Gebruikershandleiding Gelieve volgende paragrafen aandachtig te lezen vooraleer u het toestel gebruikt: “VEILIG GEBRUIK VAN HET TOESTEL” en “BELANGRIJKE OPMERKINGEN” (Gebruikershandleiding pg. 2, 3, 9, 10). Deze paragrafen bevatten belangrijke informatie omtrent het juiste gebruik van het toestel. Daarnaast is het aangewezen de bij uw nieuwe toestel ingesloten gebruikershandleiding volledig te lezen om er zeker van te zijn dat u van elk kenmerk iets heeft opgestoken.
USING THE UNIT SAFELY VEILIG GEBRUIK VAN HET TOESTEL INSTRUCTIES TER VOORKOMING VAN BRAND, ELEKTRISCHE SCHOK OF LICHAMELIJK LETSEL Over GEVAAR en GEVAAR OPGELET Over de symbolen Het symbool vestigt de aandacht van de gebruiker op belangrijke instructies of gevaren. De specifieke betekenis van het symbool wordt aangeduid door het teken dat in de driehoek staat. Het hier links getekende symbool wordt gebruikt voor algemene waarschuwingen.
GEVAAR 011 •Zorg er voor dat er geen voorwerpen (bv., brandbare materialen, munten, pennen) of vloeistoffen (water, limonade, enz.) in het toestel binnendringen. ..........................................................................................................
VEILIG GEBRUIK VAN HET TOESTEL ................................................. 2 BELANGRIJKE OPMERKINGEN ........................................................... 9 Inleiding....................................... 11 Vooraleer u begint ............................................................................... 12 Het geheugen uitbreiden..................................................................... 14 Voorzorgsmaatregelen bij het uitbreiden van het geheugen....................................
De tijd-display veranderen .......................................................................................................... 48 Een song spelen en stoppen .................................................................................................................... 49 Een audio-CD spelen en stopzetten ........................................................................................... 49 De playback-locatie veranderen.....................................................................
De sample van een pad bewerken...................................................... 76 Het volume van een sample aanpassen—Sample Level .................................................................... 76 Het juiste tempo van een sample tonen ................................................................................................ 77 De start/eindpunten van de klank aanpassen—Trim Sample .......................................................... 78 Wat zijn Start/Loop-punten en wat is Lengte? ...
De ritmemeter (Rhythm Guide) gebruiken ........................................................................................ 116 De ritmemeter spelen/stopzetten............................................................................................. 116 Het volume van de ritmemeter (Rhythm Guide) aanpassen................................................ 116 De maataanduiding veranderen ...............................................................................................
Een opname/bewerking ongedaan maken ........................................................................................ 138 Een opname of bewerking ongedaan maken—Undo............................................................ 138 Undo—Redo annuleren ............................................................................................................. 138 Naar een nauwkeurig bepaalde locatie gaan—Preview...................................................................
BELANGRIJKE OPMERKINGEN 291a Gelieve naast de onderwerpen beschreven in “VEILIG GEBRUIK VAN HET TOESTEL” op pagina 2-3, eveneens het volgende te lezen en in acht te nemen: Stroomtoevoer Bijkomende voorzorgsmaatregelen 301 552 • Dit toestel mag niet worden gebruikt op hetzelfde stroomcircuit van eender welk toestel dat lijnruis genereert (zoals een elektrische motor of een variabel verlichtingssysteem).
❍ Plaats de CDX-1 en de ontvanger uit elkaar. ❍ Sluit de CDX-1 en de ontvanger aan op een verschillende stroomuitgang. ❍ Raadpleeg het dichtstbijzijnde Roland Service Center of een erkende Roland-verdeler in uw land. 80 • Raak de blinkende onderkant (gecodeerd oppervlak) van de schijf niet aan. Het is mogelijk dat beschadigde of vuile schijven niet juist kunnen worden gelezen/geschreven. Houd uw schijven schoon met behulp van een op de markt verkrijgbare CD-reiniger.
Inleiding 11
Vooraleer u begint Controleer de inhoud van de doos De CDX-1 werd samen met volgende zaken verpakt. Gelieve te controleren of deze allemaal aanwezig zijn. ❒ CDX-1 (één toestel) ❒ CD-RW blanco schijf (één) ❒ Demo-schijf (Songs, Samples) (één) ❒ CDX-1 Gebruikershandleiding (dit document) ❒ Effectpatch-lijst ❒ AC-Adaptor: USB-2U Over de meegeleverde schijf ● Demo-schijf (multitrack opname) Dit is een demo-schijf die een multitrack-opname bevat.
Een grote reeks connectoren ● De CDX-1 is voorzien van vier soorten ingangs-jacks. Aangezien er eveneens een hoge impedantie hoofdtelefoon-jack (GUITAR/BASS) is voorzien, kan u rechtstreeks een gitaar of bass aansluiten. ● Het toestel is uitgerust met MASTER-jacks (stereo) van het type RCAhoofdtelefoon. ● Er zijn zowel coaxiale als digitale I/O connectoren voorzien waardoor digitale aansluitingen met audiotoestellen kunnen worden gemaakt (vb., CD-spelers, DAT-recorders, MD-recorders).
Het geheugen uitbreiden De CDX-1 wordt geleverd met 32 MB geheugen waarin audio-samples kunnen opgeladen worden. In sommige gevallen is het echter mogelijk dat 32 MB geheugen niet volstaat voor het opladen van grote hoeveelheden gegevens. In zo’n geval moet u afzonderlijk aangekocht geheugen (DIMM) plaatsen. Het geheugen kan uitgebreid worden tot 128 MB. Als u 128 MB afzonderlijk verkocht geheugen toevoegt, wordt de standaard van 32 MB geheugen niet langer gebruikt.
Het geheugen uitbreiden 1. Zet de stroom van de CDX-1 en alle aangesloten toestellen uit en ontkoppel alle kabels die met de CDX-1 zijn verbonden. 2. Draai de CDX-1 ondersteboven en verwijder het deksel van het geheugenuitbreidingsvak. fig.
Het geheugen uitbreiden Het geheugen verwijderen Om de geheugenmodule te verwijderen, volgt u de installatieprocedure in omgekeerde richting. 1. Druk de witte klemmen aan weerszijde van de sleuf tegelijkertijd naar beneden. fig.12-05 2. Verwijder de geheugenmodule uit de sleuf. Controleren of het geheugen door de CDX-1 herkend wordt Vooraleer u de CDX-1 opnieuw op randapparatuur aansluit, moet u controleren of het toegevoegde geheugen correct wordt herkend.
Lees/schrijf geheugentest—DIMM-diagnose U kan een lees/schrijftest uitvoeren om te controleren of het bijkomende golfgeheugen dat u hebt geïnstalleerd door de CDX-1 kan worden gebruikt. Voer deze test uit nadat u het geheugen hebt geïnstalleerd of wanneer er een foutmelding in verband met het geheugen wordt getoond. 1. Druk op [UTILITY]. Het menu wordt met ikonen getoond. fig.2-06 2. Druk op CURSOR [ ] om het DIMM Diagnosis-ikoon te selecteren. 3. Druk op [YES/ENTER]. fig.
Over CD-R/RW-schijven Wat is een CD-R/RW-schijf? Met de CDX-1 kan u uw uitvoeringen op een CD-RW-schijf opnemen en tenslotte een CD-R-schijf gebruiken om een originele audio-CD te maken. Eerst volgt er wat basisinformatie over CD-R-schijven en CD-RW-schijven. Wat is een CD-R-schijf? CD-R (Compact Disc Recordable) is een CD waarop gegevens kunnen worden weggeschreven. Op een CD-R-schijf kan u slechts één maal gegevens wegschrijven.
Schijven die men met de CDX-1 kan gebruiken De CDX-1 beschikt over verschillende functies en de schijven die gebruikt worden, verschillen al naargelang de functie. Lijst van bruikbare schijven voor elke handeling fig.
Over CD-R/RW-schijven Omgaan en reinigen van CD-R/RWschijven Omgaan met CD-schijven ● De schijf niet voor een langere periode blootstellen aan direct zonlicht. ● De schijf vastnemen door een vinger in de middenopening te steken en een duim tegen de buitenzijde te drukken. Zorg er voor dat er geen vingerafdrukken op de schijf komen of dat u het opname-oppervlak (het groene oppervlak) van de schijf niet krast. fig.13-05 ● Laat de schijf niet vallen of stapel ze niet op.
Paneelbeschrijvingen Paneelbeschrijvingen Bovenpaneel INPUT-gedeelte fig.14-01e 1 PEAK-indicatoren 2 INPUT SENS-knoppen • [MIC2/Gtr/Bs]: Selecteer dit voor de opname van de klank van een microfoon die aan de MIC2 jack of van de klank die op de GUITAR/ BASS jack is aangesloten. * Gebruik phone- en XLR-jacks die hetzelfde nummer dragen, niet tegelijkertijd. • [LINE]: Selecteer dit wanneer u de klank van een instrument of een CD-speler wil opnemen die op LINE jacks zijn aangesloten.
Paneelbeschrijvingen INSERT EFFECTS-gedeelte LOOP EFFECTS-gedeelte Hierin kan u instellingen maken voor de invoegeffecten (insert effects). Hier kan u instellingen maken voor de loop-effecten. ➔ “De invoegeffecten gebruiken” (pg. 141), “Algoritmelijst van de invoegeffecten” (pg. 175) ➔ “De loop-effecten gebruiken” (pg. 145), “Parameterfuncties van het mixer-effect” (pg. 174) fig.14-03e fig.
AUDIO TRACK-gedeelte TRACK EDIT-gedeelte fig.14-04e fig.14-05e 1 PAN-knop 1 STATUS-knoppen 2 AUDIO TRACK-schuiven 1 2 EQ-knop PAN-knop Deze knop toont een scherm waarin u de pan (links/ rechtspositie van de klank) kan instellen voor elke audio-track. ➔ “De links/rechtspositie (pan) van een ingevoerde klank instellen” (pg. 113), “De links/rechtspositie van elke audio-track instellen”. (pg. 132) 2 1 STATUS-knoppen 1–8 Deze verwisselen de status van elke audio-track.
Paneelbeschrijvingen DISPLAY, UTILITY en UNDO/REDO-knop fig.14-06e 1 DISPLAY-knop Gebruik deze knop om door de schermpagina’s in de display te lopen. ➔ “De basisschermen afwisselen” (pg. 37) 2 1 DISPLAY 2 UTILITY knop knop 3 UNDO/REDO knop UTILITY-knop Met deze knop kan u in een scherm gaan waarin u verschillende functies kan oproepen, met inbegrip van het formatteren van een CD-RW-schijf, backing up samples en systeeminitialisatie.
3 De lampkleur van de knop geeft de huidige status aan. Brandt groen:Playback van samples en de sequence-track. Brandt rood: Opname op de pads of sequence-track. * Om een sequence-track te kunnen afspelen, moet u PAD SEQUENCING [SEQ PLAY] aanzetten (lampje brandt). 4 13 STATUS-knop CLIPBOARD-knop Gebruik deze knop wanneer u een sample van de ene pad naar de andere wil kopiëren. 1–8 knoppen Aan deze pads kan u tot acht samples toewijzen.
Paneelbeschrijvingen AUDIO TRACK RECORD-gedeelte Transport-gedeelte fig.14-09e fig.14-10e 1 AUDIO TRACK RECORD-indicator 2 BOUNCE 3 MIX DOWN knop 1 knop knop BOUNCE-knop ➔ “De uitvoeringen van meerdere audio-tracks combineren—Bounce Recording” (pg. 125) MIX DOWN-knop Deze knop brengt u in de Mixdown-modus. Gebruik deze knop wanneer u audio-tracks in een master-track wil inbrengen om een originele CD te creëren. ➔ “Een mixdown maken” (pg.
4 2 FF (fast-forward)-knop De song wordt vooruit gespoeld wanneer u de knop ingedrukt houdt. 5 REPEAT-knop U kan een fragment specifiëren dat u wil beluisteren en dit herhaaldelijk afspelen. ➔ “Een bepaald fragment herhaaldelijk afspelen—de Repeat-functie” (CD-speler; pg. 51), “Een bepaald fragment herhaaldelijk afspelen—de Repeat-functie” (Multitrack opname; pg. 128) 6 ZERO-knop Brengt u terug naar het begin van de song. 7 STOP-knop Speelt songs af.
Paneelbeschrijvingen Control-gedeelte fig.14-13e 1 NO/EXIT Als u de TIME/VALUE schijf naar rechts draait, zal de waarde voortdurend toenemen. Als u de schijf naar links draait, zal de waarde voortdurend afnemen. 2 YES/ENTER knop knop CD-RW/CD-R/AUDIO CD-indicatiegedeelte Een brandend lampje geeft aan welk type CD er werd geplaatst. fig.
MASTER-gedeelte fig.14-15e Display-gedeelte Hier wordt verscheidene informatie getoond i.v.m. de werking. fig.14-16 1 MASTERING 1 2 3 4 TOOLS-knop 2 EDIT-knop 3 STATUS-knop 4 MASTER-schuif 1 TIME/SONG POSITION Geeft de huidige tijdslocatie van de song aan in “Huidig track nummer/Minuten/Seconden”. Geeft de huidige tijdslocatie van de song aan in “Uren/ Minuten/Seconden/Frames”.
Paneelbeschrijvingen Voorpaneel fig.front_e 1 Schijflade 1 2 Nooduitwerpopening Schijflade Plaats de in te brengen CD in deze lade. 2 Nooduitwerpopening Door deze opening kan de schijflade in noodgevallen worden geopend. ➔ “Als de schijflade niet wil openen” (pg. 36) MERK OP De jack en knop die met het ❋-symbool zijn aangeduid, kunnen niet gebruikt worden. Achterpaneel fig.
4 Sluit hierop een extern MIDI-toestel (bv., MIDI-controller of MIDI-sequencer) aan. • IN Ontvangt MIDI-commando’s van een ander MIDI-toestel. Sluit deze aan op de MIDI OUT-connector van uw extern MIDI-toestel. • OUT/THRU Deze connector verzendt MIDI-commando’s. Sluit deze aan op de MIDI IN-connector van uw extern MIDI-toestel. Op de CDX-1 heeft een enkele connector een dubbele functie voor MIDI OUT en MIDI THRU. In de fabrieksinstellingen functioneert deze als MIDI OUT-connector.
Basiswerking van de CDX-1 Randapparatuur aansluiten Maak aansluitingen zoals in het onderstaande diagram wordt weergegeven. Vooraleer u aansluitingen maakt, moet u er voor zorgen dat de stroom van alle toestellen uitstaat. fig.15-01e Stereo-hoofdtelefoon Elektrische gitaar Elektrische bas Voetpedaal (DP-2 enz.) DAT/MD-recorder etc. Microfoons Ritmetoestel enz. Microfoons Versterker AC-adaptor (PSB-2U) Audio-set enz.
De stroom aan- en uitzetten * Wanneer de aansluitingen gemaakt zijn (pg. 32), moet u de stroom van de verschillende toestellen aanzetten in de hieronder opgegeven volgorde. Wanneer u de toestellen in de verkeerde volgorde aanzet, loopt u het risico dat de luidsprekers en andere toestellen slecht functioneren en/of beschadigd raken. De stroom aanzetten 1. Draai het volume van de aangesloten uitrusting naar de minimumstand. 2. Zet de MASTER-schuif in de laagste stand. 3.
Basiswerking van de CDX-1 De stroom uitzetten MERK OP ● Het is aanbevolen om de CDX-1 uit te zetten met behulp van de POWER-schakelaar en niet door de AC-adaptor uit het stopcontact te trekken of de AC ADAPTOR-jack los te koppelen. ❍ Als u de stroom uitzet zonder de POWER-schakelaar te gebruiken terwijl de interne CDRW drive in werking is, is het mogelijk dat de CD-RW drive niet correct functioneert.
Een schijf plaatsen/verwijderen Een schijf plaatsen MERK OP fig.15-08e Als u de CDX-1 transporteert wanneer er nog een CD in de lade zit, kan de CD of de drive beschadigd raken. Vooraleer u de CDX-1 transporteert of verplaatst, moet u de CD uit de lade verwijderen. EJECT-knop 1. Druk op de EJECT-knop. De schijflade gaat open. 2. Plaats de schijf in de schijflade. 3. Druk nogmaals op de EJECT-knop. De schijflade gaat dicht. De schijflade gaat ook dicht als u lichtjes tegen de voorzijde van de lade drukt.
Basiswerking van de CDX-1 Een schijf verwijderen 1. Druk op de EJECT-knop. De schijflade gaat open. * Als er een CD-RW-schijf in de CDX-1 is geplaatst, verschijnt de boodschap “Save SONG before eject?”. Zie in dit geval de procedure van “Als “Save SONG before eject?” in de display verschijnt”. 2. Verwijder de schijf uit de schijflade. 3. Druk nogmaals op de EJECT-knop. De schijflade gaat dicht. De schijflade gaat ook dicht als u lichtjes tegen de voorzijde van de lade drukt.
De basisschermen afwisselen U kan in de basisschermen van de CDX-1 gaan door op [DISPLAY] te drukken, onder aan het scherm. Zoals hieronder beschreven, zijn er vijf basisschermen waardoor u kan lopen door op [DISPLAY] te drukken. * Wanneer het lampje van AUDIO CD PLAYER en/of AUDIO CD RECORDER brandt, kan u door de schermen van de CD-speler en de Sequence-speellijst lopen door op [DISPLAY] te drukken. Scherm van de CD-speler (pg. 48).
Basiswerking van de CDX-1 Als u twijfelt aan handelingen of schermen —Terugkeren naar het basisscherm Wanneer u nog niet vertrouwd bent met de werking van de CDX-1, is het mogelijk dat u een scherm ziet dat u niet herkent. Als dit gebeurt, moet u op [DISPLAY] drukken om terug te keren naar één van de basisschermen (het recentst geselecteerde). (Zie “De basisschermen,” op de vorige pagina.
Informatie bekijken over de CD-RW-schijf —Song-informatiescherm U kan informatie bekijken over de CD-RW-schijf (song) die in de CDX-1 is geplaatst. 1. Druk op [DISPLAY] om het basisscherm te verwisselen. Het Information-scherm verschijnt. fig.12-07 MERK OP Data Type Remain: Toont de overblijvende capaciteit (tijd) voor het bewerken in min./ sec. Wanneer de mixdown-modus (pg. 133) geselecteerd is, toont dit scherm de overblijvende capaciteit (tijd) voor het opnemen op de mastering track (intern).
Basiswerking van de CDX-1 De CDX-1 terugbrengen tot de fabrieksinstellingen—Initialize De huidige instellingen van de CDX-1 kunnen tot de fabrieksinstellingen worden teruggebracht (geïnitialiseerd). De volgende parameters kunnen geïnitialiseerd worden. ● Global-parameter • Tuner-parameters Zie “Parameterlijst” (pg. 208) voor details over elke parameter en zijn standaardwaarde.
De betekenis van elk Initialize-icoon ● Initialize Global Parameters-icoon fig.15-18 Wanneer u dit icoon selecteert, worden de Global parameters-(pg. 40) tot hun fabrieksinstellingen teruggebracht. ● Initialize Effect Patch-icoon fig.15-19 “Wat is een patch?” (pg. 141) Wanneer u dit icoon selecteert, worden de effect patches U001–U100 tot hun fabrieksinstellingen teruggebracht. ● Initialize Mixer Parameters-icoon fig.
Wat u nodig hebt om uw eigen CD te maken Stappen voor het produceren van een originele CD Hieronder volgt een inleiding op een aantal mogelijkheden die u kan kiezen bij het uitvoeren van de stappen die nodig zijn voor het creëren van uw eigen originele CD met behulp van een CD-R-schijf. fig.16-04 4 Mogelijkheid 1 fig.16-01 1 WAVE AUDIO CD Combineer de uitvoeringen die op meerdere audio-tracks zijn opgenomen naar twee kanalen stereo (mixdown).
Mogelijkheid 2 Mogelijkheid 3 fig.16-01 1 WAVE AUDIO CD Sample audio-materiaal van een sample-CD (“clip audio” collectie) of laad Windows WAVE-bestanden op en wijs de klanken toe aan pads. ➔ “Naar een pad samplen” (pg. 56) fig.16-01 1 WAVE AUDIO CD Sample audio-materiaal van een sample-CD (“clip audio” collectie) of laad Windows WAVE-bestanden op en wijs de klanken toe aan pads. ➔ “Naar een pad samplen” (pg. 56) fig.16-02 fig.
Wat u nodig hebt om uw eigen CD te maken Mogelijkheid 4 fig.16-09 1 AUDIO CD Neem externe audio-bronnen rechtstreeks op een CD-R-schijf op zonder de audio-tracks te gebruiken. ➔ “Een externe audio-bron op een CD-R-schijf opnemen” (pg. 161) fig.16-10 2 Uw originele audio-CD is nu voltooid.
De demo-schijf beluisteren Hieronder wordt beschreven hoe u de demo-schijf moet afspelen en de demo-song moet beluisteren. De demo-schijf spelen fig.16-11 2 4 5 6 8 9 7 3 MERK OP • Het gebruik van de demo-schijf die met dit toestel is meegeleverd, voor elk ander gebruik dan privédoeleinden en zonder toestemming van de auteursrechthouder, is door de wet verboden.
Wat u nodig hebt om uw eigen CD te maken Het volume van elke audio-track aanpassen—AUDIO TRACKschuiven Het volume van audio-tracks 1–8 wordt aangepast met de AUDIO TRACK-schuiven (1–8). * Als het [STATUS] lampje van een audio-track gedoofd is, zal u geen klank horen, in welke positie de AUDIO TRACK-schuif zich ook bevindt. Om de track af te spelen moet u zo lang op [STATUS] drukken tot het lampje groen gaat branden. Druk op pads om audio-samples af te spelen fig.16-12 2 3 1.
Een audio-CD spelen 47
Een audio-CD spelen—de CD Player Over de display Scherm van de CD-speler Wanneer u een audio-CD plaatst, verschijnt het scherm van de CD-speler. fig.2-01e nummer van de huidige track totaal aantal tracks op de schijf Selectie van de tijd-display Tijd totale track-tijd op de schijf Niveaumeter (L/R) De tijd-display veranderen U kan vier soorten tijd-display selecteren. Draai aan de TIME/VALUE-schijf om de tijd-display te veranderen.
Een audio-CD spelen—de CD Player Een song spelen en stoppen Hier wordt beschreven hoe u een audio-CD moet spelen op de CDX-1. Een audio-CD spelen Een audio-CD spelen en stopzetten 1. Plaats een audio-CD zoals beschreven in “Een schijf plaatsen” (pg. 35). fig.2-02 Het scherm van de CD Player verschijnt. 2. Verplaats de AUDIO CD-schuif (AUDIO TRACK 7-8 schuif) naar ongeveer 0 dB. fig.
Een audio-CD spelen—de CD Player De playback-locatie veranderen Naar de volgende/vorige track gaan ■ Wanneer de song is stopgezet Druk op SEARCH [ ] om naar de vorige track te gaan. Druk op SEARCH [ ] om naar de volgende track te gaan. ■ Wanneer een song gespeeld wordt Druk op SEARCH [ wordt gespeeld. ] om naar het begin te gaan van de track die op dit moment Druk op SEARCH [ ] om naar de vorige track te gaan.
Een audio-CD spelen—de CD Player Een bepaald fragment herhaaldelijk afspelen—De Repeat-functie U kan een fragment specifiëren dat u wil beluisteren en dit herhaaldelijk afspelen. Een audio-CD spelen Het te herhalen fragment aanduiden 1. Gebruik REW [ ] /FF [ 2. Druk op REPEAT [ ] om naar de locatie te gaan waar u de herhaling wil beginnen. ]. Het lampje van REPEAT [ ] flikkert, wat aangeeft dat de huidige locatie vastgelegd is als het startpunt van de herhaling (A). fig.
Een audio-CD spelen—de CD Player De manier veranderen waarop het audio CD-volume wordt aangepast In de fabrieksinstellingen is het audio CD-volume zo ingesteld dat het aangepast kan worden door de AUDIO CD-schuif (AUDIO TRACK 7-8 schuif) en de MASTERschuif. Als u het volume van audio-CD’s alleen met de MASTER-schuif wil aanpassen (zonder de AUDIO CD-schuif te gebruiken) moet u de volgende procedure gebruiken om de instelling te veranderen. 1. Druk op [UTILITY]. Het menu wordt met iconen getoond fig.
Audiomateriaal verzamelen 53
Een klank op een pad opnemen—Sampling Wat is samplen? Samplen verwijst naar het proces waarmee audio-bronnen zoals instrumenten of stemmen digitaal kunnen worden opgenomen. Audio-bronnen die u gesampled hebt door een instrument echt te bespelen of door een deel te knippen uit een bestaande uitvoeringen worden door de CDX-1 audio-samples genoemd (hierna gewoon “samples” genoemd).
Een klank op een pad opnemen—Sampling Een naam geven aan een pad-bank U kan elk van de 64 pad-banks een naam geven van maximaal tien karakters. Als u namen aan pad-banks heeft toegewezen, is het gemakkelijker om achteraf de gewenste bank te selecteren. Voor de duidelijkheid kan u de pad-bank een naam geven zoals in de onderstaande voorbeelden. • Soorten samples Voorbeelden:“DrumLoop1,” “Male Voice,” “SFX” • Data waarop u gesampled heeft Voorbeelden:“1.
Een klank op een pad opnemen—Sampling Naar een pad samplen Een externe klank samplen Bij wijze van voorbeeld, verduidelijken we hier hoe u een synthesizer moet aansluiten en deze moet samplen. 1. Sluit uw synthesizer aan op de CDX-1 zoals beschreven in “Randapparatuur aansluiten” (pg. 32) en druk daarna op INPUT SELECT [LINE L/R]. Het lampje van INPUT SELECT [LINE L/R] gaat branden. 2. Draai aan de INPUT SENS-knop om de ingangsgevoeligheid aan te passen.
Een klank op een pad opnemen—Sampling Samplen van een CD audio clip-collectie die in de CDX-1 is geplaatst Hier wordt beschreven hoe u audio-materiaal kan samplen van een CD audio-clip collectie (vrij van auteursrechten) die in de CDX-1 geplaatst is. 1. Plaats de audioclip-CD in de CDX-1. 2. Druk op PAD RECORDING [PAD REC]. Zie “Instellingen maken in het Sampling-scherm” (pg. 60) voor meer details. fig.31-05 Het lampje van [PAD REC] flikkert en het Sampling-scherm verschijnt.
Een klank op een pad opnemen—Sampling Een Windows WAVE-bestand inladen Sommige in de handel verkrijgbare sampling CD audio-clip-collecties (vrij van auteursrechten) die werden ontworpen voor gebruik in muziekproductie zijn CD’s met gemengde modi die zowel audio-bestanden als WAVE-bestanden bevatten. Met de CDX-1 kan u deze WAVE-bestanden opladen en ze aan de pads toewijzen. WAVE-bestand (pg. 207) 1. Plaats een gemengde modi CD (AUDIO+WAVE) zoals beschreven in “Een schijf plaatsen” (pg. 35). 2.
Een klank op een pad opnemen—Sampling De preview-lengte van Windows WAVE-bestanden verwisselen. De preview-lengte van WAVE-bestanden die ingevoerd zijn zoals beschreven in “Een Windows WAVE-bestand opladen” (pg. 58) kan verwisseld worden. 1. Druk op [UTILITY]. Het menu wordt met iconen getoond. 2. Druk op CURSOR [ ] om het System-icoon te selecteren. fig.2-06 Een klank op een pad opnemen 3. Druk op [YES/ENTER]. Het instelscherm van System verschijnt. 4.
Een klank op een pad opnemen—Sampling Instellingen maken in het Sampling-scherm Het Sampling-scherm verschijnt in stap 3 van “Een externe klank samplen” (pg. 56) of in stap 2 van “Samplen van een CD audio clip-collectie die in de CDX-1 is geplaatst” (pg. 57). Maak indien nodig instellingen voor de verschillende items in het Sampling-scherm om de instellingen te wijzigen.
Een klank op een pad opnemen—Sampling Stereo of mono specifiëren—Type U kan opgeven of de klank in mono of stereo gesampled wordt. fig.31-07b 1. Druk op CURSOR [ ] om de cursor naar de “Type”-lijn te verplaatsen. 2. Draai aan de TIME/VALUE-schijf om “STEREO” of “MONO” te selecteren. Mono-sampling gebruikt slechts de helft van het geheugen van stereo-sampling. Dit heeft echter geen effect op het aantal samples die tegelijkertijd kunnen worden gespeeld. (“Samples tegelijkertijd spelen”; pg. 69).
Een klank op een pad opnemen—Sampling Er voor zorgen dat u het begin van een klank opneemt —Pre Trigger Afhankelijk van de sampling-voorwaarden, is het mogelijk dat het begin van de klank niet opgenomen wordt. Wanneer u de pre-trigger-tijd juist instelt, kan u dit probleem vermijden door net iets voor het moment waarop de audio-invoer wordt gedetecteerd met het samplen te beginnen. fig.31-07d 1. Druk op CURSOR [ ] om de cursor naar de “Pre Trigger”-lijn te verplaatsen. 2.
Een klank op een pad opnemen—Sampling Van een pad naar een andere pad samplen—Resampling U kan één of meer pads indrukken om hun samples te spelen en het resultaat “hersamplen”. Dit wordt resampling genoemd. 1. Druk op PAD RECORDING [PAD REC]. fig.31-05 MERK OP Wanneer u hersamplet, kan u maximaal drie samples tegelijkertijd spelen. Het lampje van [PAD REC] begint te flikkeren en het scherm van Sampling verschijnt. fig.31-07c 2. Druk op CURSOR [ ] om de cursor naar de “Start with”-lijn te verplaatsen.
Een klank op een pad opnemen—Sampling Als “Memory Full” in de display verschijnt Als het resterende geheugen tijdens het samplen volledig is opgebruikt, verschijnt “Memory Full!” (geen resterend geheugen) in de display en wordt het samplen stopgezet. Deze boodschap verdwijnt wanneer u op eender welke knop drukt, zoals bijvoorbeeld op [DISPLAY] of [NO/EXIT] (de klanken die tot op dit moment werden opgenomen, worden in het intern geheugen bewaard). In dit geval moet u de Optimize Sample-functie gebruiken.
Een klank op een pad opnemen—Sampling Een sample wissen —Delete Sample Hier wordt beschreven hoe u een ongewenste sample kan wissen om een pad vrij te maken. Samples afzonderlijk wissen 1. Houd PAD RECORDING [DELETE] ingedrukt en druk op een pad om de sample te selecteren die u wenst te wissen. De sample wordt gewist. Druk op [UNDO/REDO] (pg. 138) wanneer u het wissen van de sample wil annuleren. Een klank op een pad opnemen Alle samples van een pad bank wissen—Bank Erase 1.
Een klank op een pad opnemen—Sampling Voorkomen dat pads per ongeluk gewist worden—Bank Protect De samples die aan de pads zijn toegewezen kunnen beveiligd worden tegen ongewild wissen zodat ze niet verloren gaan tijdens ongewilde handelingen of door ze ongelukkigerwijze te overschrijven. Een beveiligde pad-bank en zijn samples worden als volgt behandeld. • Als u probeert te samplen, verschijnt de waarschuwing “Bank is Protected.” en zal u niet kunnen samplen.
Een klank op een pad opnemen—Sampling Pad/Sequence op een CD-RW-schijf bewaren Pad en Sequence (pg. 88) kunnen op een CD-RW-schijf worden bewaard. Meer over het bewaren van Pad/Sequence Wanneer u een sequence samplet of creëert (pg. 88), wordt Pad/Sequence tijdelijk opgeslagen in het intern geheugen van de CDX-1. Dit betekent dat u zelfs een sequence kan samplen en creëren (pg. 88) wanneer er geen CD-RW-schijf werd geplaatst. Pad/Sequence bewaren * Deze handeling bewaart de volgende parameters m.b.t.
Een klank op een pad opnemen—Sampling Pad/Sequence van een CD-RW-schijf opladen Om een Pad/Sequence op te laden die op een CD-RW-schijf is bewaard, moet u volgende procedure uitvoeren. 1. Druk op [UTILITY]. Het menu wordt met iconen getoond. fig.31-14 2. Druk op CURSOR [ ] om het Load PAD/SEQ-icoon te selecteren. 3. Druk op [YES/ENTER]. De boodschap “Load PAD/SEQ data?” verschijnt. 4. Druk op [YES/ENTER]. In de display verschijnt “Loading PAD/SEQ...,” en de gegevens worden opgeladen.
De pad-samples spelen Basismethoden om samples te spelen Een sample spelen Druk een pad in waarop een sample werd opgenomen (lampje brandt) en de pad zal spelen. Er zijn drie manieren om een pad te doen starten/stoppen. Zie “De manier veranderen waarop een pad begint en stopt met klinken—Pad Play” (pg. 70) voor meer details. Het algemene sample-volume aanpassen Het algemene geluidsvolume van de samples die u speelt met de pads kan worden aangepast met de PAD/SEQ LEVEL-schuif en de MASTER-schuif.
De pad-samples spelen De manier veranderen waarop een pad begint en stopt met klinken—Pad Play 1. Druk twee maal op PAD RECORDING [TEMPO MATCH]. U kan ook op [TEMPO MATCH] drukken en daarna CURSOR [ ] indrukken. fig.31-03 Het Pad Edit-menu wordt met iconen getoond. fig.32-01 2. Zorg er voor dat de cursor op het pad parameter-icoon staat. 3. Druk op [YES/ENTER]. Het pad parameter-scherm verschijnt. 4. Druk op de pad van de sample waarvoor u instellingen gaat maken.
De pad-samples spelen De pads in elkaar laten overlopen terwijl u speelt — Pad Crossfade Wanneer u Pad Crossfade gebruikt, kan u pad-samples spelen zonder dat er leemten ontstaan tussen de klanken van elke pad. Telkens u een pad indrukt, wordt zijn sample automatisch aan een crossfade onderworpen (neemt de sample toe en af). Pad-samples kunnen alleen rechtstreeks op een CD-R-schijf worden opgenomen wanneer Pad Crossfade aanstaat.
De pad-samples spelen De klank laten doorklinken wanneer u uw hand van de pad hebt weggenomen—Hold In sommige gevallen is het mogelijk dat u wenst dat een sample waarvan de Pad Play-instelling (pg.70) op “GATE” staat (begint te klinken wanneer u op de pad drukt en stopt met klinken wanneer u de pad loslaat) zelfs blijft doorklinken wanneer u uw hand van de pad hebt weggenomen. In deze gevallen kan u de Holdfunctie gebruiken. Hold gebruiken 1. Houd een pad ingedrukt die op “GATE” staat en druk op [HOLD].
De pad-samples spelen Herhaaldelijk spelen—Loop mode Loop verwijst naar een toestand waarin een sample herhaaldelijk wordt gespeeld vanaf zijn startpunt (het begin van de klank) tot zijn eindpunt (het einde van de klank of een opgegeven gebied). Deze functie is handig wanneer u herhaaldelijk een sample wil spelen om een basisritme te creëren. 1. Druk twee maal op PAD RECORDING [TEMPO MATCH]. U kan ook op [TEMPO MATCH] drukken en daarna CURSOR [ ] indrukken. fig.
De pad-samples spelen Voorkomen dat specifieke samples tegelijkertijd klinken—Mute Groups Samples die niet tegelijkertijd moeten klinken (of die u niet tegelijkertijd wil horen) kunnen aan dezelfde mute-groep worden toegewezen. De CDX-1 is voorzien van zeven mute-groepen en samples die aan dezelfde mute-groep zijn toegewezen, zullen niet samen klinken. fig.
De pad-samples spelen Een sample spelen met een aangesloten voetschakelaar Als er een afzonderlijk verkochte voetschakelaar (vb., DP-2 of BOSS FS-5U) is aangesloten, kan u de sample van een gespecifieerde pad spelen door de voetschakelaar in te drukken. De functie van de voetschakelaar specifiëren 1. Sluit een afzonderlijk verkochte voetschakelaar (DP-2, BOSS FS-5U, enz.) aan op de FOOT SWITCH-jack.
De sample van een pad bewerken De 512 samples (8 pads x 64) die in de CDX-1 zijn opgeslagen kunnen op verschillende manieren worden bewerkt, zoals door het aanpassen van hun volume of hun lengte. Samples kunnen zowel bewerkt worden door een nieuwe sample te creëren voor een andere pad, als door gewoonweg de instellingen van dezelfde pad te wijzigen.
De sample van een pad bewerken Het juiste tempo van een sample tonen fig.33-02 In de rechterbovenhoek van het scherm van Pad Parameter wordt het tempo van de sample getoond in eenheden BPM (Beats Per Minute: het aantal slagen in één minuut). Oorspronkelijk is dit ingesteld Om dit echter accuraat te tonen, moet u de CDX-1 het aantal slagen in de sample en de nootwaarde van elke slag laten weten. op x8 (vierde noot x 8 noten).
De sample van een pad bewerken De start/eindpunten van de klank aanpassen—Trim Sample U kan het deel van de sample specifiëren dat gespeeld zal worden wanneer u de pad indrukt. Wat zijn Start/Loop-punten en wat is Lengte? fig.33-04e Het einde van de sample Het begin van de sample Lengte Lengte Startpunt Loop-punt Eindpunt Startpunt: Dit is het punt waarop de klank begint.
De sample van een pad bewerken Automatisch lege fragmenten verwijderen in het begin en op het einde van samples Hiermee verwijdert u automatisch blanco fragmenten die kunnen voorkomen voor de sample begint te spelen of nadat de sample beëindigd is. 1. Druk twee maal op PAD RECORDING [TEMPO MATCH]. U kan ook op [TEMPO MATCH] drukken en daarna CURSOR [ ] indrukken fig.31-03 Het Pad Edit-menu wordt met iconen getoond. fig.2-06 ] om het Trim- De sample van een pad bewerken 2.
De sample van een pad bewerken Expansie of compressie van een sample om de lengte of het tempo te wijzigen Als u wil dat de lengte en het tempo van verschillende samples overeenkomen, kan u de tijd waarin de sample wordt gespeeld korter of langer maken. Het tempo doen overeenkomen met dat van een andere sample—Tempo Match Het is eenvoudiger om uw song te bewerken als het materiaal dat u verzamelde eenzelfde tempo heeft.
De sample van een pad bewerken Expansie of compressie aan een vastgelegd percentage of tempo—Time Stretch Aangezien deze functie het tempo accuraat moet kunnen berekenen om een hoogkwalitatieve expansie of compressie te kunnen uitvoeren, moet u eerst de procedure “Het juiste tempo van een sample tonen” (pg. 77) uitvoeren om het aantal slagen in de originele sample te specifiëren.
De sample van een pad bewerken Een sample naar een andere pad kopiëren —Clipboard (plakboek) Door een sample voorlopig naar het plakboek te kopiëren, kan u op eenvoudige manier een sample van de ene pad naar de andere kopiëren. 1. Houd de pad ingedrukt van de sample die u wil verplaatsen (het lampje van de pad gaat branden) en druk op [CLIP BOARD]. Het lampje van [CLIP BOARD] brandt. * Als [CLIP BOARD] reeds een sample bevat, wordt deze door de nieuwe sample overschreven. 2.
De sample van een pad bewerken Een sample verdelen over verschillende pads—Divide Sample Het is mogelijk dat u na het samplen van een lange uitvoering de sample in twee delen wil verdelen en deze delen als nieuwe samples aan verschillende pads wil toewijzen. Dit kan u doen met de Divide Sample-functie. Dit is handig wanneer u een sample zonder onderbreking wil opnemen om deze later in kortere samples te verdelen die aan de pads zullen worden toegewezen.
De sample van een pad bewerken Een sample automatisch splitsen op stille stukken 1. Druk twee maal op PAD RECORDING [TEMPO MATCH]. U kan ook op [TEMPO MATCH] drukken en daarna CURSOR [ ] indrukken fig.31-03 Het Pad Edit-menu wordt met iconen getoond. fig.33-09 2. Druk op CURSOR [[ icoon te selecteren. ] om het Divide- 3. Druk op [YES/ENTER]. fig.33-10 Het scherm van Divide Sample verschijnt. 4.
De sample van een pad bewerken Een sample verdelen op het moment waarop u een knop indrukt 1. Druk twee maal op PAD RECORDING [TEMPO MATCH]. U kan ook op [TEMPO MATCH] drukken en daarna CURSOR [ ] indrukken fig.31-03 Het Pad Edit-menu wordt met iconen getoond. fig.33-09 ] om het DivideDe sample van een pad bewerken 2. Druk op CURSOR [ icoon te selecteren. 3. Druk op [YES/ENTER]. fig.33-10 Het scherm van Divide Sample verschijnt. 4.
De sample van een pad bewerken Een “reverse tape” sample creëren— Create Reversal Met deze functie kan u een sample creëren die klinkt alsof een bandopnemer achterstevoren wordt gespeeld. 1. Druk twee maal op PAD RECORDING [TEMPO MATCH]. U kan ook op [TEMPO MATCH] drukken en daarna CURSOR [ ] indrukken fig.31-03 Het Pad Edit-menu wordt met iconen getoond. fig.33-11 2. Druk op CURSOR [ ] om het Create Reversal-icoon te selecteren. 3. Druk op [YES/ENTER]. fig.
De sample van een pad bewerken Het sample-niveau zo veel mogelijk verhogen—Normalize Normalize is een functie die het niveau van de volledige sample verhoogt zonder het maximale niveau te overschrijden. 1. Druk twee maal op PAD RECORDING [TEMPO MATCH]. U kan ook op [TEMPO MATCH] drukken en daarna CURSOR [ ] indrukken. fig.31-03 Het Pad Edit-menu wordt met iconen getoond. De sample van een pad bewerken fig.33-13 2. Druk op CURSOR [ ] om het Normalize-icoon te selecteren. 3. Druk op [YES/ENTER]. fig.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Wat is een sequence? U kan een song creëren door opeenvolgende pad-samples te spelen. Met de CDX-1 kan u pad-handelingen opnemen; d.i., “welke pad er wordt ingedrukt”, “in welke volgorde” en “hoe lang”. Gegevens van pad-handelingen die op deze manier zijn opgenomen, worden sequences genoemd. Met de CDX-1 kan u op twee manieren een sequence opnemen: in realtime recording en step recording.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence De verhouding tussen sequences en frasen Het sequence-tempo kan worden veranderd in het instelscherm van Rhythm Guide of Tempo Map.Wanneer het tempo trager wordt gemaakt, wordt het interval waarin de frase klinkt langer. Omgekeerd maakt het verhogen van het tempo het interval korter. In beide gevallen is het echter niet mogelijk om het uitvoeringstempo van de frasen zelf (het tempo wanneer de frase werd opgenomen) te veranderen. fig.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Pad-handelingen opnemen terwijl u pads speelt—Realtime Recording Realtime recording van pad-handelingen gebeurt wanneer de timing waarin de pads ingedrukt en losgelaten worden in de sequence-track wordt opgenomen. Aangezien de echte klanken die u hoort niet opnieuw in de sequence-track zijn opgenomen, vermindert de resterende opnametijd op deze manier niet. Het is evenmin noodzakelijk om het opnameniveau in te stellen.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Opnemen terwijl u de playback van een andere sequence-track beluistert U kan een sequence-track selecteren voor playback en daarna realtime recording uitvoeren terwijl u de playback van de geselecteerde sequence-track beluistert. 1. Selecteer de sequence-track die u wil spelen, zoals beschreven in stap 1–3 van “Een sequence-track spelen” (pg. 96). 2. Volg de hierboven beschreven “Realtime recording” procedure.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Onnauwkeurigheden in de timing verbeteren terwijl u opneemt—Quantize Pad-handelingen worden op de track opgenomen met een maatprecisie van 1/96ste van een slag. Dit betekent dat het tamelijk moeilijk is om de opname van de padhandelingen exact in het begin van een maat, vierde noten, of achtste noten uit te voeren wanneer u realtime recording gebruikt.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Pad-handelingen opnemen met een gespecifieerd interval—Step Recording Met de CDX-1 kan u pad-handelingen opnemen op een sequence-track terwijl de playback gestopt blijft. Dit is hetzelfde als zou u de pad-samples in eerder gespecifieerde intervals (stappen) plakken. Dit noemt men step recording. Knopfuncties tijdens step recording Tijdens step recording hebben de knoppen de volgende functies.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Step recording In de hierna volgende verklaring stellen we dat pad [1] en [2] samples bevatten en dat u op de sequence-track wil opnemen zoals in het diagram wordt getoond. fig.34-04e Pad Pad Phrase Phrase Pad Pad Pad Pad Step 4 Step 5 (rest) Step 1 Step 2 Step 3 The flow of Operation 1. Gebruik REW [ ] /FF [ ] of de TIME/VALUE-schijf om naar de plaats te gaan waar u de opname wil beginnen, zoals bv. het begin van de gewenste maat 2.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Parameterinstellingen voor step recording ● Stap: “SMPL” (sample): “MEAS” (maat): Ga het aantal tikken (van het huidige tempo) vooruit dat overeenkomt met de lengte van de pad-sample. Ga vooruit tot het begin van de volgende maat. ”: Ga 192 tikken vooruit. “ ”: Ga 96 tikken vooruit. “ ”: Ga 64 tikken vooruit. “ ”: Ga 48 tikken vooruit. “ ”: Ga 32 tikken vooruit. “ ”: Ga 24 tikken vooruit. “ ”: Ga 16 tikken vooruit.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Een sequence-track spelen Het aantal klanken dat tegelijkertijd kan worden gespeeld is een totaal van vier stereo-klanken voor audio track-playback, pad-playback en sequence track playback. Wanneer de sequence aanstaat, zal de playback in de volgende volgorde gebeuren: sequence-tracks → audio-tracks → pads. 1. Druk op PAD SEQUENCING [SEQ PLAY]. fig.34-07 Het lampje van [SEQ PLAY] en het scherm van Sequence Play List verschijnt.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Sequence-tracks en audio-tracks tegelijkertijd spelen Wanneer sequence aanstaat, doven de [STATUS] lampjes van alle audio-tracks. Als u audio-tracks tegelijkertijd wil afspelen, moet u een voldoende aantal keren op [STATUS] van een audio-track drukken zodat het lampje groen gaat branden. Het is echter niet mogelijk om een audio-track tegelijkertijd af te spelen met de overeenkomstige sequence-track die als playback-doel geselecteerd is.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Een sequence-track bewerken De samples die in een sequence-track gerangschikt zijn, kunnen bewerkt worden door de locatie te verschuiven waarop ze zullen gespeeld worden, door ze op een andere locatie te plakken of door ze te wissen. Dit vergemakkelijkt het aanbrengen van verbeteringen aan volledige frasen zonder opnieuw te moeten opnemen. Een frase verplaatsen—Move Deze functie verplaatst een specifieke frase naar een andere locatie.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Een frase op een andere plaats plakken—Paste Als er al iets opgenomen is op de plakbestemming, zal dit overschreven worden door de zopas geplakte frase. fig.34-12 1 2 3 4 5 1 2 3 2 5 1. Druk op PAD SEQUENCING [EDIT]. fig.34-10 2. Druk op CURSOR [ icoon te selecteren. ] om het Paste- 3. Druk op [YES/ENTER]. Als [SEQ PLAY] uitstaat, moet u op [EDIT] drukken zodat het onmiddellijk wordt aangezet (lampje brandt).
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Een frase knippen—Cut Wanneer u een frase wegknipt, schuiven alle volgende frasen een plaats op. fig.34-14 1 2 3 4 1 3 4 5 5 1. Druk op PAD SEQUENCING [EDIT]. Het lampje van [EDIT] gaat branden en het Sequence Edit-menu wordt met iconen getoond. fig.34-10 2. Druk op CURSOR [ icoon te selecteren. ] om het Cut - 3. Druk op [YES/ENTER]. Als [SEQ PLAY] uitstaat, moet u op [EDIT] drukken zodat het onmiddellijk wordt aangezet (lampje brandt).
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Frasen wissen—Erase De frase die u wist, zal niet meer klinken. Zelfs wanneer er frasen op de gewiste frase volgen, zullen deze niet vooruit geschoven worden. fig.34-16 1 2 1 3 4 5 3 4 5 1. Druk op PAD SEQUENCING [EDIT]. fig.34-10 2. Druk op CURSOR [ icoon te selecteren. ] om het Erase 3. Druk op [YES/ENTER]. Als [SEQ PLAY] uitstaat, moet u op [EDIT] drukken zodat het onmiddellijk wordt aangezet (lampje brandt).
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Een frase op een andere plaats invoegen—Insert Als er op de invoegbestemming al iets was opgenomen, worden de volgende frasen zo ver als de lengte van de ingevoegde frase achteruit geschoven. fig.34-18 1 2 3 4 5 1 2 3 2 4 5 1. Druk op PAD SEQUENCING [EDIT]. Het lampje van [EDIT] gaat branden en het Sequence Edit-menu wordt met iconen getoond. fig.34-10 2. Druk op CURSOR [ icoon te selecteren. ] om het Insert- 3. Druk op [YES/ENTER].
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence De frase op de huidige plaats splitsen—Split Deze functie splitst de frase op “NOW” (de huidige locatie). Door een frase te splitsen, kan u een gedeelte van de frase wissen of op een andere plaats plakken. fig.34-20 1 1 2 2 2' 3 4 5 3 4 5 1. Druk op PAD SEQUENCING [EDIT]. fig.34-10 2. Druk op CURSOR [ icoon te selecteren.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence De timing van elke frase nauwkeurig aanpassen—Adjust Timing De plaatsing van frasen op de sequence-tracks wordt door de volgende formats bepaald. • • Vanaf welke maat, slag en tiknummer (Start) De expressielengte in slagen en tikken (Duurtijd) Met de Adjust Timing-functie kan u deze waarden veranderen. Adjust Timing heeft drie schermen.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Offset en Eindpunt “WaveOffset” en “WaveEnd,” de parameters die in stap 9 zijn geselecteerd, bepalen welk deel van de golfvormgegevens voor een frase gebruikt wordt. fig.34-21g Start Duurtijd Wave Offset Audio-samples schikken om een song tecreëren 00000000 Wave Enindpunt Zowel het Offset- als het Eindpunt worden aangeduid met waarden bestaande uit 8 cijfers, net zoals de startpunten van sample-reading (pg. 78).
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Bewerken in het scherm van Sequence Play List—Quick Edit Het is handig om een te bewerken frase te selecteren als u de volledige part in de Play List ziet. 1. Druk op PAD SEQUENCING [SEQ PLAY]. ig.34-10 Het lampje van [SEQ PLAY] gaat branden en het scherm van Sequence Play List verschijnt. 2. Druk op CURSOR [ ]. fig.34-10 In balk A van “Tr.SEL” (track select) verschijnt een cursor. 3. Druk op CURSOR [ ][ ] om de cursor naar de “Tr.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence Een sequence-track wissen Een ongewenste sequence-track kan als volgt gewist worden. 1. Druk op PAD SEQUENCING [EDIT]. Het lampje van [EDIT] gaat branden en het Sequence Edit-menu wordt met iconen getoond. fig.34-23 2. Druk op CURSOR [ ] om het Erase Track-icoon te selecteren. Als [SEQ PLAY] uitstaat, moet u op [EDIT] drukken zodat het onmiddellijk wordt aangezet (lampje brandt). Daarnaast zal het [STATUS] lampje van alle audio-tracks uitdoven. 3.
Audio-samples schikken om een song te creëren—Sequence De sequence playback-klank op een audio-track opnemen Wanneer u een sequence hebt gecreëerd die u bevalt, kan u de playback-klank van de sequence opnemen op een audio-track. U kan zelfs de drie sequence-tracks allemaal samen afspelen en ze combineren in twee audio-tracks (stereo). 1. Druk op PAD SEQUENCING [SEQ PLAY]. fig.34-07 Het lampje van [SEQ PLAY] gaat branden en het scherm van Sequence-Play List verschijnt.
Een audio-CD creëren 109
Voorbereiden van de opname—Multitrack recording Wat is multitrack-opname? De CDX-1 is uitgerust met acht “audio-tracks” die worden gebruikt om de parts waaruit een song bestaat onafhankelijk op te nemen en te beheren. Op elke audiotrack kan u verschillende parts opnemen, zo kan u bijvoorbeeld de stemmen op audio-track 1 en de gitaar op audio-track 2 opnemen. Parts opnemen op afzonderlijke audio-tracks wordt multitrack-opname genoemd.
Voorbereiden van de opname—Multitrack recording 7. Druk op [YES/ENTER]. fig.41-01 De boodschap “Format OK?” verschijnt in het scherm. 8. Druk op CURSOR [ ] om “OK” te selecteren en druk op [YES/ENTER]. Het formatteren wordt uitgevoerd. Wanneer het formatteren voltooid is, verschijnt de boodschap “Completed” in het scherm. Als u op [YES/ENTER] drukt om “CANCEL” te selecteren, zal het scherm van CDRW Format opnieuw verschijnen. 9. Druk op [YES/ENTER] om naar het basisscherm terug te keren.
Voorbereiden van de opname—Multitrack recording De volledige inhoud van een CD-RW-schijf wissen Het is mogelijk dat u de gegevens die op een CD-RW-schijf zijn opgeslagen niet langer wil bewaren en dat u dezelfde CD-RW-schijf wil gebruiken voor een andere uitvoering. U kan ook een CD-RW-schijf gebruiken die vroeger door een computer werd gebruikt. In zulke gevallen moet u de Disc Format-handeling uitvoeren. 1. Druk op [UTILITY]. Het menu wordt met iconen getoond. fig.41-03 2.
Voorbereiden van de opname—Multitrack recording De klank van een aangesloten instrument controleren De ingangsbron selecteren Druk op de INPUT SELECT knop(pen) van de instrumenten die u wil opnemen. Het lampje van de geselecteerde knop(pen) gaat branden. De ingangsgevoeligheid aanpassen 1. Draai aan de INPUT SENS-knop om de ingangsgevoeligheid aan te passen. Zie “Paneelbeschrijvingen: achterpaneel” (pg. 30) en “Paneelbeschrijvingen: INPUT-gedeelte” (pg.
Voorbereiden van de opname—Multitrack recording Een instrument stemmen—Tuner De CDX-1 is voorzien van een ingebouwde chromatische tuner-functie waarmee u uw instrument snel kan stemmen. De ingebouwde tuner ondersteunt zowel gitaar als basgitaar. Hier wordt met een voorbeeld aangetoond hoe u de tuner moet gebruiken om uw gitaar te stemmen. De stemming aanpassen 113) voor details over de selectie van de ingangsbron. Controleer vooraleer u begint of. • uw gitaar aangesloten is op de GUITAR/BASS -jack.
Voorbereiden van de opname—Multitrack recording Over de tuner-display ● Screen display De ingebouwde tuner van de CDX-1 toont de referentietoonhoogte, de nootnaam en een tuning-meter (zie afbeelding). fig.
Voorbereiden van de opname—Multitrack recording De ritmemeter (Rhythm Guide) gebruiken Wanneer u opneemt, is het gemakkelijk om de ingebouwde ritmemeter te gebruiken. Als u samen met de ritmemeter opneemt, kan u verschillende handige functies gebruiken zoals het bewerken van tracks in maateenheden of het synchroniseren van de uitvoering met externe toestellen. “Het tempo en ritmepatroon van de song instellen – Tempo Map” (pg.
Voorbereiden van de opname—Multitrack recording Het ritmepatroon veranderen 1. Druk op RHYTHM GUIDE [PATTERN/TEMPO]. Het instelscherm van Rhythm Guide Setting verschijnt. fig.41-13c 2. Druk op CURSOR [ ] om de cursor naar de “Pattern”-lijn te verplaatsen. De ritmemeter bevat een groot gamma ritmepatronen, met inbegrip van een metronoom. Zie “Rhythm Pattern-lijst” (pg. 172) voor meer details. 3. Draai aan de TIME/VALUE-schijf om het gewenste ritmepatroon te selecteren. 4.
Voorbereiden van de opname—Multitrack recording 4. Gebruik CURSOR [ ][ ] om de cursor naar het item te verplaatsen dat u wil bewerken en draai aan de TIME/VALUE-schijf om de waarde te bewerken. MEAS (maat): Specifieert de startmaat (1–9999) van de tempomap. De maten en slagen die in de display getoond worden, de klank van de ritmemeter en de MIDI-klokgegevens die vanuit de CDX-1 worden verstuurd, volgen de instellingen van deze maat. TEMPO: Specifieert het tempo (20.00–250.00) van de tempomap.
Een uitvoering opnemen/afspelen Een uitvoering opnemen Hier wordt beschreven hoe een uitvoering van een aangesloten instrument op een audio-track kan worden opgenomen. De ingangsbron die door de INPUT SELECTknop is geselecteerd, kan in mono of in stereo worden opgenomen. Selecteer de audio-track voor de opname 1. Druk op [STATUS] van de audio-track waarop u wil opnemen zodat het knoplampje rood flikkert. Zie “Paneelbeschrijving: Achterpaneel” (pg. 30) en “Paneelbeschrijving: INPUTgedeelte” (pg.
Een uitvoering opnemen/afspelen Doubling technique Een techniek voor het spreiden van de begeleidende gitaar tussen links en rechts is het twee maal opnemen (op verschillende audio-tracks) van dezelfde begeleidingsuitvoering om de twee tracks daarna naar links en rechts te pannen. Dit wordt doubling genoemd. De CDX-1 is voorzien van een “DOUBL’N (doubling)” (pg. 202) invoegeffect waarmee u een doubling-effect kan produceren zonder dat u de uitvoering twee keer moet opnemen.
Een uitvoering opnemen/afspelen Alleen een fout opnieuw opnemen —Punch-in/out (in- en uitprikken) Het is mogelijk dat u tijdens de opname een fout maakt of dat de uitvoering anders uitvalt dan u had verwacht. In zulke gevallen is het handig dat u alleen het gedeelte opnieuw opneemt waarin de fout werd gemaakt. Het overschakelen naar de opnamemodus tijdens het afspelen van een audio-track wordt Punch-in (inprikken) genoemd.
Een uitvoering opnemen/afspelen Een voetschakelaar gebruiken voor punch-in/out Als u een instrument bespeelt op hetzelfde moment dat u met de sturingen van de recorder werkt, is het moeilijk om punch-in/out-handelingen uit te voeren met behulp van de REC [ ]-knop. In deze gevallen is het handiger om een afzonderlijk verkochte voetschakelaar in te drukken (zoals de DP-2 of BOSS FS-5U) in plaats van de REC [ ]-knop in te drukken. 1. Sluit een optionele voetschakelaar (DP-2, BOSS FS-5U, enz.
Een uitvoering opnemen/afspelen 2. Druk op AUTO PUNCH [IN]. MERK OP fig.42-08 De huidige locatie wordt geregisteerd als de plaats van de punch-in en het knoplampje gaat branden. Als u de instelling opnieuw wil maken, moet u naar de locatie van punch-in gaan die u heeft geregistreerd en op AUTO PUNCH [IN] drukken. De registratie wordt geannuleerd en het lampje van AUTO PUNCH [IN] dooft uit. Er moet ten minste één seconde tijd zijn tussen het punt van punch-in en punch-out.
Een uitvoering opnemen/afspelen Een bijkomende uitvoering opnemen terwijl u een bestaande uitvoering beluistert —Overdubbing Het proces waarin u een eerder opgenomen uitvoering beluistert terwijl u bijkomend materiaal opneemt op een andere audio-track wordt overdubbing genoemd. Als u drums, basgitaar, klavieren, gitaar en stemmen op verschillende audio-tracks opneemt, kan u de volumebalans tussen de instrumenten aanpassen en de links/rechtspositie instellen (pan).
Een uitvoering opnemen/afspelen De uitvoeringen van meerdere audiotracks combineren—Bounce Recording Het is mogelijk dat, afhankelijk van het aantal instrumenten dat u wil opnemen, acht audio-tracks niet volstaan. In zulke gevallen kan u uitvoeringen combineren die op meerdere audio-tracks zijn opgenomen en deze op een andere track opnieuw opnemen. Dit proces wordt bounce recording genoemd.
Een uitvoering opnemen/afspelen Een opgenomen uitvoering afspelen en stopzetten Afspelen/stopzetten MERK OP 1. Druk op [STATUS] voor de audio-tracks die u wil spelen, waardoor het knoplampje groen zal branden. 2. Druk op ZERO [ de song). ] om de SONG POSITION terug op “00:00:00-00” te zetten (begin van 3. Druk op PLAY [ ] om de playback te starten. 4. Druk op STOP [ ]. Wanneer het lampje van BUSY brandt, bereidt de CDX-1 zich voor op de playback.
Een uitvoering opnemen/afspelen De vrije ruimte van een CD-RW-schijf vergroten—Optimize Disc Wanneer u overdubbing (pg. 124) of punch-in/out (pg. 121) toepast, blijven de gegevens die u herschrijft (vervangt) eigenlijk op de CD-RW-schijf staan. In sommige gevallen nemen deze ongewenste gegevens een belangrijke hoeveelheid plaats in op de CD-RW-schijf. Hierdoor wordt de beschikbare opnametijd korter dan hij in werkelijkheid moet zijn.
Een uitvoering opnemen/afspelen Een bepaald fragment herhaaldelijk afspelen—de Repeat-functie Met de Repeat-functie kan u een bepaald fragment herhaaldelijk afspelen. Dit is handig wanneer u de mix-balans steeds opnieuw wil controleren. Het te herhalen fragment aanduiden 1. Gebruik de TIME/VALUE-schijf of druk op REW [ locatie te gaan waar u de herhaling wil beginnen. 2. Druk op REPEAT [ ] /FF [ ] om naar de MERK OP De Repeat-functie en Punchin/out-opname kunnen niet samen worden gebruikt. ].
Een uitvoering opnemen/afspelen Merktekens toewijzen in een song—Marker Met de Marker-functie kan u een merkteken toewijzen aan een door u gewenste locatie in een song. Wanneer u deze functie gebruikt, kan u zich onmiddellijk verplaatsen naar de ligging van het merkteken dat u hebt opgegeven door gewoon het gepaste marker-nummer op te geven. Dit is eveneens een groot voordeel bij bewerkingen.
Een uitvoering opnemen/afspelen De plaats van een merkteken veranderen 1. Druk op [UTILITY]. Het menu wordt met iconen getoond. fig.42-14 2. Druk op CURSOR [ ] om het Marker Edit-icoon te selecteren. 3. Druk op [YES/ENTER]. fig.42-15 Het scherm van Marker Edit verschijnt. 4. Zorg er voor dat de cursor op “NO” staat. 5. Draai aan de TIME/VALUE-schijf om het nummer op te geven van de marker die u wil bewerken. 6. Druk op CURSOR [ ] om de cursor naar “LOC” te verplaatsen. 7.
Een uitvoering opnemen/afspelen De song automatisch stopzetten— Marker Stop U kan de playback op marker-locaties doen stoppen (Marker Stop). Wanneer u na het stoppen de song opnieuw afspeelt, wordt de song afgespeeld tot aan de volgende marker waarna hij opnieuw automatisch wordt stopgezet. 1. Druk op [UTILITY]. Het menu wordt met iconen getoond. Zie “Een merkteken toewijzen” (pg. 129) voor details over het toewijzen van een merkteken. fig.2-06 2.
Een opgenomen uitvoering bewerken om een audio-CD te maken Voorbereiding voor het schrijven van een CD-R-schijf—Mixdown Het proces waarin uitvoeringen die op meerdere audio-tracks zijn opgenomen worden gecombineerd in twee-kanaalsstereo wordt mixdown genoemd. Vooraleer u de mixdown uitvoert, moet u de song vervolmaken door de toon (equalizer), links/rechtspositie (pan), loop-effecten en volumebalans van elke track aan te passen. Zie “Loop-effecten gebruiken” (pg. 145) voor details over de loop-effecten.
Een opgenomen uitvoering bewerken om een audio-CD te maken Een mixdown maken Nadat u meerdere malen de playback heeft beluisterd en de instellingen van pan, equalizer, loop-effecten en de volumebalans van elke audio-track hebt aangepast, bent u klaar voor het maken van een mixdown. 1. Druk op AUDIO TRACK RECORD [MIX DOWN]. Het lampje van [MIX DOWN] gaat branden en u bent in de mixdown-ready-modus.
Een opgenomen uitvoering bewerken om een audio-CD te maken De mastering tools aanpassen De mastering tools zijn een handige set van hulpmiddelen die de klank verdelen in een hoog frequentie-, midden frequentie- en laag frequentiebereik en het volume samenhangend maken zodat de audio-CD met de optimale niveaus kan worden gemaakt. Er zijn 19 mastering tool-patches zodat u de patch kan selecteren die voor uw situatie het meest geschikt is.
Een opgenomen uitvoering bewerken om een audio-CD te maken Uw originele CD voltooien—CD Burning Hier wordt beschreven hoe u de mixdown van een song naar een CD-R-schijf moet schrijven om uw eigen originele CD te voltooien. Wanneer u op de CDX-1 uw eigen originele CD maakt, gebruikt u “mastering tools” om het algemeen volume op het optimaal niveau te zetten. * De CDX-1 gebruikt Track At Once om song-gegevens naar een CD-R-schijf te schrijven.
Een opgenomen uitvoering bewerken om een audio-CD te maken Een CD-R-schijf finaliseren Hier wordt beschreven hoe u een originele CD die u hebt gecreëerd, moet finaliseren zodat deze op een conventionele CD-speler kan worden afgespeeld. 1. Plaats de CD-R-schijf die u wil finaliseren. 2. Druk op [UTILITY]. MERK OP Wanneer een CD-R-schijf gefinaliseerd werd, kan men er geen verdere gegevens op wegschrijven. Het menu wordt met iconen getoond. fig.43-06 3.
Alle functies van de CDX-1 gebruiken 137
Meer functies van de CDX-1 Een opname/bewerking ongedaan maken Wanneer u een uitvoering samplet of opneemt, is het mogelijk dat de opgenomen (of gesamplede) resultaten niet altijd zijn zoals verwacht. Of misschien heeft u een fout gemaakt in een bewerking. In zulke gevallen kan u de Undo-functie gebruiken om het resultaat van de voorafgaande handeling te annuleren en de gegevens in hun oorspronkelijke staat te herstellen.
Meer functies van de CDX-1 Naar een nauwkeurig bepaalde locatie gaan—Preview Wanneer u de uitvoering van een audio-track of een sequence-track bewerkt, is het mogelijk dat u soms de precieze bewerkingsplaats moet bepalen, zoals het begin van een specifieke klank of het punt waarop een rust begint. Als u de Preview-functie gebruikt, kan u het gewenste punt zoeken terwijl u de klank beluistert en kan u de locatie met grote nauwkeurigheid aanpassen.
Meer functies van de CDX-1 Scrub gebruiken om nauwkeurige aanpassingen te maken in de aangeduide plaats—Scrub Preview Er zal herhaaldelijk een zeer kort fragment (45 milliseconden) worden afgespeeld dat de huidige locatie voorafgaat of opvolgt. Dit wordt de Scrub-functie genoemd. fig.5-02e Huidige tijd Klankgegevens Tijd SCRUB TO 45 msec SCRUB FROM 45 sec MERK OP De Scrub Preview-functie speelt alleen audio-tracks af. 1.
Meer functies van de CDX-1 De invoegeffecten gebruiken De CDX-1 is uitgerust met twee ingebouwde effectprocessoren: een invoegeffect en loop-effecten. Deze twee types kunnen tegelijkertijd gebruikt worden en u kan voor elk effect de instellingen maken die u wenst. “De loop-effecten gebruiken” (pg.
Meer functies van de CDX-1 Een invoegeffect gebruiken 1. Druk op INSERT EFFECTS [ON/OFF]. Het lampje van [ON/OFF] gaat branden en de klank die door het effect is bewerkt, wordt uitgestuurd. 2. Druk op INSERT EFFECTS [PATCH]. fig.5-04 Het scherm van patch select verschijnt. Invoegeffecten kunnen op een specifieke audio-track worden gebruikt tijdens playback of tijdens mixdown (pg. 133). ➔ Zie “De aansluitingen van het invoegeffect veranderen” (pg. 144). 3.
Meer functies van de CDX-1 De instellingen van het invoegeffect bewaren U kan de bewerkte effectinstellingen een naam (patch-naam) geven en deze bewaren. Voer deze procedure uit na de vorige paragraaf “De instellingen van het invoegeffect bewerken”. fig.5-07 1. Druk een aantal keer op CURSOR [ ] in het scherm waarin de effectbalk staat en selecteer “NAME”. 2. Druk op [YES/ENTER]. MERK OP Het invoerscherm van Patch Name verschijnt. 3. Gebruik de TIME/VALUE-schijf en CURSOR [ patch-naam in te geven.
Meer functies van de CDX-1 De aansluitingen van het invoegeffect veranderen Door de aansluitingen van het invoegeffect te veranderen, kan u aan een grote verscheidenheid van situaties het hoofd bieden. U kan bijvoorbeeld effecten toepassen op de playback van specifieke audio-tracks of audio-sample pads, of de klank tijdens de mixdown aanpassen (pg. 133). 1. Druk op [UTILITY]. Het menu wordt met iconen getoond. Standaard wordt het invoegeffect onmiddellijk na de ingangsbron ingevoegd (“INPUT (NORMAL)”).
Meer functies van de CDX-1 De loop-effecten gebruiken Wat is een loop-effect? De methode om een signaal van een mengtafel naar een effect te sturen (de “send”), en daarna de output van het effect terug te sturen naar de mengtafel (de “return”) wordt “loop-effect” genoemd. Wanneer er een loop-effect gebruikt wordt, is de output gewoonlijk vermengd met de originele klank. De mengeenheid van de CDX-1 beschikt over chorus/delay/doubling en reverb als loop-effecten.
Meer functies van de CDX-1 Het loop-effect gebruiken om doubling te creëren Een techniek voor het spreiden van de begeleidende gitaar tussen links en rechts is het twee maal opnemen (op verschillende audio-tracks) van dezelfde begeleidingsuitvoering om de twee tracks daarna naar links en rechts te pannen. Dit wordt doubling genoemd. De CDX-1 is voorzien van een “DOUBL’N (doubling)” (pg. 174) invoegeffect waarmee u een doubling-effect kan produceren zonder dat u de uitvoering twee keer moet opnemen.
Meer functies van de CDX-1 Een backup CD-RW-schijf maken Als u een CD-RW-schijf hebt waarop belangrijke uitvoeringsgegevens staan, is het aan te raden deze schijf naar een andere CD-RW-schijf te kopiëren en zo een backup te maken die u kan gebruiken wanneer de gegevens verloren zijn gegaan of beschadigd zijn. Een backup maken van song-gegevens op een CD-RW-schijf Vooraleer u met de backup begint, moet u een CD-RW-schijf hebben die op de CDX1 is geformatteerd.
Meer functies van de CDX-1 Aansluiten op een digitaal audio-toestel De output van een digitaal audio-toestel zoals een CD-speler, een DAT-recorder of een MD-recorder kan rechtstreeks digitaal op de CDX-1 worden opgenomen. Digitale opnamen maken met een CD-speler Met de fabrieksinstellingen kan de CDX-1 de output van een digitaal audio-toestel niet opnemen via de OPTICAL IN of COAXIAL IN-connector. Als u wil aansluiten op een digitaal audio-toestel moet u de volgende procedure volgen. 1. Druk op [UTILITY].
Meer functies van de CDX-1 Het digitaal opnemen met CD-spelers voorkomen 1. Druk op [UTILITY]. Het menu wordt met iconen getoond. fig.2-06 2. Druk op CURSOR [ icoon te selecteren. ] om het System 3. Druk op [YES/ENTER]. Het instelscherm van System verschijnt. fig.2-07 4. Druk op CURSOR [ ] om de cursor naar “CD Digital REC” te verplaatsen. 5. Draai aan de TIME/VALUE-schijf om “OFF” te selecteren.
Meer functies van de CDX-1 Digitaal kopiëren verbieden—Digital Copy Prohibit Tijdens het digitaal opnemen van de CDX-1 naar een MD-recorder of een gelijkaardig toestel kan u het later digitaal kopiëren van de opgenomen MD naar een andere MD-recorder verbieden. Als digitaal kopiëren verboden is, kan de MD die vanuit de CDX-1 digitaal gekopieerd werd later niet meer in digitale vorm naar een andere MD worden gekopieerd. 1. Druk op [UTILITY]. Het menu wordt met iconen getoond. fig.2-06 2.
De CDX-1 gebruiken met andere MIDI-toestellen MIDI-principes Wat is MIDI? MIDI is de afkorting van “Musical Instrument Digital Interface”. Dit is een wereldstandaard die ontwikkeld is om het mogelijk te maken muziekgegevens en klankgegevens tussen elektronische instrumenten en computers uit te wisselen. Toestellen die MIDI-compatibel zijn, kunnen volgens hun mogelijkheden muziekgegevens uitwisselen, zelfs wanneer het verschillende soorten toestellen zijn of ze door verschillende fabrikanten werden gemaakt.
De CDX-1 gebruiken met andere MIDI-toestellen Overschakelen tussen MIDI OUT/THRU MIDI-commando’s (de gegevens die door MIDI behandeld worden) worden verstuurd met de volgende drie soorten connectoren. MIDI IN: Deze connector ontvangt MIDI-commando’s van een ander MIDI-toestel. MIDI OUT: Deze connector verstuurt MIDI-commando’s van de CDX-1. MIDI THRU: MIDI-commando’s die ontvangen worden in de MIDI IN-connector worden zonder verandering vanuit deze connector doorgestuurd.
De CDX-1 gebruiken met andere MIDI-toestellen MIDI gebruiken om de CDX-1 vanuit een ander toestel te sturen De CDX-1 kan op volgende manieren door MIDI-commando’s vanuit een ander MIDI-toestel gestuurd worden. Samples spelen Als u MIDI-nootcommando’s van een klavier of een drum pad naar de CDX-1 verstuurt, kan u de acht samples van de geselecteerde pad-bank spelen. Om de samples van de CDX-1 te spelen, kan u een MIDI-kanaal kiezen uit kanaal 1–16. 1. Druk op [UTILITY]. Het menu wordt met iconen getoond.
De CDX-1 gebruiken met andere MIDI-toestellen Gesynchroniseerde playback met de CDX-1 als de master De CDX-1 kan synchroon werken met een MIDI-sequencer. U kan synchroniseren met behulp van MTC (MIDI Time Code). MTC (pg. 205) Master en slave Wanneer de CDX-1 synchroon speelt met een MIDI-sequencer wordt het toestel dat de tijdgegevens verstuurt de master genoemd. Het toestel dat de gegevens ontvangt die door het referentietoestel (master) zijn verstuurd en deze gegevens opvolgt, noemt men de slave.
De CDX-1 gebruiken met andere MIDI-toestellen 6. Draai aan de TIME/VALUE-schijf om “MTC” te selecteren. ● Sync Out: Selecteert of de synchronisatiesignalen al dan niet vanuit de MIDI OUT/THRU connector worden verstuurd. Off: Synchronisatiesignalen worden niet uitgestuurd. MTC: MIDI Time Code wordt verstuurd. fig.12-07 7. Druk op CURSOR [ ] om de cursor naar de “MTC Type”-lijn te verplaatsen. 8. Draai aan de TIME/VALUE-schijf om het MTC type (30, 29N, 29D, 25 of 24) te selecteren.
De CDX-1 gebruiken met andere MIDI-toestellen MMC gebruiken Hier wordt uitgelegd hoe u instellingen moet maken om de playback te synchroniseren met een op een computer gebaseerd MIDI sequence-programma dat MMC en MTC ondersteunt. MMC (pg. 205) De CDX-1 gebruiken als de MMC-master 1. Maak uw aansluitingen als volgt. MERK OP fig.5-30 MIDI IN MIDI OUT CDX-1 De CDX-1 wordt de master voor MMC en MTC. Sommige MIDI-toestellen ondersteunen de MMCfunctionaliteit van de CDX-1 niet.
De CDX-1 gebruiken met andere MIDI-toestellen De CDX-1 als een MMC-slave gebruiken 1. Maak uw aansluitingen als volgt. fig.5-31 MIDI IN MIDI OUT MIDI IN MIDI OUT CDX-1 De CDX-1 werkt als de slave van MMC, maar als master van MTC. 2. Druk op [UTILITY]. Het menu wordt met iconen getoond. fig.12-06 3. Druk op CURSOR [ icoon te selecteren. ] om het MIDI- 4. Druk op [YES/ENTER]. Het instelscherm van MIDI verschijnt. fig.12-07 5. Druk op CURSOR [ ] om de cursor naar de “MMC Mode”-lijn te verplaatsen.
De CDX-1 gebruiken met andere MIDI-toestellen Een externe MIDI-klankmodule gebruiken om de ritmemeter te bespelen De ritmemeter kan op een ander MIDI-toestel met uw favoriete klanken gespeeld worden. 1. Gebruik een MIDI-kabel om de CDX-1 en uw MIDI-klankmodule aan te sluiten zoals hieronder staat aangegeven.fig. MIDI IN “De ritmemeter gebruiken” (pg. 116) MIDI OUT MIDI-klankmodule CDX-1 2. Druk op [UTILITY] Het menu wordt met iconen getoond. fig.12-06 3. Druk op CURSOR [ icoon te selecteren.
Rechtstreekse CD-opname 159
Opnemen op een CD-R-schijf—CD-recorder De CDX-1 kan een externe audio-bron rechtstreeks opnemen op een CD-R zonder de audio-tracks te gebruiken. MERK OP • • U moet CD-R-schijven gebruiken die deze logo’s dragen. De CDX-1 schrijft song-gegevens naar een CD-R met behulp van Track At Once. Zolang de schijf nog niet gefinaliseerd is, kan u bijkomende song-gegevens toevoegen aan een muziek-CD die met behulp van Track At Once is geschreven.
Opnemen op een CD-R-schijf—CD-recorder Een externe audio-bron op een CD-R schijf opnemen Hier verduidelijken we een voorbeeld waarin we digitale aansluitingen gebruiken met een externe MD-recorder. De CDX-1 is voorzien van twee soorten DIGITAL IN-connectoren: een coaxiale en een optische. Hierdoor kan de uitgang van een extern digitaal audio-toestel zoals een CDspeler, DAT-recorder of MD-recorder op digitale wijze op een CD-R worden opgenomen.
Opnemen op een CD-R-schijf—CD-recorder Opnemen van samples die gespeeld worden met behulp van Pad Crossfade op een CD-Rschijf De klank van de samples die met behulp van Pad Crossfade worden gespeeld, kunnen rechtstreeks op een CD-R worden opgenomen. 1. Plaats de CD-RW-schijf die de sample-gegevens bevat die u wil opnemen. ➔ “Naar een pad samplen” (pg. 56) ➔ “Pad/Sequence van een CD-RW-schijf opladen” (pg. 68) “De pad samples in elkaar laten overlopen terwijl u speelt–Pad Crossfade” (pg. 71) 2.
Opnemen op een CD-R-schijf—CD-recorder De sequence-playback op een CD-R schijf opnemen Hier wordt uitgelegd hoe u de playback-klank van een sequence rechtstreeks op een CD-R kan opnemen. 1. Druk op PAD SEQUENCING [SEQ PLAY]. fig.34-08 Het lampje van [SEQ PLAY] gaat branden en het scherm van Sequence Play List verschijnt. 2. Druk op CURSOR [ MERK OP De mastering tools (pg. 134) kunnen niet gebruikt worden. ]. fig.34-07 De cursor verschijnt in balk A van “Tr.SEL” (track select).
Memo... Memo...
Bijlagen 165
Problemen oplossen Gelieve eerst volgende punten te controleren wanneer de CDX-1 niet werkt zoals u verwacht of wanneer u problemen ondervindt. Als het probleem hiermee niet opgelost raakt, moet u het dichtstbijzijnde Roland service center of een erkende Roland-verdeler contacteren.
Problemen oplossen De effectklanken kunnen niet opgenomen of gesampled worden ● Is de effectaansluiting ingesteld op “INPUT (NORMAL)”? Wanneer u opneemt of samplet, moet u de effect-aansluiting instellen op “INPUT (NORMAL)” om de klank op te nemen die door het effect bewerkt wordt. (pg. 144) U kan niet opnemen De opname wordt in mono afgespeeld ● Werd de instelling van sampling “Type” op “MONO” (pg.
Problemen oplossen Problemen met de CD-RW drive De schuif gaat niet open ● Staat de stroom aan? Als de stroom niet aanstaat, zal de schuif niet open gaan wanneer men op de EJECT-knop drukt. In gevallen waarin de schuif niet opent wanneer men op de EJECT-knop drukt (zoals tijdens een stroompanne), moet u de schijf verwijderen zoals beschreven in “Wanneer de schuif niet opengaat” (pg. 36).
Problemen oplossen Q. Ik gebruik de Hold-functie (pg. 72) om een sample te spelen die aan een pad is toegewezen. Kan ik op dit moment op [PAD BANKS] drukken om van pad bank te wisselen? A. Ja. De sample die gespeeld wordt, zal ook blijven klinken wanneer u van pad bank wisselt. Op dit moment blijft het lampje van de pad flikkeren. Om de sample te stoppen die gespeeld werd voordat u van pad bank wisselde, moet u op de flikkerende pad drukken.
Belangrijkste meldingen ● Bank is protected. De handeling kan niet worden uitgevoerd aangezien de pad-bank beveiligd is. ● Initialize Effects param. Are you sure? Wil u de effectparameters initialiseren? ● Canceled. De handeling werd geannuleerd. ● Initialize Global param. Are you sure? Wil u de Global-parameters initialiseren? ● Can't execute. Deze handeling kan niet uitgevoerd worden. ● Initialize Mixer param. Are you sure? Wil u de Mixer-parameters initialiseren? ● Can't insert to this point.
Belangrijkste meldingen ● Obey copyrights? See Manual for details. Gaat u akkoord met de wet op de auteursrechten? Zie de gebruikershandleiding voor details. ● Optical input locked. De digitale (optische) invoer is afgesloten. ● Optical input unlocked. De digitale (optische) invoer kan niet afgesloten worden. ● Optimize failed. Het optimaliseren is mislukt. ● Overwrite? ● Overwrite OK? De opgegeven pad bevat reeds een sample die verloren zal gaan wanneer hij overschreven wordt.
Rhythm Pattern-lijst Slag Nr. Naam 1/1 01 Metronoom 2/1 01 3/1 Maat Slag Nr. Naam Maat 1 4/4 01 Rock 1 2 Metronoom 1 4/4 02 Rock 2 2 01 Metronoom 1 4/4 03 Rock 3 2 4/1 01 Metronoom 1 4/4 04 Rock 4 2 5/1 01 Metronoom 1 4/4 05 Rock 5 2 6/1 01 Metronoom 1 4/4 06 Rock 6 2 7/1 01 Metronoom 1 4/4 07 Rock 7 2 8/1 01 Metronoom 1 4/4 08 Rock 8 2 4/4 09 Rock 9 4 Slag Nr.
Rhythm Pattern-lijst Slag Nr. Naam 4/4 41 Funk 1 4/4 42 4/4 Maat Nr.
Effectparameterfuncties van de mixer EQ (Equalizer): Dit is een tweebands-equalizer die onafhankelijk is voor elke track. Parameter (volledige naam) Instelling Functie EQ StereoLink (EQ Stereo Link) OFF, ON Wanneer EQ Stereo Link op ON staat, kan u de instelling van een paar (twee) audio-tracks zo verbinden dat ze op dezelfde manier worden aangepast. EQ On/Off (EQ On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het equalizer-effect aan/uit.
Algoritmelijst van de invoegeffecten Hieronder volgt een verklaring van de effecten die bij elk algoritme worden gebruikt en de volgorde waarin ze verbonden zijn. De effectgroepen en de algoritmes in elke groep worden hieronder gegeven. Zie de afzonderlijke “effect-patch-lijst” om het gewenste algoritme te selecteren en schakel over naar een patch die het gewenste algoritme gebruikt. Zie “De invoegeffecten gebruiken” (pg. 141) voor details over het verwisselen van patches. Effectgroep Algoritme LINE 1.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 1. STEREO MULTI Dit algoritme verbindt zeven soorten effecten die allemaal stereo-effecten zijn.
Algoritmelijst van de invoegeffecten ● WAH (Wah): Het wah-effect creëert een unieke toon door de frequentieresponseigenschappen van een filter te veranderen. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het wah-effect aan/uit. Polarity (Polarity) UP DOWN De frequentie van de filter stijgt. De frequentie van de filter daalt. Sensitivity (Sens) 0–100 Past de gevoeligheid aan waarmee de filter verandert in de richting die door de polariteitsinstelling is bepaald.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 2. LO-FI BOX Hiermee kan u klanken maken alsof ze op een AM-radio gespeeld worden en alsof het oude langspeelplaten zijn die worden gespeeld op een ouderwetse platendraaier. U kan de klank zelfs extreem vervormen als de klank die door een Lo-Fi Digital wordt geproduceerd. Lo-Fi Box Parameter (volledige naam) Instelling Noise Suppressor Functie ● LOFI (Lo-Fi Box): Produceert een lo-fi-klank.
Algoritmelijst van de invoegeffecten ● NS (Noise Suppressor): Dit effect vermindert de ruis en de brom. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het noise suppressor-effect aan/uit Threshold (Threshold) * 0–100 Pas deze parameter aan in functie van het volume van de ruis. Als het ruisvolume hoog is, moet u een hoge instelling nemen. Is het ruisvolume laag, dan moet u een lage instelling nemen. Pas deze waarde aan tot de uitsterftijd van de klank zo natuurlijk mogelijk klinkt.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 3. VO+GT.AMP (Vocal+Guitar Amp) Dit algoritme kan gebruikt worden wanneer u tegelijkertijd een stem en een elektrische gitaar opneemt. Voor de gitaar kan u een versterkerklank produceren die een preversterker en een luidspreker gebruikt.
Algoritmelijst van de invoegeffecten ● DLY (Delay): Dit effect creëert een dikker geluid door een vertraagde klank toe te passen op de directe klank. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het delay-effect aan/uit. Delay Time (Delay Time) SINGLE: 1–1400 mS Deze parameter past de vertragingstijd aan ((i.e., het interval waarmee de klank vertraagd wordt). Feedback (Feedback) 0–100 Deze parameter past de hoeveelheid feedback aan.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 4. VO+AC.MDL (Vocal+Acoustic Guitar Modeling) Dit algoritme wordt gebruikt voor het tegelijkertijd opnemen van een stem en een elektrische gitaar. De elektrische gitaar kan u doen klinken als een akoestische gitaar.
Algoritmelijst van de invoegeffecten ● DLY (Delay): Dit effect creëert een dikker geluid door een vertraagde klank toe te passen op de directe klank. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het delay-effect aan/uit. Delay Time (Delay Time) SINGLE: 1–1400 mS Deze parameter past de vertragingstijd aan ((i.e., het interval waarmee de klank vertraagd wordt). Feedback (Feedback) 0–100 Deze parameter past de hoeveelheid feedback aan.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 5. VO+ACOUSTIC (Vocal+Acoustic Guitar) Dit algoritme wordt gebruikt voor het tegelijkertijd opnemen van een stem en een akoestische gitaar. Met de gitaar kan u, zelfs wanneer een elektrische akoestische gitaar met een rechtstreekse lijn is aangesloten, een warme klank creëren alsof er een microfoon wordt gebruikt.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 6. COSM GUITAR AMP Dit is een multi-effect voor elektrische gitaar. Het is voorzien van een versterkerklank met voorversterker en luidsprekernabootsing. *2 Chorus can be replaced one of the following effects. Compressor PreAmp Speaker Modeling Flanger Phaser Equalizer (*1) Noise Chorus (*2) Suppressor Pitch Shifter Delay Doubling *1 Equalizer can be replaced with Wah.
Algoritmelijst van de invoegeffecten ● EQ (Equalizer): Een 4-bands-equalizer. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het equalizer-effect aan/uit. Low Gain (Low Gain) -20–+20 dB Deze parameter stelt de ingangsgevoeligheid (hoeveelheid vergroting of afsnijding) in van de bas-equalizer. Low-Mid Gain (Low-Mid Gain) -20–+20 dB Deze parameter stelt de ingangsgevoeligheid (hoeveelheid vergroting of afsnijding) in van de equalizer van het lage middenbereik.
Algoritmelijst van de invoegeffecten ● DLY (Delay): Dit creëert een dikkere klank door een vertraagde klank op de directe klank toe te passen. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het delay-effect aan/uit. Effect Type (Type) SINGLE TAP Dit is een enkelvoudige delay. De delay-klank wordt tussen de linkse en rechtse kanalen gepand. Dit is van kracht wanneer stereo-invoer wordt gebruikt. Delay Time (Delay Time) SINGLE: 1–1400 mS TAP: 1–700 mS Deze parameter past de delay-tijd (i.e.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 7. ACOUSTIC MDL (Acoustic Guitar Modeling) Dit is een multi-effect voor elektrische gitaar. Hiermee kan u een elektrische gitaar laten klinken als een akoestische gitaar. *2 Chorus can be replaced one of the following effects. Acoustic Guitar Modeling Compressor Equalizer Flanger Phaser Pitch Shifter Noise Chorus (*1) Suppressor Delay Doubling Tremolo/Pan Parameter (volledige naam) Instelling Functie ● A.
Algoritmelijst van de invoegeffecten ● EQ (Equalizer): Een 4-bands-equalizer. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het equalizer-effect aan/uit. Low Gain (Low Gain) -20–+20 dB Deze parameter stelt de ingangsgevoeligheid (hoeveelheid vergroting of afsnijding) in van de bas-equalizer. Low-Mid Gain (Low-Mid Gain) -20–+20 dB Deze parameter stelt de ingangsgevoeligheid (hoeveelheid vergroting of afsnijding) in van de equalizer van het lage middenbereik.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 8. BASS MDL (Bass Guitar Modeling) Bootst de klank van een basgitaar na. Hiermee kan u een elektrische gitaar laten klinken als een basgitaar. *1 Compressor can be replaced with Defretter. Bass Noise Modeling Compressor (*1) Suppressor Chorus (*2) Defretter *2 Chorus can be replaced one of the following effects. Flanger Phaser Pitch Shifter Doubling Tremolo/Pan Parameter (volledige naam) Instelling Functie ● B.
Algoritmelijst van de invoegeffecten ● NS (Noise Suppressor): Dit effect vermindert de ruis en de brom. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het noise suppressor-effect aan/uit Threshold (Threshold) * 0–100 Pas deze parameter aan in functie van het volume van de ruis. Als het ruisvolume hoog is, moet u een hoge instelling nemen. Is het ruisvolume laag, dan moet u een lage instelling nemen. Pas deze waarde aan tot de uitsterftijd van de klank zo natuurlijk mogelijk klinkt.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 9. ACOUSTIC GUITAR Dit is een multi-effect voor akoestische gitaar. Zelfs wanneer een elektrische akoestische gitaar met een rechtstreekse lijn is aangesloten, geeft dit een warme klank alsof er een microfoon wordt gebruikt.
Algoritmelijst van de invoegeffecten ● NS (Noise Suppressor): Dit effect vermindert de ruis en de brom. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het noise suppressor-effect aan/uit Threshold (Threshold) * 0–100 Pas deze parameter aan in functie van het volume van de ruis. Als het ruisvolume hoog is, moet u een hoge instelling nemen. Is het ruisvolume laag, dan moet u een lage instelling nemen. Pas deze waarde aan tot de uitsterftijd van de klank zo natuurlijk mogelijk klinkt.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 10. BASS MULTI (Bass Guitar Multi) Dit is een multi-effect voor basgitaar. Het is geschikt voor het creëren van een standaard basklank. Compressor (*1) Octave Enhancer *3 Chorus can be replaced one of the following effects. Equalizer (*2) Flanger Phaser Noise Chorus (*3) Suppressor *1 Compressor can be replaced with Defretter. Delay Defretter *2 Equalizer can be replaced with Wah.
Algoritmelijst van de invoegeffecten High-Mid Gain (High-Mid Gain) -20–+20 dB Deze parameter stelt de ingangsgevoeligheid (hoeveelheid vergroting of afsnijding) in van de equalizer van het hoge middenbereik High-Mid Freq (High-Mid Freq) 100–10.0 kHz Deze parameter stelt de centrale frequentie in van de equalizer van het hoge middenbereik. High-Mid Q (High-Mid Q) 0.5–16 Deze parameter stelt het veranderingsbereik in van de frequentie die door “High-Mid Freq.” is ingesteld.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 11. COSM BASS AMP (COSM Bass Guitar Amp) Dit is een multi-effect voor basgitaar. Het is voorzien van een versterkerklank met voorversterker en luidsprekernabootsing. *1 Equalizer kan door Wah vervangen worden.
Algoritmelijst van de invoegeffecten ■ Speaker-nabootsing U kan het karakter van de volgende soorten luidsprekers veranderen. Stel het gewenste soort Speaker in.
Algoritmelijst van de invoegeffecten Level (Level) 0–100 Past het volume aan. ● NS (Noise Suppressor): Dit effect vermindert de ruis en de brom. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het noise suppressor-effect aan/uit Threshold (Threshold) * 0–100 Pas deze parameter aan in functie van het volume van de ruis. Als het ruisvolume hoog is, moet u een hoge instelling nemen. Is het ruisvolume laag, dan moet u een lage instelling nemen.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 12. VOCAL MULTI Dit is een multi-effect voor stemmen. Het voorziet in de basiseffecten die nodig zijn voor stemmen. *1 Chorus can be replaced one of the following effects. Compressor De-esser Enhancer Equalizer Flanger Phaser Noise Chorus (*1) Suppressor Pitch Shifter Delay Doubling Tremolo/Pan Parameter (volledige naam) Instelling Functie ● COMP (Compressor): Compressie van alle uitgangssignalen wanneer de invoer een gespecifieerde waarde overschrijdt.
Algoritmelijst van de invoegeffecten ● NS (Noise Suppressor): Dit effect vermindert de ruis en de brom. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het noise suppressor-effect aan/uit Threshold (Threshold) * 0–100 Pas deze parameter aan in functie van het volume van de ruis. Als het ruisvolume hoog is, moet u een hoge instelling nemen. Is het ruisvolume laag, dan moet u een lage instelling nemen. Pas deze waarde aan tot de uitsterftijd van de klank zo natuurlijk mogelijk klinkt.
Algoritmelijst van de invoegeffecten 13. VOICE TRANSFORMER Dit is een multi-effect voor stemmen. Met de Voice Transformer kan u ook speciale effecten creëren. *1 Chorus can be replaced one of the following effects. Voice Noise transformer Suppressor Chorus (*1) Delay Flanger Phaser Pitch Shifter Doubling Tremolo/Pan Parameter (volledige naam) Instelling Functie ● VT (Voice Transformer): Dit stuurt de formanten waardoor een verscheidenheid aan stemkarakters kan worden gecreëerd.
Algoritmelijst van de invoegeffecten Beschikbare soorten modulatie en hun effecten Parameter (volledige naam) Instelling Functie ● [FLG] FLANGER (Flanger): Het flanger-effect geeft een draaiend karakter aan de klank als van een straaljager die opstijgt of landt. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Deze parameter zet het flanger-effect aan/uit. Rate (Rate) 0–100 Bepaalt de snelheid van het flanger-effect. Depth (Depth) 0–100 Bepaalt de diepte van het flanger-effect.
Algoritmelijst van de invoegeffecten ● [TRM] TRM/PAN (Tremolo/Pan): Tremolo is een effect dat een cyclische volumeverandering creëert. De pan beweegt de stereopositie op cyclische wijze van links naar rechts (wanneer stereo output gebruikt wordt). Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Mode (Mode) Deze parameter zet het tremolo/pan-effect aan/uit. Selectie van tremolo of pan. En selectie van het gebruikte effect. TRM-TRI TRM-SQR PAN-TRI PAN-SQR Het volume verandert cyclisch.
Woordenlijst BPM, slagen per minuut Het aantal slagen in één minuut (gewoonlijk vierde noten). Coaxiaal Een digitale audio-connector waarop een coaxiale kabel kan worden aangesloten. Omgekeerd wordt een digitale audio-connector waarop een optische kabel kan worden aangesloten “optisch“ genoemd. De digitale audioconnector van de CDX-1 is overeenkomstig S/P DIF. ➔ S/P DIF ➔ Optical Condensator-microfoon Een soort microfoon die de principes van een condensator volgt.
Woordenlijst Frame-snelheid Het aantal frames per seconde in SMPTE-tijdscode enz. Verwijst ook naar het type tijdscode dat daardoor wordt aangegeven. De frame-snelheid kan 30, 39.97N (nondrop), 29.97D (drop), 25 of 24 per seconde zijn. ➔ SMPTE-tijdscode ➔ Frame Gebalanceerde aansluiting Een methode van verzending van signalen waarbij gebruik gemaakt wordt van drie elektrische conductoren.
Woordenlijst Monitor Het beluisteren van een audio-signaal. Wat een opnametechnicus doet wanneer hij de klank beluistert die opgenomen wordt, of wat een uitvoerder doet wanneer hij ander parts beluistert. Multitrack Met meerdere tracks, zoals 4, 8, 16 of 24, enz. “Multitrack recorder.“ ➔ Track Multitrack-opname Het proces waarin een multitrack-recorder gebruikt wordt om elke part of instrument op een afzonderlijke track op te nemen. Mute De klank van iets uitzetten.
Woordenlijst Sync, Synchronisatie Deze termen verwijzen naar het samenvoegen van het tijdsverloop van twee of meer recorders, sequencers, videotoestellen of ritmetoestellen. Een van de toestellen moet als master ingesteld worden en de synchronisatiegegevens versturen. De overige toestellen (slaves) ontvangen deze gegevens en zetten hun eigen tijd hiermee gelijk. ➔ MIDI-tijdcode Voetschakelaar Een schakelaar die functioneert wanneer men er op trapt.
Parameterlijst MERK OP • De instellingen van de Tuner-parameter, LCD Contrast-parameter, System-parameter en MIDI-parameter zijn in het intern geheugen opgeslagen. • Wanneer u de instelling van Song bewaart, worden de instellingen van parameters met het ★ symbool opgeslagen op een CD-RW-schijf.
Parameterlijst ■ Pad Recording Parameter Parameternaam Display Oorspronkelijke waarde Waarde Data Type Sampling Type Start With Pre Triger Data Type Type Start with Pre Trigger STANDARD STEREO MANUAL OFF HIGH, STANDARD, LONG1, LONG2 STEREO, MONO MANUAL, LEV.1–LEV.8, PAD, [ ] OFF, 20ms, 40ms, 80ms, 160ms, 320ms Parameternaam Display Oorspronkelijke waarde Waarde Base Sample Source Sample To Base Pad Source To Bank✽✽–✽✽ Bank✽✽–✽✽ Bank 1–1 Bank No.1-64, Pad No.1–8 Bank No.1-64, Pad No.
Parameterlijst ■ Pad Bank Parameter Parameternaam Display Oorspronkelijke waarde Waarde Bank Number Bank Name Foot Switch PAD Bank Name Foot Switch PAD 1 1 1–64 10 karakters 1–8 Parameternaam Display Oorspronkelijke waarde Waarde Erase Bank Bank 1 1–64 ■ Pad Bank Erase Parameter ■ Pad Bank Protect Parameter Parameternaam Display Oorspronkelijke waarde Waarde Bank Number Pad Bank Protection Bank Protect 1 OFF 1–64 OFF, ON Parameternaam Display Oorspronkelijke waarde Waarde Seque
Parameterlijst ■ MIDI Parameter Parameternaam Display Oorspronkelijke waarde Waarde Rhythm MIDI Channel Pads Rx Channel Pads Note Number Pads Tx Channel MMC Mode Sync Out MTC Type Out/Thru Select Rhythm Ch. Pads Rx Ch. RxNote(Pad1) Pads Tx Ch.
MIDI-implementatie ■Voor het hoofdstuk MIDI-implementatie verwijzen we u naar de Engelstalige handleiding p. 204-209 ■ Voor het blokdiagram van het mixer-gedeelte verwijzen we u naar de Engelstalige handleiding p. 210. .
Specificaties CDX-1: MULTITRACK CD RECORDER / AUDIO SAMPLE WORKSTATION ● Signaalverwerking ● Audio-gegevensformaat ● Sample-snelheid ● Frequentierespons ● Maximale polyfonie 20 Hz – 20 kHz (+0/-3 dB) Mono x 8 (Stereo x 4) (Totaal) ● Nominaal uitgangsniveau (variabel) ● Audio-tracks 8 Gitaar/Bas (Hi-Z): -26 dBu (SENS: MAX) Maximale gelijktijdige playback Tracks: 8 MIC 1, 2: -56 dBu (SENS: MAX) LINE: 0 dBu (SENS: MAX) Maximale gelijktijdige opname Tracks: 2 Gegevenstype: ● Ingangsimpedantie G
Specificaties ● CD-RW Drive x12 (Write), x10 (Rewrite), x32 (Read) ● Stroomtoevoer DC 12 V: Meegeleverde AC-adaptor (PSB-2U) ● Energieverbruik 2,8 A ● Afmetingen 456,0 (W) x 330,0 (D) x 94,0 (H) mm 18 (W) x 13 (D) x 3-3/4 (H) inch ● Gewicht 5,0 kg/11 lbs (zonder AC-adaptor) ● Toebehoren AC-adaptor: PSB-2U Gebruikershandleiding Effect Patch-lijst Demo-schijf (Songs, Samples) CD-RW blanco schijf ● Optie Voetschakelaar: FS-5U (BOSS) Pedaalschakelaar: DP-2 (0 dBu = 0.
Index A Aardingsconnector ........................................................ 30 AC ADAPTOR Jack ...................................................... 30 AKOESTISCHE GITAAR ........................................... 192 AKOESTISCHE MDL ................................................. 188 Adjust Timing .............................................................. 104 Adjust Timing-icoon ................................................... 104 AUDIO CD-indicator .......................................
Formaat Type ............................................................... 110 Frase Snijden ..................................................................... 100 Splitsen .................................................................... 103 Wissen ..................................................................... 101 Invoegen ................................................................. 102 Verplaatsen ............................................................... 98 Plakken ..............
Pre Trigger ...................................................................... 62 Preset-patches .............................................................. 141 Preview ......................................................................... 139 Q Quantize ......................................................................... 92 STATUS-knop ................................................................ 23 Step Recording ...............................................................
Informatie Contacteer voor herstellingen een van onderstaande Roland Service Centers of erkende Roland-verdelers in uw land. AFRICA EGYPT Al Fanny Trading Office P.O.
Nieuwe Functies Versie 1.5 Ten gevolge van recente upgrades is het mogelijk dat de beschrijvingen in deze handleiding geen accurate voorstelling geven van de werking van bepaalde functies van de CDX-1. Om zeker te zijn dat u volledig op de hoogte bent van de nieuwe functies, dient u ook dit hoofdstuk te lezen, samen met de rest van de handleiding, wanneer u de CDX-1 gebruikt. ❖ INHOUD ❖ Sample Pad Een sample (de)comprimeren volgens het tempo waarbij de weergave gestopt is ........................
Een sample (de)comprimeren volgens het tempo waabij de weergave gestopt is Wanneer de weergave gestopt is, kunt u de lengte van de sample aanpassen volgens het tempo van de locatie waar de weergave gestopt is. Deze functie maakt het makkelijk om de lengte van een sample, opgenomen in een sequence track, aan te passen aan het tempo van die sequence track. Het tempo op het punt waar de weergave gestopt is, zal een van de volgende zijn. • Het tempo dat verschijnt in “Tempo” van het Rhythm Guide-scherm.
De toonhoogte van een sample wijzigen om een nieuwe sample te maken—Pitch Change U kuint de toonhoogte van een sample wijzigen om zo een nieuwe sample te creëren. 1. Druk tweemaal op PAD RECORDING [TEMPO MATCH]. Alternatief: druk op [TEMPO MATCH] en vervolgens op CURSOR [ ]. fig.31-03 Het Pad Edit-menu verschijnt met iconen. Pitch Change vraagt meer verwerkingstijd dan andere sample edit-handelingen. De audio-kwaliteit van de uitgerokken sample kan slechter zijn dan die van de originele sample. fig.
De start-/eindlocatie van een sample fijn afregelen Wanneer u samples in een sequence track plaatst om een song te creëren, zal u soms het start-/loop-punt of de lengte van de sample fijn moeten afregelen. Door middel van de {Preview-functie} of de {Scrub-functie} kunt u precieze en gedetailleerde wijzigingen aanbrengen terwijl u het geluid beluistert.
De start-/eindlocatie van een sample fijn afregelen Een punt instellen met Scrub—Scrub Preview Scrub Preview speelt herhaaldelijk een zeer kort fragment (45 milliseconden) voor of na de huidige positie. U ziet ook de golfvorm van de sample op het scherm. Terwijl u deze golfvorm bekijkt en het geluid beluistert, kunt u met de TIME/VALUE dial de huidige positie nauwkeurig afregelen. 1. Druk tweemaal op PAD RECORDING [TEMPO MATCH]. Alternatief: druk op [TEMPO MATCH] en vervolgens op CURSOR [ ]. fig.
De Crossfade Time instellen U kunt instellen over hoeveel tijd de overgang tussen twee pads wordt gemaakt door de Pad Crossfade-functie (Handleiding p. 71). 1. Druk op [UTILITY]. Het Menu verschijnt met iconen. fig.1-06 2. Selecteer het System-icoon met CURSOR [ ][ ]. 3. Druk [YES/ENTER]. Het System Parameter-scherm verschijnt. fig.5-01 4. Plaats met CURSOR [ “X-Fade Time”-lijn. ] de cursor op de 5. Stel de Crossfade Time in met de TIME/VALUE dial: “1sec”–”10sec” (eenheid: seconde). 6.
De inhoud van sequence-tracks verwisselen —Exchange Track Een sequence-track en zijn overeenkomstige audio-track kunnen niet tegelijkertijd weergegeven worden. Bv, sequence-track A en audio-tracks 1-2 kunnen niet gelijktijdig worden afgespeeld. In zulke gevallen kunt u de inhoud van de sequencetrack verwisselen met een andere track, zodat de sequence-track en de audio-tracks tegelijkertijd kuinnen worden afgespeeld. Voor details, zie “Sequencetracks en audio-tracks tegelijkertijd spelen” (Handleiding p.
De inhoud van een sequence-track kopiëren —Copy Track De inhoud van een sequence-track kan gekopieerd worden naar een andere sequence track. 1. Druk op PAD SEQUENCING [EDIT]. [EDIT] licht op en het Sequence Edit-menu verschijnt met iconen. fig.34-10 2. Selecteer het Copy Track-icoon met CURSOR [ ][ Wanneer u de Copy Trackhandeling uitvoert, wordt de hele inhoud van de sequencetrack gekopieerd. Het is niet mogelijk om enkel een fragment te selecteren. ]. 3. Druk op [YES/ENTER]. fig.
Een specifieke region van een sequence-track editen — Region In/Out In het Sequence Play List-scherm kunt u een region specifiëren en vervolgens enkel die region editen. Dit kan ook op meerdere tracks tegelijk. De te editen region bepalen 1. Druk op PAD SEQUENCING [SEQ PLAY]. [SEQ PLAY] licht op en het Sequence Play List-scherm verschijnt. 2. Selecteer de weer te geven sequence-tracks zoals beschreven in “Een sequence track spelen” (Handleiding p. 96). Zorg dat het “Tr.
Een specifieke region van een sequence track editen Een editing region annuleren Om een ingestelde editing region te annuleren, doet u het volgende. 1. Druk op PAD SEQUENCING [SEQ PLAY]. [SEQ PLAY] licht op en het Sequence Play List-scherm verschijnt. 2. Druk op [YES/ENTER]. Er verschijnt een mini-menu. 3. Selecteer “CLEAR REGION” met CURSOR [ ]. 4. Druk op [YES/ENTER]. De ingestelde region wordt geannuleerd.
Een specifieke region van een sequence track editen Segmenten knippen—Cut Met deze bewerking knipt u de phrases van de afgebakende region. Als er phrases volgen op die region, dan schuiven die naar voren. 1. Baken de te knippen region af, zoals beschreven in “De te editen region bepalen” (p. 9 van deze bundel). 2. Druk op [YES/ENTER]. Er verschijnt een mini-menu. 3. Selecteer “REGION CUT?” met CURSOR [ ]. 4. Druk op [YES/ENTER]. De afgebakende region wordt weggeknipt.
Een specifieke region van een sequence track editen Kopiëren naar een andere locatie—Paste Met deze bewerking kopieert u de phrases van de afgebakende region naar een andere locatie. Als er reeds phrases aanwezig waren op de paste-bestemming, dan worden die overschreven door de gekopieerde phrases van de afgebakende region. 1. Baken de te knippen region af, zoals beschreven in “De te editen region bepalen” (p. 9 van deze bundel). 2.
Een specifieke audio-track “muten” Tijdens de weergave kunt u audio-tracks ook “muten” (het geluid uitschakelen). U kunt m.a.w. afwisselen tussen de mute- en de play-status. 1. Druk tijdens de weergave op [STATUS] van de audio-track die u wil “muten” (uitschakelen). [STATUS] begint te knipperen en het geluid van die audio-track wordt uitgeschakeld.
Met [STATUS] de track kiezen waarvan u de parameters wil wijzigen Als u de mixerinstellingen (pan, equalizer) of de loop-effectinstellingen van een audio-track wil wijzigen, dan kunt u op [STATUS] van die audio-track drukken om hem direct te selecteren. De links/rechts-positie (pan) van de audio-tracks regelen 1. Houd TRACK EDIT [PAN] ingedrukt en druk op [STATUS] van de audio-track waarvoor u de instelling wil maken. fig.43-01 De Pan-instellingen verschijnen. 2. Stel de Pan in met de TIME/VALUE dial.
Verhinderen dat er tempo data worden ingelezen van een CD-RW disc Wanneer u pads of sequences opslaat in het interne geheugen, dan kunt u instellen dat de tempo data van een song opgeslagen op CD-RW disc niet ingeladen worden wanneer u een CD-RW disc inbrengt, waarop pads of sequences zijn opgeslagen. 1. Druk op [UTILITY]. Het Menu verschijnt met iconen. fig.1-06 2. Selecteer het System-icoon met CURSOR [ ][ ]. 3. Druk op [YES/ENTER]. Het System Parameter-scherm verschijnt. fig.5-01 4.
Het tempo van een sample gebruiken om de tempo map te wijzigen U kunt de tempo map makkelijk aanpassen aan een drum loop sample waarop uw song gebaseerd is. Dit gaat als volgt. 1. Druk op [UTILITY]. Het Menu verschijnt met iconen. Het tempo van een sample verschijnt rechts bovenaan in het pad parameter-scherm. Voor details, zie “Het juiste tempo van een sample tonen” (Handleiding p. 77). fig.1-06 2. Selecteer het Tempo Map-icoon met CURSOR [ ][ ]. 3. Druk op [YES/ENTER].
Pads/Sequences gebruiken in uw eindmix U kunt sequence-tracks en pads spelen bij het afmixen. Dit kan in gelijk welke combinatie: u kunt bv. sequence-tracks en pads samen met audio-tracks afmixen, of ook enkel pads en/of sequences afmixen. Zelfs als er geen CD-RW disc in de drive zit, kunt u een eindmix maken met enkel pads/sequences indien het interne geheugen pads/sequences bevat.
De Mastering Tool-instellingen wijzigen U kunt de Mastering Tool-instellingen wijzigen terwijl u de eindmix beluistert. Kies een van de preset patches (P01–P21) die het dichtste ligt bij wat u in gedachten had en wijzig de patch-instellingen Mastering Tools De Mastering Tools zijn een handige set met tools die het geluid opsplitsen in drie gebieden: hoge frequenties, middenfrequenties en lage frequenties, en die het volume consistent maken zodat de audio CD gemaakt kan worden met de optimale signaalniveaus.
De Mastering Tool-instellingen opslaan U kunt een naam geven (patch name) aan de Mastering Tool-instellingen die u hebt gewijzigd en uw instellingen opslaan. Deze procedure bouwt verder op de vorige paragraaf “De Mastering Tool-instellingen wijzigen”. U kunt uw gewijzigde patch opslaan onder één van de 21 patch-nummers U01–U21, en ze gelijk wanneer oproepen, net als een preset patch. fig.4-09 1. Selecteer in het Mastering Tools Effect Block-scherm “NAME” met CURSOR [ ]. 2. Druk op [YES/ENTER]. fig.
Mastering Tools: Parameterlijst Mastering Tools is eigenlijk een compressor die het geluid opsplitst in verschillende frequentiebanden om hun volumes gelijk te trekken. Equalizer Bass Cut Filter Compressor Enhancer Mixer Input Limiter Expander * Hieronder ziet u het signaal van "INPUT" naar "MIXER." Output Input Parameter (volledige naam) Instelling Expander Compressor High Freq High Freq Mid Freq Mid Freq Low Freq Low Freq Mixer Functie ● EQ (Equalizer): 4-bands equalizer.
Mastering Tools: Parameterlijst Input Delay (Input Delay) 0–10 ms Bepaalt de lengte van de delay die aan de input van het directe geluid wordt toegevoegd. Lo Split Freq (Low Split Frequency) 20–800 Hz Bepaalt bij welke frequentie het directe geluid wordt opgesplitst in drie banden (aan de kant van de lage frequentieband). Hi Split Freq (High Split Frequency) 1.60–16.0 kHz Bepaalt bij welke frequentie het directe geluid wordt opgesplitst in drie banden (aan de kant van de hoge frequentieband).
Mastering Tools: Parameterlijst ● COMP (Compressor) *2: Comprimeert het volledige output-signaal wanneer het input volume een bepaald niveau overschrijdt. Effect On/Off (Effect On/Off) OFF, ON Schakelt het compressor-effects in/uit. Low Threshold (Low Threshold) -24–0 dB Bepaalt bij welk volume de compressor voor de lage frequentieband in werking treedt. Mid Threshold (Middle Threshold) -24–0 dB Bepaalt bij welk volume de compressor voor de middenfrequentieband in werking treedt.
Onthouden welk icoon er laatst geselecteerd werd in een menu-scherm U kunt zorgen dat het icoon dat het laatst werd geselecteerd in de volgende menu’s, onthouden wordt. Dit is handig wanneer u herhaaldelijk hetzelfde menu-item gebruikt om te editen, omdat u het gewenste icoon niet telkens opnieuw moet selecteren.
Synchronisatie met een sequencer of drumcomputer U kunt een MIDI sequencer of drumcomputer in synchronisatie laten werken met de CDX-1. 1. Verbind de CDX-1 en uw MIDI sequencer via een MIDI-kabel, zoals getoond in het onderstaande schema. fig.5-02e MIDI IN MIDI OUT/THRU MIDI Sequencer CDX-1 2. Druk op [UTILITY]. Het Menu verschijnt met iconen. 3. Druk op [YES/ENTER]. Het scherm met de MIDI-instellingen verschijnt. fig.5-03 4. Selecteer het MIDI-icoon met CURSOR [ ][ ]. fig.5-04 5.