SyncMaster 400DXn / 460DXn Model Taal selecteren Programma’s installeren PDF-handleidingen Registratie Veiligheidsvoorschriften Inleiding Aansluitingen De software gebruiken De monitor aanpassen Problemen oplossen Specificaties Informatie Appendix © 2007 Samsung Electronics Co., Ltd. Alle rechten voorbehouden.
Taal selecteren Hoofdpagina Model Veiligheidsvoorschriften Noterend Stroom Installatie Reinigen Overig Inleiding De kleur en het uiterlijk van het apparaat kunnen variëren afhankelijk van het model, en de productspecificaties Aansluitingen kunnen zonder voorgaand bericht worden gewijzigd met als doel het product te verbeteren. De software gebruiken De monitor aanpassen Veiligheidsvoorschriften Problemen oplossen Noterend Specificaties Informatie Appendix Lees de volgende veiligheidsinstructies.
z Dit kan leiden tot elektrische schokken en brand. Gebruik alleen een stekker en stopcontact die zijn voorzien van een aardeaansluiting. z Wanneer het apparaat niet goed is geaard, kan dit leiden tot schokken of schade aan het apparaat. (Apparatuur van klasse I.) Sluit het netsnoer goed aan, zodat deze niet losraakt. z Een slechte aansluiting kan brand veroorzaken. Voorkom knikken en beschadigingen van de kabel en de stekker door ze niet te ver te buigen en er geen voorwerpen op te plaatsen.
gewerkt wordt met chemische oplossingen of waar de monitor 24 uur per dag in werking is, zoals een vliegveld of treinstation. Als u dit niet doet, kan er schade aan het apparaat ontstaan. Zet uw monitor in een ruimte met een lage luchtvochtigheid en zo weinig mogelijk stof. Zo voorkomt u kortsluiting en brand in de monitor. z Laat de monitor niet vallen wanneer u hem verplaatst. Dit kan leiden tot schade aan het apparaat en persoonlijke ongelukken.
Zet de monitor voorzichtig op zijn plaats. z Zo voorkomt u schade aan de monitor. Leg de monitor nooit met de voorkant omlaag. z Het oppervlak van de beeldbuis kan anders beschadigd raken. Het installeren van een wandbeugel moet door een deskundig persoon uitgevoerd worden. z Als dit echter niet door een kundig persoon wordt uitgevoerd, kan dit resulteren in schade of letsel. z Gebruik altijd het montagegereedschap dat beschreven staat in de gebruiksaanwijzing.
Als er stof of vuil tussen de pootjes van de stekker zit, moet u dit zorgvuldig verwijderen met een droge doek. z Vuil tussen de stekker kan leiden tot elektrische schokken en brand. Controleer dat het netsnoer uit het stopcontact is gehaald voordat u het product reinigt. z Anders kan dit een elektrische schok of brand veroorzaken. Haal het netsnoer uit het stopcontact en veeg het product schoon met een zachte, droge doek.
Schakel de stroom niet in als het buiten onweert en bliksemt of maak gedurende een langere periode geen gebruik van de monitor. z Een defecte monitor kan een elektrische schok of brand veroorzaken. Probeer het beeldscherm niet te verplaatsen door enkel aan het snoer of de signaalkabel te trekken. z Dit kan leiden tot storingen, elektrische schokken en brand ten gevolge van schade aan de kabel. Verplaats de monitor niet naar rechts of links door alleen aan het snoer of de signaalkabel te trekken.
z Dit kan brand of een elektrische schok veroorzaken. Als er vloeistoffen of water het product invloeien, zet het product dan uit, haal de stekker uit het stopcontact en neem contact op met het servicecentrum. Als het beeld gedurende langere tijd stilstaat, kan de afbeelding licht "inbranden". z Zet de monitor in de spaarstand of activeer een screensaver, als u gedurende langere tijd de monitor niet gebruikt. Stel de resolutie en de frequentie in op de gewenste niveaus van het model.
Houd het product uit de buurt van kinderen. Zij zouden het product kunnen beschadigen door er aan te zitten. z Een vallend product kan schade, of zelfs de dood, veroorzaken. Als u het product gedurende lange tijd niet gebruikt, verbreek dan de stroomtoevoer. z Als u dit niet doet, kan dit warmteafgifte van het verzameld vuil of een verslechterde isolatie veroorzaken, wat tot elektrische schokken of brand kan leiden.
dichtstbijzijnde gemeentelijke afvaldepot of bij een winkel die eenzelfde type accu of oplaadbare accu verkoopt. © 1995~2007 SAMSUNG.
Taal selecteren Hoofdpagina Model Veiligheidsvoorschriften Inleiding Inhoud van de verpakking Uw monitor Mechanische vormgeving Aansluitingen De software gebruiken De monitor aanpassen Problemen oplossen Specificaties De kleur en het uiterlijk van het apparaat kunnen variëren afhankelijk van het model, en de productspecificaties kunnen zonder voorgaand bericht worden gewijzigd met als doel het product te verbeteren.
Afstandsbediening MagicNet Adapteruitgang voor BNC Batterijen (AAA X 2) (Niet overal verkrijgbaar) Afdekplaat Tijdelijke voet Schroef: 4EA Muurbevestigsset Luidsprekerset DVI-kabel BNC-kabel LAN-kabel naar RCA. USB-houder & Schroef (1EA) Apart verkrijgbaar Uw monitor Voorkant 1) MENU Als het menu beeldinstellingen niet geactiveerd is, maak dan gebruik van deze knop om de OSD te openen en vervolgens een menu-onderdeel te activeren.
menuwaarden. 3) Links/rechts-knop Hiermee kunt u horizontaal van het ene naar het andere menu-onderdeel gaan of kunt u de geselecteerde menuwaarden aanpassen. 4) ENTER De optie wordt gebruikt om het OSD-menu te selecteren. 5) SOURCE Hiermee schakelt u over van de pc-modus op de videomodus. Het veranderen van de bron is alleen toegestaan bij externe apparaten, die momenteel zijn aangesloten op de monitor.
1) POWER S/W (Ein/Aus-Schalter) ON [ | ] / OFF [O] Hiermee zet u de monitor aan of uit. 2) POWER IN (Signalbuchse): Netvoeding; wordt op de monitor en het stopcontact aangesloten. 3) REMOTE OUT/IN U kunt een bedrade afstandsbediening gebruiken door deze aan te sluiten op de monitor.
11) BNC/COMPONENT IN [R/PR, G/Y, B/PB, H, V] (BNC-Video-Anschlussbuchse / ComponentAnschlussbuchse(Eingang)) 12) AV AUDIO IN [L-AUDIO-R](MONITOR-AudioAnschlussbuchse (Eingang)) 13) AV OUT [VIDEO](Video-Anschlussbuchse) : AV-Modus (Ausgang) 14) AV IN [VIDEO](Video-Anschlussbuchse) (Eingang) 15) AV OUT [S-VIDEO] (S-VideoAnschlussbuchse) : S-Video-Modus (Ausgang) 16) AV IN [S-VIDEO](S-Video-Anschlussbuchse) (Eingang) 17) EXT SPEAKER(8 ȍ) [- - L - +, - - R - +] (Uitgang luidsprekers (8 ȍ)) 18) AUDIO OUT [L-AUD
Opmerking • De werking van de afstandsbediening wordt mogelijk beïnvloed door een televisie of ander elektronisch apparaat in de nabijheid van de monitor. Er kan storing worden veroorzaakt door interferentie met de frequentie. 1. ON / OFF 2. MAGICNET 3. MDC 4. LOCK 5. MagicNet-knop 6.+100 -/-7. VOL 8. MUTE 9. TTX/MIX 10. MENU 11. ENTER 12. P.MODE 13. AUTO 14. ENTER/PRE-CH 15 . CH/P 16. SOURCE 17. INFO 18. EXIT 19. De toetsen Naar boven, naar beneden, links-rechts knop 20. S.MODE 21. STILL 22.
TTX/MIX 9) Tv-kanalen bieden informatiediensten via teletekst. [TTX / MIX wordt hoofdzakelijk in Europa gebruikt. ] 10) MENU Als het menu beeldinstellingen niet geactiveerd is, maak dan gebruik van deze knop om de OSD te openen en vervolgens een menu-onderdeel te activeren. ENTER 11) De optie wordt gebruikt om het OSD-menu te selecteren. 12) P.MODE Wanneer u op deze kop drukt, wordt de huidige modus midden onder op het scherm weergegeven. AV / S-Video /Component Mode : P.
soort uitzending worden bediend door tijdens het tv kijken gebruik te maken van de knop DUAL op de afstandsbediening. MTS Hiermee kunt u de modus MTS (Multichannel Television Stereo) selecteren. Audio Type MTS/S_Mode FM Stereo Mono Mono Stereo Mono ˩ Stereo SAP Mono ˩ SAP Default Handmatig wijzigen Mono - Deze functionaliteit is voor deze monitor niet beschikbaar. 26) PIP Telkens als u een knop indrukt, verandert de signaalbron van het PIP-venster.
SyncMaster 400DXn Mechanische vormgeving | Monitor head | Standaard | Speaker | Aanwijzingen voor het installeren van de VESA-beugel | Installatie van de wandsteun 1. Mechanische vormgeving NETWORK MODEL SIZE PROTECTION GLASS + NETWORK MODEL SIZE Gewicht z Set { { 25.0 kg (with Basic Stand) 30.
z Package { 28.5 kg (with Basic Stand) { 34.0 kg (with Basic Stand / option protection glass) 2. Monitor head NETWORK MODEL SIZE PROTECTION GLASS + NETWORK MODEL SIZE 3.
4.
5. Aanwijzingen voor het installeren van de VESA-beugel z z z z Let er bij het installeren van VESA op, dat u voldoet aan de internationale VESA-normen. Informatie over en aankoop en installatie van de VESA-beugel: Neem contact op met uw dichtsbijzijnde Samsung distributeur om een bestelling te plaatsen. Nadat de bestelling is geplaatst, zal een professioneel team de beugel bij u komen installeren. Er zijn ten minste twee personen nodig om de LDC-monitor te verplaatsen.
Gebruik voor het bevestigen van de beugel aan de muur alleen kolomschroeven met een diameter van 6 mm en een lengte van 8 tot 12 millimeter. 6. Installatie van de wandsteun z z z Neem contact op met een technicus alvorens de wandsteun te bevestigen. Samsung Electronics aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enige schade aan het product of letsel bij de klant als de installatie uitgevoerd wordt door de klant zelf. Dit product is geschikt voor installatie aan cementen muren.
Er zijn twee scharnieren (links en rechts). Use the correct one. Controleer voordat u in de wand gaat boren of de lengte tussen de twee schroefgaten aan de achterkant van het product juist is. Als de afstand te klein of te groot is, maakt u alle of enkele van de vier schroeven van de muurbevestigingsbeugel los om de afstand aan te passen. A. Afstand tussen de twee schroefgaten Controleer het installatiediagram en markeer de boorpunten op de wand.
Verwijder de 4 schroeven aan de achterkant van het product. Plaats de schroef B in de kunststof drager. 1. Monteer het product op de wandsteun en controleer dat het goed is bevestigd aan de linker en rechter kunststof dragers. 2. Wees voorzichtig bij het installeren van het product op de steun. Vingers kunnen vast komen te zitten in de gaten. 3. Controleer dat de wandsteun stevig is bevestigd aan de wand, anders blijft het product misschien niet goed zitten na installatie.
1. Bevestig het product aan de wandsteun. 2. Houd het product bovenop in het midden vast en trek het naar voren (in de richting van de pijl) om de stand aan te passen. (Zie de afbeelding rechts) 3. U kunt de stand van de beugel aanpassen tussen -2° en 15°. Zorg ervoor dat u het midden van het product gebruikt om de stand aan te passen, en niet de linker- of rechterkant.
SyncMaster 460DXn Mechanische vormgeving | Monitor head | Standaard | Speaker | Aanwijzingen voor het installeren van de VESA-beugel | Installatie van de wandsteun 1. Mechanische vormgeving NETWORK MODEL SIZE PROTECTION GLASS + NETWORK MODEL SIZE Gewicht z Set { { 31.30 kg (with Basic Stand) 36.
z Package { 37.6 kg (with Basic Stand) { 42.4 kg (with Basic Stand / option protection glass) 2. Monitor head NETWORK MODEL SIZE PROTECTION GLASS + NETWORK MODEL SIZE 3.
4.
5. Aanwijzingen voor het installeren van de VESA-beugel z z z z Let er bij het installeren van VESA op, dat u voldoet aan de internationale VESA-normen. Informatie over en aankoop en installatie van de VESA-beugel: Neem contact op met uw dichtsbijzijnde Samsung distributeur om een bestelling te plaatsen. Nadat de bestelling is geplaatst, zal een professioneel team de beugel bij u komen installeren. Er zijn ten minste twee personen nodig om de LDC-monitor te verplaatsen.
Gebruik voor het bevestigen van de beugel aan de muur alleen kolomschroeven met een diameter van 6 mm en een lengte van 8 tot 12 millimeter. 6. Installatie van de wandsteun z z z Neem contact op met een technicus alvorens de wandsteun te bevestigen. Samsung Electronics aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enige schade aan het product of letsel bij de klant als de installatie uitgevoerd wordt door de klant zelf. Dit product is geschikt voor installatie aan cementen muren.
Er zijn twee scharnieren (links en rechts). Use the correct one. Controleer voordat u in de wand gaat boren of de lengte tussen de twee schroefgaten aan de achterkant van het product juist is. Als de afstand te klein of te groot is, maakt u alle of enkele van de vier schroeven van de muurbevestigingsbeugel los om de afstand aan te passen. A. Afstand tussen de twee schroefgaten Controleer het installatiediagram en markeer de boorpunten op de wand.
Verwijder de 4 schroeven aan de achterkant van het product. Plaats de schroef B in de kunststof drager. 1. Monteer het product op de wandsteun en controleer dat het goed is bevestigd aan de linker en rechter kunststof dragers. 2. Wees voorzichtig bij het installeren van het product op de steun. Vingers kunnen vast komen te zitten in de gaten. 3. Controleer dat de wandsteun stevig is bevestigd aan de wand, anders blijft het product misschien niet goed zitten na installatie.
1. Bevestig het product aan de wandsteun. 2. Houd het product bovenop in het midden vast en trek het naar voren (in de richting van de pijl) om de stand aan te passen. (Zie de afbeelding rechts) 3. U kunt de stand van de beugel aanpassen tussen -2° en 15°. Zorg ervoor dat u het midden van het product gebruikt om de stand aan te passen, en niet de linker- of rechterkant.
Taal selecteren Hoofdpagina Model Veiligheidsvoorschriften Inleiding Aansluitingen De voet installeren De monitor aansluiten De software gebruiken De monitor aanpassen Problemen oplossen Specificaties De kleur en het uiterlijk van het apparaat kunnen variëren afhankelijk van het model, en de productspecificaties kunnen zonder voorgaand bericht worden gewijzigd met als doel het product te verbeteren.
optimale resolutie. De monitor aansluiten Bij een netsnoer met aarding In geval van defecten, kan de aardaansluiting een elektrische schok veroorzaken. Zorg ervoor dat de aardaansluiting op de juiste manier is aangesloten voordat u het apparaat op de netstroom aansluit. Of als u de aardaansluiting wilt loskoppelen, zorg dan dat u het apparaat vooraf loskoppelt van de netstroom.
Sluit de BNC-kabel aan op de BNC/COMPONENT IN – R, G, B, H, V-poort op de achterkant van uw monitor en de 15-pins D-sub-poort op de computer. 3) Sluit de audiokabel van uw monitor aan op de audiopoort van uw computer. Opmerking • Zet zowel uw computer als uw monitor aan. Opmerking • De DVI of BNC-kabel is optioneel. Neem contact op met een lokaal servicecentrum van Samsung Electronics, om optionele onderdelen te kopen.
1) Sluit op COMPONENT AUDIO IN [L-AUDIO-R] van de monitor een audiokabel aan en verbindt deze met de AUDIO-UITGANG van de dvd-speler. 2) Sluit op de BNC/COMPONENT IN - voor aansluiting op PR, Y, PB poort van de monitor een videokabel aan en verbindt deze met de PR, Y, PB van de dvd-speler. Opmerking • Selecteer de optie Component waarop een dvdspeler is aangesloten, door gebruik te maken van de source-knop. • Start vervolgens de dvd-speler door er een dvd in te stoppen.
D-TV Set Top Box aansluiten Opmerking • De aansluitingen voor een dergelijke Set Top Box worden hieronder weergegeven. 1) Sluit op de BNC/COMPONENT IN - voor aansluiting op PR, Y, PB poort van de monitor een videokabel aan en verbindt deze met de PR, Y, PB van de Set Top Box. 2) Sluit op COMPONENT AUDIO IN [L-AUDIO-R] van de monitor een audiokabel aan en verbindt deze met de AUDIO-UITGANG van de Set Top Box.
Opmerking • Sluit de aansluitkabel van de luidspreker aan tussen de uitgang van de luidsprekeraansluiting aan de achterzijde van de SET en de uitgang van de luidsprekeraansluiting op de achterzijde van de luidspreker. Opmerking • Beweeg de SET met luidspreker niet, wanneer de SET is aangesloten op de luidspreker. De luidsprekerbeugel voor bevestiging van de SET-luidspreker is mogelijk beschadigd.
Aansluiten op HDMI Opmerking • Invoerapparaten zoals een digitale DVD-speler worden aangesloten op de HDMI IN-aansluiting van de monitor met gebruik van de HDMI-kabel. Opmerking • U kunt geen pc aansluiten op een HDMI IN-ingang.
1) Sluit de LAN-kabel aan. USB aansluiten 1) U kunt wel verbinding maken met USB-apparaten zoals een muis of een toetsenbord. Een USB-houder gebruiken Wanneer u kleine externe apparaten gebruikt zoals een draagbare geheugenstick en deze aangesloten zijn op de USB-aansluiting achter op het beeldscherm, kunnen deze gestolen worden of kunt u ze verliezen. Door een USB-houder te installeren na het aansluiten van een extern apparaat kunt u diefstal of verlies voorkomen.
1) Steek onderdeel van de USB-houder in de sleuf van onderdeel 2) Zorg dat onderdeel achter op uw beeldscherm. van de USB-houder uitgelijnd is met de opening onder aan onderdeel achter op uw beeldscherm. Zorg dat onderdeel van de USB-houder uitgelijnd is met de onderkant van onderdeel achter op uw beeldscherm. 3) Bevestig een schroef in de opening die u uitgelijnd hebt in stap [2] en draai deze vast. Lijn met uit en gebruik een schroef om ze vast te zetten. © 1995~2007 SAMSUNG.
Taal selecteren Hoofdpagina Model Veiligheidsvoorschriften Inleiding Aansluitingen De software gebruiken MagicNet installeren MDC MagicNet De monitor aanpassen Problemen oplossen Specificaties De kleur en het uiterlijk van het apparaat kunnen variëren afhankelijk van het model, en de productspecificaties kunnen zonder voorgaand bericht worden gewijzigd met als doel het product te verbeteren. De software gebruiken Informatie Appendix MagicNet installeren Installatie 1.
6. Kies een map waarin u het programma MagicNet wilt installeren. 7. Klik op "Install". 8. Het venster "Installation Status" verschijnt.
9. U wordt aangeraden om het systeem opnieuw te starten voor een normale werking van het MagicNet serverprogramma. Klik op "Finish". 10. Zodra de installatie is voltooid, verschijnt het uitvoerbare pictogram MagicNet op uw bureaublad. 11. Dubbelklik op het pictogram om het programma te starten. Server System Requirements Minimum Aanbevolen CPU RAM P1.8GHz 256M P3.
Wat is MagicNet? | MagicNet gebruiken | Bibliotheek | Screen (Scherm) | Schedule (Schema) Extern beheer | Bericht | Option (Optie) | Client | Problemen oplossen Wat is MagicNet? MagicNet gebruikt een Ethernet-netwerk voor servers en monitoren en draagt mediabestanden (afbeeldingsbestanden, muziekbestanden en films) en kantoorbestanden (HTML, PDF) over van de server naar de monitors via het network.
4. Netwerk-/lokale schema's en publicatie ˧ U kunt de bewerkte schermen overdragen naar de geselecteerde monitoren met behulp van de publicatiefunctie. Door gebruik te maken van lokale schema's, kunt u schermen ook overdragen naar monitoren die niet verbonden zijn met het netwerk. 5. Expresberichten ˧ U kunt een bericht op geselecteerde monitoren weergeven, ongeacht de schema's. 6.
Wat is MagicNet? Extern beheer | MagicNet gebruiken | Bibliotheek | Screen (Scherm) | Schedule (Schema) | | Option (Optie) | Client | Problemen oplossen Bericht MagicNet gebruiken MagicNet starten 1. Klik op Programma's -> MagicNetPro -> MagicNetPro. 2. Nadat MagicNetPro is opgestart, selecteert u Log In (Aanmelden) in het menu File (Bestand). 3. Voer de gebruikersnaam en het wachtwoord in en klik op OK.
2. Configureer de instellingen voor Network Connection (Netwerkverbinding) op het tabblad General (Algemeen). Voer de identieke naam van de server in als de servernaam op de monitor. Om de servernaam te wijzigen, dubbelklikt u op het veld Value (Waarde) van het item Server Name (Servernaam). 3. Als de server meerdere netwerkkaarten heeft, selecteert u een netwerkkaart onder het item Network Device (Netwerkapparaat). 4.
1. Stel de bron van de monitor in op MagicNet en voer vervolgens het IP-adres en de servernaam in via het menu Setup (Instelling) of het item Network Connection (Netwerkverbinding). Deze gegevens moeten dezelfde zijn als het IP-adres en de naam van de server waarmee een verbinding moet worden gemaakt. (Raadpleeg de beschrijving voor het instellen van MagicNet op de OSD-pagina's voor meer informatie.) 2. Er wordt een bericht weergegeven om te melden dat de verbinding van de monitor met de server is gelukt.
4. De geregistreerde bibliotheekbestanden worden door de monitor gebruikt wanneer de Operating Mode (Gebruiksmodus) van de monitor is ingesteld op Player (Speler) of wordt gebruikt wanneer een scherm wordt geregistreerd. Een scherm registreren 1. Selecteer Screen (Scherm) in het menu File (Bestand) om de schermweergave te openen. 2. Klik met de rechtermuisknop op de achtergrondweergave.
6. Nadat het registreren van de gebieden is voltooid, selecteert u Save (Opslaan) in het menu File (Bestand) om het scherm op te slaan. 7. Registreer een schema om het opgeslagen scherm op een of meerdere monitoren weer te geven. Een schema registreren 1. Selecteer Schedule (Schema) in het menu File (Bestand) om de schemaweergave te openen. 2. Selecteer de monitoren waarvoor het schema moet worden geregistreerd in de structuurweergave links.
monitoren waarvoor u het geselecteerde schema wilt registreren. Een bericht verzenden 1. Selecteer Message (Bericht) in het menu File (Bestand) om de berichtenweergave te openen. 2. Schakel het selectievakje in naast de monitoren waarvoor u een bericht wilt registreren. 3. Configureer de instellingen voor het bericht in de lijstweergave onderaan rechts. De tekst die u hier invoert, zal worden weergegeven op de geselecteerde monitoren. 4.
Wat is MagicNet? | MagicNet gebruiken | Bibliotheek | Screen (Scherm) | Schedule (Schema) Extern beheer | Bericht | Option (Optie) | Client | Problemen oplossen Bibliotheek Menu Bestand Library / Screen / Schedule / Remote Management / Message z Maakt een weergave of selecteert een opgemaakte weergave voor elk menu-item zodat u een schermschema kunt uitvoeren en de basisbesturing voor de monitoren van de server kunt beheren. Close z Sluit de schermweergave waarmee u werkt.
Synchronize z Synchroniseert de bibliotheekbestanden van de hoofdserver met de bestanden van de inhoudsserver. Option z Wijzigt de serverinstellingen. Raadpleeg het gedeelte Opties voor meer informatie. Bibliotheek Structuurweergave Lijstweergave Uitvoerweergave Structuurweergave Alle mappen van Deze computer op het bureaublad van Windows, library (bibliotheek), screen (scherm) en content server (inhoudsserver), worden in een structuurweergave weergegeven.
Normale bestanden verkennen Bibliotheken verkennen Schermbestanden verkennen Inhoudsservers verkennen Normale bestanden verkennen Toont alle mappen van de computer waarop een server is geïnstalleerd in een structuurweergave. Functie: als u een map onder het Bureaublad selecteert, worden de submappen en bestanden die u kunt registreren in een bibliotheek weergegeven in de lijstweergave in het rechterdeelvenster.
naar die map verplaatst. Inhoudsservers verkennen Toont de beheermappen voor de inhoudsservers in een structuurweergave. Functie: als u een map selecteert, worden de submappen en de lijst van inhoudsservers weergegeven in de lijstweergave in het rechterdeelvenster. Sneltoets z z F2-toets: wijzigt de naam van de geselecteerde map. Delete-toets: verwijdert de geselecteerde map, de submap(pen) en alle bestanden in de geselecteerde map en de submap.
z z Open (Openen): als u voor een map op Open (Openen) klikt, gaat u naar die map. Als u voor een bestand op Open (Openen) klikt, wordt het bestand geopend. Send To Library (Verzenden naar bibliotheek): als u voor de geselecteerde bestanden op Send To Library (Verzenden naar bibliotheek) klikt, worden de bestanden geregistreerd in de bibliotheek. Bibliotheken verkennen Toont de submappen en bestanden onder de geselecteerde map.
z z z z z z z Open (Openen): als u voor een map op Open (Openen) klikt, gaat u naar die map. Als u voor een bestand op Open (Openen) klikt, wordt het bestand geopend. Send To Library (Verzenden naar bibliotheek): verplaatst de geselecteerde bibliotheekbestanden naar de bovenste map voor elk inhoudsitem. Dit menu-item wordt echter uitgeschakeld wanneer een map is geselecteerd.
z New Folder (Nieuwe map): dit menu-item wordt alleen geactiveerd wanneer er geen map of bestand is geselecteerd. Als u dit menu-item selecteert, wordt een nieuwe map gemaakt. Dit menu-item wordt echter uitgeschakeld wanneer een bibliotheek- of Officemap is geselecteerd in de structuurweergave. Sneltoets z z z z F2-toets: wijzigt de naam van de geselecteerde map. Het is echter niet mogelijk de naam van een bestand te wijzigen.
z z z z z z Open (Openen): als u voor een map op Open (Openen) klikt, gaat u naar die map. Dit menu-item wordt echter uitgeschakeld wanneer een schermmap is geselecteerd. Rename (Naam wijzigen): wijzigt de naam van de geselecteerde map. Dit menu-item wordt echter niet ondersteund voor een schermbestand. Delete (Verwijderen): verwijdert de geselecteerde schermbestanden en -mappen. Als de selectie echter ".." bevat, wat verwijst naar een map op een hoger niveau, wordt dit menu-item uitgeschakeld.
- Size : de grootte van het geselecteerde scherm. - Resolution : de resolutie van het geselecteerde scherm - Duration : de speelduur van het geselecteerde scherm. - Date Modified : de datum waarop het geselecteerde scherm voor het laatst is aangepast. - Target : de werkelijke locatie van het geselecteerde scherm. - Comments : opmerkingen die door de gebruiker zijn opgegeven voor het geselecteerde scherm. U kunt deze bewerken.
z Als u inhoudsservers sleept en neerzet in de map van een inhoudsserver in de structuurof lijstweergave, worden de servers naar die map verplaatst. De functie Slepen & neerzetten wordt echter niet ondersteund voor mappen. Contextmenu z z Open (Openen): als u voor een map op Open (Openen) klikt, gaat u naar die map. Dit menu-item wordt echter uitgeschakeld wanneer een inhoudsserver is geselecteerd. New Server (Nieuwe server): wordt alleen geactiveerd wanneer er geen mappen of bestanden zijn geselecteerd.
z z z z Dit pictogram Dit pictogram Dit pictogram is mislukt. Dit pictogram wordt weergegeven wanneer de inhoudsserver is verbonden. wordt weergegeven wanneer de inhoudsserver wordt gesynchroniseerd. wordt weergegeven wanneer het synchroniseren van de inhoudsserver wordt weergegeven wanneer de inhoudsserver niet is verbonden. Uitvoerweergave Toont de voortgang en de resultaten van het toevoegen en verwijderen van bibliotheken.
Wat is MagicNet? | MagicNet gebruiken | Bibliotheek | Screen (Scherm) | Schedule (Schema) Extern beheer | Bericht | Option (Optie) | Client | Problemen oplossen Screen (Scherm) Menu File (Bestand) Library (Bibliotheek) / Screen (Scherm) / Schedule (Schema) / Remote Management (Extern beheer) / Message (Bericht) z Maakt een weergave of selecteert een opgemaakte weergave voor elk menu-item zodat u een schermschema kunt uitvoeren en beheert de basisbesturing voor de monitoren van de server
User Account (Gebruikersaccount) z Maakt, verwijdert en wijzigt de gebruikersaccounts die in staat zijn zich aan te melden bij de server. Er kunnen twee typen accounts worden gemaakt: Beheerders- en gebruikersaccounts { Administrator (Beheerder): heeft privileges voor alle serverfuncties. { User (Gebruiker): heeft privileges voor alle serverfuncties, behalve voor het wijzigen van serveropties en gebruikersaccounteigenschappen. Exit (Afsluiten) z Sluit het programma.
achtergrond. Option (Optie) z Wijzigt de serverinstellingen. Raadpleeg het gedeelte Opties voor meer informatie. Scherm Structuurweergave Bewerkingsweergave Lijstweergave Structuurweergave Er wordt een boomstructuur gemaakt in overeenstemming met de volgorde van de gebieden die in de bewerkingsweergave zijn gemaakt. U kunt het momenteel geselecteerde gebied in de bewerkingsweergave controleren met behulp van de structuurweergave.
z New (Nieuw): initialiseert de schermweergave waarmee u momenteel werkt. Als er niet opgeslagen wijzigingen zijn, wordt een nieuw venster weergegeven zodat u de wijzigingen kunt opslaan. z Open (Openen): opent een schermbestand. Als er niet opgeslagen wijzigingen zijn, wordt een nieuw venster weergegeven zodat u de wijzigingen kunt opslaan. z Save / Save As (Opslaan / Opslaan als): slaat de wijzigingen aan het huidige schermbestand op of slaat het op als een nieuw schermbestand.
Name (Naam): wijzigt de naam van de achtergrond. U kunt geen naam gebruiken die al voor een ander gebied werd gebruikt. Resolution (Resolutie): wijzigt de resolutie voor de achtergrond. U kunt een nieuwe resolutie toevoegen en de standaardresolutie instellen met het menu Options (Opties). Start Time, Stop Time, Duration (Starttijd, Stoptijd, Duur): stelt de afspeelduur van de achtergrond in minuten in. De weergaveduur van de achtergrond wijzigt naar de duur van het scherm.
z Full (Volledig): het fotobestand wordt vergroot of verkleind zodat het past op de volledige achtergrond. z Original (Origineel): het fotobestand wordt weergegeven op oorspronkelijke grootte. z Auto: het fotobestand wordt vergroot of verkleind zodat het past op de volledige achtergrond en de oorspronkelijke beeldverhouding behoudt. z Tile (Naast elkaar): het fotobestand wordt herhaaldelijk gespreid zodat de volledige achtergrond wordt bedekt.
Sound (Geluid): schakelt het achtergrondgeluid in of uit. Music File (Muziekbestand): selecteert een muziekbestand voor de achtergrond. Volume: regelt het volume van de achtergrondmuziek. Repeat (Herhalen): een muziekbestand kan herhaaldelijk worden afgespeeld. Wanneer Repeat (Herhalen) is geselecteerd, wordt het muziekbestand herhaaldelijk afgespeeld terwijl de achtergrond wordt gemaakt. Effect Effect: selecteert het type effect dat moet worden toegepast wanneer de achtergrond wordt gemaakt.
Photo (Foto) Deze functie wordt gebruikt om schermen te configureren met fotobestanden en bestaat uit de functies Area (Gebied), Screen (Scherm), Background (Achtergrond), Effect. Met de functie Area (Gebied) kunt u instellen op welke positie de foto wordt weergegeven en wanneer en hoe lang de foto wordt weergegeven. Met de functie Screen (Scherm) kunt u fotobestanden selecteren en instellen hoe ze moeten worden weergegeven.
in. Deze duur mag niet langer zijn dan de weergaveduur van de achtergrond. Screen (Scherm) Photo File (Fotobestand): selecteert een fotobestand dat moet worden afgespeeld in het fotogebied. Aspect ratio (Beeldverhouding): selecteert de beeldverhouding voor de fotobestanden die moeten worden weergegeven in het fotogebied. z Full (Volledig): het fotobestand wordt vergroot of verkleind zodat het past op de volledige achtergrond.
Color (Kleur): selecteert de kleur wanneer het achtergrondtype voor het gebied Photo (Foto) is ingesteld op Color (Kleur). Transparency (Transparantie): selecteert de graad van doorzichtigheid wanneer het achtergrondtype voor het gebied Photo (Foto) is ingesteld op Color (Kleur). Als Transparency (Transparantie) is ingesteld op een waarde die lager is dan 100, wordt het gebied dat onder het huidige gebied is geplaatst, doorzichtig weergegeven.
z Effect: selecteert het type effect dat moet worden toegepast wanneer het fotogebied wordt gemaakt. { None (Geen): er wordt geen effect gebruikt. { Slide (Schuiven): het fotogebied wordt gemaakt terwijl het beweegt. { Block (Blok): het fotogebied wordt gemaakt met blokken. { Fade In (Infaden): het fotogebied infaden terwijl het wordt gemaakt. z Effect Speed (Effectsnelheid): past de snelheid aan van een effect dat wordt gemaakt.
Area (Gebied) Name (Naam): wijzigt de naam van het gebied. U kunt geen naam gebruiken die al voor een ander gebied werd gebruikt. Lock Position (Positie vergrendelen): vergrendelt de positie van het gebied. Left, Top, Width, Height (Links, Boven, Breedte, Hoogte): wijzigt de positie en de grootte van het gebied. De gebiedsposities moeten zich binnen de achtergrond bevinden en de grootte van het gebied mag niet groter zijn dan de grootte van de achtergrond.
z Auto: het filmbestand wordt vergroot of verkleind zodat het past op de volledige achtergrond en de oorspronkelijke beeldverhouding behoudt. Mute (Dempen): dempt het geluid van het filmbestand dat moet worden afgespeeld in het filmgebied. Movie Volume (Filmvolume): regelt het volume van het filmbestand dat moet worden afgespeeld in het filmgebied. Movie Repeat (Film herhalen): een filmbestand kan herhaaldelijk worden afgespeeld.
Wijzigt de gedetailleerde eigenschappen en de overdrachtmodus voor het geselecteerde bestand van elk type. z Transfer Mode (Overdrachtmodus): wijzigt de modus waarin het geselecteerde bestand wordt overgedragen naar de monitor. z Download: downloadt het bestand naar de monitor en speelt het af. z Stream: zorgt voor de streaming van het bestand naar de monitor.
Flash Deze functie wordt gebruikt om schermen te configureren met Macromedia flashbestanden en bestaat uit de functies Area (Gebied), Screen (Scherm), Background (Achtergrond), Effect. Met de functie Area (Gebied) kunt u instellen op welke positie de film wordt afgespeeld en wanneer en hoe lang de film wordt weergegeven. Met de functie Screen (Scherm) kunt u het flashbestand selecteren en instellen hoe het moet worden afgespeeld.
Start Time, Stop Time, Duration (Starttijd, Stoptijd, Duur): stelt de weergaveduur in seconden in. Deze duur mag niet langer zijn dan de weergaveduur van de achtergrond. Screen (Scherm) Flash File (Flashbestand): selecteert het flashbestand dat moet worden afgespeeld in het flashgebied. Aspect ratio (Beeldverhouding): selecteert de beeldverhouding voor het flashbestand dat moet worden afgespeeld in het flashgebied.
ingesteld op Color (Kleur). Transparency (Transparantie): selecteert de graad van doorzichtigheid wanneer het achtergrondtype voor het gebied Flash is ingesteld op Color (Kleur). Als Transparency (Transparantie) is ingesteld op een waarde die lager is dan 100, wordt het gebied dat onder het huidige gebied is geplaatst, doorzichtig weergegeven. Als er echter een film wordt afgespeeld in een van de gebeiden, heeft de instelling Transparantie geen invloed op het filmgebied.
z Effect: selecteert het type effect dat moet worden toegepast wanneer het flashgebied wordt gemaakt. { None (Geen): er wordt geen effect gebruikt. { Slide (Schuiven): het flashgebied wordt gemaakt terwijl het beweegt. { Block (Blok): het flashgebied wordt gemaakt met blokken. { Fade In (Infaden): het flashgebied infaden terwijl het wordt gemaakt. z Effect Speed (Effectsnelheid): past de snelheid aan van een effect dat wordt gemaakt.
Name (Naam): wijzigt de naam van het gebied. U kunt geen naam gebruiken die al voor een ander gebied werd gebruikt. Lock Position (Positie vergrendelen): vergrendelt de positie van het gebied. Left, Top, Width, Height (Links, Boven, Breedte, Hoogte): wijzigt de positie en de grootte van het gebied. De gebiedsposities moeten zich binnen de achtergrond bevinden en de grootte van het gebied mag niet groter zijn dan de grootte van de achtergrond.
Border (Rand): hiermee wordt de rand voor webpagina's in het webgebied weergegeven of verborgen. Background (Achtergrond) Type: stelt het achtergrondtype (Color (Kleur), Picture File (Afbeeldingsbestand)) in voor het webgebied. Color (Kleur): selecteert de kleur wanneer het achtergrondtype voor het gebied Web is ingesteld op Color (Kleur). Transparency (Transparantie): selecteert de graad van doorzichtigheid wanneer het achtergrondtype voor het gebied Web is ingesteld op Color (Kleur).
Wijzigt de gedetailleerde eigenschappen en de overdrachtmodus voor het geselecteerde bestand van elk type. z Transfer Mode (Overdrachtmodus): wijzigt de modus waarin het geselecteerde bestand wordt overgedragen naar de monitor. z Download: downloadt het bestand naar de monitor en speelt het af. z Stream: zorgt voor de streaming van het bestand naar de monitor.
Text (Tekst) Deze functie wordt gebruikt om schermen te configureren door tekst te verbinden en bestaat uit de functies Area (Gebied), Screen (Scherm), Background (Achtergrond), Effect. Met de functie Area (Gebied) kunt u de positie van de tekst en wanneer en hoe lang de tekst wordt weergegeven, instellen. Met de functie Screen (Scherm) kunt u de tekst selecteren en instellen hoe deze moet worden weergegeven.
Screen (Scherm) Text (Tekst): stelt de tekst in die moet worden weergegeven in het tekstgebied. Direction (Richting): stelt de richting van de tekststroom in het tekstgebied in. z z z z z None (Geen) Right to Left (Rechts naar links) Left to Right (Links naar rechts) Top to Bottom (Boven naar onder) Bottom to Top Text (Onder naar boven) Speed (Snelheid): stelt de snelheid van de tekststroom in het tekstgebied in. Step (Stap): stelt het interval van de tekststroom in het tekstgebied in.
Type: stelt het achtergrondtype (Color (Kleur)) in voor het tekstgebied. U kunt alleen Color (Kleur) selecteren voor het achtergrondtype (Color (Kleur)) voor het tekstgebied. Color (Kleur): selecteert de kleur die moet worden gebruikt wanneer het achtergrondtype voor het tekstgebied is ingesteld op Color (Kleur). Transparency (Transparantie): selecteert de graad van doorzichtigheid wanneer het achtergrondtype voor het tekstgebied is ingesteld op Color (Kleur).
z Effect: selecteert het type effect dat moet worden toegepast wanneer het tekstgebied wordt gemaakt. { None (Geen): er wordt geen effect gebruikt. { Slide (Schuiven): het tekstgebied wordt gemaakt terwijl het beweegt. { Block (Blok): het tekstgebied wordt gemaakt met blokken. { Fade In (Infaden): het tekstgebied infaden terwijl het wordt gemaakt. z Effect Speed (Effectsnelheid): past de snelheid aan van een effect dat wordt gemaakt.
Name (Naam): wijzigt de naam van het gebied. U kunt geen naam gebruiken die al voor een ander gebied werd gebruikt. Lock Position (Positie vergrendelen): vergrendelt de positie van het gebied. Left, Top, Width, Height (Links, Boven, Breedte, Hoogte): wijzigt de positie en de grootte van het gebied. De gebiedsposities moeten zich binnen de achtergrond bevinden en de grootte van het gebied mag niet groter zijn dan de grootte van de achtergrond.
1, 14 tot en met 135) (DTV: kanaalbereik hoofdkanalen - 0 tot en met 999, kanaalbereik subkanalen - 0 tot en met 999) Bewerkingsweergave Deze weergave wordt gebruikt voor het schermontwerp. Hiermee kunt u een gebied maken, verplaatsen en het formaat van het gebied wijzigen met behulp van de muis. U kunt de huidige status weergeven door Preview Area (Voorbeeldgebied) te selecteren in het contextmenu of door te dubbelklikken op een gebied.
Wat is MagicNet? | MagicNet gebruiken | Bibliotheek | Screen (Scherm) | Schedule (Schema) Extern beheer | Bericht | Option (Optie) | Client | Problemen oplossen Schedule (Schema) Menu File (Bestand) Library (Bibliotheek) / Screen (Scherm) / Schedule (Schema) / Remote Management (Extern beheer) / Message (Bericht) z Maakt een weergave of selecteert een opgemaakte weergave voor elk menu-item zodat u een schermschema kunt uitvoeren en beheert de basisbesturing voor de monitoren van de serv
weergegeven zodat u de wijzigingen kunt opslaan. Menu Tool (Extra) Undo / Redo (Ongedaan maken / Opnieuw) z annuleert de eerder uitgevoerde opdracht of voert de geannuleerde opdracht opnieuw uit. U kunt het maximum aantal opdrachten dat ongedaan kan worden gemaakt, wijzigen via het menu Options (Opties). Add (Toevoegen) z voegt het scherm toe dat u wilt plannen nadat u een monitor en een tijdstip hebt geselecteerd door in het EPG-venster te klikken.
z Wijzigt de serverinstellingen. Raadpleeg het tabblad Option (Optie) voor meer informatie. Schedule (Schema) Structuurweergave EPG-weergave Lijstweergave Publicatieweergave Structuurweergave Toont de verbindingsstatus van de monitoren die momenteel met de server zijn verbonden afhankelijk van het monitorpictogram. U kunt de monitoren ook efficiënt beheren door netwerkgroepen te maken. U kunt een netwerkmonitor verplaatsen door de monitor te slepen en neer te zetten in een groep.
Network (Netwerk): een monitor die met de server is verbonden via een netwerk. New Group (Nieuwe groep): maakt een nieuwe groep dit enkele netwerkmonitoren kan bevatten. U kunt een netwerkmonitor naar een groep slepen. Copy / Paste (Kopiëren / Plakken): kopieert alle schema's die op de geselecteerde monitor zijn geconfigureerd naar het klembord en plakt ze op een andere monitor. Rename (Naam wijzigen): wijzigt de naam van een monitor die verbonden is met de server.
Dit is een virtuele monitor die wordt gebruikt om schema's te maken voor een monitor die wordt gebruikt zonder te worden verbonden met het netwerk. Voor een lokale monitor kan een lokale publicatie worden uitgevoerd om schema's voor de monitor te maken. New Monitor (Nieuwe monitor): maakt een nieuwe virtuele lokale monitor. Copy / Paste (Kopiëren / Plakken): kopieert de schema's die op de geselecteerde monitor zijn ingesteld en kopieert ze naar een andere monitor.
Add (Toevoegen): voegt het scherm toe dat u wilt plannen nadat u een monitor en een tijdstip hebt geselecteerd door in het EPG-venster te klikken. Delete (Verwijderen): verwijdert het scherm dat momenteel is geselecteerd in het EPG-venster. Copy / Paste (Kopiëren / Plakken): kopieert het momenteel geselecteerde scherm en plakt het nadat u een monitor en tijd hebt geselecteerd door in het EPG-venster te klikken.
Start Time / Stop Time / Duration (Starttijd / Stoptijd / Duur): stelt de tijdinformatie voor het geselecteerde scherm in minuten in. Periodic (Periodiek): stelt in hoe vaak het geselecteerde scherm terugkeert. (None / Daily / Weekly / Monthly (Geen / Dagelijks / Wekelijks / Maandelijks)) End on (Einde op): stelt een einddatum in voor het terugkeren van het geselecteerde schema.
Wat is MagicNet? | MagicNet gebruiken | Bibliotheek | Screen (Scherm) | Schedule (Schema) Extern beheer | Bericht | Option (Optie) | Client | Problemen oplossen Extern beheer Menu Bestand Library / Screen / Schedule / Remote Management / Message z Maakt een weergave of selecteert een opgemaakte weergave voor elk menu-item zodat u een schermschema kunt uitvoeren en de basisbesturing voor de monitoren van de server kunt beheren. Close z Sluit de schermweergave waarmee u werkt.
Refresh z Refresh: vernieuwt de waarde van elke client voor het geselecteerde item van de afstandsbediening. Option z Wijzigt de serverinstellingen. Raadpleeg het gedeelte Opties voor meer informatie. Extern beheer Structuurweergave Lijstweergave Combinatieweergave Structuurweergave Toont de verschillende bedieningsitems voor de client in een structuurweergave.
lijstweergave. MDC Toont de items van de OSD-menu's van elke client waarvoor extern beheer is vereist, in een structuurweergave. Als u een item selecteert, wordt de huidige status van het geselecteerde item weergegeven en kunt u het item beheren in de lijstweergave. Gedetailleerde items MDC: toont de huidige status van de externe invoer (bron), het kanaal, het volume en het dempen. Dit zijn de basisitems voor het beheren van de client. U kunt deze items beheren in de lijstweergave.
-On Timer 1) 2) 3) 4) 5) 6) Hour: geef de uren op. Minute: geef de minuten op. AM/PM: geef AM of PM op. Status: selecteer of u de timer voor het inschakelen wilt gebruiken. Source: selecteer de externe invoer. Volume: selecteer het volume. -Off Timer 1) 2) 3) 4) Hour: geef de uren op. Minute: geef de minuten op. AM/PM: geef AM of PM op. Status: selecteer of u de timer voor het inschakelen wilt gebruiken. PIP: toont de PIP-informatie. U kunt deze status beheren in de lijstweergave.
Toont de items die vereist zijn om de client in de structuurweergave afzonderlijk van MDC te beheren. Als u een item selecteert, wordt de huidige status van het geselecteerde item weergegeven en kunt u het item beheren in de lijstweergave. Gedetailleerde items System (Systeem): toont de productinformatie voor de client in een lijstweergave. General (Algemeen): toont algemene informatie over de client, zoals de computernaam, de gebruikersnaam, enz. in de lijstweergave.
z De items Position (Positie) en Swap (Wisselen) zijn alleen-schrijven. Hun bestaande instellingen kunnen niet worden gelezen. U moet ze rechtstreeks instellen wanneer dat nodig is. z De items worden alleen ingeschakeld als het item Size (Grootte) is ingesteld op een andere instelling dan Off (Uit). z U kunt het PIP inschakelen door het item Size (Grootte) in te stellen op een andere instelling dan Off (Uit).
4) : Selecteer het gedeelte dat door de monitor wordt weergegeven. z De scherminstellingen werken alleen wanneer de functie voor weergave van de schermmatrix is geactiveerd. Diagnosis (Diagnose): toont of de lamp, de interne temperatuur van de client, de helderheidssensor en de ventilator normaal zijn en geeft de huidige en maximale temperaturen weer. U kunt de maximale temperatuur beheren door erop te klikken en de instelling te wijzigen.
System (Systeem): Toont de informatie voor de modelnaam, het serienummer, de schermgrootte, de firmwareversie, de versie van MagicNet en de image-versie van het besturingssysteem. General (Algemeen): toont de specificaties, de computernaam en de informatie over de werkgroep, de gebruiker en de productsleutel. Performance (Prestaties): toont het gebruik van de CPU, het netwerk, het geheugen en de schijf.
de geselecteerde client. 6) De items Huidige status en Schermresolutie kunnen niet worden gewijzigd. z U kunt de instelling Screen resolution (Schermresolutie) niet wijzigen. MagicNet: toont informatie over Opstarten, Automatische update, Wachtwoordvergrendeling gebruiken en Inhoudsserver. U kunt de instellingen wijzigen door te dubbelklikken op de monitornaam of via het item Bewerken in het contextmenu. 1) Startup: selecteer het programma dat moet worden uitgevoerd wanneer de client wordt gestart.
z Voor de items System (Systeem), General (Algemeen) en Performance (Prestaties) zijn de instellingen alleen-lezen. Ze zijn dan ook uitgeschakeld. Copy (Kopiëren): kopieert de instellingen van het geselecteerde item. z Als u een monitornaam selecteert en op Copy (Kopiëren) klikt, worden alle items die in de lijst worden weergegeven, gekopieerd. z Als u een item selecteert en op Copy (Kopiëren) klikt, wordt alleen dat item gekopieerd.
Wat is MagicNet? | MagicNet gebruiken | Bibliotheek | Screen (Scherm) | Schedule (Schema) Extern beheer | Bericht | Option (Optie) | Client | Problemen oplossen Bericht Menu File (Bestand) Library (Bibliotheek) / Screen (Scherm) / Schedule (Schema) / Remote Management (Extern beheer) / Message (Bericht) z Maakt een weergave of selecteert een opgemaakte weergave voor elk menu-item zodat u een schermschema kunt uitvoeren en beheert de basisbesturing voor de monitoren van de server.
gebruikersaccounts. { Administrator (Beheerder): heeft privileges voor alle serverfuncties. { User (Gebruiker): heeft privileges voor alle serverfuncties, behalve voor het wijzigen van serveropties en gebruikersaccounteigenschappen. Exit (Afsluiten) z Sluit het programma. Als er niet opgeslagen wijzigingen zijn, wordt een nieuw venster weergegeven zodat u de wijzigingen kunt opslaan.
Structuurweergave Lijstweergave Structuurweergave U kunt de monitoren waarnaar het bericht moet worden verzonden, selecteren door het selectievakje naast elke monitor en groep in te schakelen. Lijstweergave Wijzigt de gedetailleerde functies voor het bericht dat naar de monitoren moet worden verzonden door erop te dubbelklikken of door op de gemaakte knop te klikken. Message (Bericht): stelt een bericht in dat op de monitor moet worden weergegeven.
Wat is MagicNet? | MagicNet gebruiken | Bibliotheek | Screen (Scherm) | Schedule (Schema) Extern beheer | Bericht | Option (Optie) | Client | Problemen oplossen Option (Optie) Option (Optie) Algemeen Netwerkverbinding: selecteert de verbindingsmethode tussen de server en de monitor. De server en monitor kunnen alleen met elkaar worden verbonden als dezelfde verbindingsmethode wordt gebruikt.
Als de server en monitor op een verschillende particulier netwerk zitten, kunnen ze geen verbinding maken met elkaar. Als de server echter een openbaar IP-adres heeft, kan een monitor met een persoonlijk IP-adres met de server worden verbonden via de directe verbindingsmethode. Server Name (Servernaam): wijzigt de servernaam. De server en monitor kunnen alleen een onderlinge verbinding maken als hun servernamen dezelfde zijn.
de schema's. Wanneer deze optie is ingesteld op 0, kunt u de schermen niet registreren, opslaan of importeren voor de huidige tijd. Set the default period of the publishing schedule (De standaardperiode voor het publicatieschema instellen): stelt de standaard publicatieperiode voor een schema in. Maximum publishing size (Maximale grootte publicatie): stelt de optie in met betrekking tot de vrije ruimte op de monitor voor het publiceren van een schema.
Wat is MagicNet? | MagicNet gebruiken | Bibliotheek | Screen (Scherm) | Schedule (Schema) Extern beheer | Bericht | Option (Optie) | Client | Problemen oplossen Client-functies Een programma dat wordt uitgevoerd op een aanvullende pc waarop de inhoudsserver werkt. Version: de versie van de inhoudsserver. MAC ID: het MAC address (MAC-adres) van het network device (netwerkapparaat) op de pc waarop de content server (inhoudsserver) is geïnstalleerd.
Setup (Instelling) Rotation (Rotatie) Draait het scherm volgens de geselecteerde optie. Program (Programma) Start of sluit het programma af. Exit (Afsluiten) Sluit mnMain af. Als u mnMain afsluit, worden ook de programma's MagicNet X en Schedule (Schema) samen afgesloten. EWF: toont en wijzigt de stationsinstellingen EWF State (EWF-status) z z Current state (Huidige status): toont de huidige EWF-status.
Old password (Oud wachtwoord) z Voer het bestaande wachtwoord in. New password (Nieuw wachtwoord) z Voer het nieuwe wachtwoord in. Change (Wijzigen) z Wijzig het wachtwoord. Use password lock (Wachtwoordvergrendeling gebruiken) z Controleert het wachtwoord voordat u het scherm Setup (Instelling) kunt openen. Setup (Instelling) Het tabblad Connection (Verbinding) Schedule server (Schemaserver) z Instellingen serververbinding { De client maakt automatisch een verbinding met de server.
z 1 Schedule server (Schemaserver) z z z 2 Automatic connection using server name (Automatische verbinding door middel van servernaam) : als de schemaserver en -client op hetzelfde subnetwerk zitten, maakt de client een verbinding met de servers door middel van hun naam.
Startup (Opstarten) z Selecteer het programma dat moet worden uitgevoerd wanneer de client wordt gestart. Automatic updates (Automatische updates) z 1 Startup (Opstarten) z z z z 2 Selecteer de manier waarop de automatische updates moeten worden uitgevoerd. Stelt het programma in dat moet worden uitgevoerd wanneer de client wordt gestart. U kunt één of twee programma's of geen enkel van deze programma's selecteren.
Logo screen (Logoscherm): het hoofdscherm van het programma Signage Scheduler. Background (Achtergrond): stelt de achtergrondkleur in. File (Bestand): stelt het logoscherm in. (Er kan een flash-, foto- of filmbestand worden ingesteld.) Schedule folder (Map Schema): stelt de locatie van het schemabestand in. z z Target (Doel): stelt de locatie in van het schermontwerpbestand en het inhoudsbestand. Space (Ruimte): stelt de groottelimiet in voor de bestanden die moeten worden gedownload.
USB-apparaat verwijdert, wordt het schema afgesloten. Het tabblad Options (Opties) Overige opties z z Show loading screen before program start (Het laadscherm weergeven voordat het programma wordt gestart): toont een laadscherm vanaf het ogenblik dat uw computer is opgestart tot het ogenblik voordat het hoofdprogramma wordt gestart. Do not show system message (Systeembericht niet weergeven): de systeemberichten die door Windows zijn gegenereerd, niet weergeven.
Wat is MagicNet? | MagicNet gebruiken | Bibliotheek | Screen (Scherm) Extern beheer | Bericht | Option (Optie) | Client | Schedule (Schema) | Problemen oplossen Problemen oplossen Wanneer een monitor niet met de server is verbonden z z z z z z z Controleer of de netwerkomgeving voor de server en monitor normaal is. (Controleer de netwerkkabelaansluitingen, de IP-adresinstellingen, enz.
Het wachtwoord dat u hebt ingevoerd tijdens de installatie van MagicNet Pro wordt het standaard wachtwoord van de beheerdersaccount. Als u het wachtwoord bent vergeten, moet u het programma verwijderen en opnieuw installeren. Wanneer de updatefunctie van de monitor niet werkt Controleer de monitorversie. Als het de laatste versie is, wordt er geen update uitgevoerd.
Inleiding Multiple Display Control (MDC) is een toepassing waarmee verschillende beeldschermen gemakkelijk en tegelijk op een pc kunnen worden gebruikt. RS-232C, een standaard voor seriële communicatie, wordt gebruikt voor de communicatie tussen een computer en een beeldscherm. Daarom moet er een seriële kabel verbonden worden met de seriële poort van uw computer en de seriële poort van het beeldscherm. Begin - Hoofdscherm Klik op Start > Program > Samsung > MDC System, om het programma te starten.
Hoofdpictogrammen Selectieknop Remocon Overzicht Safety Lock Selectie beeldscherm Poortselectie Bedieningsgereedschappen 1. Gebruik de hoofdpictogrammen om over te schakelen naar ieder beeldscherm. 2. Met deze optie kunt u de signaalontvangst van de afstandsbediening van de betreffende beeldschermeenheid in- en uitschakelen. 3. Stelt de slotfunctie in. Wanneer u de slotfunctie instelt, kunt u de knoppen power en lock alleen op de afstandsbediening en op de set gebruiken. 4.
1. De Meervoudige Display Control wordt oorspronkelijk ingesteld op COM1. 2. Als u een andere poort dan COM1 gebruikt, kunt u COM1 tot en met COM4 selecteren in het menu Port selection. 3. Als de exacte poortnaam die op de monitor met een seriële kabel is aangesloten, niet is geselecteerd, is communicatie niet mogelijk. 4. De geselecteerde poort is in het programma opgeslagen en wordt ook voor het volgende programma gebruikt. Power Control 1. Klik in de hoofdpictogrammen op de optie Power Control.
In het overzicht treft u basisinformatie aan die noodzakelijk is voor Power Control. 1) (Power Status (resterend vermogen)) 2) Input 3) Image Size 4) On Timer 5) Off Timer 2. Gebruik de knop Alles selecteren of het aankruisvakje, om een beeldscherm te selecteren dat u wilt bedienen. Met de optie Power Control kunt u sommige functies bedienen van het geselecteerde beeldscherm.
- Schakelt het geselecteerde beeldscherm Aan/Uit. 2) Volume - Controleert het volumeniveau van het geselecteerde scherm. Het ontvangt de volumewaarde van het geselecteerde beeldscherm en geeft dit weer in de schuifbalk. (Als u een selectie annuleert of de optie Alles selecteren selecteert, zal de waarde de standaardwaarde 10 aannemen) 3) Mute On/Off (Mute Aan/Uit) - Schakelt de Mute van het geselecteerde beeldscherm Aan/Uit.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor de Input Source Control. 1) PC - Verandert de ingangsbron van het geselecteerde display in PC. 2) BNC - Verandert de ingangsbron van het geselecteerde display in BNC. 3) DVI - Verandert de ingangsbron van het geselecteerde display in DVI. 4) TV - Verandert de ingangsbron van het geselecteerde display in TV. 5) DTV - Verandert de ingangsbron van het geselecteerde display in DTV.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor het instellen van het beeldformaat. 1) (Power Status (resterend vermogen)) - Geeft aan of het huidige beeldscherm in of uitgeschakeld is. 2) Image Size - Geeft aan of het huidige Image Size in of uitgeschakeld is. 3) Input - Geeft de huidige Ingangsbron aan van het beeldscherm dat u momenteel gebruikt. 4) Het overzicht geeft alleen de beeldschermen weer, waarvan de ingangsbron PC, BNC, DVI is.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor het instellen van het beeldformaat. 1) Klik op het tabblad Video Source (videobron) om de beeldgrootte aan te passen voor TV, AV, S-Video, Component, HDMI, DTV. Klik op de optie Alles selecteren of maak gebruik van het aankruisvakje, om een beeldscherm te selecteren dat u wilt bedienen. 2) Het overzicht geeft alleen het beeldscherm weer waarvan Video TV, AV, S-VIDEO, Component, HDMI en DTV de ingangsbron is.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor Tijdcontrole. 1) Current Time - Stel de huidige tijd in voor het geselecteerde beeldscherm (PC-tijd) - U moet eerst de PC-tijd veranderen, voordat u de huidige tijd kunt veranderen. 2) On Time Setup - Stelt de uren, minuten, AM/PM en het volume van het geselecteerde beeldscherm in op de gewenste starttijd. 3) Off Time Setup - Stelt de uren, minuten en AM/PM in op de gewenste eindtijd van het geselecteerde beeldscherm.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor het instellen van het PIP-formaat. 1) PIP Size - Geeft het huidige PIP-formaat aan van het beeldsherm dat u momenteel gebruikt. 2) OFF - Schakelt de PIP uit van het geselecteerde display. 3) Large - Schakelt de PIP in van het geselecteerde display en verandert het formaat in Large. 4) Small - Schakelt de PIP in van het geselecteerde display en verandert het formaat in Small.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor het instellen van het PIP-bron. 1) PIP Source - U kunt de PIP-bron instellen, zodra u de monitor heeft ingeschakeld. 2) PC - Verandert de PIP-bron van het geselecteerde display in PC. 3) BNC - Verandert de PIP-bron van het geselecteerde display in BNC. 4) DVI - Verandert de PIP-bron van het geselecteerde display in DVI. 5) AV - Verandert de PIP-bron van het geselecteerde display in AV.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor Settings Control. Als iedere functie geselecteerd is, wordt de ingestelde waarde van de geselecteerde functie weergeven op de schuifbalk. Als u de optie Alles selecteren geselecteerd heeft, verandert de waarde weer in de standaardwaarde 50. Wanneer u een waarde op dit scherm wijzigt, wordt de modus automatisch gewijzigd in "CUSTOM". 1) Picture - Alleen beschikbaar voor TV, AV, S-Video, Component, HDMI, DTV.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor Settings Control. Nadat elke functie is geselecteerd, wordt de ingestelde waarde voor de geselecteerde functie weergegeven in de schuifbalk. Wanneer de selectie is gemaakt, zal elke functie de waarde van de instelling ophalen en weergeven in de schuifbalk. Als u de optie Alles selecteren geselecteerd heeft, verandert de waarde weer in de standaardwaarde 50.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor Settings Control. Nadat elke functie is geselecteerd, wordt de ingestelde waarde voor de geselecteerde functie weergegeven in de schuifbalk. Wanneer de selectie is gemaakt, zal elke functie de waarde van de instelling ophalen en weergeven in de schuifbalk. Als u de optie Alles selecteren geselecteerd heeft, verandert de waarde weer in de standaardwaarde 50.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor Settings Control. 1) Image Lock - Alleen beschikbaar voor PC, BNC. 2) Coarse - Met deze optie kunt u de Coarse instellen van het geselecteerde beeldscherm. 3) Fine - Met deze optie kunt u de Fine instellen van het geselecteerde beeldscherm. 4) Position - Met deze optie kunt u de positie instellen van het geselecteerde beeldscherm. 5) Auto Adjustment - Als u zelf het binnenkomende signaal wilt aanpassen.
Op het informatieraster ziet u een aantal basisgegevens verschijnen. 1) Maintenance - Hiermee is de functie Maintenance Control mogelijk voor alle ingangsbronnen. 2) Auto Lamp Control - Regelt automatisch de achtergrondverlichting van de geselecteerde display op een specifieke tijd. De Manual Lamp Control (handmatige lampbediening) wordt automatisch uitgeschakeld als u overschakelt naar de Auto Lamp Control (automatische lampbediening).
1) Safety Screen - Elimineert de nabeelden die zich kunnen voordoen wanneer de geselecteerde display langere tijd in de modus Pause staat. U kunt de timer voor de herhalingscyclus instellen door de "Interval" op uur en "Second" op seconde te selecteren. U kunt dit per Screen Type (Schermtype) instellen op Scroll (Verschuiven), Pixel, Bar (Balk) en Eraser (Wisser). Indgangskilden for MagicNet fungerer kun på MagicNet-modellen.
1) Video Wall - Een videomuur is een aantal videoschermen die met elkaar zijn verbonden, zodat op ieder scherm een gedeelte van het geheel wordt weergegeven of zodat op ieder scherm het beeld wordt herhaald. 2) Video Wall (Screen divider) - De videomuur kan op verschillende manieren worden ingedeeld. U kunt gebruikmaken van verschillende schermen en deze op verschillende manieren indelen. z Selecteer een modus in Screen divider (Schermindeling).
worden deze schermen niet goed waargenomen door het programma. De oorzaak hiervan is een gegevensconflict. - Controleer of de ID van het beeldscherm tussen een waarde van 0 en 25 ligt. (Instellen via het beeldschermmenu) Opmerking: Het ID van het beeldscherm moet een waarde hebben tussen de 0 en de 25. Als deze waarde buiten dit bereik ligt, kan het MDC-systeem het beeldscherm niet bedienen. 2. Het beeldscherm dat u wilt bedienen, verschijnt niet in de andere bedieningsoverzichten.
Taal selecteren Hoofdpagina Model Veiligheidsvoorschriften Inleiding Aansluitingen De software gebruiken De monitor aanpassen Input Picture [PC / BNC /DVI] Picture [AV / S-Video / Component / HDMI] Sound Setup Multi Control Directe bedieningsfuncties MagicNet Problemen oplossen Specificaties Informatie Appendix De kleur en het uiterlijk van het apparaat kunnen variëren afhankelijk van het model, en de productspecificaties kunnen zonder voorgaand bericht worden gewijzigd met als doel het product te verbe
2) Source [MENU] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] Selecteer de invoerbron voor de PIP - PC : AV / S-Video / Component / HDMI Modus - BNC : AV / S-Video / HDMI Modus - DVI: AV / S-Video / Component Modus - AV / S-Video : PC / BNC / DVI Modus - Component : PC / DVI Modus - HDMI : PC / BNC Modus [De rechtstreekse knop op de afstandsbediening is de knop 'SOURCE'.
Component HDMI MagicNet MagicBright™ [MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] MagicBright™ is een nieuwe optie die voorziet in een optimale kijkomgeving gebaseerd op de inhoud van het beeld dat u bekijkt. Momenteel zijn er 4 verschillende modi beschikbaar: Entertain, Internet, Text en Custom. Elke modus heeft zijn eigen vooraf ingestelde helderheidswaarde. U kunt eenvoudig één van de 4 instellingen kiezen door op de knop ‘MagicBright™ te drukken.
[MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ENTER] ˧ [< / >]˧ [ENTER] Hiermee regelt u de afzonderlijke RGB-kleuren. (Alleen beschikbaar in modus PC/BNC.) 1) Red 2) Groen 3) Blue Opmerking • Als u het beeld regelt met de functie color Control, wordt color Tone overgeschakeld naar de modus Custom. Color Temp [MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [< / >] ˧ [ENTER] De kleurtemperatuur geeft de "warmte" van de kleuren van de afbeelding aan.
[De rechtstreekse knop op de afstandsbediening is de knop 'AUTO'.] Signal Balance Hiermee kan een zwak RGB-signaal dat wordt overgebracht door een lange signaalkabel, gecompenseerd worden. (Alleen beschikbaar in modus PC/BNC.) 1) Signal Balance [MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] U kunt deze functie selecteren met behulp van signal control (signaalbesturing) On of Off .
[MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] De monitor heeft vier automatische beeldinstellingen ("Dynamic", "Standard", "Movie" en "Custom") die op de fabriek tevoren zijn ingesteld. U kunt Dynamic, Standard, Movie of Custom activeren. U kunt Dynamic, Standard, Movie of Custom activeren. 1) Dynamic 2) Standard 3) Movie 4) Custom [De rechtstreekse knop op de afstandsbediening is de knop 'P.MODE'.
4)4:3 [ZOOM1, ZOOM2 zijn niet beschikbaar in 1080i (of meer dan 720p) voor Component en HDMI.] Brightness Sensor [MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [< / >] ˧ [ENTER] De Brightness Sensor detecteert automatisch het omgevingslicht en past zichzelf aan voor optimale helderheid.
Beschikbare modi PC / BNC / DVI AV S-Video Component HDMI MagicNet Mode [MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] De monitor heeft een ingebouwde hifi-stereo-versterker. 1) Standard Kies Standaard voor de standaardfabrieksinstellingen. 2) Music Kies Muziek wanneer u muziekvideo's of concerten kijkt. 3) Movie Kies Film wanneer u films kijkt. 4) Speech Kies spraak wanneer u een show met gesprekken kijkt (bijvoorbeeld het nieuws).
[De rechtstreekse knop op de afstandsbediening is de knop 'SOURCE'.] Sound Select [MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] Als de PIP-functie geactiveerd is, kunt u alleen kiezen tussen hoofd- of subsc herm (main of sub). 1) Main 2) Sub [Beschikbare modi : PIP] Setup Beschikbare modi PC / BNC / DVI AV S-Video Component HDMI MagicNet Language [MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] U kunt een keuze maken uit zeven talen.
Opmerking • Als u Yes selecteert bij On Timer, Off Timer terwijl u Clock Set niet hebt ingesteld, zal “Set the clock first" verschijnen. "Set the clock first.". Menu Transparency [MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] Met deze optie kunt u de transparantie van de achtergrond van het OSD-menu instellen. 1) High 2) Medium 3) Low 4) Opaque Safety Lock PIN [MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [0~9] ˧ [0~9] ˧ [0~9] U kunt het paswoord veranderen.
[MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] De indeling kan worden geselecteerd om het scherm te splitsen. - Full Zorgt voor een volledig weergegeven scherm zonder marges. - Natural Geeft de kleuren op natuurlijke wijze weer terwijl de originele hoogte-breedteverhoudingen in tact worden gelaten.
- Scroll - Pixel - Bar - Eraser Resolution Select [MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] Als het beeld niet juist wordt weergegeven op het scherm wanneer u de resolutie van de videokaart van de computer instelt op 1024 x 768 @ 60Hz, 1280 x 768 @ 60Hz, 1360 x 768 @ 60Hz of 1366 x768 @ 60Hz, kunt u deze functie gebruiken (Resolution Select) om het beeld in de gespecificeerde resolutie weer te geven op het scherm. (Alleen beschikbaar in modus PC/BNC.
Voor de DVI-bron is de functie Reset alleen beschikbaar wanneer PC/DVI wordt gebruikt. 1) Image Reset [MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ENTER] ˧ [< / >]˧ [ENTER] (Alleen beschikbaar in modus PC/BNC.) 2) Color Reset [MENU] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [ / ] ˧ [ENTER] ˧ [< / >]˧ [ENTER] Opmerking • De functie Reset is niet beschikbaar wanneer Video Wall is ingesteld op On.
Het slot wordt aangezet. 2) Lock Off Het slot wordt uitgezet. Opmerking • Wanneer u de slotfunctie instelt, kunt u de knoppen power en lock alleen op de afstandsbediening en op de set gebruiken. Het standaard ingestelde password (wachtwoord) op het beeldscherm is “0000”. Opmerking • Het wachtwoord voor de functie key lock (toetsvergrendeling) terugstellen. Druk op MUTE ˧ 1 ˧ 8 ˧6 ˧ On. Het wachtwoord wordt teruggesteld naar '0000'.
Photo JPEG, BMP-bestandsformaat wordt ondersteund. 1) Auto Stelt het beeld automatisch af op de grootte van het scherm. Original Geeft indien aanwezig de eigenschappen van het originele bestand weer. 2) Slide Show Geeft de beeldbestanden die in de bibliotheek zijn geregistreerd, een voor een weer. 3) Interval Regelt de hoeveelheid tijd tussen de beeldbestanden in een diavoorstelling. (5 Sec, 10 Sec, 20 Sec, 30 Sec, 60 Sec) 4) Rotation Geeft een beeldbestand weer door het 90° naar rechts te draaien.
U kunt de netwerkinstellingen wijzigen. 4) Password U kunt het paswoord veranderen. • Het wachtwoord moet uit 6 tot 12 numerieke tekens bestaan. (Voer een wachtwoord in dat uit 6 tot 12 numerieke tekens bestaat.) • Als u drie keer achter elkaar het verkeerde wachtwoord opgeeft, wordt de instellingenconfiguratie gereset en een waarschuwingsbericht van de server wordt weergegeven. • Als u het wachtwoord vergeten bent, druk dan op Info, 8, 2 en 4 op uw afstandbediening om het wachtwoord opnieuw in te stellen.
Taal selecteren Hoofdpagina Model Veiligheidsvoorschriften Inleiding Aansluitingen De software gebruiken De monitor aanpassen Problemen oplossen Controle van de zelftestfunctie Controlelijst Vraag & antwoord De kleur en het uiterlijk van het apparaat kunnen variëren afhankelijk van het model, en de productspecificaties kunnen zonder voorgaand bericht worden gewijzigd met als doel het product te verbeteren.
Onderhoud en reinigen 1) De monitorbehuizing onderhouden. Schoonmaken met een zachte doek nadat u de stekker uit het stopcontact hebt gehaald. • Geen benzeen, verfverdunner of andere ontvlambare stoffen en ook geen natte doek gebruiken. • Wij raden u een reinigingsmiddel van Samsung aan om schade aan het scherm te voorkomen. 2) Het Flat Panel Display-scherm onderhouden Reinig het beeldscherm voorzichtig met een zachte doek (katoenflanel). • Nooit aceton, benzeen of verfverdunner gebruiken.
goed is aangesloten en bevestigd. (Zie Aansluiten op een computer) Problemen met het scherm Opmerking • Hier worden problemen met het monitorscherm en hun oplossingen beschreven. problemen Het scherm is leeg en het Mulige løsninger z Zorg dat de voedingskabel goed is aangesloten en dat de LCDmonitor is ingeschakeld. voedingslampje brandt niet (Zie De monitor aansluiten) Bericht "Check Signal Cable" z Controleer of de signaalkabel goed op de PC of videobron is aangesloten.
Opmerking • Hier worden problemen met audiosignalen en hun oplossingen beschreven. problemen Geen geluid Mulige løsninger z Controleer of de audiokabel stevig is aangesloten op de audioingang van uw monitor en de audio-uitgang van uw geluidskaart. (Zie De monitor aansluiten) Geluidsniveau is te laag z Controleer het volumeniveau. z Controleer het volumeniveau.
Vraag Antwoord Hoe kan ik de frequentie De frequentie kan worden gewijzigd door de videokaart opnieuw te veranderen? configureren. De mogelijkheden van de videokaart hangen niet alleen van de kaart af, maar ook van de gebruikte versie van het stuurprogramma. (Raadpleeg de handleiding van de computer of de videokaart voor meer informatie.
Taal selecteren Hoofdpagina Model SyncMaster 400DXn Veiligheidsvoorschriften Inleiding Aansluitingen De software gebruiken De monitor aanpassen Problemen oplossen Specificaties Algemeen Energiebeheer Voorkeurinstellingen De kleur en het uiterlijk van het apparaat kunnen variëren afhankelijk van het model, en de productspecificaties kunnen zonder voorgaand bericht worden gewijzigd met als doel het product te verbeteren.
PC Audio Input 3,5 Ø stereoplug, 0,5 Vrms (-9 dB) Frequency Radiofrequentie: 80 Hz ~ 15 kHz (bij -3 dB) Response A/V: 80 Hz ~ 20 kHz (bij -3 dB) Plug-and-play mogelijkheden Deze monitor kan op alle Plug en Play compatibele systemen worden aangesloten. De monitor en de computer zoeken dan samen de beste instellingen uit. In de meeste gevallen gebeurt dit automatisch, tenzij de gebruiker zelf andere instellingen wil kiezen.
geactiveerd. Als u energie wilt besparen, zet dan uw monitor UIT als u hem langere tijd niet meer nodig heeft. Het PowerSaver-systeem werkt met een VESA DPM-videokaart die in uw computer is geïnstalleerd. Deze functie kunt u instellen met de software op uw computer.
met: Hz © 2007 Samsung Electronics Co., Ltd.
Taal selecteren Hoofdpagina Model SyncMaster 460DXn Veiligheidsvoorschriften Inleiding Aansluitingen De software gebruiken De monitor aanpassen Problemen oplossen Specificaties Algemeen Energiebeheer Voorkeurinstellingen De kleur en het uiterlijk van het apparaat kunnen variëren afhankelijk van het model, en de productspecificaties kunnen zonder voorgaand bericht worden gewijzigd met als doel het product te verbeteren.
PC Audio Input 3,5 Ø stereoplug, 0,5 Vrms (-9 dB) Frequency Radiofrequentie: 80 Hz ~ 15 kHz (bij -3 dB) Response A/V: 80 Hz ~ 20 kHz (bij -3 dB) Plug-and-play mogelijkheden Deze monitor kan op alle Plug en Play compatibele systemen worden aangesloten. De monitor en de computer zoeken dan samen de beste instellingen uit. In de meeste gevallen gebeurt dit automatisch, tenzij de gebruiker zelf andere instellingen wil kiezen.
geactiveerd. Als u energie wilt besparen, zet dan uw monitor UIT als u hem langere tijd niet meer nodig heeft. Het PowerSaver-systeem werkt met een VESA DPM-videokaart die in uw computer is geïnstalleerd. Deze functie kunt u instellen met de software op uw computer.
met: Hz © 2007 Samsung Electronics Co., Ltd.
Taal selecteren Hoofdpagina Model Veiligheidsvoorschriften Inleiding Aansluitingen De software gebruiken De monitor aanpassen Problemen oplossen Specificaties Informatie Voor een betere weergave PRODUCTINFORMATIE (bestand tegen beeld vasthouden) De kleur en het uiterlijk van het apparaat kunnen variëren afhankelijk van het model, en de productspecificaties kunnen zonder voorgaand bericht worden gewijzigd met als doel het product te verbeteren.
Uitschakelen, schermbeveiliging of energiebesparende modus z Schakel de monitor 4 uur uit nadat deze 20 uur achterelkaar in gebruik is geweest. z Schakel de monitor 2 uur uit nadat deze 12 uur achterelkaar in gebruik is geweest. z Stel de monitor in op uitschakelen met Power Scheme (Energiebeheerschema) in Display Properties (Eigenschappen beeldscherm) van de computer. z Gebruik indien mogelijk een schermbeveiliging. - Een schermbeveiliging in één kleur of een bewegend beeld wordt aanbevolen.
z Wijzig elke 30 minuten de bewegende tekens. z Voor alle delen op het scherm geldt dat u regelmatig een bewegend beeld met logo moet weergeven. - Cyclus: geef na 4 uur gebruik 60 seconden een bewegend beeld met logo weer. z De beste manier om uw monitor te beschermen tegen inbranding is om het scherm uit te schakelen of uw computer of systeem in te stellen met een schermbeveiliging wanneer u de monitor niet gebruikt. Ook is de garantie beperkt als u zich niet aan de gebruiksaanwijzingen houdt.
- Methode selecteren . Gebruiksaanwijzingen: OSD Menu -> Set Up -> Safety Screen -> Bar (OSD-menu -> Instellen -> Veiligheidsscherm -> Balk) . Tijdsinterval: 1 ~ 10 uur (aanbevolen: 1) . Tijdsduur: 10 ~ 50 seconden (aanbevolen: 50) Opmerking • (Controleer in de Gebruikershandleiding op de cd het onderwerp 'OSD-functies'. Voor sommige modellen is dit niet beschikbaar.
Taal selecteren Hoofdpagina Model Veiligheidsvoorschriften Inleiding Aansluitingen De software gebruiken De monitor aanpassen Problemen oplossen Specificaties Informatie Appendix Neem contact op met SAMSUNG WORLDWIDE Woordenlijst Correcte verwijdering van dit product Rechten De kleur en het uiterlijk van het apparaat kunnen variëren afhankelijk van het model, en de productspecificaties kunnen zonder voorgaand bericht worden gewijzigd met als doel het product te verbeteren.
CZECH REPUBLIC DENMARK 70 70 19 70 http://www.samsung.com/dk FINLAND 030-6227 515 http://www.samsung.com/fi FRANCE GERMANY 3260 SAMSUNG(726-7864) 08 25 08 65 65 (€ 0,15/min) 01805-SAMSUNG(726-7864) (€ 0,14/Min) http://www.samsung.com/fr http://www.samsung.de HUNGARY 06-80-SAMSUNG(726-7864) http://www.samsung.com/hu ITALIA 800-SAMSUNG(726-7864) http://www.samsung.com/it LUXEMBURG 0035 (0)2 261 03 710 http://www.samsung.
THAILAND 1800-29-3232, 02-689-3232 http://www.samsung.com/th TAIWAN 0800-329-999 http://www.samsung.com/tw VIETNAM 1 800 588 889 http://www.samsung.com/vn Middle East & Africa SOUTH AFRICA 0860-SAMSUNG(726-7864 ) http://www.samsung.com/za TURKEY 444 77 11 http://www.samsung.com.tr 800-SAMSUNG (726-7864) U.A.E 8000-4726 http://www.samsung.
tegelijk op een pc kunnen worden gebruikt. RS-232C, een standaard voor seriële communicatie, wordt gebruikt voor de communicatie tussen een computer en een beeldscherm. Correcte verwijdering van dit product Correcte verwijdering van dit product (elektrische & elektronische afvalapparatuur) - Alleen Europa (Van toepassing in de Europese Unie en andere Europese landen met individuele verzamelsystemen.