Operation Manual

Arpeggiator, Arpeggiopatronen programmeren
55
8) Druk op pedaal 4 (TO TOP) om terug te keren
naar het begin van het raster (“
toP”). Voer vervol-
gens de patronen voor de snaren 1~3 in.
9) Druk eerst tweemaal op pedaal 3 (REST). Het
display beeldt nu “G.02” af.
10)Sla snaar 2 en 3 even tegelijk aan (“G.03”) en
druk tweemaal op pedaal 3 (REST). U bent nu op
“G.05”.
11)Sla snaar 2 en 3 nogmaals tegelijk aan, druk één-
maal op pedaal 2 (TIE) en sla snaar 2 en 3 nog-
maals tegelijk aan (“G.08”).
12)Sla snaar 1 éénmaal aan, druk tweemaal op
pedaal 2 (TIE) (“G.11”), sla snaar 3 éénmaal aan,
druk dan tweemaal op pedaal 2 (TIE) (“G.14”),
sla snaar 2 éénmaal aan, druk dan tweemaal op
pedaal 2 (TIE) (“G.16”). Daarmee is de partij
volledig.
13)Druk op pedaal 1 (END) om het programmeren
van het patroon af te sluiten. Stel A-DURATION
(blz. 52) op ongeveer 80 in en A-TEMPO (blz. 51)
op ongeveer 140 en vergeet niet het resultaat van
uw werk te beluisteren!
Om het zonet geprogrammeerde arpeggio-patroon
op te slaan in de Patch moet u naar de Edit-mode
gaan, het PARAMETER SELECT-wiel in de stand
“WRITE PATCH?” zetten en tegelijk op [+]/[–]
drukken om de Patch te schrijven.
Als u een patroon “in één rondje” voor elkaar krijgt
(dus zonder met het “TO TOP” pedaal opnieuw naar
het begin te gaan), mag u na het rasterpunt dat het
einde van het patroon moet vormen meteen op
pedaal 1 (END) drukken. De maximale lengte van
een raster bedraagt 32 stappen. Probeert u daar over-
heen te gaan, dan keert de GR-30 op eigen houtje ter-
ug naar de eerste stap (dus zonder dat u pedaal 4
indrukt).
Opmerking: Als u tijdens het opnemen volgens de Step-
methode een snaar aanslaat en, zonder deze af te dempen,
een tweede snaar, dan denkt de GR-30 dat u die twee (en
eventueel volgende) snaren bedoelt als akkoord op het-
zelfde rasterpunt.
Opmerking: Deze opnamemethode mag dan al doen
denken aan het “opnemen in lus” op een sequencer, toch
is het hier niet mogelijk om reeds opgenomen patronen
weer te geven terwijl u nieuwe rondjes opneemt.
Werken zoals met een bandop-
nemer: “realtime” methode
Zoals de naam al aangeeft (real betekent natuurlijk
echt) wordt er bij deze opnamemethode “echt
gespeeld”. Met andere woorden: de GR-30 onthoudt
hierbij wat u speelt, alsof u het op een bandopnemer
opneemt. Rusten en overbindingen hoeft u niet apart
in te voeren, ze worden afgeleid uit wat u speelt.
Deze methode leent zich uiteraard het best voor par-
tijen die u “meteen wilt opnemen”, zonder ze te ana-
lyseren in een rasterpatroon. Het is daarom missch-
ien een goed idee om partijen over het algemeen
eerst eens in realtime te proberen, want dat kan u
heel wat tijd besparen. Blijkt het Realtime spelen
niet zo te vlotten, dan kunt u nog altijd uitwijken
naar de Step-methode.
Ter illustratie gaan we een eenvoudig gitaar-arpeg-
gio over vier tellen (acht achtste noten) opnemen.
1) Kies Patch E53 en druk op [EDIT/PLAY] om
naar de Edit-mode te gaan.
2) Zet het EDIT TARGET-wiel in de stand
“ARPEGGIO/harmony”, zet het PARAMETER
SELECT-wiel achtereenvolgens in de standen
“B”, “C” of “D” en stel met de [+]/[–] knoppen A-
RHYTHM op “08_”, A-TEMPO op ongeveer
“70” en A-DURATION op ongeveer “80” in.
3) Druk, terwijl het PARAMETER SELECT-wiel
in de stand “C” of “D” staat, op pedaal 1
(BEGIN). De metronoom begint te tikken om aan
te geven dat de GR-30 klaar is voor opname.
4) Toen u daarnet op BEGIN drukte, verscheen in
het display “G.16”. Dit is het laatste rasterpunt
van het huidige patroon. Ga met de [+]/[–] knop-
pen naar “G.08”. U bent nu klaar om een patroon
op te nemen bestaande uit acht achtste noten van
een gemiddelde duur, aan een tempo van 70 (deze
instellingen hebt u in stap 2 gemaakt).
5) Als u op pedaal 2 drukt, begint de metronoom
met een accent te tikken en ziet u het display aftel-
len van “-4” tot “0”, waarna de opname begint.
Speel de onderstaande partij in de maat van de
metronoom.
1ste
2de
3de
1ste
2de
3de
4de
5de
6de
3
2
0
2
0
0
1
0
(Akkoord = C)