Operation Manual
2
USING THE UNIT SAFELY
001
• Gelieve onderstaande instructies en de hand-
leiding te lezen vooraleer u dit toestel gebruikt.
..........................................................................................................
002a
• Maak het toestel niet open of breng er geen interne
wijzigingen in aan.
..........................................................................................................
003
• Probeer het toestel niet zelf te herstellen of
vervang geen onderdelen (behalve wanneer de
handleiding specifieke instructies hiertoe geeft).
Wend u voor onderhoud steeds tot het dichtstbij-
zijnde Roland Service Center of een erkende
Roland-verdeler, zoals vermeld op de "Information"-
pagina
.
.
..........................................................................................................
004
• Gebruik of bewaar het toestel nooit op plaatsen
die:
• Onderhevig zijn aan extreme temperaturen (bv.
direct zonlicht in een gesloten voertuig, nabij
een radiator of een andere warmtebron);
• Vochtig zijn (bv. badkamer, wasplaats, op een
natte vloer);
• Blootgesteld zijn aan de regen;
• Stoffig zijn;
•Onderhevig zijn aan sterke trillingen.
..........................................................................................................
007
• Zorg ervoor dat dit toestel steeds waterpas en
stabiel staat. Plaats het nooit op een wankel statief,
of op een hellend oppervlak.
..........................................................................................................
008a
• Sluit dit toestel enkel aan op een stroombron van
het type dat in deze gebruiksaanwijzing
beschreven staat, of vermeld wordt op het toestel
zelf.
..........................................................................................................
009
• Plooi of verdraai de stroomkabel zo weinig
mogelijk en plaats er geen zware voorwerpen op.
Dit zou de kabel kunnen beschadigen en kort-
sluiting veroorzaken. Beschadigde stroomkabels
kunnen ook brand of elektrocutie veroorzaken!
..........................................................................................................
010
• Dit toestel, alleen of in combinatie met een
versterker en een hoofdtelefoon of luidsprekers,
zou een geluidsniveau kunnen produceren dat
permanente gehoorschade kan veroorzaken.
Vermijd langdurig gebruik bij een hoog of onaan-
genaam volumeniveau. Als u enig gehoorverlies
of suizende oren gewaar wordt, staak dan onmid-
dellijk het gebruik van dit toestel en raadpleeg een
gehoorspecialist.
..........................................................................................................
011
• Zorg dat er geen voorwerpen (bv. brandbare
materialen, muntstukken, naalden) of vloeistoffen
(water, frisdrank, enz.) in het toestel kunnen
binnendringen.
..........................................................................................................
013
• In gezinnen met kleine kinderen, dient er een
volwassene toezicht te houden tot de kinderen in
staat zijn om het toestel op een veilige manier te
gebruiken.
..........................................................................................................
014
• Bescherm het toestel tegen zware schokken.
(Laat het niet vallen!)
..........................................................................................................
015
• Sluit de stroomkabel van dit toestel niet samen
met een overdreven aantal andere toestellen aan
op hetzelfde stopcontact. Wees voorzichtig met
verlengsnoeren: het totale vermogen van alle
toestellen aangesloten op het verlengsnoer mag
nooit het nominale vermogen (watt/ampère) van
het verlengsnoer overschrijden. Een overdreven
belasting kan de isolatie van het snoer doen
opwarmen en zelfs doen doorsmelten.
..........................................................................................................
Wordt gebruikt voor instructies die de
gebruiker wijzen op het risico op
verwondingen of materiële schade bij
onjuist gebruik van het toestel.
* Materiële schade verwijst naar schade
of andere ongunstige effecten die aan
het huis en de hele inboedel, huisdieren
inbegrepen, worden toegebracht.
Wordt gebruikt voor instructies die de
gebruiker wijzen op levensgevaar of
ernstige verwondingen bij onjuist
gebruik van het toestel.
Het ● -symbool maakt de gebruiker attent op zaken die
moeten worden uitgevoerd. De tekening in de cirkel geeft aan
wat er precies dient te gebeuren. Het symbool hier links
betekent dat de stekker van de stroomkabel moet worden
uitgetrokken.
Het -symbool maakt de gebruiker attent op belangrijke
instructies of waarschuwingen. De juiste betekenis van het
symbool wordt bepaald door de tekening in de driehoek. Het
symbool hier links duidt op algemene verwittigingen of waar-
schuwingen, of vestigt de aandacht op gevaar.
Het -symbool maakt de gebruiker attent op zaken die
nooit mogen worden uitgevoerd (verboden zijn). De tekening
in de cirkel geeft aan wat er precies verboden is. Het symbool
hier links betekent dat het toestel nooit mag worden
gedemonteerd.
VEILIG GEBRUIK VAN HET TOESTEL
INSTRUCTIES TER VOORKOMING VAN BRAND, ELEKTRISCHE SCHOKKEN OF VERWONDING VAN PERSONEN
Over
WAARSCHUWING en OPGEPAST
Over de Symbolen
WAAR-
SCHUWING
OPGEPAST
NEEM STEEDS HET VOLGENDE IN ACHT
Waarschuwing Waarschuwing










