorwerpen, zoals een mes of een schaar, om de verpakking van de tonercassette te openen. Scherpe voorwerpen veroorzaken mogelijk krassen op het oppervlak van de cassette.
De tonercassette vervangen 3.
De cassette voor gebruikte toner vervangen Als de cassette voor gebruikte toner versleten is, verschijnt er een bericht op het display van het bedieningspaneel om aan te geven dat de cassette voor gebruikte toner vervangen moet worden. Controleer de cassette voor gebruikte toner van uw apparaat (zie "Beschikbare verbruiksartikelen" op pagina 79).
De cassette voor gebruikte toner vervangen 3.
De beeldeenheid vervangen Wanneer de beeldeenheid is versleten, verschijnt het venster Afdrukstatus op het computerscherm, waarin wordt aangegeven dat de beeldeenheid moet worden vervangen. Anders stopt het apparaat met afdrukken. • Gebruik geen scherpe voorwerpen, zoals een mes of schaar, om de beeldeenheid uit de verpakking te halen. U zou het oppervlak van de beeldeenheid kunnen beschadigen. • Let erop dat u geen krassen maakt op het oppervlak van de beeldeenheid.
De beeldeenheid vervangen 3.
De gebruiksduur van de verbruiksartikelen controleren Als u regelmatig geconfronteerd wordt met papierstoringen of afdrukproblemen, controleert u het aantal pagina’s dat het apparaat heeft afgedrukt of gescand. Vervang indien nodig de betrokken onderdelen. Voor bepaalde modellen moet u mogelijk op OK drukken om naar menu's op lagere niveaus te gaan. 1 2 3 Selecteer (Menu) > Systeeminst. > Onderhoud > Gebruiksduur op het bedieningsscherm. Selecteer de gewenste optie en druk op OK.
Instellen van de waarschuwing "Toner bijna op" Als de tonercassette bijna leeg is, verschijnt een bericht of gaat er een LED branden die aangeeft dat u de tonercassette moet vervangen. U kunt instellen of u wenst dat dit bericht of deze LED verschijnt of niet. • U kunt de instellingen van het apparaat wijzigen via Apparaatinstellingen in het programma Samsung Easy Printer Manager.
Het apparaat reinigen Als er zich problemen voordoen met de afdrukkwaliteit of als u uw apparaat in een stofrijke omgeving gebruikt, moet u uw apparaat regelmatig schoonmaken om de beste afdrukkwaliteit te blijven garanderen en de gebruiksduur van uw apparaat te verlengen. • Als u de behuizing van het apparaat reinigt met reinigingsmiddelen die veel alcohol, oplosmiddelen of andere agressieve substanties bevatten, kan de behuizing verkleuren of vervormen.
Het apparaat reinigen 5 De binnenkant reinigen Tijdens het afdrukken kunnen zich in het apparaat papierresten, toner en stof verzamelen. Dit kan op een gegeven moment problemen met de afdrukkwaliteit veroorzaken, zoals tonervlekken of vegen. Deze problemen kunnen worden gereduceerd en verholpen door de binnenkant van het apparaat te reinigen. • Om schade aan de beeldeenheid te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat deze niet langer dan enkele minuten wordt blootgesteld aan licht.
Het apparaat reinigen 1 2 1 2 3.
Het apparaat reinigen 6 Scannereenheid reinigen 3 Houd de scannereenheid goed schoon. Dat komt de kwaliteit van de kopieën ten goede. Wij raden u aan de scannereenheid aan het begin van elke dag te reinigen en dit zo nodig in de loop van de dag te herhalen. Veeg de glasplaat van de scanner schoon en droog. 1 3 2 • Schakel het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Wacht totdat het apparaat is afgekoeld.
Tips voor het verplaatsen en opbergen van uw apparaat • U mag het apparaat bij het verplaatsen niet ondersteboven of op zijn kant houden. Er kan immers toner vrijkomen binnenin het apparaat waardoor er schade aan het apparaat kan ontstaan of de afdrukkwaliteit kan verslechteren. • Als u het apparaat verplaatst, moet u ervoor zorgen dat ten minste twee mensen het apparaat goed vasthouden. 3.
4. Problemen oplossen In dit hoofdstuk vindt u nuttige informatie over wat u moet doen als er een probleem optreedt. • Tips om papierstoringen te voorkomen 99 • Vastgelopen originelen verwijderen 100 • Papierstoringen verhelpen 105 • Informatie over de status-LED 110 • Informatie over displaymeldingen 113 In dit hoofdstuk vindt u nuttige informatie over wat u moet doen als er een probleem optreedt.
Tips om papierstoringen te voorkomen U kunt de meeste papierstoringen voorkomen door het juiste type afdrukmedia te gebruiken. Zie de volgende tips om storingen met vastzittend papier te voorkomen: • Zorg ervoor dat de verstelbare geleiders correct zijn ingesteld (zie "Lade overzicht" op pagina 42). • Verwijder geen papier uit de papierlade tijdens het afdrukken. • Buig het papier, waaier het uit en maak er een rechte stapel van voordat u het in de lade plaatst.
Vastgelopen originelen verwijderen Als een origineel vastloopt in de ADI verschijnt er een waarschuwingsbericht op het display. Trek het vastgelopen papier voorzichtig en langzaam naar buiten om te voorkomen dat het scheurt. Gebruik de glasplaat van de scanner voor originelen van dik, dun of gemengd papier om papierstoringen te voorkomen. 4.
Vastgelopen originelen verwijderen 1 Er is een origineel vastgelopen vóór de scanner • De afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn afhankelijk van de opties en het model, en komen mogelijk niet helemaal overeen met uw apparaat. Controleer het type apparaat (zie "Voorkant" op pagina 22). • Deze probleemoplossing is mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of optionele onderdelen (zie "Verschillende functies" op pagina 11). 4.
Vastgelopen originelen verwijderen 2 Het origineel is in de scanner vastgelopen • De afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn afhankelijk van de opties en het model, en komen mogelijk niet helemaal overeen met uw apparaat. Controleer het type apparaat (zie "Voorkant" op pagina 22). • Deze probleemoplossing is mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of optionele onderdelen (zie "Verschillende functies" op pagina 11). 4.
Vastgelopen originelen verwijderen 4.
Vastgelopen originelen verwijderen 3 Het origineel is vastgelopen in het uitvoergebied van de scanner • De afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn afhankelijk van de opties en het model, en komen mogelijk niet helemaal overeen met uw apparaat. Controleer het type apparaat (zie "Voorkant" op pagina 22). • Deze probleemoplossing is mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of optionele onderdelen (zie "Voorkant" op pagina 22). 1 2 Verwijder alle resterende pagina's uit de ADI.
Papierstoringen verhelpen Trek het vastgelopen papier voorzichtig en langzaam naar buiten om te voorkomen dat het scheurt. 4 In de papierlade De afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn afhankelijk van de opties en het model, en komen mogelijk niet helemaal overeen met uw apparaat. Controleer het type apparaat (zie "Voorkant" op pagina 22). 4.
Papierstoringen verhelpen 4.
Papierstoringen verhelpen 5 Binnenin het apparaat • Het gebied rond de fixeereenheid is heet. Wees voorzichtig wanneer u papier uit het apparaat verwijdert. • De afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn afhankelijk van de opties en het model, en komen mogelijk niet helemaal overeen met uw apparaat. Controleer het type apparaat (zie "Voorkant" op pagina 22). 4.
Papierstoringen verhelpen 4.
Papierstoringen verhelpen 6 In het uitvoergebied • Het gebied rond de fixeereenheid is heet. Wees voorzichtig wanneer u papier uit het apparaat verwijdert. • De afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn afhankelijk van de opties en het model, en komen mogelijk niet helemaal overeen met uw apparaat. Controleer het type apparaat (zie "Voorkant" op pagina 22). 4.
Informatie over de status-LED De kleur van de LED geeft de huidige status van het apparaat aan. • Afhankelijk van het model of land zijn enkele LED´s mogelijk niet beschikbaar (zie "Overzicht van het bedieningspaneel" op pagina 25). • Zie de foutmelding en de bijbehorende instructies om de fout op te lossen (zie "Informatie over displaymeldingen" op pagina 113).
Informatie over de status-LED LED Status Uit Groen Omschrijving Het apparaat is offline. Knippert Als het lampje knippert, is het apparaat bezig met het ontvangen of afdrukken van gegevens. Aan • Het apparaat is online en klaar voor gebruik. • Er is een kleine storing opgetreden en het apparaat wacht tot het probleem is verholpen. Bekijk het bericht op het display. Als het probleem is opgelost, gaat de printer door met afdrukken. Knippert Status • De tonercassette is bijna leeg.
Informatie over de status-LED LED Status Aan Eco Scan tob Omschrijving Eco-modus is ingeschakeld. De standaardinstelling in de eco-modus is 2 op 1 vel en tonerbesparing. Groen Uit Eco-modus is uitgeschakeld. Aan Eco-modus is ingeschakeld. De standaardinstelling in de eco-modus is 2 op 1 vel en tonerbesparing. Groen Uit Eco-modus is uitgeschakeld. a. De geschatte gebruiksduur van een cassette verwijst naar de verwachte of geschatte gebruiksduur van een tonercassette.
Informatie over displaymeldingen Er verschijnen berichten op het display van het bedieningspaneel om de status van het apparaat of fouten te melden. Raadpleeg de onderstaande tabellen voor de betekenis van de berichten en verhelp indien nodig het probleem. 7 Foutmeldingen gerelateerd aan vastgelopen papier Melding • Deze functie wordt niet ondersteund op apparaten met een bedieningspaneel met display.
Informatie over displaymeldingen 8 Melding Pap.st. in uitv.gebied Papier op in [ladetype] Betekenis Voorgestelde oplossing Er is papier vastgelopen bij de uitgang. Verwijder het vastgelopen papier (zie "In het uitvoergebied" op pagina 109). De lade is leeg. Plaats papier in de lade (zie "Papier in de lade plaatsen" op pagina 43). Meldingen over de tonercassette Melding • Tonercassette • Plaats tonercassette • TC niet niet origineel • TC niet comp. Toner [kleur] Geen originele • Ber.
Informatie over displaymeldingen Melding • Vervang toner • Plaats nieuwe cass. Betekenis De aangegeven tonercassette is bijna aan het einde van de geschatte levensduur. a Voorgestelde oplossing • U kunt kiezen tussen Stop of Doorgaan, zoals weergegeven op het bedieningspaneel. Als u Stoppen selecteert, stopt de printer met afdrukken en kunt u niet meer afdrukken zolang u de cassette niet hebt vervangen.
Informatie over displaymeldingen 9 10 Meldingen over de papierlade Melding Storing of leeg Open/sluit deur Betekenis • Er is papier vastgelopen bij de papierinvoer. • De lade is leeg. Meldingen over het netwerk Voorgestelde oplossing • Verwijder het vastgelopen papier (zie "In de papierlade" op pagina 105). • Plaats papier in de lade (zie "Papier in de lade plaatsen" op pagina 43). Melding Netw.probl.
Informatie over displaymeldingen 11 Melding • BOOTP-probl.: Herconf. DHCP • DHCP-probl.: Herconf. DHCP 802.1x netwerkfout Betekenis Voorgestelde oplossing De toewijzing van het IPadres is mislukt. Dit gebeurt wanneer Automatisch IP voor BOOTP/DHCP is ingesteld in SyncThru™ Web Service. Wijzig de methode voor toewijzing van het IPadres in DHCP/BOOTP of Statisch. Als u deze optie niet wijzigt, blijft de BOOTP/DHCP-server vragen het IP-adres toe te wijzen. Verificatie mislukt.
Informatie over displaymeldingen Melding fuser[foutnummer] Installeren [kleur] toner fuser[foutnummer] Zet uit en aan fuser[foutnummer] Cont. klantend. Scanner geblok. Betekenis De aangegeven tonercassette is niet juist geplaatst of de aansluiting is vies. Het apparaat kan niet bestuurd worden. Voorgestelde oplossing Installeer de tonercassette van Samsung twee of drie keer om er zeker van te zijn dat deze juist is geplaatst. Of reinig de connector.
Informatie over displaymeldingen Melding Uitvoervak vol Verw. pap. Bereid nieuwe transp.riem voor Plaats nieuwe transportriem Betekenis De uitvoerlade is vol. Of de sensor is niet omlaag gericht. De levensduur van de transportriem zal binnenkort verlopen. De transportriem is versleten. Voorgestelde oplossing Zodra het papier uit de uitvoerlade is verwijderd, gaat de printer door met afdrukken. Of controleer of de sensor omlaag is gericht.
Informatie over displaymeldingen Melding Betekenis Voorgestelde oplossing Toneropvangbak vervangen/ installeren De levensduur van de gebruikte tonercassette is verlopen en de printen zal stoppen met werken tot een nieuwe tonercassette in de printer geplaatst wordt. Vervang de gebruikte tonercassette met een echte Samsung tonercassette. Bereid nieuwe De levensduur van de beeldeenheid is bijna verstreken. Vervang de beeldeenheid door een nieuwe. Neem contact op met de servicevertegenwoordig er.
5. Bijlage In dit hoofdstuk staan productspecificaties en informatie met betrekking tot toepasbare regelgeving.
Specificaties 1 Algemene specificaties De specificaties hieronder kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Ga naar www.samsung.com voor mogelijk gewijzigde informatie.
Specificaties Items Luchtvochtigheid Nominaal vermogenb Stroomverbruik Omschrijving Gebruik 20 tot 80% RV Opslag (in verpakking) 10 tot 90% RV Modellen op 110 volt AC 110 - 127 V Modellen op 220 volt AC 220 - 240 V Gemiddeld vermogen Minder dan 290 Watt Stand-bymodus Minder dan 60 Watt Energiebesparende modusc • C46xW: Minder dan 1,7 Watt (Wi-Fi Direct ingeschakeld: Minder dan 2,5 Watt) • C46xFW: Minder dan 2,1 Watt(Wi-Fi Direct ingeschakeld: Minder dan 2,9 Watt) Draadloose a. b. c. d. e.
Specificaties 2 Specificaties van de afdrukmedia Type Formaat Gewicht/capaciteit afdrukmediaa Afmetingen Lade Normaal papier Letter 216 x 279 mm 60 tot 85 g/m2 Legal 216 x 356 mm • 150 vellen van 75 g/m2 US Folio 216 x 330 mm A4 210 x 297 mm Oficio 216 x 343 mm JIS B5 182 x 257 mm ISO B5 176 x 250 mm Executive 184 x 267 mm A5 148 x 210 mm A6 105 x 148 mm Dik papier Zie Normaal papier Dun papier Zie Normaal papier Zie Normaal papier 86 tot 120 g/m2 • 5 vellen Zie Normaal p
Specificaties Type Formaat Gewicht/capaciteit afdrukmediaa Afmetingen Lade Zie Normaal papier Katoen Zie Normaal papier Gekleurd Voorbedrukt 75 tot 90 g/m2 • 150 vellen van 75 g/m2 Zie Normaal papier 60 tot 85 g/m2 Zie Normaal papier • 150 vellen van 75 g/m2 Letter, Legal, Oficio, Zie Normaal papier US Folio, A4, JIS B5, ISO B5, Executive, A5 120 tot 150 g/m2 Letter, Legal, Oficio, US Folio, A4, JIS B5, ISO B5, Executive, A5, 121 tot 163 g/m2 (bankpostpapier) Kringlooppapier b Etiketten Ka
Specificaties Type Formaat Afmetingen Gewicht/capaciteit afdrukmediaa Lade Minimaal formaat (aangepast) 76 x 152 mm Maximaal formaat (aangepast) 216 x 356 mm 60 tot 120 g/m2 a. De maximumcapaciteit kan verschillen en is afhankelijk van het gewicht en de dikte van afdrukmedia en de omgevingsomstandigheden. b. De zachtheid van de voor dit apparaat gebruikte etiketten moet tussen 100 tot 250 (sheffield) bedragen. Deze getallen verwijzen naar het gladheidsniveau.
Specificaties 3 Systeemvereisten Microsoft® Windows® Vereisten (aanbevolen) Besturingssysteem Processor RAM Vrije schijfruimte Windows® XP Intel® Pentium® III 933 MHz (Pentium IV 1 GHz) 128 MB (256 MB) 1,5 GB Windows Server® 2003 Intel® Pentium® III 933 MHz (Pentium IV 1 GHz) 128 MB (512 MB) 1,25 GB tot 2 GB Windows Server® 2008 Intel® Pentium® IV 1 GHz (Pentium IV 2 GHz) 512 MB (2 GB) 10 GB Windows Vista® Intel® Pentium® IV 3 GHz 512 MB (1 GB) 15 GB Windows® 7 Intel® Pentium® IV 1 G
Specificaties • Internet Explorer 6.0 of hoger is minimum vereist voor alle Windows-besturingssystemen. • Gebruikers kunnen de software installeren als ze beheerdersrechten hebben. • Windows Terminal Services is compatibel met uw apparaat. Mac Besturingssysteem Mac OS X 10.5 Vereisten (aanbevolen) Processor • Intel® processoren RAM Vrije schijfruimte 512 MB (1 GB) 1 GB • 867 MHz of sneller Power PC G4/G5 Mac OS X 10.6 • Intel® processoren 1 GB (2 GB) 1 GB Mac OS X 10.7 - 10.
Specificaties Linux Items Besturingssysteem Vereisten Redhat® Enterprise Linux WS 4, 5, 6 (32/64 bits) Fedora 5 ~ 15 (32/64 bits) OpenSuSE® 10.2, 10.3, 11.0, 11.1, 11.2, 11.3, 11.4 (32/64 bits) Mandriva 2007, 2008, 2009, 2009.1, 2010 (32/64 bits) Ubuntu 6.06, 6.10, 7.04, 7.10, 8.04, 8.10, 9.04, 9.10, 10.04, 10.10, 11.04 (32/64 bits) SuSE Linux Enterprise Desktop 10, 11 (32/64 bits) Debian 4.0, 5.0, 6.
Specificaties 4 Netwerkomgeving Alleen voor draadloze en netwerkmodellen (zie "Functies per model" op pagina 8). U moet de netwerkprotocollen op het apparaat installeren om het als netwerkprinter te kunnen gebruiken. In de volgende tabel worden de netwerkomgevingen vermeld die door het apparaat worden ondersteund. Items Netwerkinterface Specificaties • Ethernet 10/100 Base-TX bedraad LAN • 802.
Informatie over wettelijke voorschriften Dit apparaat is ontworpen voor een normale werkomgeving en is gecertificeerd conform verschillende veiligheidsvoorschriften. Neem bij het gebruik van dit apparaat altijd deze elementaire veiligheidsmaatregelen in acht om het risico op brand, elektrische schokken en letsels te beperken.
Informatie over wettelijke voorschriften 6 8 Veiligheid in verband met ozon Energiebesparingsmodus De ozonemissie van dit apparaat ligt onder 0,1 ppm. Ozon is zwaarder dan lucht. Zet dit apparaat dus op een plaats met goede ventilatie. Deze printer is uitgerust met een geavanceerde energiebesparende technologie die het stroomverbruik vermindert wanneer het apparaat niet wordt gebruikt. Als de printer gedurende enige tijd geen gegevens ontvangt, wordt het stroomverbruik automatisch verlaagd.
Informatie over wettelijke voorschriften 10 11 Alleen voor China Correcte verwijdering van dit product (afgedankte elektrische en elektronische apparatuur) (Van toepassing in landen met afzonderlijke verzamelsystemen) 2000m Dan hab yungh youq gij digih haijbaz 2000 m doxroengz haenx ancienz sawjyungh. Deze aanduiding op het product, op de accessoires of in de documentatie geeft aan dat het product en zijn elektronische accessoires (bijv.
Informatie over wettelijke voorschriften (Alleen voor de Verenigde Staten) Verwijder elektronica door deze naar een goedgekeurd recyclingbedrijf te brengen. Vind recyclingbedrijven bij u in de buurt op onze website: www.samsung.com/recyclingdirect Of bel (877) 278 - 0799 12 Proposition 65 van de Staat Californië, Waarschuwing (Alleen voor V.S.) 13 Alleen voor Taiwan 14 Radiofrequentiestraling FCC-normen (VS) Dit apparaat is conform Deel 15 van de FCC-voorschriften.
Informatie over wettelijke voorschriften • raadpleeg uw verdeler of een ervaren radio-/televisiemonteur. 15 Verenigde Staten van Amerika Wijzigingen of modificaties die niet uitdrukkelijk zijn goedgekeurd door de fabrikant (die ervoor moet zorgen dat het apparaat aan de normen voldoet) kunnen ertoe leiden dat de toestemming aan de gebruiker om het apparaat te gebruiken vervalt.
Informatie over wettelijke voorschriften Het gebruik van dit apparaat is onderworpen aan de volgende twee voorwaarden: (1) Dit apparaat mag geen schadelijke interferentie veroorzaken en (2) dit apparaat moet alle ontvangen interferentie accepteren, inclusief interferentie die een ongewenste werking van het apparaat kan veroorzaken. Draadloze apparaten mogen niet door de gebruiker zelf worden hersteld. Ze mogen onder geen enkel beding gewijzigd worden.
Informatie over wettelijke voorschriften 19 21 Alleen voor Thailand 20 Alleen voor Canada Dit product voldoet aan de geldende technische specificaties van Industry Canada. / Le present materiel est conforme aux specifications techniques applicables d’Industrie Canada. Het REN (Ringer Equivalence Number) is een indicatie van het maximum aantal apparaten dat mag worden aangesloten op een telefooninterface.
Informatie over wettelijke voorschriften 22 REN-nummer (Ringer Equivalence Number) Volgens de voorschriften van de FCC (Federal Communication Commission) kunnen wijzigingen of modificaties aan dit apparaat die niet uitdrukkelijk zijn goedgekeurd door de fabrikant ertoe leiden dat de gebruiker het recht verliest om het apparaat te gebruiken. Wanneer randapparatuur schade aan het telefoonnet veroorzaakt, moet de telefoonmaatschappij de klant waarschuwen dat de dienst kan worden onderbroken.
Informatie over wettelijke voorschriften • • Als u zich in een gebied bevindt waar veel onweer voorkomt of regelmatig spanningspieken optreden in het lichtnet, raden we u aan om zowel voor het lichtnet als de telefoonlijn een piekspanningsbeveiliging te installeren. Piekspanningsbeveiligingen kunt u aanschaffen bij uw dealer of bij een elektronica speciaalzaak.
Informatie over wettelijke voorschriften Belangrijke waarschuwing: 24 Verklaring van overeenstemming (Europese landen) Dit apparaat moet op een geaard stopcontact worden aangesloten. De aders van het netsnoer hebben de volgende kleurcodering: Goedkeuringen en certificeringen • Groen/geel: aarding • Blauw: neutraal • Bruin: fase Ga als volgt te werk als de kleuren van de aders in het netsnoer niet overeenstemmen met die van de stekker.
Informatie over wettelijke voorschriften 9 maart 1999: Richtlijn 1999/5/EC van de Raad inzake radioapparatuur en eindapparatuur voor telecommunicatie en de onderlinge herkenning van hun conformiteit. U kunt bij uw vertegenwoordiger van Samsung Electronics Co., Ltd. een volledige verklaring krijgen waarin de relevante richtlijnen en de normen waarnaar wordt verwezen, zijn gedefinieerd.
Informatie over wettelijke voorschriften Krachtens de goedkeuring van draadloze apparaten gekwalificeerde Europese lidstaten: 26 Mededelingen aangaande normen EU-landen Draadloze geleiding Europese landen met gebruiksbeperkingen: EU EEA/EFTA-landen Geen beperkingen op dit ogenblik. 25 Alleen voor Israël Mogelijk bevat uw printer radio-LAN-apparaten met een laag vermogen (radiofrequentieapparaten voor draadloze communicatie) die werken in de 2,4 GHz/5 GHz-band.
Informatie over wettelijke voorschriften Het afgegeven vermogen van het draadloze apparaat of de draadloze apparaten die mogelijk in uw printer zijn ingebouwd, ligt ruimschoots onder de tot dusver bekende RF-blootstellingsgrenzen. Omdat de draadlozen apparaten (die mogelijk in uw printer zijn ingebouwd) minder energie afgeven dan conform de veiligheidsnormen en aanbevelingen inzake radiofrequentie is toegestaan, is de producent ervan overtuigd dat deze apparaten veilig zijn in het gebruik.
Informatie over wettelijke voorschriften Als uw systeem uitgerust is met een ingebouwd draadloos apparaat, mag u het draadloos apparaat niet gebruiken tenzij alle kleppen en schermen op hun plaats zitten en het systeem compleet is. Draadloze apparaten mogen niet door de gebruiker zelf worden hersteld. Ze mogen onder geen enkel beding gewijzigd worden. Wanneer u wijzigingen aanbrengt aan een draadloos apparaat, vervalt de gebruikerslicentie. Neem voor ondersteuning contact op met de fabrikant.
Informatie over wettelijke voorschriften 27 Alleen voor China 5.
Copyright © 2013 Samsung Electronics Co., Ltd. Alle rechten voorbehouden. Deze gebruikershandleiding dient uitsluitend ter informatie. Alle informatie in deze gebruikershandleiding kan zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Samsung Electronics kan niet aansprakelijk worden gesteld voor directe of indirecte schade als gevolg van of in verband met het gebruik van deze gebruikershandleiding. • Samsung en het Samsung-logo zijn handelsmerken van Samsung Electronics Co., Ltd.
Gebruikershandleiding GEAVANCEERD GEAVANCEERD Deze handleiding geeft informatie over de installatie, geavanceerde instelling, gebruik en het oplossen van problemen in verschillende besturingssystemen. Afhankelijk van het model of land zijn enkele functies mogelijk niet beschikbaar. BASIS Deze handleiding geeft informatie met betrekking tot de installatie, normaal gebruik en het oplossen van problemen in Windows.
GEAVANCEERD 1. Installatie van de software 3. Menu´s met nuttige instellingen Installatie voor Mac 151 Voordat u een hoofdstuk gaat lezen 217 Opnieuw installeren voor Mac 152 Afdrukken 218 Installatie voor Linux 153 Kopiëren 219 Opnieuw installeren voor Linux 154 Faxen 223 Scannen 228 2. Een via een netwerk aangesloten apparaat gebruiken Systeeminstallatie 230 Netwerkinstallatie 236 Nuttige netwerkprogramma’s 156 4.
GEAVANCEERD Problemen met het besturingssysteem 5. Nuttige beheerprogramma's Easy Capture Manager 279 Samsung Easy Color Manager 280 Samsung AnyWeb Print 281 Easy Eco Driver 282 SyncThru™ Web Service gebruiken 283 319 Samsung Easy Printer Manager gebruiken 286 Werken met Samsung Easy Document Creator 290 Samsung-printerstatus gebruiken 291 De Linux Unified Driver Configurator gebruiken 293 6.
1. Installatie van de software Dit hoofdstuk levert instructies voor het installeren van essentiële en nuttige software voor gebruik in een opstelling waarbij het apparaat via een kabel aangesloten is. Een lokale printer is een printer die via een kabel rechtstreeks op uw computer is aangesloten.
Installatie voor Mac 1 Controleer of de printer op uw computer is aangesloten en ingeschakeld is. 2 Plaats de meegeleverde software-cd in uw cd-romstation. 3 Dubbelklik op het cd-rom-pictogram op het bureaublad van uw Maccomputer. • 8 Klik op Installeer. Alle onderdelen die noodzakelijk zijn voor apparaatbewerkingen worden geïnstalleerd. Als u klikt op Aanpassen, kunt u aangeven welke afzonderlijke onderdelen u wilt installeren. 9 10 Voer het wachtwoord in en klik op OK.
Opnieuw installeren voor Mac Als het printerbesturingsbestand niet correct werkt, maakt u de installatie van het besturingsbestand ongedaan en installeert u het opnieuw. 1 Open de map Programma's > Samsung > Printer Software Uninstaller. 2 3 Klik op Ga door om de printersoftware te deïnstalleren. 4 5 Voer het wachtwoord in en klik op OK. Selecteer het programma dat u wilt verwijderen en klik op Installatie ongedaan maken. Klik na het deïnstalleren op Sluiten.
Installatie voor Linux Om de printersoftware te onderzoeken, moet u softwarepakketten voor Linux downloaden van de Samsung-website (http://www.samsung.com > zoek uw product > Ondersteuning of Downloads). 1 Het Unified Linux-stuurprogramma installeren 1 Controleer of de printer op uw computer is aangesloten en ingeschakeld is. 2 Wanneer het venster Administrator Login verschijnt, typt u "root" in het veld Login en voert u het systeemwachtwoord in. 7 Zodra de installatie is voltooid, klikt u op Finish.
Opnieuw installeren voor Linux Als het printerstuurprogramma niet correct werkt, maakt u de installatie van het stuurprogramma ongedaan en installeert u het opnieuw. 1 Controleer of de printer op uw computer is aangesloten en ingeschakeld is. 2 Wanneer het venster Administrator Login verschijnt, typt u "root" in het veld Login en voert u het systeemwachtwoord in. U moet zich aanmelden als supergebruiker (root) om de installatie van het printerstuurprogramma ongedaan te maken.
2. Een via een netwerk aangesloten apparaat gebruiken In dit hoofdstuk wordt stap voor stap uitgelegd hoe u een apparaat instelt dat via het netwerk aangesloten is en hoe u de software instelt.
Nuttige netwerkprogramma’s Er zijn verschillende programma’s voorhanden om in een netwerkomgeving de netwerkinstellingen op een eenvoudige manier in te voeren. Zo kan de netwerkbeheerder diverse apparaten in het netwerk beheren. • Voordat u onderstaande programma’s gaat gebruiken moet u het IPadres instellen. • Sommige functies en optionele onderdelen zijn mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of land (zie "Functies per model" op pagina 8).
Instelling bekabeld netwerk 4 5 Een netwerkconfiguratierapport afdrukken U kunt een netwerkconfiguratierapport afdrukken vanaf het bedieningspaneel van het apparaat, waarin de huidige netwerkinstellingen van uw apparaat worden weergegeven. Dit zal u helpen bij de installatie van een netwerk. Druk op de knop (Menu) op het bedieningspaneel en kies Netwerk > Netwerkconf. (Netwerkconfiguratie). In dit netwerkconfiguratierapport kunt u het MAC-adres en IP-adres van uw apparaat vinden.
Instelling bekabeld netwerk 1 Download de software van de website van Samsung. Pak de software vervolgens uit en installeer deze op uw computer. (http:// www.samsung.com > zoek uw product > Ondersteuning of Downloads). 2 3 4 5 Volg de instructies in het installatievenster. IPv4-configuratie met het programma SetIP (Mac) Sluit het apparaat op het netwerk aan met een netwerkkabel.
Instelling bekabeld netwerk 3 Dubbelklik op het cd-rom-pictogram op het bureaublad van uw Maccomputer. 12 Klik op het pictogram (derde van links) in het scherm SetIP om het TCP/IP-configuratievenster te openen. • 13 Voer de nieuwe apparaatgegevens in het configuratievenster in. In een bedrijfsintranet moeten deze gegevens mogelijk worden toegewezen door een netwerkbeheerder voordat u verder kunt gaan. Voor Mac OS X 10.8 dubbelklikt u op de cd-rom die wordt weergegeven in de Finder.
Instelling bekabeld netwerk IPv4-configuratie met het programma SetIP (Linux) 5 Het Netwerkconfiguratierapport wordt automatisch op het apparaat afgedrukt. Voordat u het programma SetIP gebruikt, moet u de firewall van de computer uitschakelen via System Preferences or Administrator. De volgende instructies kunnen verschillen per model of besturingssysteem. 1 2 3 4 Open /opt/Samsung/mfp/share/utils/. Dubbelklik op het bestand SetIPApplet.html. Klik hier om het venster TCP/IP Configuration te openen.
Installeren van een stuurprogramma over het netwerk • Sommige functies en optionele onderdelen zijn mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of land (zie "Functies per model" op pagina 8). • Wanneer het apparaat de netwerkinterface niet ondersteunt, kunt u deze functie niet gebruiken (zie "Achterkant" op pagina 24). • U kunt het printerstuurprogramma en de software installeren wanneer u de software-cd in het cd-rom-station van uw computer plaatst.
Installeren van een stuurprogramma over het netwerk Opdrachtregel /s of /S /p"" of /P"" Definitie Start installatie op de achtergrond. Specificeert de printerpoort. Omschrijving Hiermee worden apparaatstuurprogramma' s geïnstalleerd zonder UI's op te roepen en zonder tussenkomst van de gebruiker. De printerpoortnaam kan worden opgegeven als IPadres, hostnaam, lokale USB-poortnaam of IEEE1284-poortnaam. Er wordt een netwerkpoort Voorbeeld: gemaakt aan de • /p"xxx.xxx.xxx.
Installeren van een stuurprogramma over het netwerk Opdrachtregel /nd of /ND Definitie Omschrijving Geeft de opdracht het geïnstalleerde stuurprogramma niet in te stellen als standaard apparaatstuurprogramma. Het geeft aan dat het geïnstalleerde apparaatstuurprogramma niet het standaard apparaatstuurprogramma op uw systeem zal zijn als er meer dan een printerstuurprogramma is geïnstalleerd.
Installeren van een stuurprogramma over het netwerk 7 Opdrachtregel /v"" of /V"" /o of /O /h, /H of /? Definitie Omschrijving Deelt het geïnstalleerde apparaat en voegt andere platformstuurprogramma' s toe voor Point & Print. Alle ondersteunde apparaatstuurprogramma' s van het Windowsbesturingssysteem worden geïnstalleerd en gedeeld met de opgegeven voor Point & Print. Opent de map Printers en faxapparaten na installatie.
Installeren van een stuurprogramma over het netwerk 8 Klik op Installeer. Alle onderdelen die noodzakelijk zijn voor apparaatbewerkingen worden geïnstalleerd. Het faxstuurprogramma installeert u als volgt: a Open de map Programma's > Samsung > Faxwachtrijmaker. b Uw apparaat wordt weergegeven in de Printerlijst. c Selecteer het gewenste apparaat en klik op de knop Maken. Als u klikt op Aanpassen, kunt u aangeven welke afzonderlijke onderdelen u wilt installeren.
Installeren van een stuurprogramma over het netwerk 4 5 6 7 8 9 10 11 12 Dubbelklik op cdroot > autorun Het venster Samsung Installer wordt geopend. Klik op Next. Het venster "Add printer wizard" gaat open. Klik op Next. Selecteer Netwerkprinter en klik op de knop Search. Het IP-adres en het model van de printer verschijnen in de lijst. Selecteer uw apparaat en klik op Next. Voer de beschrijving van de printer in en klik op Next. Nadat de software is toegevoegd klikt u op Finish.
IPv6-configuratie 9 IPv6 wordt alleen juist ondersteund in Windows Vista of latere versies. • Sommige functies en optionele onderdelen zijn mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of land (zie "Functies per model" op pagina 8 of "Menuoverzicht" op pagina 34). • Als het IPv6-netwerk niet lijkt te werken, zet u alle netwerkinstellingen terug naar de fabrieksinstellingen en probeert u het opnieuw met behulp van Instel. wissen.
IPv6-configuratie DHCPv6 adresconfiguratie Als uw netwerk gebruikmaakt van een DHCPv6-server kunt u een van de volgende opties instellen voor standaard dynamische host-configuratie. 1 2 3 Druk op de knop 10 Via de SyncThru™ Web Service IPv6 activeren (Menu) op het bedieningspaneel. Druk op Netwerk > TCP/IP (IPv6) > DHCPv6 Config. 1 Open een webbrowser in Windows, zoals Internet Explorer. Typ het IP-adres van het apparaat (http://xxx.xxx.xxx.
IPv6-configuratie • U kunt ook DHCPv6 instellen. • Ga als volgt te werk om het IPv6-adres handmatig in te stellen: Schakel het selectievakje Manual Address in. Vervolgens wordt het tekstvak Address/Prefix geactiveerd. Voer de rest van het adres in (bijv. 3FFE:10:88:194::AAAA. "A" is de hexadecimaal 0 tot 9, A tot F). 3 Voer de IPv6-adressen in (bijv. http://[FE80::215:99FF:FE66:7701]). De adressen moeten tussen vierkante haakjes ("[ ]")worden geplaatst.
Draadloos netwerk instellen • Controleer of uw apparaat een draadloos netwerk ondersteunt. Afhankelijk van het model is een draadloos netwerk mogelijk niet beschikbaar (zie "Functies per model" op pagina 8). • Als het IPv6-netwerk niet lijkt te werken, zet u alle netwerkinstellingen terug naar de fabrieksinstellingen en probeert u het opnieuw met behulp van Instel. wissen. Naam van draadloos netwerk en netwerkwachtwoord Draadloze netwerken vereisen een hoger beveiligingsniveau.
Draadloos netwerk instellen 12 Methoden voor het instellen van een draadloos netwerk U kunt de instellingen van uw draadloze netwerk configureren vanaf het apparaat of de computer. Kies de instellingsmethode uit de onderstaande tabel. Sommige installatiemethoden voor het draadloze netwerk zijn mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van het model of land. 2.
Draadloos netwerk instellen Installatiemethode Verbindingsmethode Via de computer Beschrijving & Gebruiksaanwijzing A Zie "Toegangspunt via USB-kabel" op pagina 180 als u Windows gebruikt. B Zie "Toegangspunt zonder USB-kabel (aanbevolen)" op pagina 183 als u Windows gebruikt. C • Mac-gebruikers, zie "Toegangspunt via USB-kabel" op pagina 188. Met toegangspunt OR Vanaf het bedieningspaneel van het apparaat • Mac-gebruikers, zie "Toegangspunt zonder USB-kabel (aanbevolen)" op pagina 191.
Draadloos netwerk instellen Installatiemethode Zonder toegangspunt Verbindingsmethode Via de computer Beschrijving & Gebruiksaanwijzing G Zie "Ad-hoc via USB-kabel" op pagina 185 als u Windows gebruikt. H Mac-gebruikers, zie "Ad-hoc via USB-kabel" op pagina 185. Wi-Fi Direct installeren Zie "Wi-Fi Direct installeren" op pagina 200.
Draadloos netwerk instellen Wat u nodig hebt 13 Met de WPS-knop Als uw printer en een toegangspunt (of draadloze router) Wi-Fi Protected Setup™ (WPS) ondersteunen, kunt u de instellingen voor het draadloze netwerk eenvoudig en zonder computer configureren door op het bedieningspaneel op de knop (WPS) te drukken. • Als u het draadloze netwerk wilt gebruiken in de infrastructuurmodus, koppelt u de netwerkkabel los van het apparaat.
Draadloos netwerk instellen Als uw apparaat geen displayscherm heeft, kunt u de functie Wi-Fi Direct inschakelen of uitschakelen met de knop WPS. • Houd de knop (WPS) op het bedieningspaneel ongeveer 10 tot 15 seconden ingedrukt. De functie Wi-Fi Direct wordt ingeschakeld. • Druk meer dan vijftien seconden op de knop (WPS) op het configuratiescherm. De functie Wi-Fi Direct wordt uitgeschakeld.
Draadloos netwerk instellen Apparaten zonder een display Verbinding maken in PIN-modus 1 Druk meer dan twee seconden op de knop bedieningspaneel. 2 De achtcijferige PIN-code verschijnt op het display. (WPS) op het Aansluiten in PBC-modus 1 U moet binnen twee minuten de achtcijferige PIN-code invoeren op de computer die is aangesloten op het toegangspunt (of de draadloze router). Er wordt verbinding gemaakt met het draadloze netwerk.
Draadloos netwerk instellen Verbinding maken in PIN-modus 1 3 Het netwerkconfiguratierapport met het PIN-nummer moet worden afgedrukt (zie "Een netwerkconfiguratierapport afdrukken" op pagina 157). De LED knippert maximaal twee minuten langzaam tot u de achtcijferige PIN-code invoert. Houd de knop (Cancel of Stop/Clear) op het bedieningspaneel langer dan vijf seconden ingedrukt. Het apparaat zonder de knop knop (WPS) ingedrukt.
Draadloos netwerk instellen Opnieuw verbinding maken met een netwerk Verbinding met een netwerk verbreken Wanneer de draadloze netwerkfunctie is uitgeschakeld, wordt automatisch opnieuw geprobeerd een verbinding tot stand te brengen met het toegangspunt (of de draadloze router) met behulp van de eerder gebruikte instellingen voor de draadloze verbinding en het adres.
Draadloos netwerk instellen 14 Gebruik van de Menu-knop Afhankelijk van de opties of het model verschijnen sommige menu's mogelijk niet op het display. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat 3 Druk op OK om de gewenste installatiemethode te selecteren. • Wizard (aangeraden): In deze modus wordt de installatie automatisch uitgevoerd. Het apparaat geeft een lijst met beschikbare netwerken.
Draadloos netwerk instellen 15 Instellen met Windows Snelkoppeling naar programma Samsung Easy Wireless Setup zonder CD: Als u het printerstuurprogramma eenmaal hebt geïnstalleerd, hebt u zonder cd toegang tot het programma Samsung Easy Wireless Setup (zie "Managementhulpmiddelen gebruiken" op pagina 342). Opzetten van de netwerkinfrastructuur 1 2 3 Controleer of de USB-kabel op het apparaat is aangesloten. Zet de computer, het toegangspunt en het apparaat aan.
Draadloos netwerk instellen 5 Selecteer Draadloze netwerkverbinding in het scherm Type printerverbinding. Klik daarna op Volgende. 7 Selecteer Een USB-kabel gebruiken op het scherm Selecteer de installatiemethode voor een draadloze verbinding. Klik daarna op Volgende. 6 Selecteer in het scherm Stelt u uw printer voor de eerste keer in? de optie Ja, ik wil het draadloze netwerk voor mijn printer instellen. . Klik vervolgens op Volgende.
Draadloos netwerk instellen Als het toegangspunt is beveiligd, verschijnt het beveiligingsvenster voor het draadloos netwerk. Als u de netwerknaam van uw keuze niet kunt vinden of als u de draadloze configuratie handmatig wilt instellen, klikt u op Geavanceerde instelling. • Voer de naam van het draadloze netwerk in: Typ de SSID van het toegangspunt (de SSID is hoofdlettergevoelig). • Werkingsmodus: Selecteer Infrastructuur. • Verificatie: selecteer een verificatietype. Open syst.
Draadloos netwerk instellen 10 11 Als het instellen van het draadloze netwerk is voltooid, verwijder dan de USB-kabel tussen de computer en de printer. Klik op Volgende. Volg de instructies in het installatievenster. Opzetten van de netwerkinfrastructuur 1 2 Zet de computer, het toegangspunt en het apparaat aan. Plaats de meegeleverde software-cd in uw cd-romstation.
Draadloos netwerk instellen 4 Selecteer Draadloze netwerkverbinding in het scherm Type printerverbinding. Klik daarna op Volgende. 5 Selecteer in het scherm Stelt u uw printer voor de eerste keer in? de optie Ja, ik wil het draadloze netwerk voor mijn printer instellen. . Klik vervolgens op Volgende. 6 Selecteer Een directe, draadloze verbinding gebruiken in het scherm Selecteer de installatiemethode voor een draadloze verbinding. Klik daarna op Volgende.
Draadloos netwerk instellen Zelfs als uw computer werkt op Windows 7 of hoger, kunt u deze functie niet gebruiken als uw pc geen draadloos netwerk ondersteunt. Stel het draadloze netwerk in met een USB-kabel (zie "Toegangspunt via USBkabel" op pagina 180). Als het hieronder afgebeelde scherm wordt weergegeven, moet u binnen twee minuten op de (WPS)-knop drukken op het bedieningspaneel. 7 Wanneer het instellen van het draadloze netwerk voltooid is, klikt u op Volgende.
Draadloos netwerk instellen Ad-hocnetwerken in Windows instellen 1 2 4 Selecteer Draadloze netwerkverbinding in het scherm Type printerverbinding. Klik daarna op Volgende. 5 Selecteer in het scherm Stelt u uw printer voor de eerste keer in? de optie Ja, ik wil het draadloze netwerk voor mijn printer instellen. . Klik vervolgens op Volgende. Zet de computer en het draadloos-netwerkapparaat aan. Plaats de meegeleverde software-cd in uw cd-romstation.
Draadloos netwerk instellen • Voer de naam van het draadloze netwerk in: Voer de SSID in (de SSID is hoofdlettergevoelig). • Werkingsmodus: Selecteer Ad-hoc. • Kanaal: selecteer het kanaal. (Auto-inst. of 2.412 tot 2.467 MHz). • Verificatie: selecteer een verificatietype. Open syst.: er wordt geen verificatie gebruikt en codering wordt gebruikt als gegevensbeveiliging vereist is. Ged. sleutel: verificatie wordt gebruikt. Een apparaat met de juiste WEP-sleutel heeft toegang tot tot het netwerk.
Draadloos netwerk instellen - IP-adres: 169.254.133.43 16 Instellen met Mac - Subnetmasker: 255.255.0.0 (gebruik het subnetmasker van de computer.) - Gateway: 169.254.133.1 Toegangspunt via USB-kabel 9 10 11 Het venster Instelling van draadloos netwerk voltooid wordt geopend. Klik op Volgende. Wat u nodig hebt Als de instellingen van het draadloze netwerk voltooid zijn, koppelt u de USB-kabel tussen de computer en de printer los. Klik op Volgende.
Draadloos netwerk instellen 3 Dubbelklik op het cd-rom-pictogram op het bureaublad van uw Maccomputer. • 10 Selecteer Configuratie van draadloos netwerk in het scherm Type printerverbinding en klik op Ga door. Voor Mac OS X 10.8 dubbelklikt u op de cd-rom die wordt weergegeven in de Finder. 4 Dubbelklik in de map MAC_Installer op het pictogram Installer OS X. 5 6 7 Klik op Ga door. 8 Klik op Installeer. Alle onderdelen die noodzakelijk zijn voor apparaatbewerkingen worden geïnstalleerd.
Draadloos netwerk instellen 11 Als het scherm Draadloze instellingen wordt weergegeven, selecteert u Een USB-kabel gebruiken en klikt u op Next. Ga verder met stap 15 als het scherm niet wordt weergegeven. Als u de draadloze configuratie handmatig instelt, klikt u op Geavanceerde instelling. • Voer de naam van het draadloze netwerk in: Typ de SSID van het toegangspunt (de SSID is hoofdlettergevoelig). • Werkingsmodus: Selecteer Infrastructuur. • Verificatie: selecteer een verificatietype. Open syst.
Draadloos netwerk instellen 13 Er verschijnt een venster met de instellingen van het draadloze netwerk. Controleer de instellingen en klik op Volgende. • De optie Wi-Fi Direct verschijnt alleen op het scherm als uw printer deze functie ondersteunt. Toegangspunt zonder USB-kabel (aanbevolen) Wat u nodig hebt • Mac met WiFi en Mac OS 10.7 of hoger en een toegangspunt (router) • Met Samsung Easy Printer Manager kunt u Wi-Fi Direct opbouwen (zie "Wi-Fi Direct installeren" op pagina 200).
Draadloos netwerk instellen 5 6 7 Klik op Ga door. 8 Klik op Installeer. Alle onderdelen die noodzakelijk zijn voor apparaatbewerkingen worden geïnstalleerd. 10 Selecteer Configuratie van draadloos netwerk in het scherm Type printerverbinding en klik op Ga door. Lees de gebruiksrechtovereenkomst en klik op Ga door. Klik op Akkoord als u akkoord gaat met de gebruiksrechtovereenkomst. Als u klikt op Aanpassen, kunt u aangeven welke afzonderlijke onderdelen u wilt installeren.
Draadloos netwerk instellen 11 Als het scherm Draadloze instellingen wordt weergegeven, selecteert u Een directe, draadloze verbinding gebruiken en klikt u op Volgende. Als het hieronder afgebeelde scherm wordt weergegeven, moet u binnen twee minuten op de bedieningspaneel. Ga verder met stap 13 als het scherm niet wordt weergegeven. (WPS)-knop drukken op het 12 Wanneer het instellen van het draadloze netwerk voltooid is, klikt u op Volgende. 13 Nadat de installatie is voltooid, klikt u op Sluiten.
Draadloos netwerk instellen Ad-hoc via USB-kabel 3 Als u geen toegangspunt hebt, kunt u de printer alsnog draadloos verbinden met uw computer door een draadloos ad-hocnetwerk in te stellen. Volg hiervoor de volgende eenvoudige stappen.
Draadloos netwerk instellen 10 Selecteer Configuratie van draadloos netwerk in het scherm Type printerverbinding en klik op Ga door. • Voer de naam van het draadloze netwerk in: Voer de SSID in (de SSID is hoofdlettergevoelig). • Werkingsmodus: Selecteer Ad-hoc. • Kanaal: Selecteer het kanaal (Auto-inst. of 2412 MHz tot 2467 MHz). • Verificatie: selecteer een verificatietype. Open syst.: er wordt geen verificatie gebruikt en codering wordt gebruikt als gegevensbeveiliging vereist is. Ged.
Draadloos netwerk instellen 12 Er verschijnt een venster met de instellingen van het draadloze netwerk. Controleer de instellingen en klik op Volgende. Voordat u het IP-adres van de printer invoert, moet u de netwerkinstellingen van de computer weten. Als de netwerkconfiguratie van de computer is ingesteld op DHCP, moet de instelling voor het draadloze netwerk ook DHCP zijn.
Draadloos netwerk instellen 17 Een netwerkkabel gebruiken Een netwerkconfiguratierapport afdrukken U kunt bepalen welke netwerkinstellingen voor uw apparaat worden gebruikt door een netwerkconfiguratierapport af te drukken. Wanneer apparaten de netwerkinterface niet ondersteunen, kunt u deze functie niet gebruiken (zie "Achterkant" op pagina 24). Uw apparaat is netwerkcompatibel. Om uw apparaat netwerkcompatibel te maken, moet u enkele configuratieprocedures doorlopen.
Draadloos netwerk instellen SyncThru™ Web Service gebruiken De Wizard zal u door de configuratie van het draadloos netwerk loodsen. Als u het draadloos netwerk echter rechtstreeks wilt instellen, selecteert u Custom. Controleer de status van de kabelverbinding voor u begint met de configuratie van de parameters voor het draadloze netwerk. 1 2 Controleer of de netwerkkabel op de printer is aangesloten. Als dat niet het geval is, moet u een standaardnetwerkkabel op het apparaat aansluiten.
Draadloos netwerk instellen 8 Klik op Next. Als het venster met beveiligingsinstellingen voor draadloze netwerken verschijnt, voert u het geregistreerde wachtwoord (netwerkwachtwoord) in en klikt u op Next. 9 Het Wi-Fi-netwerk in- of uitschakelen Als uw apparaat een LCD-display heeft, kunt u Wi-Fi ook in-/ uitschakelen via het menu Network op het bedieningspaneel van het apparaat. Het bevestigingsvenster verschijnt. Controleer de instellingen van het draadloze netwerk.
Draadloos netwerk instellen 5 Als het venster SyncThru™ Web Service wordt geopend, klikt u op Network Settings. 6 Klik op Wireless > Custom. Wi-Fi Direct installeren U kunt de Wi-Fi Direct-optie inschakelen volgens een van de volgende methoden. U kunt het Wi-Fi-netwerk ook in- of uitschakelen.
Draadloos netwerk instellen - - Groepsgebruiker: Schakel deze optie in om de printer toe te wijzen aan de Wi-Fi Direct-groepsgebruiker. De Groepsgebruiker functioneert op dezelfde manier als het draadloze toegangspunt. Wij raden u aan deze optie in te schakelen. Netwerkwachtwoord: Wanneer uw printer een Groepsgebruiker is, heeft u een Netwerkwachtwoord nodig om andere mobiele apparaten te verbinden met uw printer.
Draadloos netwerk instellen Het mobiele apparaat instellen • • Raadpleeg de gebruikershandleiding voor het mobiele apparaat na het instellen van Wi-Fi Direct op uw printer om Wi-Fi Direct in te stellen op het mobiele apparaat. Na het inschakelen van Wi-Fi Direct moet u de toepassing voor mobiel afdrukken downloaden (bijvoorbeeld: Samsung Mobile printer) om af te kunnen drukken vanaf uw smartphone.
Draadloos netwerk instellen Verbindingsprobleem - Ongeldige beveiliging • De beveiliging is niet op de juiste manier geconfigureerd. Controleer de beveiliging die op het toegangspunt en de printer is geconfigureerd. Verbindingsprobleem - Algemene verbindingsfout • Uw computer ontvangt geen signaal van uw apparaat. Controleer de USB-kabel en de stroomtoevoer van de printer. Verbindingsprobleem - Verbonden bedraad netwerk • De printer is verbonden met een netwerkkabel.
Draadloos netwerk instellen g Controleer of Printernaam of IP-adres: hetzelfde is als op de netwerkconfiguratiepagina. 3 Wijzig het IP-adres van de printerpoort als het niet overeen komt met het adres op het netwerkinformatierapport. Als u de installatie-cd wilt gebruiken om het IP-adres van de poort te wijzigen, maakt u verbinding met een netwerkprinter. vervolgens opnieuw verbinding te maken met het IP-adres.
Draadloos netwerk instellen • Controleer of het IP-adres van het apparaat juist is toegewezen. U kunt het IP-adres controleren door het netwerkconfiguratierapport af te drukken. • In de ad-hocmodus onder besturingssystemen zoals Windows Vista is het mogelijk dat u de draadloze verbinding bij elk gebruik van de draadloze printer opnieuw moet instellen. • Controleer of het toegangspunt (of de draadloze router) met een wachtwoord beveiligd is.
Samsung Mobile Print 21 22 Wat is Samsung Mobile Print? Samsung Mobile Print is een gratis toepassing waarmee gebruikers foto's, documenten en webpagina's direct van hun smartphone of tablet kunnen afdrukken. Samsung Mobile Print is niet alleen compatibel met uw Android- en iOS-smartphones maar ook met uw iPod Touch en tablet-pc. Het verbindt uw mobiele apparaat met een printer van Samsung die met het netwerk is verbonden of met een draadloze printer via een Wi-Fitoegangspunt.
De NFC-functie gebruiken Met de NFC-printer (Near Field Communication) kunt u direct vanaf uw mobiele telefoon afdrukken en scannen door uw telefoon boven de NCFtag op uw printer te houden. U hoeft geen printerstuurprogramma te installeren of verbinding te maken met een toegangspunt. U moet alleen een telefoon hebben die NCF ondersteunt. De Samsung Mobile Print-app moet worden geïnstalleerd op uw telefoon.
De NFC-functie gebruiken • Bij sommige mobiele telefoons bevindt de NFC-antenne zich mogelijk niet op de achterkant. Controleer de locatie van de NFCantenne op uw telefoon, voordat u deze functie gebruikt. 4 Houd de NFC-antenne op uw mobiele telefoon (meestal op de achterkant van uw telefoon) boven de NFC-tag ( ) op uw printer. Wacht een aantal seconden totdat de mobiele telefoon verbinding heeft gemaakt met de printer.
De NFC-functie gebruiken 27 • Bij sommige mobiele telefoons bevindt de NFC-antenne zich mogelijk niet op de achterkant. Controleer de locatie van de NFCantenne op uw telefoon, voordat u deze functie gebruikt. Scannen 1 Controleer of de NFC-functie is ingeschakeld op uw mobiele telefoon en de Wi-Fi Direct-functie is ingeschakeld op uw printer (zie "Wi-Fi Direct installeren" op pagina 200).
De NFC-functie gebruiken 5 Houd de NFC-antenne op uw mobiele telefoon (meestal op de achterkant van uw telefoon) boven de NFC-tag ( ) op uw printer. Wacht een aantal seconden totdat de mobiele telefoon verbinding heeft gemaakt met de printer. Als u wilt doorgaan met scannen, volgt u de instructies op het appvenster. • Bij sommige mobiele telefoons bevindt de NFC-antenne zich mogelijk niet op de achterkant. Controleer de locatie van de NFCantenne op uw telefoon, voordat u deze functie gebruikt.
AirPrint Alleen machines met AirPrint-certificering kunnen worden gebruikt met de functie AirPrint. Controleer op de doos waarin uw machine geleverd is of de machine gecertificeerd is voor AirPrint. Met AirPrint kunt u rechtstreeks draadloos afdrukken vanaf uw iPhone, iPad en iPod touch met de nieuwste versie van iOS. 28 AirPrint instellen 4 Als u zich voor het eerst aanmeldt bij SyncThru™ Web Service, moet u zich aanmelden als beheerder.
AirPrint 29 Afdrukken via AirPrint De iPad-handleiding geeft bijvoorbeeld de volgende instructies: 1 Open de e-mail, foto, internetpagina of het document dat u wilt afdrukken. 2 3 Raak het bewerkingpictogram aan ( 4 Raak de knop Afdrukken aan. Druk het af. ). Selecteer de naam van uw printerstuurprogramma en het optiemenu om de gegevens in te stellen.
Google Cloud Print Met Google Cloud Print™ kunt u gegevens afdrukken via uw smartphone, tablet of een ander apparaat dat met internet is verbonden. U hoeft alleen uw Google-account bij de printer te registreren om de service Google Cloud Print te kunnen gebruiken. U kunt uw document of e-mail afdrukken via het Chrome-besturingssysteem, de Chrome-browser of een Gmail™/Google Docs™-toepassing op uw mobiele apparaat zodat u geen printerstuurprogramma hoeft te installeren.
Google Cloud Print Als u uw browser hebt ingesteld om pop-ups te blokkeren, verschijnt het bevestigingsvenster niet. Sta pop-ups van deze site toe. 10 11 Klik op Finish printer registration. Klik op Manage your printers. Afdrukken via een toepassing of mobiel apparaat. De volgende stappen zijn een voorbeeld van het gebruik van Google Docs op een mobiele telefoon met Android. 1 Installeer de toepassing Cloud Print op uw mobiele apparaat. Uw printer is nu geregistreerd bij de service Google Cloud Print.
Google Cloud Print Afdrukken via de Chrome-browser De onderstaande stappen zijn een voorbeeld van hoe u de Chromebrowser kunt gebruiken. 1 2 3 Start Chrome. 4 Klik op Afdrukken. Er verschijnt een nieuw tabblad met afdrukopties. 5 6 Selecteer Afdrukken via Google Cloud Print. Open het document of de e-mail die u wilt afdrukken. Klik op het moersleutelpictogram de browser. in de rechterbovenhoek van Klik op de knop Afdrukken. 2.
3. Menu´s met nuttige instellingen In dit hoofdstuk leest u hoe u de huidige status van het apparaat controleert en hoe u geavanceerde apparaatinstellingen instelt.
Voordat u een hoofdstuk gaat lezen In dit hoofdstuk worden alle beschikbare functies voor dit model beschreven om gebruikers te helpen deze functies te begrijpen. U kunt controleren welke functies beschikbaar zijn voor ieder model in de Basishandleiding (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). Hier volgen een aantal tips voor het gebruiken van dit hoofdstuk • Het bedieningspaneel biedt toegang tot verschillende menu’s voor de instelling en het gebruik van het apparaat. Druk op krijgen tot deze menu’s.
Afdrukken Afhankelijk van de opties of het model zullen sommige menu’s mogelijk niet op het display verschijnen. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). Om de menuopties te wijzigen: • Druk op Item Deze optie beïnvloedt de resolutie en helderheid van de weergegeven kleuren. Venster (Menu) > Afdrukinst. op het configuratiescherm.
Kopiëren 1 Item Kopieerfunctie Formaat orig. Beschrijving Hiermee stelt u de grootte van de afbeelding in. Hiermee verkleint of vergroot u een gekopieerde afbeelding (zie "Verkleinde of vergrote kopie" op pagina 62). Afhankelijk van de opties of het model zullen sommige menu’s mogelijk niet op het display verschijnen. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). Verkl./vergr.
Kopiëren Item Beschrijving Item Hiermee worden de originele afbeeldingen verkleind en worden 2 of 4 pagina’s afgedrukt op één vel papier. 3 4 2 2 Achtergrondkl. • Uit: deze functie wordt niet gebruikt. • Versterk.nv.1-2: Hoe hoger het getal, hoe levendiger de achtergrond. Deze kopieerfunctie is alleen beschikbaar als u originelen in de ADI plaatst. Lay-out > ID kopie Hiermee drukt u een afbeelding zonder achtergrond af.
Kopiëren 2 Item Kopieerinstel. Hiermee stel u het apparaat zo in dat de kopieën worden gesorteerd. Als u bijvoorbeeld 2 kopieën wilt maken van een document met 3 pagina’s, krijgt u eerst één volledige kopie van het 3 pagina’s tellende document en vervolgens een tweede volledige kopie. Afhankelijk van de opties of het model verschijnen sommige menu's mogelijk niet op het display. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat (zie "Menuoverzicht" op pagina 34).
Kopiëren Item Omschrijving Item Hiermee verkleint of vergroot u een gekopieerde afbeelding (zie "Verkleinde of vergrote kopie" op pagina 62). St.inst. wijz. > Verkl./ vergr. Wanneer het apparaat is ingesteld op ecomodus, zijn de vergroot- en verkleinfuncties niet beschikbaar. Omschrijving Hiermee drukt u een afbeelding zonder achtergrond af. Deze kopieerfunctie verwijdert de achtergrondkleur en is handig voor het kopiëren van een origineel met een gekleurde achtergrond, zoals een krant of catalogus.
Faxen 3 Item Faxfunctie Afhankelijk van de opties of het model zullen sommige menu’s mogelijk niet op het display verschijnen. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). Hiermee kunt u een fax naar meerdere bestemmingen verzenden (zie "Groepsverzending (faxen naar meerdere bestemmingen verzenden)" op pagina 69). Meerdere verz. U kunt met deze functie geen kleurenfax verzenden.
Faxen Item Prior. verz. Beschrijving Het originele document wordt in het geheugen opgeslagen en onmiddellijk verzonden zodra de lopende taak is voltooid. Met een verzending met hoge prioriteit wordt een verzending naar meerdere bestemmingen onderbroken (de fax met hoge prioriteit wordt verzonden na de verzending naar ontvanger A en vóór de verzending naar ontvanger B).
Faxen 4 Item Verzendinstellingen ECM-modus Hiermee kunt u de foutcorrectiemodus (ECM) inschakelen om faxen zonder fouten te verzenden. Als u deze modus inschakelt, kan het verzenden van faxen langer duren. Faxbevestiging Hiermee stelt u het apparaat in om een rapport te verzenden, ongeacht of the faxverzending geslaagd is of niet. Wanneer u Aan-Fout selecteert, drukt het apparaat alleen een rapport af wanneer de verzending niet geslaagd is. TCR voor afb.
Faxen 5 Item Ontvangstinstellingen Afhankelijk van de opties of het model zullen sommige menu’s mogelijk niet op het display verschijnen. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). Om de menuopties te wijzigen: • Druk op (faxen) > Item Startc. ontv. Hiermee kunt u een fax ontvangen vanaf een telefoontoestel dat aangesloten is op de EXTuitgang aan de achterkant van het apparaat.
Faxen 6 Een andere installatie Afhankelijk van de opties of het model zullen sommige menu’s mogelijk niet op het display verschijnen. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). Om de menuopties te wijzigen: • Druk op (faxen) > Item (Menu) > Faxinstel. op het bedieningspaneel. Beschrijving St.inst. wijz. Hiermee herstelt u de waarde of instelling opnieuw in op de beginwaarde. Autom.
Scannen 7 Item Scanfunctie Afhankelijk van de opties of het model verschijnen sommige menu's mogelijk niet op het display. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). Om de menuopties te wijzigen: Druk in de scanmodus op (Menu) > Scanfunctie op het bedieningspaneel. • C46xW: Wanneer de LED van de knop Scan to aan is, is het apparaat in scanmodus. • C46xFW: Druk op (scannen) op het bedieningspaneel.
Scannen 8 Scaninstellingen Afhankelijk van de opties of het model zullen sommige menu’s mogelijk niet op het display verschijnen. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). Om de menuopties te wijzigen: Druk in de scanmodus op (Menu) > Scaninstel. op het bedieningspaneel. • C46xW : Wanneer de LED van de knop Scan to aan is, is het apparaat in scanmodus. • C46xFW: Druk op Item (scannen) op het bedieningspaneel. Beschrijving St.inst.
Systeeminstallatie 9 Item Apparaatinstellingen Stel in na welke wachttijd de printer overschakelt naar de energiebesparende modus. Afhankelijk van de opties of het model verschijnen sommige menu's mogelijk niet op het display. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). Om de menuopties te wijzigen: • Druk op (Menu) > Systeeminst. > Apparaatinst. op het configuratiescherm.
Systeeminstallatie Item Omschrijving Item U kunt instellen in welke situaties de printer moet ontwaken uit sluimerstand. Bepaalt of de printer door moet gaan met afdrukken als waargenomen wordt dat het gebruikte papier niet overeenkomt met de instellingen. • Aan: Het apparaat ontwaakt in de volgende gevallen uit de energiebesparende modus: Ontw.gebeurt. - Druk op een willekeurige knop - Open of sluit de papierlade Aut. doorgaan - Voer papier in de documentinvoer in Time-out syst.
Systeeminstallatie 10 Item Omschrijving Papierinstellingen Met deze optie kunt u hulpbronnen besparen en milieuvriendelijke afdrukken maken. • Standaardmodus: Selecteer of de Eco-modus inof uitgeschakeld wordt. Eco-instel. Geforc. (Geforc.): Schakelt de Eco-modus in en beveiligt de instelling met een wachtwoord. Als een gebruiker de Eco-modus wil wijzigen, moet deze het wachtwoord invoeren. Afhankelijk van de opties of het model zullen sommige menu’s mogelijk niet op het display verschijnen.
Systeeminstallatie 11 Item Geluid/Volume Schakelt geluiden van de telefoonlijn via de luidspreker (bijvoorbeeld een kiestoon of een faxsignaal) aan of uit. Als deze optie is ingesteld op Communicatie, staat de luidspreker aan tot het externe apparaat reageert. Afhankelijk van de opties of het model verschijnen sommige menu's mogelijk niet op het display. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat (zie "Menuoverzicht" op pagina 34).
Systeeminstallatie 12 Item Rapport Faxbevestiging Hiermee drukt u een verzendrapport af met het faxnummer, het aantal pagina's, de verzendduur, de communicatiemodus en het resultaat van de communicatie. U kunt uw apparaat zodanig instellen dat het automatisch een verzendrapport afdrukt na elke faxtaak. Fax verzonden Hiermee drukt u een rapport af met informatie over de faxen die u onlangs hebt verzonden.
Systeeminstallatie 13 Item Onderhoud Hiermee kunt u de instellingen voor kleur aanpassen, zoals contrastniveau, kleurregistratie, kleurdichtheid, enzovoort. Afhankelijk van de opties of het model zullen sommige menu’s mogelijk niet op het display verschijnen. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). Om de menuopties te wijzigen: • • Aangep. kleur: Hiermee past u kleur voor kleur het contrast aan.
Netwerkinstallatie Afhankelijk van de opties of het model zullen sommige menu’s mogelijk niet op het display verschijnen. Als dit het geval is, zijn deze opties niet van toepassing op uw apparaat (zie "Menuoverzicht" op pagina 34). • Druk op Optie (Menu) > Netwerk op het bedieningspaneel. Optie Beschrijving Instel. wissen Hiermee zet u de standaard netwerkinstellingen terug. (Opnieuw starten vereist) Netwerkconf.
Netwerkinstallatie Optie Beschrijving Optie U kunt de volgende protocollen activeren of uitschakelen. • SNMP V1/V2: U moet deze optie inschakelen om het protocol SNMP V1/V2 te kunnen gebruiken. Systeembeheerders kunnen gebruikmaken van SNMP om apparaten in het netwerk te monitoren en beheren. • Netwerk activeren: U kunt instellen of u Ethernet aan of uit wilt zetten. • UPnP(SSDP): U moet deze optie inschakelen om het protocol UPnP(SSDP) te kunnen gebruiken.
4. Speciale functies In dit hoofdstuk worden de speciale functies voor kopiëren, scannen, faxen en afdrukken besproken. • Aanpassing aan luchtdruk of hoogte 239 • Verschillende tekens invoeren 240 • Het faxadresboek instellen 242 • Afdrukfuncties 246 • Scanfuncties 258 • Faxfuncties 268 • De procedures in dit hoofdstuk zijn voornamelijk gebaseerd op Windows 7. • Voor bepaalde modellen moet u mogelijk op OK drukken om naar menu's op lagere niveaus te gaan.
Aanpassing aan luchtdruk of hoogte De afdrukkwaliteit wordt beïnvloed door de atmosferische druk, die wordt bepaald door de hoogte boven zeeniveau waar het apparaat staat. De volgende informatie zal u helpen bij de instelling van uw apparaat voor de beste afdrukkwaliteit. Ga na op welke hoogte u zich bevindt en stel de juiste luchtdruk in.
Verschillende tekens invoeren U zult voor verschillende taken namen en nummers moeten invoeren. Bij de installatie van uw apparaat moet u bijvoorbeeld uw naam of de naam van uw bedrijf en het faxnummer invoeren. Wanneer u faxnummers of emailadressen in het geheugen opslaat, kunt u ook de bijbehorende namen invoeren. 2 Letters en cijfers op het toetsenblok • Afhankelijk van het model en de geïnstalleerde opties kan uw apparaat andere speciale tekensets bevatten.
Verschillende tekens invoeren Toets * Toegewezen cijfers, letters of tekens *%^_~!#$()[] (Deze symbolen zijn beschikbaar voor het invoeren van uw netwerkidentificatiegegevens) # #=|?":{}<>; (Deze symbolen zijn beschikbaar voor het invoeren van uw netwerkidentificatiegegevens) 4.
Het faxadresboek instellen U kunt snelkiesnummers voor veelgebruikte faxnummers instellen via SyncThru™ Web Service en zo snel en gemakkelijk faxnummers invoeren door de positienummers in te voeren die aan de nummers zijn toegewezen in het adresboek. 3 4 Snelkiesnummers gebruiken Wanneer u tijdens het versturen van een fax wordt gevraagd om een nummer in te voeren, voert u het snelkiesnummer in waaronder u het gewenste faxnummer hebt opgeslagen.
Het faxadresboek instellen 5 6 Snelkiesnummers bewerken Een groepskiesnummer vastleggen 1 Selecteer (faxen) > (Address Book) > Nieuw en bew. > Snelkiesnummer op het bedieningspaneel. 1 Selecteer (faxen) > (Address Book) > Nieuw en bew. > Groepsnummer op het bedieningspaneel. 2 3 4 5 Voer het snelkiesnummer in dat u wilt bewerken en druk op OK. 2 Voer een groepkiesnummer in en druk op OK. Wijzig de naam en druk op OK.
Het faxadresboek instellen 7 8 Groepsnummers bewerken 1 Selecteer (faxen) > (Address Book) > Nieuw en bew. > Groepsnummer op het bedieningspaneel. 2 3 Voer het groepskiesnummer in dat u wilt bewerken en druk op OK. Als u een nieuw snelkiesnummer invoert dat u wilt toevoegen en op OK drukt, wordt Toevoegen? weergegeven. Als u een snelkiesnummer invoert dat in de groep is opgeslagen en op OK drukt, wordt Verwijderd weergegeven. 4 5 6 Druk op OK om het nummer toe te voegen of te verwijderen.
Het faxadresboek instellen 9 Adresboek afdrukken U kunt de instellingen van uw een lijst af te drukken. 1 Selecteer (faxen) > configuratiescherm. 2 Druk op OK. (Address Book) controleren door ze in (Address Book) > Afdrukken op het Het apparaat begint met afdrukken. 4.
Afdrukfuncties • Voor basisfuncties voor het afdrukken, raadpleeg de Basishandleiding (zie "Eenvoudige afdruktaken" op pagina 54). In Voorkeursinstellingen voor afdrukken kunt u de instellingen voor elke afdruktaak wijzigen. • Deze functie is mogelijk niet beschikbaar, afhankelijk van het model of de optionele onderdelen (zie "Functies per model" op pagina 8). 11 Uw apparaat instellen als standaardprinter 10 De standaardafdrukinstellingen wijzigen 1 2 3 4 Klik op het menu Start van Windows.
Afdrukfuncties 12 Geavanceerde afdrukfuncties gebruiken 1 Kruis het selectievak Afdrukken Naar bestand in het venster Afdrukken aan. 2 3 Klik op Afdrukken. XPS-printerstuurprogramma: wordt gebruikt om af te drukken in een XPS-bestandsindeling. • Zie "Functies per model" op pagina 8. • Het XPS-printerstuurprogramma kan alleen geïnstalleerd worden op Windows Vista OS of een recentere versie. • Voor modellen waarbij het XPS-stuurprogramma beschikbaar is via de website van Samsung, http://www.samsung.
Afdrukfuncties Speciale afdrukfuncties verklaard U kunt geavanceerde afdrukfuncties gebruiken voor uw printer. Om de printerfuncties van uw printerstuurprogramma te gebruiken, klikt u op Eigenschappen of Voorkeuren in het venster Afdrukken van de toepassing om de afdrukinstellingen te wijzigen. De apparaatnaam die in het printereigenschappenvenster wordt weergegeven is afhankelijk van het gebruikte apparaat. • Afhankelijk van de opties of het model verschijnen sommige menu's mogelijk niet op het display.
Afdrukfuncties Item Poster afdrukken Omschrijving U kunt een document van één enkele pagina op 4 (poster van 2x2), 9 (poster van 3x3) of 16 vellen (poster van 4x4) papier drukken om ze aan elkaar te plakken en er een poster van te maken. Selecteer de waarde Posteroverlap. Geef de Posteroverlap op in millimeters of inches door het keuzerondje bovenaan rechts op het tabblad Basis te selecteren om de vellen gemakkelijker aan elkaar te kunnen plakken.
Afdrukfuncties Item Omschrijving U kunt op beide zijden van een vel papier afdrukken (dubbelzijdig). Voor u afdrukt, moet u de gewenste afdrukstand van het document opgeven. • Deze optie is alleen beschikbaar bij gebruik van het PCL/SPL-stuurprogramma. Deze optie is alleen beschikbaar als u het XPS-stuurprogramma gebruikt. • Als uw printer geen duplexeenheid heeft, moet u de afdruktaak handmatig uitvoeren. De printer drukt eerst elke andere pagina van het document af.
Afdrukfuncties Item Watermerk Watermerk (Een watermerk maken) Watermerk (Een watermerk bewerken) Watermerk (Een watermerk verwijderen) Omschrijving Met de optie Watermerk kunt u tekst afdrukken over een bestaand document. U gebruikt het bijvoorbeeld om in grote grijze letters "DRAFT" of "CONFIDENTIAL" diagonaal op de eerste pagina of op alle pagina’s af te drukken. a Als u de afdrukinstellingen vanuit de softwaretoepassing wilt wijzigen, opent u Voorkeursinstellingen voor afdrukken.
Afdrukfuncties Item Omschrijving Deze optie is alleen beschikbaar bij gebruik van het PCL/SPL-stuurprogramma. Deze optie is niet beschikbaar als u het XPSstuurprogramma gebruikt Overlay Een overlay is tekst en/of een afbeelding die op de harde schijf van de computer is opgeslagen in een speciale bestandsindeling en die in een willekeurig document kan worden afgedrukt. Overlays worden vaak gebruikt in plaats van voorgedrukte formulieren en papier met een briefhoofd.
Afdrukfuncties Item Overlay (Een paginaoverlay gebruiken) Overlay (Een paginaoverlay verwijderen) Omschrijving a Klik op het tabblad Geavanceerd. b Selecteer de gewenste overlay in de vervolgkeuzelijst Tekst. c Als het overlaybestand dat u zoekt niet in de vervolgkeuzelijst Tekst voorkomt, selecteert u Bewerken... in de lijst en klikt u op Laden. Selecteer het overlaybestand dat u wilt gebruiken.
Afdrukfuncties 13 Afdrukken vanaf een Mac Printerinstellingen wijzigen U kunt geavanceerde afdrukfuncties gebruiken voor uw printer. Afhankelijk van het model of opties zijn enkele functies mogelijk niet beschikbaar. Dit betekent dat de functies niet worden ondersteund. Een document afdrukken Als u afdrukt met een Mac, moet u in elke toepassing die u gebruikt de instellingen van het printerstuurprogramma controleren.
Afdrukfuncties Dubbelzijdig afdrukken Afhankelijk van het model of opties zijn enkele functies mogelijk niet beschikbaar. Dit betekent dat de functies niet worden ondersteund (zie "Verschillende functies" op pagina 11). Als u meer dan 2 kopieën afdrukt, kunnen de eerste en de tweede kopie op hetzelfde vel papier worden afgedrukt. Vermijd op beide zijden van het papier af te drukken als u meer dan 1 kopie afdrukt.
Afdrukfuncties 14 Afdrukken in Linux Afhankelijk van het model of opties zijn enkele functies mogelijk niet beschikbaar. Dit betekent dat de functies niet worden ondersteund. 7 8 Wijzig indien nodig andere afdrukopties in elk tabblad. Klik op Print. Automatisch dubbelzijdig afdrukken is mogelijk niet beschikbaar, afhankelijk van het model. U kunt eventueel oneven-even pagina's afdrukken via het lpr-afdruksysteem of andere toepassingen (zie "Functies per model" op pagina 8).
Afdrukfuncties Printereigenschappen configureren • In Printer Properties dat u kunt openen in het venster Printers configuration kunt u de verschillende eigenschappen van uw printer wijzigen. Jobs: de lijst met afdruktaken weergeven. Klik op Cancel job om de geselecteerde taak te annuleren. Schakel het selectievakje Show completed jobs in om een lijst met vorige afdruktaken weer te geven. • Classes: Hier ziet u de klasse waartoe uw apparaat behoort.
Scanfuncties 15 • Voor basisfuncties voor het scannen, raadpleeg de Basishandleiding (zie "Basisfuncties voor scannen" op pagina 65). Basisscanmethode • Deze functie is mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of optionele onderdelen (zie "Functies per model" op pagina 8).
Scanfuncties • • WIA: WIA staat voor Windows Images Acquisition. U kunt deze functie alleen gebruiken als de computer rechtstreeks op het apparaat is aangesloten met een USB-kabel (zie "Scannen met het WIAstuurprogramma" op pagina 262). USB-geheugen: U kunt een document scannen en de gescande afbeelding op een USB-geheugenapparaat opslaan. 16 • Het tabblad Afbeelding: Dit tabblad bevat instellingen voor beeldbewerking. 5 Druk op Opslaan > OK.
Scanfuncties 18 Als u het bericht Niet beschikbaar ziet, controleert u de poortverbinding. 3 Selecteer uw geregistreerd computer-Id en voer indien nodig het Wachtwoord in. • ID is hetzelfde ID als het geregistreerde scan-ID voor de Samsung Easy Printer Manager > Geavanceerde modus activeren > Instellingen voor scannen naar pc. • Wachtwoord is het geregistreerde wachtwoord van vier cijfers voor de Samsung Easy Printer Manager > Geavanceerde modus activeren > Instellingen voor scannen naar pc.
Scanfuncties Een WSD-printerstuurprogramma installeren Scannen via de WSD-functie 1 Klik op Start > Configuratiescherm > Apparaten en printers > Een printer toevoegen. 1 Controleer of de printer op uw computer is aangesloten en ingeschakeld is. 2 Klik op Netwerkprinter, draadloze printer of Bluetooth-printer toevoegen via de wizard. 2 3 Selecteer in de printerlijst de printer die u wilt gebruiken en klik op Volgende.
Scanfuncties 19 20 Scannen vanuit een programma voor het bewerken van afbeeldingen U kunt documenten scannen en importeren via software voor het bewerken van afbeeldingen, zoals Adobe Photoshop, als de software TWAINcompatibel is. Volg de onderstaande stappen om te scannen met TWAINcompatibele software. 1 2 3 4 5 6 Scannen met het WIA-stuurprogramma Uw apparaat ondersteunt ook het WIA-stuurprogramma (Windows Image Acquisition) voor het scannen van afbeeldingen.
Scanfuncties 5 6 De toepassing Nieuwe scan wordt gestart. 7 Scan uw afbeelding en sla deze op. 1 Plaats originelen in de documentinvoer met de bedrukte zijde naar boven of plaats een enkel document met de bedrukte zijde naar onder op de glasplaat van de scanner (zie "Originelen plaatsen" op pagina 50). 2 3 Selecteer in het menu Start Programma’s of Alle programma’s. Geef uw scanvoorkeuren op en klik op Voorbeeld om te zien welke invloed uw voorkeuren op de afbeelding hebben.
Scanfuncties Als er ruimte is op de glasplaat, kan er meer dan één item tegelijkertijd worden gescand. Gebruik het hulpmiddel selectiegebieden te kiezen. Als het bericht Er is geen apparaat voor het vastleggen van afbeeldingen aangesloten. verschijnt, maakt u de USB-kabel los en verbindt u hem opnieuw. Als het probleem blijft bestaan, raadpleegt u de help bij Fotolader.
Scanfuncties Scannen vanaf een apparaat dat is aangesloten op een netwerk 6 Scan uw afbeelding en sla deze op. • Als u niet kunt scannen met Fotolader, moet u Mac OS bijwerken met de nieuwste versie. Alleen voor draadloze of netwerkmodellen (zie "Functies per model" op pagina 8). 1 2 Controleer of uw apparaat met een netwerk is verbonden. 3 4 Start Programma's en klik op Fotolader. • U kunt ook TWAIN-compatibele software gebruiken, zoals Adobe Photoshop.
Scanfuncties 23 Scannen in Linux 4 Selecteer de scanner in de lijst. 5 6 Klik op Properties. 7 Klik in het venster Scanner Properties op Preview. Scannen 1 Controleer of de printer op uw computer is aangesloten en ingeschakeld is. 2 3 Dubbelklik op Unified Driver Configurator op het bureaublad. Klik op de knop openen.
Scanfuncties 8 Het document wordt gescand en er verschijnt een voorbeeld van de afbeelding in het Preview Pane. U kunt uw scaninstellingen opslaan en toevoegen aan de vervolgkeuzelijst Job Type zodat u de instellingen opnieuw kunt gebruiken. Een afbeelding bewerken met Image Manager In de toepassing Image Manager (Afbeeldingen beheren) vindt u menuopties en knoppen voor de bewerking van gescande afbeeldingen. 9 10 11 Sleep met de muisaanwijzer over het gedeelte dat u wilt scannen in het Preview Pane.
Faxfuncties 3 • Voor basisfuncties voor het faxen, raadpleeg de Basishandleiding (zie "Basisfuncties voor faxen" op pagina 67). Selecteer de gewenste optie. 25 • Deze functie wordt niet ondersteund voor C46xW (zie "Overzicht van het bedieningspaneel" op pagina 25). 1 2 24 Automatisch opnieuw kiezen Als de lijn van het gekozen nummer bezet is of als het faxapparaat van de ontvanger niet antwoordt, wordt het nummer automatisch opnieuw gekozen.
Faxfuncties 26 27 Een verzending bevestigen Een fax met uw computer verzenden Wanneer de laatste pagina van uw origineel correct is verzonden, hoort u een pieptoon waarna het apparaat terugkeert naar stand-bymodus. • Deze functie is mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of optionele onderdelen (zie "Functies per model" op pagina 8). Als er tijdens de verzending van uw fax iets fout gaat, verschijnt een foutbericht op het display.
Faxfuncties Selecteer het menu Help in het venster en klik op de optie waar u meer over wilt weten. 6 6 U wordt gevraagd om het volgende faxnummer waarnaar u het document wilt verzenden in te voeren. 7 Als u meerdere faxnummers wilt invoeren, drukt u op OK wanneer Ja oplicht, en herhaalt u stap 5. Klik op verzenden. • U kunt maximaal 10 bestemmingen ingeven. 28 • Na het invoeren van een groepskiesnummer kunt u geen ander groepskiesnummer meer invoeren.
Faxfuncties Documenten toevoegen aan een gereserveerde fax 1 Plaats originelen in de documentinvoer met de bedrukte zijde naar boven of plaats een enkel document met de bedrukte zijde naar onder op de glasplaat van de scanner. 2 Druk op (faxen) > (Menu) > Faxfunctie > Pag. toevoegen op het bedieningspaneel. 3 4 Selecteer de faxtaak en druk op OK. Als u klaar bent, selecteert Nee als Nog een pagina? wordt weergegeven. Het apparaat scant het origineel in en slaat het op in het geheugen.
Faxfuncties 30 31 Een verzonden fax doorsturen naar een andere bestemming U kunt het apparaat instellen om een ontvangen of verzonden fax naar een andere bestemming te verzenden per fax. Deze functie is nuttig als u een fax wilt ontvangen wanneer u niet op kantoor bent. 1 Plaats originelen in de documentinvoer met de bedrukte zijde naar boven of plaats een enkel document met de bedrukte zijde naar onder op de glasplaat van de scanner. 2 Druk op (faxen) > (Menu) > Faxfunctie > Naar ander nr. > Doorst.
Faxfuncties 32 • Waarschuwen bij voltooiing: Als een fax wordt ontvangen, wordt een pop-upvenster geopend met een melding. • Openen met standaardtoepassing: Na ontvangst van de fax wordt de fax geopend met de standaardapplicatie. • Geen: Het apparaat meldt het ontvangen van de fax niet bij de gebruiker en opent de applicatie ook niet. Een fax met uw computer ontvangen • Deze functie is mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of optionele onderdelen (zie "Functies per model" op pagina 8).
Faxfuncties • 33 De ontvangstmodus wijzigen 1 Druk op (faxen) > (Menu) > Faxinstel. > Ontvangst > Ontvangstmodus op het bedieningspaneel. 2 Selecteer de gewenste optie. • Fax: hiermee wordt een inkomende faxoproep aangenomen en wordt onmiddellijk overgeschakeld naar de faxontvangstmodus. • Tel: Hiermee ontvangt u een fax door op vervolgens op • (On Hook Dial) en (Start) te drukken. Ant/Fax: wordt gebruikt als er een antwoordapparaat is aangesloten op uw apparaat.
Faxfuncties 34 36 Handmatig ontvangen in telefoonmodus Faxen ontvangen via een intern telefoontoestel Wanneer u de faxtoon van het extern faxapparaat hoort, kunt een faxoproep ontvangen door achtereenvolgens op (On Hook Dial) en op (Start). Als u een intern telefoontoestel gebruikt dat is aangesloten op de EXTaansluiting, kunt u een fax ontvangen van iemand met wie u in gesprek bent op het interne telefoontoestel zonder dat u naar het faxapparaat hoeft te gaan.
Faxfuncties 37 • Als u uw faxnummer wijzigt of als u het apparaat aansluit op een andere telefoonlijn, moet u DRPD opnieuw instellen. Faxen ontvangen in DRPD-modus • Nadat u DRPD hebt ingesteld, belt u opnieuw naar uw faxnummer om te controleren of het apparaat antwoordt met een faxtoon.
Faxfuncties 40 Als u de veilige ontvangstmodus wilt gebruiken, moet u het menu activeren via (faxen) > op het bedieningspaneel. Automatisch een verzendrapport afdrukken (Menu) > Faxfunctie > Veilige ontv. Ontvangen faxen afdrukken 1 Selecteer (faxen) > (Menu) > Faxfunctie > Veilige ontv. > Afdrukken op het bedieningspaneel. 2 3 Voer een wachtwoord van vier cijfers in en druk op OK.
5. Nuttige beheerprogramma's Dit hoofdstuk introduceert beheerprogramma’s waarmee u de mogelijkheden van uw apparaat maximaal kunt benutten.
Easy Capture Manager • Deze functie is mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of optionele onderdelen (zie "Software" op pagina 9). • Alleen beschikbaar voor gebruikers van Windows-besturingssystemen (zie "Software" op pagina 9). Maak een schermafbeelding en start Easy Capture Manager door op de toets Scherm afdrukken op het toetsenbord te drukken. U kunt nu gemakkelijk uw schermafbeelding onbewerkt of bewerkt afdrukken. 5.
Samsung Easy Color Manager Samsung Easy Color Manager helpt gebruikers om subtiele wijzigingen aan te brengen met behulp van 6 kleurtonen en andere eigenschappen, zoals helderheid, contrast en verzadiging. Wijzigingen van kleurtoon kunnen worden opgeslagen als profiel en worden gebruikt vanaf het stuurprogramma of het apparaat zelf. • Deze functie is mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of optionele onderdelen (zie "Software" op pagina 9).
Samsung AnyWeb Print • Deze functie is mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of optionele onderdelen (zie "Software" op pagina 9). • Deze functie is alleen beschikbaar voor gebruikers met een Windows- of Macintosh-besturingssysteem (zie "Software" op pagina 9). Met dit hulpprogramma kunt u van schermen in Windows Internet Explorer een schermopname of afdrukvoorbeeld maken en afdrukken, op een veel eenvoudigere manier dan in het gebruikelijke programma.
Easy Eco Driver Met Easy Eco Driver kunt u eco-functies toepassen om papier en toner te besparen voordat u afdrukt. De functie Easy Eco Driver biedt u ook de mogelijkheid tot simpele bewerkingen zoals het verwijderen van afbeeldingen en tekst, en nog meer. U kunt instellingen die u vaak gebruikt, opslaan als voorinstelling. Alleen beschikbaar voor gebruikers met Windows-besturingssystemen. Gebruiken: 1 Open een document dat u wilt afdrukken.
SyncThru™ Web Service gebruiken • Voor SyncThru™ Web Service is minimaal Internet Explorer 6.0 of hoger vereist. • De uitleg over SyncThru™ Web Service in deze gebruikershandleiding kan afhankelijk zijn van de opties en het model, en komt mogelijk niet helemaal overeen met uw apparaat. • Alleen voor draadloos model (zie "Verschillende functies" op pagina 11). 1 Klik op Login in de rechterbovbenhoek van de SyncThru™ Web Service-website.
SyncThru™ Web Service gebruiken 2 SyncThru™ Web Service-overzicht Het tabblad Settings Op dit tabblad kunt u de configuratie van uw apparaat en netwerk instellen. U moet zich aanmelden als beheerder om dit tabblad weer te geven. Afhankelijk van uw model zullen sommige menu’s mogelijk niet verschijnen. Het tabblad Information Op dit tabblad wordt algemene informatie over het apparaat weergegeven. U kunt diverse gegevens controleren, waaronder de resterende hoeveelheid toner.
SyncThru™ Web Service gebruiken Het tabblad Maintenance Op dit tabblad kunt u uw apparaat onderhouden door de firmware bij te werken en contactgegevens voor het versturen van e-mails in te stellen. U kunt ook een verbinding maken met de website van Samsung of stuurprogramma’s downloaden door het menu Link te selecteren. • Firmware Upgrade: Bijwerken van de firmware van uw apparaat. • Contact Information: Geeft de contactgegevens weer.
Samsung Easy Printer Manager gebruiken 4 • Deze functie is mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of optionele onderdelen (zie "Software" op pagina 9). • Alleen beschikbaar voor gebruikers met Windows- en Macbesturingssystemen (zie "Software" op pagina 9). • Voor Samsung Easy Printer Manager met Windows is minimaal Internet Explorer 6.0 of hoger vereist. Samsung Easy Printer Manager is een programma waarbinnen alle printerinstellingen van Samsung op een enkele plaats samengebracht zijn.
Samsung Easy Printer Manager gebruiken Printerinformat In dit kader staat algemene informatie over uw ie apparaat. U kunt deze informatie controleren, zoals de naam van het printermodel, het IP-adres (of poortnummer) en de printerstatus. De schermafbeelding kan verschillen, afhankelijk van het besturingssysteem dat u gebruikt. U kunt de Handleiding online bekijken. 2 Knop Problemen oplossen: Deze knop verandert in Probleemoplossingsgids als er een fout optreedt.
Samsung Easy Printer Manager gebruiken 5 Snelkoppeling en Toont Snelkoppelingen naar printerspecifieke functies. Dit gedeelte bevat ook koppelingen naar toepassingen in de geavanceerde instellingen. 4 Als u op het apparaat verbinding maakt met een netwerk, wordt het venster SyncThru™ Web Service weergegeven. Inhoud Toont informatie over de geselecteerde printer, het niveau van de toner en het papier. De informatie wijzigt naargelang de gekozen printer. Niet alle apparaten beschikken over deze functie.
Samsung Easy Printer Manager gebruiken Instellingen voor faxen naar pc Dit menu bevat instellingen voor de basisfaxfunctie van het geselecteerde apparaat. • Uitschakelen: Als Uitschakelen is ingesteld op Aan, worden binnenkomende faxen niet ontvangen op dit apparaat. • Faxontvangst op apparaat inschakelen: Hiermee kunt u faxen op het apparaat inschakelen en meer opties voor de faxfunctie instellen.
Werken met Samsung Easy Document Creator Samsung Easy Document Creator is een programma dat u helpt bij het scannen, verzamelen en bewaren van documenten in verschillende formaten, inclusief het .epub formaat. Deze documenten kunnen vervolgens via sociale netwerken of fax worden gedeeld.
Samsung-printerstatus gebruiken Samsung-printerstatus is een programma dat de status van de printer controleert en u daarvan op de hoogte houdt. Picto gram • Het venster Samsung-printerstatus en de inhoud die in deze gebruikershandleiding worden getoond, kunnen verschillen afhankelijk van de gebruikte printer of het gebruikte besturingssysteem. Betekent Normaal Het apparaat staat klaar voor gebruik en er zijn geen fouten of waarschuwingen.
Samsung-printerstatus gebruiken 2 3 Optie U kunt instellingen voor waarschuwingen gerelateerd aan afdruktaken opgeven. Benodigdheden bestellen U kunt online reservetonercassette(s) bestellen. Gebruikershandlei ding U kunt de Gebruikershandleiding bekijken. Deze knop verandert in Probleemoplossingsgids als er een fout optreedt. U kunt direct naar het deel met de probleemoplossing gaan in de gebruikershandleiding. 4 5 Sluiten Sluit het venster. 5.
De Linux Unified Driver Configurator gebruiken Unified Linux Driver Configurator is een hulpprogramma dat hoofdzakelijk bestemd is voor de configuratie van apparaten. U moet Unified Linux Driver installeren om Unified Driver Configurator te kunnen gebruiken (zie "Installatie voor Linux" op pagina 153). Na de installatie van het stuurprogramma op uw Linux-systeem, wordt automatisch het pictogram voor Unified Driver Configurator op uw bureaublad geplaatst.
De Linux Unified Driver Configurator gebruiken Het tabblad Printers Klik op de knop Help of schermhulp. 3 in het venster om gebruik te maken van de Breng de wijzigingen aan in de configuratie en klik op Exit om Unified Driver Configurator te sluiten. Klik op het pictogram van het apparaat links in het venster Unified Driver Configurator om de printerconfiguratie van het huidige systeem weer te geven. 8 Printerconfiguratie Printers configuration bevat twee tabbladen: Printers en Classes.
De Linux Unified Driver Configurator gebruiken De besturingsknoppen van de printer zijn: • Refresh: Hiermee vernieuwt u de lijst met beschikbare apparaten. • Add Printer: hiermee voegt u een nieuw apparaat toe. • Remove Printer: Hiermee verwijdert u het geselecteerde apparaat. • Set as Default: Hiermee stelt u het huidige apparaat in als standaardapparaat. • Stop/Start: Hiermee kunt u het apparaat stoppen/starten.
De Linux Unified Driver Configurator gebruiken 9 Ports configuration In dit venster kunt u de lijst met beschikbare poorten weergeven, de status van elke poort controleren en een poort vrijgeven die bezet wordt door een afgebroken taak. • • 1 Schakelt naar Ports configuration. 2 Alle beschikbare poorten worden weergegeven. 3 Hiermee geeft u het poorttype, het op de poort aangesloten apparaat en de status weer. Refresh: Hiermee kunt u de lijst met beschikbare printers vernieuwen.
6. Problemen oplossen In dit hoofdstuk vindt u nuttige informatie over wat u moet doen als er een probleem optreedt.
Problemen met papierinvoer Toestand Voorgestelde oplossing Het papier loopt vast tijdens het afdrukken. Verwijder het vastgelopen papier. Papier kleeft aan elkaar. • Controleer de maximale papiercapaciteit van de lade. • Zorg dat u een geschikte papiersoort gebruikt. • Haal het papier uit de lade en buig het of waaier het uit. • In vochtige omstandigheden kunnen bepaalde papiersoorten aan elkaar blijven kleven. Invoerprobleem met een aantal vellen tegelijk.
Problemen met de voeding en het netsnoer Toestand Het apparaat krijgt geen stroom, of de verbindingskabel tussen de computer en het apparaat is niet goed aangesloten. Voorgestelde oplossing • Sluit de printer eerst op de netvoeding aan. Als het bedieningspaneel van het apparaat een (Power/ Wakeup)-knop heeft, moet u hierop drukken. • Maak de kabel van het apparaat los en sluit deze opnieuw aan. 6.
Afdrukproblemen Toestand Het apparaat drukt niet af. Mogelijke oorzaak Het apparaat krijgt geen stroom. Voorgestelde oplossing Sluit de printer eerst op de netvoeding aan. Als het bedieningspaneel van het apparaat een Het apparaat is niet als standaardprinter geselecteerd. (Power/Wakeup)-knop heeft, moet u hierop drukken. Selecteer uw printer als standaardprinter in Windows. Controleer het volgende: • De klep is niet gesloten. Sluit de klep. • Er is een papierstoring opgetreden.
Afdrukproblemen Toestand Het apparaat drukt niet af. Mogelijke oorzaak Voorgestelde oplossing Het apparaat is mogelijk niet goed geconfigureerd. Controleer de Voorkeursinstellingen voor afdrukken om na te gaan of alle afdrukinstellingen correct zijn. Mogelijk is het printerstuurprogramma niet goed geïnstalleerd. Deïnstalleer het stuurprogramma van uw printer en installeer het programma opnieuw. Het apparaat werkt niet goed. Kijk of het display van het bedieningspaneel een systeemfout aangeeft.
Afdrukproblemen Toestand De helft van de pagina is blanco. Het apparaat drukt wel af, maar de tekst is niet correct, vervormd of niet volledig. Mogelijke oorzaak Voorgestelde oplossing Mogelijk is de afdrukstand verkeerd ingesteld. Wijzig de afdrukstand in het desbetreffende programma (zie "Voorkeursinstellingen openen" op pagina 56). Raadpleeg Help bij het printerstuurprogramma (zie "Help gebruiken" op pagina 57).
Afdrukproblemen Toestand Er worden blanco pagina’s afgedrukt. Mogelijke oorzaak De tonercassette is leeg of beschadigd. Voorgestelde oplossing Herverdeel indien nodig het tonerpoeder. Vervang indien nodig de tonercassette. • Zie "Toner herverdelen" op pagina 83. • Zie "De tonercassette vervangen" op pagina 85. Mogelijk bevat het bestand blanco pagina’s. Controleer of het bestand blanco pagina’s bevat. Mogelijk is een onderdeel van het apparaat defect (bijvoorbeeld de controller of het moederbord).
Afdrukproblemen Toestand Het afgedrukte papier krult op. Mogelijke oorzaak De instelling voor de papiersoort klopt niet. Voorgestelde oplossing Wijzig de instelling van de printer en probeer het opnieuw. Ga naar de Voorkeursinstellingen voor afdrukken, klik op het tabblad Papier en stel de papiersoort in op Dik papier (zie "Voorkeursinstellingen openen" op pagina 56). 6.
Problemen met de afdrukkwaliteit Vuil aan de binnenkant van het apparaat of verkeerd geplaatst papier kan leiden tot een verminderde afdrukkwaliteit. Raadpleeg de onderstaande tabel om het probleem te verhelpen. Toestand Lichte of vage afdrukken Voorgestelde oplossing • Als u een verticale witte strook of vaag gedeelte op de afdruk ziet, is de toner bijna op. Plaats een nieuwe tonercassette (zie "De tonercassette vervangen" op pagina 85).
Problemen met de afdrukkwaliteit Toestand Tonervlekken Voorgestelde oplossing • Mogelijk voldoet het papier niet aan de specificaties. Het papier kan bijvoorbeeld te vochtig of te ruw zijn. • Mogelijk is de transportrol vuil. Reinig de binnenkant van het apparaat (zie "Het apparaat reinigen" op pagina 93). A aB bC c A aB bC c A aB bC c A aB bC c A aB bC c • Het papierpad is mogelijk aan een reinigingsbeurt toe.
Problemen met de afdrukkwaliteit Toestand Verticale strepen Voorgestelde oplossing Als de pagina zwarte, verticale strepen vertoont: • Er zitten mogelijk krassen op het oppervlak (drumgedeelte) van de beeldeenheid in het apparaat. Verwijder de beeldeenheid en plaats een nieuwe (zie "De beeldeenheid vervangen" op pagina 89). Als de pagina witte verticale strepen vertoont: • Het oppervlak van het LSU-gedeelte in het apparaat kan vuil zijn.
Problemen met de afdrukkwaliteit Toestand Verticaal terugkerende afwijkingen Voorgestelde oplossing Als de bedrukte zijde van de pagina met gelijke intervallen afwijkingen vertoont: • De beeldeenheid is mogelijk beschadigd. Als de problemen zich na het afdrukken blijven voordoen, vervangt u de oude beeldeenheid door een nieuwe (zie "De beeldeenheid vervangen" op pagina 89). • Er zit mogelijk toner op sommige onderdelen van het apparaat.
Problemen met de afdrukkwaliteit Toestand Er blijven tonerdeeltjes hangen rond vetgedrukte tekens of donkere foto’s. Voorgestelde oplossing De toner hecht mogelijk niet aan dit papiertype. • Wijzig de instelling van de printer en probeer het opnieuw. Ga naar Voorkeursinstellingen voor afdrukken, klik op het tabblad Papier en stel het papiertype in op Kringlooppapier (zie "Voorkeursinstellingen openen" op pagina 56). • Controleer of u het juiste papiertype hebt geselecteerd.
Problemen met de afdrukkwaliteit Toestand Gekruld of gegolfd Voorgestelde oplossing • Plaats het papier op de juiste manier in de lade. • Controleer de papiersoort en de kwaliteit van het papier. Papier kan krullen als de temperatuur of de vochtigheid te hoog is. • Draai de stapel papier in de lade om. Probeer ook eens om het papier 180° te draaien in de lade. Vouwen of kreuken • Plaats het papier op de juiste manier in de lade. • Controleer de papiersoort en de kwaliteit van het papier.
Problemen met de afdrukkwaliteit Toestand Volledig gekleurde of zwarte pagina’s A Losse toner Voorgestelde oplossing • Mogelijk is de beeldeenheid niet goed geplaatst. Verwijder de beeldeenheid en plaats deze opnieuw. • De beeldeenheid is mogelijk defect. Verwijder de beeldeenheid en plaats een nieuwe (zie "De beeldeenheid vervangen" op pagina 89). • Het apparaat moet mogelijk worden gerepareerd. Neem contact op met een medewerker van de klantenservice.
Problemen met de afdrukkwaliteit Toestand Horizontale strepen Voorgestelde oplossing Controleer bij horizontale zwarte strepen of vegen het volgende: • Mogelijk is de beeldeenheid niet goed geplaatst. Verwijder de beeldeenheid en plaats deze opnieuw. • De beeldeenheid is mogelijk defect. Verwijder de beeldeenheid en plaats een nieuwe (zie "De beeldeenheid vervangen" op pagina 89). Lost dit het probleem niet op, dan moet het apparaat waarschijnlijk worden hersteld.
Problemen met kopiëren Toestand Voorgestelde oplossing Kopieën zijn te licht of te donker. Pas de tonersterkte in de kopieerfunctie aan om de achtergrond van kopieën lichter of donkerder te maken (zie "De instellingen per kopie wijzigen" op pagina 60). Er verschijnen vegen, strepen, vlekken of stippen op kopieën. • Gebruik Tonersterkte in Kopieerfunctie om de achtergrond van uw kopieën lichter te maken als de onregelmatigheden zich op het origineel bevinden.
Problemen met kopiëren Toestand De tonercassette gaat minder lang mee dan verwacht. Voorgestelde oplossing • Uw originelen bevatten mogelijk afbeeldingen, opgevulde vlakken of dikke lijnen. Uw originelen zijn bijvoorbeeld formulieren, nieuwsbrieven, boeken of andere documenten die meer toner verbruiken. • Het deksel van de scanner is mogelijk opengelaten tijdens het kopiëren. • Schakel het apparaat uit en weer in. 6.
Problemen met scannen Toestand De scanner doet het niet. Voorgestelde oplossing • Zorg ervoor dat u het te scannen origineel op de glasplaat plaatst met de bedrukte zijde naar onder en in de automatische documentinvoer met de bedrukte zijde naar boven (zie "Originelen plaatsen" op pagina 50). • Er is mogelijk niet voldoende geheugen beschikbaar voor het document dat u wilt scannen. Ga na of de prescanfunctie werkt. Probeer een lagere scanresolutie.
Problemen met scannen Toestand Voorgestelde oplossing Het volgende bericht verschijnt op het computerscherm: • Er wordt mogelijk een kopieer- of afdruktaak uitgevoerd. Probeer uw taak opnieuw uit te voeren nadat de voorgaande taak is voltooid. • Apparaat kan niet in de gewenste H/W-modus staan. • De kabel van uw apparaat is wellicht niet goed aangesloten of het apparaat is niet ingeschakeld. • Poort wordt gebruikt door een ander programma. • De geselecteerde poort is momenteel in gebruik.
Problemen met faxen Toestand Voorgestelde oplossing Het apparaat werkt niet, het display blijft leeg of de toetsen reageren niet. • Trek de stekker van het netsnoer uit het stopcontact en steek deze er weer in. Geen kiestoon. • Controleer of het telefoonsnoer op de juiste wijze is aangesloten (zie "Achterkant" op pagina 24). • Controleer of er stroom staat op het stopcontact. • Controleer of de stroom aan staat.
Problemen met faxen Toestand Een ontvangen faxbericht is gedeeltelijk blanco of is van slechte kwaliteit. Voorgestelde oplossing • Er is mogelijk een probleem met het faxapparaat van de verzender. • Een slechte telefoonlijn kan verbindingsproblemen veroorzaken. • Controleer het apparaat door een kopie te maken. • De tonercassette heeft de geschatte levensduur bijna bereikt. Vervang de tonercassette (zie "De tonercassette vervangen" op pagina 85).
Problemen met het besturingssysteem 1 Algemene Windows-problemen Toestand Voorgestelde oplossing Tijdens de installatie verschijnt het bericht "Bestand in gebruik". Sluit alle softwaretoepassingen af. Verwijder alle software uit de opstartgroep en start vervolgens Windows weer op. Installeer het printerstuurprogramma opnieuw. Het bericht "Algemene beschermingsfout", "OEuitzondering", "Spool 32" of "Ongeldige bewerking" verschijnt.
Problemen met het besturingssysteem 2 Veelvoorkomende Mac-problemen Toestand Het apparaat drukt het PDF-bestand niet juist af. Sommige delen van afbeeldingen, tekst of illustraties ontbreken. Voorgestelde oplossing Het bestand kan worden afgedrukt door het PDF-bestand af te drukken als een afbeelding. Schakel Afdrukken als afbeelding uit de afdrukopties van Acrobat in. Een PDF-bestand als afbeelding afdrukken neemt meer tijd in beslag.
Problemen met het besturingssysteem 3 Algemene Linux-problemen Toestand Het apparaat drukt niet af. Voorgestelde oplossing • Controleer of het printerstuurprogramma is geïnstalleerd. Open Unified Driver Configurator en selecteer het tabblad Printers in Printers configuration om de lijst met beschikbare printers weer te geven. Controleer of uw apparaat in de lijst staat. Als dit niet zo is, opent u Add new printer wizard om uw apparaat in te stellen. • Controleer of het apparaat is ingeschakeld.
Problemen met het besturingssysteem Toestand Voorgestelde oplossing Ik kan niet scannen via mijn Gimp front-end. Controleer of u in Gimp Front-end het venster Xsane:Device dialog. kunt openen via het menu Acquire. Als dat niet het geval is, moet u de Xsane-plug-in voor Gimp installeren op de computer. U vindt de Xsane-plug-in voor Gimp op de cd van uw Linuxdistributie of op de homepage van Gimp.
Problemen met het besturingssysteem Toestand Het apparaat scant niet. Voorgestelde oplossing • Zorg ervoor dat het document in het apparaat is geladen en dat uw apparaat met de computer is verbonden. • Mogelijk treedt er een I/O-fout op tijdens het scannen. Raadpleeg de gebruikershandleiding van Linux die bij uw computer werd geleverd voor meer informatie over Linux-foutberichten. 6.
Problemen met het besturingssysteem 4 Veelvoorkomende PostScript-problemen De volgende problemen hebben specifiek betrekking op de PS-taal en kunnen optreden als er meerdere printertalen worden gebruikt. Probleem Het PostScript-bestand kan niet worden afgedrukt Mogelijke oorzaak Mogelijk is het PostScript-stuurprogramma niet correct geïnstalleerd. Oplossing • Installeer het PostScript-stuurprogramma (zie "Installatie van de software" op pagina 150).
Handleiding voor Windows 8-gebruikers In dit hoofdstuk worden specifieke functies voor het besturingssysteem Windows 8 beschreven. Dit hoofdstuk is van toepassing op gebruikers van Windows 8.
Uitleg over het scherm Windows 8 biedt zowel de nieuwe Start als de Bureaublad van het bestaande besturingssysteem.
Systeemvereisten Vereisten (aanbevolen) Besturings systeem Windows® 8 Processor Intel® Pentium® IV 1 GHz 32bit of 64-bit-processor of hoger RAM 1 GB (2 GB) Beschikb are schijfrui mte 16 GB • Ondersteuning voor DirectX® 9 graphics met 128 MB geheugen (om het Aero-thema in te schakelen).
Lokaal installeren van het stuurprogramma Een lokale printer is een printer die via een kabel rechtstreeks op uw computer is aangesloten. • Gebruik alleen een USB-kabel die korter is dan 3 meter. • De app Samsung Printer Experience kan alleen worden gebruikt in het Startscherm wanneer het V4-stuurprogramma is geïnstalleerd. Het V4-stuurprogramma wordt automatisch gedownload van Windows Update als uw computer verbinding heeft met internet.
Lokaal installeren van het stuurprogramma 2 Vanaf het Bureaubladscherm Als u het stuurprogramma installeert met de meegeleverde softwarecd, kunt u het geïnstalleerde stuurprogramma niet gebruiken vanaf het Startscherm. 1 Plaats de meegeleverde software-cd in uw cd-romstation. Als het installatievenster niet wordt weergegeven, gaat u naar Charms en selecteert u Zoeken > Apps en zoekt u Uitvoeren. Typ X:\Setup.exe, waarbij u 'X' vervangt door de letter van uw cdromstation, en klik op OK.
Het stuurprogramma over het netwerk installeren 3 • Sommige functies en optionele onderdelen zijn mogelijk niet beschikbaar afhankelijk van model of land (zie "Functies per model" op pagina 8). • Apparaten die geen ondersteuning bieden voor netwerken, kunnen deze functie niet gebruiken (zie "Achterkant" op pagina 24). • De app Samsung Printer Experience kan alleen worden gebruikt in het Startscherm wanneer het V4-stuurprogramma is geïnstalleerd.
Het stuurprogramma over het netwerk installeren 4 Vanaf het Bureaubladscherm 4 Selecteer Netwerkverbinding in het scherm Type printerverbinding. 5 Volg de instructies in het installatievenster. Als u het stuurprogramma installeert met de meegeleverde softwarecd, kunt u het geïnstalleerde stuurprogramma niet gebruiken vanaf het Startscherm. 1 Controleer of het apparaat met het netwerk is verbonden en ingeschakeld is.
Het stuurprogramma over het draadloze netwerk installeren 5 • De app Samsung Printer Experience kan alleen worden gebruikt in het Startscherm wanneer het V4-stuurprogramma is geïnstalleerd. Het V4-stuurprogramma wordt automatisch gedownload van Windows Update als uw computer verbinding heeft met internet. Als dit niet het geval is, kunt u het V4-stuurprogramma handmatig downloaden van de Samsung-website, www.samsung.com > zoek uw product > Ondersteuning of Downloads.
Het stuurprogramma over het draadloze netwerk installeren • Als u de managementhulpmiddelen voor printers van Samsung wilt installeren, moet u deze installeren met de meegeleverde softwarecd (zie "Vanaf het Bureaubladscherm" op pagina 329). • U kunt de app Samsung Printer Experience downloaden van de Windows Store. Als u de Windows Store(Store) wilt gebruiken, hebt u een Microsoft-account nodig. 1 Selecteer vanuit de balk Charms(charms) de optie Zoeken. 2 Klik op Store(Store).
Installatie van het stuurprogramma ongedaan maken 7 8 Vanaf het Startscherm Vanaf het Bureaubladscherm 1 1 2 3 4 Selecteer vanuit de balk Charms de optie Zoeken > Apps(App). 5 Volg de instructies in het venster. Controleer of de printer op uw computer is aangesloten en ingeschakeld is. 2 Klik op de tegel Samsung-printersoftware deïnstalleren in het Startscherm. 3 Volg de instructies in het venster.
Samsung Printer Experience gebruiken Samsung Printer Experience is een Samsung-toepassing die beheer en instellingen van Samsung-apparaten in één locatie combineert. U kunt apparaatinstellingen instellen, verbruiksartikelen bestellen, handleidingen voor probleemoplossing bestellen, de website van Samsung bezoeken en informatie over aangesloten systemen controleren.
Samsung Printer Experience gebruiken 2 Gebruikershan dleiding U kunt de Gebruikershandleiding bekijken. U moet verbinding hebben met internet om deze functie te gebruiken. Deze knop verandert in Probleemoplossingsgids als er een fout optreedt. U kunt direct naar het deel met de probleemoplossing gaan in de gebruikershandleiding. 3 4 5 6 Apparatenlijst en Laatst gescande afbeelding In de scannerlijst worden apparaten weergegeven die Samsung Printer Experience ondersteunen.
Samsung Printer Experience gebruiken 3 Selecteer de printer die u wilt toevoegen. 11 Afdrukken vanuit Windows 8 U kunt de toegevoegde printer zien. Als u de markering ziet, kunt u ook op de markering klikken In dit gedeelte worden veelvoorkomende afdruktaken vanuit het Startscherm uitgelegd. om printers toe te voegen. Eenvoudige afdruktaken Een printer verwijderen 1 Ga naar Charms en selecteer Instellingen.
Samsung Printer Experience gebruiken 5 Klik op Afdrukken om de afdruktaak te starten. Meer instellingen openen Het scherm kan afwijken afhankelijk van het model of de opties. U kunt meer afdrukparameters instellen. 1 2 3 4 Open het document dat u wilt afdrukken. Ga naar Charms(charms) en selecteer Apparaten. Selecteer uw printer in de lijst Klik op Meer instellingen.
Samsung Printer Experience gebruiken Het tabblad Basis Het tabblad Geavanceerd Basis Papierinstellingen Met deze optie kunt u de basisinstellingen voor afdrukken kiezen, zoals het aantal exemplaren, de afdrukstand en het documenttype. Met deze optie kunt u de basisspecificaties voor het verwerken van papier instellen. Eco-instellingen Lay-outinstellingen Met deze optie kunt u meerdere pagina's per kant afdrukken om materiaal te besparen.
Samsung Printer Experience gebruiken Het tabblad Beveilig. Sommige functies zijn niet beschikbaar afhankelijk van het model of de opties. Als dit tabblad onzichtbaar of uitgeschakeld is, betekent dit dat deze functies niet worden ondersteund. Deze optie wordt gebruikt voor het afdrukken van vertrouwelijke documenten. U moet een wachtwoord invoeren om het document te kunnen afdrukken.
Samsung Printer Experience gebruiken 12 Scannen vanuit Windows 8 6 Pas de voorgescande afbeelding aan met functies voor scanbewerking, zoals draaien en spiegelen. 7 Klik op Scannen ( ) en sla de afbeelding op. Dit gedeelte is voor gebruikers met multifunctionele printers. • Wanneer u de originelen in de ADF plaatst, is (of DADF), is Met de scanfunctie zet u tekst en afbeeldingen om in digitale bestanden die u op de computer kunt opslaan. Voorbeeldscan ( ) niet beschikbaar.
Managementhulpmiddelen gebruiken Samsung biedt verschillende managementhulpmiddelen voor Samsungprinters. Zie "Nuttige beheerprogramma's" op pagina 278 voor meer informatie over elk hulpmiddel. 1 2 3 Ga naar Charms(charms) en selecteer Zoeken > Apps(App). 4 Klik op de managementhulpmiddelen die u wilt gebruiken. Zoek naar Samsung-printer. Onder Samsung-printer ziet u geïnstalleerde managementhulpmiddelen.
Accessoires installeren Wanneer u optionele apparaten installeert, zoals een extra lade, geheugen enzovoort, detecteert dit apparaat automatisch de optionele apparaten en stelt het deze in. Als u de optionele apparaten die u in dit stuurprogramma hebt geïnstalleerd, niet kunt gebruiken, kunt u de optionele apparaten instellen in Apparaatinstellingen. 1 2 3 Ga naar Charms(charms) en selecteer Zoeken > Instellingen. Zoek naar Apparaten en printers.
Problemen oplossen Probleem Voorgestelde oplossing Samsung Printer Experience wordt niet weergegeven wanneer u klikt op Meer instellingen. Samsung-printer Experience is niet geïnstalleerd. Download de app van de Windows Store(Store) en installeer deze. Apparaatgegevens worden niet weergegeven wanneer u op het apparaat in Apparaten en printers klikt. Selecteer het selectievakje Eigenschappen van printer. Klik op de tab Poorten.
Contact SAMSUNG worldwide If you have any comments or questions regarding Samsung products, contact the Samsung customer care center. Country/Region BOTSWANA Country/Region Customer Care Center WebSite BRAZIL Customer Care Center WebSite 0800-726-000 www.samsung.com 0800-124-421 www.samsung.com 4004-0000 ANGOLA 91-726-7864 www.samsung.com ARGENTINA 0800-333-3733 www.samsung.com BULGARIA 07001 33 11 , normal tariff www.samsung.com ARMENIA 0-800-05-555 www.samsung.
Contact SAMSUNG worldwide Country/Region Customer Care Center WebSite www.samsung.com CYPRUS 8009 4000 only from landline(+30) 210 6897691 from mobile and land line CZECH 800-SAMSUNG (800-726786) www.samsung.com DENMARK 70 70 19 70 www.samsung.com 1-800-751-2676 www.samsung.com/ latin (Spanish) DOMINICA www.samsung.com/ latin_en (English) 1-800-10-7267 ECUADOR www.samsung.com/ latin (Spanish) 08000-726786 www.samsung.com EIRE 0818 717100 www.samsung.com 800-6225 www.samsung.
Contact SAMSUNG worldwide Country/Region Customer Care Center (852) 3698-4698 HONG KONG HUNGARY INDIA INDONESIA WebSite www.samsung.com/ hk (Chinese) www.samsung.com/ hk_en (English) Country/Region Customer Care Center 183-2255 (183-CALL) KUWAIT WebSite www.samsung.com/ ae (English) www.samsung.com/ ae_ar (Arabic) 06-80-SAMSUNG (726-7864) www.samsung.com KYRGYZSTAN 00-800-500-55-500 www.samsung.com 1800 3000 8282 www.samsung.com/in LATVIA 8000-7267 www.samsung.
Contact SAMSUNG worldwide Country/Region NEW ZEALAND Customer Care Center 1-800-10-SAMSUNG(7267864) for PLDT 00-1800-5077267 www.samsung.com/ latin (Spanish) 1-800-3-SAMSUNG(7267864) for Digitel PHILIPPINES 815-56 480 www.samsung.com 800-SAMSUNG (726-7864) www.samsung.com/ ae (English) www.samsung.com/ ae_ar (Arabic) PANAMA 98005210001 www.samsung.com 0-800-777-08 (Only from landline) www.samsung.com 336-8686 (From HHP & landline) www.samsung.
Contact SAMSUNG worldwide Country/Region RUSSIA SAUDI ARABIA SENEGAL Customer Care Center WebSite 800-00-0077 www.samsung.com 9200-21230 www.samsung.com/ sa (Arabic) 8-800-555-55-55 Country/Region TAIWAN TANZANIA www.samsung.com THAILAND Customer Care Center 0800-329-999 WebSite www.samsung.com 0266-026-066 0685 88 99 00 www.samsung.com 1800-29-3232 02-689-3232 www.samsung.com/ th SERBIA +381 11 321 6899 (old number still active 0700 7267864) www.samsung.com www.samsung.
Contact SAMSUNG worldwide Country/Region ZAMBIA Customer Care Center 211350370 WebSite www.samsung.
Verklarende woordenlijst De onderstaande woordenlijst helpt u vertrouwd te raken met het product en de terminologie die in deze gebruikershandleiding wordt gebruikt en verband houdt met afdrukken. 802.11 802.11 bevat een reeks standaarden voor draadloze-netwerkcommunicatie (WLAN) ontwikkeld door het IEEE LAN/MAN-Standards Committee (IEEE 802). 802.11b/g/n 802.11b/g/n kan dezelfde hardware delen over een bandbreedte van 2,4 GHz. 802.11b ondersteunt een bandbreedte tot maximaal 11 Mbps, 802.
Verklarende woordenlijst BOOTP Configuratiescherm Bootstrap-protocol. Een netwerkprotocol dat wordt gebruikt door een netwerkclient om automatisch het IP-adres op te halen. Dit gebeurt doorgaans in het bootstrapproces van computers of de daarop uitgevoerde besturingssystemen. De BOOTP-servers wijzen aan iedere client een IPadres toe uit een pool van adressen. Met BOOTP kunnen computers met een "schijfloos werkstation" een IP-adres ophalen voordat een geavanceerd besturingssysteem wordt geladen.
Verklarende woordenlijst Standaard DNS De waarde of instelling die van kracht is wanneer de printer uit de verpakking wordt gehaald, opnieuw wordt ingesteld of wordt geïnitialiseerd. DNS (Domain Name Server) is een systeem dat domeinnaaminformatie opslaat in een gedistribueerde database op netwerken, zoals het internet. DHCP Matrixprinter Een DHCP (Dynamic Host Configuration Protocol) is een client/ servernetwerkprotocol.
Verklarende woordenlijst Dubbelzijdig Emulatie Een mechanisme dat een vel papier automatisch omkeert zodat het apparaat beide zijden van het vel kan bedrukken (of scannen). Een printer met een duplexeenheid kan afdrukken op beide zijden van een vel papier tijdens één printcyclus. Emulatie is een techniek waarbij met één apparaat dezelfde resultaten worden behaald als met een ander.
Verklarende woordenlijst FDI Grijswaarden Interface extern apparaat (FDI) is een kaart die in het apparaat is geïnstalleerd zodat andere apparaten van derden, bijvoorbeeld een muntautomaat of een kaartlezer, kunnen worden aangesloten. Met deze apparaten kunt u laten betalen voor afdrukservices die worden uitgevoerd met uw apparaat. Grijstinten die de lichte en donkere delen van een afbeelding weergeven worden omgezet in grijswaarden; kleuren worden door verschillende grijstinten weergegeven.
Verklarende woordenlijst IEEE 1284 IPP De 1284-norm voor de parallelle poort is ontwikkeld door het IEEE (Institute of Electrical and Electronics Engineers). De term "1284-B" verwijst naar een bepaald type connector aan het uiteinde van de parallelle kabel die kan worden aangesloten op het randapparaat (bijvoorbeeld een printer). IPP (Internet Printing Protocol) is een standaardprotocol voor zowel afdrukken als het beheren van afdruktaken, mediaformaat, resolutie, enzovoort.
Verklarende woordenlijst ITU-T LDAP De Internationale Telecommunicatie Unie is een internationale organisatie die is opgericht voor de standaardisering en regulering van internationale radio- en telecommunicatie. De belangrijkste taken omvatten standaardisering, de toewijzing van het radiospectrum en de organisatie van onderlinge verbindingen tussen verschillende landen waarmee internationale telefoongesprekken mogelijk worden gemaakt. De -T in ITUT duidt op telecommunicatie.
Verklarende woordenlijst MH NetWare MH (Modified Huffman) is een compressiemethode voor het beperken van de hoeveelheid gegevens die tussen faxapparaten worden verzonden om een afbeelding te versturen. MH wordt aanbevolen door ITU-T T.4. MH is een op een codeboek gebaseerd lengtecoderingsschema dat geoptimaliseerd werd om op een doeltreffende wijze witruimtes te comprimeren.
Verklarende woordenlijst OSI PostScript OSI (Open Systems Interconnection) is een communicatiemodel dat is ontwikkeld door de ISO (International Organization for Standardization). OSI biedt een standaard modulaire benadering van netwerkontwerp waarmee de vereiste set complexe functies wordt opgesplitst in hanteerbare, op zichzelf staande, functionele lagen. De lagen zijn van boven naar onder: applicatie, presentatie, sessie, transport, netwerk, gegevenskoppeling en fysiek.
Verklarende woordenlijst Protocol SMB Een conventie of standaard die de verbinding, communicatie en het gegevensverkeer tussen twee computers inschakelt of controleert. SMB (Server Message Block) is een netwerkprotocol dat hoofdzakelijk wordt toegepast op gedeelde bestanden, printers, seriële poorten en diverse verbindingen tussen de knooppunten in een netwerk. Het biedt tevens een geverifieerd communicatiemechanisme voor processen onderling. PS Zie PostScript.
Verklarende woordenlijst TCP/IP Tonercassette TCP (Transmission Control Protocol) en IP (Internet Protocol): de set communicatieprotocollen die de protocolstack implementeren waarop het internet en de meeste commerciële netwerken draaien. Een soort fles of container die in apparaten zoals printers wordt gebruikt en die toner bevat. Toner is een poeder dat in laserprinters en kopieerapparaten wordt gebruikt voor het vormen van tekst en afbeeldingen op afdrukpapier.
Verklarende woordenlijst URL WEP URL (Uniform Resource Locator) is het internationale adres van documenten en informatiebronnen op internet. Het eerste deel van het adres geeft aan welk protocol moet worden gebruikt en het tweede deel geeft het IP-adres of de domeinnaam aan waar de informatiebron zich bevindt. WEP (Wired Equivalent Privacy) is een beveiligingsprotocol dat gespecificeerd wordt in IEEE 802.11 om eenzelfde beveiligingsniveau als een bedraad LAN te garanderen.
Verklarende woordenlijst WPA-PSK WPA-PSK (vooraf gedeelde WPA-sleutel) is een speciale WPA-modus voor kleine ondernemingen en thuisgebruikers. Een gedeelde sleutel of een gedeeld wachtwoord wordt geconfigureerd in het draadloze toegangspunt (WAP) en draadloze laptop- of desktopapparaten. WPA-PSK genereert een unieke sleutel voor elke sessie tussen een draadloze client en de daarmee geassocieerde WAP voor een betere veiligheid.
Index A Mac achterkant 24 adresboek bewerken 243 groep bewerken 244 groep vastleggen 243 registreren 242 werken met 242 adresboekinstellingen 242 afdrukfunctie 246 afdrukken afdrukken naar een bestand 247 algemene instellingen 218 de standaardafdrukinstellingen wijzigen 246 dubbelzijdig afdrukken Mac een document afdrukken Windows 255 mobiel afdrukken 206 mobiel besturingssysteem 206 speciale afdrukfuncties 248 USBgeheugen afdrukken via google cloud instellen als standaardapp
Index Linux 256 faxen ontvangen in het geheugen Mac 254 helderheid aanpassen F fax verzenden 69 faxen algemene instellingen Automatisch een verzendrapport afdrukken 71 het programma SetIP het laatste nummer opnieuw kiezen 268 I ontvangen in de DRPDmodus id kopiëren ontvangen in faxmodus groepsverzending 277 276 70, 275 informatie over de statusLED informatie over wettelijke voorschriften ontvangen in veilige modus 276 131 277 resolutie aanpassen 70 uitgestelde faxverzending 270 v
Index de status van het apparaat controleren 219, 221, 223, 229, 234 Linux afdrukken 256 algemene Linuxproblemen 321 besturingsbestand opnieuw installeren voor een via een USBkabel verbonden apparaat 154 installatie van het stuurprogramma voor het verbonden netwerk 165 printereigenschappen 257 scannen 266 SetIP gebruiken 160 stuurprogramma van een met een USBkabel verbonden apparaat installeren 153 unified driver configurator 293 scannen 264 SetIP gebruiken 158 O systeemvereisten 128 vee
Index problemen oplossen 324 Printerstatus algemene informatie 291 257 problemen met het besturingssysteem 319 problemen 300 problemen met betrekking tot netvoeding 299 problemen met de afdrukkwaliteit 305 problemen met faxen 317 problemen met kopiëren 313 problemen met papierinvoer 298 problemen met scannen 315 problemen oplossen scannen in Linux 266 scannereenheid 96 scannen met de Mac 264 service contact numbers 345 Speciale functies 238 specificaties 122 faxen probleem afd
Index geschatte levensduur 82 nietoriginele Samsung en bijgevulde cassettes 81 toner herverdelen 83 U uitvoersteun gebruiken 129 afdrukken 74 beheren 75 scannen 73 USBkabel besturingsbestand opnieuw installeren 152, 154 uw apparaat reinigen 31, 32, 151, 93 330 bestellen 79 systeemvereisten 127 de gebruiksduur van de verbruiksartikelen controleren 91 USBkabel voor stuurprogrammainstallatie voor Windows 8 aangesloten 328 geschatte levensduur van tonercassette 82 veelvoorkomende probleme